Etaamb.openjustice.be
Besluit Van De Waalse Regering van 17 juli 2003
gepubliceerd op 16 oktober 2003

Besluit van de Waalse Regering tot bepaling van de vorm van de aanvragen en beslissingen betreffende de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen

bron
ministerie van het waalse gewest
numac
2003201138
pub.
16/10/2003
prom.
17/07/2003
ELI
eli/besluit/2003/07/17/2003201138/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
links
Raad van State (chrono)
Document Qrcode

17 JULI 2003. - Besluit van de Waalse Regering tot bepaling van de vorm van de aanvragen en beslissingen betreffende de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen


De Waalse Regering, Gelet op het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium, inzonderheid op de artikelen 115, tweede lid, 127, § 2, tweede lid, en 133, eerste lid, gewijzigd bij het decreet van 18 juli 2002;

Gelet op het besluit van de Waalse Gewestexecutieve van 6 december 1985 houdende de bijlagen bij het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening en Stedenbouw;

Gelet op het advies van de "Commission régionale d'Aménagement du Territoire" (Gewestelijke Commissie voor Ruimtelijke Ordening), uitgebracht op 27 februari 2003;

Gelet op het advies van de "Conseil supérieur des Villes, Communes et Provinces de la Région wallonne" (Hoge Raad van Steden, Gemeenten en Provincies van het Waalse Gewest), gegeven op 18 februari 2003;

Op de voordracht van de Minister van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Leefmilieu;

Na beraadslaging, Besluit :

Artikel 1.De hoofdstukken XII en XIV met de artikelen 381 tot en met 388 van titel I van boek IV van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium worden vervangen door volgende tekst : « HOOFDSTUK XII. - Vorm van de beslissingen die door het college van burgemeester en schepenen getroffen worden inzake de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen.

Art. 381.De beslissingen van het college van burgemeester en schepenen waarbij de stedenbouwkundige vergunningen toegekend dan wel geweigerd worden, dienen op straffe van nietigheid getroffen te worden onder gebruik van formulier A waarvan het model als bijlage opgenomen is bij dit Wetboek (bijlage 30). Dat formulier wordt ingevuld met vermelding, in de linkerbovenhoek, van het bestuur dat er gebruik van maakt.

Art. 382.De beslissingen van het college van burgemeester en schepenen waarbij de verkavelingsvergunningen toegekend dan wel geweigerd worden, dienen op straffe van nietigheid getroffen te worden onder gebruik van formulier B waarvan het model als bijlage opgenomen is bij dit Wetboek (bijlage 31). Dat formulier wordt ingevuld met vermelding, in de linkerbovenhoek, van het bestuur dat er gebruik van maakt.

Art. 383.De beslissingen van het college van burgemeester en schepenen waarbij de wijzigingen van de verkavelingsvergunningen toegekend dan wel geweigerd worden, dienen op straffe van nietigheid getroffen te worden onder gebruik van formulier C waarvan het model als bijlage opgenomen is bij dit Wetboek (bijlage 31). Dat formulier wordt ingevuld met vermelding, in de linkerbovenhoek, van het bestuur dat er gebruik van maakt. HOOFDSTUK XIII. - Vorm van de beslissingen die overeenkomstig artikel 118 door de gemachtigd ambtenaar getroffen worden inzake de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen.

Art. 384.De beslissingen van de gemachtigd ambtenaar waarbij de stedenbouwkundige vergunningen overeenkomstig artikel 118 toegekend dan wel geweigerd worden, dienen op straffe van nietigheid getroffen te worden onder gebruik van formulier D waarvan een model als bijlage opgenomen is bij dit Wetboek (bijlage 32).

Art. 385.De beslissingen van de gemachtigd ambtenaar waarbij de verkavelingsvergunningen overeenkomstig artikel 118 toegekend dan wel geweigerd worden, dienen op straffe van nietigheid getroffen te worden onder gebruik van formulier E waarvan een model als bijlage opgenomen is bij dit Wetboek (bijlage 32).

Art. 386.De beslissingen van de gemachtigd ambtenaar waarbij de wijzigingen van de verkavelingsvergunningen overeenkomstig artikel 118 toegekend dan wel geweigerd worden, dienen op straffe van nietigheid getroffen te worden onder gebruik van formulier F waarvan een model als bijlage opgenomen is bij dit Wetboek (bijlage 32). HOOFDSTUK XIV. - Vorm van de beslissingen die overeenkomstig de artikelen 121, 122 en 127 door de Regering of de gemachtigd ambtenaar getroffen worden inzake de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen.

Art. 387.De beslissingen van de Regering of van de gemachtigd ambtenaar waarbij de stedenbouwkundige vergunningen overeenkomstig artikel 127 toegekend dan wel geweigerd worden, dienen op straffe van nietigheid getroffen te worden onder gebruik van formulier G waarvan een model als bijlage opgenomen is bij dit Wetboek (bijlage 12).

Art. 388.De beslissingen van de Regering of van de gemachtigd ambtenaar waarbij de verkavelingsvergunningen overeenkomstig artikel 127 toegekend dan wel geweigerd worden, dienen op straffe van nietigheid getroffen te worden onder gebruik van formulier H waarvan een model als bijlage opgenomen is bij dit Wetboek (bijlage 13).

Art. 388/1.De beslissingen van de Regering of van de gemachtigd ambtenaar waarbij de wijzigingen van verkavelingsvergunningen overeenkomstig artikel 127 toegekend dan wel geweigerd worden, dienen op straffe van nietigheid getroffen te worden onder gebruik van formulier I waarvan een model als bijlage opgenomen is bij dit Wetboek (bijlage 14).

Art. 388/2.De beslissingen van de Regering waarbij de stedenbouwkundige vergunningen overeenkomstig artikel 121 toegekend dan wel geweigerd worden, dienen op straffe van nietigheid getroffen te worden onder gebruik van formulier O waarvan een model als bijlage opgenomen is bij dit Wetboek (bijlage 14).

Art. 388/3.De beslissingen van de Regering waarbij de verkavelingsvergunningen overeenkomstig artikel 121 toegekend dan wel geweigerd worden, dienen op straffe van nietigheid getroffen te worden onder gebruik van formulier P waarvan een model als bijlage opgenomen is bij dit Wetboek (bijlage 14).

Art. 388/4.De beslissingen van de Regering waarbij de wijzigingen van verkavelingsvergunningen overeenkomstig artikel 121 toegekend dan wel geweigerd worden, dienen op straffe van nietigheid getroffen te worden onder gebruik van formulier Q waarvan een model als bijlage opgenomen is bij dit Wetboek (bijlage 14).

Art. 388/5.De beslissingen van de Regering waarbij de stedenbouwkundige vergunningen overeenkomstig artikel 122 toegekend dan wel geweigerd worden, dienen op straffe van nietigheid getroffen te worden onder gebruik van formulier R waarvan een model als bijlage opgenomen is bij dit Wetboek (bijlage 14). »

Art. 2.§ 1. In het opschrift van hoofdstuk VI met de artikelen 274 tot en met 276 van titel I van boek IV van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium worden de woorden « en de vorm van de beslissingen van de gemachtigd ambtenaar » geschrapt. § 2. De artikelen 275 en 276 van hetzelfde Wetboek worden opgeheven.

Art. 3.In artikel 308, enig lid, 1°, van hetzelfde Wetboek worden de woorden « bijlage 23 » vervangen door de woorden « bijlage 20 ».

Art. 4.Artikel 311, enig lid, 1°, van hetzelfde Wetboek wordt vervangen door volgende tekst : « 1° Een vergunningsaanvraag die opgesteld is aan de hand van een formulier dat door de gemeente is uitgewerkt, wordt door laatstgenoemde kosteloos ter beschikking gesteld van de aanvrager; in het formulier dient de tekst van het model vermeld in bijlage 23 opgenomen te zijn. »

Art. 5.Artikel 314, enig lid, 1°, van hetzelfde Wetboek wordt vervangen door volgende tekst : « 1° Een vergunningsaanvraag in drie exemplaren, die eventueel tegengetekend wordt door de eigenaars van de kavels die in de vergunde verkaveling liggen en die opgesteld is aan de hand van een formulier dat door de gemeente is uitgewerkt, en door laatstgenoemde kosteloos ter beschikking gesteld wordt van de aanvrager; in het formulier dient de tekst van het model vermeld in bijlage 24 opgenomen te zijn. »

Art. 6.De bijlagen 12, 13, 14, 20, 21, 22, 23, 24, 30, 31 en 32 bij het besluit van de Waalse Gewestexecutieve van 6 december 1985 houdende de bijlagen bij het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening en Stedenbouw worden respectievelijk vervangen door de bijlagen 12, 13, 14, 20, 21, 22, 23, 24, 30, 31 en 32 en als bijlage bij dit besluit bekendgemaakt.

Art. 7.De bijlagen 15, 16 en 17 bij het besluit van de Waalse Gewestexecutieve van 6 december 1985 houdende de bijlagen bij het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening en Stedenbouw worden opgeheven.

Art. 8.Hoofdstuk XVI van titel I van boek IV van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium met de artikelen 390 tot en met 392 wordt opgeheven.

Art. 9.Dit besluit treedt in werking 30 dagen na diens bekendmaking in het Belgisch Staatsblad .

Art. 10.De Minister van Ruimtelijke Ordening en Stedenbouw is belast met de uitvoering van dit besluit.

Namen, 17 juli 2003.

De Minister-President, J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE De Minister van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Leefmilieu, M. FORET

BIJLAGE 30 - FORMULIER A (1) BESLISSING TOT - TOEKENNING - WEIGERING VAN DE STEDENBOUWKUNDIGE VERGUNNING Het college van burgemeester en schepenen, Gelet op het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium; Gelet op artikel 123, 1°, van de Nieuwe Gemeentewet;

Gelet op het decreet van 11 september 1985 tot organisatie van de waardering van de weerslagen op het leefmilieu in het Waalse Gewest zoals inzonderheid gewijzigd bij het decreet van 11 maart 1999 betreffende de milieuvergunning en het decreet van 15 mei 2003, evenals bij de besluiten van de Waalse Regering van 4 juli 2002 betreffende respectievelijk de organisatie van het milieuëffectenverslag en de lijst van de projecten die aan het effectenonderzoek worden onderworpen;

Overwegende dat ... een aanvraag tot een stedenbouwkundige vergunning heeft ingediend met betrekking tot een goed gelegen te ... gekadastreerd afdeling ... en met betrekking tot ...; (1) Overwegende dat de volledige vergunningsaanvraag bij aangetekend schrijven tegen postontvangstbewijs met datum van ... aan het gemeentebestuur is gericht; bij het gemeentebestuur is afgegeven tegen ontvangstbewijs met datum van ...; (2) Overwegende dat er een niet-vervallen stedenbouwkundig attest nr. 2 met betrekking tot de aanvraag is afgeleverd met datum van ...; (1) (2) Overwegende dat het goed gelegen is - in een omtrek ... - in een ... gebied op het gewestplan van ..., aangenomen bij ... van ... dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) Overwegende dat het goed in een ...gebied gelegen is in de omtrek van het gemeentelijk plan van aanleg ... goedgekeurd bij ... van ..., en dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) Overwegende dat het goed gelegen is op de kavel nr.... in de omtrek van verkaveling nr. ... niet vervallen vergund bij ... van ...; (2) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen dat van toepassing is in de beschermingsgebieden van sommige gemeenten inzake stedenbouw van toepassing is op het grondgebied waarvan het goed gelegen is krachtens ... van ...; (2) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen in landbouwgebieden van toepassing is op het grondgebied waar het goed krachtens ... van ... gelegen is; (2) Overwegende dat het goed in een ...gebied gelegen is in het gemeentelijk structuurplan aangenomen bij ... van ...; (1) (2) Overwegende dat er een gemeentelijk stedenbouwkundig reglement goedgekeurd bij ... van ... van kracht is over het gehele gemeentelijke grondgebied waar het goed gelegen is en alle punten bedoeld in artikel 78, § 1, van voornoemd Wetboek inhoudt; dat het goed gelegen is in een ûgebied- ondergebied - ... in bedoeld reglement; (2) Gelet op het ministerieel besluit van ... waarbij de gemeente onder de gedecentraliseerde regeling inzake ruimtelijke ordening en stedenbouw valt; (2) Overwegende dat de gewestelijke of gemeentelijke stedenbouwkundige reglementen zoals volgt eveneens van toepassing zijn op het gemeentelijk grondgebied of het gedeelte ervan waar het goed gelegen is;...; (1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een - beschermd - goed dat op de beschermingslijst opgenomen is - gelegen is in een beschermingsgebied als bedoeld in artikel 209 van voornoemd Wetboek - gelegen is in een gebied dat opgenomen is op de lijst van de archeologische sites als bedoeld in artikel 233 van voornoemd Wetboek -;dat de vergunning krachtens artikel 109 van voornoemd Wetboek afgeleverd is na eensluidend advies van de gemachtigd ambtenaar; (2) Overwegende dat er met betrekking tot de aanvraag een niet-vervallen patrimoniumsattest is afgeleverd met datum van ...; (1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een Natura 2000-gebied als bedoeld in artikel 1bis , enig lid, 18°, van de wet van 12 juli 1973 over het natuurbehoud, gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een gebied dat aangewezen is krachtens artikel 6 van de wet van 12 juli 1973 over het natuurbehoud, laatst gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in een waterwinnings-, preventie- of bewakingsgebied in de zin van het decreet van 30 april 1990 op de bescherming en de exploitatie van tot drinkwater verwerkbaar water, laatst gewijzigd bij het decreet van 15 april 1999 betreffende de kringloop van het water en houdende oprichting van een "Société publique de Gestion de l'Eau" (Openbare Maatschappij voor Waterbeheer) en bij het decreet van 12 december 2002;(1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed - gelegen in één van de dunbevolkte gebieden die niet met riolering zijn uitgerust en waar een individueel waterzuiveringssysteem in de zin van artikel 3, 9°, van het besluit van de Waalse Regering van 19 september 1991 tot vaststelling van de regelen voor de inrichting en de uitwerking van de algemene gemeentelijke afwateringsplannen, gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001 aangelegd zal worden - dat, hoewel in een agglomeratiezone gelegen, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied waarvan de regeling toepasselijk werd gemaakt bij beslissing van ..., en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... - waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied, en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als collectief saneringsgebied, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 6 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als zelfstandig saneringsgebied, vrijgesteld kan worden van individuele zuivering krachtens artikel 9 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (2) Overwegende dat de in het vooruitzicht gestelde handelingen en werken krachtens artikel 84, § 2, tweede lid, 3° en derde lid, van voornoemd Wetboek het advies van de gemachtigd ambtenaar niet vereisen;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag - de opening van nieuwe gemeentelijke verkeerswegen - de wijziging van het tracé van bestaande gemeentelijke verkeerswegen - de verbreding van bestaande gemeentelijke verkeerswegen - de opheffing van bestaande gemeentelijke verkeerswegen impliceert;dat de vergunningsaanvraag ter advies is voorgelegd - niet ter advies is voorgelegd - aan het gewestelijke - het provinciebestuur; dat de gemeenteraad na het treffen van bijzondere bekendmakingsmaatregelen erover beraadslaagd heeft; (1) Overwegende dat de vergunningsaanvraag een korte uiteenzetting van de milieueffectenrapportering - geen korte uiteenzetting van de milieueffectenrapportering bevat - een milieueffectenstudie - geen milieueffectenstudie bevat; (2) Overwegende dat er een milieueffectenstudie is doorgevoerd om volgende reden(en) : ...; (1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag aan bijzondere bekendmakingsmaatregelen is onderworpen om volgende reden(en) : ...; (1) (2) Overwegende dat er ... bezwaarschrift(en) - geen bezwaarschrift(en) is - zijn ingediend; dat er een overlegvergadering - geen overlegvergadering plaatsgevonden heeft; (1) (2) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag niet conform is om volgende reden(en) : ...; dat er door het college van burgemeester en schepenen een gemotiveerd afwijkingsvoorstel - geen gemotiveerd afwijkingsvoorstel is gericht aan de gemachtigd ambtenaar; dat een dergelijk voorstel vereist - niet vereist is; (1) (2) Overwegende dat de beslissing van de gemachtigd ambtenaar over de afwijkingsaanvraag die het college van burgemeester en schepenen op ... aan hem heeft gericht, gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is; dat zijn beslissing als volgt luidt en als volgt gemotiveerd is : ...;

Overwegende dat enkel de Regering of de gemachtigd ambtenaar bij wijze van uitzondering afwijkingen kunnen toestaan; (2) Overwegende dat de beslissing van de gemachtigd ambtenaar, overgemaakt op ..., niet aan het college van burgemeester en schepenen is gericht binnen de 35 dagen na aanvraag ervan; dat de beslissing van de gemachtigd ambtenaar geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn overeenkomstig artikel 116, § 5, tweede lid, van voornoemd Wetboek; (1) (2) Overwegende dat hierna vernoemde dienst(en) en commissie(s) geraadpleegd is - zijn om volgende reden(en) : (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; (4) (1) (2) Overwegende dat het advies van het Directoraat-generaal Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu ingewonnen is op ... overeenkomstig artikel 116, § 1, 2°, en overgemaakt op ..., gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; (1) (2) Overwegende dat het - eensluidend - advies van de gemachtigd ambtenaar op ... ingewonnen is overeenkomstig artikel 107, § 2, - 109 - van voornoemd Wetboek; dat zijn advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is; dat zijn - eensluidend - advies als volgt luidt en als volgt gemotiveerd is : ...; (1) (2) Overwegende dat het - eensluidend - advies van de gemachtigd ambtenaar, overgemaakt op..., niet aan het college van burgemeester en schepenen is gericht binnen de 35 dagen na aanvraag ervan; dat het advies van de gemachtigd ambtenaar geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn krachtens artikel 116, § 5, tweede lid, van voornoemd Wetboek; (9) Overwegende dat .. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .

Beslist : (1) Artikel 1.- De door ... aangevraagde stedenbouwkundige vergunning is - toegekend - geweigerd. (5) - De houder van de vergunning dient : 1° alle voorwaarden die omschreven zijn in het eensluidend advies van de gemachtigd ambtenaar, zoals hieronder aangegeven, na te leven; (6) 2° ... (2) (5) (7) Artikel ... - De vergunde werken of handelingen dienen in ... opeenvolgende fasen zoals hierna aangegeven doorgevoerd te worden : ... (5) (8) Artikel ... - De vergunde werken of handelingen mogen niet behouden blijven na ...

Artikel ... - Van deze beslissing wordt een uitgifte aan de aanvrager en aan de gemachtigd ambtenaar overgemaakt, om hem eventueel zijn recht op hoger beroep te kunnen laten uitoefenen. (5) Artikel ... - De houder van de vergunning licht het College van Burgemeester en Schepenen en de gemachtigd ambtenaar minstens acht dagen vóór aanvang van de vergunde werken en handelingen bij aangetekend schrijven in over de aanvang ervan.

Artikel ... - Deze vergunning stelt niet vrij van de verplichting om de andere toelatingen en vergunningen die bij andere wetten of verordeningen opgelegd kunnen worden, aan te vragen, meer bepaald ...

Te . . . . . , op . . . . . ;

VANWEGE HET COLLEGE : De gemeentesecretaris, De burgemeester, (1) Schrappen of uitwissen wat niet past.(2) Schrappen of uitwissen indien dat niet het geval is.(3) De voorschriften van het gewestplan, van het gemeentelijk plan van aanleg, van de verkavelingsvergunning, van het gewestelijk of gemeentelijk stedenbouwkundig reglement waarvan de vergunningsaanvraag afwijkt, aangeven.(4) Eén of meer gedachtenstreepjes toevoegen indien nodig.(5) Schrappen of uitwissen indien de vergunning niet is afgeleverd.(6) In voorkomend geval door het college van burgemeester en schepenen in te vullen.(7) Voor elke andere fase dan de eerste het aanvangspunt van de vervaltermijn aangeven.(8) Enkel te gebruiken in de gevallen bedoeld in artikel 88 van voornoemd Wetboek.(9) De overwegingen in rechte en in feite die als beslissingsgrond dienen, aangeven. UITTREKSELS UIT HET WAALSE WETBOEK VAN RUIMTELIJKE ORDENING, STEDENBOUW EN PATRIMONIUM 1) BEROEPSREGELING Art.119. § 1. De aanvrager kan bij ter post aangetekend schrijven een met redenen omkleed beroep bij de Regering instellen binnen dertig dagen na ontvangst van de beslissing van het college van burgemeester en schepenen.

Bij het beroep wordt een afschrift gevoegd van de plannen van de aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning en van de beslissing waarop het beroep slaat. De behandelings- en beslissingstermijnen beginnen pas te lopen, te rekenen vanaf de ontvangst van bedoeld afschrift. § 2. In de gevallen bedoeld in artikel 108 stelt de gemachtigde ambtenaar een beroep in bij de Regering binnen dertig dagen na ontvangst van de beslissing van het college van burgemeester en schepenen.

Art. 452/13.De in artikel 119 bedoelde beroepen zijn bij ter post aangetekend schrijven te richten aan de directeur-generaal van het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium.

De aanvrager die een beroep instelt, vermeldt in zijn brief de datum waarop hij de beslissing van het college van burgemeester en schepenen ontvangen heeft.

Art. 122.In de gevallen bedoeld in artikel 84, § 2, tweede lid, 3°, mag de aanvrager alleen bij de gemachtigde ambtenaar een aangetekend beroep instellen binnen dertig dagen na ontvangst van de in artikel 117 bedoelde beslissing van het College van burgemeester en schepenen.

Art. 108.§ 1. De gemachtigde ambtenaar dient het met redenen omkleed beroep bedoeld in artikel 119, § 2, tweede lid, bij de Regering in als de procedure onregelmatig is geweest of als de vergunning niet overeenstemt : 1° met het gewestplan, als er noch een gemeentelijk plan van aanleg noch een verkavelingsvergunning bestaat;2° met het gemeentelijk plan of met de verkavelingsvergunning;3° met het gemeentelijk stedenbouwkundig reglement of met een gewestelijk stedenbouwkundig reglement;4° met de wet van 12 juli 1956 tot vaststelling van het statuut der autosnelwegen en met de perceelsgewijze plannen die de Regering heeft goedgekeurd krachtens artikel 6 van bedoelde wet;5° met de toegestane afwijking in toepassing van de artikelen 110 tot en met 113. Hij geeft de aard van de onregelmatigheid in de procedure aan, of de bepaling waarmee de vergunning niet overeenstemt. § 2. De gemachtigd ambtenaar kan eveneens een met redenen omkleed beroep indienen bij de Regering : 1° indien de beslissing van het college van burgemeester en schepenen afwijkt van het advies dat door de gemeentelijke commissie is uitgebracht in het kader van een verplichte raadpleging van laatstgenoemde;2° bij gebreke van de gemeentelijke commissie, indien bij het openbaar onderzoek dat in toepassing van dit wetboek is ingesteld ofwel : -vijfentwintig personen ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente waar het ontwerp gelegen is als het een gemeente van minstens tienduizend inwoners betreft; - vijftig personen ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente waar het ontwerp gelegen is als het een gemeente van tienduizend tot vijfentwintigduizend inwoners betreft; - honderd personen ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente waar het ontwerp gelegen is als het een gemeente van vijfentwintigduizend tot vijftigduizend inwoners betreft; - tweehonderd personen ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente waar het ontwerp gelegen is als het een gemeente van vijftigduizend tot honderdduizend inwoners betreft; - driehonderd personen ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente waar het ontwerp gelegen is als het een gemeente van meer dan honderdduizend inwoners betreft; individuele en met redenen omklede opmerkingen hebben uitgebracht in verband met het ontwerp in de loop van bedoeld onderzoek van individuele en met redenen omklede opmerkingen hebben voorzien en indien de beslissing van het college niet aan bedoelde opmerkingen tegemoetkomt; 3° indien de Regering beslist heeft tot de herziening van het gemeentelijk plan van aanleg of de opstelling van een gemeentelijk plan van aanleg dat als gevolg heeft de herziening of de vernietiging van de hele verkavelingsvergunning of een deel ervan. In de vergunning dient dit artikel te worden opgenomen. (2) OPSCHORTING VAN DE VERGUNNING Art.119. Het beroep van de gemachtigd ambtenaar, evenals de termijn om het beroep in te dienen, zijn opschortend. Het beroep wordt gelijktijdig naar de aanvrager gestuurd en naar het college van burgemeester en schepenen. (3) AANPLAKKING VAN DE VERGUNNING Art.134. De aanvrager moet een leesbaar bericht laten aanplakken op het terrein langs de openbare weg, waarbij wordt aangekondigd dat de vergunning is verleend, hetzij vóór de aanvang van de werken en tijdens de hele duur ervan wanneer het om werken gaat, hetzij, in de andere gevallen, vanaf de voorbereidingen, vooraleer de handeling(en) is (zijn) uitgevoerd en tijdens de hele duur van de uitvoering ervan.

Gedurende die periode moeten de vergunning en het bijgevoegde dossier of een door de gemeente of de gemachtigde ambtenaar voor echt verklaard afschrift van deze documenten permanent ter beschikking liggen van de in artikel 159 bedoelde ambtenaren op de plaats waar de werken en handelingen worden uitgevoerd. (4) VERVALLEN VAN DE VERGUNNING Art.87. § 1. De vergunning vervalt indien de begunstigde binnen twee jaar na de verzending ervan niet op een significante wijze met de werken is gestart. § 2. De vergunning vervalt voor de overige werken indien deze niet volledig werden uitgevoerd binnen vijf jaar na de verzending ervan, behalve wanneer ze in fasen uitgevoerd mogen worden. In dat geval bepaalt de vergunning de vervaldatum voor elke fase, met uitzondering van de eerste.

De vergunning vervalt van rechtswege. (5) VERLENGING VAN DE VERGUNNING Art.87. § 3. De vergunning kan evenwel met één jaar verlengd worden op verzoek van de begunstigde ervan. Het verzoek moet ingediend worden binnen dertig dagen vóór de in artikel 87, § 1, bedoelde vervaldatum.

De verlenging wordt toegestaan door het College van burgemeester en schepenen. (6) CERTIFICERING VAN DE CONFORMITEIT VAN DE WERKEN Art.139. § 1. De vergunningsgerechtigde dient te laten verifiëren of de staat van het goed conform is aan de vergunning, uiterlijk binnen een termijn van zes maanden volgend op de afloop van de termijn bepaald bij artikel 87, § 2, of vóór een overdracht.

Indien het een overdracht betreft die meer dan drie jaar na een verificatie plaatsvindt, dient de overdrager te laten verifiëren of zijn goed conform is aan de vergunning vóór de akte van overdracht.

Een verificatie is evenwel vereist vóór elke overdracht die plaatsvindt na een voorlopige verificatie. § 2. De verificatie wordt verricht door een erkend certificeerder die gekozen wordt door de vergunningsgerechtigde of de overdrager.

Als de gemeente het stedenbouwkundig eenvormigheidsattest of het stuk waarmee de weigering van het stedenbouwkundig attest bevestigd wordt, niet gekregen heeft aan het einde van de zes maanden volgend op de afloop van de termijn bepaald bij artikel 87, § 2, geeft het college van burgemeester en schepenen of het personeelslid dat bedoeld college daartoe machtigt van ambtswege opdracht tot het doorvoeren van de verificatie aan een erkend certificeerder.

In alle gevallen worden de verificatiekosten gedragen door de vergunningsgerechtigde of de overdrager. (7) BIJZONDERE MAATREGELEN DIE VAN TOEPASSING ZIJN OP GEGROEPEERDE BOUWWERKEN Art.126. Indien een stedenbouwkundige vergunning meerdere bouwwerken toelaat en die bouwwerken het doorvoeren van infrastructuurwerkzaamheden en gemeenschappelijke uitrustingen met inbegrip van uitrustingen voor de zuivering van afvalwater impliceren, kan de vergunning de overgangen om niet of onder bezwarende titel, van deling, van inpachtgeving of van opstal, of van de verhuur voor meer dan negen jaar die betrekking hebben op het geheel of een deel van die goeden ondergeschikt maken aan : 1° een attest dat afgelevrd wordt onder de voorwaarden bedoeld in artikel 95, eerste lid;2° een akte van verdeling die opgesteld wordt door de notaris en waarbij de stedenbouwkundige voorschriften vastgelegd worden voor het geheel, evenals de beheerswijze van de gemeenschappelijke delen. In de vergunning wordt melding gemaakt van de eventuele fases voor de verwezenlijking van de bouwwerken met vermelding van de aanvang van elke fase.

Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Waalse Regering van 17 juli 2003 tot bepaling van de vorm van de aanvragen en beslissingen betreffende de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen.

Namen, 17 juli 2003.

