Decreet van 11 april 2014
gepubliceerd op 06 mei 2014
Informatisering van Justitie. Ja, maar hoe ?

Decreet tot wijziging van het decreet van 25 februari 1999 houdende toekenning van subsidies voor bepaalde investeringen inzake sportinfrastructuur

bron
waalse overheidsdienst
numac
2014202885
pub.
06/05/2014
prom.
11/04/2014
staatsblad
http://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.pl?language=nl&c(...)
Document Qrcode

11 APRIL 2014. - Decreet tot wijziging van het decreet van 25 februari 1999 houdende toekenning van subsidies voor bepaalde investeringen inzake sportinfrastructuur (1)


Het Waals Parlement heeft aangenomen en Wij, Regering, bekrachtigen hetgeen volgt :

Artikel 1.Dit besluit regelt overeenkomstig artikel 138 van de Grondwet een aangelegenheid bedoeld in artikel 127, § 1, ervan.

Art. 2.In artikel 2 van het decreet van 25 februari 1999 houdende toekenning van subsidies voor bepaalde investeringen inzake sportinfrastructuur worden de volgende wijzigingen aangebracht: . 1° het derde lid, 2°, wordt aangevuld als volgt : « Onder eerste sportvoorziening die nodig is voor de werking van de onroerende installatie bedoeld onder 1° wordt verstaan de sportvoorziening aangeworven door de begunstigde bij de bouw, de uitbreiding, de renovatie, de aanwerving van een sportinfrastructuur die het voorwerp uitmaakt van een subsidie om volledig te kunnen functioneren.»; 2° het derde lid wordt aangevuld met een punt 4°, luidend als volgt : « 4° de aanwerving van de sportvoorziening die nodig is voor de werking en de uitbating van een sportinfrastructuur, ongeacht of ze al dan niet het voorwerp van een subsidie heeft uitgemaakt, met uitzondering van de eerste voorziening bedoeld onder 2°.»; 3° het vierde lid, 2°, wordt aangevuld met een d), luidend als volgt : « d) het technisch dossier bedoeld in artikel 20bis, § 2 »;4° in het vierde lid wordt punt 3° vervangen als volgt : « 3° de modaliteiten tot berekening van de subsidie, waarbij een onderscheid gemaakt wordt tussen een kleine en middelgrote infrastructuur, een grote infrastructuur, een specifieke infrastructuur van hoog niveau of de sportvoorziening die nodig is voor de werking en de uitbating van een sportinfrastructuur.».

Art. 3.In artikel 3 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 17 november 2005, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in paragraaf 1, 2°, worden de woorden : « de sportverenigingen die niet als handelsvennootschappen zijn opgericht » vervangen door de woorden « de sportgroeperingen opgericht als verenigingen zonder winstoogmerk »;2° paragraaf 1 wordt aangevuld met een punt 4° en een punt 5°, luidend als volgt : « 4° de verenigingen zonder winstoogmerk die sportgebouwen en -complexen beheren welke eigendom zijn van coöperatieve vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid die vooraf erkend worden door de Nationale raad voor de coöperatie of van coöperatieve vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid met een maatschappelijk doel, voor zover ze een recht van genot hebben op een grondstuk of een lokaal voor de beoefening van minstens één sport voor een minimumduur van twintig jaar, die ingaat op de datum waarop de subsidieaanvraag wordt ingediend;5° de scholen, die eigenaar of beheerder zijn van één of meer sportinfrastructuren voor zover de school het openbaar gebruik van haar sportinfrastructu(u)r(en) toelaat buiten de schooluren en het voorwerp van de aanvraag van de school niet in concurrentie komt met een andere bestaande openbare infrastructuur.»; 2° er wordt een paragraaf 3 ingevoegd, luidend als volgt : « § 3.De subsidie voor de aanwerving van de sportvoorziening die nodig is voor de werking en de uitbating van een sportinfrastructuur kan verleend worden aan de rechtspersonen bedoeld in paragraaf 1, 1° tot 5° ».

Art. 4.Het opschrift van afdeling 1 van hoofdstuk II van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt : « Kleine en middelgrote infrastructuren ».

