Etaamb.openjustice.be
Besluit Van De Vlaamse Regering van 09 mei 2003
gepubliceerd op 02 juni 2003

Besluit van de Vlaamse regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse regering van 24 november 1993 betreffende de ondersteuning van de zeevisserij en de aquicultuursector

bron
ministerie van de vlaamse gemeenschap
numac
2003035549
pub.
02/06/2003
prom.
09/05/2003
ELI
eli/besluit/2003/05/09/2003035549/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

9 MEI 2003. - Besluit van de Vlaamse regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse regering van 24 november 1993 betreffende de ondersteuning van de zeevisserij en de aquicultuursector


De Vlaamse regering, Gelet op het decreet van 13 mei 1997 tot oprichting van een Financieringsinstrument voor de Vlaamse visserij- en aquicultuursector, inzonderheid op artikel 5;

Gelet op het besluit van de Vlaamse regering van 24 november 1993 betreffende de ondersteuning van de zeevisserij en de aquicultuur, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse regering van 2 april 1996 en 26 mei 2000;

Gelet op de Europese Richtsnoeren van 29 november 2000 (2001/C19/05) voor het onderzoek van de steunmaatregelen van de staten in de visserij- en aquacultuursector;

Gelet op verordening (EG) nr. 2792/99 van de Raad van 17 december 1999 tot vaststelling van de uitvoeringsbepalingen en voorwaarden voor de structurele acties van de Gemeenschap in de visserijsector;

Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de begroting, gegeven op 16 mei 2002;

Gelet op de beraadslaging van de Vlaamse regering, op 17 mei 2002, betreffende de aanvraag om advies bij de Raad van State binnen een maand;

Gelet op het advies van de Raad van State nr. 33.533/3, gegeven op 19 november 2002, met toepassing van artikel 84, eerste lid, 1°, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State;

Op voorstel van de Vlaamse minister van Leefmilieu en Landbouw;

Na beraadslaging, Besluit :

Artikel 1.In het opschrift van het besluit van de Vlaamse regering van 24 november 1993 betreffende de ondersteuning van de zeevisserij en de aquicultuur wordt het woord « ondersteuning » vervangen door het woord « omkadering ».

Art. 2.In artikel 1, § 1, 2, § 2, 4, § 1, 7, § 1, 12, 15, van hetzelfde besluit worden de woorden « de Vlaamse minister, bevoegd voor het landbouwbeleid » telkens vervangen door de woorden « het FIVA ».

Art. 3.In artikel 3 van hetzelfde besluit wordt de zinsnede « , en wordt in de tijd beperkt tot 31 december 1995 » geschrapt.

Art. 4.Artikel 4 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse regering van 2 april 1996, wordt vervangen door wat volgt : «

Art. 4.Het FIVA kan voor de tijdelijke stillegging van de zeevisserijactiviteit van bepaalde vissersvaartuigen een vergoeding toekennen aan de betrokken rederijen en aan de bemanningsleden van de vissersvaartuigen in kwestie die tijdens de stillegperiode werkloos zijn. »

Art. 5.Artikel 5 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse regering van 2 april 1996, wordt vervangen door wat volgt : «

Art. 5.De vergoeding, bedoeld in artikel 4, wordt toegekend overeenkomstig artikel 16 van de verordening (EG) nr. 2792/99 van de Raad van 17 december 1999 tot vaststelling van de uitvoeringsbepalingen en voorwaarden voor de structurele acties van de Gemeenschap in de visserijsector. De Vlaamse minister, bevoegd voor het landbouwbeleid, kan de nadere voorwaarden en regels vaststellen in verband met de procedure, de inhoud, de voorwaarden, de vorm en de regels met betrekking tot de stillegging, de indiening van de aanvraag, het onderzoek van de aanvraag, de toekenning en de uitbetaling van de vergoeding voor stillegging, de controle en het toezicht. »

Art. 6.Artikel 6 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse regering van 2 april 1996, wordt geschrapt.

Art. 7.Artikel 7 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse regering van 2 april 1996, wordt vervangen door wat volgt : «

Art. 7.§ 1. Het FIVA, kan tijdelijke financiële steun verlenen voor proefprojecten. § 2. In dit besluit wordt verstaan onder proefprojecten : elk project dat door een marktdeelnemer en/of een wetenschappelijke en/of een technische instelling en/of een andere bevoegde instantie wordt uitgevoerd en tot doel heeft in omstandigheden die de werkelijke omstandigheden in de productiesector zeer sterk benaderen, de technische betrouwbaarheid en/of de economische levensvatbaarheid van een innoverende technologie te testen, teneinde technische en/of economische kennis over de geteste technologie te verwerven en vervolgens te verspreiden. Projecten omtrent de experimentele visserij komen als proefproject in aanmerking voor zover zij gericht zijn op de instandhouding van visbestanden en op het gebruik van meer selectieve vangstmethodes. § 3. Een proefproject dient steeds wetenschappelijke begeleiding en toezicht te omvatten dat voldoende grondig is en voldoende lang duurt om significante resultaten te verkrijgen. Met het oog op een duurzame exploitatie van visbestanden mogen in dezelfde visserijzone opeenvolgende proefprojecten betreffende de experimentele visserij worden uitgevoerd. »

Art. 8.In het opschrift van hoofdstuk II van hetzelfde besluit worden de woorden « Experimentele visserij » vervangen door het woord « Proefprojecten ».

