Etaamb.openjustice.be
Decreet van 13 juli 2007
gepubliceerd op 06 september 2007

Decreet houdende wijziging van de decreten inzake voorzieningen voor bejaarden, gecoördineerd op 18 december 1991, en houdende wijziging van het decreet van 14 juli 1998 houdende de erkenning en subsidiëring van verenigingen en welzijnsvoorzieningen in de thuiszorg

bron
vlaamse overheid
numac
2007036487
pub.
06/09/2007
prom.
13/07/2007
ELI
eli/decreet/2007/07/13/2007036487/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

13 JULI 2007. - Decreet houdende wijziging van de decreten inzake voorzieningen voor bejaarden, gecoördineerd op 18 december 1991, en houdende wijziging van het decreet van 14 juli 1998 houdende de erkenning en subsidiëring van verenigingen en welzijnsvoorzieningen in de thuiszorg (1)


Het Vlaams Parlement heeft aangenomen en Wij, Regering, bekrachtigen hetgeen volgt : Decreet houdende wijziging van de decreten inzake voorzieningen voor bejaarden, gecoördineerd op 18 december 1991, en houdende wijziging van het decreet van 14 juli 1998 houdende de erkenning en subsidiëring van verenigingen en welzijnsvoorzieningen in de thuiszorg. HOOFDSTUK I. - Algemene bepaling

Artikel 1.Dit decreet regelt een gemeenschapsaangelegenheid. HOOFDSTUK II. - Wijzigingen aan de decreten inzake voorzieningen voor bejaarden, gecoördineerd op 18 december 1991

Art. 2.In het opschrift van de decreten inzake voorzieningen voor bejaarden, gecoördineerd op 18 december 1991, wordt het woord "bejaarden" vervangen door het woord "ouderen".

Art. 3.In artikel 2 van dezelfde decreten worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in punt 1°, gewijzigd bij het decreet van 3 februari 1994, worden de woorden "Vlaamse Huisvestingsmaatschappij" vervangen door de woorden "Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen";2° in punten 2°, 3°, 5° en 6°, wordt het woord "bejaarden" telkens vervangen door het woord "ouderen";3° in punt 6° wordt het woord "inrichting" vervangen door het woord "voorziening";4° punt 7°, opgeheven door het decreet van 14 juli 1998, wordt opnieuw opgenomen in de volgende lezing : « 7° centrum voor kortverblijf : de lokalen in een rusthuis waar ouderen 's nachts of gedurende een beperkte periode, verblijf en, geheel of gedeeltelijk, de gebruikelijke gezins- en huishoudelijke verzorging wordt aangeboden;».

Art. 4.In het opschrift van afdeling 1 van hoofdstuk II van dezelfde decreten wordt het woord "bejaarden" vervangen door het woord "ouderen".

Art. 5.In artikel 3 van dezelfde decreten, gewijzigd bij de decreten van 23 februari 1994 en 15 juli 1997, worden de woorden "bejaarden" en "het programma dat" respectievelijk vervangen door de woorden "ouderen" en "de programmatie die".

Art. 6.In hoofdstuk II van dezelfde decreten wordt het opschrift van afdeling 3, gewijzigd bij het decreet van 14 juli 1998, vervangen door wat volgt : « Afdeling 3. - Serviceflatgebouwen, woningcomplexen met dienstverlening, rusthuizen en centra voor kortverblijf ».

Art. 7.In artikel 5 van dezelfde decreten worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in § 1, gewijzigd bij de decreten van 23 februari 1994 en 14 juli 1998, worden de woorden "en rusthuizen" en ", of als rusthuis" respectievelijk vervangen door de woorden ", rusthuizen en centra voor kortverblijf" en ", als rusthuis of als centrum voor kortverblijf";2° in § 2, gewijzigd bij de decreten van 23 februari 1994, 15 juli 1997 en 14 juli 1998, worden de woorden "bejaarden" en "het programma dat" respectievelijk vervangen door de woorden "ouderen" en "de programmatie die".

Art. 8.In artikel 6 van dezelfde decreten, gewijzigd bij het decreet van 23 februari 1994, worden de woorden "bejaarden" en "inrichting" respectievelijk vervangen door de woorden "ouderen" en "voorziening".

