Document van 14 januari 2011
gepubliceerd op 21 februari 2011
OpenJustice.be: Open Data & Open Source

Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de erkenning van laboratoria in het kader van het Mestdecreet

bron
vlaamse overheid
numac
2011035126
pub.
21/02/2011
prom.
14/01/2011
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.pl?language=nl&(...)
Document Qrcode

14 JANUARI 2011. - Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de erkenning van laboratoria in het kader van het Mestdecreet


De Vlaamse Regering, Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, artikel 20;

Gelet op het decreet van 22 december 2006 houdende de bescherming van water tegen de verontreiniging door nitraten uit agrarische bronnen, artikel 13, § 6, artikel 60bis, § 1, en artikel 62, § 6 en § 7;

Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 26 mei 2000 ter uitvoering van sommige artikelen van het decreet van 23 januari 1991 inzake de bescherming van het leefmilieu tegen de verontreiniging door meststoffen;

Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor begroting, gegeven op 18 november 2010;

Gelet op advies 48.945/3 van de Raad van State, gegeven op 14 december 2010, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;

Op voorstel van de Vlaamse minister van Leefmilieu, Natuur en Cultuur;

Na beraadslaging, Besluit : HOOFDSTUK 1. - Definities en toepassingsgebied

Artikel 1.Dit besluit voorziet in de gedeeltelijke omzetting van Richtlijn 2006/123/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006 betreffende diensten op de interne markt.

Art. 2.In dit besluit wordt verstaan onder : 1° BAM : het Methodenboek met bemonsterings- en analysemethodes voor meststoffen, bodem en diervoeders in het kader van het Mestdecreet, vermeld in artikel 62, § 7, van het Mestdecreet van 22 december 2006, afgekort het Compendium Bemonsterings- en Analysemethodes in het kader van het Mestdecreet, dat als bijlage 2 bij dit besluit is gevoegd;2° het één-loket : het ondernemersloket, vermeld in het besluit van de Vlaamse Regering van 11 december 2009 tot gedeeltelijke omzetting van artikel 6 en 8 van Richtlijn 2006/123/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006 betreffende diensten op de interne markt;3° gebruik van de erkenning : het nemen van monsters en het uitvoeren van analyses waarvoor de erkenning geldt;4° gps-datalogger : systeem dat plaats en tijdstip van een monsterneming ondubbelzinnig registreert op basis van global positioning;5° de minister : de Vlaamse minister, bevoegd voor het leefmilieu en het waterbeleid;6° Mestbank : de afdeling Mestbank van de Vlaamse Landmaatschappij;7° Mestdecreet : het Mestdecreet van 22 december 2006;8° referentielaboratorium : geaccrediteerde organisatie of internationaal of nationaal erkende organisatie die voldoet aan de eisen van ISO/IEC-leidraad 17043, en die programma's van geschiktheidsbeproeving organiseert voor laboratoria als vermeld in artikel 6 voor een gedeelte van een parameterpakket of voor een volledig parameterpakket, als vermeld in bijlage 1, die bij dit besluit is gevoegd;9° VITO : de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek.

Art. 3.De bepalingen van dit besluit zijn van toepassing op de erkenningen die in het Mestdecreet en de uitvoeringsbesluiten ervan worden ingesteld voor het nemen van monsters en het uitvoeren van analyses.

Art. 4.De minister kan bijlage 2 bij dit besluit wijzigen. HOOFDSTUK 2. - De Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek

Art. 5.De Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek wordt aangewezen als referentielaboratorium voor het Mestdecreet. HOOFDSTUK 3. - Parameterpakketten

