Decreet van 23 maart 2018
gepubliceerd op 16 april 2018
Informatisering van Justitie. Ja, maar hoe ?

Decreet betreffende onderwijsinspectie 2.0

bron
vlaamse overheid
numac
2018030799
pub.
16/04/2018
prom.
23/03/2018
staatsblad
http://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.pl?language=nl&c(...)
Document Qrcode

Numac : 2018030799

VLAAMSE OVERHEID


23 MAART 2018. - Decreet betreffende onderwijsinspectie 2.0 (1)


Het VLAAMS PARLEMENT heeft aangenomen en Wij, REGERING, bekrachtigen hetgeen volgt: Decreet betreffende onderwijsinspectie 2.0 HOOFDSTUK 1. - Inleidende bepaling

Artikel 1.Dit decreet regelt een gemeenschapsaangelegenheid. HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997

Art. 2.In artikel 3 van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997, het laatst gewijzigd bij het decreet van 16 juni 2017Relevante gevonden documenten type decreet prom. 16/06/2017 pub. 18/08/2017 numac 2017030978 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XXVII sluiten, wordt punt 13° vervangen door wat volgt : "13° erkend onderwijs : onderwijs dat voldoet aan de voorwaarden zoals bepaald in artikel 62 of artikel 62bis en erkend is door de Vlaamse Regering zoals bepaald in artikel 35 van het decreet van 8 mei 2009Relevante gevonden documenten type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035790 bron vlaamse overheid Decreet betreffende de kwaliteit van onderwijs type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035809 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XIX sluiten betreffende de kwaliteit van onderwijs;".

Art. 3.In artikel 28, § 1, van hetzelfde decreet, gewijzigd bij de decreten van 13 juli 2001, 10 juli 2003, 7 juli 2006 en 9 juli 2010, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° punt 6° wordt opnieuw opgenomen in de volgende lezing : "6° in voorkomend geval dat voor de school een aanvraag tot voorlopige erkenning bij de bevoegde overheid is ingediend of een voorlopige erkenning voor één schooljaar van de bevoegde overheid is verkregen;"; 2° er wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt : "Het schoolbestuur informeert de ouders onmiddellijk tijdens het schooljaar van voorlopige erkenning over de beslissing van de bevoegde overheid over de erkenning.".

Art. 4.In artikel 53 van hetzelfde decreet, vervangen bij het decreet van 16 juni 2017Relevante gevonden documenten type decreet prom. 16/06/2017 pub. 18/08/2017 numac 2017030978 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XXVII sluiten, wordt de eerste zin vervangen door wat volgt : "Het schoolbestuur van een erkende school kan, op voordracht en na beslissing van de klassenraad een getuigschrift uitreiken aan de regelmatige leerlingen uit het gewoon lager onderwijs.".

Art. 5.In hetzelfde decreet, het laatst gewijzigd bij het decreet van 22 december 2017Relevante gevonden documenten type decreet prom. 22/12/2017 pub. 29/12/2017 numac 2017032267 bron vlaamse overheid Decreet houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2018 type decreet prom. 22/12/2017 pub. 25/04/2018 numac 2018040121 bron vlaamse overheid Decreet houdende de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 2018 sluiten, wordt een artikel 62bis ingevoegd, dat luidt als volgt : "

Art. 62bis.Een school die wordt opgericht, kan voorlopig erkend worden als ze voldoet aan de voorwaarden, vermeld in artikel 62, § 1, 1°, 2°, 3°, 7°, 10° en 11°. ".

Art. 6.Artikel 63 van hetzelfde decreet, vervangen bij het decreet van 8 mei 2009Relevante gevonden documenten type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035790 bron vlaamse overheid Decreet betreffende de kwaliteit van onderwijs type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035809 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XIX sluiten en gewijzigd bij het decreet van 19 juni 2015Relevante gevonden documenten type decreet prom. 19/06/2015 pub. 21/08/2015 numac 2015036059 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XXV sluiten, wordt vervangen door wat volgt : " § 1. Een schoolbestuur dat voor een school de voorlopige erkenning wil verkrijgen, dient uiterlijk op 1 april voorafgaand aan de oprichting een aanvraag in bij AGODI. Die termijn geldt als vervaltermijn. De Vlaamse Regering legt het model van aanvraagformulier vast.

De Vlaamse Regering neemt conform artikel 35, § 1, van het decreet van 8 mei 2009Relevante gevonden documenten type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035790 bron vlaamse overheid Decreet betreffende de kwaliteit van onderwijs type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035809 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XIX sluiten betreffende de kwaliteit van onderwijs een beslissing tot hetzij voorlopige erkenning voor één schooljaar, hetzij geen voorlopige erkenning.

De Vlaamse Regering beslist conform artikel 35, § 2, van het decreet van 8 mei 2009Relevante gevonden documenten type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035790 bron vlaamse overheid Decreet betreffende de kwaliteit van onderwijs type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035809 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XIX sluiten betreffende de kwaliteit van onderwijs om de school te erkennen of om de school niet te erkennen, vanaf het schooljaar volgend op het schooljaar van de voorlopige erkenning. § 2. Een school die een nieuwe vestigingsplaats als vermeld in artikel 3, 56°, of een tijdelijke onderbrenging als vermeld in artikel 108, in gebruik wil nemen, meldt dat aan AGODI. De melding, vermeld in het eerste lid, wordt uiterlijk op het tijdstip van ingebruikname ingediend. In de melding wordt verklaard dat : 1° de vestigingsplaats of tijdelijke onderbrenging beantwoordt aan de voorwaarden voor de hygiëne, de veiligheid en de bewoonbaarheid, vermeld in artikel 62, § 1, 2° ;2° de school op de hoogte is van aanbevelingen of tekorten die de onderwijsinspectie in het meest recente doorlichtingsverslag heeft geformuleerd over de bewoonbaarheid, de veiligheid en de hygiëne van de betreffende gebouwen, als de school een vestigingsplaats in gebruik neemt waar een andere school gevestigd is of voordien gevestigd was. De school vermeldt in dat geval ook het advies van de onderwijsinspectie over de bewoonbaarheid, de veiligheid en de hygiëne van de nieuwe vestigingsplaats. § 3. De Vlaamse Regering legt het model van het formulier voor de melding, vermeld in paragraaf 2, vast.".

Art. 7.In artikel 65 van hetzelfde decreet wordt het woord "basisonderwijs" opgeheven.

Art. 8.In artikel 68 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij de decreten van 28 juni 2002, 10 juli 2003, 2 april 2004 en 4 juli 2008, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in paragraaf 1 wordt punt 1° vervangen door wat volgt : "1° erkend zijn";2° paragraaf 2 wordt vervangen door wat volgt : " § 2.Een schoolbestuur dat voor een school financiering of subsidiëring wil verkrijgen, dient uiterlijk op 1 april van het schooljaar dat voorafgaat aan de opname in de financiering of subsidiëring, een aanvraag in bij AGODI. De Vlaamse Regering neemt een beslissing over de opname in de financierings- of subsidiëringsregeling. De beslissing wordt schriftelijk meegedeeld aan het betrokken schoolbestuur en gaat in bij de aanvang van het schooljaar dat volgt op de aanvraag van de financiering of subsidiëring."; 3° er wordt een paragraaf 3 toegevoegd, die luidt als volgt : " § 3.In een voorlopig erkende school is affectatie, mutatie of vaste benoeming van personeelsleden niet mogelijk.".

