Besluit Van De Waalse Regering van 15 mei 2014
gepubliceerd op 17 juni 2014
Informatisering van Justitie. Ja, maar hoe ?

Besluit van de Waalse Regering tot wijziging van het besluit van de Waalse Regering van 12 maart 2009 betreffende de gewestelijke incentives ten gunste van de grote ondernemingen en ten gunste van de kleine of middelgrote ondernemingen die investeren met

bron
waalse overheidsdienst
numac
2014203717
pub.
17/06/2014
prom.
15/05/2014
staatsblad
http://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.pl?language=nl&c(...)
Document Qrcode

15 MEI 2014. - Besluit van de Waalse Regering tot wijziging van het besluit van de Waalse Regering van 12 maart 2009 betreffende de gewestelijke incentives ten gunste van de grote ondernemingen en ten gunste van de kleine of middelgrote ondernemingen die investeren met het oog op de bevordering van alternatieve vervoerswijzen op het wegvervoer en die doelstellingen inzake de milieubescherming nastreven


De Waalse regering, Gelet op Verordening (EG) nr. 800/2008 van de Commissie van 6 augustus 2008 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 87 en 88 van het Verdrag met de gemeenschappelijke markt verenigbaar worden verklaard (de algemene groepsvrijstellingsverordening);

Gelet op Verordening (EG) nr. 1407/2013 van de Commissie van 18 december 2013 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de minimissteun;

Gelet op het decreet van 11 juli 2002 houdende organisatie van het statuut van de "Société wallonne de financement et de garantie des petites et moyennes entreprises", "SOWALFIN" afgekort, inzonderheid op artikel 5, gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 20 november 2008;

Gelet op het decreet van 11 maart 2004 betreffende de gewestelijke incentives ten gunste van grote ondernemingen, artikel 5, artikel 15, aangevuld bij het besluit van de Waalse Regering van 9 februari 2006, en de artikelen 17 en 18;

Gelet op het decreet van 11 maart 2004 betreffende de gewestelijke incentives ten gunste van kleine en middelgrote ondernemingen, artikel 5, en de artikelen 21 tot 23;

Gelet op het decreet van 11 maart 2004 betreffende de incentives om de milieubescherming en het duurzame energiegebruik te begunstigen, artikel 1, § 3, artikel 6, 1°, a. en 2°, a., artikel 7, tweede lid, artikel 14, aangevuld bij het besluit van de Waalse Regering van 9 februari 2006 en artikel 16;

Gelet op het besluit van de Waalse Regering van 12 maart 2009 betreffende de gewestelijke incentives ten gunste van de grote ondernemingen en ten gunste van de kleine of middelgrote ondernemingen die investeren met het oog op de bevordering van alternatieve vervoerswijzen op het wegvervoer en die doelstellingen inzake de milieubescherming nastreven;

Gelet op de beslissing van de Europese Commissie van 4 februari 2014 waarbij de steunregeling SA.37293 goedgekeurd wordt;

Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 12 juli 2013;

Gelet op de instemming van de Minister van Begroting, gegeven op 18 juli 2013;

Gelet op advies nr. 56.327/2 van de Raad van State, gegeven op 14 mei 2014, overeenkomstig artikel 84, § 1, eerste lid, 3° van de wetten op de Raad van State gecoördineerd op 12 januari 1973;

Gelet op de dringende noodzakelijkheid gemotiveerd door het feit dat de steunregeling met het oog op de bevordering van alternatieve vervoerswijzen op het wegvervoer op 31 december 2013 beëindigd is. De nieuwe regeling past zich in termen van toepassingstermijnen aan de verschillende plannen en communicaties van de Europese Commissie (2014-2020) betreffende de alternatieve vervoerswijzen aan. Het was dus voorzien dat de Regering een besluit aanneemt om de regeling te doen evolueren maar eerst om bedoelde regeling te verlengen;