De Minister-President, J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE De Minister van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Leefmilieu, M. FORET

BIJLAGE 31 - FORMULIER B (1) BESLISSING TOT - TOEKENNING - WEIGERING VAN DE VERKAVELINGSVERGUNNING Het college van burgemeester en schepenen, Gelet op het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium; Gelet op artikel 123, 1°, van de Nieuwe Gemeentewet;

Gelet op het decreet van 11 september 1985 tot organisatie van de waardering van de weerslagen op het leefmilieu in het Waalse Gewest zoals inzonderheid gewijzigd bij het decreet van 11 maart 1999 betreffende de milieuvergunning en het decreet van 15 mei 2003, evenals bij de besluiten van de Waalse Regering van 4 juli 2002 betreffende respectievelijk de organisatie van het milieuëffectenverslag en de lijst van de projecten die aan het effectenonderzoek worden onderworpen;

Overwegende dat ... een aanvraag tot een verkavelingsvergunning heeft ingediend met betrekking tot een goed gelegen te ... gekadastreerd afdeling ... en met betrekking tot de verdeling van dat goed in ... kavels met het oog op ...; (1) Overwegende dat de volledige vergunningsaanvraag - bij aangetekend schrijven tegen postontvangstbewijs met datum van ... aan het gemeentebestuur is gericht; - bij het gemeentebestuur is afgegeven tegen ontvangstbewijs met datum van ...; (2) Overwegende dat er een niet-vervallen stedenbouwkundig attest nr. 2 met betrekking tot de aanvraag is afgeleverd met datum van ...; (1) (2) Overwegende dat het goed gelegen is - in een omtrek ... - in een ... gebied op het gewestplan van ..., aangenomen bij ... van ... dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) Overwegende dat het goed in een ...gebied gelegen is in de omtrek van het gemeentelijk plan van aanleg ... goedgekeurd bij ... van ..., en dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen dat van toepassing is in de beschermingsgebieden van sommige gemeenten inzake stedenbouw van toepassing is op het grondgebied waarvan het goed gelegen is krachtens ... van ...; (2) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen in landbouwgebieden van toepassing is op het grondgebied waar het goed krachtens ... van ... gelegen is; (2) Overwegende dat het goed in een ...gebied gelegen is in het gemeentelijk structuurplan aangenomen bij ... van ...; (1) (2) Overwegende dat er een gemeentelijk stedenbouwkundig reglement goedgekeurd bij ... van ... van kracht is over het gehele gemeentelijke grondgebied waar het goed gelegen is en alle punten bedoeld in artikel 78, § 1, van voornoemd Wetboek inhoudt; dat het goed gelegen is in een ûgebied- ondergebied - ... in bedoeld reglement; (2) Gelet op het ministerieel besluit van ... waarbij de gemeente onder de gedecentraliseerde regeling inzake ruimtelijke ordening en stedenbouw valt; (2) Overwegende dat de gewestelijke of gemeentelijke stedenbouwkundige reglementen zoals volgt eveneens van toepassing zijn op het gemeentelijk grondgebied of het gedeelte ervan waar het goed gelegen is;...; (1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een - beschermd - goed dat op de beschermingslijst opgenomen is - gelegen is in een beschermingsgebied als bedoeld in artikel 209 van voornoemd Wetboek - gelegen is in een gebied dat opgenomen is op de lijst van de archeologische sites als bedoeld in artikel 233 van voornoemd Wetboek -;dat de vergunning krachtens artikel 109 van voornoemd Wetboek afgeleverd is na eensluidend advies van de gemachtigd ambtenaar; (2) Overwegende dat er met betrekking tot de aanvraag een niet-vervallen patrimoniumsattest is afgeleverd met datum van ...; (1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een Natura 2000-gebied als bedoeld in artikel 1bis, enig lid, 18°, van de wet van 12 juli 1973 over het natuurbehoud, gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een gebied dat aangewezen is krachtens artikel 6 van de wet van 12 juli 1973 over het natuurbehoud, laatst gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in een waterwinnings-, preventie- of bewakingsgebied in de zin van het decreet van 30 april 1990 op de bescherming en de exploitatie van tot drinkwater verwerkbaar water, laatst gewijzigd bij het decreet van 15 april 1999 betreffende de kringloop van het water en houdende oprichting van een "Société publique de Gestion de l'Eau" (Openbare Maatschappij voor Waterbeheer) en bij het decreet van 12 december 2002;(1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed - gelegen in één van de dunbevolkte gebieden die niet met riolering zijn uitgerust en waar een individueel waterzuiveringssysteem in de zin van artikel 3, 9°, van het besluit van de Waalse Regering van 19 september 1991 tot vaststelling van de regelen voor de inrichting en de uitwerking van de algemene gemeentelijke afwateringsplannen, gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001 aangelegd zal worden - dat, hoewel in een agglomeratiezone gelegen, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied waarvan de regeling toepasselijk werd gemaakt bij beslissing van ..., en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... - waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied, en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als collectief saneringsgebied, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 6 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als zelfstandig saneringsgebied, vrijgesteld kan worden van individuele zuivering krachtens artikel 9 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag - de opening van nieuwe gemeentelijke verkeerswegen - de wijziging van het tracé van bestaande gemeentelijke verkeerswegen - de verbreding van bestaande gemeentelijke verkeerswegen - de opheffing van bestaande gemeentelijke verkeerswegen impliceert;dat de vergunningsaanvraag ter advies is voorgelegd - niet ter advies is voorgelegd - aan het gewestelijke - het provinciebestuur; dat de gemeenteraad na het treffen van bijzondere bekendmakingsmaatregelen erover beraadslaagd heeft; (1) Overwegende dat de vergunningsaanvraag een korte uiteenzetting van de milieueffectenrapporteringû geen korte uiteenzetting van de milieueffectenrapportering bevat - een milieueffectenstudie - geen milieueffectenstudie bevat; (2) Overwegende dat er een milieueffectenstudie is doorgevoerd om volgende reden(en) : ...; (1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag aan bijzondere bekendmakingsmaatregelen is onderworpen om volgende reden(en) : ...; (1) (2) Overwegende dat er ... bezwaarschrift(en) - geen bezwaarschrift(en) is - zijn ingediend; dat er een overlegvergadering - geen overlegvergadering plaatsgevonden heeft; (1) (2) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag niet conform is om volgende reden(en) : ...; dat er door het college van burgemeester en schepenen een gemotiveerd afwijkingsvoorstel - geen gemotiveerd afwijkingsvoorstel is gericht aan de gemachtigd ambtenaar; dat een dergelijk voorstel vereist - niet vereist is; (1) (2) Overwegende dat de beslissing van de gemachtigd ambtenaar over de afwijkingsaanvraag die het college van burgemeester en schepenen op ... aan hem heeft gericht, gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is; dat zijn beslissing als volgt luidt en als volgt gemotiveerd is : ...;

Overwegende dat enkel de Regering of de gemachtigd ambtenaar bij wijze van uitzondering afwijkingen kunnen toestaan; (2) Overwegende dat de beslissing van de gemachtigd ambtenaar, overgemaakt op ..., niet aan het college van burgemeester en schepenen is gericht binnen de 35 dagen na aanvraag ervan; dat de beslissing van de gemachtigd ambtenaar geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn overeenkomstig artikel 116, § 5, tweede lid, van voornoemd Wetboek; (1) (2) Overwegende dat hierna vernoemde dienst(en) en commissie(s) geraadpleegd is - zijn om volgende reden(en) : -(dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; - (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; - (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; (4) (1) (2) Overwegende dat het advies van het Directoraat-generaal Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu ingewonnen is op ... overeenkomstig artikel 116, § 1, 2°, en overgemaakt op ..., gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; (1) (2) Overwegende dat het - eensluidend - advies van de gemachtigd ambtenaar op ... ingewonnen is overeenkomstig artikel 107, § 2, - 109 - van voornoemd Wetboek; dat zijn advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is; dat zijn - eensluidend - advies als volgt luidt en als volgt gemotiveerd is : ...; (1) (2) Overwegende dat het - eensluidend - advies van de gemachtigd ambtenaar, overgemaakt op..., niet aan het College van Burgemeester en Schepenen is gericht binnen de 35 dagen na aanvraag ervan; dat het advies van de gemachtigd ambtenaar geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn krachtens artikel 116, § 5, tweede lid, van voornoemd Wetboek; (8) Overwegende dat .. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .

Beslist : (2) Artikel 1.- De door ... aangevraagde verkavelingsvergunning is - toegekend - geweigerd. (5) - De houder van de vergunning dient : (2) 1° alle voorwaarden die omschreven zijn in het eensluidend advies van de gemachtigd ambtenaar, zoals hieronder aangegeven, na te leven; (6) 2° ... (2) (5) (7) Artikel ... - De verkaveling dient in ... opeenvolgende fasen zoals hierna aangegeven doorgevoerd te worden : ...

Artikel ... - Van deze beslissing wordt een uitgifte aan de aanvrager en aan de gemachtigd ambtenaar overgemaakt, om hem eventueel zijn recht op hoger beroep te kunnen laten uitoefenen.

Te ........................................., op .......................................;

VANWEGE HET COLLEGE : De gemeentesecretaris, De burgemeester, (1) Schrappen of uitwissen wat niet past.(2) Schrappen of uitwissen indien dat niet het geval is.(3) De voorschriften van het gewestplan, van het gemeentelijk plan van aanleg, van de verkavelingsvergunning, van het gewestelijk of gemeentelijk stedenbowkundig reglement waarvan de vergunningsaanvraag afwijkt, aangeven.(4) Eén of meer gedachtenstreepjes toevoegen indien nodig.(5) Schrappen of uitwissen indien de vergunning niet is afgeleverd.(6) In voorkomend geval door het College van Burgemeester en Schepenen in te vullen.(7) Voor elke andere fase dan de eerste het aanvangspunt van de vervaltermijn aangeven.(8) De overwegingen in rechte en in feite die als beslissingsgrond dienen, aangeven. UITTREKSELS UIT HET WAALSE WETBOEK VAN RUIMTELIJKE ORDENING, STEDENBOUW EN PATRIMONIUM 1) BEROEPSREGELING Art.119. § 1. De aanvrager kan bij ter post aangetekend schrijven een met redenen omkleed beroep bij de Regering instellen binnen dertig dagen na ontvangst van de beslissing van het college van burgemeester en schepenen.

Bij het beroep wordt een afschrift gevoegd van de plannen van de aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning en van de beslissing waarop het beroep slaat. De behandelings- en beslissingstermijnen beginnen pas te lopen, te rekenen vanaf de ontvangst van bedoeld afschrift. § 2. In de gevallen bedoeld in artikel 108 stelt de gemachtigde ambtenaar een beroep in bij de Regering binnen dertig dagen na ontvangst van de beslissing van het college van burgemeester en schepenen.

Art. 452/13.De in artikel 119 bedoelde beroepen zijn bij ter post aangetekend schrijven te richten aan de directeur-generaal van het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium.

De aanvrager die een beroep instelt, vermeldt in zijn brief de datum waarop hij de beslissing van het college van burgemeester en schepenen ontvangen heeft.

Art. 108.§ 1. De gemachtigde ambtenaar dient het met redenen omkleed beroep bedoeld in artikel 119, § 2, tweede lid, bij de Regering in als de procedure onregelmatig is geweest of als de vergunning niet overeenstemt : 1° met het gewestplan, als er noch een gemeentelijk plan van aanleg noch een verkavelingsvergunning bestaat;2° met het gemeentelijk plan of met de verkavelingsvergunning;3° met het gemeentelijk stedenbouwkundig reglement of met een gewestelijk stedenbouwkundig reglement;4° met de wet van 12 juli 1956 tot vaststelling van het statuut der autosnelwegen en met de perceelsgewijze plannen die de Regering heeft goedgekeurd krachtens artikel 6 van bedoelde wet;5° met de toegestane afwijking in toepassing van de artikelen 110 tot en met 113. Hij geeft de aard van de onregelmatigheid in de procedure aan, of de bepaling waarmee de vergunning niet overeenstemt. § 2. De gemachtigd ambtenaar kan eveneens een met redenen omkleed beroep indienen bij de Regering : 1° indien de beslissing van het college van burgemeester en schepenen afwijkt van het advies dat door de gemeentelijke commissie is uitgebracht in het kader van een verplichte raadpleging van laatstgenoemde;2° bij gebreke van de gemeentelijke commissie, indien bij het openbaar onderzoek dat in toepassing van dit wetboek is ingesteld ofwel : - vijfentwintig personen ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente waar het ontwerp gelegen is als het een gemeente van minstens tienduizend inwoners betreft; - vijftig personen ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente waar het ontwerp gelegen is als het een gemeente van tienduizend tot vijfentwintigduizend inwoners betreft; - honderd personen ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente waar het ontwerp gelegen is als het een gemeente van vijfentwintigduizend tot vijftigduizend inwoners betreft; - tweehonderd personen ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente waar het ontwerp gelegen is als het een gemeente van vijftigduizend tot honderdduizend inwoners betreft; - driehonderd personen ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente waar het ontwerp gelegen is als het een gemeente van meer dan honderdduizend inwoners betreft; individuele en met redenen omklede opmerkingen hebben uitgebracht in verband met het ontwerp in de loop van bedoeld onderzoek van individuele en met redenen omklede opmerkingen hebben voorzien en indien de beslissing van het college niet aan bedoelde opmerkingen tegemoetkomt; 3° indien de Regering beslist heeft tot de herziening van het gemeentelijk plan van aanleg of de opstelling van een gemeentelijk plan van aanleg dat als gevolg heeft de herziening of de vernietiging van de hele verkavelingsvergunning of een deel ervan. In de vergunning dient dit artikel te worden opgenomen. 2)OPSCHORTING VAN DE VERGUNNING

Art. 119.Het beroep van de gemachtigd ambtenaar, evenals de termijn om het beroep in te dienen, zijn opschortend. Het beroep wordt gelijktijdig naar de aanvrager gestuurd en naar het College van burgemeester en schepenen. 3) AANPLAKKING VAN DE VERGUNNING Art.134. De aanvrager moet een leesbaar bericht laten aanplakken op het terrein langs de openbare weg, waarbij wordt aangekondigd dat de vergunning is verleend, hetzij vóór de aanvang van de werken en tijdens de hele duur ervan wanneer het om werken gaat, hetzij, in de andere gevallen, vanaf de voorbereidingen, vooraleer de handeling(en) is (zijn) uitgevoerd en tijdens de hele duur van de uitvoering ervan.

Gedurende die periode moeten de vergunning en het bijgevoegde dossier of een door de gemeente of de gemachtigde ambtenaar voor echt verklaard afschrift van deze documenten permanent ter beschikking liggen van de in artikel 159 bedoelde ambtenaren op de plaats waar de werken en handelingen worden uitgevoerd. 4) VERVALLEN VAN DE VERGUNNING Art.98. Wanneer de verkavelingsvergunning geen stedebouwkundige lasten met zich meebrengt, noch de aanleg van nieuwe verbindingswegen, de wijziging van het tracé van de bestaande gemeentelijke verbindingswegen, hun verbreding of afschaffing tot gevolg heeft, vervalt zij voor het overige gedeelte indien er geen akten bedoeld in artikel 89, § 1, derde lid, die betrekking hebben op minstens één derde van de percelen werden geregistreerd binnen een termijn van vijf jaar na de afgifte van de vergunning.

Het verkoop- en verhuurbewijs wordt vóór het verstrijken van voormelde termijn van vijf jaar geleverd door de uittreksels uit de door de notaris of de ontvanger der registraties eensluidend verklaarde akten aan het College te betekenen.

Art. 99.Wanneer de verkavelingsvergunning de aanleg van nieuwe verbindingswegen met zich meebrengt, alsook de wijziging van het tracé van de bestaande gemeentelijke verbindingswegen, hun verbreding of afschaffing, vervalt de vergunning wanneer de houder ervan de opgelegde werken en lasten niet heeft uitgevoerd of de vereiste financiële waarborgen niet heeft verstrekt binnen vijf jaar na de afgifte van de vergunning.

De vergunning vervalt eveneens wanneer de houder binnen diezelfde termijn de stedebouwkundige lasten niet op zich heeft genomen of de krachtens artikel 91 vereiste financiële waarborgen niet heeft verstrekt.

Art. 100.Wanneer de werken in verschillende fasen mogen worden uitgevoerd, bepaalt de vergunning voor elke fase, met uitzondering van de eerste, de begindatum van de vervaltermijn van vijf jaar.

Art. 101.De verkavelingsvergunning vervalt van rechtswege. 5) VERLENGING VAN DE VERGUNNING Art.102. Een verkavelingsvergunning kan, op verzoek van de eigenaar van het perceel waarop ze betrekking heeft, gewijzigd worden voor zover de wijziging geen afbreuk doet aan de rechten die voortvloeien uit uitdrukkelijke overeenkomsten tussen de partijen.

De gewone heroverschrijving van de stedebouwkundige voorschriften van de verkavelingsvergunning in een authentieke akte of in een onderhandse overeenkomst mag niet worden beschouwd als een overeenkomst zoals bedoeld in het eerste lid.

Art. 103.De bepalingen die de verkavelingsvergunning regelen, gelden ook voor de wijziging ervan, onverminderd de vervulling van de onderstaande formaliteiten.

Alvorens zijn aanvraag in te dienen, stuurt de eigenaar een eensluidende afschrift ervan bij ter post aangetekend schrijven naar alle perceeleigenaars die de aanvraag niet medeondertekend hebben. De ontvangstbewijzen van de aangetekende brieven worden gevoegd bij het dossier dat bij de aanvraag gaat. Bezwaren moeten binnen dertig dagen na de dag waarop de aangetekende brieven ter post werden afgegeven, bij ter post aangetekend schrijven gericht worden aan het College van burgemeester en schepenen.

De wijziging wordt geweigerd indien de eigenaar(s) van meer dan een kwart van de in de oorspronkelijke vergunning toegestane percelen, hun bezwaarschrift binnen de in het tweede lid bedoelde termijn bij ter post aangetekend schrijven aan het College richten.

Art. 105.De wijziging van de verkavelingsvergunning heeft geen enkele weerslag op de vervaltermijn van de verkavelingsvergunning waarvan de wijziging is gevraagd. 6) BIJZONDERE BEPALINGEN DIE VAN TOEPASSING ZIJN OP DE VERKAVELINGEN DIE STEDENBOUWKUNDIGE LASTEN OF DE OPENING VAN VERKEERSWEGEN IMPLICEREN Art.95. Het is verboden een perceel dat het voorwerp uitmaakt van een verkavelingsvergunning of van een fase daarvan die stedebouwkundige lasten vergt, of waarvoor de aanleg van nieuwe verbindingswegen, de wijziging van het tracé van de bestaande gemeentelijke verbindingswegen, hun verbreding of afschaffing nodig is, vrijwillig te koop te bieden, te verkopen, in huur te geven of voor meer dan negen jaar te verhuren, in erfpacht of in opstal af te staan, voordat de houder van de vergunning hetzij de opgelegde werken en lasten heeft uitgevoerd, hetzij de financiële waarborgen heeft verstrekt die nodig zijn voor de uitvoering daarvan. De vervulling van deze formaliteiten wordt vastgesteld in een door het College van burgemeester en schepenen afgegeven attest en bij ter post aangetekende brief aan de verkavelaar betekend. Het College bezorgt een afschrift van dit attest aan de gemachtigde ambtenaar.

Behalve wanneer de overheid voor de voorzieningen zorgt, blijft de houder van de verkavelingsvergunning gedurende tien jaar, samen met de aannemer en de architect van de voorzieningen van de verkaveling, binnen de bij de artikelen 1792 en 2270 van het Burgerlijk Wetboek bepaalde perken hoofdelijk aansprakelijk ten overstaan van het Gewest, de gemeente en de kopers van de percelen.

Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Waalse Regering van 17 juli 2003 tot bepaling van de vorm van de aanvragen en beslissingen betreffende de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen.

Namen, 17 juli 2003.

De Minister-President, J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE De Minister van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Leefmilieu, M. FORET

BIJLAGE 31 - FORMULIER C (1) BESLISSING TOT - TOEKENNING - WEIGERING - VAN DE WIJZIGING VAN DE VERKAVELINGSVERGUNNING Het college van burgemeester en schepenen, Gelet op het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium; Gelet op artikel 123, 1°, van de Nieuwe Gemeentewet;

Gelet op het decreet van 11 september 1985 tot organisatie van de waardering van de weerslagen op het leefmilieu in het Waalse Gewest zoals inzonderheid gewijzigd bij het decreet van 11 maart 1999 betreffende de milieuvergunning en het decreet van 15 mei 2003, evenals bij de besluiten van de Waalse Regering van 4 juli 2002 betreffende respectievelijk de organisatie van het milieuëffectenverslag en de lijst van de projecten die aan het effectenonderzoek worden onderworpen; (1) Overwegende dat ..., eigenaar van de kavel(s) ..., een aanvraag tot wijziging van de niet-vervallen verkavelingsvergunning nr. ..., vergund bij ... van ..., heeft ingediend met betrekking tot een goed gelegen te ... gekadastreerd afdeling ... en met betrekking tot de verdeling van dat goed in ... kavels met het oog op ...; (1) Overwegende dat de volledige vergunningsaanvraag bij aangetekend schrijven tegen postontvangstbewijs met datum van ... aan het gemeentebestuur is gericht; bij het gemeentebestuur is afgegeven tegen ontvangstbewijs met datum van ...; (2) (3) Overwegende dat er een niet-vervallen stedenbouwkundig attest nr.2 met betrekking tot de aanvraag is afgeleverd met datum van ...; (2) (3) Overwegende dat alle eigenaars van een kavel de aanvraag tegengetekend hebben;(1) (2) (3) Overwegende dat alle eigenaars van een kavel die de aanvraag niet tegengetekend hebben, vóór de indiening ervan, een eensluidend afschrift ervan hebben gekregen bij ter post aangetekend schrijven;dat de eigenaar(s) van de kavel(s) ... een bezwaarschrift ingediend heeft - hebben binnen een termijn van dertig dagen na datum van afgifte bij de post van de aangetekende zendingen; dat die eigenaar(s) meer - minder dan één kwart van de in de aanvankelijke vergunning vergunde kavels bezit(ten); (1) (2) (3) Overwegende dat de eigenaar(s) van de kavel(s) ... die de aanvraag niet tegengetekend heeft - hebben, geen eensluidend afschrift ervan gekregen heeft - hebben bij ter post aangetekend schrijven; (1) (3) Overwegende dat uit het ingediende dossier of uit de bezwaarschriften blijkt - niet blijkt dat de toelating om de vergunning te wijzigen de rechten voortvloeiende uit de uitdrukkelijke overeenkomsten tussen de partijen schade berokkent; (2) Overwegende dat het goed gelegen is - in een omtrek ... - in een ... gebied op het gewestplan van ..., aangenomen bij ... van ... dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (1) (2) (3) Overwegende dat het goed in een ...gebied gelegen is in de omtrek van het gemeentelijk plan van aanleg ... goedgekeurd bij ... van ..., en dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) (3) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen dat van toepassing is in de beschermingsgebieden van sommige gemeenten inzake stedenbouw van toepassing is op het grondgebied waarvan het goed gelegen is krachtens ... van ...; (2) (3) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen in landbouwgebieden van toepassing is op het grondgebied waar het goed krachtens ... van ... gelegen is; (2) (3) Overwegende dat het goed in een ...gebied gelegen is in het gemeentelijk structuurplan aangenomen bij ... van ...; (1) (2) (3) Overwegende dat er een gemeentelijk stedenbouwkundig reglement goedgekeurd bij ... van ... van kracht is over het gehele gemeentelijke grondgebied waar het goed gelegen is en alle punten bedoeld in artikel 78, § 1, van voornoemd Wetboek inhoudt; dat het goed gelegen is in een ûgebied- ondergebied - ... in bedoeld reglement; (2) Gelet op het ministerieel besluit van ... waarbij de gemeente onder de gedecentraliseerde regeling inzake ruimtelijke ordening en stedenbouw valt; (2) (3) Overwegende dat de gewestelijke of gemeentelijke stedenbouwkundige reglementen zoals volgt eveneens van toepassing zijn op het gemeentelijk grondgebied of het gedeelte ervan waar het goed gelegen is;...; (1) (2) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een - beschermd - goed dat op de beschermingslijst opgenomen is - gelegen is in een beschermingsgebied als bedoeld in artikel 209 van voornoemd Wetboek - gelegen is in een gebied dat opgenomen is op de lijst van de archeologische sites als bedoeld in artikel 233 van voornoemd Wetboek -;dat de vergunning krachtens artikel 109 van voornoemd Wetboek afgeleverd is na eensluidend advies van de gemachtigd ambtenaar; (2) (3) Overwegende dat er met betrekking tot de aanvraag een niet-vervallen patrimoniumsattest is afgeleverd met datum van ...; (1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een Natura 2000-gebied als bedoeld in artikel 1bis, enig lid, 18°, van de wet van 12 juli 1973 over het natuurbehoud, gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een gebied dat aangewezen is krachtens artikel 6 van de wet van 12 juli 1973 over het natuurbehoud, laatst gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in een waterwinnings-, preventie- of bewakingsgebied in de zin van het decreet van 30 april 1990 op de bescherming en de exploitatie van tot drinkwater verwerkbaar water, laatst gewijzigd bij het decreet van 15 april 1999 betreffende de kringloop van het water en houdende oprichting van een " Société publique de gestion de l'eau " (openbare Maatschappij voor waterbeheer) en bij het decreet van 12 december 2002;(1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed - gelegen in één van de dunbevolkte gebieden die niet met riolering zijn uitgerust en waar een individueel waterzuiveringssysteem in de zin van artikel 3, 9°, van het besluit van de Waalse Regering van 19 september 1991 tot vaststelling van de regelen voor de inrichting en de uitwerking van de algemene gemeentelijke afwateringsplannen, gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001 aangelegd zal worden - dat, hoewel in een agglomeratiezone gelegen, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied waarvan de regeling toepasselijk werd gemaakt bij beslissing van ..., en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... - waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied, en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als collectief saneringsgebied, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 6 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als zelfstandig saneringsgebied, vrijgesteld kan worden van individuele zuivering krachtens artikel 9 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (1) (2) (3) Overwegende dat de wijzigingsaanvraag - de opening van nieuwe gemeentelijke verkeerswegen - de wijziging van het tracé van bestaande gemeentelijke verkeerswegen - de verbreding van bestaande gemeentelijke verkeerswegen - de opheffing van bestaande gemeentelijke verkeerswegen impliceert;dat de vergunningsaanvraag ter advies is voorgelegd - niet ter advies is voorgelegd - aan het gewestelijke - het provinciebestuur; dat de gemeenteraad na het treffen van bijzondere bekendmakingsmaatregelen erover beraadslaagd heeft; (1) (3) Overwegende dat de wijzigingsaanvraag een korte uiteenzetting van de milieueffectenrapportering - geen korte uiteenzetting van de milieueffectenrapportering bevat - een milieueffectenstudie - geen milieueffectenstudie bevat; (2) (3) Overwegende dat er een milieueffectenstudie is doorgevoerd om volgende reden(en) : ...; (1) (2) (3) Overwegende dat de wijzigingsaanvraag aan bijzondere bekendmakingsmaatregelen is onderworpen om volgende reden(en) : ...; (1) (2) (3) Overwegende dat er ... bezwaarschrift(en) - geen bezwaarschrift(en) is - zijn ingediend; dat er een overlegvergadering - geen overlegvergadering plaatsgevonden heeft; (1) (2) (3) (4) Overwegende dat de wijzigingsaanvraag niet conform is om volgende reden(en) : ...; dat er door het college van burgemeester en schepenen een gemotiveerd afwijkingsvoorstel - geen gemotiveerd afwijkingsvoorstel is gericht aan de gemachtigd ambtenaar; dat een dergelijk voorstel vereist - niet vereist is; (1) (2) (3) Overwegende dat de beslissing van de gemachtigd ambtenaar over de afwijkingsaanvraag die het college van burgemeester en schepenen op ... aan hem heeft gericht, gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is; dat zijn beslissing als volgt luidt en als volgt gemotiveerd is : ...;

Overwegende dat enkel de Regering of de gemachtigd ambtenaar bij wijze van uitzondering afwijkingen kunnen toestaan; (2) (3) Overwegende dat de beslissing van de gemachtigd ambtenaar, overgemaakt op ..., niet aan het college van burgemeester en schepenen is gericht binnen de 35 dagen na aanvraag ervan; dat de beslissing van de gemachtigd ambtenaar geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn overeenkomstig artikel 116, § 5, tweede lid, van voornoemd Wetboek; (1) (2) (3) Overwegende dat hierna vernoemde dienst(en) en commissie(s) geraadpleegd is - zijn om volgende reden(en) : - (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; - (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; - (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; (4) (1) (2) Overwegende dat het advies van het Directoraat-generaal Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu ingewonnen is op ... overeenkomstig artikel 116, § 1, 2°, en overgemaakt op ..., gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; (1) (2) (3) Overwegende dat het - eensluidend - advies van de gemachtigd ambtenaar op ... ingewonnen is overeenkomstig artikel 107, § 2, - 109 - van voornoemd Wetboek; dat zijn advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is; dat zijn - eensluidend - advies als volgt luidt en als volgt gemotiveerd is : ...; (1) (2) (3) Overwegende dat het - eensluidend - advies van de gemachtigd ambtenaar, overgemaakt op..., niet aan het college van burgemeester en schepenen is gericht binnen de 35 dagen na aanvraag ervan; dat het advies van de gemachtigd ambtenaar geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn krachtens artikel 116, § 5, tweede lid, van voornoemd Wetboek; (9) Overwegende dat .. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .

Beslist : (1) De door ... aangevraagde wijziging van de verkavelingsvergunning is - toegekend - geweigerd. (6) - De houder van de vergunning dient : (2) 1° alle voorwaarden die omschreven zijn in het eensluidend advies van de gemachtigd ambtenaar, zoals hieronder aangegeven, na te leven; (7) 2° ... (2) (6) (8) Artikel ... - De verkaveling dient in ... opeenvolgende fasen zoals hierna aangegeven doorgevoerd te worden : ...

Artikel ... - Van deze beslissing wordt een uitgifte aan de aanvrager en aan de gemachtigd ambtenaar overgemaakt, om hem eventueel zijn recht op hoger beroep te kunnen laten uitoefenen.

Te ........................................, op .......................................................;

VANWEGE HET COLLEGE : De gemeentesecretaris, De burgemeester, (1) Schrappen of uitwissen wat niet past.(2) Schrappen of uitwissen indien dat niet het geval is.(3) Schrappen of uitwissen indien de eigenaar(s) die meer dan één kwart van de kavels bezit(ten) uiting geven aan hun onenigheid.(4) De voorschriften van het gewestplan, van het gemeentelijk plan van aanleg, van de verkavelingsvergunning, van het gewestelijk of gemeentelijk stedenbowkundig reglement waarvan de vergunningsaanvraag afwijkt, aangeven.(5) Eén of meer gedachtenstreepjes toevoegen indien nodig.(6) Schrappen of uitwissen indien de vergunning niet is afgeleverd.(7) In voorkomend geval door het college van burgemeester en schepenen in te vullen.(8) Voor elke andere fase dan de eerste het aanvangspunt van de vervaltermijn aangeven.(9) De overwegingen in rechte en in feite die als beslissingsgrond dienen, aangeven. UITTREKSELS UIT HET WAALSE WETBOEK VAN RUIMTELIJKE ORDENING, STEDENBOUW EN PATRIMONIUM 1) BEROEPSREGELING Art.119. § 1. De aanvrager kan bij ter post aangetekend schrijven een met redenen omkleed beroep bij de Regering instellen binnen dertig dagen na ontvangst van de beslissing van het College van burgemeester en schepenen.

Bij het beroep wordt een afschrift gevoegd van de plannen van de aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning en van de beslissing waarop het beroep slaat. De behandelings- en beslissingstermijnen beginnen pas te lopen, te rekenen vanaf de ontvangst van bedoeld afschrift. § 2. In de gevallen bedoeld in artikel 108 stelt de gemachtigde ambtenaar een beroep in bij de Regering binnen dertig dagen na ontvangst van de beslissing van het college van burgemeester en schepenen.

Art. 452/13.De in artikel 119 bedoelde beroepen zijn bij ter post aangetekend schrijven te richten aan de directeur-generaal van het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium.

De aanvrager die een beroep instelt, vermeldt in zijn brief de datum waarop hij de beslissing van het college van burgemeester en schepenen ontvangen heeft.

