Etaamb.openjustice.be
Besluit Van De Waalse Regering van 30 juni 2009
gepubliceerd op 22 september 2009

Besluit van de Waalse Regering betreffende de bebouwingsvergunning

bron
waalse overheidsdienst
numac
2009204146
pub.
22/09/2009
prom.
30/06/2009
ELI
eli/besluit/2009/06/30/2009204146/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
links
Raad van State (chrono)
Document Qrcode

30 JUNI 2009. - Besluit van de Waalse Regering betreffende de bebouwingsvergunning


De Waalse Regering, Gelet op het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw, Patrimonium en Energie, inzonderheid op de artikelen 11, 115, tweede lid, en 127, § 2, tweede lid;

Gelet op de hoofdstukken VIbis en IX van Titel I van Boek V van hetzelfde Wetboek;

Gelet op het advies van de "Commission régionale de l'Aménagement du Territoire" (Gewestelijke Commissie voor Ruimtelijke Ordening), gegeven op 29 mei 2009;

Gelet op het advies nr. 46.973/4 van de Raad van State, gegeven op 29 juni 2009, overeenkomstig artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;

Op de voordracht van de Minister van Huisvesting, Vervoer en Ruimtelijke Ontwikkeling;

Na beraadslaging, Besluit :

Artikel 1.Het opschrift van hoofdstuk IX van titel I van Boek V van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw, Patrimonium en Energie wordt vervangen als volgt : « Hoofdstuk IX. - Samenstelling van de aanvraag tot bebouwingsvergunning of van de aanvraag tot wijziging van de bebouwingsvergunning. » De afdelingen 1 tot 4 van hetzelfde hoofdstuk en het opschrift ervan worden opgeheven.

Art. 2.De artikelen 311 en 312 van hetzelfde Wetboek worden vervangen als volgt : «