Art. 6.De erkenningen van laboratoria in het kader van het Mestdecreet worden ingedeeld volgens de hierna vermelde parameterpakketten : 1° een erkenning voor het pakket bodem-stikstof, voor het nemen van monsters en het uitvoeren van analyses op bodem, als vermeld in bijlage 1, 1°;2° een erkenning voor het pakket bodem-fosfor, voor het nemen van monsters en het uitvoeren van analyses op bodem, als vermeld in bijlage 1, 2°;3° een erkenning voor het pakket bodem-overige parameters, voor het nemen van monsters en het uitvoeren van analyses op bodem, als vermeld in bijlage 1, 3°;4° een erkenning voor het pakket meststoffen-anorganische parameters, voor het nemen van monsters en het uitvoeren van anorganische analyses op meststoffen, als vermeld in bijlage 1, 4°;5° een erkenning voor het pakket diervoeders, voor het nemen van monsters en het uitvoeren van analyses op diervoeders, als vermeld in bijlage 1, 5°.6° een erkenning voor het pakket meststoffen-microbiologische parameters, voor het nemen van monsters en het uitvoeren van microbiologische analyses op meststoffen, als vermeld in bijlage 1, 6°;7° een erkenning voor het pakket traag vrijkomende stikstof, voor het nemen van monsters en het uitvoeren van analyses voor het bepalen van de stikstofmineralisatie uit organische meststoffen, als vermeld in bijlage 1, 7°. HOOFDSTUK 4. - Erkenningsvoorwaarden

Art. 7.Met behoud van de toepassing van de bepalingen over de erkenning van rechtswege, vermeld in artikel 15, wordt de erkenning verleend als de aanvrager het bewijs levert dat hij voldoet aan de erkenningsvoorwaarden, vermeld in artikel 8.

Bij het onderzoek van en de beslissing over de erkenningsaanvraag wordt rekening gehouden met de gelijkwaardige erkenningsvoorwaarden waaraan de aanvrager al in een ander gewest in België of in een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte heeft voldaan.

Art. 8.De hierna vermelde erkenningsvoorwaarden gelden voor alle erkenningen, vermeld in artikel 6 : 1° de aanvrager van de erkenning en, in voorkomend geval, de natuurlijke personen waarvan de identiteit moet worden vermeld in de aanvraag, hebben in de periode van drie jaar die de erkenningsaanvraag voorafgaat, in een lidstaat van de Europese Economische Ruimte geen strafrechtelijke veroordeling opgelopen voor overtredingen van de milieuwetgeving die verband houden met het gebruik van de erkenning;2° het laboratorium dat de erkenning vraagt, is een rechtspersoon;3° voor de aangevraagde parameterpakketten beschikt het laboratorium voor elk van de parameters in het pakket, vermeld in bijlage 1, over een gunstige beoordeling van de VITO, gegeven op basis van de evaluatie van de monsternemingen en analyses op typemonsters van referentiestalen of reële stalen die door een referentielaboratorium ter beschikking gesteld zijn en die door de aanvrager uitgevoerd zijn. De monsternemingen en analyses zijn uitgevoerd volgens de methoden, vermeld in het BAM. De gunstige beoordeling mag niet ouder zijn dan één jaar voorafgaand aan de datum van de indiening van de erkenningsaanvraag. De beoordeling wordt uitgevoerd : a) in geval van een ringtest door de VITO aan de hand van de scoringssystemen, vermeld in ISO/IEC 17043 of in de norm ISO 13528.De minister kan de voorwaarden bepalen waaraan de ringtest moet voldoen; b) in geval van monsterneming door de VITO op basis van een praktische proef waarbij aan het laboratorium gevraagd wordt om specifieke aspecten van de monsterneming te demonstreren en waarbij de VITO nagaat of de methodes, vermeld in het BAM, toegepast worden;4° het laboratorium beschikt over een ISO/IEC 17025-accreditatie voor ten minste één onderdeel van een parameterpakket waarvoor de erkenning wordt aangevraagd;5° voor het overige deel van een aangevraagd parameterpakket, vermeld in punt 4°, en, in voorkomend geval, voor de andere aangevraagde parameterpakketten beschikt het laboratorium over : a) hetzij een ISO/IEC 17025-accreditatie;b) hetzij een gunstige beoordeling van de VITO over de toepassing van ISO/IEC 17025. De ISO/IEC 17025-accreditatie, vermeld in het eerste lid, 4° en 5°, verwijst naar de methode die van toepassing is, overeenkomstig het BAM. HOOFDSTUK 5. - Aanvraag, behandeling, beslissing en bekendmaking Afdeling 1. - Algemene bepalingen aanvraag, behandeling, beslissing en

bekendmaking

Art. 9.Dit hoofdstuk is niet van toepassing op erkenningen van rechtswege, vermeld in artikel 15. Afdeling 2. - De aanvraag

