Etaamb.openjustice.be
Koninklijk Besluit van 09 juni 1999
gepubliceerd op 12 juni 1999

Koninklijk besluit betreffende de etikettering van het rundvlees en van de rundvleesproducten

bron
ministerie van economische zaken, ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu en ministerie van middenstand en landbouw
numac
1999011229
pub.
12/06/1999
prom.
09/06/1999
ELI
eli/besluit/1999/06/09/1999011229/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

9 JUNI 1999. - Koninklijk besluit betreffende de etikettering van het rundvlees en van de rundvleesproducten


ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet van 28 maart 1975 betreffende de handel in landbouw-, tuinbouw- en zeevisserijproducten, gewijzigd bij de wet van 29 december 1990, inzonderheid op artikel 3;

Gelet op de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument, inzonderheid op artikel 14;

Gelet op de Beschikking van de Europese Commissie van 13 oktober 1998 betreffende de aanvraag tot goedkeuring van een verplicht systeem van etikettering van rundvlees in Frankrijk en in België;

Gelet op het advies van de Hoge Raad voor de Middenstand, gegeven op 13 oktober 1998;

Gelet op het advies van de Raad voor het Verbruik, gegeven op 4 november 1998;

Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, inzonderheid op artikel 3, § 1, vervangen door de wet van 4 juli 1989 en gewijzigd bij de wet van 4 augustus 1996;

Gelet op de dringende noodzakelijkheid gemotiveerd door de crisis in de voedingssector, in het bijzonder van het vlees, en door het feit dat de aanduiding van de oorsprong van het rundvlees en van de rundvleesproducten aan de consument aangeboden, ertoe moet bijdragen dat de koper in totale veiligheid de producten kan verkrijgen;

Overwegende dat de verordening (EG) nr.820/97 van de Raad van 21 april 1997 tot vaststelling van een identificatie- en registratieregeling voor runderen en inzake de etikettering van rundvlees en rundvleesproducten, vanaf 1 juni 1997 een vrijwillige etiketteringsregeling instelt voor rundvlees, dit in afwachting van een verplichte Europese etiketteringsregeling vanaf één januari 2000.

Deze verordening biedt tevens de mogelijkheid aan de Lidstaten om reeds voor één januari 2000 een verplichte etikettering in te voeren voor rundvlees en rundvleesproducten afkomstig van runderen die op hun grondgebied geboren, gehouden, vetgemest en geslacht zijn. Voorwaarde daartoe is dat de Lidstaat reeds beschikt over een voldoende ontwikkeld identificatie- en registratiesysteem voor runderen.

Aangezien België aan deze voorwaarde voldoet, verdient het aanbeveling om zo snel mogelijk gebruik te maken van deze mogelijkheid om reeds voor één januari 2000 een verplichte etikettering in te voeren voor het Belgisch rundvlees;

Overwegende de Verordening (EG) nr. 1141/97 van de Commissie van 23 juni 1997 houdende nadere bepalingen ter uitvoering van verordening (EG) nr. 820/97 van de Raad wat de etikettering van rundvlees en rundvleesproducten betreft, laatst gewijzigd door de verordening (EG) nr.824 /98;

Overwegende het koninklijk besluit van 13 november 1986 betreffende de etikettering van voorverpakte voedingsmiddelen, gewijzigd door de koninklijke besluiten van 8 augustus 1988, 4 september 1990 en 6 maart 1992;

Overwegende het koninklijk besluit van 19 december 1990 betreffende de identificatie van runderen, gewijzigd door de koninklijke besluiten van 6 maart 1992, 14 oktober 1993, 14 september 1994 en 6 februari 1996;

Overwegende het koninklijk besluit van 21 januari 1992 houdende vaststelling van het indelingsschema voor geslachte volwassen runderen;

Overwegende het koninklijk besluit van 8 augustus 1997 betreffende de identificatie, de registratie en de toepassingsmodaliteiten voor de epidemiologische bewaking van runderen;

Overwegende het ministerieel besluit van 22 januari 1992 tot vaststelling van de toepassingsmodaliteiten voor de indeling van geslachte volwassen runderen, gewijzigd door het ministerieel besluit van 26 september 1997;

Op de voordracht van Onze Vice-Eerste Minister en Minister van Economie, van Onze Vice-Eerste Minister en Minister van Binnenlandse Zaken, belast met Volksgezondheid en van Onze Vice-Eerste Minister en Minister van Begroting belast met Landbouw en de Kleine en Middelgrote Ondernemingen, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Dit besluit voert een verplichte etikettering in voor vlees van de GN-codes 0201, 0202, 0206 1095 en 0206 2991, afkomstig van runderen met inbegrip van de soorten bubalus bubalis en bison bison, die geboren, gehouden, vetgemest en geslacht zijn op het Belgisch grondgebied.