Art. 9.In artikel 108 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij de decreten van 7 juli 2006 en 19 juni 2015, wordt de zinsnede "overeenkomstig artikel 35bis van het decreet van 8 mei 2009Relevante gevonden documenten type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035790 bron vlaamse overheid Decreet betreffende de kwaliteit van onderwijs type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035809 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XIX sluiten betreffende de kwaliteit van onderwijs," vervangen door de zinsnede "conform artikel 63, § 2,". HOOFDSTUK 3. - Wijzigingen van het decreet van 15 juni 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom. 22/12/2017 pub. 29/12/2017 numac 2017032267 bron vlaamse overheid Decreet houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2018 type decreet prom. 22/12/2017 pub. 25/04/2018 numac 2018040121 bron vlaamse overheid Decreet houdende de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 2018 sluiten1 betreffende het volwassenenonderwijs

Art. 10.In artikel 2 van het decreet van 15 juni 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom. 22/12/2017 pub. 29/12/2017 numac 2017032267 bron vlaamse overheid Decreet houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2018 type decreet prom. 22/12/2017 pub. 25/04/2018 numac 2018040121 bron vlaamse overheid Decreet houdende de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 2018 sluiten1, laatst gewijzigd bij het decreet van 16 juni 2017Relevante gevonden documenten type decreet prom. 16/06/2017 pub. 18/08/2017 numac 2017030978 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XXVII sluiten, wordt een punt 29° bis ingevoegd dat luidt als volgt : "29° bis onderwijsinspectie : de inspectie, zoals bedoeld in het decreet van 8 mei 2009Relevante gevonden documenten type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035790 bron vlaamse overheid Decreet betreffende de kwaliteit van onderwijs type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035809 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XIX sluiten betreffende de kwaliteit van onderwijs, voor zover belast met taken op het gebied van het volwassenenonderwijs;".

Art. 11.Artikel 59 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 8 mei 2009Relevante gevonden documenten type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035790 bron vlaamse overheid Decreet betreffende de kwaliteit van onderwijs type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035809 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XIX sluiten, wordt vervangen door wat volgt : "Een centrum voor basiseducatie dat wordt opgericht, kan voorlopig erkend worden als het voldoet aan de voorwaarden, vermeld in artikel 56, 1°, 2°, 3°, 4°, 7° en 8°, en artikel 58.

Een centrumbestuur dat voor een centrum de voorlopige erkenning wil verkrijgen, dient uiterlijk op 1 april voorafgaand aan de oprichting een aanvraag in bij het Agentschap voor Hoger Onderwijs, Volwassenenonderwijs en Studietoelagen. Die termijn geldt als vervaltermijn.

De Vlaamse Regering neemt conform artikel 35, § 1, van het decreet van 8 mei 2009Relevante gevonden documenten type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035790 bron vlaamse overheid Decreet betreffende de kwaliteit van onderwijs type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035809 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XIX sluiten betreffende de kwaliteit van onderwijs een beslissing tot hetzij voorlopige erkenning voor één schooljaar, hetzij geen voorlopige erkenning.

Artikel 56bis, eerste lid, is ook op een voorlopig erkend centrum voor basiseducatie van toepassing.

De Vlaamse Regering beslist conform artikel 35, § 2, van het decreet van 8 mei 2009Relevante gevonden documenten type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035790 bron vlaamse overheid Decreet betreffende de kwaliteit van onderwijs type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035809 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XIX sluiten betreffende de kwaliteit van onderwijs om het centrum te erkennen of om het centrum niet te erkennen, vanaf het schooljaar volgend op het schooljaar van de voorlopige erkenning.".

Art. 12.In artikel 61 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 8 mei 2009Relevante gevonden documenten type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035790 bron vlaamse overheid Decreet betreffende de kwaliteit van onderwijs type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035809 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XIX sluiten, wordt paragraaf 2 vervangen door wat volgt : " § 2. Een centrum voor volwassenenonderwijs dat wordt opgericht, kan voorlopig erkend worden als het voldoet aan de voorwaarden, vermeld in artikel 56, 1°, 2°, 3°, 4°, 7° en 8°, en artikel 60.

Een centrumbestuur dat voor een centrum de voorlopige erkenning wil verkrijgen, dient uiterlijk op 1 april voorafgaand aan de oprichting een aanvraag in bij het Agentschap voor Hoger Onderwijs, Volwassenenonderwijs en Studietoelagen. Die termijn geldt als vervaltermijn.

De Vlaamse Regering neemt conform artikel 35, § 1, van het decreet van 8 mei 2009Relevante gevonden documenten type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035790 bron vlaamse overheid Decreet betreffende de kwaliteit van onderwijs type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035809 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XIX sluiten betreffende de kwaliteit van onderwijs een beslissing tot hetzij voorlopige erkenning voor één schooljaar, hetzij geen voorlopige erkenning.

Artikel 56bis, eerste lid, is ook op een voorlopig erkend centrum voor volwassenenonderwijs van toepassing.

De Vlaamse Regering beslist conform artikel 35, § 2, van het decreet van 8 mei 2009Relevante gevonden documenten type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035790 bron vlaamse overheid Decreet betreffende de kwaliteit van onderwijs type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035809 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XIX sluiten betreffende de kwaliteit van onderwijs om het centrum te erkennen of om het centrum niet te erkennen, vanaf het schooljaar volgend op het schooljaar van de voorlopige erkenning.". HOOFDSTUK 4. - Wijzigingen van het decreet van 10 juli 2008Relevante gevonden documenten type decreet prom. 22/12/2017 pub. 29/12/2017 numac 2017032267 bron vlaamse overheid Decreet houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2018 type decreet prom. 22/12/2017 pub. 25/04/2018 numac 2018040121 bron vlaamse overheid Decreet houdende de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 2018 sluiten0 betreffende het stelsel van leren en werken in de Vlaamse Gemeenschap

Art. 13.In artikel 8, § 3, van het decreet van 10 juli 2008Relevante gevonden documenten type decreet prom. 22/12/2017 pub. 29/12/2017 numac 2017032267 bron vlaamse overheid Decreet houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2018 type decreet prom. 22/12/2017 pub. 25/04/2018 numac 2018040121 bron vlaamse overheid Decreet houdende de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 2018 sluiten0 betreffende het stelsel van leren en werken in de Vlaamse Gemeenschap, ingevoegd bij het decreet van 18 december 2009 en vervangen bij het decreet van 25 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom. 25/04/2014 pub. 25/09/2014 numac 2014035931 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XXIV sluiten, wordt de zin "Onverminderd de bepalingen van artikel 8, § 1 en § 2, wordt de oprichting van een centrum die niet het gevolg is van splitsing van een bestaand centrum, bij de bevoegde dienst van de Vlaamse Gemeenschap schriftelijk aangevraagd uiterlijk 1 mei van het voorafgaand schooljaar." vervangen door de zin "Met behoud van de toepassing van paragraaf 1 en 2 zijn voor de oprichting van een centrum die niet het gevolg is van splitsing van een bestaand centrum, artikel 14, § 2, of artikel 15, § 2, naargelang van het geval, van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010 van toepassing.".

