Koninklijk Besluit van 21 maart 2018
gepubliceerd op 27 maart 2018
Informatisering van Justitie. Ja, maar hoe ?

Koninklijk besluit tot bepaling van de regels voor de overdracht van de personeelsleden van het Federaal Agentschap voor de Kinderbijslag aan het Waalse Gewest, de Vlaamse Gemeenschap, de Duitstalige Gemeenschap en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommis

bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
numac
2018030656
pub.
27/03/2018
prom.
21/03/2018
staatsblad
http://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.pl?language=nl&c(...)
Document Qrcode

Numac : 2018030656

FEDERALE OVERHEIDSDIENST SOCIALE ZEKERHEID


21 MAART 2018. - Koninklijk besluit tot bepaling van de regels voor de overdracht van de personeelsleden van het Federaal Agentschap voor de Kinderbijslag aan het Waalse Gewest, de Vlaamse Gemeenschap, de Duitstalige Gemeenschap en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie


FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet van 13 maart 1991 betreffende de afschaffing of de herstructurering van instellingen van openbaar nut en andere overheidsdiensten, artikel 26octies, § 3, ingevoegd bij de wet van 30 september 2017;

Gelet op het advies van het Beheerscomité van het Federaal agentschap voor de Kinderbijslag, gegeven op 2 mei 2017;

Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 21 juni 2017;

Gelet op het akkoord van de Minister van Begroting, gegeven op 19 juli 2017;

Gelet op het advies van de Regering van de Duitstalige Gemeenschap, gegeven op 31 augustus 2017;

Gelet op het advies van de Vlaamse Regering, gegeven op 22 september 2017;

Gelet op het advies van de Waalse Regering, gegeven op 12 oktober 2017;

Gelet op het advies van het Verenigd College van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, gegeven op 26 oktober 2017;

Gelet op het akkoord van de Minister voor Ambtenarenzaken, gegeven op 16 november 2017;

Gelet op protocol nr. 739 van 13 december 2017 van het Comité voor de federale, de gemeenschaps- en de gewestelijke overheidsdiensten;

Gelet op de vrijstelling van de impactanalyse van de regelgeving, bedoeld in artikel 8, § 1, 4° van de wet van 15 december 2013Relevante gevonden documenten type wet prom. 15/12/2013 pub. 31/12/2013 numac 2013021138 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Wet houdende diverse bepalingen inzake administratieve vereenvoudiging sluiten houdende diverse bepalingen inzake administratieve vereenvoudiging;

Gelet op advies nr. 62.740/1 van de Raad van State, gegeven op 2 februari 2018, overeenkomstig artikel 84, § 1, 2° van de gecoördineerde wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;

Overwegende dat zoveel als mogelijk het koninklijk besluit van 25 juli 1989Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 25/07/1989 pub. 14/06/2016 numac 2016000348 bron federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister Koninklijk besluit tot vaststelling van de wijze waarop personeelsleden van de federale ministeries overgaan naar de Gemeenschaps- en Gewestregeringen en naar het Verenigd College van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie. - Officieuze coördinatie sluiten tot vaststelling van de wijze waarop personeelsleden van de federale ministeries overgaan naar de gemeenschaps- en gewestregeringen en naar het Verenigd college van de Gemeenschappelijke gemeenschapscommissie werd gevolgd; dat echter een overdracht naar 4 entiteiten waarvan één tweetalig en één Duitstalige dient georganiseerd te worden, werd een specifieke verdeling uitgewerkt waarbij de personeelsleden die toegewezen zijn aan een bureau dat enkel voor één entiteit werkt, naar die entiteit ambtshalve worden overgedragen en de andere personeelsleden op basis van een dienstorder kunnen kiezen voor functies in de Gemeenschappelijke gemeenschapscommissie en de Duitstalige gemeenschap met als gevolg dat wie dan niet weerhouden wordt of wie niet heeft deelgenomen naar de Vlaamse gemeenschap of het Waals gewest volgens zijn taalrol overgaat;

Overwegende dat het mogelijk is dat de entiteiten uitstappen uit het federale circuit op een verschillende datum zijnde 1 januari 2019 of 2020, wordt in artikel 3, § 7, overeenkomstig artikel 9 van de wet van 26 juli 1960Relevante gevonden documenten type wet prom. 26/07/1960 pub. 12/10/2010 numac 2010000562 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot herinrichting van de instellingen voor kinderbijslag Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot inrichting van de instellingen inzake kinderbijslag, bepaald dat het algemeen bestuur op post blijft tot de laatste deelentiteit is uitgestapt van het federale circuit waarna ze de entiteit waarnaar ze worden overgedragen overeenkomstig dit besluit, vervoegen;

