Etaamb.openjustice.be
Beschikking van 20 december 2002
gepubliceerd op 29 januari 2003

Ordonnantie tot wijziging van Hoofdstuk XIIbis van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn

bron
gemeenschappelijke gemeenschapscommissie van het brussels hoofdstedelijk gewest
numac
2002031657
pub.
29/01/2003
prom.
20/12/2002
ELI
eli/ordonnantie/2002/12/20/2002031657/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
links
Raad van State (chrono)
Document Qrcode

20 DECEMBER 2002. - Ordonnantie tot wijziging van Hoofdstuk XIIbis van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn (1)


De Verenigde Vergadering heeft aangenomen en Wij, Verenigd College, bekrachtigen hetgeen volgt :

Artikel 1.Deze ordonnantie regelt een aangelegenheid bedoeld in artikel 135 van de Grondwet.

Art. 2.§ 1. Artikel 135bis , § 1, 1° en 2°, van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, wordt vervangen door de volgende bepaling : « 1° koepelvereniging : de vereniging die overeenkomstig hoofdstuk XII van deze wet wordt opgericht en die tot doel heeft het bestuur en het algemeen beheer te verzekeren over de ziekenhuisactiviteit uitgeoefend door andere verenigingen, hierna plaatselijke verenigingen genoemd; 2° plaatselijke vereniging : een vereniging die overeenkomstig de regels van hoofdstuk XII van deze wet wordt opgericht en die tot doel heeft één of meer ziekenhuizen te exploiteren waarover de koepelvereniging het bestuur en het algemeen beheer verzekert.» § 2. Artikel 135bis , § 2, vierde lid, van dezelfde wet, wordt vervangen door de volgende bepaling : « Het is ook niet meer van toepassing op de plaatselijke verenigingen die worden ontbonden of waarover de koepelvereniging het bestuur en het algemeen beheer niet langer verzekert. »

Art. 3.Artikel 135ter van dezelfde wet wordt vervangen door de volgende bepaling : « Art. 135ter . Er kan een koepelvereniging worden opgericht die in afwijking van artikel 118 van deze wet tot doel heeft het bestuur en het algemeen beheer te verzekeren over de ziekenhuisactiviteit uitgeoefend door de plaatselijke verenigingen.

Het bestuur en het algemeen beheer over de ziekenhuisactiviteiten omvatten met name : - de algemene bevoegdheid voor de coördinatie en de integratie van het door de plaatselijke verenigingen te volgen beleid, via de vaststellig door de koepelvereniging van de algemene strategie en de bedrijfsstrategie voor het ziekenhuisbeleid, enerzijds en van de stappen die noodzakelijk zijn om deze strategie ten uitvoer te brengen anderzijds; - de bevoegdheid van controle en eventueel vervanging ten aanzien van de plaatselijke verenigingen om de uitvoering van de door de koepelvereniging bepaalde algemene en bedrijfsstrategie te verzekeren en te waarborgen, inzonderheid op financieel en begrotingsvlak, inzake programmering en organisatie van de medische activiteiten en in de sectoren logistiek en investeringen.

Er mag slechts één koepelvereniging worden opgericht.

Deze koepelvereniging is samengesteld uit de geassocieerde leden avn de plaatselijke verenigingen, de Brusselse gemeenten die niet in de plaatselijke verenigingen geassocieerd zijn en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.

Behalve de overheid kunnen deze leden echter door een afzonderlijke rechtspersoon vertegenwoordigd worden in de koepelvereniging.

Overeenkomstig artikel 118 van deze wet kunnen andere publiek- of privaatrechtelijke rechtspersonen eveneens lid zijn van de koepelvereniging. » Elk jaar dient de Regering bij de Verenigde Vergadering van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie een verslag in over de activiteiten van de koepelvereniging tijdens het afgelopen jaar.

Art. 4.§ 1. Artikel 135quinquies , § 1, van dezelfde wet wordt vervangen door de volgende bepaling : « § 1. De koepelvereniging stelt een driejarig algemeen strategisch en bedrijfsplan van de ziekenhuisactiviteit vast.

Dit strategisch plan is bindend voor de plaatselijke verenigingen, die er niet mogen van afwijken.