Art. 9.In artikel 10 van dezelfde decreten worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het eerste lid, gewijzigd bij de decreten van 15 juli 1997 en 14 juli 1998, worden de woorden "of een rusthuis" vervangen door de woorden ", een rusthuis of een centrum voor kortverblijf";2° in het tweede lid, gewijzigd bij het decreet van 15 juli 1997, worden de woorden "het programma dat" vervangen door de woorden "de programmatie die";3° in het derde lid, gewijzigd bij het decreet van 15 juli 1997, worden de woorden "dit programma" en "bejaardenvoorzieningen" respectievelijk vervangen door de woorden "deze programmatie" en "voorzieningen voor ouderen";4° een vierde lid wordt toegevoegd, dat luidt als volgt : « De programmatie voor de centra voor kortverblijf bestaat uit programmacijfers voor woongelegenheden en evaluatiecriteria.Het programmacijfer bedraagt per gemeente minstens drie woongelegenheden. ».

Art. 10.In het opschrift van hoofdstuk V van dezelfde decreten worden de woorden ", en rusthuizen" vervangen door de woorden ", rusthuizen en centra voor kortverblijf".

Art. 11.In artikel 14 van dezelfde decreten, gewijzigd bij de decreten van 15 juli 1997 en 14 juli 1998, worden de woorden "of rusthuis", "inrichting", "bejaarden" en "normen" respectievelijk telkens vervangen door de woorden ", rusthuis of centrum voor kortverblijf", "voorziening", "ouderen" en "erkenningsnormen".

Art. 12.In artikel 15 van dezelfde decreten, gewijzigd bij de decreten van 15 juli 1997 en 14 juli 1998, worden de woorden "of rusthuis", "normen", "bejaarden", "in de inrichting verblijvende personen", "bejaardenvoorzieningen", "bejaarde" en "voor de rusthuizen" respectievelijk telkens vervangen door de woorden ", rusthuis of centrum voor kortverblijf", "erkenningsnormen", "ouderen", "bewoners", "voorzieningen voor ouderen", "oudere" en "voor de rusthuizen en de centra voor kortverblijf".

Art. 13.Artikel 16 van dezelfde decreten, opgeheven door het decreet van 14 juli 1998, wordt opnieuw opgenomen in de volgende lezing : «

Artikel 16.§ 1. Onverminderd de toepassing van artikel 15 kan een centrum voor kortverblijf slechts worden erkend wanneer het aan de volgende erkenningsnormen voldoet : 1° het centrum voor kortverblijf wordt uitgebaat door een initiatiefnemer die in het bezit is van een erkenning van een rusthuis, waarbij voor alle rusthuizen het minimale aantal woongelegenheden kortverblijf één bedraagt, met dien verstande dat voor rusthuizen met minder dan veertig woongelegenheden het maximale aantal woongelegenheden kortverblijf drie bedraagt en voor rusthuizen met veertig woongelegenheden of meer het maximale aantal woongelegenheden tien bedraagt;2° de gebouwen van het centrum voor kortverblijf en het rusthuis vormen functioneel één geheel;3° het centrum voor kortverblijf vervult de volgende opdrachten : a) het aanbieden van verblijf;b) het aanbieden van hygiënische en verpleegkundige hulp- en dienstverlening;c) het aanbieden van activering, ondersteuning en revalidatie;d) het organiseren van animatie en creatieve ontspanning;e) het aanbieden van psychosociale ondersteuning. § 2. De Vlaamse Regering kan supplementaire opdrachten toekennen aan de centra voor kortverblijf bedoeld in § 1. § 3. Indien aan een initiatiefnemer voor een aantal woongelegenheden een erkenning als centrum voor kortverblijf wordt toegekend en die initiatiefnemer daarvoor een aantal woongelegenheden van het rusthuis aanwendt, waardoor de reële capaciteit van het rusthuis daalt, dan wordt de erkende capaciteit van het rusthuis teruggebracht tot het werkelijk nog ter beschikking zijnde aantal woongelegenheden.

Een erkenning voor een zekere capaciteit als centrum voor kortverblijf wordt beschouwd als een bijzondere erkenning als rusthuis, met dien verstande evenwel dat de initiatiefnemers de erkende woongelegenheden binnen de centra voor kortverblijf uitsluitend kunnen gebruiken voor opnames in kortverblijf. De erkenning als centrum voor kortverblijf vervalt van rechtswege indien het rusthuis waaraan het centrum voor kortverblijf verbonden is, zijn erkenning verliest. § 4. Een centrum voor kortverblijf bedoeld in artikel 5 kan worden gesubsidieerd met een subsidie-enveloppe volgens de regels bepaald door de Vlaamse Regering.