Art. 10.§ 1. De aanvraag tot erkenning wordt aangetekend, tegen afgifte van ontvangstbewijs of elektronisch via het één-loket ingediend bij de Mestbank. § 2. De aanvraag bevat minstens : 1° het aanvraagformulier, waarvan het model wordt vastgesteld door de Mestbank, dat minstens de volgende gegevens bevat : a) de identificatiegegevens van de aanvrager : 1) de naam;2) het statuut van de rechtspersoon die de aanvraag indient, of in naam waarvan ze wordt ingediend;3) het adres van de maatschappelijke zetel;4) het ondernemingsnummer;5) de identificatiegegevens van de personeelsleden en de erkenningen of beroepskwalificaties die ze bezitten;b) een omschrijving van het voorwerp van de erkenning die wordt aangevraagd, gespecificeerd op basis van de parameterpakketten, vermeld in bijlage 1, die bij dit besluit is gevoegd;c) de gegevens en verklaringen die bewijzen dat voldaan is aan de erkenningsvoorwaarden, vermeld in hoofdstuk 4;2° een ondertekende verklaring van de aanvrager dat alle gegevens naar waarheid zijn ingevuld;3° een kopie van de bewijsstukken, waarvan sprake in de erkenningsvoorwaarden, vermeld in artikel 8. Afdeling 3. - Behandeling van de aanvraag

Art. 11.§ 1. De Mestbank of het één-loket, als de aanvraag elektronisch wordt ingediend, stuurt een ontvangstbevestiging naar de aanvrager binnen een termijn van dertig dagen, te rekenen vanaf de dag na de datum van de indiening van de aanvraag. De ontvangstbevestiging bevat : 1° de datum waarop de aanvraag is ontvangen;2° in voorkomend geval, de gegevens en documenten die de aanvrager aan het dossier moet toevoegen opdat de aanvraag volledig zou zijn;3° de termijn waarin de beslissing door de minister genomen moet worden;4° in voorkomend geval, de vermelding dat de termijn, vermeld in punt 3°, pas begint te lopen op het moment dat alle ontbrekende documenten zijn ingediend;5° de vermelding van de beschikbare rechtsmiddelen, de bevoegde instanties die er kennis van nemen, alsook de te respecteren formaliteiten en termijnen. § 2. De Mestbank onderzoekt de aanvraag tot erkenning. § 3. De Mestbank kan adviezen of inlichtingen van andere overheden en organisaties inwinnen als ze dat nodig acht. § 4. Als de aanvrager vraagt om gehoord te worden of als de Mestbank dat nuttig acht, organiseert de Mestbank een hoorzitting waarop de aanvrager wordt uitgenodigd. § 5. Het gemotiveerde eindadvies en een voorstel van beslissing worden door de Mestbank, binnen een termijn van zestig dagen, te rekenen vanaf de dag na de datum van de indiening van het volledige dossier door de aanvrager, aan de minister voorgelegd. Afdeling 4. - De beslissing

Art. 12.§ 1. De minister neemt op voorstel van de Mestbank een beslissing tot het volledig of gedeeltelijk weigeren of verlenen van de erkenning binnen een termijn van negentig dagen, te rekenen vanaf de dag na de datum van de indiening van het volledige dossier door de aanvrager. § 2. De minister kan, als dat nodig is, de termijn, vermeld in paragraaf 1, met maximaal dertig dagen verlengen. De minister brengt de aanvrager op de hoogte van de beslissing tot termijnverlenging vóór de normale beslissingstermijn is verstreken. § 3. De beslissingstermijnen, vermeld in paragrafen 1 en 2, worden voor de toepassing van dit besluit geacht termijnen van orde te zijn. § 4. De erkenning wordt verleend voor onbepaalde termijn. Afdeling 5. - Bekendmaking van de beslissing

Art. 13.De beslissing tot het volledig of gedeeltelijk weigeren of verlenen van de erkenning, vermeld in artikel 12, wordt, binnen een termijn van veertien dagen, te rekenen vanaf de dag na de datum van de ondertekening van de beslissing door de minister, aan de aanvrager betekend door de Mestbank met een aangetekende brief, of, als de aanvraag elektronisch werd ingediend, met een elektronisch bericht van het één-loket. HOOFDSTUK 6. - Gelijkwaardigheid van titels ten aanzien van erkenningen

