Etaamb.openjustice.be
Koninklijk Besluit van 10 augustus 2005
gepubliceerd op 22 november 2005

Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 26 april 2001, gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden uit de voedingsnijverheid, tot wijziging van artikel 13 van de collectieve arbeidsovereenkomst van 29 maart 1976 tot oprichting van een fonds voor bestaanszekerheid genoemd "Waarborg- en Sociaal Fonds van de bedienden van de suikernijverheid en haar bijproducten" en tot vaststelling van zijn statuten

bron
federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg
numac
2005012316
pub.
22/11/2005
prom.
10/08/2005
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

10 AUGUSTUS 2005. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 26 april 2001, gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden uit de voedingsnijverheid, tot wijziging van artikel 13 van de collectieve arbeidsovereenkomst van 29 maart 1976 tot oprichting van een fonds voor bestaanszekerheid genoemd "Waarborg- en Sociaal Fonds van de bedienden van de suikernijverheid en haar bijproducten" en tot vaststelling van zijn statuten (1)


ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel 28;

Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de bedienden uit de voedingsnijverheid;

Op de voordracht van Onze Minister van Werk, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 26 april 2001, gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden uit de voedingsnijverheid, tot wijziging van artikel 13 van de collectieve arbeidsovereenkomst van 29 maart 1976 tot oprichting van een fonds voor bestaanszekerheid genoemd "Waarborg- en Sociaal Fonds van de bedienden van de suikernijverheid en haar bijproducten" en tot vaststelling van zijn statuten.

Art. 2.Onze Minister van Werk is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Nice, 10 augustus 2005.

ALBERT Van Koningswege : Voor de Minister van Werk, afwezig : De Minister van Begroting en Overheidsbedrijven, J. VANDE LANOTTE _______ Nota (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Bijlage Paritair Comité voor de bedienden uit de voedingsnijverheid Collectieve arbeidsovereenkomst van 26 april 2001 Wijziging van artikel 13 van de collectieve arbeidsovereenkomst van 29 maart 1976 tot oprichting van een fonds voor bestaanszekerheid genoemd "Waarborg- en Sociaal Fonds van de bedienden van de suikernijverheid en haar bijproducten" en tot vaststelling van zijn statuten (Overeenkomst geregistreerd op 5 juni 2001 onder het nummer 57350/CO/220) HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied

Art. 3.§ 1. Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de werkgevers en de bedienden van de suikerfabrieken, de raffinaderijen, de fabrieken van invertsuiker, citroenzuur, de kandijfabrieken, de gistfabrieken, de distilleerderijen. § 2. Met "bedienden" worden de mannelijke en de vrouwelijke bedienden bedoeld. HOOFDSTUK II. - Bijdragen

Art. 4.Het artikel 13 van de statuten van het "Waarborg- en Sociaal fonds der bedienden van de suikernijverheid en haar bijproducten" opgericht door de collectieve arbeidsovereenkomst van 29 maart 1976, (koninklijk besluit van 7 juli 1977, Belgisch Staatsblad van 2 september 1977), laatst gewijzigd door de collectieve arbeidsovereenkomst van 5 oktober 1999 (koninklijk besluit van 28 maart 2001, Belgisch Staatsblad van 17 mei 2001) wordt vervangen door hetgeen volgt : « § 1. Vanaf 1 juli 2001 is de bijdrage van de werkgevers vastgesteld op 0,20 p.c. van de wedden aangegeven bij de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid, bestemd voor het "Waarborg- en Sociaal Fonds der bedienden van de suikernijverheid en haar bijproducten". § 2. De volgende bijdragen worden geïnd voor het Instituut voor Professionele Vorming voor de bedienden van de voedingsnijverheid, hierna genoemd "IPV" : - vanaf 1 juli 2001 tot 30 september 2001 is de werkgeversbijdrage bestemd voor het IVP vastgesteld op 0,30 pct. van de lonen aangegeven bij de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid, bestemd voor vormings- en tewerkstellingsinitiatieven voor de risicogroepen; - vanaf 1 oktober 2001 tot 31 maart 2003 is de werkgeversbijdrage bestemd voor het IVP vastgesteld op 0,10 pct. van de lonen aangegeven bij de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid, bestemd voor vormings- en tewerkstellingsinitiatieven voor de risicogroepen; - vanaf 1 april 2003 is de werkgeversbijdrage bestemd voor het IPV vastgesteld op 0,20 pct. van de lonen aangegeven bij de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid waarvan 0,10 pct. bedoeld is voor de financiering van het IPV en 0,10 pct. bedoeld is voor vomings- en tewerkstellingsinitiatieven voor de risicogroepen. » HOOFDSTUK III. - Geldigheidsduur

Art. 5.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met ingang op 1 juli 2001. Ze is gesloten voor onbepaalde duur.

Zij kan door één der partijen worden opgezegd mits een opzeggingstermijn van zes maanden, betekend per een ter post aangetekende brief gericht aan de voorzitter van het Paritair Comité voor de bedienden uit de voedingsnijverheid en aan de organisaties erin vertegenwoordigd.

Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 10 augustus 2005.

Voor de Minister van Werk, afwezig : De Minister van Begroting en Overheidsbedrijven, J. VANDE LANOTTE

^