Art. 118.§ 1. De gemachtigde ambtenaar dient het met redenen omkleed beroep bedoeld in artikel 119, § 2, tweede lid, bij de Regering in als de procedure onregelmatig is geweest of als de vergunning niet overeenstemt : 1° met het gewestplan, als er noch een gemeentelijk plan van aanleg noch een verkavelingsvergunning bestaat;2° met het gemeentelijk plan of met de verkavelingsvergunning;3° met het gemeentelijk stedenbouwkundig reglement of met een gewestelijk stedenbouwkundig reglement;4° met de wet van 12 juli 1956 tot vaststelling van het statuut der autosnelwegen en met de perceelsgewijze plannen die de Regering heeft goedgekeurd krachtens artikel 6 van bedoelde wet;5° met de toegestane afwijking in toepassing van de artikelen 110 tot en met 113. Hij geeft de aard van de onregelmatigheid in de procedure aan, of de bepaling waarmee de vergunning niet overeenstemt. § 2. De gemachtigd ambtenaar kan eveneens een met redenen omkleed beroep indienen bij de Regering : 1° indien de beslissing van het college van burgemeester en schepenen afwijkt van het advies dat door de gemeentelijke commissie is uitgebracht in het kader van een verplichte raadpleging van laatstgenoemde;2° bij gebreke van de gemeentelijke commissie, indien bij het openbaar onderzoek dat in toepassing van dit wetboek is ingesteld ofwel : - vijfentwintig personen ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente waar het ontwerp gelegen is als het een gemeente van minstens tienduizend inwoners betreft; - vijftig personen ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente waar het ontwerp gelegen is als het een gemeente van tienduizend tot vijfentwintigduizend inwoners betreft; - honderd personen ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente waar het ontwerp gelegen is als het een gemeente van vijfentwintigduizend tot vijftigduizend inwoners betreft; - tweehonderd personen ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente waar het ontwerp gelegen is als het een gemeente van vijftigduizend tot honderdduizend inwoners betreft; - driehonderd personen ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente waar het ontwerp gelegen is als het een gemeente van meer dan honderdduizend inwoners betreft; individuele en met redenen omklede opmerkingen hebben uitgebracht in verband met het ontwerp in de loop van bedoeld onderzoek van individuele en met redenen omklede opmerkingen hebben voorzien en indien de beslissing van het college niet aan bedoelde opmerkingen tegemoetkomt; 3° indien de Regering beslist heeft tot de herziening van het gemeentelijk plan van aanleg of de opstelling van een gemeentelijk plan van aanleg dat als gevolg heeft de herziening of de vernietiging van de hele verkavelingsvergunning of een deel ervan. In de vergunning dient dit artikel te worden opgenomen. 2) OPSCHORTING VAN DE VERGUNNING Art.119. Het beroep van de gemachtigd ambtenaar, evenals de termijn om het beroep in te dienen, zijn opschortend. Het beroep wordt gelijktijdig naar de aanvrager gestuurd en naar het college van burgemeester en schepenen. 3) AANPLAKKING VAN DE VERGUNNING Art.134. De aanvrager moet een leesbaar bericht laten aanplakken op het terrein langs de openbare weg, waarbij wordt aangekondigd dat de vergunning is verleend, hetzij vóór de aanvang van de werken en tijdens de hele duur ervan wanneer het om werken gaat, hetzij, in de andere gevallen, vanaf de voorbereidingen, vooraleer de handeling(en) is (zijn) uitgevoerd en tijdens de hele duur van de uitvoering ervan.

Gedurende die periode moeten de vergunning en het bijgevoegde dossier of een door de gemeente of de gemachtigde ambtenaar voor echt verklaard afschrift van deze documenten permanent ter beschikking liggen van de in artikel 159 bedoelde ambtenaren op de plaats waar de werken en handelingen worden uitgevoerd. 4) VERVALLEN VAN DE VERGUNNING Art.98. Wanneer de verkavelingsvergunning geen stedebouwkundige lasten met zich meebrengt, noch de aanleg van nieuwe verbindingswegen, de wijziging van het tracé van de bestaande gemeentelijke verbindingswegen, hun verbreding of afschaffing tot gevolg heeft, vervalt zij voor het overige gedeelte indien er geen akten bedoeld in artikel 89, § 1, derde lid, die betrekking hebben op minstens één derde van de percelen werden geregistreerd binnen een termijn van vijf jaar na de afgifte van de vergunning.

Het verkoop- en verhuurbewijs wordt vóór het verstrijken van voormelde termijn van vijf jaar geleverd door de uittreksels uit de door de notaris of de ontvanger der registraties eensluidend verklaarde akten aan het College te betekenen.

Art. 99.Wanneer de verkavelingsvergunning de aanleg van nieuwe verbindingswegen met zich meebrengt, alsook de wijziging van het tracé van de bestaande gemeentelijke verbindingswegen, hun verbreding of afschaffing, vervalt de vergunning wanneer de houder ervan de opgelegde werken en lasten niet heeft uitgevoerd of de vereiste financiële waarborgen niet heeft verstrekt binnen vijf jaar na de afgifte van de vergunning.

De vergunning vervalt eveneens wanneer de houder binnen diezelfde termijn de stedebouwkundige lasten niet op zich heeft genomen of de krachtens artikel 91 vereiste financiële waarborgen niet heeft verstrekt.

Art. 100.Wanneer de werken in verschillende fasen mogen worden uitgevoerd, bepaalt de vergunning voor elke fase, met uitzondering van de eerste, de begindatum van de vervaltermijn van vijf jaar.

Art. 101.De verkavelingsvergunning vervalt van rechtswege. 5. VERLENGING VAN DE VERGUNNING Art.102. Een verkavelingsvergunning kan, op verzoek van de eigenaar van het perceel waarop ze betrekking heeft, gewijzigd worden voor zover de wijziging geen afbreuk doet aan de rechten die voortvloeien uit uitdrukkelijke overeenkomsten tussen de partijen.

De gewone heroverschrijving van de stedebouwkundige voorschriften van de verkavelingsvergunning in een authentieke akte of in een onderhandse overeenkomst mag niet worden beschouwd als een overeenkomst zoals bedoeld in het eerste lid.

Art. 103.De bepalingen die de verkavelingsvergunning regelen, gelden ook voor de wijziging ervan, onverminderd de vervulling van de onderstaande formaliteiten.

Alvorens zijn aanvraag in te dienen, stuurt de eigenaar een eensluidende afschrift ervan bij ter post aangetekend schrijven naar alle perceeleigenaars die de aanvraag niet medeondertekend hebben. De ontvangstbewijzen van de aangetekende brieven worden gevoegd bij het dossier dat bij de aanvraag gaat. Bezwaren moeten binnen dertig dagen na de dag waarop de aangetekende brieven ter post werden afgegeven, bij ter post aangetekend schrijven gericht worden aan het college van burgemeester en schepenen.

De wijziging wordt geweigerd indien de eigenaar(s) van meer dan een kwart van de in de oorspronkelijke vergunning toegestane percelen, hun bezwaarschrift binnen de in het tweede lid bedoelde termijn bij ter post aangetekend schrijven aan het College richten.

Art. 105.De wijziging van de verkavelingsvergunning heeft geen enkele weerslag op de vervaltermijn van de verkavelingsvergunning waarvan de wijziging is gevraagd. 6) BIJZONDERE BEPALINGEN DIE VAN TOEPASSING ZIJN OP DE VERKAVELINGEN DIE STEDENBOUWKUNDIGE LASTEN OF DE OPENING VAN VERKEERSWEGEN IMPLICEREN Art.95. Het is verboden een perceel dat het voorwerp uitmaakt van een verkavelingsvergunning of van een fase daarvan die stedebouwkundige lasten vergt, of waarvoor de aanleg van nieuwe verbindingswegen, de wijziging van het tracé van de bestaande gemeentelijke verbindingswegen, hun verbreding of afschaffing nodig is, vrijwillig te koop te bieden, te verkopen, in huur te geven of voor meer dan negen jaar te verhuren, in erfpacht of in opstal af te staan, voordat de houder van de vergunning hetzij de opgelegde werken en lasten heeft uitgevoerd, hetzij de financiële waarborgen heeft verstrekt die nodig zijn voor de uitvoering daarvan. De vervulling van deze formaliteiten wordt vastgesteld in een door het college van burgemeester en schepenen afgegeven attest en bij ter post aangetekende brief aan de verkavelaar betekend. Het College bezorgt een afschrift van dit attest aan de gemachtigde ambtenaar.

Behalve wanneer de overheid voor de voorzieningen zorgt, blijft de houder van de verkavelingsvergunning gedurende tien jaar, samen met de aannemer en de architect van de voorzieningen van de verkaveling, binnen de bij de artikelen 1792 en 2270 van het Burgerlijk Wetboek bepaalde perken hoofdelijk aansprakelijk ten overstaan van het Gewest, de gemeente en de kopers van de percelen.

Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Waalse Regering van 17 juli 2003 tot bepaling van de vorm van de aanvragen en beslissingen betreffende de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen.

Namen, 17 juli 2003.

De Minister-President, J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE De Minister van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Leefmilieu, M. FORET

BIJLAGE 32 - FORMULIER D AANHANGIGMAKING BIJ DE GEMACHTIGD AMBTENAAR (1) (4) BESLISSING TOT - TOEKENNING WEIGERING VAN DE STEDENBOUWKUNDIGE VERGUNNING De gemachtigd ambtenaar, Gelet op het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium; Gelet op het decreet van 11 september 1985 tot organisatie van de waardering van de weerslagen op het leefmilieu in het Waalse Gewest zoals inzonderheid gewijzigd bij het decreet van 11 maart 1999 betreffende de milieuvergunning en het decreet van 15 mei 2003, evenals bij de besluiten van de Waalse Regering van 4 juli 2002 betreffende respectievelijk de organisatie van het milieuëffectenverslag en de lijst van de projecten die aan het effectenonderzoek worden onderworpen;

Overwegende dat ... een aanvraag tot een stedenbouwkundige vergunning heeft ingediend met betrekking tot een goed gelegen te ... gekadastreerd afdeling ... en met betrekking tot ...; (1) Overwegende dat de volledige vergunningsaanvraag -bij aangetekend schrijven tegen postontvangstbewijs met datum van ... aan het gemeentebestuur is gericht; - bij het gemeentebestuur is afgegeven tegen ontvangstbewijs met datum van ...; (1) Overwegende dat de aanvrager de gemachtigd ambtenaar uitgenodigd heeft om over zijn vergunningsaanvraag met datum van ... te beslissen; dat de aanhangigmaking ervan bij de gemachtigd ambtenaar - ontvankelijk - onontvankelijk - is om volgende reden(en) : ...; (2) (4) Overwegende dat er een niet-vervallen stedenbouwkundig attest nr.2 met betrekking tot de aanvraag is afgeleverd met datum van ...; (1) (2) (4) Overwegende dat het goed gelegen is - in een omtrek ... - in een ... gebied op het gewestplan van ..., aangenomen bij ... van ... dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) (4) Overwegende dat het goed in een ...gebied gelegen is in de omtrek van het gemeentelijk plan van aanleg ... goedgekeurd bij ... van ..., en dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) (4) Overwegende dat het goed gelegen is op de kavel nr.... in de omtrek van verkaveling nr. ... niet vervallen vergund bij ... van ...; (2) (4) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen dat van toepassing is in de beschermingsgebieden van sommige gemeenten inzake stedenbouw van toepassing is op het grondgebied waarvan het goed gelegen is krachtens ... van ...; (2) (4) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen in landbouwgebieden van toepassing is op het grondgebied waar het goed krachtens ... van ... gelegen is; (2) (4) Overwegende dat het goed in een ...gebied gelegen is in het gemeentelijk structuurplan aangenomen bij ... van ...; (1) (2) (4) Overwegende dat er een gemeentelijk stedenbouwkundig reglement goedgekeurd bij ... van ... van kracht is over het gehele gemeentelijke grondgebied waar het goed gelegen is en alle punten bedoeld in artikel 78, § 1, van voornoemd Wetboek inhoudt; dat het goed gelegen is in een ûgebied- ondergebied - ... in bedoeld reglement; (2) (4) Overwegende dat de gewestelijke of gemeentelijke stedenbouwkundige reglementen zoals volgt eveneens van toepassing zijn op het gemeentelijk grondgebied of het gedeelte ervan waar het goed gelegen is;...; (1) (2) (4) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een - beschermd - goed dat op de beschermingslijst opgenomen is - gelegen is in een beschermingsgebied als bedoeld in artikel 209 van voornoemd Wetboek - gelegen is in een gebied dat opgenomen is op de lijst van de archeologische sites als bedoeld in artikel 233 van voornoemd Wetboek -; (2) Overwegende dat er met betrekking tot de aanvraag een niet-vervallen patrimoniumsattest is afgeleverd met datum van ...; (1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een Natura 2000-gebied als bedoeld in artikel 1bis , enig lid, 18°, van de wet van 12 juli 1973 over het natuurbehoud, gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een gebied dat aangewezen is krachtens artikel 6 van de wet van 12 juli 1973 over het natuurbehoud, laatst gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in een waterwinnings-, preventie- of bewakingsgebied in de zin van het decreet van 30 april 1990 op de bescherming en de exploitatie van tot drinkwater verwerkbaar water, laatst gewijzigd bij het decreet van 15 april 1999 betreffende de kringloop van het water en houdende oprichting van een " Société publique de Gestion de l'Eau " (Openbare Maatschappij voor Waterbeheer) en bij het decreet van 12 december 2002;(1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed - gelegen in één van de dunbevolkte gebieden die niet met riolering zijn uitgerust en waar een individueel waterzuiveringssysteem in de zin van artikel 3, 9°, van het besluit van de Waalse Regering van 19 september 1991 tot vaststelling van de regelen voor de inrichting en de uitwerking van de algemene gemeentelijke afwateringsplannen, gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001 aangelegd zal worden - dat, hoewel in een agglomeratiezone gelegen, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied waarvan de regeling toepasselijk werd gemaakt bij beslissing van ..., en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... - waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied, en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als collectief saneringsgebied, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 6 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als zelfstandig saneringsgebied, vrijgesteld kan worden van individuele zuivering krachtens artikel 9 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met handelingen en werken bedoeld in artikel 84, § 2, tweede lid, 3° en derde lid, van voornoemd Wetboek;(1) (2) (4) Overwegende dat de vergunningsaanvraag - de opening van nieuwe gemeentelijke verkeerswegen - de wijziging van het tracé van bestaande gemeentelijke verkeerswegen - de verbreding van bestaande gemeentelijke verkeerswegen - de opheffing van bestaande gemeentelijke verkeerswegen impliceert;dat de vergunningsaanvraag ter advies is voorgelegd - niet ter advies is voorgelegd - aan het gewestelijke - het provinciebestuur; dat de gemeenteraad na het treffen van bijzondere bekendmakingsmaatregelen erover beraadslaagd heeft; (1) (4) Overwegende dat de vergunningsaanvraag een korte uiteenzetting van de milieueffectenrapporteringû geen korte uiteenzetting van de milieueffectenrapportering bevat - een milieueffectenstudie - geen milieueffectenstudie bevat; (2) (4) Overwegende dat er een milieueffectenstudie is doorgevoerd om volgende reden(en) : ...; (1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag aan bijzondere bekendmakingsmaatregelen is onderworpen om volgende reden(en) : ...; (1) (2) Overwegende dat er ... bezwaarschrift(en) - geen bezwaarschrift(en) is - zijn ingediend; dat er een overlegvergadering - geen overlegvergadering plaatsgevonden heeft; (1) (2) (3) (4) Overwegende dat de vergunningsaanvraag niet conform is om volgende reden(en) : ...; dat er door het college van burgemeester en schepenen een gemotiveerd afwijkingsvoorstel - geen gemotiveerd afwijkingsvoorstel is gericht aan de gemachtigd ambtenaar; dat een dergelijk voorstel vereist - niet vereist is; (1) (2) (4) Overwegende dat hierna vernoemde dienst(en) en commissie(s) geraadpleegd is - zijn om volgende reden(en) : -(dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; - (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; - (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; (4) (1) (2) Overwegende dat het advies van het Directoraat-generaal Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu ingewonnen is op ... overeenkomstig artikel 116, § 1, 2°, en overgemaakt op ..., gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; (4) (9) Overwegende dat .. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .

Beslist :

Artikel 1.- De aanhangigmaking bij de gemachtigd ambtenaar is - ontvankelijk - onontvankelijk. (1) (4) Artikel... - De door ... aangevraagde stedenbouwkundige vergunning is - toegekend - geweigerd. (6) - De houder van de vergunning moet : ... (2) (6) (7) Artikel ... - De vergunde werken of handelingen dienen in ... opeenvolgende fasen zoals hierna aangegeven doorgevoerd te worden : ... (6) (8) Artikel ... - De vergunde werken of handelingen mogen niet behouden blijven na ...

Artikel ... - Van deze beslissing wordt een uitgifte aan de aanvrager en aan de gemachtigd ambtenaar overgemaakt, om hem eventueel zijn recht op hoger beroep te kunnen laten uitoefenen. (6) Artikel ... - De houder van de vergunning licht het college van burgemeester en schepenen en de gemachtigd ambtenaar minstens acht dagen vóór aanvang van de vergunde werken en handelingen bij aangetekend schrijven in over de aanvang ervan.

Artikel ... - Deze vergunning stelt niet vrij van de verplichting om de andere toelatingen en vergunningen die bij andere wetten of verordeningen opgelegd kunnen worden, aan te vragen, meer bepaald ...

Te ..., op...;

De gemachtigd ambtenaar, (1) Schrappen of uitwissen wat niet past.(2) Schrappen of uitwissen indien dat niet het geval is.(3) De voorschriften van het gewestplan, van het gemeentelijk plan van aanleg, van de verkavelingsvergunning, van het gewestelijk of gemeentelijk stedenbowkundig reglement waarvan de vergunningsaanvraag afwijkt, aangeven.(4) Schrappen of uitwissen indien de aanhangigmaking bij de gemachtigd ambtenaar onontvankelijk is.(5) Eén of meer gedachtenstreepjes toevoegen indien nodig.(6) Schrappen of uitwissen indien de aanhangigmaking bij de gemachtigd ambtenaar onontvankelijk is of indien de vergunning niet is afgeleverd.(7) Voor elke andere fase dan de eerste het aanvangspunt van de vervaltermijn aangeven.(8) Enkel te gebruiken in de gevallen bedoeld in artikel 88 van voornoemd Wetboek.(9) De overwegingen in rechte en in feite die als beslissingsgrond dienen, aangeven. UITTREKSELS UIT HET WAALSE WETBOEK VAN RUIMTELIJKE ORDENING, STEDENBOUW EN PATRIMONIUM 1) BEROEPSREGELING Art.119. § 1. De aanvrager kan bij ter post aangetekend schrijven een met redenen omkleed beroep bij de Regering instellen binnen dertig dagen na ontvangst van de beslissing van het College van burgemeester en schepenen.

Bij het beroep wordt een afschrift gevoegd van de plannen van de aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning en van de beslissing waarop het beroep slaat. De behandelings- en beslissingstermijnen beginnen pas te lopen, te rekenen vanaf de ontvangst van bedoeld afschrift. § 2. Het College van Burgemeester en Schepenen kan een gemotiveerd beroep indienen bij de Regering binnen de dertig dagen na ontvangst van de beslissing van de gemachtigd ambtenaar.

Art. 452/13.De in artikel 119 bedoelde beroepen zijn bij ter post aangetekend schrijven te richten aan de directeur-generaal van het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium.

De aanvrager die een beroep instelt, vermeldt in zijn brief de datum waarop hij de beslissing van het college van burgemeester en schepenen ontvangen heeft. 2) OPSCHORTING VAN DE VERGUNNING Art.87. § 2. Het beroep van het college van burgemeester en schepenen, evenals de termijn om het beroep in te dienen, zijn opschortend. Het beroep wordt gelijktijdig naar de aanvrager gestuurd en naar de gemachtigd ambtenaar. 3) AANPLAKKING VAN DE VERGUNNING Art.87. De aanvrager moet een leesbaar bericht laten aanplakken op het terrein langs de openbare weg, waarbij wordt aangekondigd dat de vergunning is verleend, hetzij vóór de aanvang van de werken en tijdens de hele duur ervan wanneer het om werken gaat, hetzij, in de andere gevallen, vanaf de voorbereidingen, vooraleer de handeling(en) is (zijn) uitgevoerd en tijdens de hele duur van de uitvoering ervan.

Gedurende die periode moeten de vergunning en het bijgevoegde dossier of een door de gemeente of de gemachtigde ambtenaar voor echt verklaard afschrift van deze documenten permanent ter beschikking liggen van de in artikel 159 bedoelde ambtenaren op de plaats waar de werken en handelingen worden uitgevoerd. 4) VERVALLEN VAN DE VERGUNNING Art.134. § 1. De vergunning vervalt indien de begunstigde binnen twee jaar na de verzending ervan niet op een significante wijze met de werken is gestart. § 2. De vergunning vervalt voor de overige werken indien deze niet volledig werden uitgevoerd binnen vijf jaar na de verzending ervan, behalve wanneer ze in fasen uitgevoerd mogen worden. In dat geval bepaalt de vergunning de vervaldatum voor elke fase, met uitzondering van de eerste.

De vergunning vervalt van rechtswege. 5) VERLENGING VAN DE VERGUNNING Art.§ 3. De vergunning kan evenwel met één jaar verlengd worden op verzoek van de begunstigde ervan. Het verzoek moet ingediend worden binnen dertig dagen vóór de in artikel 87, § 1, bedoelde vervaldatum.

De verlenging wordt toegestaan door het College van burgemeester en schepenen. 6) CERTIFICERING VAN DE CONFORMITEIT VAN DE WERKEN Art.139. - § 1. De vergunningsgerechtigde dient te laten verifiëren of de staat van het goed conform is aan de vergunning, uiterlijk binnen een termijn van zes maanden volgend op de afloop van de termijn bepaald bij artikel 87, § 2, of vóór een overdracht.

Indien het een overdracht betreft die meer dan drie jaar na een verificatie plaatsvindt, dient de overdrager te laten verifiëren of zijn goed conform is aan de vergunning vóór de akte van overdracht.

Een verificatie is evenwel vereist vóór elke overdracht die plaatsvindt na een voorlopige verificatie. § 2. De verificatie wordt verricht door een erkend certificeerder die gekozen wordt door de vergunningsgerechtigde of de overdrager.

Als de gemeente het stedenbouwkundig eenvormigheidsattest of het stuk waarmee de weigering van het stedenbouwkundig attest bevestigd wordt, niet gekregen heeft aan het einde van de zes maanden volgend op de afloop van de termijn bepaald bij artikel 87, § 2, geeft het college van burgemeester en schepenen of het personeelslid dat bedoeld college daartoe machtigt van ambtswege opdracht tot het doorvoeren van de verificatie aan een erkend certificeerder.

In alle gevallen worden de verificatiekosten gedragen door de vergunningsgerechtigde of de overdrager. 7) BIJZONDERE MAATREGELEN DIE VAN TOEPASSING ZIJN OP GEGROEPEERDE BOUWWERKEN Art.126. Indien een stedenbouwkundige vergunning meerdere bouwwerken toelaat en die bouwwerken het doorvoeren van infrastructuurwerkzaamheden en gemeenschappelijke uitrustingen met inbegrip van uitrustingen voor de zuivering van afvalwater impliceren, kan de vergunning de overgangen om niet of onder bezwarende titel, van deling, van inpachtgeving of van opstal, of van de verhuur voor meer dan negen jaar die betrekking hebben op het geheel of een deel van die goeden ondergeschikt maken aan : 1° een attest dat afgelevrd wordt onder de voorwaarden bedoeld in artikel 95, eerste lid;2° een akte van verdeling die opgesteld wordt door de notaris en waarbij de stedenbouwkundige voorschriften vastgelegd worden voor het geheel, evenals de beheerswijze van de gemeenschappelijke delen. In de vergunning wordt melding gemaakt van de eventuele fases voor de verwezenlijking van de bouwwerken met vermelding van de aanvang van elke fase.

Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Waalse Regering van 17 juli 2003 tot bepaling van de vorm van de aanvragen en beslissingen betreffende de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen.

Namen, 17 juli 2003.

De Minister-President, J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE De Minister van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Leefmilieu, M. FORET

BIJLAGE 31 - FORMULIER E AANHANGIGMAKING BIJ DE GEMACHTIGD AMBTENAAR (1) (3) BESLISSING TOT - TOEKENNING - WEIGERING - VAN DE VERKAVELINGSVERGUNNING De gemachtigd ambtenaar, Gelet op het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium; Gelet op het decreet van 11 september 1985 tot organisatie van de waardering van de weerslagen op het leefmilieu in het Waalse Gewest zoals inzonderheid gewijzigd bij het decreet van 11 maart 1999 betreffende de milieuvergunning en het decreet van 15 mei 2003, evenals bij de besluiten van de Waalse Regering van 4 juli 2002 betreffende respectievelijk de organisatie van het milieuëffectenverslag en de lijst van de projecten die aan het effectenonderzoek worden onderworpen;

Overwegende dat ... een aanvraag tot een verkavelingsvergunning heeft ingediend met betrekking tot een goed gelegen te ... gekadastreerd afdeling ... en met betrekking tot de verdeling van dat goed in ... kavels met het oog op ...; (1) Overwegende dat de volledige vergunningsaanvraag -bij aangetekend schrijven tegen postontvangstbewijs met datum van ... aan het gemeentebestuur is gericht; - bij het gemeentebestuur is afgegeven tegen ontvangstbewijs met datum van ...; (1) Overwegende dat de aanvrager de gemachtigd ambtenaar uitgenodigd heeft om over zijn vergunningsaanvraag met datum van ... te beslissen; dat de aanhangigmaking ervan bij de gemachtigd ambtenaar - ontvankelijk - onontvankelijk - is om volgende reden(en) : ...; (2) (3) Overwegende dat er een niet-vervallen stedenbouwkundig attest nr.2 met betrekking tot de aanvraag is afgeleverd met datum van ...; (1) (2) (3) Overwegende dat het goed gelegen is - in een omtrek ... - in een ... gebied op het gewestplan van ..., aangenomen bij ... van ... dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) (3) Overwegende dat het goed in een ...gebied gelegen is in de omtrek van het gemeentelijk plan van aanleg ... goedgekeurd bij ... van ..., en dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) (3) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen dat van toepassing is in de beschermingsgebieden van sommige gemeenten inzake stedenbouw van toepassing is op het grondgebied waarvan het goed gelegen is krachtens ... van ...; (2) (3) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen in landbouwgebieden van toepassing is op het grondgebied waar het goed krachtens ... van ... gelegen is; (2) (3) Overwegende dat het goed in een ... gebied gelegen is in het gemeentelijk structuurplan aangenomen bij ... van ...; (1) (2) (3) Overwegende dat er een gemeentelijk stedenbouwkundig reglement goedgekeurd bij ... van ... van kracht is over het gehele gemeentelijke grondgebied waar het goed gelegen is en alle punten bedoeld in artikel 78, § 1, van voornoemd Wetboek inhoudt; dat het goed gelegen is in een ûgebied- ondergebied - ... in bedoeld reglement; (2) (3) Overwegende dat de gewestelijke of gemeentelijke stedenbouwkundige reglementen zoals volgt eveneens van toepassing zijn op het gemeentelijk grondgebied of het gedeelte ervan waar het goed gelegen is;...; (1) (2) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een - beschermd - goed dat op de beschermingslijst opgenomen is - gelegen is in een beschermingsgebied als bedoeld in artikel 209 van voornoemd Wetboek - gelegen is in een gebied dat opgenomen is op de lijst van de archeologische sites als bedoeld in artikel 233 van voornoemd Wetboek -; (2) Overwegende dat er met betrekking tot de aanvraag een niet-vervallen patrimoniumsattest is afgeleverd met datum van ...; (1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een Natura 2000-gebied als bedoeld in artikel 1bis , enig lid, 18°, van de wet van 12 juli 1973 over het natuurbehoud, gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een gebied dat aangewezen is krachtens artikel 6 van de wet van 12 juli 1973 over het natuurbehoud, laatst gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in een waterwinnings-, preventie- of bewakingsgebied in de zin van het decreet van 30 april 1990 op de bescherming en de exploitatie van tot drinkwater verwerkbaar water, laatst gewijzigd bij het decreet van 15 april 1999 betreffende de kringloop van het water en houdende oprichting van een " Société publique de Gestion de l'Eau " (Openbare Maatschappij voor Waterbeheer) en bij het decreet van 12 december 2002;(1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed - gelegen in één van de dunbevolkte gebieden die niet met riolering zijn uitgerust en waar een individueel waterzuiveringssysteem in de zin van artikel 3, 9°, van het besluit van de Waalse Regering van 19 september 1991 tot vaststelling van de regelen voor de inrichting en de uitwerking van de algemene gemeentelijke afwateringsplannen, gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001 aangelegd zal worden - dat, hoewel in een agglomeratiezone gelegen, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied waarvan de regeling toepasselijk werd gemaakt bij beslissing van ..., en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... - waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied, en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als collectief saneringsgebied, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 6 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als zelfstandig saneringsgebied, vrijgesteld kan worden van individuele zuivering krachtens artikel 9 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (1) (2) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag - de opening van nieuwe gemeentelijke verkeerswegen - de wijziging van het tracé van bestaande gemeentelijke verkeerswegen - de verbreding van bestaande gemeentelijke verkeerswegen - de opheffing van bestaande gemeentelijke verkeerswegen impliceert;dat de vergunningsaanvraag ter advies is voorgelegd - niet ter advies is voorgelegd - aan het gewestelijke - het provinciebestuur; dat de gemeenteraad na het treffen van bijzondere bekendmakingsmaatregelen erover beraadslaagd heeft; (1) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag een korte uiteenzetting van de milieueffectenrapportering - geen korte uiteenzetting van de milieueffectenrapportering bevat - een milieueffectenstudie - geen milieueffectenstudie bevat; (2) (3) Overwegende dat er een milieueffectenstudie is doorgevoerd om volgende reden(en) : ...; (1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag aan bijzondere bekendmakingsmaatregelen is onderworpen om volgende reden(en) : ...; (1) (2) Overwegende dat er ... bezwaarschrift(en) - geen bezwaarschrift(en) is - zijn ingediend; dat er een overlegvergadering - geen overlegvergadering plaatsgevonden heeft; (2) (3) (4) Overwegende dat de vergunningsaanvraag niet conform is om volgende reden(en) : ...; dat er door het college van burgemeester en schepenen een gemotiveerd afwijkingsvoorstel - geen gemotiveerd afwijkingsvoorstel is gericht aan de gemachtigd ambtenaar; dat een dergelijk voorstel vereist - niet vereist is; (1) (2) (3) Overwegende dat hierna vernoemde dienst(en) en commissie(s) geraadpleegd is - zijn om volgende reden(en) : -(dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; - (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; - (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; (4) (1) (2) Overwegende dat het advies van het Directoraat-generaal Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu ingewonnen is op ... overeenkomstig artikel 116, § 1, 2°, en overgemaakt op ..., gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; (3) (8) Overwegende dat .. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .

Beslist :

Artikel 1.De aanhangigmaking bij de gemachtigd ambtenaar is - ontvankelijk - onontvankelijk. (3) Artikel... - De door ... aangevraagde verkavelingsvergunning is - toegekend - geweigerd. (6) - De houder van de vergunning dient : (2) (6) (7) Artikel ... - De verkaveling dient in ... opeenvolgende fasen zoals hierna aangegeven doorgevoerd te worden : ...

Artikel ... - Van deze beslissing wordt een uitgifte aan de aanvrager en aan de gemachtigd ambtenaar overgemaakt, om hem eventueel zijn recht op hoger beroep te kunnen laten uitoefenen.

Te .........., op..........;

De gemachtigd ambtenaar, (1) Schrappen of uitwissen wat niet past.(2) Schrappen of uitwissen indien dat niet het geval is.(3) Schrappen of uitwissen als de aanhangigmaking bij de gemachtigd ambtenaar onontvankelijk is.(4) De voorschriften van het gewestplan, van het gemeentelijk plan van aanleg, van de verkavelingsvergunning, van het gewestelijk of gemeentelijk stedenbowkundig reglement waarvan de vergunningsaanvraag afwijkt, aangeven.(5) Eén of meer gedachtenstreepjes toevoegen indien nodig.(6) Schrappen of uitwissen indien de aanhangigmaking bij de gemachtigd ambtenaar onontvankelijk is of indien de vergunning niet is afgeleverd.(7) Voor elke andere fase dan de eerste het aanvangspunt van de vervaltermijn aangeven.(8) De overwegingen in rechte en in feite die als beslissingsgrond dienen, aangeven. UITTREKSELS UIT HET WAALSE WETBOEK VAN RUIMTELIJKE ORDENING, STEDENBOUW EN PATRIMONIUM 1) BEROEPSREGELING Art.119. § 1. De aanvrager kan bij ter post aangetekend schrijven een met redenen omkleed beroep bij de Regering instellen binnen dertig dagen na ontvangst van de beslissing van het college van burgemeester en schepenen.

