Decreet van 20 december 2011
gepubliceerd op 29 februari 2012
OpenJustice.be: Open Data & Open Source

Decreet betreffende het sportschieten

bron
ministerie van de franse gemeenschap
numac
2012029086
pub.
29/02/2012
prom.
20/12/2011
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.pl?language=nl&(...)
Document Qrcode

20 DECEMBER 2011. - Decreet betreffende het sportschieten (1)


Het Parlement van de Franse Gemeenschap heeft aangenomen en Wij, Regering, bekrachtigen hetgeen volgt : HOOFDSTUK I. - Definities

Artikel 1.Voor de toepassing van dit decreet, wordt verstaan onder : 1° « Administratie » : de dienst die door de Regering wordt bepaald;2° « Erkende sportschietfederatie » : sportfederatie die wordt erkend met toepassing van het decreet van 8 december 2006 houdende organisatie en subsidiëring van de sport in de Franse Gemeenschap en die één of verschillende sportschietfederaties bestuurt;3° « Sportschieten » : beoefenen van sportschietdisciplines met de wapens en de bijhorende munitie, bepaald door de internationale schietfederaties en de erkende sportschietfederatie, zoals bedoeld in artikel 2, eerste lid;4° « Sportschutter » : natuurlijke persoon die, door toedoen van een vereniging, aangesloten is bij een erkende sportschietfederatie en die het sportschieten regelmatig beoefent in de zin van dit decreet;5° « Sportschietsessie » : een trainingssessie voor sportschieten met vergunningsplichtige wapens, bevestigd door een monitor of een verificateur, met één van de wapencategorieën bedoeld in artikel 2, tweede lid, met minstens 25 kleischijven voor het schieten met schouderwapens met gladde loop, 30 kogels voor het schieten met schouderwapens met getrokken loop of vuistwapens en minstens 13 kogels voor het schieten met zwartkruitwapens;6° « Sportschietboekje » : boekje dat door een erkende sportschietfederatie wordt uitgereikt aan haar leden voor één of meer wapencategorieën bedoeld in artikel 2, tweede lid, waarin de betrokken sportschietsessies met vergunningsplichtige wapens onder de voorwaarden van dit decreet worden vermeld;7° « Vergunningsplichtige wapens » : wapens bedoeld in artikel 3, § 3, van de wapenwet;8° « Vrij verkrijgbare wapens » : de wapens bedoeld in artikel 3, § 2, 1°, van de wapenwet;9° « Sportschutterslicentie » : administratief document dat in overeenstemming is met de bepalingen van dit decreet, en dat, voor één of verschillende wapencategorieën bedoeld in artikel 2, tweede lid, het recht verleent het sportschieten met vergunningsplichtige wapens te beoefenen;10° « Voorlopige sportschutterslicentie » : administratief document dat in overeenstemming is met de bepalingen van dit decreet en dat het leren van het sportschieten met één van de categorieën vergunningsplichtige wapens bedoeld in artikel 2, tweede lid, mogelijk maakt;11° « Monitor » : natuurlijke persoon die titularis is van een brevet sportschieten dat door de Regering wordt uitgereikt of gehomologeerd en dat de opleiding in één van de wapencategorieën bedoeld in artikel 2, tweede lid bekrachtigt;12° « Verificateur » : natuurlijke persoon, titularis van een getuigschrift van slagen voor module A van de specifieke cursus die leidt tot het brevet van niveau 1 sportschieten, uitgereikt of gehomologeerd door de Regering, bevoegd om te bevestigen dat de sportschietsessies regelmatig zijn. HOOFDSTUK II. - Sportschieten. - Algemene bepalingen

Art. 2.Het sportschieten wordt beoefend in de sportschietdisciplines en met de bijhorende wapens en munitie. Op voorstel van de erkende sportschietfederatie, stelt de Regering de lijst van de sportschietdisciplines per wapencategorie vast.

De Regering rangschikt elk van de wapens die in deze lijst opgenomen zijn in één van de vier volgende categorieën : 1° vuistwapens;2° schouderwapens met getrokken loop;3° schouderwapens met gladde loop;4° zwartkruitwapens.