Art. 14.§ 1. De aanvraag van gelijkwaardigheid van een niet door de Vlaamse overheid of een door haar erkende organisatie verleende titel met een erkenning als vermeld in artikel 6, wordt ingediend bij de Mestbank. De aanvraag bevat alle bewijsstukken die aantonen dat de titel gelijkwaardig is aan de erkenning, vermeld in artikel 6. § 2. De Mestbank kan in het kader van het onderzoek dat ze voert naar aanleiding van de aanvraag, aanvullende adviezen of inlichtingen van andere overheden en organisaties inwinnen. § 3. De minister beslist op voorstel van de Mestbank over de volledige of gedeeltelijke gelijkwaardigheid van de titel. § 4. De beslissing over de gelijkwaardigheid wordt binnen een termijn van zestig dagen, te rekenen vanaf de datum van de ontvangst van de aanvraag, door de Mestbank meegedeeld aan de aanvrager. § 5. De gelijkwaardigheid van een bepaalde titel ten aanzien van een erkenning geldt voor alle andere identieke titels. § 6. De titel die gelijkwaardig wordt bevonden aan een erkenning als vermeld in artikel 6, wordt opgenomen in de lijst van gelijkwaardige titels die wordt gepubliceerd op de website van de Mestbank. HOOFDSTUK 7. - Erkenningen van rechtswege

Art. 15.§ 1. Personen die houder zijn van een titel die met toepassing van artikel 14 gelijkwaardig is bevonden aan een erkenning als vermeld in artikel 6, zijn voor die laatste erkenning van rechtswege erkend.

De erkenning gaat in op de datum waarop het gebruik van de erkenning wordt gemeld. § 2. De erkenning van rechtswege, vermeld in paragraaf 1, is niet van toepassing als niet voldaan is aan de erkenningsvoorwaarde, vermeld in artikel 8, 1°. HOOFDSTUK 8. - Gebruikseisen voor erkenningen

Art. 16.Het gebruik van de erkenning, met inbegrip van de erkenning van rechtswege, is onderworpen aan de naleving van de gebruikseisen, vermeld in dit hoofdstuk.

Art. 17.§ 1. Het nemen van monsters en het uitvoeren van analyses waarvoor een laboratorium erkend is, verloopt op een kwalitatief goede wijze.

Het erkend laboratorium neemt daarbij een objectieve en onafhankelijke houding aan. Het is het erkend laboratorium onder meer verboden om zijn erkenning te gebruiken als : 1° de natuurlijke personen die het erkend laboratorium vertegenwoordigen, bestuursmandaten opnemen of bestuursfuncties uitoefenen bij de opdrachtgever;2° de natuurlijke personen die het erkend laboratorium vertegenwoordigen, bloed- of aanverwant in de rechte lijn tot en met de derde graad en in de zijlijn tot en met de vierde graad zijn met de opdrachtgever;3° er financiële banden zijn tussen het erkend laboratorium en de opdrachtgever;4° uit de vorm van de rechtspersoon blijkt dat het erkend laboratorium niet onafhankelijk is van de opdrachtgever. § 2. Het erkend laboratorium beschikt over een verzekering tot dekking van de burgerrechtelijke aansprakelijkheid, inclusief de beroepsaansprakelijkheid, ten gevolge van het gebruik van de erkenning. § 3. De verslagen en andere documenten die door een erkend laboratorium worden afgeleverd, zijn voldoende duidelijk en uitgebreid, zodat het uit de lezing ervan mogelijk is om na te gaan of aan de reglementaire voorschriften is voldaan. Die verslagen en andere documenten worden ondertekend door het erkend laboratorium. § 4. Het erkend laboratorium deelt elke wijziging in de identificatiegegevens, elke wijziging van de gegevens die tot de erkenning hebben geleid, waardoor de aanvrager niet meer voldoet aan de erkenningsvoorwaarden, of de definitieve stopzetting van het gebruik van de erkenning onverwijld mee aan de Mestbank.