Bij het beroep wordt een afschrift gevoegd van de plannen van de aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning en van de beslissing waarop het beroep slaat. De behandelings- en beslissingstermijnen beginnen pas te lopen, te rekenen vanaf de ontvangst van bedoeld afschrift. § 2. Het college van burgemeester en schepenen kan een gemotiveerd beroep indienen bij de Regering binnen de dertig dagen na ontvangst van de beslissing van de gemachtigd ambtenaar.

Art. 452/13.De in artikel 119 bedoelde beroepen zijn bij ter post aangetekend schrijven te richten aan de directeur-generaal van het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium.

De aanvrager die een beroep instelt, vermeldt in zijn brief de datum waarop hij de beslissing van het college van burgemeester en schepenen ontvangen heeft. 2) OPSCHORTING VAN DE VERGUNNING Art.119. Het beroep van de gemachtigd ambtenaar, evenals de termijn om het beroep in te dienen, zijn opschortend. Het beroep wordt gelijktijdig naar de aanvrager gestuurd en naar het college van burgemeester en schepenen. 3) AANPLAKKING VAN DE VERGUNNING Art.134. De aanvrager moet een leesbaar bericht laten aanplakken op het terrein langs de openbare weg, waarbij wordt aangekondigd dat de vergunning is verleend, hetzij vóór de aanvang van de werken en tijdens de hele duur ervan wanneer het om werken gaat, hetzij, in de andere gevallen, vanaf de voorbereidingen, vooraleer de handeling(en) is (zijn) uitgevoerd en tijdens de hele duur van de uitvoering ervan.

Gedurende die periode moeten de vergunning en het bijgevoegde dossier of een door de gemeente of de gemachtigde ambtenaar voor echt verklaard afschrift van deze documenten permanent ter beschikking liggen van de in artikel 159 bedoelde ambtenaren op de plaats waar de werken en handelingen worden uitgevoerd. 4) VERVALLEN VAN DE VERGUNNING Art.98. Wanneer de verkavelingsvergunning geen stedebouwkundige lasten met zich meebrengt, noch de aanleg van nieuwe verbindingswegen, de wijziging van het tracé van de bestaande gemeentelijke verbindingswegen, hun verbreding of afschaffing tot gevolg heeft, vervalt zij voor het overige gedeelte indien er geen akten bedoeld in artikel 89, § 1, derde lid, die betrekking hebben op minstens één derde van de percelen werden geregistreerd binnen een termijn van vijf jaar na de afgifte van de vergunning.

Het verkoop- en verhuurbewijs wordt vóór het verstrijken van voormelde termijn van vijf jaar geleverd door de uittreksels uit de door de notaris of de ontvanger der registraties eensluidend verklaarde akten aan het College te betekenen.

Art. 99.Wanneer de verkavelingsvergunning de aanleg van nieuwe verbindingswegen met zich meebrengt, alsook de wijziging van het tracé van de bestaande gemeentelijke verbindingswegen, hun verbreding of afschaffing, vervalt de vergunning wanneer de houder ervan de opgelegde werken en lasten niet heeft uitgevoerd of de vereiste financiële waarborgen niet heeft verstrekt binnen vijf jaar na de afgifte van de vergunning.

De vergunning vervalt eveneens wanneer de houder binnen diezelfde termijn de stedebouwkundige lasten niet op zich heeft genomen of de krachtens artikel 91 vereiste financiële waarborgen niet heeft verstrekt.

Art. 100.Wanneer de werken in verschillende fasen mogen worden uitgevoerd, bepaalt de vergunning voor elke fase, met uitzondering van de eerste, de begindatum van de vervaltermijn van vijf jaar.

Art. 101.De verkavelingsvergunning vervalt van rechtswege. 5) WIJZIGING VAN DE VERGUNNING Art.102. Een verkavelingsvergunning kan, op verzoek van de eigenaar van het perceel waarop ze betrekking heeft, gewijzigd worden voor zover de wijziging geen afbreuk doet aan de rechten die voortvloeien uit uitdrukkelijke overeenkomsten tussen de partijen.

De gewone heroverschrijving van de stedebouwkundige voorschriften van de verkavelingsvergunning in een authentieke akte of in een onderhandse overeenkomst mag niet worden beschouwd als een overeenkomst zoals bedoeld in het eerste lid.

Art. 103.De bepalingen die de verkavelingsvergunning regelen, gelden ook voor de wijziging ervan, onverminderd de vervulling van de onderstaande formaliteiten.

Alvorens zijn aanvraag in te dienen, stuurt de eigenaar een eensluidende afschrift ervan bij ter post aangetekend schrijven naar alle perceeleigenaars die de aanvraag niet medeondertekend hebben. De ontvangstbewijzen van de aangetekende brieven worden gevoegd bij het dossier dat bij de aanvraag gaat. Bezwaren moeten binnen dertig dagen na de dag waarop de aangetekende brieven ter post werden afgegeven, bij ter post aangetekend schrijven gericht worden aan het college van burgemeester en schepenen.

De wijziging wordt geweigerd indien de eigenaar(s) van meer dan een kwart van de in de oorspronkelijke vergunning toegestane percelen, hun bezwaarschrift binnen de in het tweede lid bedoelde termijn bij ter post aangetekend schrijven aan het College richten.

Art. 105.De wijziging van de verkavelingsvergunning heeft geen enkele weerslag op de vervaltermijn van de verkavelingsvergunning waarvan de wijziging is gevraagd.

BIJZONDERE BEPALINGEN DIE VAN TOEPASSING ZIJN OP DE VERKAVELINGEN DIE STEDENBOUWKUNDIGE LASTEN OF DE OPENING VAN VERKEERSWEGEN IMPLICEREN

Art. 95.Het is verboden een perceel dat het voorwerp uitmaakt van een verkavelingsvergunning of van een fase daarvan die stedebouwkundige lasten vergt, of waarvoor de aanleg van nieuwe verbindingswegen, de wijziging van het tracé van de bestaande gemeentelijke verbindingswegen, hun verbreding of afschaffing nodig is, vrijwillig te koop te bieden, te verkopen, in huur te geven of voor meer dan negen jaar te verhuren, in erfpacht of in opstal af te staan, voordat de houder van de vergunning hetzij de opgelegde werken en lasten heeft uitgevoerd, hetzij de financiële waarborgen heeft verstrekt die nodig zijn voor de uitvoering daarvan. De vervulling van deze formaliteiten wordt vastgesteld in een door het college van burgemeester en schepenen afgegeven attest en bij ter post aangetekende brief aan de verkavelaar betekend. Het College bezorgt een afschrift van dit attest aan de gemachtigde ambtenaar.

Behalve wanneer de overheid voor de voorzieningen zorgt, blijft de houder van de verkavelingsvergunning gedurende tien jaar, samen met de aannemer en de architect van de voorzieningen van de verkaveling, binnen de bij de artikelen 1792 en 2270 van het Burgerlijk Wetboek bepaalde perken hoofdelijk aansprakelijk ten overstaan van het Gewest, de gemeente en de kopers van de percelen.

Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Waalse Regering van 17 juli 2003 tot bepaling van de vorm van de aanvragen en beslissingen betreffende de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen.

Namen, 17 juli 2003.

De Minister-President, J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE De Minister van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Leefmilieu, M. FORET

BIJLAGE 31 - FORMULIER F AANHANGIGMAKING BIJ DE GEMACHTIGD AMBTENAAR (1) (3) BESLISSING TOT - TOEKENNING - WEIGERING - VAN DE WIJZIGING VAN DE VERKAVELINGSVERGUNNING De gemachtigd ambtenaar, Gelet op het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium; Gelet op het decreet van 11 september 1985 tot organisatie van de waardering van de weerslagen op het leefmilieu in het Waalse Gewest zoals inzonderheid gewijzigd bij het decreet van 11 maart 1999 betreffende de milieuvergunning en het decreet van 15 mei 2003, evenals bij de besluiten van de Waalse Regering van 4 juli 2002 betreffende respectievelijk de organisatie van het milieueffectenverslag en de lijst van de projecten die aan het effectenonderzoek worden onderworpen; (1) Overwegende dat ..., eigenaar van de kavel(s) ..., een aanvraag tot wijziging van de niet-vervallen verkavelingsvergunning nr. ..., vergund bij ... van ..., heeft ingediend met betrekking tot een goed gelegen te ... gekadastreerd afdeling ... en met betrekking tot de verdeling van dat goed in ... kavels met het oog op ...; (1) Overwegende dat de volledige vergunningsaanvraag -bij aangetekend schrijven tegen postontvangstbewijs met datum van ... aan het gemeentebestuur is gericht; - bij het gemeentebestuur is afgegeven tegen ontvangstbewijs met datum van ...; (1) Overwegende dat de aanvrager de gemachtigd ambtenaar uitgenodigd heeft om over zijn vergunningsaanvraag met datum van ... te beslissen; dat de aanhangigmaking ervan bij de gemachtigd ambtenaar - ontvankelijk - onontvankelijk - is om volgende reden(en) : ...; (2) (3) (4) Overwegende dat er een niet-vervallen stedenbouwkundig attest nr.2 met betrekking tot de aanvraag is afgeleverd met datum van ...; (2) (3) (4) Overwegende dat alle eigenaars van een kavel de aanvraag tegengetekend hebben;(1) (2) (3) (4) Overwegende dat alle eigenaars van een kavel die de aanvraag niet tegengetekend hebben, vóór de indiening ervan, een eensluidend afschrift ervan hebben gekregen bij ter post aangetekend schrijven;dat de eigenaar(s) van de kavel(s) ... een bezwaarschrift ingediend heeft - hebben binnen een termijn van dertig dagen na datum van afgifte bij de post van de aangetekende zendingen; dat die eigenaar(s) meer - minder dan één kwart van de in de aanvankelijke vergunning vergunde kavels bezit(ten); (1) (2) (3) (4) Overwegende dat de eigenaar(s) van de kavel(s) ... die de aanvraag niet tegengetekend heeft - hebben, geen eensluidend afschrift ervan gekregen heeft - hebben bij ter post aangetekend schrijven; (1) (3) (4) Overwegende dat uit het ingediende dossier of uit de bezwaarschriften blijkt - niet blijkt dat de toelating om de vergunning te wijzigen de rechten voortvloeiende uit de uitdrukkelijke overeenkomsten tussen de partijen schade berokkent; (1) (2) (3) (4) Overwegende dat het goed gelegen is - in een omtrek ... - in een ... gebied op het gewestplan van ..., aangenomen bij ... van ... dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) (3) (4) Overwegende dat het goed in een ...gebied gelegen is in de omtrek van het gemeentelijk plan van aanleg ... goedgekeurd bij ... van ..., en dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) (3) (4) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen dat van toepassing is in de beschermingsgebieden van sommige gemeenten inzake stedenbouw van toepassing is op het grondgebied waarvan het goed gelegen is krachtens ... van ...; (2) (3) (4) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen in landbouwgebieden van toepassing is op het grondgebied waar het goed krachtens ... van ... gelegen is; (2) (3) (4) Overwegende dat het goed in een ...gebied gelegen is in het gemeentelijk structuurplan aangenomen bij ... van ...; (1) (2) (3) (4) Overwegende dat er een gemeentelijk stedenbouwkundig reglement goedgekeurd bij ... van ... van kracht is over het gehele gemeentelijke grondgebied waar het goed gelegen is en alle punten bedoeld in artikel 78, § 1, van voornoemd Wetboek inhoudt; dat het goed gelegen is in een ûgebied- ondergebied - ... in bedoeld reglement; (2) (3) Overwegende dat de gewestelijke of gemeentelijke stedenbouwkundige reglementen zoals volgt eveneens van toepassing zijn op het gemeentelijk grondgebied of het gedeelte ervan waar het goed gelegen is;...; (1) (2) (3) (4) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een - beschermd - goed dat op de beschermingslijst opgenomen is - gelegen is in een beschermingsgebied als bedoeld in artikel 209 van voornoemd Wetboek - gelegen is in een gebied dat opgenomen is op de lijst van de archeologische sites als bedoeld in artikel 233 van voornoemd Wetboek -; (2) (3) (4) Overwegende dat er met betrekking tot de aanvraag een niet-vervallen patrimoniumsattest is afgeleverd met datum van ...; (1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een Natura 2000-gebied als bedoeld in artikel 1bis, enig lid, 18°, van de wet van 12 juli 1973 over het natuurbehoud, gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een gebied dat aangewezen is krachtens artikel 6 van de wet van 12 juli 1973 over het natuurbehoud, laatst gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in een waterwinnings-, preventie- of bewakingsgebied in de zin van het decreet van 30 april 1990 op de bescherming en de exploitatie van tot drinkwater verwerkbaar water, laatst gewijzigd bij het decreet van 15 april 1999 betreffende de kringloop van het water en houdende oprichting van een " Société publique de Gestion de l'Eau " (Openbare Maatschappij voor Waterbeheer) en bij het decreet van 12 december 2002;(1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed - gelegen in één van de dunbevolkte gebieden die niet met riolering zijn uitgerust en waar een individueel waterzuiveringssysteem in de zin van artikel 3, 9°, van het besluit van de Waalse Regering van 19 september 1991 tot vaststelling van de regelen voor de inrichting en de uitwerking van de algemene gemeentelijke afwateringsplannen, gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001 aangelegd zal worden - dat, hoewel in een agglomeratiezone gelegen, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied waarvan de regeling toepasselijk werd gemaakt bij beslissing van ..., en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... - waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied, en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als collectief saneringsgebied, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 6 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als zelfstandig saneringsgebied, vrijgesteld kan worden van individuele zuivering krachtens artikel 9 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (1) (2) (3) (4) Overwegende dat de wijzigingsaanvraag - de opening van nieuwe gemeentelijke verkeerswegen - de wijziging van het tracé van bestaande gemeentelijke verkeerswegen - de verbreding van bestaande gemeentelijke verkeerswegen - de opheffing van bestaande gemeentelijke verkeerswegen impliceert;dat de vergunningsaanvraag ter advies is voorgelegd - niet ter advies is voorgelegd - aan het gewestelijke - het provinciebestuur; dat de gemeenteraad na het treffen van bijzondere bekendmakingsmaatregelen erover beraadslaagd heeft; (1) (3) (4) Overwegende dat de wijzigingsaanvraag een korte uiteenzetting van de milieueffectenrapporteringû geen korte uiteenzetting van de milieueffectenrapportering bevat - een milieueffectenstudie - geen milieueffectenstudie bevat; (2) (3) (4) Overwegende dat er een milieueffectenstudie is doorgevoerd om volgende reden(en) : ...; (1) (2) (3) (4) Overwegende dat de wijzigingsaanvraag aan bijzondere bekendmakingsmaatregelen is onderworpen om volgende reden(en) : ...; (1) (2) (3) (4) Overwegende dat er ... bezwaarschrift(en) - geen bezwaarschrift(en) is - zijn ingediend; dat er een overlegvergadering - geen overlegvergadering plaatsgevonden heeft; (1) (2) (3) (4) (5) Overwegende dat de wijzigingsaanvraag niet conform is om volgende reden(en) : ...; dat er door het college van burgemeester en schepenen een gemotiveerd afwijkingsvoorstel - geen gemotiveerd afwijkingsvoorstel is gericht aan de gemachtigd ambtenaar; dat een dergelijk voorstel vereist - niet vereist is; (1) (2) (3) (4) Overwegende dat hierna vernoemde dienst(en) en commissie(s) geraadpleegd is - zijn om volgende reden(en) : -(dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; - (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; - (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; (4) (1) (2) Overwegende dat het advies van het Directoraat-generaal Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu ingewonnen is op ... overeenkomstig artikel 116, § 1, 2°, en overgemaakt op ..., gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; (9) Overwegende dat .. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .

Beslist :

Artikel 1.- De aanhangigmaking bij de gemachtigd ambtenaar is - ontvankelijk - onontvankelijk. (1) (3) Artikel ... De door ... aangevraagde wijziging van de verkavelingsvergunning is - toegekend - geweigerd. (7) - De houder van de vergunning dient : (2) (7) (8) Artikel ... - De verkaveling dient in ... opeenvolgende fasen zoals hierna aangegeven doorgevoerd te worden : ...

Artikel ... - Van deze beslissing wordt een uitgifte aan de aanvrager en aan de gemachtigd ambtenaar overgemaakt, om hem eventueel zijn recht op hoger beroep te kunnen laten uitoefenen.

Te ........, op........;

De gemachtigd ambtenaar, (1) Schrappen of uitwissen wat niet past.(2) Schrappen of uitwissen indien dat niet het geval is.(3) Schrappen of uitwissen indien de aanhangigmaking bij de gemachtigd ambtenaar onontvankelijk is.(4) Schrappen of uitwissen indien de eigenaar(s) die meer dan één kwart van de kavels bezitten hun onenigheid hebben geuit.(5) De voorschriften van het gewestplan, van het gemeentelijk plan van aanleg, van de verkavelingsvergunning, van het gewestelijk of gemeentelijk stedenbowkundig reglement waarvan de vergunningsaanvraag afwijkt, aangeven.(6) Eén of meer gedachtenstreepjes toevoegen indien nodig.(7) Schrappen of uitwissen indien de aanhangigmaking bij de gemachtigd ambtenaar onontvankelijk is of indien de vergunning niet is afgelevrd.(8) Voor elke andere fase dan de eerste het aanvangspunt van de vervaltermijn aangeven.(9) De overwegingen in rechte en in feite die als beslissingsgrond dienen, aangeven. UITTREKSELS UIT HET WAALSE WETBOEK VAN RUIMTELIJKE ORDENING, STEDENBOUW EN PATRIMONIUM 1) BEROEPSREGELING Art.119. § 1. De aanvrager kan bij ter post aangetekend schrijven een met redenen omkleed beroep bij de Regering instellen binnen dertig dagen na ontvangst van de beslissing van het College van burgemeester en schepenen.

Bij het beroep wordt een afschrift gevoegd van de plannen van de aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning en van de beslissing waarop het beroep slaat. De behandelings- en beslissingstermijnen beginnen pas te lopen, te rekenen vanaf de ontvangst van bedoeld afschrift. § 2. Het college van burgemeester en schepenen kan een gemotiveerd beroep indienen bij de Regering binnen de dertig dagen na ontvangst van de beslissing van de gemachtigd ambtenaar.

Art. 452/13.De in artikel 119 bedoelde beroepen zijn bij ter post aangetekend schrijven te richten aan de directeur-generaal van het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium.

De aanvrager die een beroep instelt, vermeldt in zijn brief de datum waarop hij de beslissing van het college van burgemeester en schepenen ontvangen heeft. 2) OPSCHORTING VAN DE VERGUNNING Art.119. Het beroep van de gemachtigd ambtenaar, evenals de termijn om het beroep in te dienen, zijn opschortend. Het beroep wordt gelijktijdig naar de aanvrager gestuurd en naar het college van burgemeester en schepenen. 3) AANPLAKKING VAN DE VERGUNNING Art.134. De aanvrager moet een leesbaar bericht laten aanplakken op het terrein langs de openbare weg, waarbij wordt aangekondigd dat de vergunning is verleend, hetzij vóór de aanvang van de werken en tijdens de hele duur ervan wanneer het om werken gaat, hetzij, in de andere gevallen, vanaf de voorbereidingen, vooraleer de handeling(en) is (zijn) uitgevoerd en tijdens de hele duur van de uitvoering ervan.

Gedurende die periode moeten de vergunning en het bijgevoegde dossier of een door de gemeente of de gemachtigde ambtenaar voor echt verklaard afschrift van deze documenten permanent ter beschikking liggen van de in artikel 159 bedoelde ambtenaren op de plaats waar de werken en handelingen worden uitgevoerd. 4) VERVALLEN VAN DE VERGUNNING Art.98. Wanneer de verkavelingsvergunning geen stedebouwkundige lasten met zich meebrengt, noch de aanleg van nieuwe verbindingswegen, de wijziging van het tracé van de bestaande gemeentelijke verbindingswegen, hun verbreding of afschaffing tot gevolg heeft, vervalt zij voor het overige gedeelte indien er geen akten bedoeld in artikel 89, § 1, derde lid, die betrekking hebben op minstens één derde van de percelen werden geregistreerd binnen een termijn van vijf jaar na de afgifte van de vergunning.

Het verkoop- en verhuurbewijs wordt vóór het verstrijken van voormelde termijn van vijf jaar geleverd door de uittreksels uit de door de notaris of de ontvanger der registraties eensluidend verklaarde akten aan het College te betekenen.

Art. 99.Wanneer de verkavelingsvergunning de aanleg van nieuwe verbindingswegen met zich meebrengt, alsook de wijziging van het tracé van de bestaande gemeentelijke verbindingswegen, hun verbreding of afschaffing, vervalt de vergunning wanneer de houder ervan de opgelegde werken en lasten niet heeft uitgevoerd of de vereiste financiële waarborgen niet heeft verstrekt binnen vijf jaar na de afgifte van de vergunning.

De vergunning vervalt eveneens wanneer de houder binnen diezelfde termijn de stedebouwkundige lasten niet op zich heeft genomen of de krachtens artikel 91 vereiste financiële waarborgen niet heeft verstrekt.

Art. 100.Wanneer de werken in verschillende fasen mogen worden uitgevoerd, bepaalt de vergunning voor elke fase, met uitzondering van de eerste, de begindatum van de vervaltermijn van vijf jaar.

Art. 101.De verkavelingsvergunning vervalt van rechtswege. 5) VERLENGING VAN DE VERGUNNING Art.102. Een verkavelingsvergunning kan, op verzoek van de eigenaar van het perceel waarop ze betrekking heeft, gewijzigd worden voor zover de wijziging geen afbreuk doet aan de rechten die voortvloeien uit uitdrukkelijke overeenkomsten tussen de partijen.

De gewone heroverschrijving van de stedebouwkundige voorschriften van de verkavelingsvergunning in een authentieke akte of in een onderhandse overeenkomst mag niet worden beschouwd als een overeenkomst zoals bedoeld in het eerste lid.

Art. 103.De bepalingen die de verkavelingsvergunning regelen, gelden ook voor de wijziging ervan, onverminderd de vervulling van de onderstaande formaliteiten.

Alvorens zijn aanvraag in te dienen, stuurt de eigenaar een eensluidende afschrift ervan bij ter post aangetekend schrijven naar alle perceeleigenaars die de aanvraag niet medeondertekend hebben. De ontvangstbewijzen van de aangetekende brieven worden gevoegd bij het dossier dat bij de aanvraag gaat. Bezwaren moeten binnen dertig dagen na de dag waarop de aangetekende brieven ter post werden afgegeven, bij ter post aangetekend schrijven gericht worden aan het college van burgemeester en schepenen.

De wijziging wordt geweigerd indien de eigenaar(s) van meer dan een kwart van de in de oorspronkelijke vergunning toegestane percelen, hun bezwaarschrift binnen de in het tweede lid bedoelde termijn bij ter post aangetekend schrijven aan het College richten.

Art. 105.De wijziging van de verkavelingsvergunning heeft geen enkele weerslag op de vervaltermijn van de verkavelingsvergunning waarvan de wijziging is gevraagd. 6) BIJZONDERE BEPALINGEN DIE VAN TOEPASSING ZIJN OP DE VERKAVELINGEN DIE STEDENBOUWKUNDIGE LASTEN OF DE OPENING VAN VERKEERSWEGEN IMPLICEREN Art.95. Het is verboden een perceel dat het voorwerp uitmaakt van een verkavelingsvergunning of van een fase daarvan die stedebouwkundige lasten vergt, of waarvoor de aanleg van nieuwe verbindingswegen, de wijziging van het tracé van de bestaande gemeentelijke verbindingswegen, hun verbreding of afschaffing nodig is, vrijwillig te koop te bieden, te verkopen, in huur te geven of voor meer dan negen jaar te verhuren, in erfpacht of in opstal af te staan, voordat de houder van de vergunning hetzij de opgelegde werken en lasten heeft uitgevoerd, hetzij de financiële waarborgen heeft verstrekt die nodig zijn voor de uitvoering daarvan. De vervulling van deze formaliteiten wordt vastgesteld in een door het college van burgemeester en schepenen afgegeven attest en bij ter post aangetekende brief aan de verkavelaar betekend. Het College bezorgt een afschrift van dit attest aan de gemachtigde ambtenaar.

Behalve wanneer de overheid voor de voorzieningen zorgt, blijft de houder van de verkavelingsvergunning gedurende tien jaar, samen met de aannemer en de architect van de voorzieningen van de verkaveling, binnen de bij de artikelen 1792 en 2270 van het Burgerlijk Wetboek bepaalde perken hoofdelijk aansprakelijk ten overstaan van het Gewest, de gemeente en de kopers van de percelen.

Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Waalse Regering van 17 juli 2003 tot bepaling van de vorm van de aanvragen en beslissingen betreffende de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen.

Namen, 17 juli 2003.

De Minister-President, J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE De Minister van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Leefmilieu, M. FORET

BIJLAGE 12 - FORMULIER G PUBLIEKRECHTELIJKE PERSONEN OF HANDELINGEN EN WERKEN VAN OPENBAAR NUT (1) BESLISSING TOT - TOEKENNING - WEIGERING VAN DE STEDENBOUWKUNDIGE VERGUNNING (1) De Minister - De gemachtigd ambtenaar -, Gelet op het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium; Gelet op het decreet van 11 september 1985 tot organisatie van de waardering van de weerslagen op het leefmilieu in het Waalse Gewest zoals inzonderheid gewijzigd bij het decreet van 11 maart 1999 betreffende de milieuvergunning en het decreet van 15 mei 2003, evenals bij de besluiten van de Waalse Regering van 4 juli 2002 betreffende respectievelijk de organisatie van het milieuëffectenverslag en de lijst van de projecten die aan het effectenonderzoek worden onderworpen;

Overwegende dat ... een aanvraag tot een stedenbouwkundige vergunning heeft ingediend met betrekking tot een goed gelegen te ... gekadastreerd afdeling ... en met betrekking tot ...; (1) Overwegende dat de volledige vergunningsaanvraag bij ter post aangetekend schrijven met ontvangstbericht met datum van ... gericht is aan de gemachtigd ambetnaar van de Directie ... van het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium; (2) Overwegende dat de aanvraag betrekking heeft op handelingen en werken waarvoor geen enkele machtiging is verleend aan de gemachtigd ambtenaar om volgende reden : ...; (1) (2) Overwegende dat - de aanvrager - het College van Burgemeester en Schepenen - een beroep bij de Regering heeft ingediend met datum van ...; dat het beroep overeenkomstig artikel 127, § 6, van voornoemd Wetboek- ontvankelijk - onontvankelijk - is; (2) (3) Overwegende dat er een niet-vervallen stedenbouwkundig attest nr.2 met betrekking tot de aanvraag is afgeleverd met datum van ...; (1) (2) (3) Overwegende dat het goed gelegen is - in een omtrek ... - in een ... gebied op het gewestplan van ..., aangenomen bij ... van ... dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) (3) Overwegende dat het goed in een ...gebied gelegen is in de omtrek van het gemeentelijk plan van aanleg ... goedgekeurd bij ... van ..., en dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) (3) Overwegende dat het goed gelegen is op de kavel nr.... in de omtrek van verkaveling nr. ... niet vervallen vergund bij ... van ...; (2) (3) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen dat van toepassing is in de beschermingsgebieden van sommige gemeenten inzake stedenbouw van toepassing is op het grondgebied waarvan het goed gelegen is krachtens ... van ...; (2) (3) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen in landbouwgebieden van toepassing is op het grondgebied waar het goed krachtens ... van ... gelegen is; (2) (3) Overwegende dat het goed in een ...gebied gelegen is in het gemeentelijk structuurplan aangenomen bij ... van ...; (1) (2) (3) Overwegende dat er een gemeentelijk stedenbouwkundig reglement goedgekeurd bij ... van ... van kracht is over het gehele gemeentelijke grondgebied waar het goed gelegen is en alle punten bedoeld in artikel 78, § 1, van voornoemd Wetboek inhoudt; dat het goed gelegen is in een ûgebied- ondergebied - ... in bedoeld reglement; (2) (3) Overwegende dat de gewestelijke of gemeentelijke stedenbouwkundige reglementen zoals volgt eveneens van toepassing zijn op het gemeentelijk grondgebied of het gedeelte ervan waar het goed gelegen is;...; (1) (2) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een - beschermd - goed dat op de beschermingslijst opgenomen is - gelegen is in een beschermingsgebied als bedoeld in artikel 209 van voornoemd Wetboek - gelegen is in een gebied dat opgenomen is op de lijst van de archeologische sites als bedoeld in artikel 233 van voornoemd Wetboek -; (2) (3) Overwegende dat er met betrekking tot de aanvraag een niet-vervallen patrimoniumsattest is afgeleverd met datum van ...; (1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een Natura 2000-gebied als bedoeld in artikel 1bis , enig lid, 18°, van de wet van 12 juli 1973 over het natuurbehoud, gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een gebied dat aangewezen is krachtens artikel 6 van de wet van 12 juli 1973 over het natuurbehoud, laatst gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in een waterwinnings-, preventie- of bewakingsgebied in de zin van het decreet van 30 april 1990 op de bescherming en de exploitatie van tot drinkwater verwerkbaar water, laatst gewijzigd bij het decreet van 15 april 1999 betreffende de kringloop van het water en houdende oprichting van een " Société publique de Gestion de l'Eau " (Openbare Maatschappij voor Waterbeheer) en bij het decreet van 12 december 2002;(1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed - gelegen in één van de dunbevolkte gebieden die niet met riolering zijn uitgerust en waar een individueel waterzuiveringssysteem in de zin van artikel 3, 9°, van het besluit van de Waalse Regering van 19 september 1991 tot vaststelling van de regelen voor de inrichting en de uitwerking van de algemene gemeentelijke afwateringsplannen, gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001 aangelegd zal worden - dat, hoewel in een agglomeratiezone gelegen, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied waarvan de regeling toepasselijk werd gemaakt bij beslissing van ..., en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... - waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied, en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als collectief saneringsgebied, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 6 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als zelfstandig saneringsgebied, vrijgesteld kan worden van individuele zuivering krachtens artikel 9 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (1) (2) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag - de opening van nieuwe gemeentelijke verkeerswegen - de wijziging van het tracé van bestaande gemeentelijke verkeerswegen - de verbreding van bestaande gemeentelijke verkeerswegen - de opheffing van bestaande gemeentelijke verkeerswegen impliceert;dat de vergunningsaanvraag ter advies is voorgelegd - niet ter advies is voorgelegd - aan het gewestelijke - het provinciebestuur; dat de gemeenteraad na het treffen van bijzondere bekendmakingsmaatregelen erover beraadslaagd heeft; (1) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag een korte uiteenzetting van de milieueffectenrapporteringû geen korte uiteenzetting van de milieueffectenrapportering bevat - een milieueffectenstudie - geen milieueffectenstudie bevat; (2) (3) Overwegende dat er een milieueffectenstudie is doorgevoerd om volgende reden(en) : ...; (2) (3) (4) Overwegende dat de vergunningsaanvraag aan bijzondere bekendmakingsmaatregelen is onderworpen om volgende reden(en) : ...; (1) (2) (3) Overwegende dat er ... bezwaarschrift(en) - geen bezwaarschrift(en) is - zijn ingediend; dat er een overlegvergadering - geen overlegvergadering plaatsgevonden heeft; (1) (2) (3) Overwegende dat hierna vernoemde dienst(en) en commissie(s) geraadpleegd is - zijn om volgende reden(en) : -(dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; - (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; - (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; (4) (1) (3) Overwegende dat het advies van het College van Burgemeester en Schepenen op datum van ... ingewonnen is; dat diens advies - gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn; (1) (2) (3) Overwegende dat het advies van de gemachtigd ambtenaar overgemaakt - niet overgemaakt is aan de Regering op datum van...; dat diens advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is; dat diens advies als volgt luidt en als volgt gemotiveerd is : ...; (1) (2) (3) Overwegende dat de beslissing van de gemachtigd ambtenaar overgemaakt is - niet overgemaakt is aan de aanvrager en aan het College van Burgemeester en Schepenen op datum van ...; dat diens beslissing - gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is- geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn-; dat diens beslissing als volgt luidt en als volgt gemotiveerd is : ...; (1) (2) Overwegende dat het advies van het Directoraat-generaal Natuurlijke Hupbronnen en Leefmilieu op datum van ... ingewonnen is overeenkomstig artikel 127, § 2, en overgemaakt is op datum van ... en gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstigs is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn-; (3) (9) Overwegende dat .. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .

