Etaamb.openjustice.be
Beschikking van 20 mei 1999
gepubliceerd op 25 september 1999

Ordonnantie tot wijziging van de procedure voor de uitwerking en wijziging van de bijzondere bestemmingsplannen en verschillende bepalingen van de ordonnantie van 29 augustus 1991 houdende organisatie van de planning en de stedenbouw

bron
ministerie van het brussels hoofdstedelijk gewest
numac
1999031276
pub.
25/09/1999
prom.
20/05/1999
ELI
eli/ordonnantie/1999/05/20/1999031276/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
links
Raad van State (chrono)
Document Qrcode

20 MEI 1999. - Ordonnantie tot wijziging van de procedure voor de uitwerking en wijziging van de bijzondere bestemmingsplannen en verschillende bepalingen van de ordonnantie van 29 augustus 1991 houdende organisatie van de planning en de stedenbouw (1)


De Brusselse Hoofdstedelijke Raad heeft aangenomen en Wij, Regering, bekrachtigen hetgeen volgt :

Artikel 1.Deze ordonnantie regelt een aangelegenheid bedoeld in artikel 39 van de Grondwet.

Art. 2.Artikel 31 van de ordonnantie van 29 augustus 1991 houdende organisatie van de planning en de stedenbouw wordt aangevuld met het volgende lid : « Het college van burgemeester en schepenen, de gemachtigde ambtenaar, het Stedenbouwkundig College en de Regering weigeren alle stedenbouwkundige vergunningen of attesten of verkavelingsvergunningen of -attesten die niet in overeenstemming zijn met de bepalingen die zijn geschorst krachtens het tweede lid of die niet in overeenstemming zijn met de bepalingen van het ontwerpplan die krachtens het derde lid geen bindende kracht en evenmin verordenende waarde hebben. »

Art. 3.Artikel 51 van dezelfde ordonnantie wordt als volgt gewijzigd : 1° § 1, tweede lid, wordt vervangen door het volgende lid : « Het bijzonder bestemmingsplan wordt voorafgegaan door een basisdossier dat minstens het volgende bevat : 1) de omtrek van het plan;2) de bestaande feitelijke en rechtstoestand;3) de uiteenzetting van de doelstellingen van de vooropgestelde aanleg zoals vereist door de behoeften waaraan moet worden voldaan;4) een schema van de bestemmingen;5) een uiteenzetting van de voorschriften die nodig zijn om de doelstellingen te verwezenlijken;6) het in artikel 56bis bedoelde effectenverslag;7) desgevallend, de voorziene omtrek van het onteigeningsplan dat bij het bijzonder bestemmingsplan wordt gevoegd met het oog op een gelijktijdige goedkeuring met het bijzonder bestemmingsplan;8) het verband met de hogere plannen en, indien nodig, de voorgestelde bepalingen die ervan afwijken.»; 2° § 2 wordt vervangen door het volgende lid : « Als de gemeenteraad gebruik wenst te maken van de in artikel 53bis bedoelde mogelijkheid om het ontwerplan definitief goed te keuren, moet het basisdossier alle vermeldingen bevatten die zijn opgesomd in artikel 49 alsmede een vermelding waaring wordt gepreciseerd dat de gemeente voornemens is het basisdossier later als ontwerplan goed te keuren krachtens artikel 53bis.»

Art. 4.Het volgende lid wordt ingevoegd tussen het eerste en het tweede lid van artikel 52 van dezelfde ordonnantie : « In voorkomend geval wordt in het besluit van de gemeenteraad melding gemaakt van de wens om gebruik te maken van de in artikel 53bis bedoelde mogelijk om het ontwerpplan definitief goed te keuren ».

Art. 5.In artikel 53 van de ordonnantie wordt het laatste lid opgeheven.

Art. 6.In dezelfde ordonnantie wordt een artikel 53bis ingevoegd, luidend : « Binnen zestig dagen na het advies van de overlegcommissie en, in voorkomend geval, het advies van de Gewestelijke Commissie, kan de gemeenteraad, na kennis te hebben genomen van de resultaten van het onderzoek en van het advies of de adviezen, ofwel het basisdossier definitief goedkeuren, ofwel het ontwerpplan definitief goedkeuren voor zover : 1° de samenstelling ervan beantwoordt aan de inhoud omschreven in artikel 49;2° het niet onderworpen is aan een effectenstudie als bedoeld in artikel 58bis, A, tweede lid;3° zulk een plan niet vereist wordt door een hoger plan om de ordening van een gebied te bepalen. De gemeenteraad motiveert zijn beslissing voor ieder punt waaromtrent hij is afgeweken van het advies of de adviezen of van de bezwaren en opmerkingen die tijdens het openbaar onderzoek zijn gemaakt.

Wanneer de gemeenteraad het basisdossier definitief goedkeurt, wordt de procedure voortgezet overeenkomstig artikelen 54 en volgende.

Wanneer de gemeenteraad het ontwerplan definitief goedkeurt, wordt de procedure voortgezet overeenkomstig artikel 53ter. »

Art. 7.In dezelfde ordonnantie wordt een artikel 53ter ingevoegd, luidend : « Het volledige dossier van het ontwerp van bijzonder bestemmingsplan wordt, samen met het advies van de overlegcommissie en, in voorkomend geval, met het advies van de Gewestelijke Commissie aan de Regering medegedeeld.