Het erkend laboratorium stelt aan de Mestbank alle inlichtingen en documenten ter beschikking waar ze om vraagt en richt zich naar de instructies die door de Mestbank en de toezichthoudende ambtenaren worden gegeven. § 5. Het is het erkend laboratorium en zijn personeelsleden, zelfs na de beëindiging van de erkenning, verboden vertrouwelijke gegevens kenbaar te maken, waarvan ze ten gevolge van hun opdrachten kennis hebben gekregen. § 6. Het erkend laboratorium verleent zijn medewerking aan periodieke evaluaties die door de Mestbank worden opgezet.

Art. 18.Het erkend laboratorium neemt jaarlijks deel aan de door de Mestbank georganiseerde controle op de kwaliteit van de monsterneming en analyse voor de parameterpakketten waarvoor het laboratorium erkend is. Die controle kan erin bestaan deel te nemen aan het maken van vergelijkingen tussen de laboratoria, proefmonsters te analyseren en gebruik te maken van standaarden of referentiemateriaal.

De Mestbank kan zich voor die controle laten bijstaan door de VITO die het beoordelingsverslag opstelt. De kosten voor de controle worden voor de helft gedragen door het Vlaamse Gewest. De andere helft komt voor rekening van de deelnemende laboratoria. De VITO zorgt voor de facturatie en de inning van de kosten die niet door het Vlaamse Gewest worden gedragen.

Het erkend laboratorium kan worden vrijgesteld van de controle op de kwaliteit van de monsternemingen en analyses, vermeld in het eerste lid, voor een gedeelte van een pakket of een volledig pakket waarvoor het laboratorium erkend is en waarvoor een controle door de Mestbank georganiseerd wordt, als het laboratorium in hetzelfde jaar met overeenkomstige toepassing van artikel 19 heeft deelgenomen aan een controle van een ander referentielaboratorium dan de VITO. Het erkende laboratorium bezorgt jaarlijks aan de afdeling een document dat bewijst dat het aan de controle heeft deelgenomen, met vermelding van het resultaat van de controle.

De beoordeling van de resultaten van de controle wordt uitgevoerd : 1° in geval van een ringtest door de VITO aan de hand van de scoringssystemen, vermeld in ISO/IEC 17043 of in de norm ISO 13528.De minister kan de voorwaarden bepalen waaraan de ringtest moet voldoen; 2° in geval van monsterneming door de VITO op basis van een praktische proef waarbij aan het laboratorium gevraagd wordt om specifieke aspecten van de monsterneming te demonstreren en waarbij de VITO nagaat of de methodes, vermeld in het BAM, toegepast worden. De vastgestelde tekortkomingen worden door het laboratorium weggewerkt. De corrigerende maatregelen moeten door de VITO zijn goedgekeurd.

Art. 19.Het erkend laboratorium past voor alle monsternemingen en analyses ter uitvoering van het Mestdecreet het BAM toe.

Art. 20.§ 1. Het erkend laboratorium verleent zijn medewerking aan de Mestbank en de bevoegde personeelsleden van de VITO voor audits die door de Mestbank in het laboratorium of op meetlocatie worden georganiseerd. De VITO stelt het verslag op van de uitgevoerde audits. § 2. Het erkende laboratorium stelt aan de bevoegde personeelsleden van de VITO alle inlichtingen en documenten ter beschikking die ze vragen over de erkenning.

Art. 21.Het erkend laboratorium verleent op elk moment toegang tot het laboratorium aan de Mestbank en de bevoegde personeelsleden van de VITO.

Art. 22.Het erkende laboratorium corrigeert tijdig de ontoelaatbare tekortkomingen, vastgesteld bij de controle op de toepassing van ISO/IEC 17025.

Art. 23.Op de verslagen en andere documenten die afgeleverd worden door een erkend laboratorium, wordt duidelijk vermeld voor welke monsternemingen en analyses het laboratorium erkend is en voor welke niet.