Art. 5.Artikel 4 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 15 december 2011, wordt vervangen als volgt : «

Art. 4.§ 1. Wat betreft de provincies, gemeenten, verenigingen van gemeenten en autonome bedrijven, bedraagt het percentage van de subsidie 75 % voor de investeringen bestemd voor onroerende installaties die minder bedragen dan of gelijk zijn aan een miljoen vijfhonderdduizend euro, exclusief btw en aktekosten. § 2. Het subsidiepercentage bedraagt 85 % voor de dossiers die de provincies en de autonome bedrijven, de openbare huisvestingsmaatschappijen en de scholen indienen voor installaties die een al niet overdekte sportruimte eisen in het kader van een project inzake buurtanimatie dat voor iedereen toegankelijk is, met name het project « Sport de Rue », waarvan de bedragen gelijk zijn aan vijfhonderdduizend euro of minder, exclusief btw en aktekosten.

De dossiers bedoeld in het vorige lid betreffen sportruimtes, die toegankelijk zijn voor het publiek, waar verschillende sporttakken beoefend kunnen worden, die gevestigd zijn binnen wijken die sociaal benadeeld zijn of die niet over een sportinfrastructuur beschikken en waar een buurtcomité voor animatie moet zorgen.

Voor die dossiers « Sport de Rue » moet eerst het advies van de « Direction interdépartementale de la cohésion sociale (DICS) (Interdepartementale directie Sociale cohesie) » ingewonnen worden.

De « DICS » geeft advies over de sociologische kenmerken van de wijk, rekening houdend met, onder andere, het aantal sociale, sport- en culturele verenigingen in de wijk, het aantal sociale woningen, het aantal jongeren en eventuele specifieke acties die op sociaal en cultureel vlak of inzake sport binnen de wijk gevoerd worden.

De « DICS » analyseert ook het motief en de opportuniteit van het project op basis van een omschrijving ervan, van de vestigingsplaats, de gegrondheid van de keuze en van de eventuele indienstneming en/of vorming van wijkanimatoren. § 3. Het subsidiepercentage bedraagt 75 % voor investeringen betreffende onroerende installaties waarvan de bedragen gelijk zijn aan anderhalfmiljoen euro of minder, exclusief btw en aktekosten: 1° voor de verenigingen zonder winstoogmerk die sportgebouwen en -complexen beheren welke eigendom zijn van de rechtspersonen bedoeld in artikel 3, § 1, 1°, en 3, § 1, 4°;2° voor de sportgroeperingen opgericht als verenigingen zonder winstoogmerk die houder zijn van een genotsrecht op de onroerende installaties die het voorwerp zijn van de investering en welke eigendom zijn van de rechtspersonen bedoeld in artikel 3, § 1, 1°;3° voor de sportgroeperingen opgericht als verenigingen zonder winstoogmerk die houder zijn van een eigendomsrecht op de onroerende installaties die het voorwerp zijn van de investering;4° voor de sportgroeperingen opgericht als verenigingen zonder winstoogmerk die houder zijn van een genotsrecht op de onroerende installaties die het voorwerp zijn van de investering en welke eigendom zijn van de in artikel 3, § 1, 5°, bedoelde natuurlijke of rechtspersonen die niet in aanmerking komen voor de subsidie, voor zover: a) het genotsrecht dat ze genieten gevestigd wordt in de vorm van een zakelijk recht met een duur van 27 jaar of meer;b) de sportgroepering sinds meer dan twee jaar bestaat en regelmatige sportactiviteiten telt bij de indiening van de subsidieaanvraag;c) de raad van bestuur samengesteld is uit meer dan 7 personen, waarvan de meerderheid niet door afstamming verbonden is, noch in de eerste of tweede graad aanverwant is. De voorwaarden opgenomen onder a), b), c) zijn cumulatief; 5° voor de scholen die eigenaar of beheerder van één of meer sportinfrastructuren zijn voor zover : a) ze het openbaar gebruik van hun sportinfrastructu(u)r(en) toelaten buiten de schooluren;b) ze, onder voorbehoud van hun gebruik door hun eigen leerlingen, het gebruik van hun sportinfrastructu(u)r(en) toestaan voor alle leerlingen van de door de Franse Gemeenschap georganiseerde of gesubsidieerde scholen, incluis gedurende de schooluren;c) het voorwerp van de aanvraag niet in concurrentie treedt met een bestaande publieke infrastructuur gelegen op minder dan 8 kilometer voor de scholen van het basisonderwijs en op minder dan 15 kilometer voor de scholen van het secundair onderwijs;d) minstens vijftien dagen voor de indiening van de subsidieaanvraag een advies over de naleving van het punt c) werd gevraagd bij het gemeentecollege van de gemeente waar de te subsidiëren infrastructuur gevestigd is;e) de toekenning van subsidies aan de scholen voorafgegaan wordt door een jaarlijkse procedure tot oproep voor projecten, die open staat voor alle scholen georganiseerd of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap. De Regering bepaalt de modaliteiten betreffende de procedure tot oproep voor projecten bedoeld in het vorige lid. Zij bepaalt ook het jaarlijks opstarten ervan en besluit tot de toekenning van de subsidies.

