Decreet van 27 maart 2014
gepubliceerd op 17 april 2014
OpenJustice.be: Open Data & Open Source

Decreet tot wijziging van het decreet van 12 april 2001 betreffende de organisatie van de gewestelijke elektriciteitsmarkt wat betreft de bevordering van hernieuwbare energiebronnen en kwaliteitswarmtekrachtkoppeling en tot wijziging van het decreet van 2

bron
waalse overheidsdienst
numac
2014202432
pub.
17/04/2014
prom.
27/03/2014
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.pl?language=nl&(...)
Document Qrcode

27 MAART 2014. - Decreet tot wijziging van het decreet van 12 april 2001 betreffende de organisatie van de gewestelijke elektriciteitsmarkt wat betreft de bevordering van hernieuwbare energiebronnen en kwaliteitswarmtekrachtkoppeling en tot wijziging van het decreet van 23 januari 2014 tot wijziging van het decreet van 12 april 2001 betreffende de organisatie van de gewestelijke elektriciteitsmarkt (1)


Het Waals Parlement heeft aangenomen en Wij, Regering, bekrachtigen hetgeen volgt:

Artikel 1.In artikel 2 van het decreet van 12 april 2001 betreffende de organisatie van de gewestelijke elektriciteitsmarkt, voor het laatst gewijzigd bij het decreet van 11 december 2013, wordt tussen de punten 2° en 3° een punt 2°bis ingevoegd, luidend als volgt : « 2°bis « conventionele zelfproducent » : zelfproducent van elektriciteit die niet geproduceerd wordt d.m.v. hernieuwbare energiebronnen of kwaliteitswarmtekrachtkoppeling, met uitzondering van de zelfproducenten van elektriciteit uit de nuttige toepassing van residuele warmte of fataal gas; ».

Art. 2.Artikel 38 van hetzelfde decreet, zoals vervangen bij het decreet van 4 oktober 2007, wordt aangevuld met een paragraaf 6bis, luidend als volgt : « § 6bis. Voor de andere installaties dan fotovoltaïsche installaties met een nettovermogen van 10 kW of minder die dateren van na de datum van inwerkingtreding van het decreet van 27 maart 2014 tot wijziging van het decreet van 12 april 2001 betreffende de organisatie van de gewestelijke elektriciteitsmarkt wat betreft de bevordering van hernieuwbare energiebronnen en kwaliteitswarmtekrachtkoppeling kan de Regering, na advies van de « CWaPE », voor de installaties die zij bepaalt het aantal groene certificaten toegekend op basis van de paragrafen 1 en 2 aanpassen naar gelang van de leeftijd van de installatie voor de productie van elektriciteit, de rendabiliteit ervan en de productiefilière.

Het toekenningspercentage dat uit die aanpassing resulteert mag niet hoger zijn dan 2,5 groene certificaten per MWu.

De Regering bepaalt een maximumaantal bijkomende groene certificaten per jaar voor de nieuwe installaties bedoeld in het eerste lid. ».

Art. 3.In artikel 39 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in paragraaf 1, eerste lid, wordt het woord « en » tussen de woorden « de leveranciers » en « houders van een beperkte leveringsvergunning » vervangen door een komma en wordt de zin aangevuld met de woorden « en de conventionele zelfproducenten om constant een gezamenlijke periode van acht jaar te dekken.»; 2° in paragraaf 1 wordt het tweede lid aangevuld met de woorden « en mag niet hoger zijn dan een volume gelijk aan 22,5 percent van het jaarlijkse quotum van het lopende jaar.»; 3° in paragraaf 1 wordt tussen het tweede en het derde lid volgend lid ingevoegd : « De minimale hoeveelheid bedoeld in het eerste lid kan door de Regering aangepast worden om sociale redenen.Deze aanpassing komt rechtstreeks ten goede aan de residentiële eindafnemers en mag niet hoger zijn dan een volume gelijk aan 0,5 percent van het jaarlijkse quotum van het lopende jaar. »; 4° paragraaf 1 wordt aangevuld met twee leden, luidend als volgt : « De minimale hoeveelheid groene certificaten overgedragen aan de « CWaPE » overeenkomstig de leden 1 tot 4 wordt bepaald met de doelstelling te streven naar 20 percent hernieuwbare energie in het eindenergieverbruik, waaronder een bijdrage van 8 000 GWu hernieuwbare elektriciteit geproduceerd in Wallonië, rekening houdend met de evolutie van de ontwikkeling van de kanalen voor de productie van hernieuwbare energie, alsook met de Europese en Belgische context inzake doelstellingen m.b.t. hernieuwbare energieën en kwaliteitswarmtekrachtkoppeling, met de evolutie van de sociaal-economische context en de energieprijzen voor alle categorieën verbruikers, o.a. de residentiële afnemers. De inachtneming van die doelstelling wordt door de Regering gecontroleerd op grond van een evaluatie die de « CWaPE » verricht volgens de modaliteiten die de Regering bepaalt. Desgevallend neemt de Regering, na advies van de « CWaPE », de nodige rechtzettende maatregelen ten aanzien van zowel de beschermde afnemers als de ondernemingen.