Besluit :

Artikel 1.- De door ... aangevraagde stedenbouwkundige vergunning is - toegekend - geweigerd. (6) - De houder van de vergunning moet : (2) (6) (7) Artikel ... - De vergunde werken of handelingen worden in ... opeenvolgende fasen zoals hierna aangegeven doorgevoerd : ... (6) (8) Artikel ... - De vergunde werken of handelingen mogen niet na ... behouden blijven.

Artikel ... - Van deze beslissing wordt een uitgifte overgemaakt aan het college van burgemeester en schepenen van ... (6) Artikel ... - De houder van de vergunning licht het college van burgemeester en schepenen en de gemachtigd ambtenaar bij aangetekend schrijven in over de aanvang van de werkzaamheden of de handelingen die vergund zijn, minstens acht dagen voor aanvang ervan. (6) Artikel ... - Deze vergunning stelt niet vrij van de verplichting de door andere wetten of regelgevingen, inzonderheid ..., opgelegde toelatingen of vergunningen aan te vragen. (10) Artikel ... - De persoon aan wie de handeling bestemd is, heeft de mogelijk om een beroep in te dienen bij de Raad van State door middel van een verzoekschrift ondertekend door hemzelf en een op de tabel van de orde ingeschreven advocaat, op de lijst van de stagiairs evenals, volgens de bepalingen van het Burgerlijk Wetboek, door één van de onderdanen van een Staat die lid is van de Europese Unie en die gemachtigd is om het beroep van advocaat uit te oefenen, binnen een termijn van zestig dagen te rekenen vanaf de kennisgeving van deze beslissing.

Het verzoekschrift moet bij ter post aangetekend schrijven aan de Raad van State opgestuurd worden.

Het verzoekschrift wordt gedateerd en bevast overeenkomstig artikel 1 van de procesverordening : 1° naam, hoedanigheid en verblijfplaats of zetel van de verzoeker;2° het voorwerp van de aanvraag of van het beroep en een uiteenzetting van de feiten en middelen;3° naam, verblijfplaats of zetel van de verweerder. Bovendien dienen volgens artikel 85 van de procesverordening drie door de ondertekenaar eensluidend verklaarde afschriften bij het verzoekschrift te worden gevoegd, met daarnaast evenveel afschriften als er verweerders bij de zaak zijn.

Een afschrift van de omstreden beslissing dient bij het verzoekschrift te worden gevoegd overeenkomstig artikel 3 van de procesverordening.

Te ......., op ........;

De Minister - de gemachtigd ambtenaar-, (1) Schrappen of uitwissen wat niet past.(2) Schrappen of uitwissen indien dat niet het geval is.(3) Schrappen of uitwissen als het beroep bij de Regering onontvankelijk is.(4) De voorschriften van het gewestplan, van het gemeentelijk plan van aanleg, van de verkavelingsvergunning, van het gewestelijk of gemeentelijk stedenbowkundig reglement waarvan de vergunningsaanvraag afwijkt, aangeven.(5) Eén of meer gedachtenstreepjes toevoegen indien nodig.(6) Schrappen of uitwissen indien de vergunning niet is afgeleverd.(7) Voor elke andere fase dan de eerste het aanvangspunt van de vervaltermijn aangeven.(8) Enkel te gebruiken in de gevallen bedoeld in artikel 88 van voornoemd Wetboek.(9) De overwegingen in rechte en in feite die als beslissingsgrond dienen, aangeven.(10) Dient enkel te worden vermeld indien de beslissing door de Regering getroffen wordt. UITTREKSELS UIT HET WAALSE WETBOEK VAN RUIMTELIJKE ORDENING, STEDENBOUW EN PATRIMONIUM 1) BEROEPSREGELING Art.127. § 6. De aanvrager en het college van burgemeester en schepenen kunnen een beroep indienen bij de Waalse Regering binnen de dertig dagen na de ontvangst van de beslissing van de gemachtigd ambtenaar of na het aflopen van de termijn bedoeld in artikel 127, paragraaf 4, tweede lid. 2) AANPLAKKING VAN DE VERGUNNING Art.134. De aanvrager moet een leesbaar bericht laten aanplakken op het terrein langs de openbare weg, waarbij wordt aangekondigd dat de vergunning is verleend, hetzij vóór de aanvang van de werken en tijdens de hele duur ervan wanneer het om werken gaat, hetzij, in de andere gevallen, vanaf de voorbereidingen, vooraleer de handeling(en) is (zijn) uitgevoerd en tijdens de hele duur van de uitvoering ervan.

Gedurende die periode moeten de vergunning en het bijgevoegde dossier of een door de gemeente of de gemachtigde ambtenaar voor echt verklaard afschrift van deze documenten permanent ter beschikking liggen van de in artikel 159 bedoelde ambtenaren op de plaats waar de werken en handelingen worden uitgevoerd. 3) VERVALLEN VAN DE VERGUNNING Art.134. § 1. De vergunning vervalt indien de begunstigde binnen twee jaar na de verzending ervan niet op een significante wijze met de werken is gestart. § 2. De vergunning vervalt voor de overige werken indien deze niet volledig werden uitgevoerd binnen vijf jaar na de verzending ervan, behalve wanneer ze in fasen uitgevoerd mogen worden. In dat geval bepaalt de vergunning de vervaldatum voor elke fase, met uitzondering van de eerste.

De vergunning vervalt van rechtswege. 4) VERLENGING VAN DE VERGUNNING Art.87. § 3. De vergunning kan evenwel met één jaar verlengd worden op verzoek van de begunstigde ervan. Het verzoek moet ingediend worden binnen dertig dagen vóór de in artikel 87, § 1 bedoelde vervaldatum.

De verlenging wordt toegestaan door het college van burgemeester en schepenen. 4) CERTIFICERING VAN DE CONFORMITEIT VAN DE WERKEN Art.87. - § 1. De vergunningsgerechtigde dient te laten verifiëren of de staat van het goed conform is aan de vergunning, uiterlijk binnen een termijn van zes maanden volgend op de afloop van de termijn bepaald bij artikel 87, § 2, of vóór een overdracht.

Indien het een overdracht betreft die meer dan drie jaar na een verificatie plaatsvindt, dient de overdrager te laten verifiëren of zijn goed conform is aan de vergunning vóór de akte van overdracht.

Een verificatie is evenwel vereist vóór elke overdracht die plaatsvindt na een voorlopige verificatie. § 2. De verificatie wordt verricht door een erkend certificeerder die gekozen wordt door de vergunningsgerechtigde of de overdrager.

Als de gemeente het stedenbouwkundig eenvormigheidsattest of het stuk waarmee de weigering van het stedenbouwkundig attest bevestigd wordt, niet gekregen heeft aan het einde van de zes maanden volgend op de afloop van de termijn bepaald bij artikel 87, § 2, geeft het college van burgemeester en schepenen of het personeelslid dat bedoeld college daartoe machtigt van ambtswege opdracht tot het doorvoeren van de verificatie aan een erkend certificeerder.

In alle gevallen worden de verificatiekosten gedragen door de vergunningsgerechtigde of de overdrager. 6) BIJZONDERE MAATREGELEN DIE VAN TOEPASSING ZIJN OP GEGROEPEERDE BOUWWERKEN Art.126. Indien een stedenbouwkundige vergunning meerdere bouwwerken toelaat en die bouwwerken het doorvoeren van infrastructuurwerkzaamheden en gemeenschappelijke uitrustingen met inbegrip van uitrustingen voor de zuivering van afvalwater impliceren, kan de vergunning de overgangen om niet of onder bezwarende titel, van deling, van inpachtgeving of van opstal, of van de verhuur voor meer dan negen jaar die betrekking hebben op het geheel of een deel van die goeden ondergeschikt maken aan : 1° een attest dat afgelevrd wordt onder de voorwaarden bedoeld in artikel 95, eerste lid;2° een akte van verdeling die opgesteld wordt door de notaris en waarbij de stedenbouwkundige voorschriften vastgelegd worden voor het geheel, evenals de beheerswijze van de gemeenschappelijke delen. In de vergunning wordt melding gemaakt van de eventuele fases voor de verwezenlijking van de bouwwerken met vermelding van de aanvang van elke fase.

Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Waalse Regering van 17 juli 2003 tot bepaling van de vorm van de aanvragen en beslissingen betreffende de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen.

Namen, 17 juli 2003.

De Minister-President, J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE De Minister van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Leefmilieu, M. FORET

BIJLAGE 13 - FORMULIER H PUBLIEKRECHTELIJKE PERSONEN OF HANDELINGEN EN WERKEN VAN OPENBAAR NUT (1) BESLISSING TOT - TOEKENNING - WEIGERING VAN DE VERKAVELINGSVERGUNNING (1) De Minister - De gemachtigd ambtenaar -, Gelet op het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium; Gelet op het decreet van 11 september 1985 tot organisatie van de waardering van de weerslagen op het leefmilieu in het Waalse Gewest zoals inzonderheid gewijzigd bij het decreet van 11 maart 1999 betreffende de milieuvergunning en het decreet van 15 mei 2003, evenals bij de besluiten van de Waalse Regering van 4 juli 2002 betreffende respectievelijk de organisatie van het milieueffectenverslag en de lijst van de projecten die aan het effectenonderzoek worden onderworpen;

Overwegende dat ... een aanvraag tot een stedenbouwkundige vergunning heeft ingediend met betrekking tot een goed gelegen te ... gekadastreerd afdeling ... en met betrekking tot ...; (1) Overwegende dat de volledige vergunningsaanvraag bij ter post aangetekend schrijven met ontvangstbericht met datum van ... gericht is aan de gemachtigd ambtenaar van de Directie ... van het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium; (2) Overwegende dat de aanvraag betrekking heeft op handelingen en werken waarvoor geen enkele machtiging is verleend aan de gemachtigd ambtenaar om volgende reden : ...; (1) (2) Overwegende dat - de aanvrager - het college van burgemeester en schepenen - een beroep bij de Regering heeft ingediend met datum van ...; dat het beroep overeenkomstig artikel 127, § 6, van voornoemd Wetboek - ontvankelijk - onontvankelijk - is; (2) (3) Overwegende dat er een niet-vervallen stedenbouwkundig attest nr.2 met betrekking tot de aanvraag is afgeleverd met datum van ...; (1) (2) (3) Overwegende dat het goed gelegen is - in een omtrek ... - in een ... gebied op het gewestplan van ..., aangenomen bij ... van ... dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) (3) Overwegende dat het goed in een ...gebied gelegen is in de omtrek van het gemeentelijk plan van aanleg ... goedgekeurd bij ... van ..., en dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) (3) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen dat van toepassing is in de beschermingsgebieden van sommige gemeenten inzake stedenbouw van toepassing is op het grondgebied waarvan het goed gelegen is krachtens ... van ...; (2) (3) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen in landbouwgebieden van toepassing is op het grondgebied waar het goed krachtens ... van ... gelegen is; (2) (3) Overwegende dat het goed in een ...gebied gelegen is in het gemeentelijk structuurplan aangenomen bij ... van ...; (1) (2) (3) Overwegende dat er een gemeentelijk stedenbouwkundig reglement goedgekeurd bij ... van ... van kracht is over het gehele gemeentelijke grondgebied waar het goed gelegen is en alle punten bedoeld in artikel 78, § 1, van voornoemd Wetboek inhoudt; dat het goed gelegen is in een - gebied - ondergebied - ... in bedoeld reglement; (2) (3) Overwegende dat de gewestelijke of gemeentelijke stedenbouwkundige reglementen zoals volgt eveneens van toepassing zijn op het gemeentelijk grondgebied of het gedeelte ervan waar het goed gelegen is;...; (1) (2) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een - beschermd - goed dat op de beschermingslijst opgenomen is - gelegen is in een beschermingsgebied als bedoeld in artikel 209 van voornoemd Wetboek - gelegen is in een gebied dat opgenomen is op de lijst van de archeologische sites als bedoeld in artikel 233 van voornoemd Wetboek -; (2) (3) Overwegende dat er met betrekking tot de aanvraag een niet-vervallen patrimoniumsattest is afgeleverd met datum van ...; (1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een Natura 2000-gebied als bedoeld in artikel 1bis , enig lid, 18°, van de wet van 12 juli 1973 over het natuurbehoud, gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een gebied dat aangewezen is krachtens artikel 6 van de wet van 12 juli 1973 over het natuurbehoud, laatst gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in een waterwinnings-, preventie- of bewakingsgebied in de zin van het decreet van 30 april 1990 op de bescherming en de exploitatie van tot drinkwater verwerkbaar water, laatst gewijzigd bij het decreet van 15 april 1999 betreffende de kringloop van het water en houdende oprichting van een " Société publique de Gestion de l'Eau " (Openbare Maatschappij voor Waterbeheer) en bij het decreet van 12 december 2002;(1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed - gelegen in één van de dunbevolkte gebieden die niet met riolering zijn uitgerust en waar een individueel waterzuiveringssysteem in de zin van artikel 3, 9°, van het besluit van de Waalse Regering van 19 september 1991 tot vaststelling van de regelen voor de inrichting en de uitwerking van de algemene gemeentelijke afwateringsplannen, gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001 aangelegd zal worden - dat, hoewel in een agglomeratiezone gelegen, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied waarvan de regeling toepasselijk werd gemaakt bij beslissing van ..., en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... - waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied, en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als collectief saneringsgebied, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 6 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als zelfstandig saneringsgebied, vrijgesteld kan worden van individuele zuivering krachtens artikel 9 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (1) (2) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag - de opening van nieuwe gemeentelijke verkeerswegen - de wijziging van het tracé van bestaande gemeentelijke verkeerswegen - de verbreding van bestaande gemeentelijke verkeerswegen - de opheffing van bestaande gemeentelijke verkeerswegen impliceert;dat de vergunningsaanvraag ter advies is voorgelegd - niet ter advies is voorgelegd - aan het gewestelijke - het provinciebestuur; dat de gemeenteraad na het treffen van bijzondere bekendmakingsmaatregelen erover beraadslaagd heeft; (1) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag een korte uiteenzetting van de milieueffectenrapportering - geen korte uiteenzetting van de milieueffectenrapportering bevat - een milieueffectenstudie - geen milieueffectenstudie bevat; (2) (3) Overwegende dat er een milieueffectenstudie is doorgevoerd om volgende reden(en) : ...; (2) (3) (4) Overwegende dat de vergunningsaanvraag aan bijzondere bekendmakingsmaatregelen is onderworpen om volgende reden(en) : ...; (1) (2) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag aan bijzondere bekendmakingsmaatregelen is onderworpen om volgende reden(en) : ...; (1) (2) (3) Overwegende dat er ... bezwaarschrift(en) - geen bezwaarschrift(en) is - zijn ingediend; dat er een overlegvergadering - geen overlegvergadering plaatsgevonden heeft; (1) (2) (3) Overwegende dat hierna vernoemde dienst(en) en commissie(s) geraadpleegd is - zijn om volgende reden(en) : -(dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; - (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; - (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; (4) (1) (2) Overwegende dat het advies van het het Directoraat-generaal Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu op datum van ... ingewonnen is overeenkomstig artikel 127, § 2, en overgemaakt is op datum van ...; dat diens advies - gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn; (1) (3) Overwegende dat het advies van het college van burgemeester en schepenen van ... op datum van ... ingewonnen is en overgemaakt is op datum van...; dat diens advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is; dat diens advies als volgt luidt en als volgt gemotiveerd is : ...; (1) (2) (3) Overwegende dat het advies van de gemachtigd ambtenaar overgemaakt - niet overgemaakt is aan de Regering op datum van ...; dat diens advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn-; dat diens advies als volgt luidt en als volgt gemotiveerd is : ...; (1) (2) (3) Overwegende dat de beslissing van de gemachtigd ambtenaar overgemaakt - niet overgemaakt is op datum van ... aan de aanvrager en aan het college van burgemeester en schepenen; dat diens beslissing - gunstig - ondervoorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis ongunstig te zijn; dat diens beslissing als volgt luidt en als volgt gemotiveerd is : ...; (3) (8) Overwegende dat .. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .

Besluit :

Artikel 1.- De door ... aangevraagde verkavelingsvergunning is - toegekend - geweigerd. (6) - De houder van de vergunning moet : (2) (6) (7) Artikel ... - De verkaveling wordt in ... opeenvolgende fasen zoals hierna aangegeven doorgevoerd : ...

Artikel ... - Van deze beslissing wordt een uitgifte overgemaakt aan het college van burgemeester en schepenen van ... (9) Artikel ... - De persoon aan wie de handeling bestemd is, heeft de mogelijk om een beroep in te dienen bij de Raad van State door middel van een verzoekschrift ondertekend door hemzelf en een op de tabel van de orde ingeschreven advocaat, op de lijst van de stagiairs evenals, volgens de bepalingen van het Burgerlijk Wetboek, door één van de onderdanen van een Staat die lid is van de Europese Unie en die gemachtigd is om het beroep van advocaat uit te oefenen, binnen een termijn van zestig dagen te rekenen vanaf de kennisgeving van deze beslissing.

Het verzoekschrift moet bij ter post aangetekend schrijven aan de Raad van State opgestuurd worden.

Het verzoekschrift wordt gedateerd en bevast overeenkomstig artikel 1 van de procesverordening : 1° naam, hoedanigheid en verblijfplaats of zetel van de verzoeker;2° het voorwerp van de aanvraag of van het beroep en een uiteenzetting van de feiten en middelen;3° naam, verblijfplaats of zetel van de verweerder. Bovendien dienen volgens artikel 85 van de procesverordening drie door de ondertekenaar eensluidend verklaarde afschriften bij het verzoekschrift te worden gevoegd, met daarnaast evenveel afschriften als er verweerders bij de zaak zijn.

Een afschrift van de omstreden beslissing dient bij het verzoekschrift te worden gevoegd overeenkosmtig artikel 3 van de procesverordening.

Te ........, op .........; (1) De Minister - de gemachtigd ambtenaar-, (1) Schrappen of uitwissen wat niet past.(2) Schrappen of uitwissen indien dat niet het geval is.(3) Schrappen of uitwissen als het beroep bij de Regering onontvankelijk is.(4) De voorschriften van het gewestplan, van het gemeentelijk plan van aanleg, van de verkavelingsvergunning, van het gewestelijk of gemeentelijk stedenbowkundig reglement waarvan de vergunningsaanvraag afwijkt, aangeven.(5) Eén of meer gedachtenstreepjes toevoegen indien nodig.(6) Schrappen of uitwissen indien de vergunning niet is afgeleverd.(7) Voor elke andere fase dan de eerste het aanvangspunt van de vervaltermijn van vijf jaar aangeven.(8) De overwegingen in rechte en in feite die als beslissingsgrond dienen, aangeven.(9) Dient enkel te worden vermeld indien de beslissing door de Regering getroffen wordt. UITTREKSELS UIT HET WAALSE WETBOEK VAN RUIMTELIJKE ORDENING, STEDENBOUW EN PATRIMONIUM 1) BEROEPSREGELING Art.127. § 6. De aanvrager en het college van burgemeester en schepenen kunnen een beroep indienen bij de Waalse Regering binnen de dertig dagen na de ontvangst van de beslissing van de gemachtigd ambtenaar of na het aflopen van de termijn bedoeld in paragraaf 4, tweede lid. 2) AANPLAKKING VAN DE VERGUNNING Art.134. De aanvrager moet een leesbaar bericht laten aanplakken op het terrein langs de openbare weg, waarbij wordt aangekondigd dat de vergunning is verleend, hetzij vóór de aanvang van de werken en tijdens de hele duur ervan wanneer het om werken gaat, hetzij, in de andere gevallen, vanaf de voorbereidingen, vooraleer de handeling(en) is (zijn) uitgevoerd en tijdens de hele duur van de uitvoering ervan.

Gedurende die periode moeten de vergunning en het bijgevoegde dossier of een door de gemeente of de gemachtigde ambtenaar voor echt verklaard afschrift van deze documenten permanent ter beschikking liggen van de in artikel 159 bedoelde ambtenaren op de plaats waar de werken en handelingen worden uitgevoerd. 3) VERVALLEN VAN DE VERGUNNING Art.98. Wanneer de verkavelingsvergunning geen stedebouwkundige lasten met zich meebrengt, noch de aanleg van nieuwe verbindingswegen, de wijziging van het tracé van de bestaande gemeentelijke verbindingswegen, hun verbreding of afschaffing tot gevolg heeft, vervalt zij voor het overige gedeelte indien er geen akten bedoeld in artikel 89, § 1, derde lid, die betrekking hebben op minstens één derde van de percelen werden geregistreerd binnen een termijn van vijf jaar na de afgifte van de vergunning.

Het verkoop- en verhuurbewijs wordt vóór het verstrijken van voormelde termijn van vijf jaar geleverd door de uittreksels uit de door de notaris of de ontvanger der registraties eensluidend verklaarde akten aan het College te betekenen.

Art. 99.Wanneer de verkavelingsvergunning de aanleg van nieuwe verbindingswegen met zich meebrengt, alsook de wijziging van het tracé van de bestaande gemeentelijke verbindingswegen, hun verbreding of afschaffing, vervalt de vergunning wanneer de houder ervan de opgelegde werken en lasten niet heeft uitgevoerd of de vereiste financiële waarborgen niet heeft verstrekt binnen vijf jaar na de afgifte van de vergunning.

De vergunning vervalt eveneens wanneer de houder binnen diezelfde termijn de stedebouwkundige lasten niet op zich heeft genomen of de krachtens artikel 91 vereiste financiële waarborgen niet heeft verstrekt.

Art. 100.Wanneer de werken in verschillende fasen mogen worden uitgevoerd, bepaalt de vergunning voor elke fase, met uitzondering van de eerste, de begindatum van de vervaltermijn van vijf jaar.

Art. 101.De verkavelingsvergunning vervalt van rechtswege. 4) WIJZIGING VAN DE VERGUNNING Art.102. Een verkavelingsvergunning kan, op verzoek van de eigenaar van het perceel waarop ze betrekking heeft, gewijzigd worden voor zover de wijziging geen afbreuk doet aan de rechten die voortvloeien uit uitdrukkelijke overeenkomsten tussen de partijen.

De gewone heroverschrijving van de stedebouwkundige voorschriften van de verkavelingsvergunning in een authentieke akte of in een onderhandse overeenkomst mag niet worden beschouwd als een overeenkomst zoals bedoeld in het eerste lid.

Art. 103.De bepalingen die de verkavelingsvergunning regelen, gelden ook voor de wijziging ervan, onverminderd de vervulling van de onderstaande formaliteiten.

Alvorens zijn aanvraag in te dienen, stuurt de eigenaar een eensluidende afschrift ervan bij ter post aangetekend schrijven naar alle perceeleigenaars die de aanvraag niet medeondertekend hebben. De ontvangstbewijzen van de aangetekende brieven worden gevoegd bij het dossier dat bij de aanvraag gaat. Bezwaren moeten binnen dertig dagen na de dag waarop de aangetekende brieven ter post werden afgegeven, bij ter post aangetekend schrijven gericht worden aan het college van burgemeester en schepenen.

De wijziging wordt geweigerd indien de eigenaar(s) van meer dan een kwart van de in de oorspronkelijke vergunning toegestane percelen, hun bezwaarschrift binnen de in het tweede lid bedoelde termijn bij ter post aangetekend schrijven aan het College richten.

Art. 105.De wijziging van de verkavelingsvergunning heeft geen enkele weerslag op de vervaltermijn van de verkavelingsvergunning waarvan de wijziging is gevraagd. 5) BIJZONDERE BEPALINGEN DIE VAN TOEPASSING ZIJN OP DE VERKAVELINGEN DIE STEDENBOUWKUNDIGE LASTEN OF DE OPENING VAN VERKEERSWEGEN IMPLICEREN Art.95. Het is verboden een perceel dat het voorwerp uitmaakt van een verkavelingsvergunning of van een fase daarvan die stedebouwkundige lasten vergt, of waarvoor de aanleg van nieuwe verbindingswegen, de wijziging van het tracé van de bestaande gemeentelijke verbindingswegen, hun verbreding of afschaffing nodig is, vrijwillig te koop te bieden, te verkopen, in huur te geven of voor meer dan negen jaar te verhuren, in erfpacht of in opstal af te staan, voordat de houder van de vergunning hetzij de opgelegde werken en lasten heeft uitgevoerd, hetzij de financiële waarborgen heeft verstrekt die nodig zijn voor de uitvoering daarvan. De vervulling van deze formaliteiten wordt vastgesteld in een door het college van burgemeester en schepenen afgegeven attest en bij ter post aangetekende brief aan de verkavelaar betekend. Het College bezorgt een afschrift van dit attest aan de gemachtigde ambtenaar.

Behalve wanneer de overheid voor de voorzieningen zorgt, blijft de houder van de verkavelingsvergunning gedurende tien jaar, samen met de aannemer en de architect van de voorzieningen van de verkaveling, binnen de bij de artikelen 1792 en 2270 van het Burgerlijk Wetboek bepaalde perken hoofdelijk aansprakelijk ten overstaan van het Gewest, de gemeente en de kopers van de percelen.

Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Waalse Regering van 17 juli 2003 tot bepaling van de vorm van de aanvragen en beslissingen betreffende de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen.

Namen, 17 juli 2003.

