Etaamb.openjustice.be
Decreet van 10 november 2006
gepubliceerd op 24 november 2006

Decreet tot wijziging van Boek I van het Milieuwetboek betreffende de evaluatie van de milieueffecten van projecten

bron
ministerie van het waalse gewest
numac
2006203821
pub.
24/11/2006
prom.
10/11/2006
ELI
eli/decreet/2006/11/10/2006203821/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

10 NOVEMBER 2006. - Decreet tot wijziging van Boek I van het Milieuwetboek betreffende de evaluatie van de milieueffecten van projecten (1)


Het Waals Parlement heeft aangenomen en Wij, Regering, bekrachtigen hetgeen volgt : HOOFDSTUK I. - Bepalingen tot wijziging van Boek I van het Milieuwetboek

Artikel 1.In artikel D.49, 2°, van Boek I van het Milieuwetboek worden de woorden "een erkende persoon" vervangen door de woorden "één of meerdere erkende personen".

Art. 2.In artikel D.61, § 3, van hetzelfde Boek, worden de gedachtestreepjes vervangen door de cijfers "1, 2°, 3°".

Art. 3.Artikel D.63, tweede lid, 6°, van hetzelfde Boek, wordt het punt aan het einde van de zin vervangen door een puntkomma.

In artikel D.63, tweede lid, van hetzelfde Boek wordt een punt 7° en 8° toegevoegd, luidend als volgt : « 7° in het geval bedoeld in artikel D.68, § 2, laatste lid, in fine; 8° in het geval bedoeld in artikel 16 van het decreet tot wijziging van Boek I van het Milieuwetboek betreffende de evaluatie van de milieueffecten van projecten.»

Art. 4.In artikel D.66 van hetzelfde Boek, worden de §§ 2 tot 4, nietig verklaard bij de arresten 11/2005 en 83/2005 van het Arbitragehof, door de nieuwe §§ 2 en 3 vervangen, luidend als volgt : « § 2. De Regering bepaalt de lijst van de projecten die vanwege hun aard, omvang of lokalisatie aan een milieueffectonderzoek onderworpen worden, rekening houdend met de volgende selectiecriteria : 1° de kenmerken van bovenvermelde projecten worden in overweging genomen met inachtneming van o.a. : a. de omvang van het project;b. de cumulatie met andere projecten;c. het gebruik van de natuurlijke hulpbronnen;d. de afvalproductie;e. vervuiling en hinder, met inbegrip van de gezondheid; f. ongevallenrisico's, gezien o.a. de gebruikte stoffen of technologieën; 2° de milieugevoeligheid van de geografische gebieden die door het project kunnen worden getroffen, wordt in overweging genomen met inachtneming van : a.de bezetting van de bestaande gronden; b. de relatieve rijkdom, de kwaliteit en het regeneratievermogen van de natuurlijke hulpbronnen van het gebied;c. het belastingsvermogen van de natuurlijke omgeving;3° de noemenswaardige effecten die een project zou kunnen hebben worden in overweging genomen op grond van de criteria bedoeld onder 1° en 2°, meer bepaald : - de reikwijdte van het effect (geografisch gebied en omvang van de getroffen bevolking); - het grensoverschrijdende karakter van het effect; - de reikwijdte en de complexiteit van het effect; - de kans op een effect; - de duur, de frequentie en de omkeerbaarheid van het effect.

Onder voorbehoud van de toepassing van artikel D.68 worden de vergunningsaanvragen betreffende projecten die niet in het eerste lid bedoeld worden, aan een evaluatienota inzake milieueffecten onderworpen. § 3. Voorzover zij relevant en actueel zijn, kunnen de gehele of gedeeltelijke resultaten en gegevens die ingezameld werden tijdens een eerder uitgevoerde milieuevaluatie, opgenomen worden in het effectonderzoek. Deze worden als dusdanig in het onderzoek opgenomen. »

Art. 5.In artikel D.67, § 3, eerste lid, van hetzelfde Boek : 1° worden de woorden "de auteur van het effectonderzoek of" ingevoegd tussen het woord "die" en de woorden "de aanvrager";2° worden de woorden "voor zijn keuze" vervangen door de woorden "voor de keuze van deze laatste".