Art. 3.Wordt als regelmatige beoefenaar beschouwd, de sportschutter die jaarlijks deelneemt aan minstens : 1° twaalf sportschietsessies voor de enige of eerste beoefende wapencategorie;2° drie sportschietsessies voor het geheel van de andere beoefende wapencategorieën, waarvan ten minste één sportschietsessie per beoefende wapencategorie. De Regering bepaalt de wijze waarop de schietsessies worden verdeeld.

De deelneming aan een provinciale, regionale, nationale of internationale sportschietcompetitie is gelijk te stellen met de deelneming aan één van de sportschietsessies.

Art. 4.De sportschutter bezit een sportschietboekje voor het geheel van de gebruikte vergunningsplichtige wapencategorieën, waarin de schietsessies worden opgetekend die ofwel door een monitor, ofwel door een verificateur worden bevestigd.

Het sportschietboekje dekt de geldigheidsduur van de betrokken sportschutterslicentie of voorlopige sportschutterslicentie.

Het wordt van kracht op de dag waarop die licentie wordt uitgereikt of hernieuwd.

De Regering stelt het model van sportschietboekje vast. Ze stelt de nadere regels vast voor de toekenning van dat boekje alsook de nadere regels voor de registrering van de sportschietsessies.

Art. 5.Het sportschieten wordt in de schietstanden beoefend die erkend zijn overeenkomstig de bepalingen van artikel 20 van de wapenwet of, voor het schieten met wapens met gladde loop, op de daartoe ingerichte plaatsen die door de bevoegde overheid worden toegelaten. HOOFDSTUK III. - Sportschieten met vergunningsplichtige wapens Afdeling I. - Algemeen

Art. 6.§ 1. Niemand kan het sportschieten met vergunningsplichtige wapens beoefenen als hij niet in het bezit is van één van de volgende documenten : 1° de sportschutterslicentie die voor de gebruikte wapencategorie geldig is;2° de voorlopige sportschutterslicentie die voor de gebruikte wapencategorie geldig is;3° een document dat gelijkwaardig is met één van de documenten bedoeld in 1° en 2°, uitgereikt ofwel door de Vlaamse Gemeenschap ofwel door de Duitstalige Gemeenschap;4° het attest van de Gouverneur waarbij het beoefenen van het schieten wordt toegelaten om zich voor te bereiden voor de praktische proef zoals bedoeld in de wapenwet;5° de vergunning voor het voorhanden hebben, afgeleverd door de Gouverneur, zoals bedoeld in de wapenwet;6° voor de sportschutters die onderdanen zijn van een andere lidstaat van de Europese Unie, de Europese vuurwapenpas;7° voor de sportschutters die onderdanen zijn van een Staat buiten de Europese Unie, een document uitgereikt door die Staat, waarvan de Regering, op verzoek van de betrokken sporter, de gelijkwaardigheid met de documenten bedoeld in 1° en 2° vooraf heeft bepaald. § 2. De sportschutter waarvan de woonplaats niet in België gevestigd is en die wenst deel te nemen aan een sportschietcompetitie in één of meer disciplines die met vergunningsplichtige wapens worden beoefend, bezit, naast het document bedoeld in paragraaf 1, 6° of 7°, de uitnodingsbrief die door de organisator van die competitie wordt gestuurd. Afdeling II. - Voorlopige sportschutterslicentie

Art. 7.§ 1. Met het oog op het leren van het sportschieten met vergunningsplichtige wapens, wordt een voorlopige sportschutterslicentie per wapencategorie uitgereikt. De geldigheidsduur van de voorlopige sportschutterslicentie is zes maanden, één keer verlengbaar met een duur van zes maanden.

De voorlopige sportschutterslicentie laat enkel de manipulatie van vergunningsplichtige wapens toe die behoren tot de categorie die ze vermeldt, onder het permanente toezicht, de permanente verantwoordelijkheid en het permanente gezag van een monitor, of, bij gebrek aan monitor in de schietstand, van een verificateur die een ervaring van vijf jaar als sportschutter heeft.