Art. 14.In artikel 10 van hetzelfde decreet, het laatst gewijzigd bij het decreet van 19 juni 2015Relevante gevonden documenten type decreet prom. 19/06/2015 pub. 21/08/2015 numac 2015036059 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XXV sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in paragraaf 1 wordt de eerste zin vervangen door wat volgt : " § 1.Met de voorlopige erkenning of erkenning van een centrum voor deeltijds beroepssecundair onderwijs krijgt het centrumbestuur de bevoegdheid om aan de jongeren de van rechtswege geldende studiebewijzen toe te kennen."; 2° aan paragraaf 3 wordt de volgende zin toegevoegd : "De dienstbrief bevat de vestigingsplaatsen waar de opleidingen die in de erkenning zijn opgenomen, kunnen worden georganiseerd."; 3° paragraaf 4 wordt vervangen door wat volgt : " § 4.De ingebruikname van een nieuwe vestigingsplaats door een centrum wordt gemeld aan het Agentschap voor Onderwijsdiensten, uiterlijk op het tijdstip van de ingebruikname. In de melding wordt verklaard dat : 1° de vestigingsplaats beantwoordt aan de voorwaarden voor de hygiëne, de veiligheid en de bewoonbaarheid;2° het centrum op de hoogte is van aanbevelingen of tekorten die de onderwijsinspectie in het meest recente doorlichtingsverslag heeft geformuleerd over de bewoonbaarheid, de veiligheid en de hygiëne van de betreffende gebouwen, als het een vestigingsplaats in gebruik neemt waar een andere onderwijsinstelling gevestigd is of voordien gevestigd was.Het centrum vermeldt in dat geval ook het advies van de onderwijsinspectie over de bewoonbaarheid, de veiligheid en de hygiëne van de nieuwe vestigingsplaats.

De Vlaamse Regering legt het model van het formulier voor de melding, vermeld in het eerste lid, vast.

Deze paragraaf geldt niet voor een centrum dat, al dan niet als gevolg van een splitsing van bestaande centra, wordt opgericht."; 4° paragraaf 5 wordt opgeheven.

Art. 15.In artikel 11 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij de decreten van 21 december 2012, 25 april 2014 en 19 juni 2015, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° aan paragraaf 3 wordt de volgende zin toegevoegd : "De dienstbrief bevat de vestigingsplaatsen waar de opleidingen die zijn opgenomen in de financiering of subsidiëring, kunnen worden georganiseerd."; 2° paragraaf 4 wordt vervangen door wat volgt : " § 4.De ingebruikname van een nieuwe vestigingsplaats door een centrum wordt gemeld aan het Agentschap voor Onderwijsdiensten uiterlijk op het tijdstip van de ingebruikname. In de melding wordt verklaard dat : 1° de vestigingsplaats beantwoordt aan de voorwaarden voor de hygiëne, de veiligheid en de bewoonbaarheid;2° het centrum op de hoogte is van aanbevelingen of tekorten die de onderwijsinspectie in het meest recente doorlichtingsverslag heeft geformuleerd over de bewoonbaarheid, de veiligheid en de hygiëne van de betreffende gebouwen, als het een vestigingsplaats in gebruik neemt waar een andere onderwijsinstelling gevestigd is of voordien gevestigd was.Het centrum vermeldt in dat geval ook het advies van de onderwijsinspectie over de bewoonbaarheid, de veiligheid en de hygiëne van de nieuwe vestigingsplaats.

De Vlaamse Regering legt het model van het formulier voor de melding, vermeld in het eerste lid, vast.

Deze paragraaf geldt niet voor een centrum dat, al dan niet als gevolg van een splitsing van bestaande centra, wordt opgericht."; 3° paragraaf 5 wordt opgeheven. HOOFDSTUK 5. - Wijzigingen van het decreet van 8 mei 2009Relevante gevonden documenten type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035790 bron vlaamse overheid Decreet betreffende de kwaliteit van onderwijs type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035809 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XIX sluiten betreffende de kwaliteit van onderwijs

Art. 16.In artikel 2 van het decreet van 8 mei 2009Relevante gevonden documenten type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035790 bron vlaamse overheid Decreet betreffende de kwaliteit van onderwijs type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035809 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XIX sluiten betreffende de kwaliteit van onderwijs, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 17 december 2010 en het decreet van 21 december 2012Relevante gevonden documenten type decreet prom. 21/12/2012 pub. 19/02/2013 numac 2013035167 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XXII sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° er wordt een punt 7° /1 ingevoegd, dat luidt als volgt : "7° /1 doorlichting : elke vorm van kwaliteitstoezicht door de onderwijsinspectie die resulteert in een verslag en in een advies aan de Vlaamse Regering over de voorlopige erkenning of erkenning van de instelling of van afzonderlijke structuuronderdelen;"; 2° er worden een punt 16° /1 en een punt 16° /2 ingevoegd, die luiden als volgt : "16° /1 referentiekader onderwijskwaliteit : het kader dat de verwachtingen voor kwaliteitsvol onderwijs door onderwijsinstellingen uitzet;het kader is opgebouwd rond de vier rubrieken : resultaten en effecten, ontwikkeling stimuleren, kwaliteitsontwikkeling en beleid en het houdt rekening met context en input van de onderwijsinstelling; 16° /2 referentiekader CLB-kwaliteit : het kader dat de verwachtingen voor kwaliteitsvolle leerlingenbegeleiding door de CLB's uitzet;het kader is opgebouwd rond de vier rubrieken : resultaten en effecten, ontwikkeling stimuleren, kwaliteitsontwikkeling en beleid en het houdt rekening met context en input van het CLB;"; 3° er wordt een punt 20° /1 ingevoegd, dat luidt als volgt : "20° /1 toezichtkader : kader dat de onderwijsinspectie gebruikt om haar doorlichtingsinstrumenten te ontwikkelen, gebaseerd op de referentiekaders zoals bedoeld in punt 16° /1 en 16° /2.Het toezichtkader heeft betrekking op de vier rubrieken : resultaten en effecten, ontwikkeling stimuleren, kwaliteitsontwikkeling, en beleid en houdt rekening met context en input van de instelling;".

Art. 17.In artikel 4 van hetzelfde decreet wordt paragraaf 2 vervangen door wat volgt : " § 2. Het verstrekken van kwaliteitsonderwijs, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, houdt minimaal in dat de onderwijsinstelling : 1° de onderwijsreglementering respecteert;2° aan de kwaliteitsverwachtingen, opgenomen in het referentiekader onderwijskwaliteit, vastgelegd door de Vlaamse Regering, tegemoetkomt. Het verstrekken van kwaliteitsvolle leerlingenbegeleiding, vermeld in paragraaf 1, tweede lid, houdt minimaal in dat het CLB : 1° de CLB-reglementering respecteert; 2° aan de kwaliteitsverwachtingen, opgenomen in het referentiekader CLB-kwaliteit, vastgelegd door de Vlaamse Regering, tegemoetkomt.".