De Minister-President, J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE De Minister van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Leefmilieu, M. FORET

BIJLAGE 14 - FORMULIER I PUBLIEKRECHTELIJKE PERSONEN (1) BESLISSING TOT - TOEKENNING - WEIGERING VAN DE WIJZIGING VAN DE VERKAVELINGSVERGUNNING (1) De Minister - De gemachtigd ambtenaar -, Gelet op het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium; Gelet op het decreet van 11 september 1985 tot organisatie van de waardering van de weerslagen op het leefmilieu in het Waalse Gewest zoals inzonderheid gewijzigd bij het decreet van 11 maart 1999 betreffende de milieuvergunning en het decreet van 15 mei 2003, evenals bij de besluiten van de Waalse Regering van 4 juli 2002 betreffende respectievelijk de organisatie van het milieuëffectenverslag en de lijst van de projecten die aan het effectenonderzoek worden onderworpen;

Overwegende dat ..., eigenaar van de kavel(s), een aanvraag tot een stedenbouwkundige vergunning heeft ingediend met betrekking tot een goed gelegen te ... gekadastreerd afdeling ... en met betrekking tot ...; (1) Overwegende dat de volledige vergunningsaanvraag gericht bij ter post aangetekend schrijven met datum van ... is aan de gemachtigd ambtenaar van de Directie ... van het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium; (2) Overwegende dat de aanvraag betrekking heeft op handelingen en werken waarvoor geen enkele machtiging is verleend aan de gemachtigd ambtenaar om volgende reden : ...; (1) (2) Overwegende dat - de aanvrager - het college van burgemeester en schepenen - een beroep bij de Regering heeft ingediend met datum van ...; dat het beroep overeenkomstig artikel 127, § 6, - ontvankelijk - onontvankelijk - is; (2) (3) Overwegende dat er een niet-vervallen stedenbouwkundig attest nr.2 met betrekking tot de aanvraag is afgeleverd met datum van ...; (2) (3) Overwegende dat alle eigenaars van een kavel de aanvraag tegengetekend hebben;(1) (2) (3) Overwegende dat alle eigenaars van een kavel die de aanvraag niet tegengetekend hebben, vóór de indiening ervan, een eensluidend afschrift ervan hebben gekregen bij ter post aangetekend schrijven;dat de eigenaar(s) van de kavel(s) ... een bezwaarschrift ingediend heeft - hebben binnen een termijn van dertig dagen na datum van afgifte bij de post van de aangetekende zendingen; dat die eigenaar(s) meer - minder dan één kwart van de in de aanvankelijke vergunning vergunde kavels bezit(ten); (1) (2) (3) Overwegende dat de eigenaar(s) van de kavel(s) ... die de aanvraag niet tegengetekend heeft - hebben, geen eensluidend afschrift ervan gekregen heeft - hebben bij ter post aangetekend schrijven; (1) (3) Overwegende dat uit het ingediende dossier of uit de bezwaarschriften blijkt - niet blijkt dat de toelating om de vergunning te wijzigen de rechten voortvloeiende uit de uitdrukkelijke overeenkomsten tussen de partijen schade berokkent; (1) (2) (3) Overwegende dat het goed gelegen is - in een omtrek ... - in een ... gebied op het gewestplan van ..., aangenomen bij ... van ... dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) (3) Overwegende dat het goed in een ...gebied gelegen is in de omtrek van het gemeentelijk plan van aanleg ... goedgekeurd bij ... van ..., en dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) (3) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen dat van toepassing is in de beschermingsgebieden van sommige gemeenten inzake stedenbouw van toepassing is op het grondgebied waarvan het goed gelegen is krachtens ... van ...; (2) (3) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen in landbouwgebieden van toepassing is op het grondgebied waar het goed krachtens ... van ... gelegen is; (2) (3) Overwegende dat het goed in een ...gebied gelegen is in het gemeentelijk structuurplan aangenomen bij ... van ...; (1) (2) (3) Overwegende dat er een gemeentelijk stedenbouwkundig reglement goedgekeurd bij ... van ... van kracht is over het gehele gemeentelijke grondgebied waar het goed gelegen is en alle punten bedoeld in artikel 78, § 1, van voornoemd Wetboek inhoudt; dat het goed gelegen is in een ûgebied- ondergebied - ... in bedoeld reglement; (2) (3) Overwegende dat de gewestelijke of gemeentelijke stedenbouwkundige reglementen zoals volgt eveneens van toepassing zijn op het gemeentelijk grondgebied of het gedeelte ervan waar het goed gelegen is;...; (1) (2) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een - beschermd - goed dat op de beschermingslijst opgenomen is - gelegen is in een beschermingsgebied als bedoeld in artikel 209 van voornoemd Wetboek - gelegen is in een gebied dat opgenomen is op de lijst van de archeologische sites als bedoeld in artikel 233 van voornoemd Wetboek -; (2) (3) Overwegende dat er met betrekking tot de aanvraag een niet-vervallen patrimoniumsattest is afgeleverd met datum van ...; (1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een Natura 2000-gebied als bedoeld in artikel 1bis , enig lid, 18°, van de wet van 12 juli 1973 over het natuurbehoud, gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een gebied dat aangewezen is krachtens artikel 6 van de wet van 12 juli 1973 over het natuurbehoud, laatst gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in een waterwinnings-, preventie- of bewakingsgebied in de zin van het decreet van 30 april 1990 op de bescherming en de exploitatie van tot drinkwater verwerkbaar water, laatst gewijzigd bij het decreet van 15 april 1999 betreffende de kringloop van het water en houdende oprichting van een " Société publique de Gestion de l'Eau " (Openbare Maatschappij voor Waterbeheer) en bij het decreet van 12 december 2002;(1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed - gelegen in één van de dunbevolkte gebieden die niet met riolering zijn uitgerust en waar een individueel waterzuiveringssysteem in de zin van artikel 3, 9°, van het besluit van de Waalse Regering van 19 september 1991 tot vaststelling van de regelen voor de inrichting en de uitwerking van de algemene gemeentelijke afwateringsplannen, gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001 aangelegd zal worden - dat, hoewel in een agglomeratiezone gelegen, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied waarvan de regeling toepasselijk werd gemaakt bij beslissing van ..., en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... - waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied, en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als collectief saneringsgebied, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 6 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als zelfstandig saneringsgebied, vrijgesteld kan worden van individuele zuivering krachtens artikel 9 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (1) (2) (3) Overwegende dat de wijzigingssaanvraag - de opening van nieuwe gemeentelijke verkeerswegen - de wijziging van het tracé van bestaande gemeentelijke verkeerswegen - de verbreding van bestaande gemeentelijke verkeerswegen - de opheffing van bestaande gemeentelijke verkeerswegen impliceert;dat de vergunningsaanvraag ter advies is voorgelegd - niet ter advies is voorgelegd - aan het gewestelijke - het provinciebestuur; dat de gemeenteraad na het treffen van bijzondere bekendmakingsmaatregelen erover beraadslaagd heeft; (1) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag een korte uiteenzetting van de milieueffectenrapportering - geen korte uiteenzetting van de milieueffectenrapportering bevat - een milieueffectenstudie - geen milieueffectenstudie bevat; (2) (3) Overwegende dat er een milieueffectenstudie is doorgevoerd om volgende reden(en) : ...; (2) (3) (4) Overwegende dat de wijzigingsaanvraag niet conform is aan... om volgende reden(en) : (1) (2) (3) Overwegende dat de wijzigingsaanvraag aan bijzondere bekendmakingsmaatregelen is onderworpen om volgende reden(en) : ...; (1) (2) (3) Overwegende dat er ... bezwaarschrift(en) - geen bezwaarschrift(en) is - zijn ingediend; dat er een overlegvergadering - geen overlegvergadering plaatsgevonden heeft; (1) (2) (3) Overwegende dat hierna vernoemde dienst(en) en commissie(s) geraadpleegd is - zijn om volgende reden(en) : -(dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; - (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; - (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; (4) (1) (2) Overwegende dat het advies van het het Directoraat-generaal Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu op datum van ... ingewonnen is overeenkomstig artikel 127, § 2, en overgemaakt is op datum van ...; dat diens advies - gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn; (1) (3) Overwegende dat het advies van het college van burgemeester en schepenen van ... op datum van ... ingewonnen is en overgemaakt is op datum van...; dat diens advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is; dat diens advies als volgt luidt en als volgt gemotiveerd is : ...; (1) (2) (3) Overwegende dat het advies van de gemachtigd ambtenaar overgemaakt is - niet overgemaakt is aan de Regering op datum van ...; dat het advies - gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is- geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn-; dat het advies als volgt luidt en als volgt gemotiveerd is :...; (1) (2) (3) Overwegende dat de beslissing van de gemachtigd ambtenaar overgemaakt - niet overgemaakt is op datum van ... aan de aanvrager en aan het college van burgemeester en schepenen; dat diens beslissing - gunstig - ondervoorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis ongunstig te zijn; dat diens beslissing als volgt luidt en als volgt gemotiveerd is : ...; (8) Overwegende dat .. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .

Besluit :

Artikel 1.- De door ... aangevraagde wijziging van de verkavelingsvergunning is - toegekend - geweigerd. (6) - De houder van de vergunning moet : (2) (6) (7) Artikel ... - De verkaveling wordt in ... opeenvolgende fasen zoals hierna aangegeven doorgevoerd : ...

Artikel ... - Van deze beslissing wordt een uitgifte overgemaakt aan het College van Burgemeester en Schepenen van ... (9) Artikel ... - De persoon aan wie de handeling bestemd is, heeft de mogelijk om een beroep in te dienen bij de Raad van State door middel van een verzoekschrift ondertekend door hemzelf en een op de tabel van de orde ingeschreven advocaat, op de lijst van de stagiairs evenals, volgens de bepalingen van het Burgerlijk Wetboek, door één van de onderdanen van een Staat die lid is van de Europese Unie en die gemachtigd is om het beroep van advocaat uit te oefenen, binnen een termijn van zestig dagen te rekenen vanaf de kennisgeving van deze beslissing.

Het verzoekschrift moet bij ter post aangetekend schrijven aan de Raad van State opgestuurd worden.

Het verzoekschrift wordt gedateerd en bevast overeenkomstig artikel 1 van de procesverordening : 1° naam, hoedanigheid en verblijfplaats of zetel van de verzoeker;2° het voorwerp van de aanvraag of van het beroep en een uiteenzetting van de feiten en middelen;3° naam, verblijfplaats of zetel van de verweerder. Bovendien dienen volgens artikel 85 van de procesverordening drie door de ondertekenaar eensluidend verklaarde afschriften bij het verzoekschrift te worden gevoegd, met daarnaast evenveel afschriften als er verweerders bij de zaak zijn.

Een afschrift van de omstreden beslissing dient bij het verzoekschrift te worden gevoegd overeenkosmtig artikel 3 van de procesverordening.

Te ..., op ...;

De Minister - de gemachtigd ambtenaar-, (1) Schrappen of uitwissen wat niet past.(2) Schrappen of uitwissen indien dat niet het geval is.(3) Schrappen of uitwissen als het beroep bij de Regering onontvankelijk is.(4) De voorschriften van het gewestplan, van het gemeentelijk plan van aanleg, van de verkavelingsvergunning, van het gewestelijk of gemeentelijk stedenbowkundig reglement waarvan de vergunningsaanvraag afwijkt, aangeven.(5) Eén of meer gedachtenstreepjes toevoegen indien nodig.(6) Schrappen of uitwissen indien de vergunning niet is afgeleverd.(7) Voor elke andere fase dan de eerste het aanvangspunt van de vervaltermijn van vijf jaar aangeven.(8) De overwegingen in rechte en in feite die als beslissingsgrond dienen, aangeven.(9) Dient enkel te worden vermeld indien de beslissing door de Regering getroffen wordt. UITTREKSELS UIT HET WAALSE WETBOEK VAN RUIMTELIJKE ORDENING, STEDENBOUW EN PATRIMONIUM 1) BEROEPSREGELING Art.127. § 6. De aanvrager en het college van burgemeester en schepenen kunnen een beroep indienen bij de Waalse Regering binnen de dertig dagen na de ontvangst van de beslissing van de gemachtigd ambtenaar of na het aflopen van de termijn bedoeld in paragraaf 4, tweede lid. 2) AANPLAKKING VAN DE VERGUNNING Art.134. De aanvrager moet een leesbaar bericht laten aanplakken op het terrein langs de openbare weg, waarbij wordt aangekondigd dat de vergunning is verleend, hetzij vóór de aanvang van de werken en tijdens de hele duur ervan wanneer het om werken gaat, hetzij, in de andere gevallen, vanaf de voorbereidingen, vooraleer de handeling(en) is (zijn) uitgevoerd en tijdens de hele duur van de uitvoering ervan.

Gedurende die periode moeten de vergunning en het bijgevoegde dossier of een door de gemeente of de gemachtigde ambtenaar voor echt verklaard afschrift van deze documenten permanent ter beschikking liggen van de in artikel 159 bedoelde ambtenaren op de plaats waar de werken en handelingen worden uitgevoerd. 3) VERVALLEN VAN DE VERGUNNING Art.98. Wanneer de verkavelingsvergunning geen stedebouwkundige lasten met zich meebrengt, noch de aanleg van nieuwe verbindingswegen, de wijziging van het tracé van de bestaande gemeentelijke verbindingswegen, hun verbreding of afschaffing tot gevolg heeft, vervalt zij voor het overige gedeelte indien er geen akten bedoeld in artikel 89, § 1, derde lid, die betrekking hebben op minstens één derde van de percelen werden geregistreerd binnen een termijn van vijf jaar na de afgifte van de vergunning.

Het verkoop- en verhuurbewijs wordt vóór het verstrijken van voormelde termijn van vijf jaar geleverd door de uittreksels uit de door de notaris of de ontvanger der registraties eensluidend verklaarde akten aan het College te betekenen.

Art. 99.Wanneer de verkavelingsvergunning de aanleg van nieuwe verbindingswegen met zich meebrengt, alsook de wijziging van het tracé van de bestaande gemeentelijke verbindingswegen, hun verbreding of afschaffing, vervalt de vergunning wanneer de houder ervan de opgelegde werken en lasten niet heeft uitgevoerd of de vereiste financiële waarborgen niet heeft verstrekt binnen vijf jaar na de afgifte van de vergunning.

De vergunning vervalt eveneens wanneer de houder binnen diezelfde termijn de stedebouwkundige lasten niet op zich heeft genomen of de krachtens artikel 91 vereiste financiële waarborgen niet heeft verstrekt.

Art. 100.Wanneer de werken in verschillende fasen mogen worden uitgevoerd, bepaalt de vergunning voor elke fase, met uitzondering van de eerste, de begindatum van de vervaltermijn van vijf jaar.

Art. 101.De verkavelingsvergunning vervalt van rechtswege. 4) WIJZIGING VAN DE VERGUNNING Art.102. Een verkavelingsvergunning kan, op verzoek van de eigenaar van het perceel waarop ze betrekking heeft, gewijzigd worden voorzover de wijziging geen afbreuk doet aan de rechten die voortvloeien uit uitdrukkelijke overeenkomsten tussen de partijen.

De gewone heroverschrijving van de stedebouwkundige voorschriften van de verkavelingsvergunning in een authentieke akte of in een onderhandse overeenkomst mag niet worden beschouwd als een overeenkomst zoals bedoeld in het eerste lid.

Art. 103.De bepalingen die de verkavelingsvergunning regelen, gelden ook voor de wijziging ervan, onverminderd de vervulling van de onderstaande formaliteiten.

Alvorens zijn aanvraag in te dienen, stuurt de eigenaar een eensluidende afschrift ervan bij ter post aangetekend schrijven naar alle perceeleigenaars die de aanvraag niet medeondertekend hebben. De ontvangstbewijzen van de aangetekende brieven worden gevoegd bij het dossier dat bij de aanvraag gaat. Bezwaren moeten binnen dertig dagen na de dag waarop de aangetekende brieven ter post werden afgegeven, bij ter post aangetekend schrijven gericht worden aan het college van burgemeester en schepenen.

De wijziging wordt geweigerd indien de eigenaar(s) van meer dan een kwart van de in de oorspronkelijke vergunning toegestane percelen, hun bezwaarschrift binnen de in het tweede lid bedoelde termijn bij ter post aangetekend schrijven aan het College richten.

Art. 105.De wijziging van de verkavelingsvergunning heeft geen enkele weerslag op de vervaltermijn van de verkavelingsvergunning waarvan de wijziging is gevraagd. 5) BIJZONDERE BEPALINGEN DIE VAN TOEPASSING ZIJN OP DE VERKAVELINGEN DIE STEDENBOUWKUNDIGE LASTEN OF DE OPENING VAN VERKEERSWEGEN IMPLICEREN Art.95. Het is verboden een perceel dat het voorwerp uitmaakt van een verkavelingsvergunning of van een fase daarvan die stedebouwkundige lasten vergt, of waarvoor de aanleg van nieuwe verbindingswegen, de wijziging van het tracé van de bestaande gemeentelijke verbindingswegen, hun verbreding of afschaffing nodig is, vrijwillig te koop te bieden, te verkopen, in huur te geven of voor meer dan negen jaar te verhuren, in erfpacht of in opstal af te staan, voordat de houder van de vergunning hetzij de opgelegde werken en lasten heeft uitgevoerd, hetzij de financiële waarborgen heeft verstrekt die nodig zijn voor de uitvoering daarvan. De vervulling van deze formaliteiten wordt vastgesteld in een door het college van burgemeester en schepenen afgegeven attest en bij ter post aangetekende brief aan de verkavelaar betekend. Het College bezorgt een afschrift van dit attest aan de gemachtigde ambtenaar.

Behalve wanneer de overheid voor de voorzieningen zorgt, blijft de houder van de verkavelingsvergunning gedurende tien jaar, samen met de aannemer en de architect van de voorzieningen van de verkaveling, binnen de bij de artikelen 1792 en 2270 van het Burgerlijk Wetboek bepaalde perken hoofdelijk aansprakelijk ten overstaan van het Gewest, de gemeente en de kopers van de percelen.

Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Waalse Regering van 17 juli 2003 tot bepaling van de vorm van de aanvragen en beslissingen betreffende de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen.

Namen, 17 juli 2003.

De Minister-President, J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE De Minister van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Leefmilieu, M. FORET

BIJLAGE 20 - FORMULIER J AANVRAAG VOOR EEN STEDENBOUWKUNDIGE VERGUNNING (twee exemplaren invullen) Ondergetekende ... - woonachtig te - met kantoor te - . . . . . straat . . . . . ... nr. ...... tel. nr. ........................ - handelend in naam en opdracht van - . . . . . - woonachtig te - met kantoor te - . . . . . straat . . . . . . .. nr. ........ tel.nr. ...................... vraagt een stedenbouwkundige vergunning aan om op een goed toebehorend aan (3) . . . . . gelegen te . . . . . straat . . . . . ... nr. .............. gekadastreerd afdeling ... . . . . . ., de handelingen en werken zoals volgt ... uit te voeren. (1) Bij deze aanvraag worden gevoegd : a) de stukken en inlichtingen opgelegd bij boek IV, Titel I, Hoofdstuk VII en VIII van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium;b) het/de bijgevoegde attest(en) van de architect(en) die de plannen moeten opstellen; c) ... exemplaren van de plannen, opgesteld overeenkomstig de wijze zoals opgelegd door voornoemd Wetboek, opgesteld : - door ondergetekende; - door . . . . . ..., woonachtig te - met kantoor te - . . . . . . .. straat . . . . . ... nr. ... tel. nr. ...................., handelend in de hoedanigheid van - lasthebber - bediende - van ondergetekende; - door . . . . . ..., architect, - woonachtig te - met kantoor te - . . . . . nr. ... tel. nr. ............................... d) ofwel de korte uiteenzetting van de milieueffectenrapportering, behoorlijk ingevuld;ofwel een milieueffectenverslag; e) de stukken en inlichtingen opgelegd bij de gemeentelijke verordening van ... (4) (1) Bij uitvoering van de werken bepaald in deze aanvraag, is de architect belast met de controle over de uitvoering van de werken : - ondergetekende; - . . . . . . .., woonachtig te . . . . . ..., straat . . . . . ... nr. ... tel.nr. .............................. (1) Ik laat de gemeente en de administratie ruimtelijke ordening en stedenbouw toe, mijn architect tegelijk met metzelf de opmerkingen over de plannen over te maken.(1) (2) Ik verklaar : - dat er voor het ontwerp een stedenbouwkundige vergunning nr.2 is afgeleverd met datum van ... (4); - dat er voor het ontwerp een patrimoniumsattest met datum van ... (4) is afgeleverd; (1) (2) Ik vraag om een afwijking van het/de volgende stedenbouwkundige voorschriften die van toepassing zijn op het goed : ... om volgende reden(en) : ...

Ik verbind mij ertoe de toelatingen en vergunningen die in voorkomend geval bij andere wetten, decreten of regelgevingen opgelegd zijn, aan te vragen.

Te ..., op ...; (handtekening) (1) Schrappen of uitwissen wat niet past.(2) Die inlichtingen kunnen verkregen worden bij het gemeentebestuur.(3) De rechten van de aanvrager of, in voorkomend geval, van de lastgever op het goed als hij er geen eigenaar van is, aangeven.(4) Schrappen of uitwissen indien dat niet het geval is. Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Waalse Regering van 17 juli 2003 tot bepaling van de vorm van de aanvragen en beslissingen betreffende de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen.

Namen, 17 juli 2003.

De Minister-President, J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE De Minister van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Leefmilieu, M. FORET

BIJLAGE 21 - FORMULIER K (1) ATTEST VAN DE ARCHITECT (in twee exemplaren invullen) Ondergetekende .. . . . . - woonachtig te - met kantoor te - ... . . . . . straat ..OE. nr. ......... tel. nr. ............................... (2) Attesteert : a) dat hij het recht heeft om in België het beroep architect uit te oefenen en dat hij : ingeschreven staat op de tabel van de Orde der architecten; ingeschreven staat op de lijst van de stagiairs van de Orde der architecten; houder is van de vergunning waarvan sprake in artikel 8 van de wet van 26 juni 1963 tot oprichting van een Orde der architecten; architect is met registratie als dienstverlener in België. b) dat hij van .. . . . ... de opdracht gekregen heeft om - de plannen met betrekking tot volgende handelingen en werken ... op te stellen : ... uit te voeren op een goed gelegen te ... . . . . . straat . . . . . . .. nr. ..... gekadastreerd afdeling . . . . . . ..; - controle te verrichten op de uitvoering der werken. (2) (3) Ondergetekende neemt er akte van dat het project dat hij opgesteld heeft, afwijkt van het/de volgende stedenbouwkundige voorschrift(en) die van toepassing zijn op het goed : ... . . . . . om volgende reden(en) : ... . . . . .

Ondergetekende verbindt zich ertoe het college van burgemeester en schepenen van de Gemeente ... onverwijld over elke vroegtijdige beëindiging van Zijn controleopdracht over de uitvoering van de werken in te lichten.

Te ... op...; (handtekening) (1) Indien de plannen door meerdere personen zijn opgesteld, dient elkeen ervan een attest in te vullen.Hetzelfde geldt indien de persoon of de personen belast met de controle over de uitvoering van de werken verschilt of verschillen van de persoon of personen belast met de opstelling van de plannen. (2) Schrappen wat niet past.(3) Die inlichtingen kunnen bij het gemeentebestuur verkregen worden. Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Waalse Regering van 17 juli 2003 tot bepaling van de vorm van de aanvragen en beslissingen betreffende de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen.

Namen, 17 juli 2003.

De Minister-President, J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE De Minister van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Leefmilieu, M. FORET

BIJLAGE 22 - FORMULIER L ATTEST VAN DE ARCHITECT DAT ONDERWORPEN IS AAN HET VISUM VAN DE RAAD VAN DE ORDE DER ARCHITECTEN (in twee exemplaren invullen) Ondergetekende ... . . . . . - woonachtig te - met kantoor te - ... . . . . . straat .. . . . . . . nr. ... tel. nr. ........................... (2) Attesteert dat hij het recht heeft om in België het beroep architect uit te oefenen en dat hij ingeschreven staat op de tabel van de Orde der architecten; ingeschreven staat op de lijst van de stagiairs van de Orde der architecten; houder is van de vergunning waarvan sprake in artikel 8 van de wet van 26 juni 1963 tot oprichting van een Orde der architecten; architect is met registratie als dienstverlener in België. (3) (4) (5) Verklaart dat hij bij ter post aangetekend schrijven een attest zoals bedoeld in twee exemplaren aan de raad van de Orde van de architecten van de provincie ... heeft gericht en de beslissing van de raad van de Orde van de architecten binnen de tien werkdagen na voornoemde zending te hebben gekregen.

Te..., op ... (handtekening) Visum van de Raad van de Orde (1) Indien de plannen door meerdere personen zijn opgesteld, dient elkeen ervan een attest in te vullen.Hetzelfde geldt indien de persoon of de personen belast met de controle over de uitvoering van de werken verschilt of verschillen van de persoon of personen belast met de opstelling van de plannen. (2) Schrappen wat niet past.(3) De Raad vermelden waaronder de architect ressorteert.(4) Laatstbedoelde verklaring enkel invullen als de raad van de Orde zich niet binnen de bepaalde termijn heeft uitgesproken over visumaanvraag.(5) In dat geval dient de indiener van de verklaring het stuk bij het attest voegen waarbij bewijs wordt geleverd van de zending bij ter post aangetekend schrijven van een attest zoals bedoeld, in twee exemplaren. Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Waalse Regering van 17 juli 2003 tot bepaling van de vorm van de aanvragen en beslissingen betreffende de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen.

Namen, 17 juli 2003.

De Minister-President, J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE De Minister van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Leefmilieu, M. FORET

BIJLAGE 23 - FORMULIER M AANVRAAG VOOR EEN VERKAVELINGSVERGUNNING Ondergetekende ... . . . . . - woonachtig te - met kantoor te - . . . . . ... straat . . . . . ... nr. ....... tel.nr. ................... - handelend in naam en opdracht van - ... . . . . . - woonachtig te - met kantoor te - ... . . . . . straat .. . . . . . . nr. ...... tel. nr. ............................. vraagt een vergunning aan om een goed toebehorend aan (4) ... . . . . . gelegen te ... . . . . . straat . . . . . . .. nr. ........... gekadastreerd afdeling .. . . . . . .., te verdelen in . . . . . . .. kavels (3). (1) Bij deze aanvraag worden gevoegd : a) de stukken en inlichtingen opgelegd bij boek IV, Titel I, Hoofdstuk IX van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium;b) ofwel de korte uiteenzetting van de milieueffectenrapportering, behoorlijk ingevuld;ofwel een milieueffectenverslag. de stukken en inlichtingen bepaald bij gemeentelijke verordening van . . . . . . .. (5) (1) (2) Ik verklaar : - dat er voor het ontwerp een stedenbouwkundige vergunning nr.2 is afgeleverd met datum van . . . . . ... (5); - dat er voor het ontwerp een patrimoniumsattest met datum van .. . . . . . . (5) is afgeleverd; (1) (2) Ik vraag om een afwijking van het/de volgende stedenbouwkundige voorschriften die van toepassing zijn op het goed : ... . . . . . om volgende reden(en) : ... . . . . .

Ik verbind mij ertoe de toelatingen en vergunningen die in voorkomend geval bij andere wetten, decreten of regelgevingen opgelegd zijn, aan te vragen.

Te ..., op ...; (handtekening) (1) Schrappen of uitwissen wat niet past.(2) Die inlichtingen kunnen verkregen worden bij het gemeentebestuur.(3) Voorwerp van de aanvraag aangeven (4) De rechten van de aanvrager of, in voorkomend geval, van de lastgever op het goed als hij er geen eigenaar van is, aangeven.(5) Schrappen of uitwissen indien dat niet het geval is. Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Waalse Regering van 17 juli 2003 tot bepaling van de vorm van de aanvragen en beslissingen betreffende de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen.

Namen, 17 juli 2003.

De Minister-President, J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE De Minister van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Leefmilieu, M. FORET

BIJLAGE 24 - FORMULIER N AANVRAAG VOOR EEN WIJZIGING VAN EEN VERKAVELINGSVERGUNNING Ondergetekende ... . . . . . - woonachtig te - met kantoor te - . . . . . . .. straat . . . . . . .. nr. ............... tel.nr. .................... - handelend in naam en opdracht van - ... . . . . . - woonachtig te - met kantoor te - ... . . . . . straat . . . . . ... nr. .............. tel. nr. ........................ eigenaar van een goed te . . . . . ... straat . . . . . . .. nr. ... gekadastreerd afdeling . . . . . ... nr. ... van de verkaveling . . . . . . .., nr. ... niet-verstreken en afgeleverd met datum van ... . . . . . vraagt een wijziging aan van een verkavelingsvergunning zoals voornoemd (3) ... . . . . . gelegen te ... . . . . . straat . . . . . . .. nr. ... gekadastreerd afdeling .. . . . . . .., te verdelen in . . . . . . .. kavels (3). eigenaar van een goed te .. . . . . . . straat . . . . . ... nr. ... gekadastreerd afdeling . . . . . . .. nr. ... van de verkaveling . . . . . . .., nr. ... niet-verstreken en afgeleverd met datum van ... . . . . . (1) Bij deze aanvraag worden gevoegd : a) de stukken en inlichtingen opgelegd bij boek IV, Titel I, Hoofdstuk IX van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium;b) ofwel de korte uiteenzetting van de milieueffectenrapportering, behoorlijk ingevuld;ofwel een milieueffectenverslag. de stukken en inlichtingen bepaald bij gemeentelijke verordening van . . . . . ... (5) (1) (2) Ik verklaar : - dat er voor het ontwerp een stedenbouwkundige vergunning nr.2 is afgeleverd met datum van . . . . . . .. (4); - dat er voor het ontwerp een patrimoniumsattest met datum van .. . . . . . . (4) is afgeleverd; (1) (2) Ik vraag om een afwijking van het/de volgende stedenbouwkundige voorschriften die van toepassing zijn op het goed : ... . . . . . om volgende reden(en) : ... . . . . .

Ik verbind mij ertoe de toelatingen en vergunningen die in voorkomend geval bij andere wetten, decreten of regelgevingen opgelegd zijn, aan te vragen.

Te ..., op ...; (handtekening) Eigenaars van kavel die de aanvraag tegengetekend hebben : Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld (1) Schrappen of uitwissen wat niet past.(2) Die inlichtingen kunnen verkregen worden bij het gemeentebestuur.(3) Voorwerp van de aanvraag aangeven.(4) Schrappen of uitwissen indien dat niet het geval is. Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Waalse Regering van 17 juli 2003 tot bepaling van de vorm van de aanvragen en beslissingen betreffende de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen.

Namen, 17 juli 2003.

De Minister-President, J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE De Minister van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Leefmilieu, M. FORET

BIJLAGE 14 - FORMULIER O BEROEP BIJ DE REGERING (1) BESLISSING TOT - TOEKENNING - WEIGERING VAN DE STEDENBOUWKUNDIGE VERGUNNING De Minister, Gelet op het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium; Overwegende dat ... een aanvraag voor een stedenbouwkundige vergunning heeft ingediend met betrekking tot een goed gelegen te ... gekadastreerd afdeling ... en met als voorwerp ...; (1) (2) Overwegende dat het College van Burgemeester en Schepenen van de gemeente ... met datum van ... de stedenbouwkundige vergunning - toegekend - onder voorwaarden toegekend - geweigerd - heeft; (1) (2) Overwegende dat de beslissing van het college van burgemeester en schepenen door de aanvrager - de gemachtigd ambtenaar - ontvangen is op...; (1) (2) Overwegende dat de aanvrager de zaak met datum van ... bij de gemachtigd ambtenaar aanhangig heeft gemaakt; (1) (2) Overwegende dat de gemachtigd ambtenaar niet beslist heeft in de termijn bepaald bij artikel 118, § 2, van voornoemd Wetboek; (1) (2) Overwegende dat de gemachtigd ambtenaar de stedenbouwkundige vergunning met datum van ... toegekend - onder voorwaarden toegekend - geweigerd - heeft; (1) (2) Overwegende dat de beslissing van de gemachtigd ambtenaar door de aanvrager - het college van burgemeester en schepenen - ontvangen is op ...; (1) (2) Overwegende dat de gemachtigd ambtenaar een beroep heeft ingediend bij de Regering, met datum van ..., ontvangen op ...; dat bedoeld beroep onder wettelijke vorm en binnen de wettelijke termijn bepaald bij artikel 119, § 2, van voornoemd Wetboek is ingediend - niet onder wettelijke vorm en binnen de wettelijke termijn bepaald bij artikel 119, § 2, van voornoemd Wetboek is ingediend; dat het gelijktijdig - niet gelijktijdig - zowel aan de aanvrager als aan de Minister is ingediend; dat hij ontvankelijk - onontvankelijk is; (1) (2) Overwegende dat - de aanvrager - het college van burgemeester en schepenen - een beroep bij de Regering heeft ingediend met datum van ..., ontvangen op ...; dat het onder wettelijke vorm en binnen de wettelijke termijn is ingediend - niet onder wettelijke vorm en binnen de wettelijke termijn is ingediend; dat het ontvankelijk - onontvankelijk is; (2) Overwegende dat er een niet-vervallen stedenbouwkundig attest nr. 2 met betrekking tot de aanvraag is afgeleverd met datum van ...; (1) (2) Overwegende dat het goed gelegen is - in een omtrek ... - in een ... gebied op het gewestplan van ..., aangenomen bij ... van ... dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) (3) Overwegende dat het goed in een ...gebied gelegen is in de omtrek van het gemeentelijk plan van aanleg ... goedgekeurd bij ... van ..., en dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) (3) Overwegende dat het goed gelegen is op de kavel nr.... in de omtrek van verkaveling nr. ... niet vervallen vergund bij ... van ...; (2) (3) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen dat van toepassing is in de beschermingsgebieden van sommige gemeenten inzake stedenbouw van toepassing is op het grondgebied waarvan het goed gelegen is krachtens ... van ...; (2) (3) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen in landbouwgebieden van toepassing is op het grondgebied waar het goed krachtens ... van ... gelegen is; (2) (3) Overwegende dat het goed in een ...gebied gelegen is in het gemeentelijk structuurplan aangenomen bij ... van ...; (1) (2) (3) Overwegende dat er een gemeentelijk stedenbouwkundig reglement goedgekeurd bij ... van ... van kracht is over het gehele gemeentelijke grondgebied waar het goed gelegen is en alle punten bedoeld in artikel 78, § 1, van voornoemd Wetboek inhoudt; dat het goed gelegen is in een ûgebied- ondergebied - ... in bedoeld reglement; (2) (3) Overwegende dat de gewestelijke of gemeentelijke stedenbouwkundige reglementen zoals volgt eveneens van toepassing zijn op het gemeentelijk grondgebied of het gedeelte ervan waar het goed gelegen is;...; (1) (2) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een - beschermd - goed dat op de beschermingslijst opgenomen is - gelegen is in een beschermingsgebied als bedoeld in artikel 209 van voornoemd Wetboek - gelegen is in een gebied dat opgenomen is op de lijst van de archeologische sites als bedoeld in artikel 233 van voornoemd Wetboek -; (2) (3) Overwegende dat er met betrekking tot de aanvraag een niet-vervallen patrimoniumsattest is afgeleverd met datum van ...; (1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een Natura 2000-gebied als bedoeld in artikel 1bis , enig lid, 18°, van de wet van 12 juli 1973 over het natuurbehoud, gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een gebied dat aangewezen is krachtens artikel 6 van de wet van 12 juli 1973 over het natuurbehoud, laatst gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in een waterwinnings-, preventie- of bewakingsgebied in de zin van het decreet van 30 april 1990 op de bescherming en de exploitatie van tot drinkwater verwerkbaar water, laatst gewijzigd bij het decreet van 15 april 1999 betreffende de kringloop van het water en houdende oprichting van een " Société publique de Gestion de l'Eau " (Openbare Maatschappij voor Waterbeheer) en bij het decreet van 12 december 2002;(1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed - gelegen in één van de dunbevolkte gebieden die niet met riolering zijn uitgerust en waar een individueel waterzuiveringssysteem in de zin van artikel 3, 9°, van het besluit van de Waalse Regering van 19 september 1991 tot vaststelling van de regelen voor de inrichting en de uitwerking van de algemene gemeentelijke afwateringsplannen, gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001 aangelegd zal worden - dat, hoewel in een agglomeratiezone gelegen, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied waarvan de regeling toepasselijk werd gemaakt bij beslissing van ..., en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... - waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied, en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als collectief saneringsgebied, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 6 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als zelfstandig saneringsgebied, vrijgesteld kan worden van individuele zuivering krachtens artikel 9 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (1) (2) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag - de opening van nieuwe gemeentelijke verkeerswegen - de wijziging van het tracé van bestaande gemeentelijke verkeerswegen - de verbreding van bestaande gemeentelijke verkeerswegen - de opheffing van bestaande gemeentelijke verkeerswegen impliceert;dat de vergunningsaanvraag ter advies is voorgelegd - niet ter advies is voorgelegd - aan het gewestelijke - het provinciebestuur; dat de gemeenteraad na het treffen van bijzondere bekendmakingsmaatregelen erover beraadslaagd heeft; (1) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag een korte uiteenzetting van de milieueffectenrapportering - geen korte uiteenzetting van de milieueffectenrapportering bevat - een milieueffectenstudie - geen milieueffectenstudie bevat; (2) (3) Overwegende dat er een milieueffectenstudie is doorgevoerd om volgende reden(en) : ...; (2) (3) (4) Overwegende dat de vergunningsaanvraag niet conform is aan om volgende reden(en) : ...; (1) (2) (3) Overwegende dat de beslissing van de gemachtigd ambtenaar over de afwijkingsaanvraag die het College van Burgemeester en Schepenen op ... aan hem heeft gericht, gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is; dat zijn beslissing als volgt luidt en als volgt gemotiveerd is : ...; (1) (2) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag aan bijzondere bekendmakingsmaatregelen is onderworpen om volgende reden(en) : ...; (1) (2) (3) Overwegende dat er ... bezwaarschrift(en) - geen bezwaarschrift(en) is - zijn ingediend; dat er een overlegvergadering - geen overlegvergadering plaatsgevonden heeft; (1) (2) (3) Overwegende dat hierna vernoemde dienst(en) en commissie(s) geraadpleegd is - zijn om volgende reden(en) : -(dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; - (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; - (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; (4) (1) (2) Overwegende dat het advies van het Directoraat-generaal Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu ingewonnen is op ... overeenkomstig artikel 116, § 1, 2°, en overgemaakt op ..., gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -;

Overwegende dat bij artikel 120 van voornoemd Wetboek een adviescommissie ingesteld wordt, belast met het uitbrengen van een gemotiveerd advies over de beroepen bedoeld in artikel 119 van bedoeld Wetboek;

Overwegende dat partijen en het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium uitgenodigd zijn om gehoord te worden door de adviescommissie van ...; (2) Overwegende dat die commissie met datum van ... volgend advies heeft overgemaakt : ...; (2) Overwegende dat die commissie zijn advies niet binnen de opgelegde termijn heeft overgemaakt;dat dat advies geacht is gunstig te zijn voor de indiener van het beroep; (2) Overwegende dat de aanvrager met datum van ... een herinneringsschrijven heeft verstuurd, door de Regering ontvangen op ...; (3) (9) Overwegende dat .. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .

