Koninklijk Besluit van 18 december 2015
gepubliceerd op 27 januari 2016
Informatisering van Justitie. Ja, maar hoe ?

Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 30 juni 2015, gesloten in het Paritair Comité voor de non-ferro metalen, betreffende de tewerkstelling en opleiding van risicogroepen

bron
federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg
numac
2015205427
pub.
27/01/2016
prom.
18/12/2015
staatsblad
http://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.pl?language=nl&c(...)
Document Qrcode

Numac : 2015205427

FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG


18 DECEMBER 2015. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 30 juni 2015, gesloten in het Paritair Comité voor de non-ferro metalen, betreffende de tewerkstelling en opleiding van risicogroepen (1)


FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel 28;

Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de non-ferro metalen;

Op de voordracht van de Minister van Werk, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 30 juni 2015, gesloten in het Paritair Comité voor de non-ferro metalen, betreffende de tewerkstelling en opleiding van risicogroepen.

Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 18 december 2015.

FILIP Van Koningswege : De Minister van Werk, K. PEETERS _______ Nota (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Bijlage Paritair Comité voor de non-ferro metalen Collectieve arbeidsovereenkomst van 30 juni 2015 Tewerkstelling en opleiding van risicogroepen (Overeenkomst geregistreerd op 23 juli 2015 onder het nummer 128179/CO/105)

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de ondernemingen die ressorteren onder het Paritair Comité voor de non-ferro metalen en op de werklieden die zij tewerkstellen.

Onder "werklieden" wordt verstaan : de werklieden en de werksters.

Art. 2.In toepassing van titel XIII, hoofdstuk VIII, afdeling 1 van de wet van 27 december 2006 houdende diverse bepalingen (I) storten de ondernemingen in 2015 en 2016, binnen de maand na het verstrijken van elk kwartaal, 0,10 pct. van de brutolonen van de werklieden aan 108 pct. van het verlopen kwartaal op de rekening van de VZW "Tewerkstellings- en opleidingsfonds voor de arbeiders van de non-ferro sector", ter ondersteuning van tewerkstellings- en opleidingsinitiatieven ten gunste van de risicogroepen.

Art. 3.Gedurende de duur van deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt de opleiding van bepaalde categorieën werkzoekenden en werklieden financieel ondersteund door de maatregelen voorzien bij artikel 4 van deze collectieve arbeidsovereenkomst. De raad van bestuur van de VZW "Tewerkstellings- en opleidingsfonds voor de arbeiders van de non-ferro sector" beslist over de aanwending van de gestorte bijdragen in functie van de finan-ciële middelen en van de gevraagde tegemoetkomingen van de ondernemingen.

Art. 4.§ 1. Als tewerkstellings- en opleidingsinitiatieven voor risicogroepen, kunnen onder meer volgende maatregelen worden genomen : -Projecten van alternerend leren en werken; - Positieve acties voor vrouwen; - Reclasseringsinitiatieven ten voordele van bedreigde oudere of laaggeschoolde werknemers; - Opleiding van laaggeschoolde werknemers; - Opleiding van personen behorend tot risicogroepen, zoals hierna beschreven in § 2. § 2. Onder "risicogroepen" wordt onder meer verstaan : - Deeltijds leerplichtigen; - Laaggeschoolde werklozen; hieronder wordt verstaand werklozen met een scholingsgraad lager dan secundair onderwijs; - Langdurig werklozen; hieronder wordt verstaan werklozen die minstens twee jaar werkloos zijn; - Oudere werklozen; hieronder wordt verstaan werklozen van 45 jaar en ouder; - Werklozen die betrokken zijn bij tewerkstellingsprojecten van de overheid; - Werkzoekenden die bij het "Vlaams Fonds voor Sociale Integratie van Personen met een Handicap/Fonds communautaire pour l'intégration sociale et professionnelle des handicapés" zijn ingeschreven; - Werkzoekenden die geen werkloosheids- of onderbrekingsuitkeringen genieten en die de laatste drie jaar geen beroepsactiviteit hebben verricht; - Bestaansminimumtrekkers; - Migranten; - Werknemers van 45 jaar en ouder of met een scholingsgraad lager dan secundair onderwijs en die aan een nieuwe functie of installatie moeten aangepast worden ingevolge een reorganisatie, herstructurering of de invoering van nieuwe technologie; - De risicogroepen voorzien in het koninklijk besluit van 19 februari 2013 tot uitvoering van artikel 189, 4de lid van de wet van 27 december 2006 houdende diverse bepalingen (Belgisch Staatsblad van 8 april 2013), gespecifieerd in artikel 5 van onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst. § 3. De raad van bestuur van de VZW "Tewerkstellings- en opleidingsfonds voor de arbeiders van de non-ferro sector" beslist over de aanwending van de gestorte bijdragen.