Art. 18.Artikel 32, 1°, van hetzelfde decreet wordt vervangen door wat volgt : "1° het verlenen van advies voor de voorlopige erkenning van instellingen;".

Art. 19.Artikel 35 van hetzelfde decreet wordt vervangen door wat volgt : "

Art. 35.§ 1. Bij iedere aanvraag tot voorlopige erkenning van een nieuwe instelling onderzoekt de onderwijsinspectie of de decretaal vastgelegde voorwaarden voor een voorlopige erkenning, vervuld zijn.

De inspecteur-generaal kan de leden van de inspectie en begeleiding van de levensbeschouwelijke vakken belasten met een specifieke opdracht als vermeld in artikel 8 van het decreet van 1 december 1993 betreffende de inspectie en begeleiding van de levensbeschouwelijke vakken. De betrokken inspecteurs-adviseurs van de levensbeschouwelijke vakken maken een verslag op over die specifieke opdracht.

Na het onderzoek bezorgt de onderwijsinspectie een rapport met een advies over de voorlopige erkenning aan de Vlaamse Regering.

De Vlaamse Regering beslist uiterlijk op 31 augustus volgend op de aanvraag van de voorlopige erkenning. Zo niet wordt de beslissing geacht gunstig te zijn. § 2. Uiterlijk zes maanden na de start van het schooljaar onderzoekt de onderwijsinspectie, via een doorlichting, of de school voldoet aan de decretaal vastgelegde voorwaarden voor een erkenning.

De inspecteur-generaal kan de leden van de inspectie en begeleiding van de levensbeschouwelijke vakken belasten met een specifieke opdracht als vermeld in artikel 8 van het decreet van 1 december 1993 betreffende de inspectie en begeleiding van de levensbeschouwelijke vakken. De betrokken inspecteurs-adviseurs van de levensbeschouwelijke vakken maken een verslag op over die specifieke opdracht.

Na de doorlichting bezorgt de onderwijsinspectie een rapport met een advies als vermeld in artikel 39, § 4, aan de Vlaamse Regering.

De Vlaamse Regering beslist uiterlijk op 31 maart van het schooljaar van voorlopige erkenning over de erkenning. Zo niet wordt de beslissing geacht gunstig te zijn.".

Art. 20.Afdeling IIbis. Ingebruikname van nieuwe vestigingsplaatsen door al erkende instellingen in het basis- en secundair onderwijs van hetzelfde decreet, dat de artikelen 35bis en 35ter bevat, ingevoegd bij het decreet van 21 december 2012Relevante gevonden documenten type decreet prom. 21/12/2012 pub. 19/02/2013 numac 2013035167 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XXII sluiten en vervangen bij het decreet van 19 juni 2015Relevante gevonden documenten type decreet prom. 19/06/2015 pub. 21/08/2015 numac 2015036059 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XXV sluiten, wordt opgeheven.

Art. 21.Artikel 36 van hetzelfde decreet wordt vervangen door wat volgt : "

Art. 36.Iedere instelling komt binnen een periode van zes jaar minimum een keer aan bod om te worden doorgelicht.

De doorlichtingscyclus van zes jaar start op 1 september 2018. Met het oog op de organisatie van de doorlichtingen zal de verkorte doorlichtingscyclus in 2021 geëvalueerd worden. Het doel van de evaluatie is de haalbaarheid van de verkorte cyclus en het effect op de personeelsbezetting in relatie met de totaliteit van de opdrachten na te gaan. De gevolgen van de verkorte cyclus op de uitvoerbaarheid van de opdrachten door de inspecteurs zal deel uitmaken van deze evaluatie. Deze evaluatie wordt besproken in de bevoegde onderhandelingscomités voor de sector onderwijs bij de Vlaamse overheid.".

Art. 22.Aan artikel 37 van hetzelfde decreet worden een vijfde en een zesde lid toegevoegd, die luiden als volgt : "De inspecteur-generaal kan tijdens de doorlichting de leden van de inspectie en begeleiding van de levensbeschouwelijke vakken belasten met een specifieke opdracht als vermeld in artikel 8 van het decreet van 1 december 1993 betreffende de inspectie en begeleiding van de levensbeschouwelijke vakken.

De betrokken inspecteurs-adviseurs maken een verslag op over die specifieke opdracht.".

Art. 23.In artikel 38 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 19 juli 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom. 19/07/2013 pub. 27/08/2013 numac 2013035758 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het Onderwijs XXIII sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in paragraaf 1 worden het eerste en het tweede lid vervangen door wat volgt : "Tijdens een doorlichting van een onderwijsinstelling gaat de onderwijsinspectie na of de onderwijsinstelling : 1° de onderwijsreglementering respecteert;2° aan de kwaliteitsverwachtingen, opgenomen in het referentiekader onderwijskwaliteit, vermeld in artikel 4, § 2, eerste lid, tegemoetkomt. Tijdens een doorlichting van een CLB gaat de onderwijsinspectie na of het CLB : 1° de CLB-reglementering respecteert; 2° aan de kwaliteitsverwachtingen, opgenomen in het referentiekader CLB-kwaliteit, vermeld in artikel 4, § 2, tweede lid, tegemoetkomt."; 2° in paragraaf 1, derde lid, wordt de zinsnede ", de scholengroep of het consortium" vervangen door de woorden "of de scholengroep" en wordt de zinsnede ", scholengroepen of consortia" vervangen door de woorden "of de scholengroepen";3° paragraaf 2 wordt opgeheven;4° paragraaf 3 wordt vervangen door wat volgt : " § 3.De onderwijsinspectie stelt op basis van het referentiekader onderwijskwaliteit en op basis van het referentiekader CLB-kwaliteit, vermeld in artikel 4, § 2, eerste en tweede lid, het toezichtkader en de doorlichtingsinstrumenten op en maakt die bekend. Het toezichtkader peilt in ieder geval vanuit het referentiekader onderwijskwaliteit naar de reglementaire verplichtingen van instellingen inzake de minimumdoelen, de erkenningsvoorwaarden en de financierings- en subsidiëringsvoorwaarden en naar de reglementaire verplichtingen van instellingen op het vlak van : 1° het beleid inzake gelijke onderwijskansen;2° het zorgbeleid en de leerlingenbegeleiding, met inbegrip van de ondersteuning van leerlingen met bijzondere noden vanuit de ondersteuningsnetwerken;3° het talenbeleid;4° het beleid inzake de oriëntering van leerlingen;5° het evaluatiebeleid met betrekking tot leerlingen en cursisten;6° de beleidskeuzes die erop gericht zijn de personeelsleden optimaal in te zetten en te ondersteunen;7° het nascholings- en professionaliseringsbeleid; 8° het beleid inzake participatie."; 5° in paragraaf 4, eerste lid, 1°, wordt de zin "Die gegevens zijn te relateren aan elementen van het referentiekader, vermeld in § 2;" vervangen door de zin "Die gegevens zijn te relateren aan elementen in het referentiekader onderwijskwaliteit of het referentiekader CLB-kwaliteit, vermeld in artikel 4, § 2, eerste en tweede lid;".

