Koninklijk Besluit van 02 mei 2019
gepubliceerd op 14 mei 2019
Informatisering van Justitie. Ja, maar hoe ?

Koninklijk besluit tot wijziging van het KB/WIB 92 op het stuk van de belastingvermindering voor uitgaven verricht in het kader van een adoptieprocedure als bedoeld in artikel 14548, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992

bron
federale overheidsdienst financien
numac
2019012265
pub.
14/05/2019
prom.
02/05/2019
staatsblad
http://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.pl?language=nl&c(...)
Document Qrcode

Numac : 2019012265

FEDERALE OVERHEIDSDIENST FINANCIEN


2 MEI 2019. - Koninklijk besluit tot wijziging van het KB/WIB 92 op het stuk van de belastingvermindering voor uitgaven verricht in het kader van een adoptieprocedure als bedoeld in artikel 14548, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992


VERSLAG AAN DE KONING Sire, De wet van 11 maart 2018Relevante gevonden documenten type wet prom. 11/03/2018 pub. 23/03/2018 numac 2018011281 bron federale overheidsdienst financien Wet tot wijziging van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 teneinde een belastingvermindering voor adoptiekosten in te voeren sluiten tot wijziging van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 teneinde een belastingvermindering voor adoptiekosten in te voeren heeft een nieuw artikel 14548 ingevoegd in het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (WIB 92).

Dit artikel 14548, WIB 92 voorziet een belastingvermindering voor de kosten die kandidaat adoptanten hebben gedaan in het kader van een binnenlandse of een interlandelijke adoptieprocedure.

Deze belastingvermindering wordt enkel verleend voor adoptieprocedures waarin een erkende adoptiedienst tussenkomt. Kandidaat adoptanten die enkel het voorbereidend traject hebben afgelegd of een negatief geschiktheidsvonnis hebben gekregen, komen derhalve niet in aanmerking voor de belastingvermindering. In deze stadia van de procedure is immers nog geen erkende adoptiedienst tussengekomen.

Dit besluit heeft als doel de toepassingsmodaliteiten voor de belastingvermindering voor adoptiekosten vast te leggen waarvoor aan U een delegatie is verleend (artikel 14548, zesde lid, WIB 92).

Artikelsgewijze bespreking

Artikel 1.Uitgaven die in aanmerking komen voor de belastingvermindering Artikel 6318/16, § 1, KB/WIB 92 in ontwerp preciseert welke uitgaven in aanmerking kunnen worden genomen in het kader van de in artikel 14548, WIB 92 vermelde belastingvermindering. Ongeacht de uitkomst van de adoptieprocedure, gaat het voor elk van de in artikel 14548, tweede lid, WIB 92 vermelde categorieën om de volgende uitgaven: 1° de uitgaven gedaan in het kader van de geschiktheidsprocedure Deze uitgaven omvatten zowel de kosten voor de informatiesessies als die voor de voorbereidingscyclus evenals de kosten voor het neerleggen van een verzoekschrift om een geschiktheidsvonnis te bekomen.2° de uitgaven die door een erkende adoptiedienst zijn aangerekend Deze uitgaven omvatten naast de kosten die door de erkende adoptiedienst worden aangerekend voor de omkadering van de matching, ook de kosten met betrekking tot de nazorg (wanneer deze zijn betaald in het belastbare tijdperk waarin de adoptieprocedure als beëindigd wordt beschouwd) en de kosten waarvoor de erkende adoptiedienst als tussenpersoon optreedt.In dit laatste geval, rekent de dienst niet één van zijn eigen prestaties aan, maar treedt hij als tussenpersoon op voor diensten die door anderen werden geleverd en staat hij in voor de controle op het gerechtvaardigd zijn van die kosten. 3° de uitgaven voor dossierkosten in het land van herkomst van het adoptiekind Deze uitgaven omvatten met name de kosten voor een advocaat, notaris, vertegenwoordiger of een andere tussenpersoon in de adoptieprocedure. Om binnen redelijke grenzen te blijven, komen deze kosten slechts in aanmerking voor de belastingvermindering in de mate dat ze door de centrale autoriteit (voor België: de centrale autoriteit van de bevoegde Gemeenschap) zijn goedgekeurd. De kosten die opgenomen zijn in de in de kostenovereenkomsten die die autoriteit per land opstelt en die ze aan de kandidaat adoptanten bezorgt bij de aanvang van de adoptieprocedure, wordt geacht door die autoriteit te zijn aanvaard.