Art. 24.Alle gegevens van de monsternemingen en analyses die nuttig kunnen zijn, worden door het erkend laboratorium bijgehouden en blijven op dusdanige wijze bewaard dat een controle mogelijk is, zowel op het verloop van de verrichtingen als op de wijze waarop de resultaten verkregen zijn. Die gegevens blijven gedurende ten minste vijf jaar bewaard en worden ter beschikking gehouden van de Mestbank en de VITO. Het erkend laboratorium stelt over de uitgevoerde monsternemingen en analyses telkens een verslag op als vermeld in het BAM. Het verslag van de analyse vermeldt ook de gebruikte BAM-methode en, in voorkomend geval, de afwijkingen van de meet- en analysemethode en de reden daarvoor.

Art. 25.§ 1. Het erkend laboratorium blijft op de hoogte van de recentste ontwikkelingen en van de wetgeving over de parameterpakketten waarvoor het erkend is. § 2. Het erkende laboratorium beschikt over de nodige vakliteratuur en gegevens over de uit te voeren taken met betrekking tot de erkenning.

Art. 26.§ 1. Het erkend laboratorium voert de opdrachten met betrekking tot de erkenning zelf uit, tenzij bij tijdelijke en onvoorziene omstandigheden waarbij de opdracht uitbesteed wordt aan een laboratorium dat erkend is voor het pakket inzake de uitvoering van de opdracht, conform ISO/IEC 17025. Als het laboratorium monsternemingen en analyses laat uitvoeren door een ander daartoe erkend laboratorium, moet de uitbesteding in kwestie expliciet vermeld worden op de verslagen en andere documenten die afgeleverd worden door het erkende laboratorium. § 2. Als de monsterneming uitgevoerd wordt door derden in opdracht van het erkende laboratorium, blijft het erkende laboratorium verantwoordelijk voor de correcte uitvoering ervan.

Art. 27.§ 1. Voor bepaalde door de minister vastgestelde monsternemingen en analyses die uitgevoerd worden in het kader van het Mestdecreet, wordt een aanmelding gedaan door het erkend laboratorium aan de Mestbank via een door de Mestbank beschikbaar gesteld internetloket. De minister bepaalt de nadere regels voor de aanmelding en het internetloket. Alleen de analyseresultaten van de monsternemingen die voorafgaand werden aangemeld bij de Mestbank, kunnen gebruikt worden om bepaalde rechten te verkrijgen in het kader van het Mestdecreet of om te voldoen aan bepaalde verplichtingen in het kader van het Mestdecreet. § 2. Het erkend laboratorium moet van elke aangemelde monsterneming een analyseverslag bezorgen aan de Mestbank, dat de gebruikte methode en de resultaten van de analyse vermeldt. § 3. Het erkend laboratorium maakt gebruik van een gps-datalogger bij de uitvoering van de monsternemingen die betrekking hebben op monsterneming en analyse van bodem voor het bepalen van : 1° het nitraatresidu, vermeld in artikel 13, § 10, artikel 14,§ 3 en § 5, en artikel 15, § 1 en § 2, van het Mestdecreet;2° de fosfaatverzadigingsgraad en het fosfaatbindend vermogen, vermeld in artikel 17, § 2, § 5 en § 6, van het Mestdecreet;3° het gehalte aan stikstof uit kunstmest of uit andere specifieke meststoffen bij de bodemanalyses, vermeld in artikel 4, § 2, van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 oktober 2008 betreffende nadere regels rond tuinbouw ter uitvoering van het decreet van 22 december 2006 houdende de bescherming van water tegen de verontreiniging door nitraten uit agrarische bronnen;4° het gehalte aan fosfaat uit kunstmest bij de bodemanalyses, vermeld in artikel 6, § 1, van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 oktober 2008 betreffende nadere regels rond tuinbouw ter uitvoering van het decreet van 22 december 2006 houdende de bescherming van water tegen de verontreiniging door nitraten uit agrarische bronnen;5° het nitraatresidu en het koolstofgehalte met het oog op het opbrengen van compost op percelen met een te laag koolstofgehalte, vermeld in artikel 8, van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 oktober 2008 betreffende nadere regels rond tuinbouw ter uitvoering van het decreet van 22 december 2006 houdende de bescherming van water tegen de verontreiniging door nitraten uit agrarische bronnen. HOOFDSTUK 9. - Schorsing en intrekking van de erkenning