Art. 6.In hetzelfde Boek wordt artikel D.68, nietig verklaard bij de arresten 11/2005 en 83/2005 van het Arbitragehof, door de volgende tekst vervangen : « Artikel D.68. § 1. Als een vergunningsaanvraag betreffende een project dat niet op de lijst bedoeld in artikel D.66, § 2, eerste lid, voorkomt, niet vergezeld gaat van een effectonderzoek, onderzoekt de overheid die nagaat of het aanvraagdossier volledig of ontvankelijk is, op grond van de nota en rekening houdende met de relevante selectiecriteria bedoeld in artikel 66, § 2, of het project aanzienlijke milieueffecten kan hebben. § 2. Naargelang het geval zal de overheid bedoeld in § 1 : 1° de aanvraag onontvankelijk en onvolledig verklaren, overeenkomstig de voorwaarden en volgens de modaliteiten vastgelegd bij de wetten, decreten en reglementen bedoeld in artikel D.49, 4°, of wanneer de aanvraag de stukken niet bevat die de overheid toelaat na te gaan, op grond van de nota en rekening houdende met de relevante selectiecriteria bedoeld in artikel 66, § 2, of het project aanzienlijke milieueffecten kan hebben; 2° verklaren dat het project aanzienlijke milieueffecten kan hebben en de uitvoering van een effectonderzoek bevelen; 3° beslissen, overeenkomstig de voorwaarden en volgens de modaliteiten vastgelegd bij de wetten, decreten en reglementen bedoeld in artikel D.49, 4°, dat de aanvraag volledig en ontvankelijk is en dat het project geen aanzienlijke milieueffecten kan hebben.

De overheid die nagaat of het aanvraagdossier volledig of ontvankelijk is, stuurt haar beslissing binnen de termijn opgelegd bij de wetten, decreten en reglementen bedoeld in artikel D.49, 4°, om na te gaan of het aanvraagdossier volledig of ontvankelijk is, of, bij gebrek, binnen een termijn van vijftien dagen, die ingaat op de datum waarop ze het dossier van de vergunningsaanvraag heeft ontvangen, naar de aanvrager van de vergunning en, desgevallend, samen met de eventuele bijkomende stukken die aan het dossier toegevoegd moeten worden, naar de gemeente waar het dossier van de vergunningsaanvraag is ingediend en naar de bevoegde overheid in de zin van artikel D.49, 1°.

Behalve in het geval bedoeld in 3°, eerste lid, van deze paragraaf, worden de termijnen om te beslissen over de vergunningsaanvraag voorzien in de wetten, decreten en reglementen bedoeld in artikel D.49, 4°, opgeschort, naargelang het geval, vanaf de dag na die van de uitdrukkelijke beslissing bedoeld in 2°, eerste lid, van dit paragraaf, of vanaf de dag na die termijn verleend aan de overheid die ermee belast wordt na te gaan of het aanvraagdossier volledig of ontvankelijk is, verstrijkt.

In het geval bedoeld in 2°, eerste lid, van dit paragraaf en als de aanvrager een aanvraag tot herbeschouwing niet overeenkomstig § 3 van dit artikel heeft ingediend, moet de aanvrager samen met het effectonderzoek een nieuwe vergunningsaanvraag indienen.

In het geval bedoeld in 3°, eerste lid, van deze paragraaf, wordt de procedure van onderzoek van het dossier voortgezet overeenkomstig de wetten, decreten en reglementen bedoeld in artikel D.49, 4°.

Als de beslissing niet binnen de termijn bedoeld in het tweede lid van deze paragraaf verzonden wordt en als de aanvrager een aanvraag tot herbeschouwing niet overeenkomstig § 3 van dit artikel heeft ingediend, beginnen de krachtens het derde lid van deze paragraaf geschorste termijnen weer te lopen vanaf de dag na die waarop de termijn bedoeld in § 3, tweede lid, 2°, van dit artikel verstrijkt en wordt de procedure van onderzoek van het dossier voortgezet overeenkomstig de wetten, decreten en reglementen bedoeld in artikel D.49, 4°. In dat geval doet de in de zin van artikel D.49, 1°, bevoegde overheid, op straffe van nietigverklaring maar onverminderd de herzieningsbevoegdheid van de overheid bevoegd voor beroepen, uitdrukkelijk uitspraak in haar beslissing over de noodzaak al dan niet een effectonderzoek uit te voeren. Zo ja weigert ze de aangevraagde vergunning toe te kennen. § 3. In het geval bedoeld in § 2, eerste lid, 2°, van dit artikel of als de beslissing niet verzonden wordt binnen de termijn bedoeld in § 2, tweede lid, kan de aanvrager van de vergunning een herzieningsaanvraag richten aan de overheid die ermee belast wordt na te gaan of het aanvraagdossier volledig of ontvankelijk is.