Door deze type-overeenkomsten hebben de kandidaat adoptanten zicht op totale prijs voor een adoptie in een bepaald land en weten ze in welke mate bepaalde kosten als redelijk en voorzienbaar moeten worden beschouwd.

Het voorstel van de Raad van State om een alternatieve procedure van goedkeuring te voorzien voor het geval er geen goedkeuring door de centrale autoriteit in het ontvangstland is voorzien, wordt niet gevolgd. Niets wijst er immers op dat een dergelijke situatie momenteel voor problemen zou zorgen. In voorkomend geval kan een dergelijke procedure later worden voorzien, na overleg met de Belgische centrale autoriteiten.

Deze dossierkosten omvatten ook de kosten voor het verkrijgen, het vertalen en het legaliseren van documenten die door Belgische of buitenlandse overheidsadministraties moeten worden afgeleverd. Ook bepaalde financiële bijdragen die door het land van herkomst van het kind worden gevraagd. Deze bijdragen werden ook al vermeld in de toelichting bij de wet van 11 maart 2018Relevante gevonden documenten type wet prom. 11/03/2018 pub. 23/03/2018 numac 2018011281 bron federale overheidsdienst financien Wet tot wijziging van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 teneinde een belastingvermindering voor adoptiekosten in te voeren sluiten. "De dossierkosten gemaakt in het land van herkomst zijn moeilijk identificeerbaar en kunnen daarom ruim geïnterpreteerd worden: het betreft bijvoorbeeld kosten van diensten in het buitenland, gerechtelijke procedurekosten in het buitenland, giften in het buitenland ..." (Parl. St., nr. 54-2740/001, p. 8).In veel landen zijn die financiële bijdragen immers niet optioneel, maar daadwerkelijk opgelegd door het land van herkomst. Het doel van die betalingen kan heel verschillend zijn: de ontwikkeling van sociale projecten in het land, de ondersteuning van lokale opvangstructuren, .... Om bijdragen met een ongekende bestemming te ontmoedigen, zullen de financiële bijdragen slechts in aanmerking komen voor de belastingvermindering op voorwaarde dat of het bedrag van deze bijdragen vastgelegd is in de wetgeving van het land van herkomst of de bijdragen rechtstreeks worden gestort aan de buitenlandse centrale autoriteit. 4° de uitgaven voor één heen- en terugreis van de adoptieouders, naar het land van herkomst van het adoptiekind en de vervoerskosten van het adoptiekind naar de woonplaats van de adoptieouders In de toelichting bij de wet van 11 maart 2018Relevante gevonden documenten type wet prom. 11/03/2018 pub. 23/03/2018 numac 2018011281 bron federale overheidsdienst financien Wet tot wijziging van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 teneinde een belastingvermindering voor adoptiekosten in te voeren sluiten werd reeds het volgende principe vermeld: "Ook de reis- en verblijfkosten van de adoptieouders in verband met een adoptieprocedure in het buitenland of het ophalen van het kind en de vervoerskosten van het kind naar de woonplaats van de adoptieouders kunnen binnen de grenzen van het algemene maximum (...)" (Parl. St., nr. 54-2740/001, p. 8).

De uitgaven voor de biljetten worden beperkt tot de kosten die niet op onredelijke wijze de noden van de adoptieouders of het kind overtreffen. Deze uitgaven omvatten de kosten voor een reis in economy of tweede klasse, zonder upgrade of andere, behalve in uitzonderlijke omstandigheden. De kosten voor het vervoer van de persoonlijke bagage van de adoptieouders en het kind worden eveneens beoogd.

