Koninklijk Besluit van 26 oktober 2015
gepubliceerd op 18 november 2015
Informatisering van Justitie. Ja, maar hoe ?

Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 11 juni 2015, gesloten in het Paritair Comité voor bewakings- en/of toezichtsdiensten, betreffende de tewerkstelling van personen behorend tot de risico

bron
federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg
numac
2015204061
pub.
18/11/2015
prom.
26/10/2015
staatsblad
http://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.pl?language=nl&c(...)
Document Qrcode

Numac : 2015204061

FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG


26 OKTOBER 2015. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 11 juni 2015, gesloten in het Paritair Comité voor bewakings- en/of toezichtsdiensten, betreffende de tewerkstelling van personen behorend tot de risicogroepen (1)


FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel 28;

Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor bewakings- en/of toezichtsdiensten;

Op de voordracht van de Minister van Werk, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 11 juni 2015, gesloten in het Paritair Comité voor bewakings- en/of toezichtsdiensten, betreffende de tewerkstelling van personen behorend tot de risicogroepen.

Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 26 oktober 2015.

FILIP Van Koningswege : De Minister van Werk, K. PEETERS _______ Nota (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Bijlage Paritair Comité voor bewakings- en/of toezichtsdiensten Collectieve arbeidsovereenkomst van 11 juni 2015 Tewerkstelling van personen behorend tot de risicogroepen (Overeenkomst geregistreerd op 3 juli 2015 onder het nummer 127818/CO/317)

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de werkgevers en op de werknemers van de ondernemingen die ressorteren onder het Paritair Comité voor de bewakings- en/of toezichtsdiensten.

Onder "werknemers" wordt verstaan : zowel de mannelijke als de vrouwelijke werknemer.

Art. 2.Partijen gaan erover akkoord een speciale inspanning te leveren voor de tewerkstelling van laaggeschoolden in uitvoering van de wet van 27 december 2006 houdende diverse bepalingen, inzonderheid titel XIII, hoofdstuk VIII, afdeling 1 van het koninklijk besluit van 19 februari 2013 tot uitvoering van artikel 189, lid 4 van deze zelfde wet.

De huidige overeenkomst houdt eveneens rekening met de bepalingen van de wet van 24 december 1999 (Belgisch Staatsblad van 27 januari 2000) met betrekking tot de aanwerving van jongeren.

In het kader van de algemene opleiding van de jongeren en de risicogroepen beschreven in de huidige overeenkomst verwijzen wij naar de wettelijk verplichte opleidingen opgelegd aan de personen werkzaam in de sector evenals naar de verscheidene akkoorden afgesloten door de opleidingsinstellingen erkend binnen de sector met de regionale vormingsdiensten.

Art. 3.§ 1. Voor wat betreft de verplichtingen inzake de aanwerving van jongeren zal de inspanning bestaan in de aanwerving van 20 jongeren van minder dan 25 jaar. § 2. Het toezicht op de toepassing van dit artikel wordt uitgeoefend door de ondernemingsraden.

Art. 4.§ 1. Vanaf 1 januari 2015 voorzien de ondertekenende partijen een inspanning van 0,10 pct., berekend op basis van de loonmassa aangegeven aan de RSZ. § 2. Deze bijdrage van 0,10 pct. wordt aangewend ten behoeve van personen die, op het ogenblik van hun aanwerving, deel uitmaken van de risicogroepen zoals omschreven in de artikelen 5 en 7. § 3. De hierboven genoemde bijdrage van 0,10 pct. wordt rechtstreeks geïnd door het "Fonds voor bestaanszekerheid voor de bewaking", waarvan de statuten zijn bepaald door de collectieve arbeidsovereenkomst van 24 april 2012 (koninklijk besluit van 3 april 2013 - Belgisch Staatsblad van 10 september 2013).

