Etaamb.openjustice.be
Besluit Van De Vlaamse Regering van 05 juni 2020
gepubliceerd op 29 juni 2020

Besluit van de Vlaamse Regering tot toekenning van extra werkingsbudget voor de scholen van het gewoon en buitengewoon basis- en secundair onderwijs omwille van de genomen maatregelen en hieraan verbonden extra onkosten gemaakt door de scholen tegen verspreiding van COVID-19

bron
vlaamse overheid
numac
2020031079
pub.
29/06/2020
prom.
05/06/2020
ELI
eli/besluit/2020/06/05/2020031079/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
links
Raad van State (chrono)
Document Qrcode

5 JUNI 2020. - Besluit van de Vlaamse Regering tot toekenning van extra werkingsbudget voor de scholen van het gewoon en buitengewoon basis- en secundair onderwijs omwille van de genomen maatregelen en hieraan verbonden extra onkosten gemaakt door de scholen tegen verspreiding van COVID-19


Rechtsgrond(en) Dit besluit is gebaseerd op : - het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997, artikel 76. - Besluit van de Vlaamse Regering houdende de codificatie betreffende het secundair onderwijs van 17 december 2010, artikel 37.

Vormvereiste(n) De volgende vormvereiste(n) is / zijn vervuld : - de inspectie van Financiën heeft advies gegeven op 2 juni 2020 - de Vlaamse minister bevoegd voor de Financiën en begroting heeft zijn akkoord gegeven op 5 juni 2020 Er is geen advies gevraagd aan de Raad van State, met toepassing van artikel 3, § 1, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973. Er is een dringende noodzakelijkheid omdat door de corona-epidemie de scholen in het basis- en secundair onderwijs bij de heropstart worden geconfronteerd met extra werkingskosten inzake schoonmaak, schoonmaak- en ontsmettingsproducten, mondmaskers en hygiënische infrastructuur om de gevolgen van een civiele noodsituatie voor de volksgezondheid, namelijk de COVID19-epidemie, te kunnen opvangen. Dringende steunmaatregelen zijn absoluut noodzakelijk om de werking verder te kunnen verzekeren, om in de noodzakelijke zorg te kunnen voorzien en om de verspreiding van het virus en de infecties tegen te gaan.

Motivering Dit besluit is gebaseerd op het volgende motief / de volgende motieven : - In het kader van de uitbraak van COVID-19 hebben de scholen van de Vlaamse Gemeenschap heel wat extra kosten gemaakt om bij de opstart te zorgen voor een veilige schoolomgeving zodat de leerlingen les krijgen en de leerkrachten les kunnen geven in een veilige omgeving.

Voor de heropstart van scholen wordt in bijkomende financiering voorzien voor de inzet van poetspersoneel, de aankoop van het nodige poetsmateriaal, voor de aankoop van materiaal m.b.t. de hygiëne- en veiligheidsmaatregelen.

Om de scholen voor deze kosten te vergoeden worden extra werkingsmiddelen toegekend aan de scholen voor het gewoon en buitengewoon basis- en secundair onderwijs.

Juridisch kader Dit besluit sluit aan bij de volgende regelgeving : - het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997, artikel 76. - Besluit van de Vlaamse Regering houdende de codificatie betreffende het secundair onderwijs van 17 december 2010, artikel 37.

Initiatiefnemer(s) Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Onderwijs, Sport, Dierenwelzijn en Vlaamse Rand.

Na beraadslaging, DE VLAAMSE REGERING BESLUIT :

Artikel 1.Aan de schoolbesturen van het gewoon en het buitengewoon basis- en secundair onderwijs wordt voor het schooljaar 2019 - 2020 extra werkingsbudget toegekend van maximaal 24.508.000 euro. Hiervan is 16.622.000 euro bestemd voor het basisonderwijs en 7.886.000 euro voor het secundair onderwijs.

Art. 2.Dit extra budget wordt toegekend voor de aankoop van mondmaskers voor de personeelsleden van het basis- en secundair onderwijs en de leerlingen van het buitengewoon onderwijs, voor de aankoop van het nodige poetsmateriaal, voor de inzet van extra poetspersoneel en voor de aankoop van ander materiaal m.b.t. de hygiëne- en veiligheidsmaatregelen. Zoals ontsmettingsmiddelen, kuisproducten en andere noodzakelijke hygiënische infrastructuur.

Wanneer een besmetting, of vermoeden van besmetting, op een school vastgesteld wordt, wordt de procedure gevolgd zoals opgenomen in het draaiboek besmettelijke ziekten van de CLB's. Scholen contacteren daartoe het CLB.

Art. 3.Het bedrag wordt verdeeld naar het basis- en secundair onderwijs op basis van de volgende criteria : 1° voor de mondmaskers wordt uitgegaan van een bedrag van 7,5 euro per in aanmerking komende personeelslid, voor 3 mondmaskers en van 2,5 euro per leerling in het buitengewoon onderwijs voor de aankoop van 1 mondmasker.2° voor het extra budget van poetspersoneel wordt het budget verdeeld op basis van 20 minuten extra te poetsen per klas, waarbij een klas bestaat uit 20 leerlingen en de kostprijs per uur voor de poetshulp bedraagt 11,5 euro.De verdeling naar het basis- en secundair is gebaseerd op basis van het maximum aantal dagen dat de scholen nog open zullen zijn : 21 in het basisonderwijs en 13 in het secundair onderwijs. 3° voor de verdeling van kost van extra hygiënische producten en kuisproducten wordt eveneens rekening gehouden met het aantal dagen dat de scholen nog open kunnen zijn en de prijs van 13 euro per 10 leerlingen van 1 liter ontsmettingsmiddel per dag.4° voor de kostprijs van extra infrastructuur wordt uitgegaan van een extra kost van 750 euro per 500 personen.

Art. 4.Het te verdelen bedrag per school wordt vastgesteld op basis van het aantal financierbare leerlingen per school op basis van de teldag van 1 februari 2020.

Concreet gaat het over volgende bedragen :

Bedrag per leerling

Gewoon basisonderwijs

22,21 euro

Buitengewoon basisonderwijs

32,34 euro

Gewoon secundair

16,34 euro

Buitengewoon secundair

24,69 euro


Art. 5.Voor de strategische reserve wordt een bedrag aan AGODI toegekend van 873.000 euro. Dit budget wordt gebruikt als vergoeding voor het facilitair bedrijf voor de scholen die gebruik maken van de mondmaskers en handgel die via het facilitair bedrijf gratis ter beschikking wordt gesteld van de scholen.

Art. 6.De Vlaamse minister, bevoegd voor het Onderwijs is belast met de uitvoering van dit besluit.

Brussel, 5 juni 2020.

De minister-president van de Vlaamse Regering, J. JAMBON De Vlaamse minister van Onderwijs, Sport, Dierenwelzijn en Vlaamse Rand, B. WEYTS

^