Als de verplaatsing van of naar het land van herkomst van het adoptiekind geheel of deels met de wagen gebeurt, worden de in aanmerking te nemen uitgaven bepaald aan de hand van de kilometervergoeding die van toepassing zou zijn op grond van artikel 13 van het Koninklijk besluit van 18 januari 1965 houdende algemene regeling inzake reiskosten. Voor de periode van 1 juli 2018 tot 30 juni 2019 bedraagt die kilometervergoeding 0,3576 euro (circulaire nr. 666 van de FOD Beleid en Ondersteuning van 14 juni 2018). Ook de kosten voor het verkrijgen van een visum worden beoogd. 5° uitgaven voor de verblijfskosten van de adoptieouders, in het land van herkomst van het adoptiekind Er kan ook worden verwezen naar de hiervoor aangehaalde passage uit de toelichting om de in aanmerking te nemen kosten af te bakenen (Parl. St., nr. 54-2740/001, p. 8). Deze uitgaven zijn beperkt tot de werkelijke verblijfskosten die naar behoren worden verantwoord, met uitsluiting van de kosten voor voeding en andere kosten die men hoe dan ook eveneens in België had gedaan. Ze worden bovendien slechts in aanmerking genomen voor zover ze niet meer bedragen dan de logementsvergoeding die kan worden toegekend aan personeelsleden van de FOD Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking. Deze vergoedingen worden bij ministerieel besluit vastgelegd (cf. het ministerieel besluit van 2 juli 2018Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 02/07/2018 pub. 06/07/2018 numac 2018040199 bron federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Ministerieel besluit houdende vaststelling van verblijfsvergoedingen toegekend aan personeelsleden en afgevaardigden van de Federale Overheidsdienst Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking die zich in officiële opdracht naar sluiten houdende vaststelling van verblijfsvergoedingen toegekend aan personeelsleden en afgevaardigden van de Federale Overheidsdienst Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking die zich in officiële opdracht naar het buitenland begeven of zetelen in internationale commissies). In dat besluit wordt per land een maximumbedrag vastgelegd voor de verblijfskosten. Deze bedragen worden hier ook gebruikt als maximumbedrag dat kan worden aanvaard voor de verblijfskosten van kandidaat adoptanten in het land van herkomst van het kind. De kosten zelf moeten wel nog worden aangetoond, het gaat hier slechts om een maximumbedrag.

Tijdstip waarop de adoptieprocedure als beëindigd wordt beschouwd In het kader van de belastingvermindering voor adoptiekosten is het ook van belang om het moment te bepalen waarop de adoptieprocedure als beëindigd wordt beschouwd. De belastingvermindering wordt immers enkel toegekend wanneer de adoptieprocedure is beëindigd en de uitgaven die in aanmerking worden genomen voor de belastingvermindering zijn de uitgaven die gedaan zijn in het belastbare tijdperk waarin de adoptieprocedure is beëindigd en de vijf daaraan voorafgaande belastbare tijdperken (artikel 14548, derde lid, WIB 92). Artikel 6318/16, § 2, KB/WIB92 in ontwerp bepaalt in uitvoering van artikel 14548, zesde lid, WIB 92 wanneer een adoptieprocedure als beëindigd moet worden beschouwd.

Wanneer een adoptieprocedure effectief uitmondt in een adoptie (binnenlands of interlandelijk), wordt de procedure geacht te zijn beëindigd op de datum van de overschrijving van de adoptie in de registers van de burgerlijke stand.

Wanneer de adoptieprocedure echter niet uitmondt in een adoptie, wordt de procedure geacht te zijn beëindigd op de datum waarop de overeenkomst met de adoptiedienst wordt verbroken, hetzij omwille van de stopzetting van de procedure door één van beide partijen, hetzij omwille van het niet verlengen van een positief geschiktheidsvonnis.

