Etaamb.openjustice.be
Koninklijk Besluit van 03 december 2019
gepubliceerd op 19 december 2019

Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 4 juli 2019, gesloten in het Paritair Comité voor de bewakings- en/of toezichtsdiensten, betreffende het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag lange loopbaan

bron
federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg
numac
2019204601
pub.
19/12/2019
prom.
03/12/2019
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

3 DECEMBER 2019. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 4 juli 2019, gesloten in het Paritair Comité voor de bewakings- en/of toezichtsdiensten, betreffende het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag lange loopbaan (1)


FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/12/1968 pub. 22/05/2009 numac 2009000346 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel 28;

Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de bewakings- en/of toezichtsdiensten;

Op de voordracht van de Minister van Werk, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 4 juli 2019, gesloten in het Paritair Comité voor de bewakings- en/of toezichtsdiensten, betreffende het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag lange loopbaan.

Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 3 december 2019.

FILIP Van Koningswege : De Minister van Werk, N. MUYLLE _______ Nota (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : Wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/12/1968 pub. 22/05/2009 numac 2009000346 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Bijlage Paritair Comité voor de bewakings- en/of toezichtsdiensten Collectieve arbeidsovereenkomst van 4 juli 2019 Stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag lange loopbaan (Overeenkomst geregistreerd op 6 september 2019 onder het nummer 153642/CO/317) HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de werkgevers en op de werknemers van de ondernemingen die ressorteren onder het Paritair Comité voor de bewakings- en/of toezichtsdiensten.

Onder "werknemer" wordt verstaan : zowel de mannelijke als de vrouwelijke arbeider of bediende. HOOFDSTUK II. - Rechthebbenden

Art. 2.Rekening houdend met : - het koninklijk besluit van 3 mei 2007Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 03/05/2007 pub. 08/06/2007 numac 2007201609 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit tot regeling van het conventioneel brugpensioen in het kader van het generatiepact sluiten tot regeling van het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag in het kader van het Generatiepact; - de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 134 van 23 april 2019, afgesloten in de Nationale Arbeidsraad, tot invoering van een stelsel van bedrijfstoeslag voor sommige oudere werknemers met een lange loopbaan die worden ontslagen; - de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 135 tot vaststelling op interprofessioneel niveau, voor 2019-2020, van de leeftijd vanaf welke een stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag kan worden toegekend aan sommige oudere werknemers met een lange loopbaan die worden ontslagen, hebben de werknemers die worden ontslagen om over te gaan tot het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag, recht op een aanvullende vergoeding bovenop de werkloosheidsuitkeringen.

Art. 3.De werknemers bedoeld in artikel 2 hebben recht op deze aanvullende vergoeding als : 1. Voor de periode van 1 januari 2019 tot 31 december 2020 hebben ze de leeftijd van 59 jaar bereikt.De werknemer moet worden ontslagen tijdens de geldigheidsduur van deze collectieve arbeidsovereenkomst en de leeftijd van 59 jaar of ouder bereikt hebben uiterlijk op 31 december 2020 en op het ogenblik van de beëindiging van de arbeidsovereenkomst; 2. Ze recht hebben op werkloosheidsuitkeringen;3. Ze de beroepsloopbaan kunnen verantwoorden bepaald in de wettelijk teksten : ze kunnen zich beroepen op ten minste 40 jaar beroepsverleden als loontrekkende. HOOFDSTUK III. - Bedrag en uitkering

