Besluit Van De Vlaamse Regering van 06 mei 2011
gepubliceerd op 15 juni 2011
Informatisering van Justitie. Ja, maar hoe ?

Besluit van de Vlaamse Regering tot regeling van het kwaliteitsbeleid in de erkende kinderopvangvoorzieningen

bron
vlaamse overheid
numac
2011202739
pub.
15/06/2011
prom.
06/05/2011
staatsblad
http://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.pl?language=nl&c(...)
Document Qrcode

6 MEI 2011. - Besluit van de Vlaamse Regering tot regeling van het kwaliteitsbeleid in de erkende kinderopvangvoorzieningen


De Vlaamse Regering, Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, artikel 20;

Gelet op het decreet van 17 oktober 2003 betreffende de kwaliteit van de gezondheids- en welzijnsvoorzieningen, artikel 5, §§ 1, 2 en 3, artikel 6, § § 1 en 2, artikel 7, § 1, eerste lid, artikel 9, tweede lid, en artikel 14;

Gelet op het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Kind en Gezin, artikel 8, § 2;

Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 7 december 2010;

Gelet op advies 49.229/3 van de Raad van State, gegeven op 15 februari 2011 met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;

Gelet op het overleg met de sector van de erkende kinderopvang en het intern verzelfstandigd agentschap inspectie, nu Zorginspectie, gehouden op 18 december 2008, 20 december 2009, 20 april 2009, 3 juni 2009, 23 oktober 2009, 20 november 2009, 2 februari 2010 en 11 maart 2010;

Op voorstel van de Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin;

Na beraadslaging, Besluit : HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen

Artikel 1.In dit besluit wordt verstaan onder : 1° Kind en Gezin : het intern verzelfstandigd agentschap dat opgericht is bij het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Kind en Gezin;2° kinderopvangvoorziening : kinderdagverblijf, dienst voor onthaalouders, initiatief voor buitenschoolse opvang, gemandateerde voorziening, coördinatiepunt en flexibele opvangpool van doelgroepwerknemers.Onder kinderdagverblijf wordt verstaan een voorziening die erkend is door Kind en Gezin op basis van het besluit van de Vlaamse Regering van 23 februari 2001 houdende de voorwaarden inzake erkenning en subsidiëring van kinderdagverblijven en diensten voor onthaalouders. Onder dienst voor onthaalouders wordt verstaan een voorziening die erkend is door Kind en Gezin op basis van het besluit van de Vlaamse Regering van 23 februari 2001 houdende de voorwaarden inzake erkenning en subsidiëring van kinderdagverblijven en diensten voor onthaalouders. Onder initiatief voor buitenschoolse opvang wordt verstaan een voorziening die erkend is door Kind en Gezin op basis van het besluit van de Vlaamse Regering van 23 februari 2001 houdende de voorwaarden inzake erkenning en subsidiëring van initiatieven voor buitenschoolse opvang. Onder gemandateerde voorziening, coördinatiepunt en flexibele opvangpool van doelgroepwerknemers wordt verstaan voorzieningen die erkend zijn door Kind en Gezin op basis van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 april 2009 houdende de voorwaarden voor de erkenning en subsidiëring als gemandateerde voorziening, coördinatiepunt en flexibele opvangpool van doelgroepwerknemers. HOOFDSTUK 2. - Kwaliteitshandboek

Art. 2.Zoals vermeld in artikel 5, § 4 van het decreet van 17 oktober 2003 betreffende de kwaliteit van de gezondheids- en welzijnsvoorzieningen dient de kinderopvangvoorziening te beschikken over een kwaliteitshandboek. Dat kwaliteitshandboek bevat minstens het kwaliteitsbeleid, het kwaliteitsmanagementsysteem en de zelfevaluatie.

Art. 3.De kinderopvangvoorziening evalueert de werking en het kwaliteitshandboek binnen een cyclus van vijf jaar en past indien nodig de werking en het kwaliteitshandboek aan. Afdeling 1. - Kwaliteitsbeleid

Art. 4.Het kwaliteitsbeleid bevat minstens de visie van de kinderopvangvoorziening met betrekking tot : 1° het aanbieden van een optimaal pedagogisch klimaat aan de kinderen;2° de samenwerking met het gezin. Afdeling 2. - Kwaliteitsmanagementsysteem

Art. 5.De organisatorische structuur wordt opgenomen in het kwaliteitshandboek en minstens voorgesteld in de vorm van een organogram.

