Decreet van 20 december 2013
gepubliceerd op 03 februari 2014
OpenJustice.be: Open Data & Open Source

Decreet tot wijziging van diverse bepalingen van het decreet van 22 december 2000 betreffende de amateurkunsten

bron
vlaamse overheid
numac
2014200334
pub.
03/02/2014
prom.
20/12/2013
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.pl?language=nl&(...)
Document Qrcode

20 DECEMBER 2013. - Decreet tot wijziging van diverse bepalingen van het decreet van 22 december 2000 betreffende de amateurkunsten


Het VLAAMS PARLEMENT heeft aangenomen en Wij, REGERING, bekrachtigen hetgeen volgt : Decreet tot wijziging van diverse bepalingen van het decreet van 22 december 2000 betreffende de amateurkunsten

Artikel 1.Dit decreet regelt een gemeenschapsaangelegenheid.

Art. 2.In artikel 2 van het decreet van 22 december 2000 betreffende de amateurkunsten, gewijzigd bij het decreet van 17 november 2006, wordt punt 6° vervangen door wat volgt : "6° forum : een forum voor amateurkunsten;".

Art. 3.In artikel 6 van hetzelfde decreet, vervangen bij het decreet van 17 november 2006, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in punt 4° wordt het woord "slechts" opgeheven; 2° in punt 5° wordt punt a) vervangen door wat volgt : "a) een informatiewerking opbouwen voor de doelgroep, al dan niet met inbegrip van een documentatiecentrum of bibliotheek;"; 3° in punt 5° wordt punt b) vervangen door wat volgt : "b) communicatie voert met de beoefenaars van de kunstdiscipline of deeldiscipline ervan, met het oog op de uitstraling en de kwaliteitsverbetering van de kunstdiscipline;"; 4° in punt 5°, c), wordt het woord "opleidingscursussen" vervangen door de woorden "vorming en begeleiding";5° in punt 5°, d), wordt het woord "belendende" vervangen door het woord "aanverwante";6° in punt 5° wordt punt e) opgeheven.

Art. 4.In hetzelfde decreet wordt een artikel 6/1 ingevoegd, dat luidt als volgt : "

Art. 6/1.§ 1. De Vlaamse Regering erkent een organisatie voor amateurkunsten nadat ze in de loop van januari van het jaar dat voorafgaat aan de beleidsperiode, een aangetekende schriftelijke aanvraag bij de administratie heeft ingediend.

Bij die aanvraag moeten de nodige bewijsstukken gevoegd zijn, waaruit blijkt dat de organisatie voldoet aan de erkenningsvoorwaarden, vermeld in artikel 6. § 2. De aanvraag voor erkenning is onontvankelijk als niet voldaan is aan één van de volgende voorwaarden : 1° de aanvraag wordt tijdig ingediend;2° ze bevat alle documenten en gegevens, vermeld in § 1;3° uit de ingediende stukken blijkt dat de doelstellingen van dit decreet door de organisatie voldoende kunnen worden gerealiseerd. De administratie brengt de aanvragende organisatie binnen een maand, te rekenen vanaf de datum van ontvangst van de aanvraag, ervan op de hoogte dat de aanvraag al dan niet ontvankelijk is. Als de aanvraag niet ontvankelijk is op basis van de voorwaarde, vermeld in het eerste lid, 2° of 3°, heeft de organisatie vanaf de ontvangst van het bericht van de niet-ontvankelijkheid, één maand de tijd om de nodige aanvullingen te bezorgen. § 3. De administratie onderzoekt de aanvraag, indien nodig ter plaatse, en brengt voor 15 april van het lopende jaar advies uit bij de bevoegde minister. De beslissing van de Vlaamse Regering over de aanvraag voor erkenning wordt voor 15 juni meegedeeld aan de organisatie. § 4. Voor 15 november van het kalenderjaar waarin de aanvraag werd gedaan, dient de organisatie het beleidsplan, vermeld in artikel 9, § 2, in bij de administratie. § 5. De erkenning gaat in op 1 januari van het jaar dat volgt op de betekening van de beslissing tot erkenning. § 6. De erkenning kan ingetrokken worden als blijkt dat de organisatie niet langer voldoet aan de erkenningsvoorwaarden, vermeld in artikel 6. De intrekking van de erkenning gaat in op 1 januari van het jaar dat volgt op de mededeling van de beslissing en betekent vanaf dat ogenblik het verlies van de jaarlijkse subsidie-enveloppe.".