De Regering bepaalt het maximumaantal sportschutters onder voorlopige licentie die een monitor of een verificateur tijdens een sportschietsessie kan superviseren.

De voorlopige sportschutterslicentie laat de houder ervan niet toe een vergunningsplichtig wapen alsook de erbij horende munitie voorhanden te hebben.

Niemand kan verschillende voorlopige sportschutterslicenties gelijktijdig bezitten. § 2. Om een voorlopige sportschutterslicentie te bekomen, moet de aanvrager : 1° onverminderd artikel 24, minstens zestien jaar oud of veertien jaar oud zijn, indien de aanvraag betrekking heeft op een wapencategorie in een olympische discipline voor sportschieten;2° aangesloten zijn bij een erkende sportschietfederatie;3° een uittreksel overleggen uit het strafregister dat hoogstens drie maanden oud is en dat bevestigt dat hij niet werd veroordeeld als dader of medeplichtige wegens één van de misdrijven ten gevolge waarvan geen vergunning voor het voorhanden hebben zou kunnen worden afgeleverd overeenkomstig de wapenwet;4° een geneeskundig attest afleveren dat hoogstens drie maanden oud is en dat bevestigt dat er geen aanwijzing bestaat tegen de beoefening van het sportschieten.

Art. 8.De erkende sportschietfederatie eikt de voorlopige sportschutterslicentie uit.

De Regering stelt de inhoud en het model van het dossier voor aanvraag om een voorlopige licentie, vast, en stelt de nadere regels vast voor de indiening en de behandeling van de aanvragen om voorlopige sportschutterslicentie, de aanvragen om verlenging ervan en het beroep in geval van betwisting.

Art. 9.Gedurende de geldigheidsperiode van de voorlopige sportschutterslicentie, moet de houder ervan het sportschieten op regelmatige wijze beoefenen.

In afwijking van artikel 3, om het sportschieten op regelmatige wijze te beoefenen in de zin van dit artikel, moet de sportschutter deelnemen aan minstens zes sportschietsessies per periode van zes maanden, geboekt volgens de door de Regering vast te stellen verdelingswijze. Afdeling III. - Theoretische en praktische proeven voor het verlenen

van het recht op het verkrijgen van de sportschutterslicentie

Art. 10.§ 1. De sportschutter legt de proeven bedoeld in artikel 11, § 3, 2° en 3° af tijdens de laatste maand geldigheid van zijn voorlopige sportschutterslicentie.

Om tot die proeven te worden toegelaten, legt de sportschutter zijn sportschietboekje over waaruit blijkt dat hij het sportschieten op regelmatige wijze in de zin van artikel 9 heeft beoefend.

Als de proeven niet gedurende de betrokken periode worden georganiseerd, blijft de voorlopige sportschutterslicentie geldig tot de volgende datum van de organisatie van die proeven. § 2. Als de sportschutter vóór één van de proeven bedoeld in artikel 11, § 3, 2° en 3° zakt, bekomt hij, als hij dit aanvraagt, een verlenging met zes maanden van zijn voorlopige sportschutterslicentie.

Gedurende de periode voor de verlenging van de voorlopige sportschutterslicentie, om te worden toegelaten tot het afleggen van de proeven bedoeld in artikel 11, § 3, 2° et 3°, moet de houder ervan het sportschieten op regelmatige wijze in de zin van artikel 9 beoefenen. § 3. Indien de sportschutterslicentie niet wordt uitgereikt op het einde van de totale geldigheidsduur van de voorlopige sportschutterslicentie, kan de houder ervan geen nieuwe voorlopige sportschutterslicentie toegekend krijgen vóór het verstrijken van een termijn van één jaar ingaand op de datum waarop zijn eventueel verlengde voorlopige sportschutterslicentie eindigt. Afdeling IV. - Sportschutterslicentie

Art. 11.§ 1. Een sportschutterslicentie wordt uitgereikt om het sportschieten met vergunningsplichtige wapens te beoefenen. Ze wordt toegekend voor één of meer van de vier wapencategorieën die ze vermeldt.

De sportschutterslicentie is geldig vanaf de datum van de uitreiking ervan en loopt over een periode van vijf jaar.