Art. 6.Het kwaliteitsmanagementsysteem bevat minstens de volgende procedures en processen. De kinderopvangvoorziening beschrijft hoe : 1° de visie op het aanbieden van een optimaal pedagogisch klimaat aan de kinderen wordt toegepast;2° de visie op de samenwerking met het gezin wordt toegepast, waarbij zeker het overleg met het gezin aan bod komt;3° een adequate bereikbaarheid van de leidinggevende of de dienstverantwoordelijke gegarandeerd wordt;4° de nieuwe medewerkers of onthaalouders ingewerkt worden en hoe aan het vormingsbeleid en de ondersteuning van alle medewerkers of onthaalouders gestalte gegeven wordt;5° de medewerkers of onthaalouders ingezet worden, waarbij de volgende zaken aan bod komen : a) de continuïteit in de begeleiding van de kinderen, zodat een relatie opgebouwd kan worden tussen de kinderen en de begeleiding;b) een voortdurende begeleiding van de kinderen;c) voldoende begeleiders op basis van het aantal aanwezige kinderen;6° de kinderen gevolgd worden, en hoe de werking op de ontwikkelingsbehoeften van de kinderen afgestemd wordt;7° de groepsindeling opgevat wordt;8° de onthaalprocedure bij een eerste contact, bij de start van de opvang en bij het dagelijks onthaal ingevuld wordt;9° de veiligheid van de kinderopvangvoorziening op systematische wijze geëvalueerd en bijgestuurd wordt;10° de crisisprocedure ingevuld wordt, dit is de procedure die de opeenvolgende stappen en de wijze van communicatie vastlegt die een kinderopvangvoorziening moet volgen als er zich een gevaarsituatie voordoet in de kinderopvangvoorziening;er is sprake van een gevaarsituatie als de fysieke of psychische integriteit van een kind dat gebruikmaakt van een kinderopvangvoorziening in gevaar is of zou kunnen zijn; 11° grensoverschrijdend gedrag ten aanzien van kinderen in de kinderopvangvoorziening gedetecteerd wordt, er gepast op gereageerd wordt en erover aan preventie wordt gedaan;12° de documenten met persoonsgebonden gegevens, met respect voor de privacy van het gezin en de kinderen, beheerd en geactualiseerd worden;13° de klachten geregistreerd en behandeld worden;14° het klachtrecht kenbaar gemaakt wordt aan de gebruikers;15° de werking met het gezin, de kinderen en de medewerkers door de kinderopvangvoorziening geëvalueerd wordt;16° de werking van de kinderopvangvoorziening door iedere medewerker en minimaal één keer door ieder gezin geëvalueerd wordt. Afdeling 3. - Zelfevaluatie

Art. 7.De kinderopvangvoorziening neemt in de zelfevaluatie minstens de volgende zaken op : 1° de procedures en processen, vermeld in artikel 6;2° het aspect van zorg, namelijk het vormingsbeleid, vermeld in artikel 8. HOOFDSTUK 3. - Aspecten van zorg die een bijzondere maatschappelijke waarde hebben

Art. 8.De kinderopvangvoorziening stelt aan Kind en Gezin gegevens ter beschikking over het vormingsbeleid als een aspect van zorg dat een bijzondere maatschappelijke waarde heeft.

De gegevens, vermeld in het eerste lid, hebben betrekking op elke activiteit die kennis of vaardigheden van medewerkers of onthaalouders die minimaal drie maanden per kalenderjaar in de kinderopvangvoorziening werken, verbetert die ze nodig hebben bij het vervullen van functies en taken in de kinderopvangvoorziening.

Art. 9.De gegevens, vermeld in artikel 8, met betrekking tot een bepaald kalenderjaar worden verzameld, geregistreerd en in het eerste kwartaal van het daaropvolgende kalenderjaar ter beschikking gesteld van Kind en Gezin in een document dat minimaal het totale aantal uren vorming bevat dat gevolgd werd door de medewerkers of onthaalouders, met specificatie van de medewerkersgroep. Kind en Gezin bepaalt de verdere administratieve richtlijnen. HOOFDSTUK 4. - Toezicht en evaluatie