Art. 5.In artikel 7 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 17 november 2006, wordt paragraaf 4 opgeheven.

Art. 6.In artikel 9 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 17 november 2006, worden in paragraaf 8 de woorden "en de uitkering van de subsidies" opgeheven.

Art. 7.In hetzelfde decreet wordt een artikel 9/1 ingevoegd, dat luidt als volgt : "

Art. 9/1.§ 1. Uiterlijk op 1 maart van het jaar dat voorafgaat aan een nieuwe beleidsperiode, dient de organisatie een financieel behoefteplan in met als doel een meerwaarde te realiseren ten aanzien van de werking tijdens de voorbije beleidsperiode.

De administratie brengt voor 1 juli advies uit aan de bevoegde minister over de aanpassing van de subsidie-enveloppe van de erkende organisatie. Het advies van de administratie bevat minstens een evaluatie van de werking van de organisatie gedurende de voorbije beleidsperiode, een samenvatting van het financiële behoefteplan van de organisatie en de verwijzing naar de beleidsintenties van de Vlaamse Regering, die bekend zijn bij de opmaak van het beleidsplan.

Uiterlijk op 1 oktober van het jaar dat voorafgaat aan een nieuwe beleidsperiode, bepaalt de Vlaamse Regering de subsidie-enveloppe. § 2. De organisatie dient een beleidsplan in, uiterlijk op 31 december van het jaar dat voorafgaat aan een nieuwe beleidsperiode. De administratie deelt voor 31 januari van het volgende jaar mee of het beleidsplan als voldoende basis aanvaard is ter subsidiëring van de organisatie. § 3. Als het beleidsplan niet aanvaard wordt, heeft de organisatie drie maanden de tijd, te rekenen vanaf de postdatum van de verzending van de mededeling van de administratie, om het beleidsplan bij te sturen. De administratie legt in dat geval het beleidsplan voor aan de Vlaamse Regering, die voor 1 mei van het eerste jaar van de nieuwe beleidsperiode een beslissing neemt over het aanvaarden van het beleidsplan. Als het beleidsplan niet aanvaard wordt, verliest de organisatie haar subsidie vanaf 1 januari van het volgende jaar. § 4. De nieuwe subsidie-enveloppe wordt toegekend vanaf 1 januari van het eerste jaar van elke beleidsperiode, tenzij het beleidsplan niet wordt aanvaard. In dat geval behoudt de organisatie gedurende één jaar de subsidie-enveloppe van de vorige beleidsperiode.".

Art. 8.In artikel 11 van hetzelfde decreet, vervangen bij het decreet van 17 november 2006, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° paragraaf 2 wordt vervangen door wat volgt : " § 2.De subsidie-enveloppe van een erkende organisatie kan stijgen ten aanzien van de subsidie-enveloppe van de voorgaande beleidsperiode. Voor het totale bedrag van de subsidie-enveloppes van de organisaties is die stijging geplafonneerd op twintig procent. Per organisatie kan de subsidie-enveloppe, vastgesteld met toepassing van paragraaf 1, met het oog op de continuïteit van de werking maximaal twintig procent dalen ten opzichte van de subsidie-enveloppe van de voorgaande beleidsperiode."; 2° aan paragraaf 3 wordt de volgende zin toegevoegd : "Die subsidie-enveloppe wordt niet in rekening gebracht bij de vaststelling van de stijging van de beschikbare kredieten voor het totale bedrag van de subsidie-enveloppes van de organisaties, vermeld in paragraaf 2.".

Art. 9.In artikel 12 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 17 november 2006, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in paragraaf 1 worden het eerste en het tweede lid vervangen door wat volgt : "De subsidie wordt uitbetaald in twee zesmaandelijkse voorschotten. Elk voorschot bedraagt vijfenveertig procent van de vastgestelde financiële enveloppe op jaarbasis."; 2° paragraaf 2 wordt vervangen door wat volgt : " § 2.De subsidie-enveloppen, vermeld in dit decreet, worden gekoppeld aan het prijsindexcijfer dat berekend en benoemd wordt voor de toepassing van artikel 2 van het koninklijk besluit van 24 december 1993 ter uitvoering van de wet van 6 januari 1989 tot vrijwaring van 's lands concurrentievermogen."; 3° in paragraaf 3 wordt punt 3° vervangen door wat volgt : "3° jaarlijks een voortgangsrapport indienen met een stand van zaken over de uitvoering van het beleidsplan in het voorbije jaar en een vooruitblik op de geplande uitvoering van het beleidsplan voor het lopende jaar.In het voortgangsrapport verduidelijkt de organisatie per concrete actie welk resultaat ze realiseerde het voorbije jaar en welk resultaat ze beoogt voor het lopende jaar;"; 4° in paragraaf 3 wordt in punt 4° het woord "eventueel" geschrapt.