Op die manier komen ook ouders die de adoptieprocedure (moeten) stopzetten om een andere reden dan de weigering van het geschiktheidsattest (bv. omwille van persoonlijke redenen, omwille van de schorsing of sluiting van een adoptiekanaal of omwille van het overschrijden van bepaalde wachttermijnen) in aanmerking voor de belastingvermindering.

Toepassing van de belastingvermindering voor niet-inwoners van wie de belasting overeenkomstig artikel 243/1, WIB 92 wordt berekend Ook belastingplichtigen die onderworpen zijn aan de belasting van niet-inwoners en het grootste deel van hun beroepsinkomsten in België behalen kunnen in aanmerking komen voor de belastingvermindering voor adoptiekosten. Wanneer de belasting voor deze belastingplichtigen wordt berekend overeenkomstig artikel 243/1, WIB 92, gelden een aantal specifieke voorwaarden. Zo komen de uitgaven die worden aangerekend door een adoptiedienst van de staat van gewoonlijk verblijf van de belastingplichtige slechts in aanmerking voor de belastingvermindering wanneer die dienst als erkend wordt beschouwd volgens de voorwaarden die U bepaalt (artikel 243/1, 2° bis/1, b), WIB 92). Artikel 6318/16, § 3, KB/WIB 92 in ontwerp geeft hieraan uitvoering. Het bepaalt dat een buitenlandse adoptiedienst als erkend wordt beschouwd wanneer hij erkend is door de centrale autoriteit van de Staat waaronder hij ressorteert. Vermits die Staat noodzakelijkerwijze het Verdrag inzake de bescherming van kinderen en de samenwerking op het gebied van de interlandelijke adoptie heeft geratificeerd (artikel 243/1, 2° bis/1, a), WIB 92) staat het hoogste belang van het kind verplicht voorop bij de adoptieprocedure. Artikel 11 van het Verdrag, dat voorwaarden oplegt inzake het gebrek aan winstoogmerk van de erkende instelling, het beheer ervan door bekwame en integere personen en het toezicht door de autoriteiten van de betrokken staat, is immers van toepassing op alle erkende diensten. Deze bepaling is in lijn met de wil van de wetgever zoals die werd uitgedrukt in de wet van 11 maart 2018Relevante gevonden documenten type wet prom. 11/03/2018 pub. 23/03/2018 numac 2018011281 bron federale overheidsdienst financien Wet tot wijziging van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 teneinde een belastingvermindering voor adoptiekosten in te voeren sluiten.

Art. 2.Dit artikel regelt de inwerkingtreding van dit besluit.

Dit besluit heeft dezelfde inwerkingtreding als artikel 14548, WIB 92, i.c. aanslagjaar 2019.

Art. 3.Dit artikel belast de minister bevoegd voor Financiën met de uitvoering van dit besluit.

Dit is, Sire, de draagwijdte van het besluit dat U wordt voorgelegd.

Wij hebben de eer te zijn, Sire, Van Uwe Majesteit, de zeer eerbiedige en zeer getrouwe dienaars, De Vice-Eerste Minister en Minister van Financiën, A. DE CROO

ADVIES 65.710/3 VAN 25 APRIL 2019 OVER EEN ONTWERP VAN KONINKLIJK BESLUIT "TOT WIJZIGING VAN HET KB/WIB 92 OP HET STUK VAN DE BELASTINGVERMINDERING VOOR UITGAVEN VERRICHT IN HET KADER VAN EEN ADOPTIEPROCEDURE ALS BEDOELD IN ARTIKEL 14548 VAN HET WETBOEK VAN DE INKOMSTENBELASTINGEN 1992" Op 19 maart 2019 is de Raad van State, afdeling Wetgeving, door de Minister van Financiën verzocht binnen een termijn van dertig dagen, verlengd tot 26 april 2019, een advies te verstrekken over een ontwerp van koninklijk besluit "tot wijziging van het KB/WIB 92 op het stuk van de belastingvermindering voor uitgaven verricht in het kader van een adoptieprocedure als bedoeld in artikel 14548 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992".