Art. 24.In artikel 39 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° paragraaf 1, eerste lid, wordt vervangen door wat volgt : " § 1.Elke doorlichting resulteert in een schriftelijk doorlichtingsverslag en een advies aan de Vlaamse Regering. Het doorlichtingsverslag bevat een onderbouwing van het advies."; 2° paragraaf 2 en 3 worden opgeheven;3° paragraaf 4 wordt vervangen door wat volgt : " § 4.Voor een nieuwe instelling zijn de volgende adviezen mogelijk : 1° advies "voorlopige erkenning" : dit houdt in dat de nieuwe instelling voor één schooljaar erkend wordt;2° advies "geen voorlopige erkenning" : dit houdt in dat de nieuwe instelling geen voorlopige erkenning krijgt;3° advies "erkenning" : dit houdt in dat de nieuwe instelling met ingang van 1 september van het volgende schooljaar erkend is; 4° advies "geen erkenning" : dit houdt in dat de nieuwe instelling niet erkend wordt."; 4° er wordt een paragraaf 5 toegevoegd, die luidt als volgt : " § 5.Voor de hele instelling of voor een afzonderlijk structuuronderdeel zijn de volgende adviezen mogelijk : 1° gunstig advies : dit houdt in dat de erkenning van de instelling of van structuuronderdelen voortgezet wordt. Een gunstig advies kan het bestuur verplichten zich te engageren om aan de tekorten te werken. 2° ongunstig advies : dit houdt in dat de procedure tot intrekking van de erkenning van de instelling of van structuuronderdelen opgestart wordt, met daarbij de vermelding van : a) de mogelijkheid tot opschorting : dit houdt in dat het bestuur kan verzoeken dat de procedure tot intrekking van de erkenning niet opgestart wordt op voorwaarde dat het bestuur het engagement aangaat om zich bij het werken aan de tekorten extern te laten begeleiden; b) de onmogelijkheid tot opschorting : dit houdt in dat het bestuur niet kan verzoeken dat de procedure tot intrekking van de erkenning niet opgestart wordt.".

Art. 25.Artikel 40 van hetzelfde decreet wordt opgeheven.

Art. 26.Artikel 41 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 17 december 2010 en de decreten van 19 juli 2013 en 25 april 2014, wordt vervangen door wat volgt : "

Art. 41.§ 1. Bij een advies als vermeld in artikel 39, § 5, 2°, a) of b), of een advies als vermeld in artikel 39, § 4, 4°, brengt de Vlaamse Regering het bestuur van de instelling daarvan op de hoogte. § 2. Bij een advies als vermeld in artikel 39, § 5, 2°, a), kan het bestuur van de instelling binnen een termijn van dertig kalenderdagen na de mededeling, vermeld in paragraaf 1, verzoeken om de procedure tot intrekking van de erkenning niet op te starten.

Als het bestuur van de instelling verzoekt om de procedure tot intrekking van de erkenning niet op te starten, volgt een nieuwe doorlichting binnen een tijdspanne die de onderwijsinspectie bepaalt op basis van de ernst en de aard van de tekorten.

Als het bestuur geen gebruik maakt van de mogelijkheid om te verzoeken de procedure tot intrekking van de erkenning niet op te starten, start de procedure tot intrekking van de erkenning.

Na een advies als vermeld in artikel 39, § 5, 2°, b), kan het bestuur binnen een termijn van dertig kalenderdagen na de mededeling, vermeld in paragraaf 1, beroep aantekenen tegen de onmogelijkheid om te verzoeken dat de procedure tot intrekking van de erkenning niet wordt opgestart.

Ook tegen het advies "geen erkenning", vermeld in artikel 39, § 4, 4°, kan door het bestuur beroep aangetekend worden binnen een termijn van dertig kalenderdagen na de mededeling. § 3. De Vlaamse Regering bepaalt de procedure voor de opheffing van de erkenning en de procedure voor het beroep, vermeld in paragraaf 2, vierde lid. Die procedures waarborgen de rechten van de verdediging.

De beroepsprocedure in geval van een advies conform artikel 39, § 5, 2°, b), voorziet in een paritair samengesteld doorlichtingsteam.".

Art. 27.Artikel 41bis van hetzelfde decreet, ingevoegd bij het decreet van 21 december 2012Relevante gevonden documenten type decreet prom. 21/12/2012 pub. 19/02/2013 numac 2013035167 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XXII sluiten, wordt opgeheven.

Art. 28.In artikel 42, § 3, van hetzelfde decreet, ingevoegd bij het decreet van 25 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom. 25/04/2014 pub. 25/09/2014 numac 2014035931 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XXIV sluiten, worden de woorden "of de opvolgingsdoorlichting" opgeheven.

Art. 29.In artikel 44 van hetzelfde decreet wordt de zinsnede ", de opvolgingsverslagen" opgeheven.

Art. 30.In artikel 49 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 16 juni 2017Relevante gevonden documenten type decreet prom. 16/06/2017 pub. 18/08/2017 numac 2017030978 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XXVII sluiten, worden de paragrafen 5 en 6 opgeheven.

Art. 31.In artikel 60, tweede lid, van hetzelfde decreet worden de woorden "of tot de proeftijd toegelaten" opgeheven.

Art. 32.In artikel 62 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in paragraaf 1 wordt de zinsnede ", die tot de proeftijd zijn toegelaten" opgeheven;2° in paragraaf 2 worden de woorden "die tot de proeftijd zijn toegelaten" opgeheven.

Art. 33.Artikel 63 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij de decreten van 21 december 2012, 19 juli 2013 en 25 april 2014, wordt vervangen door wat volgt : "

Art. 63.§ 1. Voor de werving in het ambt van inspecteur worden op basis van de behoeften vergelijkende selecties georganiseerd volgens een systeem dat naar vorm en inhoud de nodige waarborgen biedt voor de gelijke behandeling, de onafhankelijkheid en de onpartijdigheid. § 2. De Vlaamse Regering legt per ambt een generiek selectiereglement vast. § 3. Het generieke selectiereglement regelt ten minste : 1° welke diploma's, getuigschriften, ervaringsbewijzen of toegangsbewijzen toegang verlenen tot de selectieprocedure;2° de datum waarop de aanwervingsvoorwaarden, vermeld in artikel 49, moeten zijn vervuld;3° de vormvereisten en de termijn van de kandidaatstelling;4° de aard en het aantal van de testen;5° de mogelijkheid om een bijkomende test te organiseren;6° de criteria op basis waarvan wordt beoordeeld of de kandidaat geschikt is en geslaagd is;7° de mogelijke voorselectie, naargelang het aantal kandidaten;8° een mogelijk beperkte procedure in geval van dringende noodzakelijkheid;9° de samenstelling en de werking van de selectiecommissies, die voor de helft bestaan uit personen uit de organisatie en de helft uit personen extern aan de organisatie;10° de regels van de rangschikking;11° de geldigheidsduur van de werving. § 4. Onverminderd paragraaf 3 van dit artikel, kan per specifieke werving en na advies van het onderhandelingscomité, vermeld in artikel 185 van dit decreet, een specifiek selectiereglement opgesteld worden door de inspecteur-generaal en de betrokken coördinerend inspecteur.