Gelet op de relatief lange tijd genomen door de Europese Commissie om haar beslissing te nemen (voorafgaande mededeling op 2 september 2013 en beslissing uitgebracht op 4 februari 2014) en de achterstand ingehaald door de Belgische vertegenwoordiging bij de Europese Unie voor de overmaking van de beslissing van de Europese Commissie (overmaking van de beslissing aan de Minister van Economie op 3 april 2014) is de Regering gedwongen de verlenging van de nieuwe steunregeling ten gunste van de alternatieve vervoerswijzen op het wegvervoer snel aan te nemen, met dien verstande dat verschillende ondernemingen reeds steundossiers hebben ingediend die niet behandeld kunnen worden en waarvan de premies dus niet toegekend, noch uitbetaald kunnen worden aan de in aanmerking komende ondernemingen zonder bestaande wettelijke basis; Overwegende dat de dringende adviesaanvraag als doel heeft de werking van de ondernemingen van die sector niet te storen en hun activiteiten niet afhankelijk te maken van de termijnen betreffende de procedures m.b.t. de aanneming van de reglementaire akten;

Overwegende dat indien die reeds ingediende steunaanvragen normaal in fine behandeld zullen kunnen worden dankzij de voorgestelde retroactiviteit van de inwerkingtreding van het wijzigingsbesluit op 1 januari 2014, dit niet wegneemt dat hoe langer de aanneming van dit project op zich laat wachten, hoe langer het zal duren voor de ondernemingen om garanties te krijgen wat betreft het in aanmerking komen van hun investering voor de steunregeling en hoe groter de liquiditeitsproblemen zullen worden voor de ondernemingen die reeds de betrokken uitgaven hebben verricht;

Overwegende dat de spanningen betreffende de onzekerheid gebonden aan de rentabiliteit van hun investeringen en hun behoeften aan geldelijke middelen belangrijke negatieve gevolgen kunnen hebben op de toestand van die sector;

Gelet op de reeds opgelopen, relatief lange achterstand die niet te wijten is aan het Waalse Gewest, er voorgesteld wordt om gebruik te maken van de spoedprocedure om te voorkomen dat de vorming van een nieuwe regering bij de volgende legislatuur afgewacht moet worden, verschillende weken, en zelfs verschillende maanden dus voor de inwerkingtreding van dit wijzigingsbesluit, waarbij die steunregeling kan worden verlengd;

Overwegende dat die procedure de ondernemingen van de sector in staat zou stellen om in aanmerking te komen voor de storting van de premies binnen een redelijke termijn zonder hun onzekere liquiditeitstoestand aan te tasten. Daardoor zouden ze met de investeringen en met de uitoefening van hun alternatieve vervoersactiviteit op het wegvervoer voortzetten. Ter herinnering, de ontwikkeling van die sector maakt deel uit van het beleid van de Europese Commissie om milieu- maar ook economische redenen;

Gelet op het feit dat de communicatie van de Europese Commissie van 17 januari 2006 over de bevodering van het vervoer over water "NAIADES - Een geïntegreerd Europees actieprogramma voor het vervoer over water" op 1 januari 2014 verstrijkt;

Overwegende dat het mechanisme betreffende de steun aan de winst van de ondernemingen die om milieuredenen gebruik wensen te maken van alternatieve vervoerswijzen verlengd moet worden;

Dat het effect op de planeet via de broeikasgasemissie immers minder gevoelig is met het vervoer over water of spoorweg dan met het wegvervoer;

Dat het gebruik van die vervoerswijzen immers heden duurder is dan het gebruik van het wegvervoer;

Overwegende dat de compensatie die uit naam van de negatieve externe effecten van het wegvervoer bij dit plan toegekend is ter bevordering van het vervoer van containers over water versterkt moet worden om bedoeld vervoer competitiever te maken en om een hoger milieubeschermingsniveau te waarborgen;

Dat terwijl het volume van elke geladen container een impact heeft wat betreft het aantal eenheden die een schip kan vervoeren, die impact in het geval van vrachtwagenvervoer immers onbelangrijk kan zijn;

Overwegende dat een grotere steun aan de binnenschippers wat betreft een meer efficiënte motorisering mogelijk is en op milieugebied te verkiezen is;

Overwegende dat de tekst op het vlak van de procedures met het oog op meer doorzichtigheid en op een gemakkelijkere toepassing vereenvoudigd moet worden;