De voorwaarden opgenomen onder a), b), c), d) en e) zijn cumulatief.

Het bewijs van de naleving van de voorwaarden opgenomen onder a), b), c) en d) wordt geleverd in het technisch dossier bedoeld in artikel 7. Voor de beslissingen tot toekenning van subsidies zal de Regering rekening houden met : - het advies van het gemeentecollege bedoeld onder d), zowel voor de renovatie- als voor de uitbreidingsprojecten; - het gebrek aan sportinfrastructuur die gelijkwaardige sportmogelijkheden aanbiedt in de gemeente waar de subsidie aangevraagd wordt; - de projecten ingediend door de inrichtingen of installaties die in aanmerking komen voor positieve discriminaties in de zin van artikel 54, § 1, van het decreet van 30 juni 1998 dat erop gericht is alle leerlingen gelijke kansen op sociale emancipatie te geven, inzonderheid door de invoering van maatregelen voor positieve discriminatie; - de landelijke vestiging van de school die de subsidie aanvraagt. § 4. Het subsidiepercentage bedraagt 75 % voor investeringen betreffende onroerende installaties waarvan de bedragen gelijk zijn aan honderdvijfendertig duizend euro of minder, exclusief btw en aktekosten, voor de sportgroeperingen die houder zijn van een genotsrecht op onroerende installaties die het voorwerp zijn van de investering en eigendom van natuurlijke of rechtspersonen die niet in aanmerking komen voor de subsidie of bedoeld in artikel 3, § 1, 5°, en die niet voldoen aan één of meer voorwaarden opgenomen in artikel 4, § 3, 4°. § 5. Ongeacht de aanvrager, stemt het in aanmerking genomen bedrag voor de berekening van de subsidie in geval van aankoop overeen met de aankoopprijs, die niet hoger mag zijn dan de raming van de bevoegde ontvanger van de registratie of van het Comité voor de aankoop van onroerende goederen, na aftrek van de waarde van het terrein.

In geval van bouw, uitbreiding of renovatie omvat het in aanmerking genomen bedrag voor de berekening van de subsidie de kosten van de uitgevoerde werken per onderneming en, desgevallend, de belasting op de toegevoegde waarde en de algemene kosten. ».

Art. 6.Artikel 4bis van hetzelfde decreet, ingevoegd bij het decreet van 15 december 2011, wordt vervangen als volgt: « Art. 4bis, § 1. Het bedrag van de subsidie verleend op basis van de vaste belofte bedoeld in artikel 7 wordt uitbetaald aan een percentage van 60 percent. Het saldo, met name 15 percent, wordt uitbetaald op basis van de door de aanvrager over te leggen eindafrekening en op voorwaarde dat de investeringen, al naar gelang van het geval, niet hoger zijn dan de bedragen bedoeld in artikel 4, §§ 1 en 2, excl. btw, contractuele herzieningen en aktekosten.