Art. 5.0,05 pct. van de loonmassa dient te worden voorbehouden aan één of meerdere van volgende risicogroepen : 1. de werknemers van minstens 50 jaar oud die in de sector werken;2. de werknemers van minstens 40 jaar oud die in de sector werken en bedreigd zijn met ontslag : a) hetzij doordat hun arbeidsovereenkomst werd opgezegd en de opzeggingstermijn loopt;b) hetzij doordat zij tewerkgesteld zijn in een onderneming die erkend is als onderneming in moeilijkheden of in herstructurering;c) hetzij doordat zij tewerkgesteld zijn in een onderneming waar een collectief ontslag werd aangekondigd;3. de niet-werkenden en de personen die sinds minder dan een jaar werken en niet-werkend waren op het ogenblik van hun indiensttreding. Onder "niet-werkenden" wordt verstaan : a) de langdurig werkzoekenden, zijnde de personen in het bezit van een werkkaart, bedoeld in artikel 13 van het koninklijk besluit van 19 december 2001 tot bevordering van de tewerkstelling van langdurig werkzoekenden;b) de uitkeringsgerechtigde werklozen;c) de werkzoekenden die laaggeschoold of erg-laaggeschoold zijn in de zin van artikel 24 van de wet van 24 december 1999 ter bevordering van de tewerkstelling;d) de herintreders, zijnde de personen die zich na een onderbreking van minstens één jaar terug op de arbeidsmarkt begeven;e) de personen die gerechtigd zijn op maatschappelijke integratie in toepassing van de wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integratie en personen die gerechtigd zijn op maatschappelijke hulp in toepassing van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn;f) de werknemers die in het bezit zijn van een verminderingskaart herstructureringen in de zin van het koninklijk besluit van 9 maart 2006 betreffende het activerend beleid bij herstructureringen;g) de werkzoekenden die niet de nationaliteit van een lidstaat van de Europese Unie bezitten, of van wie minstens één van de ouders deze nationaliteit niet bezit of niet bezat bij overlijden, of van wie minstens twee van de grootouders deze nationaliteit niet bezitten of niet bezaten bij overlijden;4. de personen met een verminderde arbeidsgeschiktheid, namelijk : a) de personen die voldoen aan de voorwaarden om ingeschreven te worden in een regionaal agentschap voor personen met een handicap; b) de personen met een definitieve arbeidsongeschiktheid van minstens 33 pct.; c) de personen die voldoen aan de medische voorwaarden om recht te hebben op een inkomensvervangende of een integratietegemoetkoming ingevolge de wet van 27 februari 1987 op de tegemoetkomingen aan personen met een handicap;d) de personen die als doelgroepwerknemer tewerkgesteld zijn of waren bij een werkgever die valt onder het toepassingsgebied van het Paritair Comité voor de beschutte en de sociale werkplaatsen; e) de gehandicapte die het recht op verhoogde kinderbijslag opent op basis van een lichamelijke of geestelijke ongeschiktheid van minstens 66 pct.; f) de personen die in het bezit zijn van een attest afgeleverd door de Algemene Directie Personen met een Handicap van de Federale Overheidsdienst Sociale Zekerheid voor het verstrekken van sociale en fiscale voordelen;g) de persoon met een invaliditeitsuitkering of een uitkering voor arbeidsongevallen of beroepsziekten in het kader van programma's tot werkhervatting;5. de jongeren die nog geen 26 jaar oud zijn en opgeleid worden, hetzij in een stelsel van alternerend leren, hetzij in het kader van een individuele beroepsopleiding in een onderneming, bedoeld in artikel 27, 6° van het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering, hetzij in het kader van een instapstage, bedoeld in artikel 36quater van hetzelfde koninklijk besluit van 25 november 1991.

Art. 6.Van de in artikel 2 bedoelde inspanning moet minstens de helft besteed worden aan initiatieven ten voordele van één of meerdere van de volgende groepen : - de in artikel 5, 5. bedoelde jongeren; - de in artikel 5, 3. en 4. bedoelde jongeren die nog geen 26 jaar zijn.

Art. 7.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2015 en treedt buiten werking op 31 december 2016.

Deze collectieve arbeidsovereenkomst vervangt de collectieve arbeidsovereenkomst van 21 maart 2014 betreffende de tewerkstelling en opleiding van risicogroepen (registratienummer : 121155/CO/105).

Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 18 december 2015.

De Minister van Werk, K. PEETERS


begin


Publicatie : 2016-01-

Etaamb biedt de inhoud van de Belgisch Staatsblad aan gesorteerd op afkondigings- en publicatiedatum, behandeld om gemakkelijk leesbaar en afprintbaar te zijn, en verrijkt met een relationele context.
^