Op de voordracht van de Minister van Economie, K.M.O.'s, Buitenlandse Handel en Nieuwe Technologieën;

Na beraadslaging, Besluit :

Artikel 1.In artikel 3, § 1, derde lid, van het besluit van de Waalse Regering van 12 maart 2009 betreffende de gewestelijke incentives ten gunste van de grote ondernemingen en ten gunste van de kleine of middelgrote ondernemingen die investeren met het oog op de bevordering van alternatieve vervoerswijzen op het wegvervoer en die doelstellingen inzake de milieubescherming nastreven, worden de woorden "het jaar dat volgt op de verrichting" vervangen door de woorden "het jaar van de verrichting".

Art. 2.Artikel 5 van hetzelfde besluit wordt aangevuld met volgend lid : "Het bedrag van de premie is niet hoger dan 500.000 euro per periode van twaalf opeenvolgende maanden na ontvangst van de in artikel 9, tweede lid, bedoelde periode.".

Art. 3.Artikel 6 van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt : "

Art. 6.Het bedrag van de premie voor de technische aanpassing die toegekend is aan de onderneming die de investeringen bedoeld in artikel 3, § 1, tweede lid, 4° tot 6°, verricht, is gelijk aan 30 % van het bedrag van de investeringen indien het gaat om een kleine of een middelgrote onderneming of aan 20 % van het bedrag van de investeringen als het gaat om een grote onderneming.

Het bedrag van de premie voor de technische aanpassing is gelijk aan 50 % van de in aanmerking komende investeringen als het gaat om : 1° investeringen betreffende de aankoop en de installatie van alternatieve aandrijvingen waarvan de technologie erkend is en normaal in de handel gebracht wordt, met name de hybride motoren, de motoren die werken met alternatieve brandstoffen of de brandstofcellen;2° investeringen betreffende de aankoop en de installatie van erkende systemen voor de vermindering van de verontreinigende emissies van de aandrijfmotoren, met name de katalysatoren. Het bedrag van de premie mag, overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1407/2013 van de Commisse van 18 december 2013 betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun, niet hoger zijn dan 200.000 euro over een periode van drie boekjaren.".

Art. 4.In artikel 7 van hetzelfde besluit wordt het tweede lid vervangen door wat volgt : "De premie voor het containervervoer over de binnenwateren wordt berekend als volgt : 1° 12 euro per container van 20 voet;2° 20 euro per container van 30 voet;3° 36 euro per container van 40 voet; 4° 40 euro per container van 45 voet.".

Art. 5.In artikel 13, tweede lid, 4°, van hetzelfde decreet worden de woorden "of nieuwe" opgeheven.

Art. 6.Artikel 14, eerste lid,van hetzelfde besluit wordt aangevuld met een punt 4°, luidend als volgt : "4 de verrichting van een bijkomende of nieuwe tonnenmaat vervoerd over de bevaarbare waterwegen of de spoorwegen of een aantal overslagen van bijkomende of nieuwe intermodale eenheden naar de water- of spoorweg bepaald in de bijlage bij de beslissing in het geval van de premie voor de alternatieve vervoerswijze.".

Art. 7.In artikel 19 van hetzelfde besluit worden twee leden ingevoegd tussen het derde en het vierde lid : "Als de onderneming de voorwaarde bedoeld in artikel 4, eerste lid, 2°, niet naleeft, neemt de Minister of de gemachtigd ambtenaar een beslissing tot opschorting van de premie voor het containervervoer over de binnenwateren die door het bestuur aan de onderneming per aangetekend schrijven of op enige andere wijze van mededeling met vaste dagtekening wordt meegedeeld. De beslissing begint te lopen op de datum waarop de onderneming ze ontvangt en eindigt op de datum van ontvangst door het bestuur van een nieuwe financiële toestand m.b.t. één van beide volgende boekhoudjaren.