Art. 28.§ 1. De minister kan de erkenning geheel of gedeeltelijk schorsen of intrekken in een of meer van de volgende gevallen : 1° er is niet meer voldaan aan een of meer van de erkenningsvoorwaarden, vermeld in hoofdstuk 4;2° een of meer van de gebruikseisen van de erkenning, vermeld in hoofdstuk 8, zijn geschonden;3° bij een controle, uitgevoerd door de Mestbank of de VITO, worden foutieve resultaten vastgesteld bij de monsternemingen of analyses. § 2. De Mestbank brengt het erkend laboratorium met een aangetekende brief op de hoogte van het voornemen om de erkenning volledig of gedeeltelijk te schorsen of in te trekken met vermelding van de redenen en nodigt het erkend laboratorium tegelijkertijd uit zijn verweermiddelen in te dienen en aanwezig te zijn op een hoorzitting. § 3. De minister neemt op voorstel van de Mestbank een beslissing over de volledige of gedeeltelijke schorsing of intrekking van de erkenning, rekening houdend met de eventueel vervulde formaliteiten en meegedeelde verweermiddelen. § 4. Als de erkenning volledig of gedeeltelijk wordt geschorst of ingetrokken, betekent de Mestbank de beslissing met een aangetekende brief aan het erkend laboratorium in kwestie. § 5. Als de procedure tot volledige of gedeeltelijke schorsing of intrekking van de erkenning wordt stopgezet, wordt het erkend laboratorium daarvan op de hoogte gebracht. HOOFDSTUK 1 0. - Verval van rechtswege van de erkenning

Art. 29.§ 1. De erkenning vervalt van rechtswege op de dag dat het erkend laboratorium aan de Mestbank de stopzetting van het gebruik van de erkenning meedeelt. § 2. De Mestbank brengt het erkende laboratorium op de hoogte van het verval van rechtswege van zijn erkenning. HOOFDSTUK 1 1. - Openbaarheid van informatie

Art. 30.§ 1. De Mestbank publiceert op haar website de voorwaarden die moeten zijn vervuld bij het indienen van de erkenningsaanvraag, de procedure en de lijsten van de erkende laboratoria. § 2. De Mestbank verschaft op eenvoudig verzoek alle algemene informatie over de procedure tot erkenning en de toepassing van de erkenningsvoorwaarden. HOOFDSTUK 1 2. - Toezicht, bestuurlijke handhaving en veiligheidsmaatregelen

Art. 31.Voor dit besluit worden het toezicht en de bestuurlijke handhaving uitgeoefend en worden veiligheidsmaatregelen genomen volgens de regels, vermeld in titel XVI, de hoofdstukken III, IV en VII, van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid. HOOFDSTUK 1 3. - Slotbepalingen Afdeling 1. - Opheffingsbepalingen

Art. 32.In het besluit van de Vlaamse Regering van 26 mei 2000 ter uitvoering van sommige artikelen van het decreet van 23 januari 1991 inzake de bescherming van het leefmilieu tegen de verontreiniging door meststoffen, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010, worden hoofdstuk X, dat bestaat uit artikel 60 tot en met 75, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010, en de bijlage opgeheven. Afdeling 2. - Overgangsbepalingen

Art. 33.Aanvragen tot erkenning die ingediend zijn vóór de datum van de inwerkingtreding van dit besluit, worden behandeld volgens de procedure die geldig was op het ogenblik van de indiening van de aanvraag. De erkenningen worden verleend of geweigerd overeenkomstig de wettelijke en reglementaire bepalingen die van kracht waren voor de datum van de inwerkingtreding van dit besluit.

Art. 34.Met behoud van de toepassing van hoofdstuk 9 en 10, blijven erkenningen, verleend op basis van de wettelijke en reglementaire bepalingen die van kracht waren voor de datum van de inwerkingtreding van dit besluit, geldig tot de einddatum van de erkenningstermijn.

Art. 35.Als voor het gebruik van een bepaalde erkenning tot de datum van de inwerkingtreding van dit besluit geen verzekering of een verzekering met beperktere waarborg was vereist, wordt in afwijking van artikel 17, § 2, aan die gebruikseis uiterlijk voldaan binnen een termijn van een jaar na die datum.

Art. 36.Het erkend laboratorium voldoet uiterlijk twee jaar na de datum van de inwerkingtreding van dit besluit aan de erkenningsvoorwaarde, vermeld in artikel 8, 4°.