Binnen negentig dagen na ontvangst van het volledige dossier kan de Regering het bijzonder bestemmingsplan ofwel goedkeuren, ofwel weigeren goed te keuren, ofwel aan de goedkeuring ervan bijzondere voorwaarden verbinden.

Het goedkeuringsbesluit wordt bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad. Het plan treedt in werking vijftien dagen na de bekendmaking ervan. Binnen drie dagen na de bekendmaking ervan ligt het volledige plan ter beschikking van de bevolking in het gemeentehuis.

Wanneer de Regering weigert het plan goed te keuren, wordt het besluit van de Regering met redenen omkleed.

Wanneer de Regering de goedkeuring afhankelijk stelt van bijzondere voorwaarden, keurt zij het dossier goed als basisdossier. De procedure wordt voortgezet overeenkomstig artikel 56 en volgende.

Bij ontstentenis van beslissing van de Regering binnen de termijn gesteld in het tweede lid, wordt het dossier geacht goedgekeurd te zijn als basisdossier. De procedure wordt voortgezet overeenkomstig artikel 56 en volgende.

Wanneer de Regering vaststelt of van oordeel is dat er een effectenstudie moet worden verricht, keurt zijn het dossier goed als basisdossier. De procedure wordt voortgezet overeenkomstig artikelen 58bis, A, en volgende. ».

Art. 8.In artikel 54 van dezelfde ordonnantie worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° het volgende lid wordt ingevoegd vóór het eerste lid : « Het volledige dossier van het basisdossier wordt samen met het advies van de overlegcommissie en, in voorkomend geval, het advies van de Gewestelijke Commissie aan de Regering medegedeeld.»; 2° in het eerste lid, dat het tweede lid wordt, worden de woorden « zestig dagen » vervangen door de woorden » negentig dagen ».

Art. 9.In artikel 55, vierde lid, van dezelfde ordonnantie worden de woorden « 53bis, 53ter, » ingevoegd tussen de woorden « 53, » en « 54, ».

Art. 10.In artikel 56bis, eerste lid, van dezelfde ordonnantie worden de woorden « artikel 51, § 1, tweede lid, of » ingevoegd tussen de woorden « bedoeld in » en « artikel 56, eerste lid ».

Art. 11.In de eerste en de tweede zin van artikel 58, tweede lid, van dezelfde ordonnantie worden de woorden « drie maanden » vervangen door de woorden « zestig dagen« .

Art. 12.Artikel 58bis, A, van dezelfde ordonnantie wordt als volgt gewijzigd : 1° in het zesde lid worden de woorden « of van het in artikel 53ter, tweede lid, bedoelde plan » ingevoegd tussen de woorden « artikel 54 bedoelde basisdossier« en « , uitspraak over de opportuniteit van deze studie« ;2° in het tiende lid worden de woorden « artikel 53ter, zesde lid, of » ingevoegd tussen de woorden « bedoeld in » en « artikel 54, eerste lid, ».

Art. 13.In artikel 59, eerste lid, van dezelfde ordonnantie worden de woorden « 53bis, 53ter, » ingevoegd tussen de cijfers « 53, » en « 54, ».

Art. 14.In artikel 62 van dezelfde ordonnantie worden de woorden « 53bis, 53ter, » ingevoegd tussen de woorden « 53, » en « 54, ».

Art. 15.Artikel 116, § 4, eerste lid, van dezelfde ordonnatie wordt als volgt aangevuld : « 3° de aanvraag heeft betrekking op een geval bedoeld in artikel 31, vierde lid. »

Art. 16.Artikel 118, § 3, eerste lid, van dezelfde ordonnantie wordt aangevuld met de woorden « of een geval bedoeld in artikel 31, vierde lid betreft. ».

Art. 17.In artikel 123, eerste lid, 2°, van dezelfde ordonnantie worden de woorden « in het in 2° bedoeld geval » vervangen door de woorden « in de in 2° en 3° bedoelde gevallen ».

Art. 18.Artikel 125, § 2, eerste lid, van dezelfde ordonnantie wordt aangevuld met de woorden « of een geval bedoeld in artikel 31, vierde lid betreft. ».

Art. 19.Artikel 203, § 2, van dezelfde ordonnantie wordt aangevuld met het volgende lid : « Het eerste gewestelijk ontwikkelingsplan dat op 3 maart 1995 werd vastgesteld, treedt uiterlijk op 31 december 2000 buiten werking. ».

Kondigen deze ordonnantie af, bevelen dat ze in het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.

Brussel, 20 mei 1999.

De Minister-Voorzitter van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met Plaatselijke Besturen, Werkgelegenheid, Huisvesting en Monumenten en Landschappen, Ch. PICQUE De Minister belast met Economie, Financiën, Begroting, Energie en Externe Betrekkingen, J. CHABERT De Minister belast met Ruimtelijke Ordening, Openbare Werken en Vervoer, H. HASQUIN De Minister belast met Openbaar Ambt, Buitenlandse Handel, Wetenschappelijk Onderzoek, Brandbestrijding en Dringende Medische Hulp, R. GRIJP De Minister belast met Leefmilieu en Waterbeleid, Renovatie, Natuurbehoud en Openbare Netheid, D. GOSUIN _______ Nota (1) Gewone zitting 1998-1999 Document van de Raad.- Ontwerp van ordonnantie A-324/1. - Verslag A-324/2 Volledig verslag. - Bespreking en aanneming. Vergadering van vrijdag 7 mei 1999.

^