Etaamb.openjustice.be
Koninklijk Besluit van 24 augustus 2005
gepubliceerd op 28 oktober 2005

Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 30 juni 2003, gesloten in het Paritair Comité voor de warenhuizen, betreffende het conventioneel brugpensioen

bron
federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg
numac
2005012295
pub.
28/10/2005
prom.
24/08/2005
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

24 AUGUSTUS 2005. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 30 juni 2003, gesloten in het Paritair Comité voor de warenhuizen, betreffende het conventioneel brugpensioen (1)


ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel 28;

Gelet op de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van 19 december 1974, gesloten in de Nationale Arbeidsraad, tot invoering van een regeling van aanvullende vergoeding ten gunste van sommige bejaarde werknemers indien zij worden ontslagen, algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 16 januari 1975;

Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de warenhuizen;

Op de voordracht van Onze Minister van Werk, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 30 juni 2003, gesloten in het Paritair Comité voor de warenhuizen, betreffende het conventioneel brugpensioen, met uitzondering van de bepalingen in strijd met artikel 4, § 2, van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van 19 december 1974 tot invoering van een regeling van aanvullende vergoeding ten gunste van sommige bejaarde werknemers indien zij worden ontslagen.

Art. 2.Onze Minister van Werk is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Châteauneuf-de-Grasse, 24 augustus 2005.

ALBERT Van Koningswege : Voor de Minister van Werk, afwezig : De Minister van Begroting en Overheidsbedrijven, J. VANDE LANOTTE _______ Nota's (1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad : Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Koninklijk besluit van 16 januari 1975, Belgisch Staatsblad van 31 januari 1975.

Bijlage Paritair Comité voor de warenhuizen Collectieve arbeidsovereenkomst van 30 juni 2003 Conventioneel brugpensioen (Overeenkomst geregistreerd op 9 september 2003 onder het nummer 67423/CO/312) HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de werkgevers en op de werknemers van de ondernemingen die ressorteren onder het Paritair Comité voor de warenhuizen. HOOFDSTUK II. - Algemene beschikkingen

Art. 2.De minimumleeftijd voor het voltijds conventioneel brugpensioen, bedoeld door overeenkomst nr. 17 die op 19 december 1974 gesloten werd in de Nationale Arbeidsraad (koninklijk besluit van 16 januari 1975, Belgisch Staatsblad van 31 januari 1975) en door het koninklijk besluit van 7 december 1992 (Belgisch Staatsblad van 11 december 1992), wordt vastgesteld op 58 jaar voor de werknemers met ten minste 25 jaar anciënniteit als loontrekkende.

De aanvullende vergoeding ten laste van de werkgever, wordt betaald tot de leeftijd waarop de betrokkenen de normale pensioengerechtigde leeftijd bereiken.

Art. 3.Voor de werknemers die genieten van een vermindering van de arbeidsprestaties tot een halftijdse betrekking en die overstappen in het stelsel van brugpensioen, wordt de aanvullende vergoeding berekend op basis van het bruto maandloon dat de werknemer zou verdienen indien hij zijn arbeidsprestaties niet zou verminderd hebben en de werkloosheidsuitkeringen overeenstemmend met het arbeidsregime in voege voor de aanvang van het tijdskrediet. HOOFDSTUK III. - Slotbepalingen

Art. 4.De collectieve arbeidsovereenkomst van 4 juni 2002 betreffende het conventioneel brugpensioen wordt opgeheven. Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1 juli 2003 en houdt op van kracht te zijn op 31 december 2005.

Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 24 augustus 2005.

Voor de Minister van Werk, afwezig : De Minister van Begroting en Overheidsbedrijven, J. VANDE LANOTTE

^