De sportschutterslicentie is echter niet meer geldig voor de betrokken wapencategorie(ën), als de houder ervan niet elk jaar, op eigen initiatief, gedurende de maand voorafgaand aan de verjaardag van de uitreiking ervan, de erkende sportschietfederatie een afschrift van zijn sportschietboekje dat bevestigt dat hij het sportschieten op regelmatige wijze voor elk van de betrokken wapencategorieën beoefent overeenkomstig artikel 3, overlegt. Bij verdenking van bedrog, kan de erkende sportschietfederatie de verzending van het origineel van het sportschietboekje aanvragen. § 2. In afwijking van § 1, bij aanvraag om toevoeging of intrekking van een wapencategorie bedoeld in artikel 2, tweede lid, in een bestaande licentie, wordt een nieuwe sportschutterslicentie uitgereikt. Die nieuwe licentie vermeldt het geheel van de beoefende wapencategorieën. De geldigheidsduur van die nieuwe licentie is niet langer dan de geldigheidsduur van de aanvankelijk uitgereikte licentie. § 3. Om een sportschutterslicentie te bekomen, 1° moet de aanvrager het bewijs leveren van het regelmatige beoefenen van het sportschieten in de zin van artikel 9 met één of meer wapens van de categorie waarvoor de licentie wordt aangevraagd, en dit onder de bescherming van een voorlopige sportschutterslicentie;2° moet de aanvrager slagen vóór een theoretische proef betreffende de kennis van de wapenwetgeving;3° moet de aanvrager slagen vóór een praktische proef waaruit blijkt dat hij een wapen van de categorie in verband met de aangevraagde licentie veilig kan hanteren;4° moet de aanvrager, in voorkomend geval, een attest van zijn/haar echtgenoot(te) en van elke andere meerderjarige samenwonende overleggen, dat de aanvrager ertoe machtigt een wapen in de gemeenschappelijke woonplaats voorhanden te hebben. De Regering bepaalt de voorwaarden voor de toekenning van vrijstellingen aan aanvragers die reeds beschikken over een sportschutterslicentie of over een vergunning die werd verleend overeenkomstig de wapenwet en die geldig is wanneer de aanvraag wordt ingediend, voor één of meer andere wapencategorieën.

Art. 12.De erkende sportschietfederatie wordt belast met het organiseren van de proeven bedoeld in artikel 11, § 3, 2° en 3°.

De Regering stelt er de inhoud, de nadere regels en de methode voor de organisatie ervan vast.

Art. 13.Om de hernieuwing van zijn sportschutterslicentie te bekomen, moet de houder ervan gedurende de laatste maand van haar geldigheid de volgende documenten overleggen; 1° zijn schietboekje waaruit blijkt dat hij, voor de wapencategorie(ën) vermeld op de sportschutterslicentie, het sportschieten regelmatig beoefent voor elk jaar geldigheid van die licentie onder de in artikel 3 vastgestelde voorwaarden;2° de documenten bedoeld in artikel 7, § 2, 3° en 4°. Tegen de weigering van hernieuwing van een sportschutterslicentie kan een beroep bij de Regering worden ingediend overeenkomstig hoofdstuk V van dit decreet.

Art. 14.De erkende sportschietfederatie reikt de sportschutterslicentie uit.

De Regering stelt de inhoud van het dossier betreffende de aanvraag om sportschutter en het model ervan vast, en bepaalt de nadere regels voor de indiening en de behandeling van de aanvragen om sportschutterslicentie en de aanvragen om hernieuwing ervan.

Ze stelt de nadere regels voor de jaarlijkse controle op het regelmatige beoefenen van het sportschieten vast, met inbegrip van de nadere regels voor de toevoeging of de intrekking van één of meer wapencategorieën tijdens de duur van de geldigheid van de licentie. Afdeling V. - Tijdelijke onderbreking van het regelmatige beoefenen

van het sportschieten met vergunningsplichtige wapens

Art. 15.§ 1. De houder van een sportschutterslicentie kan, op eigen aanvraag, ertoe worden toegelaten het beoefenen van het sportschieten tijdelijk te onderbreken zonder gevolg op het regelmatige beoefenen ervan.

