Etaamb.openjustice.be
Koninklijk Besluit van 02 april 2001
gepubliceerd op 11 augustus 2001

Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 29 juni 1998, gesloten in het Paritair Comité voor het havenbedrijf, betreffende het sociaal akkoord 1997-1998 voor de havenarbeiders

bron
ministerie van tewerkstelling en arbeid
numac
2001012273
pub.
11/08/2001
prom.
02/04/2001
ELI
eli/besluit/2001/04/02/2001012273/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

2 APRIL 2001. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 29 juni 1998, gesloten in het Paritair Comité voor het havenbedrijf, betreffende het sociaal akkoord 1997-1998 voor de havenarbeiders (1)


ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel 28;

Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor het havenbedrijf;

Op de voordracht van Onze Minister van Werkgelegenheid, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 29 juni 1998, gesloten in het Paritair Comité voor het havenbedrijf, betreffende het sociaal akkoord 1997-1998 voor de havenarbeiders.

Art. 2.Onze Minister van Werkgelegenheid is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 2 april 2001.

ALBERT Van Koningswege : De Minister van Werkgelegenheid, Mevr. L. ONKELINX _______ Nota (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Bijlage Paritair Comité voor het havenbedrijf Collectieve arbeidsovereenkomst van 29 juni 1998 Sociaal akkoord 1997-1998 voor de havenarbeiders (Overeenkomst geregistreerd op 27 augustus 1998 onder het nummer 48997/CO/301) Inleiding Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft tot doel de beschikbare arbeid in de Belgische havens te herverdelen zonder afbreuk te doen aan de economische slagkracht van deze havens.

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de werkgevers die ressorteren onder het Paritair Comité voor het havenbedrijf en op de havenarbeiders die zij tewerkstellen.

Art. 2.Tewerkstelling Beide ondertekenende partijen bevestigen dat het behoud van het tewerkstellingsniveau het prioritair doel blijft.

Art. 3.Syndicale premie Voor de duur van dit sociaal akkoord wordt het bedrag van de syndicale premie vastgelegd op 34 BEF.

Art. 4.Herverdeling van de arbeid Maximum aantal taken De doelstelling is dat iedere havenarbeider maximaal 223 arbeidsprestaties per 12 opeenvolgende maanden levert. De paritaire subcomités dienen de nodige maatregelen te treffen om die doelstelling te realiseren.

Deze bepaling is niet van toepassing op havenarbeiders met een leidinggevende functie of een vertrouwenspost. De toepassing van dit principe wordt per haven vastgesteld.

De paritaire subcomités stellen uiterlijk binnen drie maanden na het einde van de referentieperiode een verslag omtrent de toepassing van deze maatregel op. Dit verslag wordt vervolgens overgemaakt aan de voorzitter van het Paritair Comité voor het havenbedrijf en besproken in een adhoc-werkgroep van vernoemd paritair comité ter evaluatie.

Herverdelingsdagen De paritaire subcomités dienen een bijdrage van 0,5 pct. op de brutolonen te besteden aan de financiering van het stelsel van de herverdelingsdagen, zodat na 27 taken het recht ontstaat op een herverdelingsdag. Deze maatregel treedt in voege op 1 juni 1997 en wordt voor onbepaalde duur getroffen.

Dubbele shiften Met dubbele shiften wordt bedoeld twee aaneensluitende shiften of shiften zonder naleving van de rusttijden. De paritaire subcomités dienen de nodige maatregelen te nemen om zwaardere sancties te treffen indien overtredingen qua dubbele shiften gebeuren, behoudens in geval van overmacht.

Art. 5.Inkomen Vaste premie De vaste premie wordt met 15 BEF verhoogd vanaf 1 mei 1997. Deze verhoging blijft voor onbepaalde duur verworven.

Basisloon Het basisloon wordt met 18 BEF met een maximum van 0,5 pct. verhoogd vanaf 1 augustus 1998.

Art. 6.Bestaanszekerheid a) De leefbaarheid van de "Compensatiefondsen voor bestaanszekerheid" wordt in de respectieve havens gewaarborgd voor de duur van dit akkoord.b) De hoegrootheid van de bestaanszekerheidsvergoeding (vergoeding voor onvrijwillige werkloosheid en de aanwezigheidsvergoeding samen) wordt per haven vastgelegd en gewaarborgd.