Op straffe van onontvankelijkheid wordt de aanvraag : 1° schriftelijk en gemotiveerd ingediend; 2° gelijktijdig verzonden naar de overheid die moet nagaan of het aanvraagdossier volledig of ontvankelijk is en, in voorkomend geval, naar de gemeente waar het dossier van de vergunningsaanvraag werd ingediend en naar de overheid bevoegd in de zin van artikel D.49, 1°, uiterlijk de tiende dag te rekenen, al naar gelang het geval, hetzij vanaf de datum waarop de vergunningsaanvrager de beslissing ontvangt waarbij de uitvoering van een effectonderzoek wordt opgelegd, hetzij vanaf de dag na die waarop de termijn verstrijkt die krachtens § 2, tweede lid, van dit artikel toegestaan wordt aan de overheid om na te gaan of het aanvraagdossier volledig of ontvankelijk is.

Door haar eerste beslissing desgevallend geheel of gedeeltelijk te herzien, neemt de overheid die moet nagaan of het dossier volledig of ontvankelijk is een beslissing overeenkomstig paragraaf 2, eerste lid, 2° of 3°, van dit artikel. Ze stuurt haar beslissing binnen een termijn van dertig dagen, die ingaat op de datum waarop ze de herzieningsaanvraag heeft ontvangen, naar de aanvrager van de vergunning en, desgevallend en samen met de eventuele bijkomende stukken die aan het dossier toegevoegd moeten worden, naar de gemeente en de overheid bevoegd in de zin van artikel D.49, 1°.

In het geval bedoeld in § 2, eerste lid, 2°, van dit artikel, moet de aanvrager samen met het effectonderzoek een nieuwe vergunningsaanvraag indienen.

In het geval bedoeld in paragraaf 2, eerste lid, 3°, van dit artikel, wordt de procedure van onderzoek van het dossier voortgezet overeenkomstig de wetten, decreten en reglementen bedoeld in artikel D.49, 4°, en beginnen de krachtens § 2, derde lid, van dit artikel geschorste termijnen weer te lopen vanaf de datum waarop de bevoegde overheid deze beslissing in ontvangst neemt.

Als de beslissing niet verzonden wordt binnen de termijn bedoeld in het vierde lid van deze paragraaf : - wordt de beslissing bedoeld in § 2, eerste lid, 2°, bevestigd en moet de aanvrager samen met het effectonderzoek een nieuwe vergunningsaanvraag indienen; - of, als de beslissing niet verzonden wordt binnen de termijn bedoeld in paragraaf 2, tweede lid, beginnen de krachtens § 2, derde lid, van dit artikel geschorste termijnen weer te lopen vanaf de dag na die waarop de termijn bedoeld in het vierde lid van deze paragraaf verstrijkt en wordt de procedure van onderzoek van het dossier voortgezet overeenkomstig de wetten, decreten en reglementen bedoeld in artikel D.49, 4°. In dat geval doet de in de zin van artikel D.49, 1°, bevoegde overheid, op straffe van nietigverklaring maar onverminderd de herzieningsbevoegdheid van de overheid bevoegd voor beroepen, uitdrukkelijk uitspraak in haar beslissing over de noodzaak al dan niet een effectonderzoek uit te voeren. Zo ja weigert ze de aangevraagde vergunning toe te kennen § 4. Behoudens andersluidende bepaling, wordt elke verzending bedoeld in dit artikel verricht : 1° hetzij bij ter post aangetekend schrijven met bericht van ontvangst;2° hetzij via elke gelijksoortige formule die de verzend- en de ontvangstdatum van de akte waarborgen, ongeacht de dienst die de gebruikte post verdeelt;3° hetzij door de akte tegen ontvangstbewijs in te dienen. De Regering kan de lijst vastleggen van de werkwijzen waarvan ze acht dat ze de verzend- en de ontvangstdatum kunnen waarborgen.

De verzending moet uiterlijk op de vervaldatum plaatsvinden.

De datum van ontvangst van de akte, die de begindatum is, wordt niet meegerekend.

De vervaldag wordt meegerekend in de termijn. Als die dag een zaterdag, zondag of wettelijke feestdag is, wordt de vervaldatum evenwel naar de volgende werkdag verschoven. »

Art. 7.In artikel D.69, derde lid, van hetzelfde Boek : 1° worden de woorden "een krachtens artikel 70 erkende persoon" vervangen door de woorden "één of verschillende krachtens artikel 70 erkende personen"; 2° tussen de woorden "aangetekend schrijven." en "Als de projectontwikkelaar" wordt de zin "In geval van tijdelijke vereniging van erkende personen, wordt de persoon die voor de coördinatie van de studie instaat door de vereniging aangewezen." ingevoegd.

Art. 8.In artikel D.70. van hetzelfde Boek worden de woorden ", ingesteld bij de artikelen 7 tot en met 9," geschrapt.

