Gewestplan
gepubliceerd op 03 oktober 2003

Ruimtelijke ordening. - Gewestplannen Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Waver-Geldenaken-Perwijs aan volgens hierbijgevoegd plan, bestaande uit de opneming o - van e

bron
ministerie van het waalse gewest
numac
2003201103
pub.
03/10/2003
prom.
--
staatsblad
http://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.pl?language=nl&c(...)
Document Qrcode

MINISTERIE VAN HET WAALSE GEWEST


Ruimtelijke ordening. - Gewestplannen Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Waver-Geldenaken-Perwijs aan volgens hierbijgevoegd plan, bestaande uit de opneming op het grondgebied van de gemeenten Hélécine (Opheylissem), Geldenaken (Piétrain en Sint-Jans-Geest) en Orp-Jauche (Noduwez) (bladen 32/8S en 40/4N) : - van een gemengde bedrijfsruimte; - van een reserveringsgebied met het oog op de aanleg van een wegtracé.

Volgend bijkomend voorschrift, met merk *R 1.1, is van toepassing wat de bestemming van het gebied betreft : « Kleinhandel en dienstverlening aan de bevolking worden niet toegelaten in het gebied met merk *R 1.1, behalve als zij bij de in het gebied toegelaten activiteiten behoren. » Volgende bijkomende voorschriften zijn van toepassing wat de ontsluiting van het gebied betreft : 1° de vestiging van ondernemingen in de gemengde bedrijfsruimte met merk *R 2.1 wordt toegelaten zodra één van beide volgende voorwaarden vervuld is : - voor minstens tachtig percent van de oppervlakte van het oostelijke deel van de bedrijfsruimte die fase 1 vormt, is er een overeenkomst tot overdracht van een zakelijk recht opgesteld; - de beschikbare oppervlakte van het oostelijke deel dat fase 1 vormt, volstaat niet meer om aan de vraag van een onderneming te voldoen. 2° de nieuwe randweg bedoeld in dit besluit wordt opengesteld voor het verkeer vóór ondernemingen zich in de gemengde bedrijfsruimte met merk *R 2.1 vestigen; 3° het gedeelte van de bedrijfsruimte met merk *R 1.5 wordt voorbehouden voor het aanleggen van een afzonderingsmarge. Die afzonderingsmarge dient tegelijk als ecologisch overgangsgebied.

Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Nijvel aan volgens hierbijgevoegd plan, bestaande uit de opneming op het grondgebied van de gemeente Tubeke (Tubeke en Saintes), in de nabijheid van de industriële bedrijfsruimte van Saintes (blad 39/1N), van een gemengde bedrijfsruimte.

Volgend bijkomend voorschrift, met merk *R 1.5, is van toepassing in een gebied gelegen tussen het bos midden in het gebied en het dal van Achonfosse. « Het gedeelte van de bedrijfsruimte met merk *R 1.5 wordt voorbehouden voor de aanleg van een afzonderingsmarge. Die afzonderingsmarge dient tegelijk als ecologisch overgangsgebied. » Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Nijvel aan volgens hierbijgevoegd plan, bestaande uit de opneming op het grondgebied van de gemeente Nijvel (Thisnes en Nijvel), als uitbreiding van de industriële bedrijfsruimte van Nijvel-Zuid (blad 39/7S), van een gemengde bedrijfsruimte.

Volgend bijkomend voorschrift, met merk *R 1.1, is van toepassing wat de bestemming van het gebied betreft : « Kleinhandel en dienstverlening aan de bevolking worden niet toegelaten in het gebied met merk *R 1.1, behalve als zij bij de in het gebied toegelaten activiteiten behoren. » Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen een geotechnische uiteenzetting voor.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Bergen-Borinage aan met het oog op de opneming van : - een gemengde bedrijfsruimte te Bergen in het gehucht « Vieille-Haine » (bladen 45/3S en 45/7N), - een 25 meter breed groengebied benoorden de nieuwe bedrijfsruimte langs de Vieille-Haine, - een landschappelijk waardevol bosgebied en een landbouwgebied te Saint-Ghislain (Baudour) (bladen 45/2S, 45/3S, 45/6N en 45/7N) en Bergen in het gehucht « Harquefosse », - een landschappelijk waardevol bosgebied te Bergen bezuiden het « Bois de Baudour », - een natuurgebied, een groengebied en een landbouwgebied te Saint-Ghislain (Boudour) en Quaregnon in het gehucht « Marais de Douvrain » (blad 45/6N), - een landbouwgebied te Bergen (Bergen en Jemappes) in het gehucht « Les Dons », - een landbouwgebied en een bosgebied te Saint-Ghislain (Baudour) in het gehucht « Gronde » (blad 45/2S), - een groengebied te Quaregnon (Wasmuel) in het gehucht « Le Culot », overeenkomstig bijgevoegd plan.