Art. 37.De bepalingen inzake het één-loket vermeld in artikel 10, 11 en 13 treden in werking tesamen met de inwerkingtreding van het samenwerkingsakkoord met de Federale Staat inzake het gebruik van de erkende ondernemingsloketten conform de wet van 16 januari 2003 tot oprichting van een Kruispuntbank van Ondernemingen, tot modernisering van het handelsregister, tot oprichting van erkende ondernemingsloketten en houdende diverse bepalingen.

Art. 38.De Vlaamse minister, bevoegd voor het leefmilieu en het waterbeleid, is belast met de uitvoering van dit besluit.

Brussel, 14 januari 2011.

De minister-president van de Vlaamse Regering, K. PEETERS De Vlaamse minister van Leefmilieu, Natuur en Cultuur, J. SCHAUVLIEGE

Bijlage 1 Parameterpakketten De aanvraag tot erkenning als laboratorium als vermeld in artikel 6, kan worden ingediend voor één of meer van de volgende parameterpakketten : 1° pakket bodem-stikstof, voor het nemen van bodemmonsters en het uitvoeren van de volgende analyses op de bodem : a) bepaling van het vochtgehalte;b) bepaling van nitraatstikstof;c) bepaling van ammoniumstikstof;2° pakket bodem-fosfor, voor het nemen van bodemmonsters en het uitvoeren van de volgende analyses op de bodem : a) bepaling van oxalaat extraheerbaar fosfaatgehalte (Pox);b) bepaling van fosfaatbindend vermogen;c) bepaling van fosfaat in grond extraheerbaar met een ammoniumlactaat-azijnzuurbuffer (P-AL);3° pakket bodem-overige parameters, voor het nemen van bodemmonsters en het uitvoeren van de volgende analyses op de bodem : a) bepaling van het organische koolstofgehalte;4° pakket meststoffen-anorganische parameters, voor het nemen van monsters van meststoffen en het uitvoeren van de volgende anorganische analyses op meststoffen : a) bepaling van drogestofgehalte;b) bepaling van totale fosfor;c) bepaling van ammoniumstikstof;d) bepaling van totale stikstof;5° pakket diervoeders, voor het nemen van monsters van diervoeders en het uitvoeren van de volgende analyses op diervoeders : a) bepaling van drogestofgehalte;b) bepaling van totale fosfor;c) bepaling van ruw eiwit;6° pakket meststoffen-microbiologische parameters, voor het nemen van monsters van meststoffen en het uitvoeren van de volgende microbiologische analyses op meststoffen : a) detectie van Escherichia coli;b) detectie van Enterococcacea;c) detectie van Salmonella;d) detectie van Clostridium perfringens;7° pakket traag vrijkomende stikstof, voor het nemen van monsters, het uitvoeren van incubatieproeven en het uitvoeren van de volgende analyses voor het bepalen van de stikstofmineralisatie uit organische meststoffen : a) bepaling van het vochtgehalte van de bodem;b) bepaling van totale stikstof op meststoffen;c) bepaling van ammoniumstikstof in de bodem;d) bepaling van nitraatstikstof in de bodem. Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 januari 2011 betreffende de erkenning van laboratoria in het kader van het Mestdecreet.

Brussel, 14 januari 2011.

De minister-president van de Vlaamse Regering, K. PEETERS De Vlaamse minister van Leefmilieu, Natuur en Cultuur, J. SCHAUVLIEGE Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld Gezien om gevoegd te worden bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 januari 2011 betreffende de erkenning van laboratoria in het kader van het Mestdecreet.

Brussel, 14 januari 2011.

De minister-president van de Vlaamse Regering, K. PEETERS De Vlaamse minister van Leefmilieu, Natuur en Cultuur, J. SCHAUVLIEGE

Raadpleging van bl. 12160 tot 12302 Beeld van de publicatie deel 1 Raadpleging van bl. 12303 tot 12450 Beeld van de publicatie deel 2

Etaamb biedt de inhoud van de Belgisch Staatsblad aan gesorteerd op afkondigings- en publicatiedatum, behandeld om gemakkelijk leesbaar en afprintbaar te zijn, en verrijkt met een relationele context.
^