Indien de onderneming niet binnen een termijn van vierentwintig maanden te rekenen van de beslissing tot opschorting bedoeld in het vierde lid een nieuwe financiële of balanstoestand voorlegt die beantwoordt aan de kenmerken omschreven in het vierde lid, treft de Minister of de gemachtigd ambtenaar een beslissing tot weigering van de premie voor het containervervoer over de binnenwateren, waarvan door het bestuur aan de onderneming kennis wordt gegeven bij aangetekend schrijven of op enige andere wijze van mededeling met vaste dagtekening.

Art. 8.Artikel 20 van hetzelfde besluit wordt gewijzigd als volgt : 1° het eerste lid wordt vervangen als volgt : "De premie voor het containervervoer over de binnenwateren wordt om de zes maanden op verzoek van de onderneming gestort.". 2° de bepaling wordt aangevuld met vijf leden luidend als volgt : "De onderneming dient uiterlijk één jaar na het einde van het betrokken halfjaar, een uitbetalingsaanvraag in samen met het bewijs van de naleving van : 1° artikel 10 van het decreet volgens de modaliteiten bepaald door de Minister; "2° de voorwaarde bedoeld in artikel 4, lid 1, 2°, tijdens het boekjaar afgesloten vóór de aanvraag tot vereffening van de premie voor het containervervoer over de binnenwateren.

Indien de bewijzen bedoeld in het derde lid, 1°, niet worden verstrekt door de onderneming, treft de Minister of de gemachtigd ambtenaar een beslissing tot opschorting van de uitbetaling van de premie voor het containervervoer over de binnenwateren tijdens een maximumduur van twaalf maanden ingaand te rekenen van de indiening van de aanvraag tot vereffening en het bestuur geeft kennis van die beslissing bij ter post aangetekend schrijven of op enige andere wijze van mededeling met vaste dagtekening aan de onderneming en gelast haar om zich te schikken naar de voorwaarden bedoeld in het derde lid volgens de modaliteiten en termijnen overeengekomen met de bevoegde administratie.

Als de onderneming de voorwaarde bedoeld in artikel 4, eerste lid, 2°, niet naleeft, neemt de Minister of de gemachtigd ambtenaar een beslissing tot opschorting van de premie voor het containervervoer over de binnenwateren die door het bestuur aan de onderneming per aangetekend schrijven of op enige andere wijze van mededeling met vaste dagtekening wordt meegedeeld. De beslissing begint te lopen op de datum waarop de onderneming ze ontvangt en eindigt op de datum van ontvangst door het bestuur van een nieuwe financiële toestand m.b.t. één van beide volgende boekhoudjaren.

Als de in het vierde lid bedoelde termijn verstreken is, en indien de onderneming niet heeft aangetoond dat zij de voorwaarden bedoeld in het derde lid naleeft, trekt de Minister of de gemachtigd ambtenaar de beslissing tot toekenning van de premie voor het fluviale containerpark, waarvan het bestuur aan de onderneming kennis gegeven heeft bij aangetekend schrijven of op enige andere wijze van mededeling met vaste dagtekening in.

Het bestuur vordert dan de premie voor het containervervoer over de binnenwateren overeenkomstig de bepalingen van artikel 15 van het decreet terug.".

Art. 9.Artikel 26 van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt : "

Art. 26.Tijdens een periode van drie maanden na de inwerkingtreding van dit besluit mogen de facturen die voorafgaan aan de termijn bedoeld in artikel 9, eerste lid, in afwijking van artikel 9 in aanmerking genomen worden in het raam van dit besluit voor zover ze na 30 september 2013 gedateerd zijn.".

Art. 10.Artikel 27 van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt : "

Art. 27.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2014.

Dit besluit houdt op van kracht te zijn op 31 december 2020.".

Art. 11.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2014.

Art. 12.De Minister bevoegd voor Economie en de K.M.O.'s is belast met de uitvoering van dit besluit.

Namen, 15 mei 2014.

De Minister-President, R. DEMOTTE De Minister van Economie, K.M.O.'s, Buitenlandse Handel en Nieuwe Technologieën, J.-Cl. MARCOURT

Etaamb biedt de inhoud van de Belgisch Staatsblad aan gesorteerd op afkondigings- en publicatiedatum, behandeld om gemakkelijk leesbaar en afprintbaar te zijn, en verrijkt met een relationele context.
^