Die toelating kan worden toegekend op met redenen omklede aanvraag van de betrokkene, volgens door de Regering nader te bepalen regels.

De duur van de onderbreking van de beoefening van het sportschieten bedraagt hoogstens zes maanden.

De toelating tot onderbreking van zes maanden kan twee keer worden verlengd of hernieuwd gedurende de geldigheidsperiode van een sportschutterslicentie.

Als de aanvraag om onderbreking wordt afgewezen en als het sportschieten niet meer gregelmatig wordt beoefend, kan een nieuwe sportschutterslicentie worden uitgereikt onder de voorwaarden van dit decreet, met inbegrip van hoofdstuk III, afdeling 2, ervan. § 2. De erkende sportschietfederatie oordeelt of de door de houder van de licentie aangevoerde reden ontvankelijk is.

De Regering stelt de procedure voor de indiening van de aanvragen om onderbreking en voor de behandeling ervan vast.

Wanneer de toelating wordt toegekend, worden de sportschietsessies in aanmerking genomen gedurende de periode die door de toelating wordt gedekt volgens door de Regering nader te bepalen regels.

De toegekende toelating wijzigt de geldigheidsduur van de sportschutterslicentie niet. Afdeling VI. - Stoppen met de beoefening van het sportschieten met

vergunnningsplichtige wapens

Art. 16.§ 1. De houder van een sportschutterslicentie of van een voorlopige sportschutterslicentie die stopt met de beoefening van het sportschieten zendt zonder verwijl de betrokken sportschutterslicentie en/of de betrokken voorlopige sportschutterslicentie terug aan de erkende sportschietfederatie die ze heeft uitgereikt. Deze meldt er ontvangst van door een attest uit te reiken dat dit vaststelt. § 2. Bij overlijden van de houder van de sportschutterslicentie en/of de voorlopige sportschutterslicentie, wordt deze door de rechthebbenden binnen de drie maanden teruggezonden aan de erkende sportschietfederatie die ze heeft uitgereikt. Deze meldt er ontvangst van door een attest uit te reiken dat dit vaststelt. Afdeling VII. - Intrekking en schorsing van de sportschutterslicentie

of de voorlopige sportschutterslicentie

Art. 17.§ 1. De erkende sportschietfederatie trekt van ambtswege de sportschutterslicentie en/of de voorlopige sportschutterslicentie en de rechten in verband daarmee in, wanneer ze kennis heeft genomen van de volgende feiten betreffende de houder ervan : 1° hij heeft zijn voorlopige sportschutterslicentie of zijn sportschutterslicentie bekomen op grond van onjuiste verklaringen;2° hij werd veroordeeld als dader of medeplichtige wegens één van de misdrijven ten gevolge waarvan een vergunning voor het voorhanden hebben aan betrokkene niet zou kunnen worden uitgereikt overeenkomstig de wapenwet;3° zijn vergunning voor het voorhanden hebben of het dragen van een wapen wordt ingetrokken;4° hij is medisch niet meer geschikt voor de beoefening van het sportschieten;5° hij overtreedt de bepalingen van dit decreet;6° hij heeft zijn hoedanigheid van sportschutter verloren : - ofwel omdat hij niet meer aangesloten is bij de erkende sportschietfederatie; - ofwel omdat hij het sportschieten niet meer op regelmatige wijze beoefent in de zin van het decreet in de wapencategorie of alle wapencategorieën die door de betrokken licentie wordt(en) gedekt; - ofwel omdat de erkende sportschietfederatie hem de tuchtsanctie uitsluiting heeft opgelegd. § 2. De erkende sportschietfederatie schorst de sportschutterslicentie en/of voorlopige sportschutterslicentie en de ermee verbonden rechten, wanneer : 1° ze in kennis werd gesteld dat de vergunning voor het voorhanden hebben of het dragen van een wapen wordt geschorst;2° de tuchtsanctie schorsing werd opgelegd aan de houder ervan. De duur van de schorsing van de sportschutterslicentie of van de voorlopige sportschutterslicentie is gelijk aan de duur van de schorsing bedoeld in § 2, eerste lid, 1° of 2°.