Beslist : (1) Artikel 1.- De door ... aangevraagde stedenbouwkundige vergunning is - toegekend - geweigerd. (6) - De houder van de vergunning dient : (2) (6) (7) Artikel ... - De vergunde werken en handelingen worden uitgevoerd in ... opeenvolgende fasen, zoals hierna aangegeven : ... (6) (8) Artikel ... - De vergunde handelingen of werken mogen niet behouden blijven na...

Artikel ... - Van deze beslissing wordt uitgifte gegeven aan de aanvrager, aan het college van burgemeester en schepenen van de gemeente ... en aan de gemachtigd ambtenaar. (6) Artikel ... - De houder van de vergunning licht het college van burgemeester en schepenen en de gemachtigd ambtenaar bij aangetekend schrijven in over de aanvang van de vergunde werken of handelingen, ten minste acht dagen vóór aanvang ervan. (6) Artikel ... - Deze vergunning stelt niet vrij van de verplichting om bij andere wetten en regelgevingen, inzonderheid ..., opgelegde vergunningen of toelatingen aan te vragen.

Labell Artikel ... - De persoon aan wie de handeling bestemd is, heeft de mogelijk om een beroep in te dienen bij de Raad van State door middel van een verzoekschrift ondertekend door hemzelf en een op de tabel van de orde ingeschreven advocaat, op de lijst van de stagiairs evenals, volgens de bepalingen van het Burgerlijk Wetboek, door één van de onderdanen van een Staat die lid is van de Europese Unie en die gemachtigd is om het beroep van advocaat uit te oefenen, binnen een termijn van zestig dagen te rekenen vanaf de kennisgeving van deze beslissing.

Het verzoekschrift moet bij ter post aangetekend schrijven aan de Raad van State opgestuurd worden.

Het verzoekschrift wordt gedateerd en bevast overeenkomstig artikel 1 van de procesverordening : 1° naam, hoedanigheid en verblijfplaats of zetel van de verzoeker;2° het voorwerp van de aanvraag of van het beroep en een uiteenzetting van de feiten en middelen;3° naam, verblijfplaats of zetel van de verweerder. Bovendien dienen volgens artikel 85 van de procesverordening drie door de ondertekenaar eensluidend verklaarde afschriften bij het verzoekschrift te worden gevoegd, met daarnaast evenveel afschriften als er verweerders bij de zaak zijn.

Een afschrift van de omstreden beslissing dient bij het verzoekschrift te worden gevoegd overeenkomstig artikel 3 van de procesverordening.

Te ........, op ........;

De Minister, (1) Schrappen of uitwissen wat niet past.(2) Schrappen of uitwissen indien dat niet het geval is.(3) Schrappen of uitwissen indien het beroep bij de Regering onontvankelijk is.(4) De voorschriften van het gewestplan, van het gemeentelijk plan van aanleg, van de verkavelingsvergunning, van het gewestelijk of gemeentelijk stedenbouwkundig reglement waarvan de vergunningsaanvraag afwijkt, aangeven.(5) Eén of meer gedachtenstreepjes toevoegen indien nodig.(6) Schrappen of uitwissen indien de vergunning niet is afgeleverd.(7) Voor elke andere fase dan de eerste het aanvangspunt van de vervaltermijn aangeven.(8) Enkel te gebruiken in de gevallen bedoeld in artikel 88 van voornoemd Wetboek.(9) De overwegingen in feite en in rechte aangeven die als grondslag dienen voor de beslissing. UITTREKSELS UIT HET WAALSE WETBOEK VAN RUIMTELIJKE ORDENING, STEDENBOUW EN PATRIMONIUM 1) AANPLAKKING VAN DE VERGUNNING Art.134. De aanvrager moet een leesbaar bericht laten aanplakken op het terrein langs de openbare weg, waarbij wordt aangekondigd dat de vergunning is verleend, hetzij vóór de aanvang van de werken en tijdens de hele duur ervan wanneer het om werken gaat, hetzij, in de andere gevallen, vanaf de voorbereidingen, vooraleer de handeling(en) is (zijn) uitgevoerd en tijdens de hele duur van de uitvoering ervan.

Gedurende die periode moeten de vergunning en het bijgevoegde dossier of een door de gemeente of de gemachtigde ambtenaar voor echt verklaard afschrift van deze documenten permanent ter beschikking liggen van de in artikel 159 bedoelde ambtenaren op de plaats waar de werken en handelingen worden uitgevoerd. 2) VERVALLEN VAN DE VERGUNNING Art.87. § 1. De vergunning vervalt indien de begunstigde binnen twee jaar na de verzending ervan niet op een significante wijze met de werken is gestart. § 2. De vergunning vervalt voor de overige werken indien deze niet volledig werden uitgevoerd binnen vijf jaar na de verzending ervan, behalve wanneer ze in fasen uitgevoerd mogen worden. In dat geval bepaalt de vergunning de vervaldatum voor elke fase, met uitzondering van de eerste.

De vergunning vervalt van rechtswege. 3) VERLENGING VAN DE VERGUNNING Art.87. § 3. De vergunning kan evenwel met één jaar verlengd worden op verzoek van de begunstigde ervan. Het verzoek moet ingediend worden binnen dertig dagen vóór de in artikel 87, § 1, bedoelde vervaldatum.

De verlenging wordt toegestaan door het College van burgemeester en schepenen. 4) CERTIFICERING VAN DE CONFORMITEIT VAN DE WERKEN Art.139. - § 1. De vergunningsgerechtigde dient te laten verifiëren of de staat van het goed conform is aan de vergunning, uiterlijk binnen een termijn van zes maanden volgend op de afloop van de termijn bepaald bij artikel 87, § 2, of vóór een overdracht.

Indien het een overdracht betreft die meer dan drie jaar na een verificatie plaatsvindt, dient de overdrager te laten verifiëren of zijn goed conform is aan de vergunning vóór de akte van overdracht.

Een verificatie is evenwel vereist vóór elke overdracht die plaatsvindt na een voorlopige verificatie. § 2. De verificatie wordt verricht door een erkend certificeerder die gekozen wordt door de vergunningsgerechtigde of de overdrager.

Als de gemeente het stedenbouwkundig eenvormigheidsattest of het stuk waarmee de weigering van het stedenbouwkundig attest bevestigd wordt, niet gekregen heeft aan het einde van de zes maanden volgend op de afloop van de termijn bepaald bij artikel 87, § 2, geeft het college van burgemeester en schepenen of het personeelslid dat bedoeld college daartoe machtigt van ambtswege opdracht tot het doorvoeren van de verificatie aan een erkend certificeerder.

In alle gevallen worden de verificatiekosten gedragen door de vergunningsgerechtigde of de overdrager. 5) BIJZONDERE MAATREGELEN DIE VAN TOEPASSING ZIJN OP GEGROEPEERDE BOUWWERKEN Art.126. Indien een stedenbouwkundige vergunning meerdere bouwwerken toelaat en die bouwwerken het doorvoeren van infrastructuurwerkzaamheden en gemeenschappelijke uitrustingen met inbegrip van uitrustingen voor de zuivering van afvalwater impliceren, kan de vergunning de overgangen om niet of onder bezwarende titel, van deling, van inpachtgeving of van opstal, of van de verhuur voor meer dan negen jaar die betrekking hebben op het geheel of een deel van die goeden ondergeschikt maken aan : 1° een attest dat afgelevrd wordt onder de voorwaarden bedoeld in artikel 95, eerste lid;2° een akte van verdeling die opgesteld wordt door de notaris en waarbij de stedenbouwkundige voorschriften vastgelegd worden voor het geheel, evenals de beheerswijze van de gemeenschappelijke delen. In de vergunning wordt melding gemaakt van de eventuele fases voor de verwezenlijking van de bouwwerken met vermelding van de aanvang van elke fase.

Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Waalse Regering van 17 juli 2003 tot bepaling van de vorm van de aanvragen en beslissingen betreffende de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen.

Namen, 17 juli 2003.

De Minister-President, J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE De Minister van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Leefmilieu, M. FORET

BIJLAGE 14 - FORMULIER P BEROEP BIJ DE REGERING (1) BESLISSING TOT - TOEKENNING - WEIGERING - VAN DE VERKAVELINGSVERGUNNING De Minister, Gelet op het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium; Overwegende dat ... een aanvraag voor een verkavelingsvergunning heeft ingediend met betrekking tot een goed gelegen te ... gekadastreerd afdeling ... en met als voorwerp...; (1) (2) Overwegende dat het College van Burgemeester en Schepenen van de gemeente ... met datum van ... de verkavelingsvergunning - toegekend - onder voorwaarden toegekend - geweigerd - heeft; (1) (2) Overwegende dat de beslissing van het College van Burgemeester en Schepenen door de aanvrager - de gemachtigd ambtenaar - ontvangen is op...; (1) (2) Overwegende dat de aanvrager de zaak met datum van ... bij de gemachtigd ambtenaar aanhangig heeft gemaakt; (1) (2) Overwegende dat de gemachtigd ambtenaar niet beslist heeft in de termijn bepaald bij artikel 118, § 2, van voornoemd Wetboek; (1) (2) Overwegende dat de gemachtigd ambtenaar de stedenbouwkundige vergunning met datum van ... toegekend - onder voorwaarden toegekend - geweigerd - heeft; (1) (2) Overwegende dat de beslissing van de gemachtigd ambtenaar door de aanvrager - het college van burgemeester en schepenen - ontvangen is op ...; (1) (2) Overwegende dat de gemachtigd ambtenaar een beroep heeft ingediend bij de Regering, met datum van ..., ontvangen op ...; dat bedoeld beroep onder wettelijke vorm en binnen de wettelijke termijn bepaald bij artikel 119, § 2, van voornoemd Wetboek is ingediend - niet onder wettelijke vorm en binnen de wettelijke termijn bepaald bij artikel 119, § 2, van voornoemd Wetboek is ingediend; dat het gelijktijdig - niet gelijktijdig - zowel aan de aanvrager als aan de Minister is ingediend; dat hij ontvankelijk - onontvankelijk is; (1) (2) Overwegende dat - de aanvrager - het college van burgemeester en schepenen - een beroep bij de Regering heeft ingediend met datum van ..., ontvangen op ...; dat het onder wettelijke vorm en binnen de wettelijke termijn is ingediend - niet onder wettelijke vorm en binnen de wettelijke termijn is ingediend; dat het ontvankelijk - onontvankelijk is; (2) Overwegende dat er een niet-vervallen stedenbouwkundig attest nr. 2 met betrekking tot de aanvraag is afgeleverd met datum van ...; (1) (2) Overwegende dat het goed gelegen is - in een omtrek ... - in een ... gebied op het gewestplan van ..., aangenomen bij ... van ... dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) (3) Overwegende dat het goed in een ...gebied gelegen is in de omtrek van het gemeentelijk plan van aanleg ... goedgekeurd bij ... van ..., en dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) (3) Overwegende dat het goed gelegen is op de kavel nr.... in de omtrek van verkaveling nr. ... niet vervallen vergund bij ... van ...; (2) (3) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen dat van toepassing is in de beschermingsgebieden van sommige gemeenten inzake stedenbouw van toepassing is op het grondgebied waarvan het goed gelegen is krachtens ... van ...; (2) (3) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen in landbouwgebieden van toepassing is op het grondgebied waar het goed krachtens ... van ... gelegen is; (2) (3) Overwegende dat het goed in een ...gebied gelegen is in het gemeentelijk structuurplan aangenomen bij ... van ...; (1) (2) (3) Overwegende dat er een gemeentelijk stedenbouwkundig reglement goedgekeurd bij ... van ... van kracht is over het gehele gemeentelijke grondgebied waar het goed gelegen is en alle punten bedoeld in artikel 78, § 1, van voornoemd Wetboek inhoudt; dat het goed gelegen is in een ûgebied- ondergebied - ... in bedoeld reglement; (2) (3) Overwegende dat de gewestelijke of gemeentelijke stedenbouwkundige reglementen zoals volgt eveneens van toepassing zijn op het gemeentelijk grondgebied of het gedeelte ervan waar het goed gelegen is;...; (1) (2) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een - beschermd - goed dat op de beschermingslijst opgenomen is - gelegen is in een beschermingsgebied als bedoeld in artikel 209 van voornoemd Wetboek - gelegen is in een gebied dat opgenomen is op de lijst van de archeologische sites als bedoeld in artikel 233 van voornoemd Wetboek -; (2) (3) Overwegende dat er met betrekking tot de aanvraag een niet-vervallen patrimoniumsattest is afgeleverd met datum van ...; (1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een Natura 2000-gebied als bedoeld in artikel 1bis , enig lid, 18°, van de wet van 12 juli 1973 over het natuurbehoud, gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een gebied dat aangewezen is krachtens artikel 6 van de wet van 12 juli 1973 over het natuurbehoud, laatst gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in een waterwinnings-, preventie- of bewakingsgebied in de zin van het decreet van 30 april 1990 op de bescherming en de exploitatie van tot drinkwater verwerkbaar water, laatst gewijzigd bij het decreet van 15 april 1999 betreffende de kringloop van het water en houdende oprichting van een " Société publique de Gestion de l'Eau " (Openbare Maatschappij voor Waterbeheer) en bij het decreet van 12 december 2002;(1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed - gelegen in één van de dunbevolkte gebieden die niet met riolering zijn uitgerust en waar een individueel waterzuiveringssysteem in de zin van artikel 3, 9°, van het besluit van de Waalse Regering van 19 september 1991 tot vaststelling van de regelen voor de inrichting en de uitwerking van de algemene gemeentelijke afwateringsplannen, gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001 aangelegd zal worden - dat, hoewel in een agglomeratiezone gelegen, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied waarvan de regeling toepasselijk werd gemaakt bij beslissing van ..., en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... - waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied, en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als collectief saneringsgebied, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 6 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als zelfstandig saneringsgebied, vrijgesteld kan worden van individuele zuivering krachtens artikel 9 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (1) (2) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag - de opening van nieuwe gemeentelijke verkeerswegen - de wijziging van het tracé van bestaande gemeentelijke verkeerswegen - de verbreding van bestaande gemeentelijke verkeerswegen - de opheffing van bestaande gemeentelijke verkeerswegen impliceert;dat de vergunningsaanvraag ter advies is voorgelegd - niet ter advies is voorgelegd - aan het gewestelijke - het provinciebestuur; dat de gemeenteraad na het treffen van bijzondere bekendmakingsmaatregelen erover beraadslaagd heeft; (1) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag een korte uiteenzetting van de milieueffectenrapportering - geen korte uiteenzetting van de milieueffectenrapportering bevat - een milieueffectenstudie - geen milieueffectenstudie bevat; (2) (3) Overwegende dat er een milieueffectenstudie is doorgevoerd om volgende reden(en) : ...; (2) (3) (4) Overwegende dat de vergunningsaanvraag niet conform is aan om volgende reden(en) : ...; (1) (2) (3) Overwegende dat de beslissing van de gemachtigd ambtenaar over de afwijkingsaanvraag die het college van burgemeester en schepenen op ... aan hem heeft gericht, gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is; dat zijn beslissing als volgt luidt en als volgt gemotiveerd is : ...; (1) (2) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag aan bijzondere bekendmakingsmaatregelen is onderworpen om volgende reden(en) : ...; (1) (2) (3) Overwegende dat er ... bezwaarschrift(en) - geen bezwaarschrift(en) is - zijn ingediend; dat er een overlegvergadering - geen overlegvergadering plaatsgevonden heeft; (1) (2) (3) Overwegende dat hierna vernoemde dienst(en) en commissie(s) geraadpleegd is - zijn om volgende reden(en) : -(dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; - (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; - (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; (4) (1) (2) Overwegende dat het advies van het Directoraat-generaal Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu ingewonnen is op ... overeenkomstig artikel 116, § 1, 2°, en overgemaakt op ..., gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -;

Overwegende dat bij artikel 120 van voornoemd Wetboek een adviescommissie ingesteld wordt, belast met het uitbrengen van een gemotiveerd advies over de beroepen bedoeld in artikel 119 van bedoeld Wetboek;

Overwegende dat partijen en het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium uitgenodigd zijn om gehoord te worden door de adviescommissie van ...; (2) Overwegende dat die commissie met datum van ... volgend advies heeft overgemaakt : ...; (2) Overwegende dat die commissie zijn advies niet binnen de opgelegde termijn heeft overgemaakt;dat dat advies geacht is gunstig te zijn voor de indiener van het beroep; (2) Overwegende dat de aanvrager met datum van ... een herinneringsschrijven heeft verstuurd, door de Regering ontvangen op ...; (3) (9) Overwegende dat ... . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .

Beslist : (1) Artikel 1.- De door ... aangevraagde verkavelingsvergunning is - toegekend - geweigerd. (6) - De houder van de vergunning dient : (2) (6) (7) Artikel ... - De verkaveling wordt in ... fasen uitgevoerd zoals hierna aangegeven : ...

Artikel ... - Van deze beslissing wordt uitgifte gegeven aan de aanvrager, aan het college van burgemeester en schepenen van de gemeente ... en aan de gemachtigd ambtenaar. (6) Artikel ... - De houder van de vergunning licht het college van burgemeester en schepenen en de gemachtigd ambtenaar bij aangetekend schrijven in over de aanvang van de vergunde werken of handelingen, ten minste acht dagen vóór aanvang ervan.

Labell Artikel ... - De persoon aan wie de handeling bestemd is, heeft de mogelijk om een beroep in te dienen bij de Raad van State door middel van een verzoekschrift ondertekend door hemzelf en een op de tabel van de orde ingeschreven advocaat, op de lijst van de stagiairs evenals, volgens de bepalingen van het Burgerlijk Wetboek, door één van de onderdanen van een Staat die lid is van de Europese Unie en die gemachtigd is om het beroep van advocaat uit te oefenen, binnen een termijn van zestig dagen te rekenen vanaf de kennisgeving van deze beslissing.

Het verzoekschrift moet bij ter post aangetekend schrijven aan de Raad van State opgestuurd worden.

Het verzoekschrift wordt gedateerd en bevast overeenkomstig artikel 1 van de procesverordening : 1° naam, hoedanigheid en verblijfplaats of zetel van de verzoeker;2° het voorwerp van de aanvraag of van het beroep en een uiteenzetting van de feiten en middelen;3° naam, verblijfplaats of zetel van de verweerder. Bovendien dienen volgens artikel 85 van de procesverordening drie door de ondertekenaar eensluidend verklaarde afschriften bij het verzoekschrift te worden gevoegd, met daarnaast evenveel afschriften als er verweerders bij de zaak zijn.

Een afschrift van de omstreden beslissing dient bij het verzoekschrift te worden gevoegd overeenkomstig artikel 3 van de procesverordening.

Te ..., op ...;

De Minister, (1) Schrappen of uitwissen wat niet past.(2) Schrappen of uitwissen indien dat niet het geval is.(3) Schrappen of uitwissen indien het beroep bij de Regering onontvankelijk is.(4) De voorschriften van het gewestplan, van het gemeentelijk plan van aanleg, van de verkavelingsvergunning, van het gewestelijk of gemeentelijk stedenbouwkundig reglement waarvan de vergunningsaanvraag afwijkt, aangeven.(5) Eén of meer gedachtenstreepjes toevoegen indien nodig.(6) Schrappen of uitwissen indien de vergunning niet is afgeleverd.(7) Voor elke andere fase dan de eerste het aanvangspunt van de vervaltermijn aangeven.(8) Enkel te gebruiken in de gevallen bedoeld in artikel 88 van voornoemd Wetboek.(9) De overwegingen in feite en in rechte aangeven die als grondslag dienen voor de beslissing. UITTREKSELS UIT HET WAALSE WETBOEK VAN RUIMTELIJKE ORDENING, STEDENBOUW EN PATRIMONIUM 1) AANPLAKKING VAN DE VERGUNNING Art.134. De aanvrager moet een leesbaar bericht laten aanplakken op het terrein langs de openbare weg, waarbij wordt aangekondigd dat de vergunning is verleend, hetzij vóór de aanvang van de werken en tijdens de hele duur ervan wanneer het om werken gaat, hetzij, in de andere gevallen, vanaf de voorbereidingen, vooraleer de handeling(en) is (zijn) uitgevoerd en tijdens de hele duur van de uitvoering ervan.

Gedurende die periode moeten de vergunning en het bijgevoegde dossier of een door de gemeente of de gemachtigde ambtenaar voor echt verklaard afschrift van deze documenten permanent ter beschikking liggen van de in artikel 159 bedoelde ambtenaren op de plaats waar de werken en handelingen worden uitgevoerd. 2) VERVALLEN VAN DE VERGUNNING Art.98. Wanneer de verkavelingsvergunning geen stedebouwkundige lasten met zich meebrengt, noch de aanleg van nieuwe verbindingswegen, de wijziging van het tracé van de bestaande gemeentelijke verbindingswegen, hun verbreding of afschaffing tot gevolg heeft, vervalt zij voor het overige gedeelte indien er geen akten bedoeld in artikel 89, § 1, derde lid, die betrekking hebben op minstens één derde van de percelen werden geregistreerd binnen een termijn van vijf jaar na de afgifte van de vergunning.

Het verkoop- en verhuurbewijs wordt vóór het verstrijken van voormelde termijn van vijf jaar geleverd door de uittreksels uit de door de notaris of de ontvanger der registraties eensluidend verklaarde akten aan het College te betekenen.

Art. 99.Wanneer de verkavelingsvergunning de aanleg van nieuwe verbindingswegen met zich meebrengt, alsook de wijziging van het tracé van de bestaande gemeentelijke verbindingswegen, hun verbreding of afschaffing, vervalt de vergunning wanneer de houder ervan de opgelegde werken en lasten niet heeft uitgevoerd of de vereiste financiële waarborgen niet heeft verstrekt binnen vijf jaar na de afgifte van de vergunning.

De vergunning vervalt eveneens wanneer de houder binnen diezelfde termijn de stedebouwkundige lasten niet op zich heeft genomen of de krachtens artikel 91 vereiste financiële waarborgen niet heeft verstrekt.

Art. 100.Wanneer de werken in verschillende fasen mogen worden uitgevoerd, bepaalt de vergunning voor elke fase, met uitzondering van de eerste, de begindatum van de vervaltermijn van vijf jaar.

Art. 101.De verkavelingsvergunning vervalt van rechtswege. 3) VERLENGING VAN DE VERGUNNING Art.102. Een verkavelingsvergunning kan, op verzoek van de eigenaar van het perceel waarop ze betrekking heeft, gewijzigd worden voor zover de wijziging geen afbreuk doet aan de rechten die voortvloeien uit uitdrukkelijke overeenkomsten tussen de partijen.

De gewone heroverschrijving van de stedebouwkundige voorschriften van de verkavelingsvergunning in een authentieke akte of in een onderhandse overeenkomst mag niet worden beschouwd als een overeenkomst zoals bedoeld in het eerste lid.

Art. 103.De bepalingen die de verkavelingsvergunning regelen, gelden ook voor de wijziging ervan, onverminderd de vervulling van de onderstaande formaliteiten.

Alvorens zijn aanvraag in te dienen, stuurt de eigenaar een eensluidende afschrift ervan bij ter post aangetekend schrijven naar alle perceeleigenaars die de aanvraag niet medeondertekend hebben. De ontvangstbewijzen van de aangetekende brieven worden gevoegd bij het dossier dat bij de aanvraag gaat. Bezwaren moeten binnen dertig dagen na de dag waarop de aangetekende brieven ter post werden afgegeven, bij ter post aangetekend schrijven gericht worden aan het college van burgemeester en schepenen.

De wijziging wordt geweigerd indien de eigenaar(s) van meer dan een kwart van de in de oorspronkelijke vergunning toegestane percelen, hun bezwaarschrift binnen de in het tweede lid bedoelde termijn bij ter post aangetekend schrijven aan het College richten.

Art. 105.De wijziging van de verkavelingsvergunning heeft geen enkele weerslag op de vervaltermijn van de verkavelingsvergunning waarvan de wijziging is gevraagd. 4) BIJZONDERE BEPALINGEN DIE VAN TOEPASSING ZIJN OP DE VERKAVELINGEN DIE STEDENBOUWKUNDIGE LASTEN OF DE OPENING VAN VERKEERSWEGEN IMPLICEREN Art.95. Het is verboden een perceel dat het voorwerp uitmaakt van een verkavelingsvergunning of van een fase daarvan die stedebouwkundige lasten vergt, of waarvoor de aanleg van nieuwe verbindingswegen, de wijziging van het tracé van de bestaande gemeentelijke verbindingswegen, hun verbreding of afschaffing nodig is, vrijwillig te koop te bieden, te verkopen, in huur te geven of voor meer dan negen jaar te verhuren, in erfpacht of in opstal af te staan, voordat de houder van de vergunning hetzij de opgelegde werken en lasten heeft uitgevoerd, hetzij de financiële waarborgen heeft verstrekt die nodig zijn voor de uitvoering daarvan. De vervulling van deze formaliteiten wordt vastgesteld in een door het college van burgemeester en schepenen afgegeven attest en bij ter post aangetekende brief aan de verkavelaar betekend. Het College bezorgt een afschrift van dit attest aan de gemachtigde ambtenaar.

Behalve wanneer de overheid voor de voorzieningen zorgt, blijft de houder van de verkavelingsvergunning gedurende tien jaar, samen met de aannemer en de architect van de voorzieningen van de verkaveling, binnen de bij de artikelen 1792 en 2270 van het Burgerlijk Wetboek bepaalde perken hoofdelijk aansprakelijk ten overstaan van het Gewest, de gemeente en de kopers van de percelen.

Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Waalse Regering van 17 juli 2003 tot bepaling van de vorm van de aanvragen en beslissingen betreffende de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen.

Namen, 17 juli 2003.