Art. 311.§ 1. Het dossier van de aanvraag tot bebouwingsvergunning bevat in drie exemplaren : 1° een aanvraag tot bebouwingsvergunning waarvoor gebruik gemaakt moet worden van het formulier waarvan het model in bijlage 23 opgenomen is;2° een liggingsplan van bedoeld goed, opgemaakt op 1/10 000e of 1/5 000e, in een straal van 500 meter ervan : a) de oriëntering;b) de grenzen van de gebieden van het gewestplan; c) de plaatsbepaling van bedoeld goed t.o.v. de centrale kern van de plaats, alsook, desgevallend, t.o.v. een hoogrisico-omtrek bedoeld in artikel 31, een omtrek bedoeld in artikel 136bis of een site Natura 2000; d) de aansluitingswegen met opgave van het rechtsstatuut en de benaming ervan;3° de juridische toestand van bedoeld goed, waarbij gewag gemaakt van het volgende : a) de bestemming van het goed op het gewestplan;b) desgevallend, de bestemming ervan op het gemeentelijk plan van aanleg, de ligging ervan op het gemeentelijk structuurschema en de inrichtingsopties van het stedenbouwkundig en milieurapport;c) of het goed opgenomen is in de omtrek die onder het toepassingsgebied valt van het algemeen reglement op de gebouwen in landelijk gebied, van het algemeen reglement op de gebouwen dat inzake stedenbouw toepasselijk is in de beschermde gebieden van sommige gemeenten of van een gemeentelijk stedenbouwkundig reglement; 4° de stedenbouwkundige en landschappelijke context op een plan op de schaal 1/2 500e, 1/10.000e of 1/500e, waarop het volgende voorkomt : a) de oriëntering;b) de aansluitingswegen, met inbegrip van het vestigingsniveau, de inrichtingen en uitrustingen ervan, alsook, desgevallend de overwogen en gemerkte wijzigingen die er betrekking op hebben;c) de naam van de eigenaars van bedoeld goed en van de aangrenzende goederen;d) de vestiging, de afmetingen, de aard of de bestemming van de gebouwen die zich op bedoeld goed bevinden binnen een straal van 100 meter ervan;e) de voornaamste krachtlijnen van het landschap zoals de opmerkelijke reliëfelementen, de niveaukrommen, de vegetatie, met inbegrip van de aanwezigheid van bomen of van waardevolle hagen in de zin van artikel 266, de aanwezigheid van waterlopen of van elk ander opmerkelijk landschapselement op bedoeld goed en binnen een straal van 100 meter ervan;f) de genummerde opgave van de opnames van de fotoreportage bedoeld in punt 5°;5° een fotoreportage op grond waarvan de stedenbouwkundige en landschappelijke context waarin het project past in overweging genomen kan worden en die het volgende inhoudt : a) twee opnames, één vanop de weg, waarop het goed en de gebouwen die eraan grenzen te zien zijn, de andere waarop het perceel (de percelen) tegenover elkaar te zien zijn aan de overzijde van de weg;b) minstens drie opnames om de grenzen van bedoeld goed en de naburige gebouwen te visualiseren;c) een opname vanop 200 meter op elke windstreek met melding op de foto van de plaats waar het project gevestigd is. § 2. Behalve de stukken bedoeld in § 1, bevat het dossier van de aanvraag tot bebouwingsvergunning een rapport in drie exemplaren met : 1° de inrichtingsopties betreffende energiebesparing en het vervoer, de infrastructuren en de technische netwerken, het landschap, de stedenbouw, de architectuur en de groene ruimten;de inrichtingsopties omschrijven in welke mate het bebouwingsproject rekening houdt met de context waarin het kadert, hem versterkt, corrigeert of erdoor ingegeven wordt; 2° de globale architecturale optie die het volgende omvat : de huidige bezetting van bedoeld goed, opgemaakt op een plan op de schaal 1/1 000e of 1/500e, met : 1.de gemerkte grenzen van bedoeld goed en de niveaukrommen; 2. de nummering van de percelen en de naam van de eigenaars van de aangrenzende percelen;3. minstens twee gemerkte doorsneden (langs- en dwarsdoorsnede) van het bodemreliëf alsook, desgevallend, de overwogen en gemerkte wijzigingen die er betrekking op hebben;4. desgevallend, de vestiging en de afmetingen van de te behouden of af te breken gebouwen op bedoeld goed;5. de erfdienstbaarheden door toedoen van de mens;6. het tracé en de rooilijn van de aansluitingswegen, alsook de totaalbreedte ervan, de breedte en de aard van de wegverharding;7. de haltepunten van het dichtstbijzijnde openbaar vervoer;8. het tracé en de eindpunten van de bestaande dichtstbij gelegen waterleidingen met hun technische kenmerken (inzonderheid de diameter, de capaciteit) en hun vermogen om bedoeld goed te bevoorraden;9. het tracé en de eindpunten van de bestaande dichtstbij gelegen elektrische leidingen met hun technische kenmerken;10. het tracé en de eindpunten van de bestaande dichtstbij gelegen rioleringen, met hun technische kenmerken en hun vermogen om het afvalwater van de verkaveling af te voeren (eventueel door aanduiding van een bestaand waterzuiveringsstation);11. de bestaande middelen voor de afvoer van het oppervlaktewater;b) op dezelfde schaal, de overwogen bezetting van bedoeld goed, met : 1.voor het te bebouwen geheel, de dichtheid en de compactheid van de overwogen volumes t.o.v. de energetische prestatie van de bebouwing afgeleid uit : - het reliëf, de configuratie en de oriëntatie van het terrein; - het zuinig ontwerp van de wegen; - het zuinig gebruik van de beschikbare grond voor de bebouwbare gebieden; - de compactheid van de overwogen volumes en van de gehelen die ze onder elkaar vormen; - de beschermende invloed van de vegetatie; 2. de bestemming, de vestiging en de afmetingen van de geplande gebouwen;3. desgevallend, de geplande bijkomende functies, openbare ruimten en openbare en gemeenschappelijke gebouwen of uitrustingen;4. de gemerkte gebieden waar de gebouwen gepland worden;onder gepland bouwgebied wordt verstaan het gebied met het (de) voornaamste en secundaire volume(s) bestemd voor bedoeld gebied, onverminderd de aparte bijkomende volumes of inrichtingen conform een bestemming van een gebied van hoven en tuinen; 5. de inrichting behouden of overwogen buiten de geplande bebouwbare gebieden; c) een massaplan, opgemaakt op de schaal 1/500e, met de geplande bebouwing en o.a., ter informatie, het overwogen perceelplan met de breedte, diepte en oppervlakte van de percelen; d) één of meer representatieve opnames in drie dimensies van de geplande handelingen en werken geïntegreerd in de feitelijke situatie binnen een straal van 50 m van elk van de grenzen van bedoeld perceel of binnen de meest geschikte straal rekening houdend met de visuele perceptiehoeken van het project t.o.v. de naburige percelen en de al dan niet bebouwde context; 3° de voorschriften in verband met de bouwwerken en de directe omgeving ervan, met inbegrip van o.a. : a) de te treffen maatregelen voor de goede afvoer van het oppervlaktewater;b) de eventueel te treffen maatregelen voor de zuivering van het afvalwater alvorens het geloosd wordt;c) de voor beplantingen bestemde plaatsen, alsook het type ervan;d) alle andere voorzieningen ten behoeve van de gezondheid en de hechtheid van de gebouwen, alsmede van de beveiliging ervan tegen brand;4° in voorkomend geval, het technisch dossier in verband met de opening, de wijziging of de opheffing van een gemeenteweg, waarin de elementen bedoeld in de artikelen 307 tot 310 voorkomen. Indien het goed opgenomen is in de omtrek van een gemeentelijk stedenbouwkundig reglement, een algemeen reglement op de gebouwen in de beschermde gebieden van sommige gemeenten inzake stedenbouw of een algemeen reglement op gebouwen in landbouwgebieden, is het mogelijk dat de bebouwingsvergunning de in punt 3° bedoelde voorschriften niet bevat.