Het specifieke selectiereglement concretiseert de specifieke verwachtingen en bevat ten minste : 1° welke specifieke diploma's, getuigschriften, ervaringsbewijzen of toegangsbewijzen toegang verlenen tot de selectieprocedure;2° de aard en het aantal van de specifieke testen;3° de criteria op basis waarvan wordt beoordeeld of de kandidaat geschikt is en geslaagd is; 4° de samenstelling en de werking van de selectiecommissies, die voor de helft bestaan uit personen uit de organisatie en de helft uit personen extern aan de organisatie.".

Art. 34.Artikel 64 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij de decreten van 21 december 2012 en 19 juli 2013, wordt vervangen door wat volgt : "

Art. 64.Elke vacature wordt minstens bekendgemaakt volgens de door de Vlaamse Regering bepaalde regels en via Jobpunt Vlaanderen of zijn rechtsopvolger.

De bekendmaking, vermeld in het eerste lid, bevat de functiebeschrijving, waarin de inzetbaarheid wordt gespecificeerd, en het selectiereglement, vermeld in artikel 63, § 3.".

Art. 35.Artikel 65 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 19 juli 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom. 19/07/2013 pub. 27/08/2013 numac 2013035758 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het Onderwijs XXIII sluiten, wordt vervangen door wat volgt : "

Art. 65.§ 1. Voorafgaand aan de selectie sluit de inspecteur-generaal de kandidaten uit die niet voldoen aan de statutaire aanwervingsvoorwaarden, vermeld in artikel 49. Hij deelt de beslissing tot uitsluiting schriftelijk mee aan de betrokken kandidaten.

Bij een uitsluiting kan een kandidaat binnen zeven kalenderdagen nadat hij op de hoogte is gebracht van de beslissing, vragen om gehoord te worden. § 2. De selectie van inspecteurs verloopt conform het selectiereglement, vermeld in artikel 63, § 3 en § 4.".

Art. 36.Artikel 65/1 van hetzelfde decreet, ingevoegd bij het decreet van 19 juli 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom. 19/07/2013 pub. 27/08/2013 numac 2013035758 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het Onderwijs XXIII sluiten en gewijzigd bij het decreet van 25 april 2014Relevante gevonden documenten type decreet prom. 25/04/2014 pub. 25/09/2014 numac 2014035931 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XXIV sluiten, wordt opgeheven.

Art. 37.Artikel 66 van hetzelfde decreet wordt vervangen door wat volgt : "

Art. 66.Als een kandidaat tijdelijk wordt aangesteld voor onbepaalde duur of wordt vastbenoemd, wordt die kandidaat uit de wervingsreserve geschrapt.".

Art. 38.Artikel 67 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 19 juli 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom. 19/07/2013 pub. 27/08/2013 numac 2013035758 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het Onderwijs XXIII sluiten, wordt opgeheven.

Art. 39.In deel III, hoofdstuk IV, van hetzelfde decreet, gewijzigd bij 25 april 2014, wordt afdeling III, die bestaat uit artikel 68 tot en met 76, opgeheven.

Art. 40.In artikel 79 van hetzelfde decreet worden paragraaf 3 en paragraaf 4 opgeheven.

Art. 41.Artikel 80 van hetzelfde decreet wordt vervangen door wat volgt : "

Art. 80.Voor de werving in het ambt van coördinerend inspecteur worden op basis van de behoeften vergelijkende selecties georganiseerd volgens een systeem dat naar vorm en inhoud de nodige waarborgen biedt voor de gelijke behandeling, de onafhankelijkheid en de onpartijdigheid.

Artikel 63, § 2, § 3 en § 4, en artikel 64 en 65 zijn van toepassing.".

Art. 42.Artikel 81 van hetzelfde decreet wordt vervangen door wat volgt : "

Art. 81.§ 1. Conform artikel 65, § 1, sluit de inspecteur-generaal voorafgaand aan de selectie de kandidaten uit die niet voldoen aan de statutaire voorwaarden, vermeld in artikel 49. Hij deelt de beslissing tot uitsluiting schriftelijk mee aan de betrokken kandidaten.

Bij een uitsluiting kan een kandidaat binnen zeven kalenderdagen nadat hij op de hoogte is gebracht van de beslissing, vragen om gehoord te worden. § 2. De selectie van coördinerend-inspecteur verloopt conform het selectiereglement, vermeld in artikel 63, § 3 en § 4.".

Art. 43.Artikel 82 van hetzelfde decreet wordt vervangen door wat volgt : "

Art. 82.Met behoud van toepassing van artikel 77, 78 en 79 van dit decreet zijn de bepalingen van deel III "Recrutering en selectie van het personeel", hoofdstuk 2, "De selectie via een objectief wervingssysteem", van het Vlaams personeelsstatuut van 13 januari 2006 van toepassing voor de werving in het ambt van inspecteur-generaal.".

Art. 44.In artikel 83 van hetzelfde decreet wordt paragraaf 1 vervangen door wat volgt : " § 1. De Vlaamse Regering wijst de mandaten van coördinerend-inspecteur en van inspecteur-generaal toe.".

Art. 45.Artikel 84 van hetzelfde decreet wordt opgeheven.

Art. 46.In artikel 90 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 17 juli 2016, wordt paragraaf 1 opgeheven.

Art. 47.In het artikel 92 van hetzelfde decreet wordt het woord "minimale" geschrapt.

Art. 48.In artikel 95, 1°, en in artikel 101, 1°, van hetzelfde decreet worden de woorden "tot de proeftijd toegelaten of" opgeheven.

Art. 49.In hetzelfde decreet wordt een artikel 99bis ingevoegd, dat luidt als volgt : "

Art. 99bis.§ 1. De Vlaamse Regering benoemt het personeelslid dat tijdelijk is aangesteld voor onbepaalde duur in het ambt van inspecteur als dat personeelslid het voorwerp uitmaakt van een gemotiveerd voorstel tot benoeming in vast verband. § 2. De vaste benoeming wordt schriftelijk vastgelegd. Dit geschrift wordt overhandigd aan het personeelslid en vermeldt ten minste : 1° de identiteit van het personeelslid;2° het uit te oefenen ambt;3° de ingangsdatum van de vaste benoeming;4° het functieprofiel waarop de vaste benoeming is gebaseerd;5° de standplaats. § 3. Bij ontstentenis van een geschrift bij de aanvang van de vaste benoeming, wordt het personeelslid geacht benoemd te zijn in het ambt en voor de opdracht die het werkelijk uitvoert.".

Art. 50.In hetzelfde decreet wordt een artikel 110/1 ingevoegd, dat luidt als volgt : "

Art. 110/1.De artikelen VII. 35 en VII.39 van het besluit van de Vlaamse Regering van 13 januari 2006 houdende vaststelling van de rechtspositie van het personeel van de diensten van de Vlaamse overheid zijn van toepassing op de inspecteur-generaal voor zover hij deel uitmaakt van de beleidsraad van het beleidsdomein onderwijs en het management orgaan.".