Volgend bijkomend voorschrift, met merk *R 1.1, is van toepassing in de gemengde bedrijfsruimte die bij dit besluit in het plan is opgenomen : « Kleinhandel en dienstverlening aan de bevolking worden niet toegelaten in het gebied met merk *R 1.1, behalve als zij bij de in het gebied toegelaten activiteiten behoren. » Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen een geotechnische uiteenzetting voor.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan La Louvière-Zinnik aan volgens hierbijgevoegd plan, bestaande uit de opneming op het grondgebied van de gemeente La Louvière in het gehucht « Plat Marais » (bladen 45/4S en 46/1S) van een gemengde bedrijfsruimte.

Volgend bijkomend voorschrift, met merk *R 1.1, is van toepassing wat de bestemming van het gebied betreft : « Kleinhandel en dienstverlening aan de bevolking worden niet toegelaten in het gebied met merk *R 1.1, behalve als zij bij de in het gebied toegelaten activiteiten behoren. » Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan La Louvière-Zinnik aan volgens hierbijgevoegd plan, bestaande uit de opneming, op het grondgebied van de gemeenten Zinnik en 's-Gravenbrakel, als uitbreiding van de industriële en van de gemengde bedrijfsruimte van Guélenne (blad 38/8S en 39/5S) : - van een gemengde bedrijfsruimte; - van een industriële bedrijfsruimte; - van een groengebied binnen een bedrijfsruimte; - van een reserveringsgebied met het oog op de aanleg van een wegtracé; - uit de opheffing van het reserveringsgebied van de randweg Noord.

Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Charleroi aan volgens hierbijgevoegd plan, bestaande uit de opneming, op het grondgebied van de gemeente Pont-à-Celles (blad 46/3S), van een gemengde bedrijfsruimte.

Volgend bijkomend voorschrift, met merk *R 1.1, is van toepassing in de gemengde bedrijfsruimte die bij dit besluit in het plan wordt opgenomen : « Kleinhandel en dienstverlening aan de bevolking worden niet toegelaten in het gebied met merk *R 1.1, behalve als zij bij de in het gebied toegelaten activiteiten behoren. » Volgend bijkomend voorschrift, met merk *R 1.5, is van toepassing in een gebied van 6 ha gelegen in het westelijke gedeelte van de gemengde bedrijfsruimte die bij dit besluit in het plan is opgenomen : « Het gedeelte van de bedrijfsruimte met merk *R 1.5 wordt voorbehouden voor de aanleg van een afzonderingsmarge. » Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Hoei-Borgworm aan volgens hierbijgevoegd plan, bestaande uit de opneming, op het grondgebied van de gemeente Sprimont als uitbreiding van het bestaande gebied in het gehucht Danré (blad 49/3N), van een gemengde bedrijfsruimte.

Volgend bijkomend voorschrift, met merk *R 1.1, is van toepassing in de gemengde bedrijfsruimte die bij dit besluit in het plan wordt opgenomen : « Kleinhandel en dienstverlening aan de bevolking worden niet toegelaten in het gebied met merk *R 1.1, behalve als zij bij de in het gebied toegelaten activiteiten behoren. » Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Luik aan volgens hierbijgevoegd plan, bestaande uit de opneming, op het grondgebied van de gemeenten Seraing en Luik, als uitbreiding van de bestaande gemengde bedrijfsruimte van Sart-Tilman (blad 42/5N en S en 42/6N en S) : - van twee gemengde bedrijfsruimten; - van twee groengebieden die door een ecologisch overgangsgebied als overdruk van de bedrijfsruimte verenigd worden.