Het ontwerp is door de derde kamer onderzocht op 16 april 2019 . De kamer was samengesteld uit Jo Baert, kamervoorzitter, Wilfried Van Vaerenbergh en Koen Muylle, staatsraden, Bruno Peeters, assessor, en Astrid Truyens, griffier.

Het verslag is uitgebracht door Frédéric Vanneste, auditeur.

De overeenstemming tussen de Franse en de Nederlandse tekst van het advies is nagezien onder toezicht van Jo Baert, kamervoorzitter.

Het advies, waarvan de tekst hierna volgt, is gegeven op 25 april 2019. 1. Rekening houdend met het tijdstip waarop dit advies gegeven wordt, vestigt de Raad van State de aandacht op het feit dat, wegens het ontslag van de regering, de bevoegdheid van deze laatste beperkt is tot het afhandelen van de lopende zaken.Dit advies wordt evenwel gegeven zonder dat wordt nagegaan of dit ontwerp in die beperkte bevoegdheid kan worden ingepast, aangezien de afdeling Wetgeving geen kennis heeft van het geheel van de feitelijke gegevens welke de regering in aanmerking kan nemen als ze te oordelen heeft of het vaststellen of het wijzigen van een verordening noodzakelijk is. 2. Met toepassing van artikel 84, § 3, eerste lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, heeft de afdeling Wetgeving zich toegespitst op het onderzoek van de bevoegdheid van de steller van de handeling, van de rechtsgrond, alsmede van de vraag of aan de te vervullen vormvereisten is voldaan. Strekking van het ontwerp 3. Artikel 14548 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (hierna: WIB 92) verleent een belastingvermindering voor bepaalde uitgaven in het kader van een adoptieprocedure waarin een erkende adoptiedienst tussenkomt. Het om advies voorgelegde ontwerp van koninklijk besluit strekt ertoe nadere voorwaarden vast te stellen waaraan die uitgaven moeten voldoen en te bepalen wanneer de adoptieprocedure als beëindigd moet worden aangemerkt (artikel 1 van het ontwerp - ontworpen artikel 6318/16 van het koninklijk besluit van 27 augustus 1993Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 27/08/1993 pub. 27/07/2015 numac 2015000371 bron federale overheidsdienst financien Koninklijk besluit tot uitvoering van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992. - Officieuze coördinatie in het Duits - Deel I sluiten "tot uitvoering van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992", hierna: KB/WIB 92).

Het te nemen besluit is van toepassing vanaf het aanslagjaar 2019 (artikel 2).

Rechtsgrond 4. Voor het ontworpen besluit wordt rechtsgrond geboden door de volgende bepalingen van het WIB 92. 4.1. Artikel 14548, zesde lid, van het WIB 92 vormt de rechtsgrond voor het ontworpen artikel 6318/16, §§ 1, eerste lid, en 2, van het KB/WIB 92. 4.2. Artikel 243/1, 2° bis/1, van het WIB 92 biedt rechtsgrond voor het ontworpen artikel 6318/16, § 3, van het KB/WIB 92. 4.3. In artikel 6318/16, § 1, tweede lid, van het KB/WIB 92 wordt bepaald dat de documenten die de aard en de echtheid van de uitgaven aantonen door de belastingplichtige ter beschikking van de belastingadministratie gehouden moeten worden. Dat volgt reeds uit artikel 315 van het WIB 92, zodat artikel 108 van de Grondwet gelezen in samenhang met die bepaling als rechtsgrond zou kunnen worden beschouwd. Zoals verder zal blijken (opmerking 9), wordt die bepaling echter beter gewoon weggelaten.