Art. 7.Verminderd arbeidsgeschikten Het stelsel van de verminderd arbeidsgeschikten vanaf 55 jaar wordt behouden voor de duur van deze collectieve arbeidsovereenkomst.

Art. 8.Carensdag Bij arbeidsongeschiktheid wegens ziekte of ongeval van gemeen recht van meer dan zeven kalenderdagen vervalt de carensdag voor de duur van deze collectieve arbeidsovereenkomst.

Art. 9.Toeslagen en kledijvergoedingen, vergoedingen voor was en onderhoud werkkledij, regeling inzake reïntegratie van havenarbeiders getroffen door een arbeidsongeschiktheid.

Deze vergoedingen worden met 2 pct. aangepast in 1997.

Vanaf 1 januari 1998 worden zij aangepast met een percentage gelijk aan de stijging van het rekenkundig gemiddeld indexcijfer van de consumptieprijzen dat voor de aanpassing van het basisloon in aanmerking wordt genomen, beschouwd over de periode van oktober tot oktober volgens onderstaande formule : (index oktober 1997 - index oktober 1996) x 100/index oktober 1996.

Art. 10.Bevoegdheid Paritair Comité voor het havenbedrijf Aan de voorzitter van het Paritair Comité voor het havenbedrijf wordt gevraagd advies te verstrekken inzake de oprichting van een nieuw Paritair Comité voor rivier- en kanaalarbeiders, ofwel inzake de toewijzing van de bevoegdheid aan het Paritair Comité voor het havenbedrijf. Een paritaire werkgroep zal deze problematiek bestuderen.

Art. 11.Pro memorie Alle langlopende collectieve arbeidsovereenkomsten met betrekking tot de loon- en arbeidsvoorwaarden worden verder uitgevoerd.

Art. 12.Loonnorm - correctiemechanisme De totale minimale marge voor 1997 en 1998 werd door de regering vastgelegd op 6,1 pct., met inbegrip van de voorziene indexaanpassingen. Het Paritair Comité voor het havenbedrijf legt de verrekening van de indexaanpassingen vast, evenals het door de wet voorziene correctiemechanisme.

Art. 13.Sociale vrede De partijen verklaren dat zij voor de duur van dit akkoord aan elkaars eisen hebben voldaan voor de materies die het voorwerp uitmaken van dit akkoord en dat zij het behoud van de sociale vrede in de Belgische havens zullen waarborgen.

De syndicale premie zal slechts aan het gemeenschappelijk vakbondsfront van iedere haven uitbetaald worden indien de sociale vrede in die haven volledig door de werknemers wordt nageleefd.

Art. 14.Duurtijd Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1 januari 1997, uitgenomen waar anders vermeld. Zij is van toepassing tot en met 31 december 1998, uitgenomen wat betreft de artikelen 4 en 5 die voor onbepaalde duur gesloten worden. Elk van de contracterende partijen kan deze collectieve arbeidsovereenkomst opzeggen mits het in acht nemen van een periode van drie maanden. De opzegging gebeurt door het sturen van een bij post aangetekend schrijven gericht aan de voorzitter van het Paritair Comité voor het havenbedrijf.

Art. 15.Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt gesloten in uitvoering van de titels II "Preventieve vrijwaring van het concurrentievermogen" en III, hoofdstuk IV "Tewerkstellingsakkoorden" van de wet van 26 juli 1996 tot bevordering van de werkgelegenheid en tot preventieve vrijwaring van het concurrentievermogen, en van het koninklijk besluit van 24 februari 1997 houdende nadere voorwaarden met betrekking tot de tewerkstellingsakkoorden; zij heeft een directe werking op het vlak van de in artikel 1 bedoelde ondernemigen.

Deze collectieve arbeidsovereenkomst vervangt de collectieve arbeidsovereenkomst van 26 mei 1997 betreffende het sociaal akkoord 1997-1998 voor de havenarbeiders.

Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 3 april 2001.

ALBERT Van Koningswege : De Minister van Werkgelegenheid, Mevr. L. ONKELINX

^