Op de voordracht van de Eerste Minister en Onze Minister van Sociale Zaken en op advies van Onze in raad vergaderde Ministers, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.§ 1. Voor de toepassing van dit besluit moet worden verstaan onder : 1° "het Agentschap" : het Federaal Agentschap voor de Kinderbijslag;2° "de personeelsleden" : de houders van een managementfunctie, de ambtenaren, de stagiairs, de met een arbeidsovereenkomst aangeworven personeelsleden en de overeenkomstig artikel 31 van de wet van 24 december 1999Relevante gevonden documenten type wet prom. 24/12/1999 pub. 27/01/2000 numac 2000012029 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Wet ter bevordering van de werkgelegenheid sluiten ter bevordering van de werkgelegenheid in het kader van een startbaanovereenkomst aangeworven personeelsleden van het Agentschap;3° "de entiteiten" : de Vlaamse Gemeenschap, het Waalse Gewest, de Duitstalige Gemeenschap en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie;4° "de datum van overname van de bevoegdheid" : de datum waarop een entiteit de bevoegdheid inzake het beheer van het betaalnetwerk en de regulatorrol van het regionaal kinderbijslagsysteem overneemt. § 2. Voor de toepassing van dit besluit : 1° worden de stagiairs beschouwd als houders van de graad of de klasse waarin ze aangeworven zijn;2° worden de met een arbeidsovereenkomst aangeworven personeelsleden beschouwd als houders van de graad of de klasse die overeenstemt met de functie waarvoor ze aangeworven zijn of, indien dat niet in de arbeidsovereenkomst vermeld is, de graad of de klasse waaraan de bijbehorende loonschaal verbonden is;3° staan de houders van een managementfunctie hiërarchisch gezien hoger dan klasse A5.De overgedragen houder van een managementfunctie van wie het mandaat beëindigd is, hervat zijn activiteit in de federale overheidsdienst waarin hij benoemd is, tenzij hij bij het Agentschap benoemd is; 4° moet een personeelslid, om in een betrekking aan de Duitstalige Gemeenschap overgedragen te worden, vóór de betekening van de gemeenschappelijke dienstorder aantonen dat hij Duits kent, overeenkomstig artikel 15, § 1 van de wetten van 18 juli 1966 op het gebruik van de talen in bestuurszaken.

Art. 2.§ 1. De personeelsleden die op de datum van overname van de bevoegdheid door het Waalse Gewest, aan de betaalbureaus van Waals-Brabant, Charleroi, Libramont, Luik, Bergen, Namen en Wallonië toegewezen zijn, worden ambtshalve aan het Waalse Gewest overgedragen. § 2. De personeelsleden die op de datum van overname van de bevoegdheid door de Vlaamse Gemeenschap, aan de betaalbureaus van Vlaams-Brabant, Antwerpen, Brugge, Gent, Hasselt en Vlaanderen toegewezen zijn, worden ambtshalve aan de Vlaamse Gemeenschap overgedragen. § 3. De personeelsleden die op de datum van overname van de bevoegdheid door de Duitstalige Gemeenschap, aan het betaalbureau van Eupen zijn toegewezen, worden ambtshalve aan de Duitstalige Gemeenschap overgedragen. § 4. De personeelsleden die op de datum van overname van de bevoegdheid door de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, aan het betaalbureau van Brussel toegewezen zijn, worden ambtshalve aan de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie overgedragen.

Art. 3.§ 1. Alle personeelsleden die op de dag van de verzending van het dienstorder niet toegewezen zijn aan een betaalbureau en dus niet overeenkomstig artikel 2 zullen worden overgedragen, worden aan de entiteiten overgedragen volgens de in dit artikel bepaalde regels. § 2. In overleg met de entiteiten, wordt er een gemeenschappelijk dienstorder opgesteld waarin, enerzijds, de binnen de Duitstalige Gemeenschap en de binnen de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie te begeven betrekkingen worden opgesomd en waarin, anderzijds, louter ten informatieve titel, ook de binnen de Vlaamse Gemeenschap en de binnen het Waalse Gewest te begeven betrekkingen of functiefamilies met vermelding van de daarin te begeven betrekkingen, worden weergegeven. De in het gemeenschappelijk dienstorder opgesomde betrekkingen kunnen vacant verklaard worden in één taalrol of in beide taalrollen.

Het gemeenschappelijk dienstorder wordt per aangetekend schrijven naar de personeelsleden verzonden. In dat schrijven wordt aan de personeelsleden, die een aanvraag wensen in te dienen, gevraagd om met een aangetekende brief met ontvangstbevestiging en binnen dertig kalenderdagen die ingaan de dag nadat de post dit schrijven heeft aangeboden, te laten weten in welke van de in het gemeenschappelijk dienstorder opgesomde, binnen de Duitstalige Gemeenschap of binnen de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, te begeven betrekkingen ze willen worden overgedragen, met vermelding van hun voorkeursvolgorde.