Volgend bijkomend voorschriftn met merk *R 1.4 is van toepassing in de gemengde bedrijfsruimtes die bij dit besluit in het gewestplan zijn opgenomen : « De gemengde bedrijfsruimte met merk *R 1.4 is voorbehouden voor de vestiging van ondernemingen die bedrijvig zijn in de secteur 'onderzoek en ontwikkeling'. » Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een geotechnische studie en een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen een geotechnische uiteenzetting voor.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Luik aan volgens hierbijgevoegd plan, bestaande uit de opneming, op het grondgebied van de gemeenten Soumagne (Cerexhe-Heuseux en Evegnée-Tignée) en Blegny (Evegnée-Tignée), als uitbreiding van de bestaande gemengde bedrijfsruimte van Barchon (blad 42/3S) : - van een gemengde bedrijfsruimte; - van een woongebied langs de weg RN 604 op het grondgebied van de gemeente Blegny (Evegnée-Tignée).

Volgend bijkomend voorschrift, met merk *R 1.1, is van toepassing wat de bestemming van het gebied betreft : « Kleinhandel en dienstverlening aan de bevolking worden niet toegelaten in het gebied met merk *R 1.1, behalve als zij bij de in het gebied toegelaten activiteiten behoren. » Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Hoei-Borgworm aan volgens hierbijgevoegd plan, bestaande uit de opneming, op het grondgebied van de gemeente Geer als uitbreiding van de bestaande industriële bedrijfsruimte (blad 41/2S), van een specifieke bedrijfsruimte met overdruk « A.E. ».

Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Hoei-Borgworm aan volgens hierbijgevoegd plan, bestaande uit de opneming, op het grondgebied van de gemeente Hannuit (blad 41/1S) als uitbreiding van de bestaande bedrijfsruimte, van een gemengde bedrijfsruimte.

Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Luik aan volgens hierbijgevoegd plan, bestaande uit de opneming, op het grondgebied van de gemeente Oupeye (Vivegnis en Hermée) als uitbreiding van de industriële bedrijfsruimte Hauts-Sarts (blad 42/2N) : - van een gemengde bedrijfsruimte; - van een industriële bedrijfsruimte; - van een groengebied.

Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Luik aan met het oog op de opneming van een industriële bedrijfsruimte, bestaande uit de opneming volgens hierbijgevoegd plan, op het grondgebied van de gemeente Visé (Navagne) (blad 34/7S) van een industriële bedrijfsruimte als uitbreiding van de bestaande industriële bedrijfsruimte.

Volgende bijkomend voorschrift met merk *R 1.2 is van toepassing wat de bestemming van het gebied betreft : « Enkel de ondernemingen die de grond- en afgewerkte stoffen via de waterweg aan- en afvoeren en de ondernemingen die daarbij behoren, mogen in de industriële bedrijfsruimte met merk *R 1.2 toegelaten worden ».

Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Luik aan volgens hierbijgevoegd plan, bestaande uit de opneming, op het grondgebied van de gemeente Visé (Lanaye) (bladen 34/6N, 34/6S en 34/7N), van : - een industriële bedrijfsruimte; - een groengebied ter gedeeltelijke vervanging van de industriële bedrijfsruimte van Lixhe te Visé (Lixhe); - een landbouwgebied ter gedeeltelijke vervanging van een gebied met een industrieel karakter waarvan de bestemming nog niet vaststaat in Lanaye te Visé (Lanaye); - een wegtracé.

Volgende bijkomend voorschrift met merk *R 1.2 is van toepassing wat de bestemming van het gebied betreft : « Enkel de ondernemingen die de grond- en afgewerkte stoffen via de waterweg aan- en afvoeren en de ondernemingen die daarbij behoren, mogen in de industriële bedrijfsruimte met merk *R 1.2 toegelaten worden. » Volgend bijkomend voorschrift, met merk *R 1.5, is van toepassing in een gebied van 1,5 ha in het zuidwestelijke gedeelte van de gemengde bedrijfsruimte die bij dit besluit in het plan is opgenomen. « Het gedeelte van de bedrijfsruimte met merk *R 1.5 wordt voorbehouden voor de aanleg van een afzonderingsmarge. Die afzonderingsmarge dient tegelijk als ecologisch overgangsgebied. » Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Stavelot-Malmedy-Sankt Vith aan volgens hierbijgevoegd plan, bestaande uit de opneming, op het grondgebied van de gemeente Stavelot (Francorchamps), in het gehucht « Ster » (blad 50/1S) van een gemengde bedrijfsruimte.

