Etaamb.openjustice.be
Koninklijk Besluit van 02 april 2001
gepubliceerd op 11 mei 2001

Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 10 en 20 mei 1999, gesloten in het Paritair Comité voor het drukkerij-, grafische kunst- en dagbladbedrijf, betreffende de tewerkstelling en de vorming van risicogroepen

bron
ministerie van tewerkstelling en arbeid
numac
2001012241
pub.
11/05/2001
prom.
02/04/2001
ELI
eli/besluit/2001/04/02/2001012241/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

2 APRIL 2001. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 10 en 20 mei 1999, gesloten in het Paritair Comité voor het drukkerij-, grafische kunst- en dagbladbedrijf, betreffende de tewerkstelling en de vorming van risicogroepen (1)


ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel 28;

Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor het drukkerij-, grafische kunst- en dagbladbedrijf;

Op de voordracht van Onze Minister van Werkgelegenheid, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 10 en 20 mei 1999, gesloten in het Paritair Comité voor het drukkerij-, grafische kunst- en dagbladbedrijf, betreffende de tewerkstelling en de vorming van risicogroepen.

Art. 2.Onze Minister van Werkgelegenheid is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 2 april 2001.

ALBERT Van Koningswege : De Minister van Werkgelegenheid, Mevr. L. ONKELINX _______ Nota (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Bijlage Paritair Comité voor het drukkerij-, grafische kunst- en dagbladbedrijf Collectieve arbeidsovereenkomst van 10 en 20 mei 1999 Tewerkstelling en vorming van risicogroepen (Overeenkomst geregistreerd op 9 juli 1999 onder het nummer 51344/CO/130) HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de werkgevers en op de werknemers tewerkgesteld in de ondernemingen die onder de bevoegdheid vallen van het Paritair Comité voor het drukkerij-, grafische kunst- en dagbladbedrijf. HOOFDSTUK II. - Maatregelen ten voordele van de risicogroepen

Art. 2.Overeenkomstig afdeling VI, onderafdeling 1. "Inspanningen ten voordele van de werklozen" van de wet van 26 maart 1999 betreffende het Belgisch actieplan voor de werkgelegenheid 1998 en houdende diverse bepalingen en in uitvoering van de artikelen 2 en 3 van de collectieve arbeidsovereenkomst van 10 mei 1999 betreffende het sectoraal akkoord, collectieve arbeidsovereenkomst betreffende de vorming en tewerkstelling voor de periode 1999-2000, zullen de inspanningen ten gunste van de risicogroepen als volgt worden voortgezet : - het heffen van een bijdrage van 0,10 pct. van de loonmassa in 1999 en 2000 en - het heffen van een bijkomende bijdrage van 0,05 pct. van de loonmassa die overeenstemt met de periode van 1 oktober 1999 tot 31 december 2000. Deze bijkomende bijdrage zal meer in het bijzonder worden bestemd voor opleiding en herinschakeling van de werknemers binnen de grafische sector, die ouder dan 45 jaar of gehandicapt zijn.

Art. 3.De "risicogroepen" waarvan sprake in artikel 2 zijn de werkzoekenden die geen universitair diploma hebben en de arbeiders tewerkgesteld in de ondernemingen die onder de bevoegdheid vallen van het Paritair Comité voor het drukkerij-, grafische kunst- en dagbladbedrijf.

Art. 4.Ten einde de initiatieven van artikel 2 te financieren, zullen de in artikel 1 bedoelde ondernemingen worden vrijgesteld van de bijdrage van 0,10 pct. van de brutolonen in 1999 en 2000 aan het Tewerkstellingsfonds. Deze bijdrage aan het Tewerkstellingsfonds wordt vervangen door een bijkomende trimestriële bijdrage aan het "Bijzonder Fonds voor het grafische en dagbladbedrijf", die gelijk is aan 0,10 pct. van de brutolonen in 1999 en 2000. HOOFDSTUK III. - Slotbepalingen

Art. 5.De raad van beheer van het Bijzonder Fonds zal de uitvoeringsmodaliteiten van de bepalingen voorzien in deze overeenkomst vastleggen en toezien op de correcte uitvoering ervan.

Art. 6.Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1 januari 1999 en blijft van toepassing tot en met 31 december 2000.

Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 2 april 2001.

De Minister van Werkgelegenheid, Mevr. L. ONKELINX

^