De Vlaamse Regering bepaalt het prioriteitenschema voor de toekenning van de subsidie-enveloppen.

Art. 14.In artikel 17, eerste lid, van dezelfde decreten, gewijzigd bij het decreet van 14 juli 1998, worden de woorden "en de rusthuizen" vervangen door de woorden ", de rusthuizen en de centra voor kortverblijf".

Art. 15.In artikel 18 van dezelfde decreten worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in de inleidende bepaling worden de woorden "en rusthuizen" vervangen door de woorden ", rusthuizen en de centra voor kortverblijf";2° in het eerste lid, 3°, worden de woorden "de Administratie voor Gezin en Maatschappelijk Welzijn" vervangen door de woorden "het intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid Zorg en Gezondheid".

Art. 16.In artikel 19 van dezelfde decreten worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in het eerste lid, gewijzigd bij het decreet van 14 juli 1998, worden de woorden "of rusthuis" vervangen door de woorden ", rusthuis of centrum voor kortverblijf";2° na het eerste lid wordt een lid ingevoegd, dat luidt als volgt : « Indien het rusthuis waarbij of waarin het centrum voor kortverblijf ingericht is, gesloten wordt, heeft dit de onmiddellijke sluiting van het centrum voor kortverblijf tot gevolg.»

Art. 17.In artikel 21 van dezelfde decreten worden de woorden "Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap" geschrapt.

Art. 18.In artikel 22 van dezelfde decreten worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in § 1, eerste lid, 1° en 2°, gewijzigd bij het decreet van 14 juli 1998, worden de woorden "of een rusthuis" vervangen door de woorden ", een rusthuis of een centrum voor kortverblijf";2° in § 3, tweede lid, wordt het woord "inrichting" vervangen door het woord "voorziening". HOOFDSTUK III. - Wijzigingen aan het decreet van 14 juli 1998 houdende de erkenning en de subsidiëring van verenigingen en welzijnsvoorzieningen in de thuiszorg

Art. 19.In hoofdstuk II, afdeling 2, van het decreet van 14 juli 1998 houdende de erkenning en de subsidiëring van verenigingen en welzijnsvoorzieningen in de thuiszorg worden in het opschrift van onderafdeling C de woorden ", centrum voor kortverblijf en dienst voor oppashulp" geschrapt.

Art. 20.Artikel 12 van hetzelfde decreet wordt opgeheven.

Art. 21.Artikel 13 van hetzelfde decreet wordt opgeheven.

Art. 22.In hoofdstuk II, afdeling 2, van hetzelfde decreet worden de artikelen 14 en 15 opgenomen in een nieuwe onderafdeling Cbis met als opschrift "Dienst voor oppashulp".

Art. 23.In artikel 24, § 2, van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 18 mei 1999, worden de woorden "diensten voor oppashulp en verenigingen van gebruikers en mantelzorgers, het maximaal aantal plaatsen voor wat de dagverzorgingscentra en de centra voor kortverblijf betreft" vervangen door de woorden "diensten voor oppashulp en verenigingen van gebruikers en mantelzorgers, het maximale aantal plaatsen wat de dagverzorgingscentra betreft".

Art. 24.In artikel 28 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in § 2, tweede lid, worden de woorden "en een niet-erkend centrum voor kortverblijf dienen" vervangen door het woord "dient";2° in § 4, 2°, worden de woorden "of als centrum voor kortverblijf" geschrapt. HOOFDSTUK IV. - Slotbepalingen

Art. 25.De Vlaamse Regering bepaalt de overgangsmaatregelen voor de voorzieningen die op de datum van inwerkingtreding van dit decreet erkend zijn krachtens het decreet van 14 juli 1998 houdende de erkenning en de subsidiëring van verenigingen en welzijnsvoorzieningen in de thuiszorg.

Art. 26.De Vlaamse Regering bepaalt de datum waarop dit decreet in werking treedt.

Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.

Brussel, 13 juli 2007.

De minister-president van de Vlaamse Regering, K. PEETERS De Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, S. VANACKERE _______ Nota (1) Zitting 2006-2007. Stukken. - Voorstel van decreet : 1176, nr. 1. - Verslag : 1176, nr. 2. - Tekst aangenomen door de plenaire vergadering : 1176, nr.3.

Handelingen. - Bespreking en aanneming. Vergadering van 4 juli 2007.

^