Volgend bijkomend voorschrift, met merk *R 1.1, is van toepassing wat de bestemming van het gebied betreft : « Kleinhandel en dienstverlening aan de bevolking worden niet toegelaten in het gebied met merk *R 1.1, behalve als zij bij de in het gebied toegelaten activiteiten behoren. » Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan aan volgens hierbijgevoegd plan, bestaande uit de opneming, op het grondgebied van de gemeente Amel (Kaiserbaracke) (blad 56/2N), van een industriële bedrijfsruimte.

Volgende bijkomend voorschrift, met merk * S 20, is van toepassing wat de bestemming van het gebied betreft : « In de industriële bedrijfsruimte met merk * S 20 wordt enkel de vestiging van omvangrijke ondernemingen en van ondernemingen die bedrijvig zijn in de houtsector of in de agrovoedingssector, toegelaten. » Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Stavelot-Malmedy-Sankt-Vith aan volgens hierbijgevoegd plan, bestaande uit de opneming, op het grondgebied van de gemeente Sankt Vith (Crombach) (Kaiserbaracke) (blad 56/2N), als uitbreiding van de bestaande bedrijfsruimte van Sankt Vith II : - van een gemengde bedrijfsruimte; - van een landbouwgebied.

Volgend bijkomend voorschrift, met merk *R 1.1, is van toepassing wat de bestemming van het gebied betreft : « Kleinhandel en dienstverlening aan de bevolking worden niet toegelaten in het gebied met merk *R 1.1, behalve als zij bij de in het gebied toegelaten activiteiten behoren. » Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Verviers-Eupen aan volgens hierbijgevoegd plan, bestaande uit de opneming, op het grondgebied van de gemeente Theux, in het gehucht « Laboru » (blad 42/8S) : - van een gemengde bedrijfsruimte als uitbreiding van de bestaande bedrijfsruimte; - de onttrekking aan diens bestemming van de bestaande gemengde bedrijfsruimte in het gehucht « Maison-Bois » (blad 42/8S) en de opneming van dat gebied als landschappelijk waardevol parkgebied.

Volgend bijkomend voorschrift, met merk *R 1.1, is van toepassing wat de bestemming van het gebied betreft : « Kleinhandel en dienstverlening aan de bevolking worden niet toegelaten in het gebied met merk *R 1.1, behalve als zij bij de in het gebied toegelaten activiteiten behoren. » Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan; - het verbod om in de omtrek van het gebied in opslagplaatsen in de open lucht te voorzien die een visuele verontreiniging zouden kunnen teweegbrengen.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Bertrix-Libramont-Neufchâteau aan volgens hierbijgevoegd plan, bestaande uit de opneming, op het grondgebied van de gemeente Neufchâteau (blad 65/5) : - van een industriële bedrijfsruimte te Neufchâteau, met een ecologisch overgangsgebied als overdruk langs de beek « Laid Trou »; - van een reserveringsomtrek voor het aansluitingstracé van het gebied op de lijn 162; - van de opneming als landbouwgebied van het onbezette gedeelte van de industriële bedrijfsruimte Longlier (blad 65/5).

Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Marche-La Roche aan volgens hierbijgevoegd plan, bestaande uit de opneming, op het grondgebied van La Roche-en-Ardenne (Vecmont), als uitbreiding van de bestaande gemengde bedrijfsruimte (blad 60/1) van een gemengde bedrijfsruimte.

Volgend bijkomend voorschrift, met merk *R 1.1, is van toepassing wat de bestemming van het gebied betreft : « Kleinhandel en dienstverlening aan de bevolking worden niet toegelaten in het gebied met merk *R 1.1, behalve als zij bij de in het gebied toegelaten activiteiten behoren. » Volgende bijkomend voorschrift is van toepassing wat de ontsluiting van het gebied betreft : Een vertragingsstrook langs de N89 wordt aangelegd vóór de vestiging van bedrijven op de site.

Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Namen aan volgens hierbijgevoegd plan, bestaande uit de opneming, op het grondgebied van Sambreville (Tamines) (blad 47/5N) : - van een gemengde bedrijfsruimte; - van een groengebied; - van een bosgebied.

Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen een geotechnische uiteenzetting voor.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Dinant-Ciney-Rochefort aan volgens hierbijgevoegd plan, bestaande uit de opneming, op het grondgebied van Somme-Leuze (Noiseux en Baillonville) (blad 54/4) van een industriële bedrijfsruimte.

Volgend bijkomend voorschrift met merk * S 19 is van toepassing in de industriële bedrijfsruimte die bij dit besluit in het plan wordt opgenomen : « De ondernemingen die toegelaten kunnen worden in de industriële bedrijfsruimte met merk * S 19 dienen hun ontwikkeling te baseren op de hulpbronnen van het landelijke milieu. » Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een geotechnische studie en een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen een geotechnische uiteenzetting voor.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Namen aan volgens hierbijgevoegd plan, bestaande uit de opneming, op het grondgebied van de gemeente Namen (Rhisnes en Suarlée) (blad 47/3S) van : - een gemengde bedrijfsruimte; - een industriële bedrijfsruimte.

Volgend bijkomend voorschrift is van toepassing wat de ontsluiting betreft van het gebied : Voor de vestiging van elke onderneming in het gebied wordt heel het gedeelte van de omtrek die naast het fort gelegen is, afgesloten en de ontsnappingsgang ervan wordt opgevuld.

Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een geotechnische studie en een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen een geotechnische uiteenzetting voor.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Namen aan volgens hierbijgevoegd plan, bestaande uit de opneming, op het grondgebied van de gemeente Namen (Bouge en Champion) (blad 47/4S) van een gemengde bedrijfsruimte.

Volgend bijkomend voorschrift met merk *R 1.3 is van toepassing wat de bestemming van het gebied betreft : « De gemengde bedrijfsruimte met merk * R 1.3 die bij dit besluit in het plan opgenomen wordt, is bestemd voor de verwezenlijking van een zakenpark met enkel kantoren voor dienstverlenings- en daarbij behorende activiteiten. » Binnen in dat gebied worden vijf hectare voorbehouden voor de verwezenlijking van een « park and ride ».

Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Thuin-Chimay aan volgens hierbijgevoegd plan, bestaande uit de opneming, op het grondgebied van de gemeente Chimay (Baileux), als uitbreiding van de bestaande bedrijfsruimte (blad 57/7S) van een gemengde bedrijfsruimte.

Volgende bijkomende voorschriften zijn van toepassing wat de ontsluiting van het gebied betreft : De afzonderingsmarges dienen te bestaan uit hagen die het gebied moeten omringen om als vluchtzone te dienen voor de avifauna.

Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Thuin-Chimay aan volgens hierbijgevoegd plan, bestaande uit de opneming, op het grondgebied van de gemeente Chimay (Baileux), als uitbreiding van de bestaande bedrijfsruimte (blad 57/7S) van een gemengde bedrijfsruimte.

Volgende bijkomende voorschriften zijn van toepassing wat de ontsluiting van het gebied betreft : De afzonderingsmarges dienen te bestaan uit hagen die het gebied moeten omringen om als vluchtzone te dienen voor de avifauna.

Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Namen aan volgens hierbijgevoegd plan, bestaande uit de opneming, op het grondgebied van de gemeente Sambreville (Moignelée) (blad 47/5S) van : - een industriële bedrijfsruimte; - een groengebied.

Volgende bijkomend voorschrift met merk *R 1.2 is van toepassing wat de bestemming van het gebied betreft : « Enkel de ondernemingen die de grond- en afgewerkte stoffen via de waterweg aan- en afvoeren en de ondernemingen die daarbij behoren, mogen in de industriële bedrijfsruimte met merk *R 1.2 toegelaten worden ».

Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 beslist de Regering om de herzieningsprocedure betreffende het gewestplan dat tot stand is gebracht bij het besluit van de Waalse Regering van 18 oktober 2002 tot opneming van een industriële bedrijfsruimte op het grondgebied van de gemeente Floreffe, te beëindigen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Moeskroen-Komen aan volgens hierbijgevoegd plan, bestaande uit de opneming, op het grondgebied van de gemeente Moeskroen (blad 29/5S) van een gemengde bedrijfsruimte van 45 ha ter vervanging van het gebied waarvan de bestemming nog niet vaststaat, gelegen te Haureu.

Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Doornik-Leuze-Péruwelz volgens hierbij gevoegd plan aan, bestaande uit de opneming op het grondgebied van de stad Doornik, als uitbreiding van de zones Doornik-West I en II (blad 37/6N) : - van een gemengde bedrijfsruimte; - van een industriële bedrijfsruimte; - van een reserveringsomtrek voor het tracé van een nieuwe autosnelwegaansluiting op die gebieden.

Volgende bijkomende voorschriften zijn van toepassing wat de ontsluiting betreft van het gebied : 1° Het voorschrift, met merk *R 1.1, is van toepassing wat de bestemming van het gebied betreft : « Kleinhandel en dienstverlening aan de bevolking worden niet toegelaten in het gebied met merk *R 1.1, behalve als zij bij de in het gebied toegelaten activiteiten behoren. » 2° Het gedeelte van de economische bedrijfsruimte met merk *R 1.5 is voorbehouden voor de aanleg van een afzonderingsmarge.

Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen een geotechnische uiteenzetting voor.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Ath-Lessen-Edingen volgens hierbij gevoegd plan aan, bestaande uit de opneming op het grondgebied van de gemeente Ath, als uitbreiding van de bestaande industriële bedrijfsruimte (blad 38/3S) : - van een gemengde bedrijfsruimte; - van een groengebied langs de Sille (blad 38/3S); - en van een landbouwgebied op het grondgebied van de gemeente Vloesberg (blad 30/6S).

Volgend bijkomend voorschrift, met merk *R 1.1, is van toepassing wat de bestemming van het gebied betreft : « Kleinhandel en dienstverlening aan de bevolking worden niet toegelaten in het gebied met merk *R 1.1, behalve als zij bij de in het gebied toegelaten activiteiten behoren. » Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Doornik-Leuze-Péruwelz volgens hierbij gevoegd plan aan, bestaande uit de opneming op het grondgebied van de gemeente Leuze-en-Hainaut, als uitbreiding van de bestaande bedrijfsruimte Leuze-Europe (bladen 37/8S en 38/5N en S) : - van een gemengde bedrijfsruimte; - van een industriële bedrijfsruimte; - van een randweg die de N7 met de N526 en de N60 verbindt; - van een gebied voor openbare nutsvoorzieningen en gemeenschapsvoorzieningen als uitbreiding van het bestaande gebied voor openbare nutsvoorzieningen en gemeenschapsvoorzieningen.

Volgend bijkomend voorschrift, met merk *R 1.1, is van toepassing wat de bestemming van het gebied betreft : « Kleinhandel en dienstverlening aan de bevolking worden niet toegelaten in het gebied met merk *R 1.1, behalve als zij bij de in het gebied toegelaten activiteiten behoren. » Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Doornik-Leuze-Péruwelz volgens hierbij gevoegd plan aan, bestaande uit de opneming op het grondgebied van de gemeente Doornik (Vaulx), als uitbreiding van de bedrijfsruimte Gaurain-Ramecroix (blad 37/7S) van een industriële bedrijfsruimte als uitbreiding van de bestaande industriële bedrijfsruimte.

Volgende bijkomend voorschrift met merk *R 1.2 is van toepassing wat de bestemming van het gebied betreft : « Enkel de ondernemingen die de grond- en afgewerkte stoffen via de waterweg aan- en afvoeren en de ondernemingen die daarbij behoren, mogen in de industriële bedrijfsruimte met merk *R 1.2 toegelaten worden. » Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van het gewestplan Doornik-Leuze-Péruwelz volgens hierbij gevoegd plan aan, bestaande uit de opneming op het grondgebied van de gemeente Pecq, op de linker Schelde-oever, als uitbreiding van de bestaande industriële bedrijfsruimte (blad 37/2) van : - een industriële bedrijfsruimte; - een groengebied.