Art. 312.Wanneer de aanvraag slaat op de wijziging van een bebouwingsvergunning die, overeenkomstig artikel 92, geen geldigheid als stedenbouwkundig en leefmilieuverslag gekregen heeft, bevat het desbetreffende dossier, behalve de elementen bedoeld in artikel 311, in drie exemplaren : 1° een aanvraag tot wijziging van een bebouwingsvergunning, desgevallend medeondertekend door de eigenaars van de kavels vervat in de bebouwingsvergunning, d.m.v. het formulier waarvan het model in bijlage 24 opgenomen is; 2° de ontvangbewijzen van afgifte der aangetekende zendingen, gericht aan alle kaveleigenaars die de aanvraag niet medeondertekend hebben.".

Art. 3.De artikelen 313 tot 315 van hetzelfde Wetboek worden opgeheven.

Art. 4.De formulieren M en N, respectievelijk opgenomen in de bijlagen 23 en 24 van genoemd Wetboek, worden vervangen door de formulieren opgenomen in bijlage bij dit besluit.

Art. 5.Opheffingsbepalingen.

In het opschrift van hoofdstuk VIbis van titel I van Boek V van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw, Patrimonium en Energie worden de woorden ", van de verkavelingsplannen" geschrapt.

In artikel 280, eerste lid, van hetzelfde Wetboek worden de woorden ", van een verkavelingsplan" geschrapt.

In het derde lid van hetzelfde artikel worden de woorden "en van de verkavelingsplannen" geschrapt.

In hetzelfde lid worden de woorden "3° voor de verkavelingsplannen" geschrapt.

In artikel 282, § 1, van hetzelfde Wetboek worden de woorden "of de herziening hetzij van gemeentelijke plannen van aanleg en verkavelingsplannen, hetzij van verkavelingsplannen" vervangen door de woorden "of de herziening van gemeentelijke plannen van aanleg".

In artikel 283, § 1, 1°, van hetzelfde Wetboek worden de woorden "en de verkavelingsplannen of voor de verkavelingsplannen" geschrapt.

In artikel 283/2, § 2, eerste lid, van hetzelfde Wetboek worden de woorden ", het verkavelingsplan" geschrapt.

Art. 6.Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2010, met uitzondering van artikel 5, dat in werking treedt op de dag van bekendmaking ervan in het Belgisch Staatsblad .

De bepalingen betreffende de bebouwingsvergunning van genoemd Wetboek, zoals gewijzigd bij het decreet van 30 april 2009 tot wijziging van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium, het decreet van 11 maart 1999 betreffende de milieuvergunning en het decreet van 11 maart 2004 betreffende de ontsluitingsinfrastructuur voor economische bedrijvigheid, treden in werking op dezelfde datum.

Art. 7.De Minister van Ruimtelijke Ontwikkeling is belast met de uitvoering van dit besluit.

Namen, 30 juni 2009.

De Minister-President, R. DEMOTTE De Minister van Huisvesting, Vervoer en Ruimtelijke Ontwikkeling, A. ANTOINE

Bijlage 1 BIJLAGE 23 - FORMULIER M AANVRAAG TOT BEBOUWINGSVERGUNNING (1) Ik ondergetekende - woonachtig in - met kantoren gevestigd te - .. . . . straat . . . . . nr. . . . . . tel. nr. . . . . . - handelend namens en voor rekening van - . . . . . woonachtig in - met kantoren gevestigd te - . . . . . straat . . . . . nr. . . . . . tel. nr. . . . . . verzoek om de vergunning voor de bebouwing van een goed, toebehorend aan (4) gelegen in . . . . . straat . . . . . nr. . . . . . kadaster sectie . . . . ., in . . . . . kavels met het oog op (3) : . . . . .