Onderzoek van de tekst Aanhef 5. Indien wordt ingegaan op de suggestie om het ontworpen artikel 6318/16, § 1, tweede lid, van het KB/WIB 92 weg te laten (opmerking 9), dient de aanhef niet aangevuld te worden met verwijzingen naar artikel 108 van de Grondwet en artikel 315 van het WIB 92. Artikel 1 6. De in aanmerking komende uitgaven worden nader geregeld bij het ontworpen artikel 6318/16, § 1, eerste lid, van het KB/WIB 92. In het verslag aan de Koning worden sommige van die kosten op een meer gedetailleerde manier bepaald. Zo blijkt uit de tekst van het ontwerp bijvoorbeeld dat de kosten voor reisbiljetten in aanmerking komen "in de mate dat die kosten niet op een onredelijke manier de behoeften van de adoptieouders of het kind overtreffen", terwijl in het verslag aan de Koning wordt gespecificeerd dat het onder meer gaat om "de kosten voor een reis in economy of tweede klasse, zonder upgrade of andere, behalve in uitzonderlijke omstandigheden".

Indien men ook die nadere specificeringen dwingend wil opleggen, dan zullen ze in het ontwerp zelf moeten worden opgenomen. 7. In het ontworpen artikel 6318/16, § 1, eerste lid, 3°, a), van het KB/WIB 92 wordt bepaald dat de kosten voor een advocaat, notaris, vertegenwoordiger of een andere tussenpersoon in aanmerking mogen worden genomen voor de belastingvermindering, "voor zover deze kosten door de bevoegde centrale autoriteit van het land van ontvangst zijn goedgekeurd" (1). Het is de afdeling Wetgeving niet duidelijk of het in alle in aanmerking te nemen ontvangstlanden een gangbare praktijk is dat de centrale autoriteit dergelijke kosten goedkeurt en of duidelijk is op basis van welke criteria de beoordeling ervan dient te gebeuren.

Indien daaromtrent geen zekerheid bestaat, kan eventueel in een alternatieve procedure van goedkeuring door de bevoegde Belgische centrale overheid worden voorzien voor het geval geen goedkeuring mogelijk is door de bevoegde centrale autoriteit van een ontvangstland. In dat geval zal het ook nodig zijn de beoordelingscriteria te bepalen. 8. De Nederlandse tekst van het ontworpen artikel 6318/16, § 1, eerste lid, 3°, c), van het KB/WIB 92 loopt niet.Allicht moet worden geschreven "ofwel de bijdragen rechtstreeks aan de centrale autoriteit van het land van herkomst worden gestort", met weglating van het woord "die". 9. Bepalingen die enkel een hogere rechtsnorm in herinnering brengen door die over te nemen of te parafraseren, horen in beginsel niet thuis in een uitvoeringsregeling, onder meer omdat daardoor onduidelijkheid dreigt te ontstaan omtrent de juridische aard van de overgenomen bepalingen en erdoor verkeerdelijk de indruk kan worden gewekt dat de overgenomen regels kunnen worden gewijzigd door de overheid die de regels overneemt. Er wordt dan ook ter overweging gegeven om het ontworpen artikel 6318/16, § 1, tweede lid, van het KB/WIB 92, waarin herhaald wordt wat reeds uit artikel 315 van het WIB 92 voortvloeit, weg te laten.

Artikel 2 10. Artikel 2 van het ontwerp bepaalt dat het te nemen besluit van toepassing is vanaf aanslagjaar 2019.Dit spoort met de inwerkingtreding van de wet waarmee het belastingvoordeel is ingevoerd (2). Gelet daarop en gelet op de formulering van artikel 14548, zesde lid, van het WIB 92 waaruit blijkt dat de uitvoering door de Koning noodzakelijk is om het belastingvoordeel te effectueren, kan de terugwerkende kracht worden aanvaard.

Door evenwel niet te voorzien in de uitvoering ervan korte tijd na het tot stand komen van de nieuwe wettelijke regeling, is de rechtszekerheid in het gedrang gebracht. De belastingplichtigen zullen immers pas na de bekendmaking van het te nemen uitvoeringsbesluit kunnen vaststellen welke van de door hen in het belastingjaar 2018 gedane uitgaven in het kader van een adoptieprocedure in aanmerking mogen worden genomen voor de belastingvermindering. In dergelijke gevallen is een snellere uitvoering noodzakelijk.