Art. 2.Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder : 1° Karkas : het geslachte rund, uitgebloed, van ingewanden ontdaan en gevild aangeboden : - zonder kop en zonder poten, de kop van de romp gescheiden ter hoogte van de bovenste halswervel (atlaswervel), de poten afgescheiden ter hoogte van de voorkniegewrichten of spronggewrichten; - zonder de organen in de borst- en buikholte, met of zonder de nieren, het niervet en het slotvet; - zonder de geslachtsorganen met de bijbehorende spieren, zonder de uier en het uiervet; - in voorkomend geval in twee symmetrische delen gescheiden door splijting door het midden van de wervelkolom, van het borstbeen en van het bekken; 2° Versneden vlees : a) Individueel versneden vlees : vlees voortkomend van het versnijden van delen van eenzelfde karkas;b) Niet geïndividualiseerd versneden vlees : vlees voortkomend van het versnijden van delen van meerdere karkassen;3° Voorverpakt vlees : de verkoopeenheid, die bestaat uit vlees en de verpakking waarin dit, alvorens ten verkoop te worden aangeboden, is verpakt;4° Lot : de samenhang van niet-geïndividualiseerd vlees dat op dezelfde dag door één of meer personen die één of meer van de in de punten 3 tot en met 7 omschreven inrichtingen exploiteren is samengesteld;5° Slachthuis : elke als dusdanig erkende inrichting krachtens de wet van 5 september 1952 betreffende de vleeskeuring en de vleeshandel;6° Groothandel in vlees en vleeswaren : elke inrichting beoogd in de klassen 51170, 51190 en 51321 van de activiteitennomenclatuur Nace-Bel;7° Kleinhandel in vlees en vleeswaren : elke inrichting beoogd in de klassen 52111, 52112, 52113, 52114, 52115, 52116, 52121, 52122, 52220 en 52272 van de activiteitennomenclatuur Nace-Bel;8° Vervaardiging van voedings- en genotsmiddelen, meer bepaald vlees en vleeswaren : elke inrichting beoogd in de klassen 15111, 15112, 15131, 15132, 15880 en 15890 van de activiteitennomenclatuur Nace-Bel;9° Identificatieregeling : de identificatie en registratieregeling bepaald in het koninklijk besluit van 8 augustus 1997 betreffende de identificatie, de registratie en de toepassingsmodaliteiten voor de epidemiologische bewaking van runderen;10° Etikettering : het aanbrengen van een etiket op een stuk vlees of stukken vlees of op de verpakking ervan, met inbegrip van de in het verkooppunt aan de consument verstrekte informatie.

Art. 3.§ 1. De etikettering door het slachthuis omvat, onverminderd andere bepalingen, de volgende vermeldingen : 1° het officieel nummer van het rund vermeld op het oormerknummer van het dier, opgelegd krachtens de identificatieregeling;2° het erkenningsnummer van het slachthuis;3° de slachtdatum;4° in voorkomend geval, de indeling van het karkas (categorie, bevleesdheid, vetheid);5° in voorkomend geval, het erkenningsnummer van de classificeerder;6° het weegnummer, voorafgegaan door het individualiseringsnummer van het weegtoestel indien in hetzelfde slachthuis verschillende weegtoestellen worden gebruikt;7° het warm gewicht. De etiketten zijn minstens 10 x 10 cm groot. De erop vermelde onuitwisbare cijfer- en lettergegevens zijn voor de gegevens genoemd onder de punten 1, 2, 3 en 4 minstens 12 mm groot en voor deze genoemd onder de punten 5, 6 en 7 minstens 8 mm.

De etiketten moeten worden gehecht aan het karkas of aan elk deel van het karkas en alzo zijn ontworpen dat ze niet opnieuw kunnen worden gebruikt. De etiketten moeten ongeschonden blijven tot bij het versnijden van het karkas of delen van het karkas.