Overeenkomstig dit strategisch plan bezorgen de plaatselijke verenigingen de koepelvereniging binnen zes maanden na de goedkeuring van het plan, een driejarig bedrijfsplan over hun activiteit en een financieel plan met betrekking tot diezelfde periode. Elk jaar, uiterlijk op vijftien september, worden het bedrijfsplan en het financieel plan door de plaatselijke verenigingen herzien, onder meer rekening houdend met de beslissingen die door de koepelvereniging met toepassing van het strategisch plan worden genomen en de aanpassingen die erin aangebracht werden. Voor diezelfde datum zorgen zij voor de nodige verbeteringen en bijwerkingen alsook voor het opstellen van hun ontvangsten- en uitgavenbegroting voor het daaropvolgende begrotingsjaar op basis van de richtsnoeren die de koepelvereniging heeft vastgesteld. » § 2. Artikel 135quinquies , § 5, van dezelfde wet wordt vervangen door de volgende bepaling : « § 5. Indien de plannen, verbeteringen of begrotingen van de betrokken plaatselijke vereniging na afloop van de in de vorige paragrafen beschreven goedkeuringsprocedure hetzij door de plaatselijke vereniging hetzij door het College niet zijn goedgekeurd, is de plaatselijke vereniging ermee belast in de plaats van de betrokken plaatselijke vereniging nieuwe plannen, verbeteringen of een nieuwe begroting op te stellen. »

Art. 5.Artikel 135sexies , eerste lid, 2° en 3°, van dezelfde wet wordt vervangen door de volgende bepaling : « 2° de aanstelling van de leidend ambtenaar en van de algemeen medisch directeur van de vereniging; 3° de beslissingen die de aankoop, de bouw, de verbouwing of de inrichting tot gevolg hebben van roerende of onroerende, lichamelijke of onlichamelijke goederen, evenals de beslissingen die leiden tot een overdracht van zakelijke onroerende rechten, zodra het totale bedrag van de verrichting gelijk is aan of hoger is dan 250.000 euro exclusief BTW. »

Art. 6.Artikel 135octies van dezelfde wet wordt vervangen door de volgende bepaling : «

Art. 135octies.Naast de in de artikelen 135quinquies en 135sexies bedoelde controles, worden de plaatselijke verenigingen elk kwartaal door de koepelvereniging gecontroleerd.

Deze controle wordt uitgeofend via een verslag dat door elke plaatselijke vereniging aan de koepelvereniging bezorgd wordt tijdens de maand die volgt op het einde van elk kwartaal en dat tevens ter informatie naar de in artikel 135decies bedoelde commissarissen wordt gestuurd.

Dit verslag wordt opgesteld volgens een model vastgesteld door de koepelvereniging en bevat een synthese van de activiteiten, van de evolutie van het personeelsbestand en van de tenuitvoerlegging van de begroting in het afgelopen kwartaal.

Daarbij gaat de koepelvereniging na of de genomen beslissingen overeenstemmen met : 1° het algemeen strategisch en bedrijfsplan van de ziekenhuisactiviteit en de beslissingen die ter uitvoering hiervan genomen werden;2° het bedrijfsplan en het financieel plan die de plaatselijke vereniging heeft vastgesteld op basis van de door de koepelvereniging bepaalde richtsnoeren, alsook de verbeteringen en bijwerkingen die erin aangebracht werden;3° de jaarlijkse begroting die de plaatselijke vereniging heeft vastgesteld op basis van de door de koepelvereniging vastgestelde richtsnoeren. In geval van niet-overeenstemming neemt de koepelvereniging alle maatregelen die ze nuttig acht om de niet-overeenstemming te verhelpen en deelt deze ter uitvoering binnen de door haar vastgestelde termijn mee aan de betrokken plaatselijke vereniging.

Indien de betrokken plaatselijke vereniging de maatregelen niet uitvoert binnen de toegemeten termijn, kan de koepelvereniging onmiddellijk de in artikel 135novies bedoelde commissaris in de plaats stellen van de in gebreke zijnde plaatselijke vereniging.

De plaatselijke vereniging kan een met redenen omkleed beroep indienen tegen de beslissing van de koepelvereniging binnen dezelfde termijn als die welke bedoeld is in § 3, tweede lid, van artikel 135quinquies en § 4 van het zelfde artikel. »

Art. 7.Artikel 135novies van dezelfde wet wordt vervangen door de volgende bepaling : « Art. 135novies . De koepelvereniging wijst een commissaris aan bij elke plaatselijke vereniging. Eenzelfde commissaris kan bij verschillende plaatselijke verenigingen worden aangewezen.