Volgende bijkomend voorschrift met merk *R 1.2 is van toepassing wat de bestemming van het gebied betreft : « Enkel de ondernemingen die de grond- en afgewerkte stoffen via de waterweg aan- en afvoeren en de ondernemingen die daarbij behoren, mogen in de industriële bedrijfsruimte met merk *R 1.2 toegelaten worden. » Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Bij besluit van de Waalse Regering van 18 september 2003 neemt de Regering het ontwerp van herziening van de gewestplannen Doornik-Leuze-Péruwelz en Moeskroen-Komen volgens hierbij gevoegd plan aan, bestaande uit de opneming op het grondgebied van de gemeenten Pecq (Warcoing), Estaimpuis (Saint-Léger) en Moeskroen (Dottenijs) (blad 37/2N) van een gemengde bedrijfsruimte.

Volgend bijkomend voorschrift, met merk *R 1.1, is van toepassing wat de bestemming van het gebied betreft : « Kleinhandel en dienstverlening aan de bevolking worden niet toegelaten in het gebied met merk *R 1.1, behalve als zij bij de in het gebied toegelaten activiteiten behoren. » Als bijlage bij elke vergunningsaanvraag met betrekking tot de ontsluiting van het gebied legt de aanvrager een bijzonder, door de operator opgesteld bestek voor die hij zichzelf en alle aankopers en bezetters van de kavels oplegt en dat meer bepaald volgende voorschriften inhoudt : - een stedenbouwkundig handvest, geldend voor elke handeling en elk bouwwerk in het gebied, waarbij de bouw- (maximumhoogtes, vormen, gebruik van materialen,...) en aanlegregels voor omgeving en wegen worden vastgelegd ter garantie van de eenheid en de kwaliteit van de inrichting van het gebied; - een gebiedsintern verkeersschema dat voor alle bezetters geldt; - de wijze waarop de afzonderingsmarges en de taluds in het gebied ecologisch beheerd worden; - een sectorgewijs op te stellen, geleidelijk bebouwingsplan.

Als bijlage bij elke aanvraag voor een stedenbouwkundige of enige vergunning legt de onderneming die zich op de site wil vestigen en er meer dan vijftig personen te werk zou kunnen stellen, volgende stukken voor : a) het overzicht van het bedrijfsverkeer van personen, met inbegrip van het bedrijfspersoneel, en van de bedrijfsstromen;b) een analyse van de bereikbaarheid via een verkeersnetwerkmodel;c) de bereikbaarheidsfiche;d) een ontwerp-plan voor bedrijfsvervoer, daarbij inbegrepen alle middelen die ingezet dienen te worden om het personenvervoer en de luchtkwaliteit te verbeteren, meer bepaald door het gebruik van het openbaar vervoer en zuinige en minder vervuilende vervoersmiddelen; dat plan mag door meerdere ondernemingen gedeeld worden.

Die verplichting slaat niet op de aanvragen voor een stedenbouwkundige of enige vergunning waarvan het doel zonder invloed zou kunnen zijn op de mobiliteit van de op de site werkzame personen.

Vóór afgifte van de eerste vergunning die de ontsluiting van het gebied betreft wordt er een archeologische evaluatie van het betrokken gebied doorgevoerd. Het tijdschema voor de werkzaamheden met betrekking tot de archeologische evaluatie wordt in overleg tussen de de operator en de Directie Archeologie van het Waalse Gewest opgesteld, afhankelijk van de beschikbaarheid van betrokken gronden.

Het plan ligt ter inzage bij het Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Patrimonium van het Ministerie van het Waalse Gewest, rue des Brigades d'Irlande 1, te 5100 Namen.

Etaamb biedt de inhoud van de Belgisch Staatsblad aan gesorteerd op afkondigings- en publicatiedatum, behandeld om gemakkelijk leesbaar en afprintbaar te zijn, en verrijkt met een relationele context.
^