De van het karkas gescheiden longhaasjes, omlopen en staarten dienen te worden geëtiketteerd conform de bepalingen voorzien in de §§ 2 en 3. § 2. De etikettering door de groothandel en door de vervaardigers van voedings- en genotsmiddelen op het individueel versneden vlees omvat, onverminderd andere bepalingen, de vermelding van het officieel nummer van het rund vermeld op het oormerknummer met betrekking tot elk dier, dat wordt opgelegd krachtens de identificatieregeling, alsmede de naam of de benaming van de verantwoordelijke persoon van de inrichting die de etikettering heeft aangebracht. § 3. De etikettering door de groothandel en door de vervaardigers van voedings- en genotsmiddelen op het niet-geïndividualiseerd versneden vlees omvat, onverminderd andere bepalingen, de vermelding van een volgnummer toegekend aan het lot van dit niet-geïndividualiseerd vlees en voorafgegaan door de ISO-code van België, alsmede de naam of benaming van de verantwoordelijke persoon van de inrichting die het volgnummer heeft toegekend. § 4. Het bepaalde in de §§ 2 en 3 is niet van toepassing wanneer de voorziene vermeldingen worden aangebracht op rechtstreekse verpakkingen van voorverpakt vlees. Deze verpakkingen moeten dan wel zo zijn ontworpen dat ze niet opnieuw kunnen worden gebruikt. § 5. Alle andere gewenste informatie die niet wordt opgelegd door andere bepalingen mag worden geëtiketteerd indien zij is opgenomen in een lastenboek, goedgekeurd door de Interprofessionele Vereniging voor het Belgisch Vlees ( I.V.B), de bevoegde autoriteit, erkend door de Minister die de Landbouw onder zijn bevoegdheid heeft. § 6. Met het toekennen van een volgnummer, zoals voorzien in § 3, wordt verstaan een registratiesysteem bevattende de volgende inlichtingen : 1° het volgnummer;2° de officiële nummers van de runderen vermeld op de oormerknummers van de oorspronkelijke dieren, zoals opgelegd door de identificatieregeling, en die tot de samenhang van dit lot behoren. Ingeval van geheel of gedeeltelijke hersamenstelling van het lot moeten de officiële nummers van de runderen in voorkomend geval vermeld op de hierboven bedoelde oormerknummers vervangen worden door de volgnummers van de loten die worden aangewend bij de hersamenstelling.

Art. 4.Het is verboden om vlees te vervoeren, in de handel te brengen of tentoon te stellen indien de etikettering niet voldoet aan de bepalingen van dit besluit of onjuiste informatie bevat.

Art. 5.Onverminderd de bevoegdheden van de officieren van gerechtelijke politie, zijn de volgende ambtenaren bevoegd om inbreuken op de bepalingen van dit besluit op te sporen en vast te stellen : 1° de inspecteurs en controleurs van de Algemene Eetwareninspectie;2° de inspecteurs en de controleurs van het Bestuur Economische Inspectie;3° de ambtenaren van de fiscale besturen;4° de hiertoe aangestelde ambtenaren van het Ministerie van Middenstand en Landbouw;5° de hiertoe aangestelde ambtenaren van het Belgisch Interventie- en Restitutiebureau;6° de hiertoe aangestelde ambtenaren van het Instituut voor Veterinaire Keuring;7° de andere hiertoe door de bevoegde Ministers aangestelde ambtenaren.

Art. 6.Onverminderd de toepassing, in voorkomend geval, van de strengere straffen bepaald in het Strafwetboek : - worden in de slachthuizen en de groothandel de inbreuken op dit besluit opgespoord, vastgesteld, vervolgd en bestraft overeenkomstig de wet van 28 maart 1975 betreffende de handel in landbouw-, tuinbouw- en zeevisserijproducten; - worden in de kleinhandel de inbreuken op dit besluit opgespoord, vastgesteld, vervolgd en bestraft overeenkomstig de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en de bescherming van de consument.

Art. 7.Onze Minister van Economie, Onze Minister van Volksgezondheid en Onze Minister van Landbouw en de Kleine en Middelgrote Ondernemingen, zijn ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 9 juni 1999.

ALBERT Van Koningswege : De Vice-Eerste Minister en Minister van Economie, E. DI RUPO De Vice-Eerste Minister en Minister van Binnenlandse Zaken belast met Volksgezondheid, L. VAN DEN BOSSCHE De Vice-Eerste Minister en Minister van Begroting, belast met Landbouw en de Kleine en Middelgrote Ondernemingen, H. VAN ROMPUY

^