Art. 9.In artikel D.72 van hetzelfde Boek worden de woorden "of zijn afgevaardigde" vervangen door de woorden "en zijn afgevaardigde".

Art. 10.In hetzelfde Boek wordt artikel D.74, nietig verklaard door de arresten 11/2005 en 83/2005 van het Arbitragehof, vervangen als volgt : « Artikel D.74. De projecten die het voorwerp zijn van een effectonderzoek worden onderworpen aan een openbaar onderzoek dat voldoet aan de volgende beginselen : 1° de vergunningaanvraag en het effectonderzoek, met inbegrip van de niet-technische samenvatting, kunnen op het gemeentehuis ingekeken worden op werkdagen en één dag tot twintig uur of op zaterdagochtend;2° het openbaar onderzoek duurt dertig dagen;3° de termijn voorgeschreven voor een openbaar onderzoek wordt geschorst tussen 16 juli en 15 augustus. Als de termijn van het openbaar onderzoek bedoeld in het eerste lid, 2°, langer is dan de onderzoekstermijn dat toepasselijk is op de vergunningsaanvraag, worden de proceduretermijnen bedoeld in andere wetten, decreten en besluiten verlengd met een termijn die overeenstemt met het verschil tussen beide bovenbedoelde termijnen.

Voor de projecten die aan een effectonderzoek onderworpen worden kan de Regering voorzien in bijkomende regels inzake openbaar onderzoek naast die bedoeld in andere wetten, decreten of besluiten.

Als de overheid die voor de organisatie van dat onderzoek instaat haar verplichtingen niet nakomt, kan de Regering voorzien in regels voor de organisatie ervan. »

Art. 11.In artikel D.75 van hetzelfde Boek worden de woorden "de milieueffectrapportering of" vervangen door het woord "en".

Art. 12.In artikel D.76, § 1, van hetzelfde Boek worden de woorden "ofwel de milieueffectrapportering, ofwel" geschrapt. HOOFDSTUK II. - Bepaling houdende wijziging van het decreet van 27 juni 1996 betreffende de afvalstoffen

Art. 13.In artikel 26 van het decreet van 27 juni 1996 betreffende de afvalstoffen wordt § 4 vervangen als volgt : « § 4. Voorzover zij relevant en actueel zijn, kunnen de resultaten en gegevens die ingezameld werden tijdens een eerder uitgevoerde milieuevaluatie, geheel of gedeeltelijk opgenomen worden in het effectonderzoek. Deze worden als dusdanig in het onderzoek opgenomen. » HOOFDSTUK III. - Bepalingen houdende wijziging van het decreet van 11 maart 1999 betreffende de milieuvergunning

Art. 14.In artikel 20 van het decreet van 11 maart 1999 betreffende de milieuvergunning wordt § 5 geschrapt.

Art. 15.In artikel 86 van hetzelfde decreet wordt § 5 geschrapt. HOOFDSTUK IV. - Overgangs- en slotbepaling

Art. 16.Voor de vergunningsaanvragen ingediend vóór de inwerkingtreding van dit decreet doet de in de zin van artikel D.49, 1°, bevoegde overheid, op straffe van nietigverklaring van haar beslissing maar onverminderd de herzieningsbevoegdheid van de overheid bevoegd voor beroepen, uitdrukkelijk uitspraak over de noodzaak al dan niet een effectonderzoek uit te voeren, rekening houdende met de relevante selectiecriteria bedoeld in artikel D.66, § 2. Zo ja weigert ze de aangevraagde vergunning toe te kennen.

Namen, 10 november 2006.

De Minister-President, E. DI RUPO De Minister van Huisvesting, Vervoer en Ruimtelijke Ontwikkeling, A. ANTOINE De Minister van Begroting, Financiën, Uitrusting en Patrimonium, M. DAERDEN De Minister van Vorming, Mevr. M. ARENA De Minister van Binnenlandse Aangelegenheden en Ambtenarenzaken, Ph. COURARD De Minister van Wetenschappelijk Onderzoek, Nieuwe Technologieën en Buitenlandse Betrekkingen, Mevr. M.-D. SIMONET De Minister van Economie en Tewerkstelling, J.-C. MARCOURT De Minister van Gezondheid, Sociale Actie en Gelijke Kansen, Mevr. Ch. VIENNE De Minister van Landbouw, Landelijke Aangelegenheden, Leefmilieu en Toerisme, B. LUTGEN _______ Nota (1) Zitting 2006-2007. Stukken van het Waals Parlement, 450 (2005-2006), nrs. 1 tot 6.

Volledig verslag, openbare vergadering van 8 november 2006.

Bespreking. Stemming.

^