De personeelsleden sturen hun aanvraag rechtstreeks aan het Algemeen Bestuur van het Agentschap. Een personeelslid kan enkel een aanvraag indienen voor betrekkingen die met zijn klasse of graad en taalrol overeenstemmen. § 3. De binnen de Duitstalige Gemeenschap en de binnen de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie te begeven betrekkingen worden als volgt toegewezen aan de personeelsleden die een aanvraag als bedoeld in § 2 hebben ingediend : A. Voor elke betrekking worden de aanvragen als volgt gerangschikt : 1° de personeelsleden die bij het Agentschap belast zijn met de taken die met deze betrekking overeenstemmen;2° de andere personeelsleden. B. In elk van de in punt A vermelde groepen worden de personeelsleden als volgt gerangschikt : 1° de houders van een managementfunctie en de ambtenaren;2° de stagiairs;3° de personeelsleden die met een arbeidsovereenkomst werden aangeworven;4° de personeelsleden die met een in artikel 31 van de wet van 24 december 1999Relevante gevonden documenten type wet prom. 24/12/1999 pub. 27/01/2000 numac 2000012029 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Wet ter bevordering van de werkgelegenheid sluiten ter bevordering van de werkgelegenheid bedoelde startbaanovereenkomst werden aangeworven. C. In elk van de in punt B vermelde groepen worden de personeelsleden als volgt gerangschikt : 1° het personeelslid met de grootste graad- of klasseanciënniteit;2° bij een gelijke graad- of klasseanciënniteit, het personeelslid met de grootste dienstanciënniteit;3° bij een gelijke dienstanciënniteit, het oudste personeelslid. Het graad- of klassecriterium geldt niet voor personeelsleden die geen rijksambtenaar zijn.

De dienstanciënniteit van personeelsleden die geen rijksambtenaar zijn betreft de periode waarin ze ongeacht hun hoedanigheid en zonder vrijwillige onderbreking gewerkt hebben voor een instelling van het federaal administratief openbaar ambt, zoals gedefinieerd in artikel 1 van de wet van 22 juli 1993 houdende bepaalde maatregelen inzake ambtenarenzaken.

D. Enkel de personeelsleden die batig gerangschikt zijn, kunnen worden overgedragen. § 4. Als er, na het doorlopen van de toewijzingsprocedure zoals bedoeld in § 3, nog binnen de Duitstalige Gemeenschap en/of binnen de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie te begeven betrekkingen ingevuld moeten worden, worden deze betrekkingen als volgt toegewezen aan de personeelsleden : A. Voor elke betrekking worden de overblijvende personeelsleden als volgt gerangschikt : 1° de personeelsleden die bij het Agentschap belast zijn met de taken die met deze betrekking overeenstemmen;2° de andere personeelsleden. B. In elk van de in punt A vermelde groepen worden de personeelsleden als volgt gerangschikt : 1° de personeelsleden die met een in artikel 31 van de wet van 24 december 1999Relevante gevonden documenten type wet prom. 24/12/1999 pub. 27/01/2000 numac 2000012029 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid Wet ter bevordering van de werkgelegenheid sluiten ter bevordering van de werkgelegenheid bedoelde startbaanovereenkomst werden aangeworven;2° de personeelsleden die met een arbeidsovereenkomst werden aangeworven;3° de stagiairs;4° de houders van een managementfunctie en de ambtenaren. C. In elk van de in punt B vermelde groepen worden de personeelsleden als volgt gerangschikt : 1° het jongste personeelslid;2° bij een gelijke leeftijd, het personeelslid met de kleinste dienstanciënniteit;3° bij een gelijke dienstanciënniteit, het personeelslid met de kleinste graad- of klasseanciënniteit. § 5. De personeelsleden die overeenkomstig de toewijzingsprocedures zoals bedoeld in §§ 3 en 4 worden overgedragen naar een binnen de Duitstalige Gemeenschap te begeven betrekking, worden overgedragen op de datum van overname van de bevoegdheid door de Duitstalige Gemeenschap.

De personeelsleden die overeenkomstig de toewijzingsprocedures zoals bedoeld in §§ 3 en 4 worden overgedragen naar een binnen de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie te begeven betrekking, worden overgedragen op de datum van overname van de bevoegdheid door de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie. § 6. De personeelsleden die overblijven, na het doorlopen van de toewijzingsprocedures zoals bedoeld in §§ 3 en 4, worden op de datum van overname van de bevoegdheid door het Waalse Gewest ambtshalve aan het Waalse Gewest overgedragen als ze tot de Franse taalrol behoren.