Art. 9.Artikel 8 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse regering van 2 april 1996, wordt vervangen door wat volgt : «

Art. 8.§ 1. De initiatiefnemer van een proefproject dient in het Vlaamse Gewest gedomicilieerd of gevestigd te zijn. § 2. Voor de uitvoering van een proefproject kan de initiatiefnemer samenwerken met : 1° één of meer reders die voldoen aan artikelen 1 tot 4 van het besluit van de Vlaamse regering van 7 juli 1998 betreffende steun aan de investeringen en aan de installatie in de visserij- en aquicultuursector;2° één of meer ondernemingen op het gebied van verwerking of afzet van visserijproducten;3° één of meer ondernemingen op het gebied van uitrusting voor de visserij.» De maatschappelijke zetel van de ondernemingen onder 2° en 3° dient in Vlaanderen gevestigd te zijn.

Art. 10.Artikel 9 en 10 van hetzelfde besluit worden opgeheven.

Art. 11.Artikel 11 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse regering van 2 april 1996, wordt vervangen door wat volgt : «

Art. 11.De verdere toekenningsvoorwaarden, het bedrag en de betalingsmodaliteiten inzake de financiële steun worden door de Vlaamse minister, bevoegd voor het landbouwbeleid, vastgesteld. Het premiebedrag kan verschillen naargelang de uitvoeringsmodaliteiten van het proefproject. »

Art. 12.In hetzelfde besluit wordt het opschrift van hoofdstuk III vervangen door wat volgt : « Mariene ontwikkeling en inrichting van de kustzones ».

Art. 13.Artikel 12 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse regering van 2 april 1996, wordt vervangen door wat volgt : «

Art. 12.Het FIVA kan financiële steun verlenen voor projecten die betrekking hebben op het beheer en de ontwikkeling van de kustvisserij of op de verbetering en bescherming van bestanden van vis, schaal- en schelpdieren in de kustzones. »

Art. 14.Artikel 13 van hetzelfde besluit wordt opgeheven.

Art. 15.Artikel 14 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse regering van 2 april 1996, wordt vervangen door wat volgt : «

Art. 14.De verdere toekenningsvoorwaarden, het bedrag en de betalingsmodaliteiten van de financiële steun worden door de Vlaamse minister, bevoegd voor het landbouwbeleid, vastgesteld. »

Art. 16.Artikel 17 van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt : «

Art. 17.§ 1. Het FIVA kan voor andere maatregelen dan steun voor verzekeringen ter dekking van het risico van verlies als gevolg van buitengewone gebeurtenissen of natuurrampen, binnen het kader van voor steun vanwege het Europees Financieringsinstrument voor de oriëntatie van de visserij (FIOV) in aanmerking komende specifieke maatregelen in toepassing van de verordening 2792/99, een Vlaamse cofinanciering toekennen om : 1° structurele handicaps in de visserij- en aquicultuursector weg te werken;2° de verwezenlijking mogelijk te maken van projecten waardoor de moeilijkheden verholpen worden in verband met een specifiek aspect van de visserijactiviteit.In het bijzonder kan steun verleend worden voor de oprichting, de verbetering en de ondersteuning van producentengroeperingen. § 2. De verdere toekenningsvoorwaarden, het bedrag en de betalingsmodaliteiten van de financiële steun worden door de Vlaamse minister, bevoegd voor het landbouwbeleid, vastgesteld. »

Art. 17.Artikel 18 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse regering van 2 april 1996, wordt vervangen door wat volgt : «

Art. 18.§ 1. In dit besluit wordt verstaan onder buitengewone gebeurtenissen of natuurrampen : iedere gebeurtenis, veroorzaakt door oorzaken, extern aan de normale bedrijfsvoering, en in normale omstandigheden niet voorzienbaar, die de normale exploitatie van het bedrijf verhindert. § 2. Voor verzekeringen ter dekking van het risico van verlies als gevolg van buitengewone gebeurtenissen of natuurrampen, kan door het FIVA een subsidie worden verleend binnen de grenzen die door de Europese Unie worden toegestaan. § 3. De verdere toekenningsvoorwaarden, het bedrag en de betalingsmodaliteiten van de financiële steun worden door de Vlaamse minister, bevoegd voor het landbouwbeleid, vastgesteld. »

Art. 18.Artikel 24 van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt : «

Art. 24.De financiële steun, toegekend op grond van dit besluit, kan niet worden gecumuleerd met overheidssteun vanwege het Vlaams Gewest in het kader van andere steunregelingen. Cumulatie met EU-steun is evenwel toegelaten, voor zover de voorwaarden van de verordeningen in kwestie worden nagekomen. »

Art. 19.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 juli 2001.

Brussel, 9 mei 2003.

De minister-president van de Vlaamse regering, P. DEWAEL De Vlaamse minister van Leefmilieu en Landbouw, V. DUA

^