Art. 18.De Regering stelt de procedures voor de intrekking en de schorsing bedoeld in artikel 17 vast, alsook die in verband met de beroepen die bij de Regering in te dienen zijn bij betwisting van die beslissingen. Afdeling VIII. - Hervatting van de beoefening van het sportschieten

met vergunningsplichtige wapens

Art. 19.Nadat de sportschutter met de beoefening van het sportschieten is gestopt of nadat zijn sportschutterslicentie of voorlopige sportschutterslicentie werd ingetrokken of geschorst voor een periode die gelijk is aan of langer is dan zes maanden, kan hij een nieuwe sportschutterslicentie alleen toegekend krijgen onder de voorwaarden van dit decreet, met inbegrip van zijn hoofdstuk III, afdeling 2.

Indien de duur van de schorsing niet langer is dan zes maanden, wordt de sportschutterslicentie of de voorlopige sportschutterslicentie teruggeven op het einde van de schorsingsperiode, waarbij de betrokken aanvankelijke geldigheidsduur niet wordt gewijzigd. Afdeling IX. - Publiciteit, controles en sancties

Art. 20.De lijst van de houders van de sportschutterslicentie of de voorlopige sportschutterslicentie wordt jaarlijks, uiterlijk op 30 april, door de erkende sportschietfederatie doorgezonden aan de provinciegouverneurs of aan de gouverneur van het administratief arrondissement Brussel-Hoofdstad, naar gelang van de verblijfplaats van de houders.

Art. 21.De provinciegouverneur of de gouverneur van het administratief arrondissement Brussel-Hoofdstad van de verblijfplaats van de houder wordt onverwijld door de erkende sportschietfederatie op de hoogte gebracht van de gevallen waarin de artikelen 15, 16 en 17 van toepassing zijn.

Art. 22.De erkende sportschietfederatie zendt elk jaar, vóór 30 april, een verslag over de toepassing van dit decreet gedurende het afgelopen burgerlijk jaar aan de administratie belast met de controle op de toepassing van dit decreet.

De Regering stelt het model en de inhoud van dat verslag vast.

Het verslag bepaalt, met vermelding van de betrokken wapencategorie, inzonderheid : 1° het aantal aangesloten sportschutters;2° het aantal georganiseerde theoretische en praktische proeven;3° het aantal attesten van slagen voor die proeven;4° de lijst van de personen waarvoor, gedurende het betrokken jaar, een sportschutterslicentie of een voorlopige sportschutterslicentie : a) werd toegekend met onderscheiding van de betrokken wapencategorieën;b) werd ingetrokken, met inbegrip van de reden voor die intrekking;c) werd geschorst, met inbegrip van de reden voor die schorsing;d) werd teruggeven na stoppen of overlijden;e) waarbij de beoefening van het sportschieten vrijwillig werd onderbroken.

Art. 23.Overeenkomstig het decreet van 8 december 2006 houdende organisatie en subsidiëring van de sport in de Franse Gemeenschap, kan de erkenning door de erkende sportschietfederatie worden geschorst of ingetrokken wegens overtreding van dit decreet. HOOFDSTUK IV. - Beoefenen van het sportschieten door een minderjarige

Art. 24.Naast de voorwaarden die door dit decreet worden opgelegd, moet de minderjarige, om het sportschieten te beoefenen : 1° beschikken over een schriftelijke toelating van zijn wettelijke vertegenwoordiger(s), waarvan de Regering het model vaststelt;2° onder het permanente toezicht, de permanente verantwoordelijkheid en het permanente gezag zijn van een meerderjarige persoon die het bewijs kan leveren van de regelmatige beoefening van het sportschieten gedurende ten minste twee jaar of, voor de beoefening van het sportschieten met vergunningsplichtige wapens, van een meerderjarige persoon die sedert ten minste twee jaar houder is van een sportschutterslicentie. De Regering bepaalt, op de voordracht van de erkende schietsportfederatie, de leeftijd vanaf welke de beoefening van het sportschieten met vrij verkrijgbare wapens toegelaten is voor minderjarigen alsook het maximumaantal minderjarigen die kunnen worden gesuperviseerd door een meerderjarige persoon zoals bedoeld in het eerste lid, 2°, tijdens een sportschietsessie. § 2. De sportschutterslicentie laat hem niet toe een vergunningsplichtig wapen voorhanden te hebben of aan te schaffen. HOOFDSTUK V. - Beroepen

