Etaamb.openjustice.be
Besluit Van De Regering Van De Franse Gemeenschap van 22 oktober 2003
gepubliceerd op 11 mei 2004

Besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap ter stijving van en houdende toezicht op het Intersyndicaal Fonds voor de sectoren van de Franse Gemeenschap betreffende de sector van het kinderwelzijn

bron
ministerie van de franse gemeenschap
numac
2004029131
pub.
11/05/2004
prom.
22/10/2003
ELI
eli/besluit/2003/10/22/2004029131/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
links
Raad van State (chrono)
Document Qrcode

22 OKTOBER 2003. - Besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap ter stijving van en houdende toezicht op het Intersyndicaal Fonds voor de sectoren van de Franse Gemeenschap betreffende de sector van het kinderwelzijn


De Regering van de Franse Gemeenschap, Gelet op het decreet van 17 juli 2002 houdende hervorming van de « Office de la Naissance et de l'Enfance », afgekort « O.N.E. »;

Gelet op het besluit van 11 december 1995 betreffende de administratieve en begrotingscontrole;

Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 8 oktober 2003;

Gelet op de akkoordbevinding van de Minister van Begroting van 22 oktober 2003;

Gelet op de beraadslaging van de Regering van de Franse Gemeenschap van 28 november 2002;

Op de voordracht van de Minister van Kinderwelzijn, belast met het Basisonderwijs, de Opvang en de Opdrachten toegewezen aan de « O.N.E. »;

Gelet op de beraadslaging van de Regering van de Franse Gemeenschap van 22 oktober 2003, Besluit :

Artikel 1.Het Intersyndicaal Fonds voor de sectoren van de Franse Gemeenschap, hierna « het Fonds » genoemd, gelegen Edelknaapstraat 69-75, 1050 Brussel, bankrekening nr. 001-4087610-09, wordt jaarlijks door de « Office de la Naissance et de l'Enfance » gestijfd met zijn kredieten.

Art. 2.Er wordt een bedrag van hoogstens 49 578,7 EURO bestemd voor de toekenning van een syndicale premie aan de personeelsleden van de diensten die zorgen voor de maatregelen die gericht zijn op de omkadering van de opvang van kinderen; voor zover deze leden hun bijdrage betalen aan één van de in het Paritair Comité nr. 305.02 vertegenwoordigde vakorganisaties, die bijgevolg als « representatieve vakorganisaties » beschouwd worden.

Art. 3.De syndicale premies worden uitbetaald aan de in artikel 2 vermelde personen binnen de perken van de beschikbare kredieten en, behoudens in geval van overmacht, in de loop van het jaar dat volgt op dat van de betaling van hun bijdragen, hierna « refertejaar » genoemd.

Het eerste refertejaar is 2003.

Art. 4.De volgende elementen worden, mutatis mutandis, bepaald in overeenstemming met de desbetreffende reglementaire bepalingen in de overheidssector : - het bedrag van de jaarlijkse premie (vanaf het refertejaar 2003); - de voorwaarden voor de toekenning ervan en de nadere regels voor de mogelijke vermindering ervan; - de schikking en de functies van het aanvraagformulier; - het vaste bedrag voor de administratieve werkingskosten.

Art. 5.Het Fonds eist elk jaar, behoudens in geval van overmacht, van de vakorganisaties - wier representativiteit voorafgaandelijk door het Fonds wordt gecontroleerd - een gemotiveerde raming van de premies die voor het vorige refertejaar moeten worden uitbetaald. Op basis van deze ramingen : - bezorgt het Fonds aan elke vakorganisatie een voorraad gewaarmerkte aanvraagformulieren die door die organisaties naar het laatst gekende privé-adres van al hun betalende leden voor het refertejaar opgezonden worden; - dient het Fonds, zo nodig, bij de « Office de la Naissance et de l'Enfance » een behoorlijk verantwoorde aanvraag in voor het bekomen van een voorschot waarvan het bedrag gelijk is aan 50 % van het totale bedrag van de geraamde premies en de daarbij horende werkingskosten.

Art. 6.Het Fonds centraliseert de gedetailleerde afrekening van de effectieve premies en kan op deze basis een bijkomend voorschot vragen naar rata van ten hoogste 85 % van het totale bedrag.

Art. 7.De « Office de la Naissance et de l'Enfance » zorgt voor de uitbetaling van de voorschotten zodra hij over de aanvragen en de bijlagen ter staving beschikt waarvan sprake in de artikelen 5 en 6.

Het Fonds verdeelt deze voorschotten, zodra zij werden geïncasseerd, over de representatieve vakorganisaties, naar rata van hun respectieve behoeften.

Art. 8.Het Intersyndicaal Fonds ontvangt de lijst van de uitbetaalde premies - zoals opgesteld door elke representatieve vakorganisatie -, de door de aangesloten leden ingevulde aanvraagformulieren en de betalingsbewijzen.

Het Fonds controleert de schuldvorderingen met alle nodig geachte investigatiemiddelen, bepaalt en betaalt het definitief bedrag uit dat aan elke representatieve vakorganisatie toekomt.

Het Fonds stuurt vervolgens aan de « Office de la Naissance et de l'Enfance » een voor waar en oprecht verklaarde verklaring van schuldvordering op, samen met de bewijzen van uitbetaling van de jaarlijkse volledige premies en verminderde premies (met onderscheid op basis van hun verminderingspercentage).

De « Office de la Naissance et de l'Enfance » betaalt het verschuldigd saldo uit zodra deze verklaring en haar bijlagen als bewijsstukken in ontvangst worden genomen.

Art. 9.De bewijsdocumenten, in het archief van het Intersyndicaal Fonds opgenomen, kunnen ter plaatse op gelijk welk ogenblik ingekeken worden : - door een ambtenaar van de « Office de la Naissance et de l'Enfance »; - door de Commissarissen van de Regering bij de « O.N.E. »; - door de Commissarissen voor de rekeningen.

Art. 10.Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.

Brussel, 22 oktober 2003.

Vanwege de Regering van de Franse Gemeenschap : De Minister van Kinderwelzijn, belast met het Basisonderwijs, de Opvang en de Opdrachten toegewezen aan de « O.N.E. », J.-M. NOLLET

^