Hierbij voeg ik : a) de stukken en gegevens voorgeschreven bij Boek V, titel I, hoofdstuk IX, van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium;b) hetzij de behoorlijk ingevulde milieueffectrapportage, hetzij een milieueffectonderzoek;c) de stukken en gegevens voorgeschreven bij het gemeentelijk reglement van .. . . . (5). (1)(2) Ik verklaar dat : - het project het voorwerp heeft uitgemaakt van een stedenbouwkundig certificaat nr. 2, afgegeven op . . . . . (5); ? het project het voorwerp heeft uitgemaakt van een erfgoedcertificaat, afgegeven op . . . . . (5); (1)(2) Ik verzoek om een afwijking van het (de) volgende stedenbouwkundig(e) voorschrift(en) toepasselijk op het goed : . . . . . . . . . . om de volgende reden(en) : . . . . . . . . . .

A , op (handtekening) 1. Schrappen of doorhalen wat niet past.2. Deze gegevens zijn verkrijgbaar bij het gemeentebestuur.(3) Het voorwerp van de aanvraag opgeven.(4) De rechten van de aanvrager of, desgevallend van de opdrachtgever, op het goed vermelden indien hij niet de eigenaar ervan is.(5) Schrappen of doorhalen indien zulks niet het geval is. Gezien om te worden gevoegd bij het besluit van de Waalse Regering van 30 juni 2009 betreffende de bebouwingsvergunning.

De Minister-President, R. DEMOTTE De Minister van Huisvesting, Vervoer en Ruimtelijke Ontwikkeling, A. ANTOINE

Bijlage 2 BIJLAGE 24 - FORMULIER N AANVRAAG TOT WIJZIGING VAN EEN BEBOUWINGSVERGUNNING (1) Ik ondergetekende - woonachtig in - met kantoren gevestigd te - .. . . . straat . . . . . nr. . . . . . tel. nr. . . . . ., - eigenaar van een goed gelegen in . . . . . straat . . . . . nr. . . . . . kadastraal bekend sectie . . . . ., kavel nr. . . . . . vervat in de bebouwingsvergunning nr. . . . . . niet vervallen, afgegeven op . . . . ., - handelend namens en voor rekening van - . . . . . woonachtig in - met kantoren gevestigd te - . . . . . straat . . . . . nr. . . . . . tel. nr. . . . . ., eigenaar van een goed gelegen in . . . . . straat . . . . . nr. . . . . . kadastraal bekend sectie . . . . ., kavel nr. . . . . . vervat in de bebouwingsvergunning nr. . . . . . niet vervallen, afgegeven op..................., verzoek om de wijziging van de bebouwingsvergunning nr. . . . . . niet vervallen, afgegeven op . . . . ., met het oog op (3) : . . . . . . . . . .

Hierbij voeg ik : a) de stukken en gegevens voorgeschreven bij Boek V, titel I, hoofdstuk IX, van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium;b) hetzij de behoorlijk ingevulde milieueffectrapportage, hetzij een milieueffectonderzoek;c) de stukken en gegevens voorgeschreven bij het gemeentelijk reglement van .. . . . (4). (1)(2) Ik verklaar dat : - het project het voorwerp heeft uitgemaakt van een stedenbouwkundig certificaat nr. 2, afgegeven op . . . . . (4); ? het project het voorwerp heeft uitgemaakt van een erfgoedcertificaat, afgegeven op . . . . . (4); (1)(2) Ik verzoek om een afwijking van het (de) volgende stedenbouwkundig(e) voorschrift(en) toepasselijk op het goed : . . . . . . . . . . om de volgende reden(en) : . . . . . . . . . .

A , op (handtekening) Eventueel, kaveleigenaars die de aanvraag medeondertekend hebben :

NAAM

EIGENAAR KAVEL Nr.

DATUM

HANDTEKENING


1. Schrappen of doorhalen wat niet past.2. Deze gegevens zijn verkrijgbaar bij het gemeentebestuur.(3) Het voorwerp van de wijziging opgeven.(4) Schrappen of doorhalen indien zulks niet het geval is. Gezien om te worden gevoegd bij het besluit van de Waalse Regering van 30 juni 2009 betreffende de bebouwingsvergunning.

De Minister-President, R. DEMOTTE De Minister van Huisvesting, Vervoer en Ruimtelijke Ontwikkeling, A. ANTOINE

^