De personeelsleden die overblijven, na het doorlopen van de toewijzingsprocedures zoals bedoeld in §§ 3 en 4, worden op de datum van overname van de bevoegdheid door de Vlaamse Gemeenschap ambtshalve aan de Vlaamse Gemeenschap overgedragen als ze tot de Nederlandse taalrol behoren. § 7. In afwijking van §§ 5 en 6, worden de houders van de managementfuncties van administrateur-generaal en adjunct-administrateur-generaal overgedragen op de datum van overname van de bevoegdheid door de entiteit die het langst gebruik heeft gemaakt van het federale betaalnetwerk. Tot op het ogenblik van hun overdracht, zal de loonkost van deze personeelsleden worden gedragen door de entiteit die het langst gebruik heeft gemaakt van het federale betaalnetwerk.

Art. 4.§ 1. De aan de entiteiten overgedragen personeelsleden behouden hun hoedanigheid, hun graad of klasse, hun administratieve anciënniteit en hun geldelijke anciënniteit.

Ongeacht de bepalingen van § 2 behouden ze ook de toelagen, vergoedingen of premies en de andere voordelen die ze overeenkomstig de voor hen geldende reglementering genoten bij het Agentschap en dat vanaf de datum waarop de rechten werden verworven.

Ze behouden de aan een functie verbonden voordelen enkel als de toekenningsvoorwaarden ervoor bestaan in de diensten van de entiteit waaraan ze worden overgedragen. § 2.Wanneer een personeelslid belast is met een hogere functie bij het Agentschap, dan zal er voor de overdracht enkel rekening gehouden worden met zijn statutaire graad of klasse.

Als hij, bij de diensten van de entiteit onmiddellijk na zijn overdracht en zonder onderbreking dezelfde hogere functie als bij het Agentschap uitoefent, dan wordt hij geacht die hogere functie verder uit te oefenen zoals die werd toegewezen overeenkomstig het koninklijk besluit van 13 juli 2017 tot vaststelling van de toelagen en vergoedingen van de personeelsleden van het federaal openbaar ambt. § 3. De houders van een managementfunctie behouden hun evaluaties in de diensten van de entiteit waaraan ze worden overgedragen.

De overgedragen personeelsleden behouden hun laatst toegekende evaluatie overeenkomstig het koninklijk besluit van 24 september 2013Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 24/09/2013 pub. 04/10/2013 numac 2013002046 bron federale overheidsdienst personeel en organisatie Koninklijk besluit betreffende de evaluatie in het federaal openbaar ambt sluiten betreffende de evaluatie in het federaal openbaar ambt in de diensten van de entiteit waaraan ze worden overgedragen.

Die evaluatie blijft geldig tot een nieuwe evaluatie wordt uitgevoerd. § 4. De laureaten van een vergelijkende selectie voor de overgang naar een hoger niveau bij het Agentschap behouden de bijbehorende bevorderingsrechten in de diensten van de entiteit waaraan ze worden overgedragen.

Voor hun rangschikking worden de laureaten beschouwd deelgenomen te hebben aan de selectie bij de diensten van de entiteit waaraan ze worden overgedragen.

Als de processen-verbaal van de selecties op dezelfde datum werden afgerond, worden de laureaten onderling gerangschikt alsof ze aan dezelfde selectie hebben deelgenomen.

Als de processen-verbaal op verschillende data werden afgerond, wordt aan de selectie waarvan het proces-verbaal het eerst werd afgerond voorrang gegeven.

Art. 5.Alle overeenkomstig de artikelen 2 en 3 naar de entiteiten overgedragen personeelsleden worden bij een in ministerraad overlegd koninklijk besluit aangewezen, genomen op gezamenlijk voorstel van de Eerste Minister en de Minister van Sociale Zaken, na advies van de betrokken regeringen en het betrokken college van de entiteiten.

Die overdrachten zijn geen nieuwe benoemingen. Ze kunnen niet als mutaties in de zin van het koninklijk besluit van 2 oktober 1937 houdende het statuut van het rijkspersoneel worden beschouwd.

Art. 6.De Eerste Minister en de Minister bevoegd voor Sociale Zaken zijn ieder wat hen betreft belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 21 maart 2018.

FILIP Van Koningswege : De Eerste Minister, Ch. MICHEL De Minister van Sociale Zaken, M. DE BLOCK


begin


Publicatie : 2018-03-

Etaamb biedt de inhoud van de Belgisch Staatsblad aan gesorteerd op afkondigings- en publicatiedatum, behandeld om gemakkelijk leesbaar en afprintbaar te zijn, en verrijkt met een relationele context.
^