Art. 4.§ 1. De aanvullende vergoeding bij werkloosheid met bedrijfstoeslag is gelijk aan de helft van het verschil tussen het netto referentieloon en de werkloosheidsuitkering. § 2. Arbeiders : Het netto referentieloon wordt als volgt berekend : a) (gemiddeld bruto uurloon op een referteperiode van 3 maanden) x 37 uren x 52 weken/12 maanden. Onder "gemiddeld bruto uurloon" moet worden verstaan : het basisuurloon vermeerderd met de premies voorzien in de sectorale collectieve arbeidsovereenkomsten en/of op het niveau van de onderneming (het betreft terugkerende en periodieke premies) en waarop sociale bijdragen werden ingehouden, met uitsluiting van het vakantiegeld en van de toeslagen voor overuren; b) dit quotiënt wordt vermeerderd met 8,33 pct.om het bruto maandelijks referentieloon te bekomen; c) na aftrek van de RSZ-bijdragen (berekend op basis van het loon aan 100 pct.en niet aan 108 pct.) en aftrek van de bedrijfsvoorheffing bekomt men het maandelijks netto referentieloon; d) het uurloon voor de berekening is datgene dat is bepaald bij de loonschaal of, in voorkomend geval, het toegepast individueel loon;e) de coëfficiënt van de wekelijkse arbeidsduur, momenteel vastgesteld op 37, wordt aangepast naar gelang van de wekelijkse arbeidsduur die van kracht is op het ogenblik van de berekening van het maandelijks netto referentieloon;f) de dagen ziekte en de dagen afwezigheid ten gevolge van een arbeidsongeval en de dagen klein verlet conform de collectieve arbeidsovereenkomst nr.16 van 24 oktober 1974 betreffende het behoud van het normale loon voor de werknemers voor dagen afwezigheid ter gelegenheid van bepaalde familiale gebeurtenissen worden gelijkgesteld. § 3. Bedienden Het netto refertemaandloon wordt als volgt berekend : a) (gemiddelde brutowedde op een referteperiode van 3 maanden) + (eindejaarspremie/12). Onder "gemiddelde brutowedde" moet worden verstaan : de maandelijkse basiswedde vermeerderd met de premies voorzien in de sectorale collectieve arbeidsovereenkomsten en/of op het niveau van de onderneming (het betreft terugkerende en periodieke premies) en waarop sociale bijdragen moeten betaald worden, met uitsluiting van het vakantiegeld en van de toeslag voor overuren; b) dit quotiënt vertegenwoordigt de maandelijkse brutowedde waarvan de sociale lasten en de voorheffing dienen afgetrokken te worden;c) men verstaat onder "maandelijkse basiswedde" : deze voorzien in het barema of, voor zover deze hoger ligt, de toegepaste basiswedde. Er wordt overeengekomen dat de dagen ziekte en wegens arbeidsongeval geassimileerd worden in het kader van de bestaande enveloppe. HOOFDSTUK IV. - Betaling van de vergoeding

Art. 5.Om de lasten van de eventuele stelsels van werkloosheid met bedrijfstoeslag te verdelen, hebben de sociale partners beslist de betaling van de aanvullende vergoeding toe te vertrouwen aan een paritair orgaan. Afdeling 1. - Voor de arbeiders

Art. 6.§ 1. De betaling van de aanvullende vergoeding wordt toevertrouwd aan het "Fonds voor bestaanszekerheid van de bewaking". § 2. Het fonds kan evenwel slechts tegemoetkomen na voorafgaande schriftelijke melding aan het fonds door de werkgever omtrent zijn voornemen om van onderhavige stelsels van werkloosheid met bedrijfstoeslag gebruik te maken en na ontvangst van een gunstig advies van de raad van bestuur van het fonds, onder voorbehoud van aanvaarding van de aanvraag tot werkloosheid met bedrijfstoeslag door de RVA. In geval van ongunstig advies van de RVA is de aanvullende vergoeding voor de ontslagen arbeiders bedoeld in artikel 2 ten laste van de werkgever. § 3. De adviezen waarvan sprake is in dit artikel dienen te worden verstrekt binnen een termijn van 90 dagen na ontvangst van de bij het eerste lid voorziene melding, op voorwaarde dat het fonds beschikt over alle nodige documenten. § 4. Om de lasten van de eventueel toe te kennen stelsels van werkloosheid met bedrijfstoeslag te verdelen, hebben de sociale gesprekspartners beslist de verantwoordelijkheid te geven aan het fonds om deze stelsels toe te kennen of te weigeren en de betaling hiervan te waarborgen zoals voorzien in artikelen 4 tot 4quater van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van 19 december 1974. § 5. De sociale gesprekspartners hebben de vaste bedoeling deze doelstelling te realiseren in het kader van het budget bepaald door de statuten van het fonds, zoals bepaald in de collectieve arbeidsovereenkomst van 15 september 2016 (registratienummer 135595/CO/317).

Zij verklaren dat de leden van de raad van bestuur van het fonds in die zin zullen moeten handelen. Om elk probleem te vermijden, wordt er beslist dat het totaal bedrag dat nodig is voor de uitbetaling aan elke begunstigde van het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag tot op de leeftijd van de wettelijke pensioenleeftijd, zal moeten gekapitaliseerd worden vanaf het vertrek. § 6. De aanvullende vergoeding bij werkloosheid met bedrijfstoeslag wordt uitgekeerd aan de gerechtigde zodra het dossier volledig is. Afdeling 2. - Voor de bedienden