Art. 5.Van 0,10 pct. van de loonmassa zoals vermeld in artikel 4 moet tenminste 0,05 pct. te worden voorbehouden aan één of meerdere van volgende risicogroepen : 1° de werknemers van minstens 50 jaar oud die in de sector werken;2° de werknemers van minstens 40 jaar oud die in de sector werken en bedreigd zijn met ontslag : a) hetzij doordat hun arbeidsovereenkomst werd opgezegd en de opzeggingstermijn loopt;b) hetzij doordat zij tewerkgesteld zijn in een onderneming die erkend is als onderneming in moeilijkheden of in herstructurering;c) hetzij doordat zij tewerkgesteld zijn in een onderneming waar een collectief ontslag werd aangekondigd;3° de niet-werkenden en de personen die sinds minder dan een jaar werken en niet-werkend waren op het ogenblik van hun indiensttreding. Onder "niet-werkenden" wordt verstaan : a) de langdurig werkzoekenden, zijnde de personen in het bezit van een werkkaart, bedoeld in artikel 13 van het koninklijk besluit van 19 december 2001 tot bevordering van de tewerkstelling van langdurig werkzoekenden;b) de uitkeringsgerechtigde werklozen;c) de werkzoekenden die laaggeschoold of erg-laaggeschoold zijn in de zin van artikel 24 van de wet van 24 december 1999 ter bevordering van de tewerkstelling;d) de herintreders, zijnde de personen die zich na een onderbreking van minstens één jaar terug op de arbeidsmarkt begeven;e) de personen die gerechtigd zijn op maatschappelijke integratie in toepassing van de wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integratie en personen die gerechtigd zijn op maatschappelijke hulp in toepassing van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn;f) de werknemers die in het bezit zijn van een verminderingskaart herstructureringen in de zin van het koninklijk besluit van 9 maart 2006 betreffende het activerend beleid bij herstructureringen;4° de personen met een verminderde arbeidsgeschiktheid, namelijk : - de personen die voldoen aan de voorwaarden om ingeschreven te worden in een regionaal agentschap voor personen met een handicap; - de personen met een definitieve arbeidsongeschiktheid van minstens 33 pct.; - de personen die voldoen aan de medische voorwaarden om recht te hebben op een inkomensvervangende of een integratietegemoetkoming ingevolge de wet van 27 februari 1987 op de tegemoetkomingen aan personen met een handicap; - de gehandicapte die het recht op verhoogde kinderbijslag opent op basis van een lichamelijke of geestelijke ongeschiktheid van minstens 66 pct.; - de personen die in het bezit zijn van een attest afgeleverd door de Algemene Directie Personen met een Handicap van de Federale Overheidsdienst Sociale Zekerheid voor het verstrekken van sociale en fiscale voordelen; - de persoon met een invaliditeitsuitkering of een uitkering voor arbeidsongevallen of beroepsziekten in het kader van programma's tot werkhervatting; 5° de jongeren die nog geen 26 jaar oud zijn en opgeleid worden, hetzij in een stelsel van alternerend leren, hetzij in het kader van een individuele beroepsopleiding in een onderneming, bedoeld in artikel 27, 6° van het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering, hetzij in het kader van een instapstage, bedoeld in artikel 36quater van hetzelfde koninklijk besluit van 25 november 1991.

Art. 6.Van de in artikel 5 bedoelde inspanning moet minstens de helft besteedt worden aan initiatieven ten voordele van één of meerdere van de volgende groepen : a) de in artikel 5, 5° bedoelde jongeren;b) de in artikel 5, 3° en 4° bedoelde personen die nog geen 26 jaar zijn.

Art. 7.De resterende 0,05 pct. zullen bestemd zijn voor de volgende risicogroepen : - de werklozen van minstens 40 jaar oud; - de werknemers van minstens 40 jaar oud die geconfronteerd worden met nieuwe technologieën; - laaggeschoolde werknemers (die geen houder zijn van een universitair diploma of een diploma of getuigschrift van het hoger onderwijs); - de werknemers van minstens 45 jaar oud die in de sector werken; - de bedoelde werknemers in artikel 6 die nog geen 30 jaar zijn; - de werknemers die regelmatig in economische werkloosheid werden geplaatst tijdens het afgelopen jaar.

Art. 8.Jaarlijks wordt een evaluatie opgemaakt in de schoot van het bevoegd paritair comité.

Art. 9.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met ingang op 1 januari 2015 en wordt gesloten voor een tijdsperiode van twee jaar.

Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 26 oktober 2015.

De Minister van Werk, K. PEETERS


begin


Publicatie : 2015-11-

Etaamb biedt de inhoud van de Belgisch Staatsblad aan gesorteerd op afkondigings- en publicatiedatum, behandeld om gemakkelijk leesbaar en afprintbaar te zijn, en verrijkt met een relationele context.
^