Art. 10.In hoofdstuk II van hetzelfde decreet wordt een afdeling 3 ingevoegd, die luidt als volgt : "Afdeling 3. Evaluatie".

Art. 11.In hetzelfde decreet wordt in afdeling 3, ingevoegd bij artikel 10, een artikel 12/1 ingevoegd, dat luidt als volgt : "

Art. 12/1.§ 1. Jaarlijks bezorgt de organisatie uiterlijk op 15 maart van het lopende kalenderjaar aan de administratie het voortgangsrapport, de begroting voor het lopende kalenderjaar en het financiële verslag van het voorbije kalenderjaar.

De documenten, vermeld in het eerste lid, dragen de handtekening van de voorzitter en penningmeester of secretaris en worden eveneens elektronisch aan de administratie bezorgd. Een uittreksel uit de notulen en de agenda van de bijeenkomst van de algemene vergadering waarop de documenten goedgekeurd werden, zijn bij de documenten gevoegd. § 2. Bij het jaarlijkse financiële verslag van de organisatie zijn een balanssituatie gevoegd en het verificatieverslag, opgesteld door een bedrijfsrevisor of een externe accountant, die niet betrokken mag zijn bij de dagelijkse inhoudelijke, organisatorische of zakelijke werking van de organisatie in kwestie.".

Art. 12.In hetzelfde decreet wordt in afdeling 3, ingevoegd bij artikel 10, een artikel 12/2 ingevoegd, dat luidt als volgt : "

Art. 12/2.Gedurende de looptijd van elke beleidsperiode zal de administratie samen met externe deskundigen minstens eenmaal een bezoek ter plaatse brengen om de werking van de organisatie te evalueren. Het uitgangspunt daarvoor is het door de administratie goedgekeurde en door de organisatie eventueel bijgestuurde beleidsplan, de voortgangsrapporten, de financiële verslagen en het evaluatieverslag van de vorige beleidsperiode.".

Art. 13.In het opschrift van hoofdstuk III van hetzelfde decreet, vervangen bij het decreet van 17 november 2006, worden de woorden "het centrum" vervangen door de woorden "een forum".

Art. 14.Artikel 13 van hetzelfde decreet, vervangen bij het decreet van 17 november 2006, wordt vervangen door wat volgt : "

Art. 13.De Vlaamse Regering subsidieert een forum voor amateurkunsten in de vorm van een vereniging zonder winstoogmerk, die is opgericht door de erkende organisaties voor amateurkunsten. Die organisatie heeft tot doel voor het werkveld van de amateurkunsten de opdrachten van coördinatie, overleg en samenwerking te vervullen door : 1° het verzamelen en ontsluiten van kennis over amateurkunsten;2° het stimuleren van vormen van coördinatie, overleg en samenwerking tussen de door de Vlaamse overheid erkende organisaties uit de sector van de amateurkunsten;3° het uitbouwen van een kwalitatieve dienstverlening ten behoeve van de sector amateurkunsten;4° het ondersteunen en begeleiden van samenwerkingsprojecten binnen de sector amateurkunsten en aanverwante sectoren;5° de vertegenwoordiging van de sector amateurkunsten en de behartiging van zijn belangen bij de bevoegde overheden, steunpunten en beleidsinstanties;6° het bevorderen van de uitstraling van de sector;7° het ontwikkelen van een diversiteitsbeleid binnen de sector. Het forum ondersteunt zowel de gesubsidieerde amateurkunstensector als de actieve kunstbeoefenaars.".