Wat betreft de investeringen bedoeld in artikel 4, § 1, wordt de subsidie beperkt tot 60 percent van de uitgaven die ervoor in aanmerking komen als het bedrag van de werken, excl. btw, bij de toewijzing van de opdracht tussen 1.500.001 euro en 1.875.000 euro ligt.

De subsidie wordt niet toegekend als het bedrag van de werken, excl. btw, bij de toewijzing van de opdracht 1.875.000 euro overschrijdt.

Wat betreft de investeringen bedoeld in artikel 4, § 3, wordt de subsidie beperkt tot 60 percent van de uitgaven die ervoor in aanmerking komen als het bedrag van de werken, excl. btw, bij de toewijzing van de opdracht tussen 1.500.001 euro en 1.875.000 euro ligt.

De subsidie wordt niet toegekend als het bedrag van de werken, excl. btw, bij de toewijzing van de opdracht 1.875.000 euro overschrijdt. § 2. In afwijking van artikel 4, wordt het percentage van de subsidie tot 85 percent verhoogd voor de bouw of de renovatie van atletiekbanen en bijhorende voorzieningen. ».

Art. 7.Artikel 6 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 17 november 2005, wordt aangevuld met een derde lid, luidend als volgt : « In de veronderstelling dat geen beroep gedaan wordt op de tussenkomst van een projectauteur die niet de opdrachtgever is wanneer deze laatste één van de in artikel 3, § 1, 1°, bedoelde aanvragers is, wordt het bedrag van de algemene kosten forfaitair vastgelegd op 3 percent van het bedrag van de investering dat voor de toekenning van de subsidie in aanmerking genomen wordt. ».

Art. 8.Artikel 8 van hetzelfde decreet, ingevoegd bij het decreet van 15 december 2011, wordt vervangen als volgt: «

Art. 8.Ht subsidiepercentage bedraagt 60 percent voor de investeringen betreffende onroerende installaties en waarvan de bedragen hoger zijn dan anderhalf miljoen euro, excl. btw en aktekosten.

In geval van aankoop stemt het in aanmerking genomen bedrag voor de berekening van de subsidie overeen met de aankoopprijs, die niet hoger mag zijn dan de raming van de bevoegde ontvanger van de registratie of van het Comité voor de aankoop van onroerende goederen, na aftrek van de waarde van het terrein.

In geval van bouw, uitbreiding of renovatie omvat het in aanmerking genomen bedrag voor de berekening van de subsidie de kosten van de uitgevoerde werken per onderneming en, desgevallend, de belasting op de toegevoegde waarde en de algemene kosten. ».

Art. 9.Artikel 10 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 17 november 2005, wordt aangevuld met volgend lid : « In de veronderstelling dat geen beroep gedaan wordt op de tussenkomst van een projectauteur die niet de opdrachtgever is wanneer deze laatste één van in artikel 3, § 1, 1°, bedoelde aanvragers is, wordt het bedrag van de algemene kosten forfaitair vastgelegd op 3 percent van het bedrag van de investering dat voor de toekenning van de subsidie in aanmerking genomen wordt. ».

Art. 10.In artikel 12 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 17 november 2005, worden de woorden « zo spoedig mogelijk » vervangen door de woorden « binnen twaalf maanden ».

Art. 11.In artikel 14 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 17 november 2005, wordt het woord « twaalf » vervangen door het woord « vierentwintig ».

Art. 12.Artikel 15 van hetzelfde decreet wordt aangevuld met volgend lid: « De overdracht van eigendom van het onroerend goed dat aanleiding geeft tot de aankoop ervan door de aanvrager kan plaatsvinden hetzij vlak na de toekenning van de voorlopige oplevering van de werken, hetzij na afloop van de periode waarin een zakelijk recht is gevestigd ten gunste van de medecontractant, wat inhoudt dat de medecontractant ertoe verplicht is de aanvrager een genotsrecht op de bouw te verlenen, zodat hij er eigenaar van wordt aan het einde van het contract. ».