Art. 7.§ 1. De betaling van de aanvullende vergoeding wordt toevertrouwd aan een paritair orgaan samengesteld uit de vertegenwoordigers van de directie en van de bedienden in de ondernemingsraad, of bij ontstentenis ervan achtereenvolgens de ondernemingsraad als dusdanig, of de syndicale delegatie of de syndicale vertegenwoordigers en de directie, voorafgaandelijk kennis te nemen van ieder voornemen tot afdanking van bedienden die eventueel tot de in toepassingstelling van onderhavig stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag kan leiden en waarbij de betaling wordt verzekerd van een toelage zoals voorzien in artikelen 4 tot 4quater van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van 19 december 1974. § 2. Hiertoe komen de sociale partners overeen dat in iedere onderneming een speciale rekening dient te worden geopend, te spijzen door 0,3 pct. van de brutowedden aan 100 pct. van de bedienden tewerkgesteld in de onderneming.

Deze rekening zal automatisch worden gespijsd door de onderneming op het ogenblik van de RSZ-aangifte; de rechtvaardiging hiervan zal aan het aangeduide paritair orgaan worden versterkt. Dit orgaan zal onder zijn leden een vertegenwoordiger van het personeel en een vertegenwoordiger van de directie belasten met het lopend beheer van genoemde rekening. De werkgever dient door genoemd orgaan minstens éénmaal per maand officieel te worden ingelicht over de stand van zaken. § 3. De sociale partners verklaren dat de aangewezen leden van het paritair orgaan in die zin zullen moeten handelen. Om elk probleem te vermijden, wordt er beslist dat het totaal bedrag dat nodig is voor de uitbetaling van elke begunstigde van het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag tot op de wettelijke pensioenleeftijd zal moeten gekapitaliseerd worden vanaf het vertrek. § 4. De werkgever verbindt zich ertoe het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag waarvan hier sprake, toe te kennen aan de bedienden die de toestemming hebben gekregen van het aangewezen paritair orgaan voor een eventuele ten laste neming van hun vergoedingen. § 5. De aanvullende vergoeding bij werkloosheid met bedrijfstoeslag wordt uitgekeerd aan de gerechtigde in de loop van de maand volgend op de maand waarop hij recht heeft op de werkloosheidsuitkering. § 6. De uitkering gebeurt op voorlegging van een bewijskrachtig document waaruit blijkt dat de betrokkene werkloosheiduitkeringen heeft ontvangen. HOOFDSTUK V. - Toezicht

Art. 8.§ 1. Arbeiders : De raad van bestuur van het fonds houdt toezicht over de correcte uitvoering van deze collectieve arbeidsovereenkomst. § 2. Bedienden : Onverminderd de bevoegdheid van de ondernemingsraad en van de syndicale delegatie houdt het onder artikel 7, § 1 aangewezen paritair orgaan toezicht op de uitvoering van onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst op het vlak van de onderneming. HOOFDSTUK VI. - Overgang van tijdskrediet of van een verlof voor verzorging naar het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag

Art. 9.De werknemer die geniet van een tijdskrediet zoals voorzien in artikel 8, § 1 van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 103 van 27 juni 2012 tot invoering van een stelsel van tijdskrediet, loopbaanvermindering en landingsbanen, of van een loopbaanonderbreking heeft recht op de aanvullende vergoeding voor sommige oudere werknemers, in geval van ontslag, onder de voorwaarden die zijn vastgesteld door artikel 3 van onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst.

Ingeval de werknemer kan genieten van de bepalingen van alinea 1 van dit artikel, wordt de aanvullende vergoeding berekend alsof hij zijn arbeidsprestaties niet heeft verminderd.

Het brutoloon dat de werknemer voor zijn prestaties ontvangt, wordt dus vermenigvuldigd met twee indien hij de voorkeur had gegeven aan een vermindering van zijn arbeidsprestaties tot een halftijdse betrekking, en met 5/4 indien hij de voorkeur had gegeven aan een loopbaanvermindering van 1/5de. HOOFDSTUK VII. - Vervanging

Art. 10.De werkgever is ertoe gehouden, overeenkomstig de bepalingen van het koninklijk besluit van 3 mei 2007Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 03/05/2007 pub. 08/06/2007 numac 2007201609 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit tot regeling van het conventioneel brugpensioen in het kader van het generatiepact sluiten tot regeling van het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag in het kader van het Generatiepact, om te voorzien in de vervanging van de werknemer die geniet van het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag die bij aanvang jonger is dan 62 jaar. HOOFDSTUK VIII. - Slotbepalingen

Art. 11.Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1 januari 2019 en houdt op van kracht te zijn op 31 december 2020.

Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 3 december 2019.

De Minister van Werk, N. MUYLLE

^