Art. 25.§ 1. Tegen de beslissingen van de erkende sportschietfederatie kan een beroep worden ingediend bij de Regering in geval van : 1° weigering van de uitreiking van de voorlopige sportschutterslicentie;2° weigering van de verlenging van de voorlopige sportschutterslicentie in de zin van artikel 10, § 2 van dit decreet;3° weigering van de uitreiking van de sportschutterslicentie;4° weigering van de hernieuwing van de sportschutterslicentie;5° intrekking van de sportschutterslicentie in de zin van artikel 17, § 1, van dit decreet;6° schorsing van de sportschutterslicentie in de zin van artikel 17, § 2, van dit decreet;7° weigering van de toelating tot tijdelijke onderbreking van het beoefenen van het sportschieten in de zin van artikel 15 van dit decreet. § 2. Het beroep schorst de betwiste beslissing niet. Het wordt bij aangetekend schrijven bij de Administratie ingediend binnen dertig dagen na de kennisgeving van de betwiste beslissing en bevat inzonderheid de volgende gegevens : 1° de motivatie van het beroep;2° de argumenten of de eventuele nieuwe feiten die de verzoeker wenst aan te voeren. De verzoeker en de erkende sportschietfederatie die de betwiste beslissing heeft genomen, worden opgeroepen binnen de veertien dagen volgend op de ontvangst van het beroep en worden door de Administratie gehoord.

De verzoeker kan zich laten bijstaan of vertegenwoordigen door een advocaat of elke andere adviserende persoon naar keuze. De betrokken erkende sportschietfederatie kan zich laten vertegenwoordigen door één van zijn leden of een advocaat of elke andere adviserende persoon naar keuze.

Bij afwezigheid van de regelmatig opgeroepen verzoeker, beslist de Administratie geldig gedurende haar tweede vergadering. Tussen beide vergaderingen moeten meer dan vijf dagen verlopen.

Alvorens te beraadslagen en beslissen kan de Administratie een aanvullend onderzoek bevelen en getuigen horen.

Het met redenen omkleed advies van de Administratie wordt om advies voorgelegd aan de Hoge Sportraad zoals ingesteld door het decreet van de Franse Gemeenschap van 20 oktober 2011 binnen dertig dagen na de indiening van het beroep.

De Regering stelt haar beslissing vast binnen dertig dagen nadat de Hoge Sportraad zijn advies heeft uitgeracht. HOOFDSTUK VI. - Wijzigingsbepalingen

Art. 26.In artikel 14 van het decreet van 24 november 2006 betreffende de toekenning van de vergunning van sportschutter, zoals gewijzigd op 6 juli 2007, 1 februari 2008, 23 januari 2009 en 11 februari 2010, wordt een punt 5° ingevoegd, luidend als volgt : « 5° In afwijking van artikel 6, 2°, tweede lid, voor de hernieuwing van de sportschutterslicenties die op 31 december 2011 eindigen, moeten de betrokken sportschutters een schietboekje bezitten waaruit blijkt dat ze aan een minimumaantal trainingssessies deelnemen, onder toezicht van een erkende monitor, overeenstemmend met één sessie per maand, vanaf de eerste dag van de maand volgend op de datum van uitreiking van de licentie tot 31 december van het jaar waarin de licentie wordt toegekend.

Hoogstens twee sessies per maand worden in aanmerking genomen, met dien verstande dat de deelneming aan een regionale, nationale of internationale schietsessie gelijkgesteld wordt met de vervulling van één van de bovenvermelde sessies. » HOOFDSTUK VII. - Overgangs- en slotbepalingen

Art. 27.§ 1. De sportschutterslicenties die werden uitgereikt ter uitvoering van het decreet van 24 november 2006 betreffende de toekenning van de vergunning van sportschutter, waarvan de houders geen vergunningsplichtige wapens gebruiken, zijn niet meer geldig vanaf de datum van inwerkingtreding van dit decreet.