Art. 13.Hetzelfde decreet wordt aangevuld met een afdeling 3/1 waarvan de inhoud de volgende is : « Afdeling 3/1 - Sportvoorziening die nodig is voor de werking en de uitbating van een sportinfrastructuur.

Art. 20bis.§ 1. Het subsidiepercentage bedraagt 75 percent voor de aankoop van sportvoorzieningen die nodig zijn voor de werking en de uitbating van een sportinfrastructuur met het oog de beoefening van een sportdiscipline en waarvan het aankoopbedrag hoger is dan 125 euro, excl. btw.

In geval van aankoop van sportvoorzieningen die nodig zijn voor de werking en de uitbating van een sportinfrastructuur met het oog de beoefening van een sportdiscipline door personen met beperkte mobiliteit, wordt het subsidiepercentage verhoogd tot 90 percent.

Uitgesloten worden, onder andere, : 1° de voorzieningen en toebehoren die wegens hun aard verbruikbaar zijn of voor een korte duur gebruikt worden;2° de persoonlijke of als dusdanig beschouwde uitrustingen van de sportbeoefenaars;3° het onderhoudsmateriaal;4° het materiaal voor de evaluatie en de opvolging van de training. § 2. De aanvrager richt zijn technisch dossier aan de administratie.

In afwijking van artikel 23, mag de aanvrager tot de bestelling overgaan zodra hij het bericht van ontvangst van de administratie in ontvangst genomen heeft. Die toestemming geldt niet als vaste belofte tot tegemoetkoming. Elke bestelling die aan die datum voorafgaat heeft de weigering van de subsidie tot gevolg.

Het subsidiebedrag wordt berekend op basis van het aankoopbedrag, verhoogd met de belasting op de toegevoegde waarde. § 3. Het technisch dossier wordt ter goedkeuring aan de Regering voorgelegd binnen dertig werkdagen, te rekenen van de datum waarop de administratie het volledige dossier in ontvangst neemt.

Als de Regering haar akkoord over de aanvraag geeft, geldt die kennisgeving als vaste belofte tot toekenning van de subsidie.

De kennisgeving bedoeld in het tweede lid verleent een subjectief recht op de betaling van de subsidie als alle gestelde voorwaarden vervuld zijn. ».

Art. 14.Artikel 25 van hetzelfde decreet wordt vervangen door wat volgt: « § 1. De subsidiegerechtigde die zich gedurende minstens vijftien jaar, te rekenen van de inbedrijfstelling van de installatie, niet houdt aan de bestemming van de infrastructuur zoals omschreven in de susbsidieaanvraag, betaalt de susbsidie onmiddellijk terug. De subsidie wordt terugbetaald naar rato van de jaren waarin de bestemming niet in acht genomen werd.

Gedurende die periode van vijftien jaar onderwerpt de subsidiegerechtigde, op straffe van terugbetaling van de subsidie naar rato van de niet gerechtvaardigde jaren, vooraf aan de goedkeuring van de Minister elke overdrachtakte of gelijkwaardige akte die betrekking heeft op de bepalingen inzake uitbating, beheer alsook inzake genotsrechten van toepassing op het gesubsidieerde goed, zoals omschreven in de subsidieaanvraag en die de toekenning van de subsidie gerechtvaardigd hebben.

Het geheel of een deel van de niet gerechtvaardigde subsidie kan verhaald worden op de bedragen van elke subsidie die later aan de susbsidiegerechtigde toegekend wordt op basis van dit decreet § 2. De subsidiegerechtigde die zich gedurende minstens tien jaar, te rekenen van de inbedrijfstelling van de voorziening, niet houdt aan de bestemming ervan zoals omschreven in de susbsidieaanvraag, betaalt het subsidiebedrag onmiddellijk terug. In geval van verlies, diefstal of vernietiging van de gesubsidieerde voorziening verwittigt de subsidiegerechtigde de Minister bij de vaststelling. Hij verwittigt hem ook in geval van ontbinding van het begunstigde orgaan.

De subsidie wordt terugbetaald naar rato van de jaren waarin de bestemming niet in acht genomen werd.