Art. 51.In artikel 120, § 1, van hetzelfde decreet wordt het tweede lid opgeheven.

Art. 52.In artikel 121 en 124 van hetzelfde decreet wordt de zinsnede "tot de proeftijd zijn toegelaten;" opgeheven.

Art. 53.In artikel 131, eerste lid, van hetzelfde decreet worden de woorden "het personeelslid dat tot de proeftijd is toegelaten of" opgeheven.

Art. 54.In artikel 136, eerste lid, van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 1 juli 2011Relevante gevonden documenten type decreet prom. 01/07/2011 pub. 30/08/2011 numac 2011035708 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XXI sluiten, wordt punt 3° opgeheven.

Art. 55.In artikel 149, § 1, van hetzelfde decreet wordt de zinsnede "tot de proeftijd is toegelaten," opgeheven.

Art. 56.In artikel 150, eerste lid, van hetzelfde decreet wordt de zinsnede ", tot de proeftijd toegelaten" opgeheven.

Art. 57.Artikel 215 van hetzelfde decreet wordt vervangen door wat volgt : "

Art. 215.§ 1. De instellingen en CLB's die uiterlijk op 30 juni 2018 een beperkt gunstig advies hebben gekregen, worden geacht een "gunstig advies" als vermeld in artikel 39, § 5, 1°, te hebben gekregen. § 2. De instellingen en CLB's die uiterlijk op 30 juni 2018 een ongunstig advies hebben gekregen, worden geacht een "ongunstig advies" als vermeld in artikel 39, § 5, 2°, a), te hebben gekregen.

Een nieuwe doorlichting volgt binnen een periode van negentig kalenderdagen na de periode van opschorting van de procedure tot intrekking van de erkenning, die is meegedeeld door de Vlaamse Regering aan het bestuur. § 3. De doorlichting, vermeld in paragraaf 2, wordt uitgevoerd door een paritair college van inspecteurs dat de Vlaamse Regering heeft samengesteld. Dat college bestaat voor de helft uit inspectieleden die afkomstig zijn uit het vrij onderwijs, en voor de helft uit inspectieleden die afkomstig zijn uit het officieel onderwijs. De Vlaamse Regering kan aan dat paritair college een voorzitter toevoegen, die niet behoort tot de onderwijsinspectie.

Het paritair college kan een beroep doen op externe deskundigen. De externe deskundige neemt niet deel aan de deliberaties. Zijn rapport, dat hij onafhankelijk opstelt, wordt bij de eindbespreking van het paritair college ter bespreking voorgelegd.

Bij staking van stemmen bepaalt de inspecteur-generaal het advies nadat hij het college heeft gehoord. § 4. Na de doorlichting brengt het paritair college aan de Vlaamse Regering een definitief advies uit over de verdere erkenning van de instelling. Dat advies kan alleen betrekking hebben op de elementen die in het eerdere advies expliciet zijn opgesomd.

Het advies, dat betrekking heeft op de hele instelling of op een of meer structuuronderdelen, kan op twee manieren worden uitgebracht : 1° "gunstig advies" als vermeld in artikel 39, § 5, 1° ;2° "ongunstig advies" als vermeld in artikel 39, § 5, 2°.".

Art. 58.Artikel 216 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij het decreet van 19 juli 2013Relevante gevonden documenten type decreet prom. 19/07/2013 pub. 27/08/2013 numac 2013035758 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het Onderwijs XXIII sluiten, wordt opgeheven. HOOFDSTUK 6. - Wijzigingen van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010

Art. 59.In artikel 3 van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010, laatst gewijzigd bij het decreet van 17 juni 2016Relevante gevonden documenten type decreet prom. 17/06/2016 pub. 10/08/2016 numac 2016036195 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XXVI sluiten, wordt een punt 24° /1 ingevoegd, dat luidt als volgt : "24° /1 onderwijsinspectie : de inspectie, zoals bedoeld in het decreet van 8 mei 2009Relevante gevonden documenten type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035790 bron vlaamse overheid Decreet betreffende de kwaliteit van onderwijs type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035809 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het onderwijs XIX sluiten betreffende de kwaliteit van onderwijs of de inspectie, zoals bedoeld in het decreet van 1 december 1993 betreffende de inspectie en begeleiding van de levensbeschouwelijke vakken, voor zover belast met taken op het gebied van het secundair onderwijs;".

Art. 60.In artikel 14 van dezelfde codex, gewijzigd bij de decreten van 21 december 2012, 25 april 2014 en 19 juni 2015, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° paragraaf 2 wordt vervangen door wat volgt : " § 2.Alleen voor een structuuronderdeel gewoon of buitengewoon secundair onderwijs dat wordt opgericht in het kader van de oprichting van een school die niet het gevolg is van een herstructurering van bestaande scholen, dient het schoolbestuur, uiterlijk op 1 april voorafgaand aan de oprichting, een aanvraag tot erkenning in bij het Agentschap voor Onderwijsdiensten. Die termijn geldt als vervaltermijn. De Vlaamse Regering legt het model van het formulier voor de voormelde aanvraag vast.

De onderwijsinspectie gaat na of het structuuronderdeel voldoet aan de voorwaarden, vermeld in artikel 15, § 1, 1°, 2°, 3°, 6°, 9° en 11°. Op basis van het advies van de onderwijsinspectie dat uit dat onderzoek volgt, neemt de Vlaamse Regering uiterlijk op 31 augustus voorafgaand aan de oprichting een van de volgende beslissingen : 1° hetzij voorlopige erkenning voor één schooljaar;2° hetzij geen voorlopige erkenning. Artikel 13, eerste lid, is ook op voorlopig erkende structuuronderdelen van toepassing.

In de loop van het schooljaar van voorlopige erkenning gaat de onderwijsinspectie na of het structuuronderdeel voldoet aan de voorwaarden, vermeld in artikel 15, § 1, 1° tot en met 12°, 17°, uitsluitend voor het deeltijds beroepssecundair onderwijs, 20° en 21°.

Op basis van het advies van de onderwijsinspectie dat uit dat onderzoek volgt, neemt de Vlaamse Regering uiterlijk op 31 maart van het schooljaar van voorlopige erkenning een van de volgende beslissingen : 1° hetzij erkenning vanaf het daaropvolgend schooljaar; 2° hetzij niet-erkenning vanaf het daaropvolgend schooljaar."; 2° aan paragraaf 3 wordt de volgende zin toegevoegd : "De dienstbrief bevat de vestigingsplaatsen waar de erkende structuuronderdelen kunnen worden georganiseerd."; 3° paragraaf 4 wordt vervangen door wat volgt : " § 4.De ingebruikname van een nieuwe vestigingsplaats door een school wordt gemeld aan het Agentschap voor Onderwijsdiensten uiterlijk op het tijdstip van de ingebruikname. In de melding wordt verklaard dat : 1° de vestigingsplaats beantwoordt aan de voorwaarden voor de hygiëne, de veiligheid en de bewoonbaarheid;2° de school op de hoogte is van aanbevelingen of tekorten die de onderwijsinspectie in het meest recente doorlichtingsverslag heeft geformuleerd over de bewoonbaarheid, de veiligheid en de hygiëne van de betreffende gebouwen, als ze een vestigingsplaats in gebruik neemt waar een andere onderwijsinstelling gevestigd is of voordien gevestigd was.De school vermeldt in dat geval ook het advies van de onderwijsinspectie over de bewoonbaarheid, de veiligheid en de hygiëne van de nieuwe vestigingsplaats.