Art. 10.Kind en Gezin ziet toe op de naleving van de bepalingen van dit besluit. Het toezicht op de naleving van de regelgeving wordt op stukken of ter plaatse uitgeoefend. De kinderopvangvoorziening verstrekt daarvoor de door Kind en Gezin gevraagde inlichtingen of stukken over de werking. Het toezicht ter plaatse wordt uitgeoefend door de personeelsleden van het intern verzelfstandigd agentschap Zorginspectie. De kinderopvangvoorziening verstrekt de inlichtingen of stukken over de werking die personeelsleden van het intern verzelfstandigd agentschap Zorginspectie vragen. Zij krijgen vrije toegang tot de lokalen van de voorziening. Zij hebben het recht alle administratieve stukken te raadplegen en krijgen op hun verzoek toegang tot individuele dossiers. HOOFDSTUK 5. - Sancties

Art. 11.Als de kinderopvangvoorziening niet voldoet aan de bepalingen van het decreet van 17 oktober 2003 betreffende de kwaliteit van de gezondheids- en welzijnsvoorzieningen en aan de bepalingen van dit besluit, beslist Kind en Gezin over de termijn waarbinnen de erkenning van de voorziening behouden of verlengd kan worden. De maximale termijn is 24 maanden. HOOFDSTUK 6. - Slotbepalingen

Art. 12.De volgende regelingen worden opgeheven : 1° het ministerieel besluit van 12 juni 2001Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 12/06/2001 pub. 28/08/2001 numac 2001035938 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Ministerieel besluit tot bepaling van de kwaliteitszorg in initiatieven voor buitenschoolse opvang type ministerieel besluit prom. 12/06/2001 pub. 27/07/2001 numac 2001035798 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Ministerieel besluit tot bepaling van de kwaliteitszorg in diensten voor opvanggezinnen type ministerieel besluit prom. 12/06/2001 pub. 25/08/2001 numac 2001035799 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Ministerieel besluit tot bepaling van de kwaliteitszorg in kinderdagverblijven sluiten tot bepaling van de kwaliteitszorg in kinderdagverblijven, gewijzigd bij het ministerieel besluit van 13 april 2005;2° het ministerieel besluit van 12 juni 2001Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 12/06/2001 pub. 28/08/2001 numac 2001035938 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Ministerieel besluit tot bepaling van de kwaliteitszorg in initiatieven voor buitenschoolse opvang type ministerieel besluit prom. 12/06/2001 pub. 27/07/2001 numac 2001035798 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Ministerieel besluit tot bepaling van de kwaliteitszorg in diensten voor opvanggezinnen type ministerieel besluit prom. 12/06/2001 pub. 25/08/2001 numac 2001035799 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Ministerieel besluit tot bepaling van de kwaliteitszorg in kinderdagverblijven sluiten tot bepaling van de kwaliteitszorg in diensten voor opvanggezinnen, gewijzigd bij het ministerieel besluit van 13 april 2005;3° het ministerieel besluit van 12 juni 2001Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 12/06/2001 pub. 28/08/2001 numac 2001035938 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Ministerieel besluit tot bepaling van de kwaliteitszorg in initiatieven voor buitenschoolse opvang type ministerieel besluit prom. 12/06/2001 pub. 27/07/2001 numac 2001035798 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Ministerieel besluit tot bepaling van de kwaliteitszorg in diensten voor opvanggezinnen type ministerieel besluit prom. 12/06/2001 pub. 25/08/2001 numac 2001035799 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Ministerieel besluit tot bepaling van de kwaliteitszorg in kinderdagverblijven sluiten tot bepaling van de kwaliteitszorg in initiatieven voor buitenschoolse opvang, gewijzigd bij het ministerieel besluit van 13 april 2005.

Art. 13.Het decreet van 17 oktober 2003 betreffende de kwaliteit van de gezondheids- en welzijnsvoorzieningen treedt, wat betreft de kinderopvangvoorzieningen, in werking op 1 juli 2011.

Art. 14.Dit besluit treedt in werking op 1 juli 2011.

Art. 15.De Vlaamse minister, bevoegd voor de bijstand aan personen, is belast met de uitvoering van dit besluit.

Brussel, 6 mei 2011.

De minister-president van de Vlaamse Regering, K. PEETERS De Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, J. VANDEURZEN

Etaamb biedt de inhoud van de Belgisch Staatsblad aan gesorteerd op afkondigings- en publicatiedatum, behandeld om gemakkelijk leesbaar en afprintbaar te zijn, en verrijkt met een relationele context.
^