De griffier, A. Truyens De voorzitter, J. Baert _______ Nota's (1) Een formele goedkeuring is slechts noodzakelijk indien de kosten niet zijn opgenomen in een type-overeenkomst opgesteld per land van herkomst door de bevoegde centrale autoriteit van het land van ontvangst (ontworpen artikel 6318/16, § 1, eerste lid, 3°, a), tweede lid, van het KB/WIB 92). (2) Artikel 9 van de wet van 11 maart 2018Relevante gevonden documenten type wet prom. 11/03/2018 pub. 23/03/2018 numac 2018011281 bron federale overheidsdienst financien Wet tot wijziging van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 teneinde een belastingvermindering voor adoptiekosten in te voeren sluiten "tot wijziging van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 teneinde een belastingvermindering voor adoptiekosten in te voeren" luidt: "Deze wet is van toepassing vanaf aanslagjaar 2019."

2 MEI 2019. - Koninklijk besluit tot wijziging van het KB/WIB 92 op het stuk van de belastingvermindering voor uitgaven verricht in het kader van een adoptieprocedure als bedoeld in artikel 14548 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (1) FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992: - artikel 14548, zesde lid, ingevoegd bij de wet van 11 maart 2018Relevante gevonden documenten type wet prom. 11/03/2018 pub. 23/03/2018 numac 2018011281 bron federale overheidsdienst financien Wet tot wijziging van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 teneinde een belastingvermindering voor adoptiekosten in te voeren sluiten; - artikel 243/1, 2° bis/1, b, ingevoegd bij de wet van 11 maart 2018Relevante gevonden documenten type wet prom. 11/03/2018 pub. 23/03/2018 numac 2018011281 bron federale overheidsdienst financien Wet tot wijziging van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 teneinde een belastingvermindering voor adoptiekosten in te voeren sluiten;

Gelet op het KB/WIB 92;

Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 14 februari 2019;

Gelet op de akkoordbevinding van de Minister Begroting, gegeven op 15 maart 2019;

Gelet op advies nr. 65.710 van de Raad van State, gegeven op 25 april 2019, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;

Op de voordracht van de Vice-Eerste Minister en Minister van Financiën, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.In hoofdstuk I van het KB/WIB 92, wordt een afdeling XXVundecies/6 ingevoegd, die het artikel 6318/16 bevat, luidende: "Afdeling XXVundecies/6.- Belastingvermindering voor adoptiekosten (Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, artikel 14548)