De commissaris woont de vergaderingen bij van de organen van de plaatselijke vereniging en ontvangt alle documenten die op die vergaderingen betrekking hebben.

Hij heeft als taak erop toe te zien dat de plaatselijke vereniging de beslissingen van de koepelvereniging uitvoert en beschikt over een vetorecht voor beslissingen van de plaatselijke vereniging die niet in overeenstemming zijn met de beslissingen van de organen van de koepelvereniging.

Wanneer hij van dat recht gebruik maakt, wordt de betwiste beslissing onmiddellijk aan de koepelvereniging toegezonden. Deze bevestigt of vernietig de beslissing van de commissaris en stuurt haar beslissing aan de betrokken plaatselijke vereniging binnen dertig dagen vanaf de dag waarop zij de beslissing heeft ontvangen. Na het verstrijken van deze termijn wordt zij geacht de beslissing van de commissaris te bevestigen.

Die plaatselijke vereniging kan een met redenen omkleed beroep indienen tegen de beslissing van de koepelvereniging binnen dezelfde termijn als die welke bedoeld is in § 3, tweede lid, van artikel 135quinquies en § 4 van hetzelfde artikel. »

Art. 8.Artikel 135undecies van dezelfde wet wordt vervangen door de volgende bepaling : « Art. 135undecies . § 1. De koepelvereniging kan, in het kader van haar maatschappelijk doel, in haar midden één of meer aparte afdelingen in het leven roepen of een of meer instellingen oprichten die rechtspersoonlijkheid bezitten. Zulks kan ze met andere overheden of privaatrechtelijke rechtspersonen doen. In afwijking van artikel 118 kunnen deze privaatrechtelijke rechtspersonen een winstgevend doel nastreven. Aan deze afdelingen en instellingen kunnen beheerstaken worden toevertrouwd om de uitvoering van de opdrachten van de koepelvereniging en vande plaatselijke verenigingen te vergemakkelijken. § 2. Wat het administratief toezicht betreft, gelden voor de instellingen die met toepassing van dit artikel worden opgericht, dezelfde regels van dit hoofdstuk als voor de plaatselijke verenigingen. Onverminderd het vorige lid worden de met toepassing van dit artikel opgerichte instellingen overeenkomstig hoofdstuk XII van deze wet opgericht. In afwijking van artikel 119 van deze wet zijn de beslissing van de koepelvereniging om een instelling op te richten overeenkomstig § 1 en de statuten van deze instelling niet onderworpen aan de goedkeuring van de gemeenteraden. »

Art. 9.Artikel 135duodecies wordt vervangen door de volgende bepaling : « Art. 135duodecies . In afwijking van artikel 128, § 1, en onverminderd artikel 128, § 2 en § 3, stellen de koepelvereniging, de plaatselijke verenigingen en de instellingen opgericht met toepassing van artikel 135undecies , het administratief en geldelijk statuut van hun personeel vast en richten zich in dit opzicht naar de door de koepelvereniging vastgestelde beleidslijnen. »

Art. 10.Deze ordonnantie treedt in werking de dag waarop ze in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.

Kondigen deze ordonnantie af, bevelen dat ze in het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.

Brussel, 20 december 2002.

Het Lid van het Verenigd College bevoegd voor het Gezondheidsbeleid, J. CHABERT Het Lid van het Verenigd College bevoegd voor het Gezondheidsbeleid, D. GOSUIN Het Lid van het Verenigd College bevoegd voor het beleid inzake Bijstand aan personen E. TOMAS Het Lid van het Verenigd College bevoegd voor het beleid inzake Bijstand aan personen, G. VANHENGEL _______ Nota (1) Documenten van de Verenigde Vergadering van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie : Gewone zitting 2001-2002. B-85/1. Ontwerp van ordonnantie.

Gewone zitting 2002-2003.

B-85/2. Verslag.

Volledig verslag : Bespreking : vergadering van donderdag 19 december 2002.

Aanneming : vergadering van vrijdag 20 december 2002.

^