Etaamb.openjustice.be
Bericht
gepubliceerd op 19 juni 2019

Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 Bij vonnis van 30 januari 2019, waarvan de expeditie ter griffie van het Hof is ingekomen op 11 april 2019, heeft de Rechtbank van eerste aanleg Luik, afdeling Vervie « Schendt artikel 14, § 3, van de wet van 3 juli 1967, zo geïnterpreteerd dat het een facultat(...)

bron
grondwettelijk hof
numac
2019202763
pub.
19/06/2019
prom.
--
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

GRONDWETTELIJK HOF


Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989Relevante gevonden documenten type wet prom. 06/01/1989 pub. 18/02/2008 numac 2008000108 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet op het Arbitragehof sluiten Bij vonnis van 30 januari 2019, waarvan de expeditie ter griffie van het Hof is ingekomen op 11 april 2019, heeft de Rechtbank van eerste aanleg Luik, afdeling Verviers, de volgende prejudiciële vraag gesteld : « Schendt artikel 14, § 3, van de wet van 3 juli 1967, zo geïnterpreteerd dat het een facultatieve verzekeraar, gesubrogeerd in de rechten van een openbare werkgever, toelaat van de aansprakelijke derde de terugbetaling te vorderen van een kapitaal dat de toekomstige renten vertegenwoordigt en dat door die facultatieve verzekeraar vrij is berekend, zonder dat die berekening op objectieve wijze is gebeurd op grond van wettelijke bepalingen en zonder dat die berekening rekening ermee houdt dat, in geval van decumulatie gerechtvaardigd doordat de ambtenaar de pensioengerechtigde leeftijd bereikt, de facultatieve verzekeraar niet langer de integrale rente maar wel een verminderde rente zal moeten uitkeren, waardoor hij zich zou kunnen verrijken door de uitoefening van het subrogatoir verhaal, niet de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, in zoverre het een niet te verantwoorden verschil in behandeling invoert tussen : - de voor een arbeidsongeval in de privésector aansprakelijke derde die wordt geconfronteerd met de vordering van de arbeidsongevallenverzekeraar die volgens dwingende normen (artikelen 47 en volgende van de wet van 10 april 1971) is berekend, zonder vermindering van de rente die de arbeidsongevallenverzekeraar heeft uitgekeerd wanneer de ambtenaar de pensioengerechtigde leeftijd bereikt; - de voor een arbeidsongeval in de openbare sector aansprakelijke derde die wordt geconfronteerd met een vordering die is berekend door de openbare werkgever of zijn facultatieve verzekeraar bij ontstentenis van dwingende normen en zonder dat de berekening rekening ermee houdt dat de uitgekeerde rente zal worden verminderd wanneer de ambtenaar de pensioengerechtigde leeftijd bereikt ? ».

Die zaak is ingeschreven onder nummer 7161 van de rol van het Hof.

De griffier, P.-Y. Dutilleux

^