Etaamb.openjustice.be
Besluit Van De Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 08 juni 2017
gepubliceerd op 15 juni 2017

Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot wijziging van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 26 januari 2017 tot vaststelling van de modaliteiten van bepaalde handelingen voorzien door de ordonnantie van 23 december 2016 betreffende de gewestbelasting op de inrichtingen van toeristisch logies

bron
brussels hoofdstedelijk gewest
numac
2017012646
pub.
15/06/2017
prom.
08/06/2017
ELI
eli/besluit/2017/06/08/2017012646/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
links
Raad van State (chrono)
Document Qrcode

8 JUNI 2017. - Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot wijziging van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 26 januari 2017Relevante gevonden documenten type besluit van de brusselse hoofdstedelijke regering prom. 26/01/2017 pub. 31/01/2017 numac 2017010443 bron brussels hoofdstedelijk gewest Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot vaststelling van de modaliteiten van bepaalde handelingen voorzien door de ordonnantie van 23 december 2016 betreffende de gewestbelasting op de inrichtingen van toeristisch logies sluiten tot vaststelling van de modaliteiten van bepaalde handelingen voorzien door de ordonnantie van 23 december 2016 betreffende de gewestbelasting op de inrichtingen van toeristisch logies


De Brusselse Hoofdstedelijke Regering, Gelet op de ordonnantie van 23 december 2016 betreffende de gewestbelasting op de inrichtingen van toeristisch logies, artikel 13, § 3;

Gelet op het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 26 januari 2017Relevante gevonden documenten type besluit van de brusselse hoofdstedelijke regering prom. 26/01/2017 pub. 31/01/2017 numac 2017010443 bron brussels hoofdstedelijk gewest Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot vaststelling van de modaliteiten van bepaalde handelingen voorzien door de ordonnantie van 23 december 2016 betreffende de gewestbelasting op de inrichtingen van toeristisch logies sluiten tot vaststelling van de modaliteiten van bepaalde handelingen voorzien door de ordonnantie van 23 december 2016 betreffende de gewestbelasting op de inrichtingen van toeristisch logies;

Gelet op de krachtens artikel 3 van de ordonnantie van 29 maart 2012 houdende de integratie van de genderdimensie in de beleidslijnen van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest op 29 maart 2017 uitgevoerde gendertest;

Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 12 april 2017;

Gelet op de akkoordbevinding van de Minister van Financiën en Begroting, gegeven op 20 april 2017;

Gelet op het advies nr. 61.371 van de Raad van State, gegeven op 22 mei 2017, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;

Op voorstel van de Minister belast met Financiën en Begroting;

Na beraadslaging, Besluit :

Artikel 1.In het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 26 januari 2017Relevante gevonden documenten type besluit van de brusselse hoofdstedelijke regering prom. 26/01/2017 pub. 31/01/2017 numac 2017010443 bron brussels hoofdstedelijk gewest Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot vaststelling van de modaliteiten van bepaalde handelingen voorzien door de ordonnantie van 23 december 2016 betreffende de gewestbelasting op de inrichtingen van toeristisch logies sluiten tot vaststelling van de modaliteiten van bepaalde handelingen voorzien door de ordonnantie van 23 december 2016 betreffende de gewestbelasting op de inrichtingen van toeristisch logies wordt een artikel 4/1 ingevoegd, luidende: "

Artikel 4/1.De gemeente dient bij aangetekende postzending of elektronisch aangetekende zending gericht aan de directeur-generaal van de gewestelijke fiscale administratie haar wens te uiten om van de diensten van de gewestelijke fiscale administratie te genieten, en dit vóór 30 juni van het jaar voorafgaand aan het aanslagjaar waarvoor ze van deze diensten wenst gebruik te maken, zoals bepaald in artikel 13, § 2, eerste lid, vierde streepje, van de ordonnantie.

Deze aangetekende zending dient onderstaande documenten te bevatten: 1° een kopie van de beslissing van de gemeenteraad om de in artikel 13, § 2, eerste lid, vierde streepje, van de ordonnantie bedoelde wens te uiten; 2° een brief uitgaande van het college van burgemeester en schepenen in opvolging van de voornoemde beslissing van de gemeenteraad.".

Art. 2.In hetzelfde besluit wordt een artikel 4/2 ingevoegd, luidende: "

Artikel 4/2.§ 1. De gemeente verricht de kennisgeving van het aantal te vestigen opcentiemen bij aangetekende postzending of elektronisch aangetekende zending gericht aan de Directeur-Generaal van de gewestelijke fiscale administratie, vóór 15 januari van het betrokken aanslagjaar, zoals bepaald in artikel 13, § 2, eerste lid, vijfde streepje, van de ordonnantie.

De gemeente die de opcentiemen vestigt overeenkomstig artikel 13, § 1, van de ordonnantie, voegt aan de kennisgeving beoogd in het voorgaande lid een dossier toe dat de gewestelijke fiscale administratie toelaat om een eerste controle uit te oefenen of de voorwaarden van artikel 13, § 2, van de ordonnantie vervuld zijn op het ogenblik van inkohiering. § 2. Het in paragraaf 1 bedoelde dossier bevat ten minste: 1° de contactgegevens van de twee contactpersonen die aanvullende informatie aan de gewestelijke fiscale administratie kunnen verstrekken;2° een afschrift van het reglement dat de opcentiemen oplegt, zoals bepaald in artikel 13, § 2, eerste lid, derde streepje, van de ordonnantie; 3° in voorkomend geval, een afschrift van het reglement houdende de intrekking van de andere eigen belastingen op de belastbare materie van de in deze ordonnantie omschreven belasting, of van andere gelijkaardige belastingen.".

Art. 3.In hetzelfde besluit wordt een artikel 4/3 ingevoegd, luidende: "

Artikel 4/3.§ 1. De gewestelijke fiscale administratie dient onmiddellijk in kennis te worden gesteld ingeval de gemeenteraad één van de in de artikelen 4/1 en 4/2 bedoelde beslissingen intrekt. De burgemeester geeft de directeur-generaal van de gewestelijke fiscale administratie kennis van deze intrekking. Een afschrift van deze beslissing van de gemeenteraad wordt bij de kennisgeving gevoegd. § 2. De kennisgeving bedoeld in paragraaf 1 moet gedaan worden bij aangetekende postzending of elektronisch aangetekende zending gericht aan de directeur-generaal van de gewestelijke fiscale administratie binnen de 10 werkdagen na de dag waarop de beslissing waarvan kennis wordt gegeven, werd genomen.".

Art. 4.Dit besluit is van toepassing vanaf het aanslagjaar 2018.

Brussel, 8 juni 2017.

Voor de Brusselse Hoofdstedelijke Regering : De Minister-President, R. VERVOORT De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met Financiën en Begroting, G. VANHENGEL

^