De Minister-President, J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE De Minister van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Leefmilieu, M. FORET

BIJLAGE 14 - FORMULIER Q BEROEP BIJ DE REGERING (1) BESLISSING TOT - TOEKENNING - WEIGERING - VAN DE WIJZIGING VAN DE VERKAVELINGSVERGUNNING De Minister, Gelet op het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium; Overwegende dat ... een aanvraag voor een wijziging van de niet-verstreken, bij ... van ... vergunde verkavelingsvergunning nr. heeft ingediend met betrekking tot een goed gelegen te ... gekadastreerd afdeling ... en met als voorwerp...; (1) (2) Overwegende dat het college van burgemeester en schepenen van de gemeente ... met datum van ... de verkavelingsvergunning - toegekend - onder voorwaarden toegekend - geweigerd - heeft; (1) (2) Overwegende dat de beslissing van het College van Burgemeester en Schepenen door de aanvrager - de gemachtigd ambtenaar - ontvangen is op...; (3) (2) Overwegende dat de aanvrager de zaak met datum van ... bij de gemachtigd ambtenaar aanhangig heeft gemaakt; (1) (2) Overwegende dat de gemachtigd ambtenaar niet beslist heeft in de termijn bepaald bij artikel 118, § 2, van voornoemd Wetboek; (1) (2) Overwegende dat de gemachtigd ambtenaar de stedenbouwkundige vergunning met datum van ... toegekend - onder voorwaarden toegekend - geweigerd - heeft; (1) (2) Overwegende dat de beslissing van de gemachtigd ambtenaar door de aanvrager - het College van Burgemeester en Schepenen - ontvangen is op ...; (1) (2) Overwegende dat de gemachtigd ambtenaar een beroep heeft ingediend bij de Regering, met datum van ..., ontvangen op ...; dat bedoeld beroep onder wettelijke vorm en binnen de wettelijke termijn bepaald bij artikel 119, § 2, van voornoemd Wetboek is ingediend - niet onder wettelijke vorm en binnen de wettelijke termijn bepaald bij artikel 119, § 2, van voornoemd Wetboek is ingediend; dat het gelijktijdig - niet gelijktijdig - zowel aan de aanvrager als aan de Minister is ingediend; dat hij ontvankelijk - onontvankelijk is; (1) (2) Overwegende dat - de aanvrager - het college van burgemeester en schepenen - een beroep bij de Regering heeft ingediend met datum van ..., ontvangen op ...; dat het onder wettelijke vorm en binnen de wettelijke termijn is ingediend - niet onder wettelijke vorm en binnen de wettelijke termijn is ingediend; dat het ontvankelijk - onontvankelijk is; (2) Overwegende dat er een niet-vervallen stedenbouwkundig attest nr. 2 met betrekking tot de aanvraag is afgeleverd met datum van ...; (2) (3) Overwegende dat alle eigenaars van een kavel de aanvraag tegengetekend hebben;(1) (2) (3) Overwegende dat alle eigenaars van een kavel die de aanvraag niet tegengetekend hebben, vóór de indiening ervan, een eensluidend afschrift ervan hebben gekregen bij ter post aangetekend schrijven;dat de eigenaar(s) van de kavel(s) ... een bezwaarschrift ingediend heeft - hebben binnen een termijn van dertig dagen na datum van afgifte bij de post van de aangetekende zendingen; dat die eigenaar(s) meer - minder dan één kwart van de in de aanvankelijke vergunning vergunde kavels bezit(ten); (1) (2) (3) Overwegende dat de eigenaar(s) van de kavel(s) ... die de aanvraag niet tegengetekend heeft - hebben, geen eensluidend afschrift ervan gekregen heeft - hebben bij ter post aangetekend schrijven; (1) (3) Overwegende dat uit het ingediende dossier of uit de bezwaarschriften blijkt - niet blijkt dat de toelating om de vergunning te wijzigen de rechten voortvloeiende uit de uitdrukkelijke overeenkomsten tussen de partijen schade berokkent; (1) (2) (3) Overwegende dat het goed gelegen is - in een omtrek ... - in een ... gebied op het gewestplan van ..., aangenomen bij ... van ... dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) (3) Overwegende dat het goed in een ...gebied gelegen is in de omtrek van het gemeentelijk plan van aanleg ... goedgekeurd bij ... van ..., en dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) (3) Overwegende dat het goed gelegen is op de kavel nr.... in de omtrek van verkaveling nr. ... niet vervallen vergund bij ... van ...; (2) (3) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen dat van toepassing is in de beschermingsgebieden van sommige gemeenten inzake stedenbouw van toepassing is op het grondgebied waarvan het goed gelegen is krachtens ... van ...; (2) (3) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen in landbouwgebieden van toepassing is op het grondgebied waar het goed krachtens ... van ... gelegen is; (2) (3) Overwegende dat het goed in een ...gebied gelegen is in het gemeentelijk structuurplan aangenomen bij ... van ...; (1) (2) (3) Overwegende dat er een gemeentelijk stedenbouwkundig reglement goedgekeurd bij ... van ... van kracht is over het gehele gemeentelijke grondgebied waar het goed gelegen is en alle punten bedoeld in artikel 78, § 1, van voornoemd Wetboek inhoudt; dat het goed gelegen is in een ûgebied- ondergebied - ... in bedoeld reglement; (2) (3) Overwegende dat de gewestelijke of gemeentelijke stedenbouwkundige reglementen zoals volgt eveneens van toepassing zijn op het gemeentelijk grondgebied of het gedeelte ervan waar het goed gelegen is;...; (1) (2) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een - beschermd - goed dat op de beschermingslijst opgenomen is - gelegen is in een beschermingsgebied als bedoeld in artikel 209 van voornoemd Wetboek - gelegen is in een gebied dat opgenomen is op de lijst van de archeologische sites als bedoeld in artikel 233 van voornoemd Wetboek -; (2) (3) Overwegende dat er met betrekking tot de aanvraag een niet-vervallen patrimoniumsattest is afgeleverd met datum van ...; (1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een Natura 2000-gebied als bedoeld in artikel 1bis , enig lid, 18°, van de wet van 12 juli 1973 over het natuurbehoud, gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een gebied dat aangewezen is krachtens artikel 6 van de wet van 12 juli 1973 over het natuurbehoud, laatst gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in een waterwinnings-, preventie- of bewakingsgebied in de zin van het decreet van 30 april 1990 op de bescherming en de exploitatie van tot drinkwater verwerkbaar water, laatst gewijzigd bij het decreet van 15 april 1999 betreffende de kringloop van het water en houdende oprichting van een " Société publique de Gestion de l'Eau " (Openbare Maatschappij voor Waterbeheer) en bij het decreet van 12 december 2002;(1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed - gelegen in één van de dunbevolkte gebieden die niet met riolering zijn uitgerust en waar een individueel waterzuiveringssysteem in de zin van artikel 3, 9°, van het besluit van de Waalse Regering van 19 september 1991 tot vaststelling van de regelen voor de inrichting en de uitwerking van de algemene gemeentelijke afwateringsplannen, gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001 aangelegd zal worden - dat, hoewel in een agglomeratiezone gelegen, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied waarvan de regeling toepasselijk werd gemaakt bij beslissing van ..., en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... - waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied, en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als collectief saneringsgebied, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 6 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als zelfstandig saneringsgebied, vrijgesteld kan worden van individuele zuivering krachtens artikel 9 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (1) (2) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag - de opening van nieuwe gemeentelijke verkeerswegen - de wijziging van het tracé van bestaande gemeentelijke verkeerswegen - de verbreding van bestaande gemeentelijke verkeerswegen - de opheffing van bestaande gemeentelijke verkeerswegen impliceert;dat de vergunningsaanvraag ter advies is voorgelegd - niet ter advies is voorgelegd - aan het gewestelijke - het provinciebestuur; dat de gemeenteraad na het treffen van bijzondere bekendmakingsmaatregelen erover beraadslaagd heeft; (1) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag een korte uiteenzetting van de milieueffectenrapportering geen korte uiteenzetting van de milieueffectenrapportering bevat - een milieueffectenstudie - geen milieueffectenstudie bevat; (2) (3) Overwegende dat er een milieueffectenstudie is doorgevoerd om volgende reden(en) : ...; (2) (3) (4) Overwegende dat de vergunningsaanvraag niet conform is aan om volgende reden(en) : ...; (1) (2) (3) Overwegende dat de beslissing van de gemachtigd ambtenaar over de afwijkingsaanvraag die het College van Burgemeester en Schepenen op ... aan hem heeft gericht, gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is; dat zijn beslissing als volgt luidt en als volgt gemotiveerd is : ...; (1) (2) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag aan bijzondere bekendmakingsmaatregelen is onderworpen om volgende reden(en) : ...; (1) (2) (3) Overwegende dat er ... bezwaarschrift(en) - geen bezwaarschrift(en) is - zijn ingediend; dat er een overlegvergadering - geen overlegvergadering plaatsgevonden heeft; (1) (2) (3) Overwegende dat hierna vernoemde dienst(en) en commissie(s) geraadpleegd is - zijn om volgende reden(en) : -(dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; - (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; - (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; (4) (1) (2) Overwegende dat het advies van het Directoraat-generaal Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu ingewonnen is op ... overeenkomstig artikel 116, § 1, 2°, en overgemaakt op ..., gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -;

Overwegende dat bij artikel 120 van voornoemd Wetboek een adviescommissie ingesteld wordt, belast met het uitbrengen van een gemotiveerd advies over de beroepen bedoeld in artikel 119 van bedoeld Wetboek;

Overwegende dat partijen en het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium uitgenodigd zijn om gehoord te worden door de adviescommissie van ...; (2) Overwegende dat die commissie met datum van ... volgend advies heeft overgemaakt : ...; (2) Overwegende dat die commissie zijn advies niet binnen de opgelegde termijn heeft overgemaakt;dat dat advies geacht is gunstig te zijn voor de indiener van het beroep; (2) Overwegende dat de aanvrager met datum van ... een herinneringsschrijven heeft verstuurd, door de Regering ontvangen op ...; (3) (9) Overwegende dat ... . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .

Beslist : (1) Artikel 1.- De door ... aangevraagde wijziging van de verkavelingsvergunning is - toegekend - geweigerd. (6) - De houder van de vergunning dient : (2) (6) (7) Artikel ... - De verkaveling wordt in ... fasen uitgevoerd zoals hierna aangegeven : ...

Artikel ... - Van deze beslissing wordt uitgifte gegeven aan de aanvrager, aan het college van burgemeester en schepenen van de gemeente ... en aan de gemachtigd ambtenaar. (6) Artikel ... - De houder van de vergunning licht het college van burgemeester en schepenen en de gemachtigd ambtenaar bij aangetekend schrijven in over de aanvang van de vergunde werken of handelingen, ten minste acht dagen vóór aanvang ervan.

Labell Artikel ... - De persoon aan wie de handeling bestemd is, heeft de mogelijk om een beroep in te dienen bij de Raad van State door middel van een verzoekschrift ondertekend door hemzelf en een op de tabel van de orde ingeschreven advocaat, op de lijst van de stagiairs evenals, volgens de bepalingen van het Burgerlijk Wetboek, door één van de onderdanen van een Staat die lid is van de Europese Unie en die gemachtigd is om het beroep van advocaat uit te oefenen, binnen een termijn van zestig dagen te rekenen vanaf de kennisgeving van deze beslissing.

Het verzoekschrift moet bij ter post aangetekend schrijven aan de Raad van State opgestuurd worden.

Het verzoekschrift wordt gedateerd en bevast overeenkomstig artikel 1 van de procesverordening : 1° naam, hoedanigheid en verblijfplaats of zetel van de verzoeker;2° het voorwerp van de aanvraag of van het beroep en een uiteenzetting van de feiten en middelen;3° naam, verblijfplaats of zetel van de verweerder. Bovendien dienen volgens artikel 85 van de procesverordening drie door de ondertekenaar eensluidend verklaarde afschriften bij het verzoekschrift te worden gevoegd, met daarnaast evenveel afschriften als er verweerders bij de zaak zijn.

Een afschrift van de omstreden beslissing dient bij het verzoekschrift te worden gevoegd overeenkomstig artikel 3 van de procesverordening.

Te ..., op ...;

De Minister, (1) Schrappen of uitwissen wat niet past.(2) Schrappen of uitwissen indien dat niet het geval is.(3) Schrappen of uitwissen indien het beroep bij de Regering onontvankelijk is.(4) De voorschriften van het gewestplan, van het gemeentelijk plan van aanleg, van de verkavelingsvergunning, van het gewestelijk of gemeentelijk stedenbouwkundig reglement waarvan de vergunningsaanvraag afwijkt, aangeven.(5) Eén of meer gedachtenstreepjes toevoegen indien nodig.(6) Schrappen of uitwissen indien de vergunning niet is afgeleverd.(7) Voor elke andere fase dan de eerste het aanvangspunt van de vervaltermijn aangeven.(8) Enkel te gebruiken in de gevallen bedoeld in artikel 88 van voornoemd Wetboek.(9) De overwegingen in feite en in rechte aangeven die als grondslag dienen voor de beslissing. UITTREKSELS UIT HET WAALSE WETBOEK VAN RUIMTELIJKE ORDENING, STEDENBOUW EN PATRIMONIUM 1) AANPLAKKING VAN DE VERGUNNING Art.134. De aanvrager moet een leesbaar bericht laten aanplakken op het terrein langs de openbare weg, waarbij wordt aangekondigd dat de vergunning is verleend, hetzij vóór de aanvang van de werken en tijdens de hele duur ervan wanneer het om werken gaat, hetzij, in de andere gevallen, vanaf de voorbereidingen, vooraleer de handeling(en) is (zijn) uitgevoerd en tijdens de hele duur van de uitvoering ervan.

Gedurende die periode moeten de vergunning en het bijgevoegde dossier of een door de gemeente of de gemachtigde ambtenaar voor echt verklaard afschrift van deze documenten permanent ter beschikking liggen van de in artikel 159 bedoelde ambtenaren op de plaats waar de werken en handelingen worden uitgevoerd. 2) VERVALLEN VAN DE VERGUNNING Art.98. Wanneer de verkavelingsvergunning geen stedebouwkundige lasten met zich meebrengt, noch de aanleg van nieuwe verbindingswegen, de wijziging van het tracé van de bestaande gemeentelijke verbindingswegen, hun verbreding of afschaffing tot gevolg heeft, vervalt zij voor het overige gedeelte indien er geen akten bedoeld in artikel 89, § 1, derde lid, die betrekking hebben op minstens één derde van de percelen werden geregistreerd binnen een termijn van vijf jaar na de afgifte van de vergunning.

Het verkoop- en verhuurbewijs wordt vóór het verstrijken van voormelde termijn van vijf jaar geleverd door de uittreksels uit de door de notaris of de ontvanger der registraties eensluidend verklaarde akten aan het College te betekenen.

Art. 99.Wanneer de verkavelingsvergunning de aanleg van nieuwe verbindingswegen met zich meebrengt, alsook de wijziging van het tracé van de bestaande gemeentelijke verbindingswegen, hun verbreding of afschaffing, vervalt de vergunning wanneer de houder ervan de opgelegde werken en lasten niet heeft uitgevoerd of de vereiste financiële waarborgen niet heeft verstrekt binnen vijf jaar na de afgifte van de vergunning.

De vergunning vervalt eveneens wanneer de houder binnen diezelfde termijn de stedebouwkundige lasten niet op zich heeft genomen of de krachtens artikel 91 vereiste financiële waarborgen niet heeft verstrekt.

Art. 100.Wanneer de werken in verschillende fasen mogen worden uitgevoerd, bepaalt de vergunning voor elke fase, met uitzondering van de eerste, de begindatum van de vervaltermijn van vijf jaar.

Art. 101.De verkavelingsvergunning vervalt van rechtswege. 3) VERLENGING VAN DE VERGUNNING Art.102. Een verkavelingsvergunning kan, op verzoek van de eigenaar van het perceel waarop ze betrekking heeft, gewijzigd worden voor zover de wijziging geen afbreuk doet aan de rechten die voortvloeien uit uitdrukkelijke overeenkomsten tussen de partijen.

De gewone heroverschrijving van de stedebouwkundige voorschriften van de verkavelingsvergunning in een authentieke akte of in een onderhandse overeenkomst mag niet worden beschouwd als een overeenkomst zoals bedoeld in het eerste lid.

Art. 103.De bepalingen die de verkavelingsvergunning regelen, gelden ook voor de wijziging ervan, onverminderd de vervulling van de onderstaande formaliteiten.

Alvorens zijn aanvraag in te dienen, stuurt de eigenaar een eensluidende afschrift ervan bij ter post aangetekend schrijven naar alle perceeleigenaars die de aanvraag niet medeondertekend hebben. De ontvangstbewijzen van de aangetekende brieven worden gevoegd bij het dossier dat bij de aanvraag gaat. Bezwaren moeten binnen dertig dagen na de dag waarop de aangetekende brieven ter post werden afgegeven, bij ter post aangetekend schrijven gericht worden aan het college van burgemeester en schepenen.

De wijziging wordt geweigerd indien de eigenaar(s) van meer dan een kwart van de in de oorspronkelijke vergunning toegestane percelen, hun bezwaarschrift binnen de in het tweede lid bedoelde termijn bij ter post aangetekend schrijven aan het College richten.

Art. 105.De wijziging van de verkavelingsvergunning heeft geen enkele weerslag op de vervaltermijn van de verkavelingsvergunning waarvan de wijziging is gevraagd.

BIJZONDERE BEPALINGEN DIE VAN TOEPASSING ZIJN OP DE VERKAVELINGEN DIE STEDENBOUWKUNDIGE LASTEN OF DE OPENING VAN VERKEERSWEGEN IMPLICEREN

Art. 95.Het is verboden een perceel dat het voorwerp uitmaakt van een verkavelingsvergunning of van een fase daarvan die stedebouwkundige lasten vergt, of waarvoor de aanleg van nieuwe verbindingswegen, de wijziging van het tracé van de bestaande gemeentelijke verbindingswegen, hun verbreding of afschaffing nodig is, vrijwillig te koop te bieden, te verkopen, in huur te geven of voor meer dan negen jaar te verhuren, in erfpacht of in opstal af te staan, voordat de houder van de vergunning hetzij de opgelegde werken en lasten heeft uitgevoerd, hetzij de financiële waarborgen heeft verstrekt die nodig zijn voor de uitvoering daarvan. De vervulling van deze formaliteiten wordt vastgesteld in een door het college van burgemeester en schepenen afgegeven attest en bij ter post aangetekende brief aan de verkavelaar betekend. Het College bezorgt een afschrift van dit attest aan de gemachtigde ambtenaar.

Behalve wanneer de overheid voor de voorzieningen zorgt, blijft de houder van de verkavelingsvergunning gedurende tien jaar, samen met de aannemer en de architect van de voorzieningen van de verkaveling, binnen de bij de artikelen 1792 en 2270 van het Burgerlijk Wetboek bepaalde perken hoofdelijk aansprakelijk ten overstaan van het Gewest, de gemeente en de kopers van de percelen.

Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Waalse Regering van 17 juli 2003 tot bepaling van de vorm van de aanvragen en beslissingen betreffende de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen.

Namen, 17 juli 2003.

De Minister-President, J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE De Minister van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Leefmilieu, M. FORET

BIJLAGE 14 - FORMULIER R BEROEP BIJ DE GEMACHTIGD AMBTENAAR (1) BESLISSING TOT - TOEKENNING - WEIGERING VAN DE STEDENBOUWKUNDIGE VERGUNNING De gemachtigd ambtenaar, Gelet op het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium; Overwegende dat ... een aanvraag voor een stedenbouwkundige vergunning heeft ingediend met betrekking tot een goed gelegen te ... gekadastreerd afdeling ... en met als voorwerp...; (1) (2) Overwegende dat het college van burgemeester en schepenen van de gemeente ... met datum van ... de stedenbouwkundige vergunning - toegekend - onder voorwaarden toegekend - geweigerd - heeft; (1) (2) Overwegende dat de beslissing van het college van burgemeester en schepenen door de aanvrager - de gemachtigd ambtenaar - ontvangen is op...; (1) (2) Overwegende dat de aanvrager met datum van ... een beroep heeft ingediend bij de gemachtigd ambtenaar, ontvangen op...; dat het onder wettelijke vorm en binnen de wettelijke termijn - niet onder wettelijke vorm en binnen de wettelijke termijn is ingediend; dat het ontvankelijk - onontvankelijk is; (2) (3) Overwegende dat er een niet-vervallen stedenbouwkundig attest nr.2 met betrekking tot de aanvraag is afgeleverd met datum van ...; (2) (3) Overwegende dat het goed gelegen is - in een omtrek ... - in een ... gebied op het gewestplan van ..., aangenomen bij ... van ... dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) (3) Overwegende dat het goed in een ... gebied gelegen is in de omtrek van het gemeentelijk plan van aanleg ... goedgekeurd bij ... van ..., en dat niet opgehouden heeft uitwerking te hebben voor voornoemd goed; (2) (3) Overwegende dat het goed gelegen is op de kavel nr.... in de omtrek van verkaveling nr. ... niet vervallen vergund bij ... van ...; (2) (3) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen dat van toepassing is in de beschermingsgebieden van sommige gemeenten inzake stedenbouw van toepassing is op het grondgebied waarvan het goed gelegen is krachtens ... van ...; (2) (3) Overwegende dat het algemeen reglement op gebouwen in landbouwgebieden van toepassing is op het grondgebied waar het goed krachtens ... van ... gelegen is; (2) (3) Overwegende dat het goed in een ... gebied gelegen is in het gemeentelijk structuurplan aangenomen bij ... van ...; (1) (2) (3) Overwegende dat er een gemeentelijk stedenbouwkundig reglement goedgekeurd bij ... van ... van kracht is over het gehele gemeentelijke grondgebied waar het goed gelegen is en alle punten bedoeld in artikel 78, § 1, van voornoemd Wetboek inhoudt; dat het goed gelegen is in een - gebied- ondergebied - ... in bedoeld reglement; (2) (3) Overwegende dat de gewestelijke of gemeentelijke stedenbouwkundige reglementen zoals volgt eveneens van toepassing zijn op het gemeentelijk grondgebied of het gedeelte ervan waar het goed gelegen is;...; (1) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag een korte uiteenzetting van de milieueffectenrapportering omvat - niet omvat;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een Natura 2000-gebied als bedoeld in artikel 1bis , enig lid, 18°, van de wet van 12 juli 1973 over het natuurbehoud, gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in de omtrek van een gebied dat aangewezen is krachtens artikel 6 van de wet van 12 juli 1973 over het natuurbehoud, laatst gewijzigd bij het decreet van 6 november 2001 betreffende de instandhouding van de Natura 2000-gebieden, evenals van de wilde fauna en flora;(1) (2) Overwegende dat de vergunningsaanvraag verband houdt met een goed dat gelegen is in een waterwinnings-, preventie- of bewakingsgebied in de zin van het decreet van 30 april 1990 op de bescherming en de exploitatie van tot drinkwater verwerkbaar water, laatst gewijzigd bij het decreet van 15 april 1999 betreffende de kringloop van het water en houdende oprichting van een " Société publique de Gestion de l'Eau " (Openbare Maatschappij voor Waterbeheer) en bij het decreet van 12 december 2002;(1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed - gelegen in één van de dunbevolkte gebieden die niet met riolering zijn uitgerust en waar een individueel waterzuiveringssysteem in de zin van artikel 3, 9°, van het besluit van de Waalse Regering van 19 september 1991 tot vaststelling van de regelen voor de inrichting en de uitwerking van de algemene gemeentelijke afwateringsplannen, gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001 aangelegd zal worden - dat, hoewel in een agglomeratiezone gelegen, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 15 oktober 1998 houdende reglementering van de opvang van stedelijk afvalwater, evenals bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2001; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied waarvan de regeling toepasselijk werd gemaakt bij beslissing van ..., en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (1) (2) Overwegende dat de aanvraag verband houdt met een goed gelegen in de omtrek van het ontwerp van saneringsplan per hydrografisch onderbekken van ... - waarin bedoeld plan opgenomen is als zelfstandig saneringsgebied, en dat het voorwerp moet uitmaken van een individuele zuivering in de zin van artikel 7 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als collectief saneringsgebied, het voorwerp kan uitmaken van een individuele zuivering krachtens artikel 6 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater - dat, hoewel opgenomen als zelfstandig saneringsgebied, vrijgesteld kan worden van individuele zuivering krachtens artikel 9 van het besluit van de Waalse Regering van 22 mei 2003 betreffende het algemeen reglement voor de sanering van stedelijk afvalwater; (2) (3) (4) Overwegende dat de vergunningsaanvraag niet conform is aan om volgende reden(en) : ...; (1) (2) (3) Overwegende dat de beslissing van de gemachtigd ambtenaar over de afwijkingsaanvraag die het College van Burgemeester en Schepenen op ... aan hem heeft gericht, gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is; dat zijn beslissing als volgt luidt en als volgt gemotiveerd is : ...; (1) (2) (3) Overwegende dat de vergunningsaanvraag aan bijzondere bekendmakingsmaatregelen is onderworpen om volgende reden(en) : ...; (1) (2) (3) Overwegende dat er ... bezwaarschrift(en) - geen bezwaarschrift(en) is - zijn ingediend; dat er een overlegvergadering - geen overlegvergadering plaatsgevonden heeft; (1) (2) (3) Overwegende dat hierna vernoemde dienst(en) en commissie(s) geraadpleegd is - zijn om volgende reden(en) : -(dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; - (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; - (dienst/commissie) ... : (reden) ...; dat zijn op ... ingewonnen en op ... overgemaakt advies gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; (4) (1) (2) Overwegende dat het advies van het Directoraat-generaal Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu ingewonnen is op ... overeenkomstig artikel 116, § 1, 2°, en overgemaakt op ..., gunstig - onder voorwaarden gunstig - ongunstig is - geacht is bij ontstentenis gunstig te zijn -; (3) (9) Overwegende dat ... . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .

Beslist : (1) Artikel 1.- De door ... aangevraagde stedenbouwkundige vergunning is - toegekend - geweigerd. (6) - De houder van de vergunning dient : (2) (6) (7) Artikel ... - De vergunde werken en handelingen worden uitgevoerd in ... opeenvolgende fasen, zoals hierna aangegeven : ... (6) (8) Artikel ... - De vergunde handelingen of werken mogen niet behouden blijven na...

Artikel ... - Van deze beslissing wordt uitgifte gegeven aan de aanvrager, aan het college van burgemeester en schepenen van de gemeente ... en aan de gemachtigd ambtenaar. (6) Artikel ... - De houder van de vergunning licht het college van burgemeester en schepenen en de gemachtigd ambtenaar bij aangetekend schrijven in over de aanvang van de vergunde werken of handelingen, ten minste acht dagen vóór aanvang ervan. (6) Artikel ... - Deze vergunning stelt niet vrij van de verplichting om bij andere wetten en regelgevingen, inzonderheid ..., opgelegde vergunningen of toelatingen aan te vragen.

Artikel ... - De persoon aan wie de handeling bestemd is, heeft de mogelijk om een beroep in te dienen bij de Raad van State door middel van een verzoekschrift ondertekend door hemzelf en een op de tabel van de orde ingeschreven advocaat, op de lijst van de stagiairs evenals, volgens de bepalingen van het Burgerlijk Wetboek, door één van de onderdanen van een Staat die lid is van de Europese Unie en die gemachtigd is om het beroep van advocaat uit te oefenen, binnen een termijn van zestig dagen te rekenen vanaf de kennisgeving van deze beslissing.

Het verzoekschrift moet bij ter post aangetekend schrijven aan de Raad van State opgestuurd worden.

Het verzoekschrift wordt gedateerd en bevast overeenkomstig artikel 1 van de procesverordening : 1° naam, hoedanigheid en verblijfplaats of zetel van de verzoeker;2° het voorwerp van de aanvraag of van het beroep en een uiteenzetting van de feiten en middelen;3° naam, verblijfplaats of zetel van de verweerder. Bovendien dienen volgens artikel 85 van de procesverordening drie door de ondertekenaar eensluidend verklaarde afschriften bij het verzoekschrift te worden gevoegd, met daarnaast evenveel afschriften als er verweerders bij de zaak zijn.

Een afschrift van de omstreden beslissing dient bij het verzoekschrift te worden gevoegd overeenkomstig artikel 3 van de procesverordening.

Te ........, op ........;

De Minister, (1) Schrappen of uitwissen wat niet past (2) Schrappen of uitwissen indien dat niet het geval is.(3) Schrappen of uitwissen indien het beroep bij de Regering onontvankelijk is.(4) De voorschriften van het gewestplan, van het gemeentelijk plan van aanleg, van de verkavelingsvergunning, van het gewestelijk of gemeentelijk stedenbouwkundig reglement waarvan de vergunningsaanvraag afwijkt, aangeven.(5) Eén of meer gedachtenstreepjes toevoegen indien nodig.(6) Schrappen of uitwissen indien de vergunning niet is afgeleverd.(7) Voor elke andere fase dan de eerste het aanvangspunt van de vervaltermijn aangeven.(8) Enkel te gebruiken in de gevallen bedoeld in artikel 88 van voornoemd Wetboek.(9) De overwegingen in feite en in rechte aangeven die als grondslag dienen voor de beslissing. UITTREKSELS UIT HET WAALSE WETBOEK VAN RUIMTELIJKE ORDENING, STEDENBOUW EN PATRIMONIUM 1) AANPLAKKING VAN DE VERGUNNING Art.134. De aanvrager moet een leesbaar bericht laten aanplakken op het terrein langs de openbare weg, waarbij wordt aangekondigd dat de vergunning is verleend, hetzij vóór de aanvang van de werken en tijdens de hele duur ervan wanneer het om werken gaat, hetzij, in de andere gevallen, vanaf de voorbereidingen, vooraleer de handeling(en) is (zijn) uitgevoerd en tijdens de hele duur van de uitvoering ervan.

Gedurende die periode moeten de vergunning en het bijgevoegde dossier of een door de gemeente of de gemachtigde ambtenaar voor echt verklaard afschrift van deze documenten permanent ter beschikking liggen van de in artikel 159 bedoelde ambtenaren op de plaats waar de werken en handelingen worden uitgevoerd. 2) VERVALLEN VAN DE VERGUNNING Art.87. § 1. De vergunning vervalt indien de begunstigde binnen twee jaar na de verzending ervan niet op een significante wijze met de werken is gestart. § 2. De vergunning vervalt voor de overige werken indien deze niet volledig werden uitgevoerd binnen vijf jaar na de verzending ervan, behalve wanneer ze in fasen uitgevoerd mogen worden. In dat geval bepaalt de vergunning de vervaldatum voor elke fase, met uitzondering van de eerste.

De vergunning vervalt van rechtswege. 3) VERLENGING VAN DE VERGUNNING Art.87. § 3. De vergunning kan evenwel met één jaar verlengd worden op verzoek van de begunstigde ervan. Het verzoek moet ingediend worden binnen dertig dagen vóór de in artikel 87, § 1 bedoelde vervaldatum.

De verlenging wordt toegestaan door het college van burgemeester en schepenen. 4) CERTIFICERING VAN DE CONFORMITEIT VAN DE WERKEN Art.139. - § 1. De vergunningsgerechtigde dient te laten verifiëren of de staat van het goed conform is aan de vergunning, uiterlijk binnen een termijn van zes maanden volgend op de afloop van de termijn bepaald bij artikel 87, § 2, of vóór een overdracht.

Indien het een overdracht betreft die meer dan drie jaar na een verificatie plaatsvindt, dient de overdrager te laten verifiëren of zijn goed conform is aan de vergunning vóór de akte van overdracht.

Een verificatie is evenwel vereist vóór elke overdracht die plaatsvindt na een voorlopige verificatie. § 2. De verificatie wordt verricht door een erkend certificeerder die gekozen wordt door de vergunningsgerechtigde of de overdrager.

Als de gemeente het stedenbouwkundig eenvormigheidsattest of het stuk waarmee de weigering van het stedenbouwkundig attest bevestigd wordt, niet gekregen heeft aan het einde van de zes maanden volgend op de afloop van de termijn bepaald bij artikel 87, § 2, geeft het college van burgemeester en schepenen of het personeelslid dat bedoeld College daartoe machtigt van ambtswege opdracht tot het doorvoeren van de verificatie aan een erkend certificeerder.

In alle gevallen worden de verificatiekosten gedragen door de vergunningsgerechtigde of de overdrager.

In de vergunning wordt melding gemaakt van de eventuele fases voor de verwezenlijking van de bouwwerken met vermelding van de aanvang van elke fase.

Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Waalse Regering van 17 juli 2003 tot bepaling van de vorm van de aanvragen en beslissingen betreffende de stedenbouwkundige vergunningen, de verkavelingsvergunningen en de wijzigingen van verkavelingsvergunningen.

Namen, 17 juli 2003.

De Minister-President, J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE De Minister van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Leefmilieu, M. FORET

^