Voor de periode na 2020 wordt de minimale hoeveelheid groene certificaten die overeenkomstig de leden 1 tot 4 aan de « CWaPE » overgedragen moeten worden berekend om een globale doelstelling te halen inzake de productie van hernieuwbare energie, die door de Regering wordt bepaald na adviesverlening door de « CWaPE » uiterlijk 31 mei 2014. »; 5° in paragraaf 2, eerste lid, van hetzelfde artikel wordt het woord « en » tussen de woorden « de leveranciers » en « houders van een beperkte leveringsvergunning » vervangen door een komma en worden de woorden « en de conventionele zelfproducenten » ingevoegd tussen de woorden « leveringsvergunning » en « om hun eigen levering ».

Art. 4.In hetzelfde decreet wordt tussen de artikelen 39 en 40 een artikel 39bis ingevoegd, luidend als volgt : «

Art. 39bis.De Regering verleent aan de gemeenten, met inbegrip van de gewone regieën, de beheerders van gemeentelijke gebouwen, met inbegrip van de sportinfrastructuren en inschakelingswoningen alsook de openbare verlichting, de openbare centra voor maatschappelijk welzijn voor hun gebouwen, met inbegrip van de rusthuizen, crèches en woningen voor plaatselijke opvang- en inschakelingsinitiatieven waarvan ze de energiekosten dragen, en aan de provincies, met inbegrip van de gewone regieën, voor hun eigen gebouwen, een compensatie m.b.t. de weerslag van de vermeerdering van de quota's groene certificaten t.o.v. een referentiequotum van 12 percent dat toegepast wordt op de verbruiken in het jaar 2012, vanaf het jaar 2015, op basis van de bedragen zoals vastgelegd bij het afsluiten van de rekeningen van het betrokken jaar. Daartoe bepaalt ze het maximumbedrag alsook de berekenings- en toekenningsmodaliteiten. ».

Art. 5.In artikel 40 van hetzelfde decreet wordt tussen het eerste en het tweede lid volgend lid ingevoegd : « Vanaf de datum van inwerkingtreding van het decreet van 27 maart 2014 tot wijziging van het decreet van 12 april 2001 betreffende de organisatie van de gewestelijke elektriciteitsmarkt wat betreft de bevordering van hernieuwbare energiebronnen en kwaliteitswarmtekrachtkoppeling genieten de nieuwe installaties bedoeld in artikel 38, § 6bis, automatisch de aankoopgarantie bedoeld in het eerste lid, volgens de modaliteiten die de Regering bepaalt.

Art. 6.In artikel 2 van het decreet van 23 januari 2014 tot wijziging van het decreet van 12 april 2001 betreffende de organisatie van de gewestelijke elektriciteitsmarkt wordt de letter « e) » vervangen door de letter « g) ».

Art. 7.Dit decreet treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt wordt.

In afwijking van het eerste lid treedt artikel 38, § 6bis, tweede lid, ingevoegd bij artikel 2 van dit decreet, in werking op 1 januari 2015.

Voor de periode tussen 1 juli 2014 en 31 december 2014 mag het toekenningspercentage dat resulteert uit de aanpassing bedoeld in artikel 38, § 6bis, eerste lid, van het decreet van 12 april 2001 betreffende de organisatie van de gewestelijke elektriciteitsmarkt, zoals ingevoegd bij artikel 2, niet meer bedragen dan 3 groene certificaten per MWu, met inachtneming van artikel 38, § 6bis, derde lid.

Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.

Namen, 27 maart 2014.

De Minister-President, R. DEMOTTE De Minister van Duurzame Ontwikkeling en Ambtenarenzaken, J.-M. NOLLET De Minister van Begroting, Financiën, Tewerkstelling, Vorming en Sport, A. ANTOINE De Minister van Economie, K.M.O.'s, Buitenlandse Handel en Nieuwe Technologieën, J.-Cl. MARCOURT De Minister van de Plaatselijke Besturen en de Stad, P. FURLAN De Minister van Gezondheid, Sociale Actie en Gelijke Kansen, Mevr. E. TILLIEUX De Minister van Leefmilieu, Ruimtelijke Ordening en Mobiliteit, Ph. HENRY De Minister van Openbare Werken, Landbouw, Landelijke Aangelegenheden, Natuur, Bossen en Erfgoed, C. DI ANTONIO ___________________ (1) Zitting 2013-2014. Stukken van het Waals Parlement; 987 (2013-2014). Nrs. 1 tot 4.

Volledig verslag, openbare vergadering van 26 maart 2014 Bespreking.

Stemming.

Etaamb biedt de inhoud van de Belgisch Staatsblad aan gesorteerd op afkondigings- en publicatiedatum, behandeld om gemakkelijk leesbaar en afprintbaar te zijn, en verrijkt met een relationele context.
^