Art. 6318/16.§ 1. De uitgaven gedaan in het kader van een adoptieprocedure als vermeld in artikel 14548, tweede lid, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 worden in aanmerking genomen voor de in dat artikel vermelde belastingvermindering wanneer ze betrekking hebben op de onderstaande kosten: 1° wat de uitgaven voor de geschiktheidsprocedure betreft: a) de bijdragen voor de door de bevoegde centrale autoriteit van het land van gewoonlijk verblijf van de adoptieouders opgelegde informatiesessies;b) de bijdragen voor de door de bevoegde centrale autoriteit van het land van gewoonlijk verblijf van de adoptieouders opgelegde voorbereidingscyclus;c) de kosten voor het indienen van een verzoekschrift tot het bekomen van een geschiktheidsvonnis bij de bevoegde rechtbank in het land van gewoonlijk verblijf van de adoptieouders;2° wat de uitgaven voor de kosten die worden aangerekend door een erkende adoptiedienst betreft: a) de kosten voor de omkadering van de matching door de erkende adoptiedienst;b) de kosten met betrekking tot de nazorg na de adoptie;c) de kosten waarvoor de erkende adoptiedienst als tussenpersoon optreedt;3° wat de uitgaven voor dossierkosten in het land van herkomst van het adoptiekind betreft: a) de kosten voor een advocaat, notaris, vertegenwoordiger of een andere tussenpersoon, voor zover deze kosten door de bevoegde centrale autoriteit van het land van ontvangst zijn goedgekeurd. De kosten die zijn opgenomen in een type-overeenkomst die door de bevoegde centrale autoriteit van het land van ontvangst per land van herkomst wordt opgesteld, worden geacht door die autoriteit te zijn goedgekeurd; b) de kosten voor het verkrijgen, vertalen en legaliseren van documenten die bij openbare administraties moeten worden verkregen;c) de financiële bijdragen die in het land van herkomst van het kind worden opgelegd, op voorwaarde dat ofwel het bedrag van deze bijdragen is vastgelegd in de wetgeving van het land van herkomst ofwel de bijdragen rechtstreeks aan de centrale autoriteit van het land van herkomst worden gestort;4° wat de uitgaven voor een heen- en terugreis van de adoptieouders naar het land van herkomst van het adoptiekind en de kosten voor de reis van het adoptiekind naar het land van de woonplaats van de adoptieouders betreft: a) de kosten voor de biljetten, met inbegrip van de kosten voor het vervoer van de bagage, in de mate dat die kosten niet op een onredelijke manier de behoeften van de adoptieouders of het kind overtreffen;b) de kosten voor verplaatsingen met de wagen, die worden bepaald aan de hand van de kilometervergoeding die overeenkomstig artikel 13 van het koninklijk besluit van 18 januari 1965 houdende algemene regeling inzake reiskosten op het tijdstip van de verplaatsing van toepassing is;c) de visumkosten;5° wat de uitgaven voor de verblijfskosten van de adoptieouders in het land van herkomst van het adoptiekind betreft: de naar behoren aangetoonde kosten voor het verblijf beperkt tot de maximale logementsvergoeding die kan worden toegekend aan afgevaardigden en ambtenaren afhangend van de Federale Overheidsdienst Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking die zich in officiële opdracht naar het buitenland begeven of zetelen in internationale commissies, zoals vastgelegd door de Minister van Buitenlandse Zaken. § 2. Wanneer de adoptieprocedure daadwerkelijk uitmondt in een adoptie, wordt de procedure geacht te zijn beëindigd op de datum van de overschrijving van de adoptie in de registers van de burgerlijke stand.

Wanneer de adoptieprocedure niet uitmondt in een adoptie, wordt de procedure geacht te zijn beëindigd op de datum waarop de overeenkomst met de erkende adoptiedienst wordt verbroken. § 3. Een adoptiedienst in de staat van gewoonlijk verblijf van de belastingplichtige wordt als erkend beschouwd overeenkomstig artikel 243/1, 2° bis/1, b), van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, wanneer die dienst erkend is door de centrale autoriteit van de staat waaronder hij ressorteert.".

Art. 2.Dit besluit is van toepassing vanaf aanslagjaar 2019.

Art. 3.De minister die bevoegd is voor Financiën, is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 2 mei 2019.

FILIP Van Koningswege : De Vice-Eerste Minister en Minister van Financiën, A. DE CROO _______ Nota (1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad: Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, gecoördineerd bij koninklijk besluit van 10 april 1992, Belgisch Staatsblad van 30 juli 1992. Wetten op de Raad van State, gecoördineerd bij koninklijk besluit van 12 januari 1973, Belgisch Staatsblad van 21 maart 1973.

Wet van 11 maart 2018Relevante gevonden documenten type wet prom. 11/03/2018 pub. 23/03/2018 numac 2018011281 bron federale overheidsdienst financien Wet tot wijziging van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 teneinde een belastingvermindering voor adoptiekosten in te voeren sluiten, Belgisch Staatsblad van 23 maart 2018.

KB/WIB 92 - koninklijk besluit van 27 augustus 1993Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 27/08/1993 pub. 27/07/2015 numac 2015000371 bron federale overheidsdienst financien Koninklijk besluit tot uitvoering van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992. - Officieuze coördinatie in het Duits - Deel I sluiten tot uitvoering van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, Belgisch Staatsblad van 13 september 1993.


begin


Publicatie : 2019-05-

Etaamb biedt de inhoud van de Belgisch Staatsblad aan gesorteerd op afkondigings- en publicatiedatum, behandeld om gemakkelijk leesbaar en afprintbaar te zijn, en verrijkt met een relationele context.
^