Gedurende genoemde periode van tien jaar onderwerpt de susbsidiegerechtigde vooraf aan de goedkeuring van de Minister elke akte van overdracht van de gesubsidieerde voorziening onder bezwarende titel of kosteloos, op straffe van terugbetaling van de subsidie naar rato van de niet gerechtvaardigde jaren. ».

Art. 15.Hetzelfde decreet wordt aangevuld met een artikel 25bis, luidend als volgt: «

Art. 25bis.In afwijking van artikel 25, als de subsidiegerechtigde een begunstigde is zoals bedoeld in artikel 3, § 1, 5°, van het decreet, betaalt hij het geheel of een deel van de subsidie onmiddellijk terug indien hij het publiek geen toegang tot zijn sportinfrastructuren meer verleent buiten de schooluren.

Gedurende een periode van 15 jaar onderwerpt de subsidiegerechtigde, op straffe van terugbetaling van de subsidie naar rato van de niet gerechtvaardigde jaren, vooraf aan de goedkeuring van de Minister elke overdrachtakte of gelijkwaardige akte die betrekking heeft op de bepalingen inzake uitbating, beheer alsook inzake genotsrechten van toepassing op het gesubsidieerde goed, zoals omschreven in de aanvraag tot toekenning van de subsidie en die de toekenning van de subsidie gerechtvaardigd hebben.

Het geheel of een deel van de niet gerechtvaardigde subsidie kan verhaald worden op de bedragen van elke subsidie die later aan de susbsidiegerechtigde toegekend wordt op basis van dit decreet. ».

Art. 16.Hetzelfde decreet wordt aangevuld met een artikel 26ter, luidend als volgt : «

Art. 26ter.De diensten van de administratie werken samen met de administratieve diensten van de « Fédération Wallonie-Bruxelles » (Federatie Wallonië-Brussel), met name in het kader van uitwisselingen van goede praktijken en informatie. ».

Art. 17.Hetzelfde decreet wordt aangevuld met een artikel 26quater, luidend als volgt : «

Art. 26quater.In het kader van de aanleg van de dossiers zorgen de aanvragers ervoor hun voorstellen speciaal te motiveren met de technische aspecten ter bevordering van de duurzame ontwikkeling en de verbetering van de energieprestatie van de infrastructuur waarvoor de subsidie wordt aangevraagd alsook, desgevallend, ten opzichte van de bepalingen die toepasselijk zijn op de waterbehandeling als het gaat om aanvragen i.v.m. zwembadinfrastructuren, meer bepaald om het chloorgebruik geleidelijk te verminderen. ».

Art. 18.De aanvragen ingediend voor de inwerkingtreding van dit decreet blijven onderworpen aan de bepalingen van kracht op de datum van hun indiening.

Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.

Namen, 11 april 2014.

De Minister-President, R. DEMOTTE De Minister van Duurzame Ontwikkeling en Ambtenarenzaken, J.-M. NOLLET De Minister van Begroting, Financiën, Tewerkstelling, Vorming en Sport, A. ANTOINE De Minister van Economie, K.M.O.'s, Buitenlandse Handel en Nieuwe Technologieën, J.-Cl. MARCOURT De Minister van de Plaatselijke Besturen en de Stad, P. FURLAN De Minister van Gezondheid, Sociale Actie en Gelijke Kansen, Mevr. E. TILLIEUX De Minister van Leefmilieu, Ruimtelijke Ordening en Mobiliteit, Ph. HENRY De Minister van Openbare Werken, Landbouw, Landelijke Aangelegenheden, Natuur, Bossen en Erfgoed, C. DI ANTONIO _______ Nota (1) Zitting 2013-2014. Stukken van het Waals Parlement 1007 (2013-2014). Nrs. 1 tot 5.

Volledig verslag, plenaire zitting van 11 april 2014.

Bespreking.

Stemming.

Etaamb biedt de inhoud van de Belgisch Staatsblad aan gesorteerd op afkondigings- en publicatiedatum, behandeld om gemakkelijk leesbaar en afprintbaar te zijn, en verrijkt met een relationele context.
^