De Vlaamse Regering legt het model van het formulier voor de melding, vermeld in het eerste lid, vast.

Deze paragraaf geldt niet voor een school die wordt opgericht.".

Art. 61.In artikel 15 van dezelfde codex, gewijzigd bij de decreten van 21 december 2012, 12 juli 2013, 21 maart 2014 en 19 juni 2015, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° paragraaf 2 wordt vervangen door wat volgt : " § 2.Alleen voor een structuuronderdeel gewoon of buitengewoon secundair onderwijs dat wordt opgericht in het kader van de oprichting van een school die niet het gevolg is van een herstructurering van bestaande scholen, dient het schoolbestuur, uiterlijk op 1 april voorafgaand aan de oprichting, een aanvraag tot financiering of subsidiëring in bij het Agentschap voor Onderwijsdiensten. Die termijn geldt als vervaltermijn. De Vlaamse Regering legt het model van het formulier voor de voormelde aanvraag vast.

De onderwijsinspectie gaat na of het structuuronderdeel voldoet aan de voorwaarden, vermeld in paragraaf 1, 1°, 2°, 3°, 6°, 9° en 11°. Op basis van het advies van de onderwijsinspectie dat uit dat onderzoek volgt, neemt de Vlaamse Regering uiterlijk op 31 augustus voorafgaand aan de oprichting een van de volgende beslissingen : 1° hetzij financiering of subsidiëring met inbegrip van voorlopige erkenning voor één schooljaar;2° hetzij niet-financiering of niet-subsidiëring met inbegrip van geen voorlopige erkenning. Artikel 13, eerste lid, is ook op voorlopig erkende structuuronderdelen van toepassing.

In de loop van het schooljaar van voorlopige erkenning gaat de onderwijsinspectie na of het structuuronderdeel voldoet aan alle voorwaarden, vermeld in paragraaf 1. Op basis van het advies van de onderwijsinspectie dat uit dat onderzoek volgt, neemt de Vlaamse Regering uiterlijk op 31 maart van het schooljaar van voorlopige erkenning een van de volgende beslissingen : 1° hetzij financiering of subsidiëring met inbegrip van erkenning vanaf het daaropvolgend schooljaar;2° hetzij niet-financiering of niet-subsidiëring met inbegrip van niet-erkenning vanaf het daaropvolgend schooljaar. Een gunstige beslissing van de Vlaamse Regering tot financiering of subsidiëring heeft maar uitwerking als voldaan is aan de vigerende programmatieregels voor scholen en structuuronderdelen. Als aan die programmatieregels niet is voldaan, slaat een gunstige beslissing uitsluitend op erkenning.

In een gefinancierd of gesubsidieerd structuuronderdeel, met inbegrip van voorlopige erkenning, is affectatie, mutatie of vaste benoeming van personeelsleden niet mogelijk."; 2° aan paragraaf 3 wordt de volgende zin toegevoegd : "De dienstbrief bevat de vestigingsplaatsen waar de gefinancierde of gesubsidieerde structuuronderdelen kunnen worden georganiseerd."; 3° paragraaf 4 wordt vervangen door wat volgt : " § 4.De ingebruikname van een nieuwe vestigingsplaats door een school wordt gemeld aan het Agentschap voor Onderwijsdiensten uiterlijk op het tijdstip van de ingebruikname. In de melding wordt verklaard dat : 1° de vestigingsplaats beantwoordt aan de voorwaarden voor de hygiëne, de veiligheid en de bewoonbaarheid;2° de school op de hoogte is van aanbevelingen of tekorten die de onderwijsinspectie in het meest recente doorlichtingsverslag heeft geformuleerd over de bewoonbaarheid, de veiligheid en de hygiëne van de betreffende gebouwen, als ze een vestigingsplaats in gebruik neemt waar een andere onderwijsinstelling gevestigd is of voordien was.De school vermeldt in dat geval ook het advies van de onderwijsinspectie over de bewoonbaarheid, de veiligheid en de hygiëne van de nieuwe vestigingsplaats.

De Vlaamse Regering legt het model van het formulier voor de melding, vermeld in het eerste lid, vast.

Deze paragraaf geldt niet voor een school die, al dan niet als gevolg van een herstructurering van bestaande scholen, wordt opgericht.".

Art. 62.In artikel 111 van dezelfde codex, gewijzigd bij de decreten van 1 juli 2011, 19 juli 2013 en 4 april 2014, wordt paragraaf 2 opnieuw opgenomen in de volgende lezing : " § 2. In aansluiting op de informatie die het school- of centrumbestuur via het school- of centrumreglement verstrekt en met het oog op de mogelijke studievoortgang brengt het bestuur de betrokken personen in voorkomend geval ervan op de hoogte dat de school of het centrum : 1° bij de bevoegde overheid een aanvraag tot hetzij erkenning hetzij financiering of subsidiëring met inbegrip van erkenning werd ingediend, of 2° van de bevoegde overheid een voorlopige erkenning voor één schooljaar werd bekomen of een financiering of subsidiëring met inbegrip van voorlopige erkenning voor één schooljaar werd bekomen. Het bestuur informeert de betrokken personen onmiddellijk tijdens het schooljaar van voorlopige erkenning over de beslissing van de bevoegde overheid over de erkenning, de financiering of de subsidiëring vanaf het daaropvolgende schooljaar.". HOOFDSTUK 7. - Slotbepalingen

Art. 63.Het besluit van de Vlaamse Regering van 8 juli 1997Relevante gevonden documenten type besluit van de vlaamse regering prom. 08/07/1997 pub. 30/08/1997 numac 1997035986 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Besluit van de Vlaamse regering betreffende de erkenning, de financiering en subsidiëring van scholen in het gewoon en buitengewoon basisonderwijs sluiten betreffende de erkenning, de financiering en subsidiëring van scholen in het gewoon en buitengewoon basisonderwijs, laatst gewijzigd bij het besluit van 16 april 2004, wordt opgeheven.

Art. 64.Dit decreet treedt in werking op 1 september 2018.

Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.

Brussel, 23 maart 2018.

De minister-president van de Vlaamse Regering, G. BOURGEOIS De Vlaamse minister van Onderwijs, H. CREVITS _______ Nota (1) Zitting 2017-2018. Stukken. - Ontwerp van decreet, 1456 - Nr. 1. - Verslag, 1456 - Nr. 2. - Tekst aangenomen door de plenaire vergadering, 1456 - Nr. 3.

Handelingen. - Bespreking en aanneming. Vergadering van 14 maart 2018.


begin


Publicatie : 2018-04-

Etaamb biedt de inhoud van de Belgisch Staatsblad aan gesorteerd op afkondigings- en publicatiedatum, behandeld om gemakkelijk leesbaar en afprintbaar te zijn, en verrijkt met een relationele context.
^