Ze moeten binnen dertig dagen na de datum van inwerkingtreding van dit decreet worden teruggezonden aan de erkende sportschietfederatie. Deze meldt er schriftelijk ontvangst van. § 2. De geldigheid van de sportschutterslicenties uitgereikt ter uitvoering van het decreet van 24 november 2006 betreffende de toekenning van de vergunning van sportschutter, waarvan de houders vergunningsplichtige wapens gebruiken, wordt verlengd tot 31 maart van het jaar volgend op dat van de inwerkingtreding van dit decreet mits de jaarlijkse verificatie van hun regelmatige beoefening, overeenkomstig paragraaf 3, tweede lid, van dit artikel. § 3. Vanaf de eerste januari van het jaar volgend op dat van de inwerkingtreding van dit decreet, voor zover de houders van de sportschutterslicenties dit aanvragen, worden de sportschutterslicenties die werden uitgereikt ter uitvoering van het decreet van 24 november 2006 betreffende de toekenning van de vergunning van sportschutter vervangen door een nieuwe sportschutterslicenties voor de aangegeven wapencategorie(ëen).

In afwijking van artikel 13, 1°, legt de houder een sportschietboekje over waaruit blijkt dat hij het sportschieten regelmatig beoefent, met een aantal sessies dat overeenstemt met minstens één sessie per maand sedert de datum van uitreiking van zijn laatste licentie, om een sportschutterslicentie te bekomen. De deelneming aan een provinciale, regionale, nationale of internationale sportschietcompetitie is gelijk te stellen met de vervulling van één sessie. § 4. De voorlopige sportschutterslicenties die werden uitgereikt bij toepassing van het decreet van 24 november 2006 betreffende de toekenning van de vergunning van sportschutter en die nog altijd geldig zijn op de datum van inwerkingtreding van dit decreet, blijven geldig totdat hun aanvankelijke geldigheidsduur ten einde is gelopen.

De houder van een dergelijke licentie geeft, op het ogenblik dat hij de in artikel 11, § 3, 2° en 3° bedoelde proeven aflegt, de wapencategorie aan waarvoor hij een sportschutterslicentie aanvraagt.

Art. 28.Het decreet van 24 november 2006 betreffende de toekenning van de vergunning van sportschutter wordt opgeheven op de datum van inwerkingtreding van dit decreet, met uitzondering van artikel 4, vierde lid, dat uitwerking blijft hebben tot de inwerkingtreding van het toepassingsbesluit bedoeld in artikel 2 van dit decreet.

Art. 29.De Regering stelt de datum van inwerkingtreding van dit decreet vast, met uitzondering van hoofdstuk VI, dat op 1 januari 2012 in werking treedt.

Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.

Brussel, 20 december 2011.

De Minister-President, R. DEMOTTE De Vice-President en Minister van Kind, Onderzoek en Ambtenarenzaken, J.-M. NOLLET De Vice-President en Minister van Begroting, Financiën en Sport, A. ANTOINE De Vice-President en Minister van Hoger Onderwijs, J.-C. MARCOURT De Minister van Jeugd, Mevr. E. HUYTEBROECK De Minister van Cultuur, Audiovisuele Sector, Gezondheid en Gelijke Kansen, Mevr. F. LAANAN De Minister van Leerplichtonderwijs en van Onderwijs voor Sociale Promotie, Mevr. M.-D. SIMONET _______ Nota (1) Zitting 2011-2012. Stukken van het Parlement. - Ontwerp van decreet, nr. 287-1. - Verslag, nr. 287-2.

Integraal verslag. - Bespreking en aanneming. Vergadering van 20 december 2011.

Etaamb biedt de inhoud van de Belgisch Staatsblad aan gesorteerd op afkondigings- en publicatiedatum, behandeld om gemakkelijk leesbaar en afprintbaar te zijn, en verrijkt met een relationele context.
^