Art. 15.Artikel 14 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 17 november 2006, wordt vervangen door wat volgt : "

Art. 14.§ 1. In de bestuursorganen van het forum zetelen afgevaardigden van de erkende disciplinaire amateurkunstenorganisaties. Minstens een derde van de leden van de bestuursorganen zijn onafhankelijke deskundigen. § 2. Het forum ontvangt een jaarlijkse subsidie-enveloppe. De Vlaamse Regering stelt die enveloppe per beleidsperiode vast. Ze bedraagt minstens zoveel als de subsidie-enveloppe voor het werkjaar 2011. De subsidie-enveloppe bevat de nodige middelen voor de ondersteuning van de jaarlijkse personeels- en werkingskosten van de organisatie.

Boven op de subsidie-enveloppe ontvangt het forum 225.000 euro voor het stimuleren en opzetten van inhoudelijke samenwerkingsprojecten binnen de amateurkunstensector of met een organisatie uit een aanverwante sector. De middelen moeten besteed worden aan één of meer van de volgende doelstellingen : 1° de uitstraling en de profilering van de sector;2° het versterken van expertise en het delen van kennis;3° het geven van kansen aan amateurkunstenaars binnen een professionele aanpak;4° een verhoogde participatie van bijzondere doelgroepen;5° interdisciplinaire projecten;6° publieksverruiming. § 3. Het forum legt per beleidsperiode een beleidsplan voor aan de Vlaamse Regering waarin de opdrachten, vermeld in artikel 13, worden geconcretiseerd. Dat beleidsplan bevat een financieel plan en een personeelsplan. De bepalingen van artikel 12, § 3 en § 4, zijn ook van toepassing op het forum.

Het beleidsplan wordt vóór 31 januari van het eerste jaar van de beleidsperiode voorgelegd aan de administratie. De administratie keurt het beleidsplan goed voor 30 april van hetzelfde jaar.

Het beleidsplan wordt jaarlijks geconcretiseerd in een voortgangsrapport. Dat voortgangsrapport wordt samen met het financieel verslag ingediend voor 15 maart van het jaar dat volgt op het werkingsjaar waarop het voortgangsrapport betrekking heeft. § 4. Het forum houdt in zijn werking rekening met de principes van de integrale kwaliteitszorg. Jaarlijks vindt minstens één keer overleg plaats tussen het forum en de administratie. § 5. De subsidie-enveloppe, vermeld in paragraaf 2, wordt gekoppeld aan het prijsindexcijfer zoals bepaald in artikel 12, § 2. De voorschottenregeling, vermeld in artikel 12, § 1, is eveneens van toepassing.".

Art. 16.In artikel 15, § 3, van hetzelfde decreet, vervangen bij het decreet van 17 november 2006, wordt de zinsnede "de projecten bedoeld onder § 2, 1° en 2°" vervangen door de zinsnede "de projecten, vermeld in paragraaf 2, 2° en 3°".

Art. 17.Artikel 16 van hetzelfde decreet, vervangen bij het decreet van 17 november 2006, wordt vervangen door wat volgt : "

Art. 16.In afwijking van artikel 11, § 1, wordt tijdens de beleidsperiode 2012-2016 de subsidie-enveloppe van elke erkende organisatie vanaf 2014 verhoogd met de bedragen die de provincies in 2011 hebben uitgekeerd als structurele ondersteuning van de organisatie en die in het kader van de uitvoering van de interne staatshervorming in 2014 worden overgeheveld naar de begroting van de Vlaamse Gemeenschap.

Vanaf de beleidsperiode 2017-2021 worden de nieuwe subsidie-enveloppes van de erkende organisaties door de Vlaamse Regering vastgesteld, rekening houdend met de bepalingen van artikel 11.".

Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.

Brussel, 20 december 2013.

De minister-president van de Vlaamse Regering, K. PEETERS De Vlaamse minister van Leefmilieu, Natuur en Cultuur, J. SCHAUVLIEGE _______ Nota Zitting 2013-2014 Stukken - Ontwerp van decreet : 2192 - Nr. 1 - Verslag : 2192 - Nr. 2 - Tekst aangenomen door de plenaire vergadering : 2192 - Nr. 3 Handelingen - Bespreking en aanneming : Vergaderingen van 11 december 2013.

Etaamb biedt de inhoud van de Belgisch Staatsblad aan gesorteerd op afkondigings- en publicatiedatum, behandeld om gemakkelijk leesbaar en afprintbaar te zijn, en verrijkt met een relationele context.
^