Koninklijk Besluit van 03 juni 2018
gepubliceerd op 19 juni 2018
Informatisering van Justitie. Ja, maar hoe ?

Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 15 september 2015, gesloten in het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid, betreffende de toekenning van een aanvullende vergoeding ten gunste van s

bron
federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg
numac
2018202133
pub.
19/06/2018
prom.
03/06/2018
staatsblad
http://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.pl?language=nl&c(...)
Document Qrcode

Numac : 2018202133

FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG


3 JUNI 2018. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 15 september 2015, gesloten in het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid, betreffende de toekenning van een aanvullende vergoeding ten gunste van sommige bejaarde arbeiders die op het ogenblik van de beëindiging van de arbeidsovereenkomst 62 jaar of ouder zijn, alsook betreffende de overgangsmaatregel (1)


FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel 28;

Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid;

Op de voordracht van de Minister van Werk, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 15 september 2015, gesloten in het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid, betreffende de toekenning van een aanvullende vergoeding ten gunste van sommige bejaarde arbeiders die op het ogenblik van de beëindiging van de arbeidsovereenkomst 62 jaar of ouder zijn, alsook betreffende de overgangsmaatregel.

Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 3 juni 2018.

FILIP Van Koningswege : De Minister van Werk, K. PEETERS _______ Nota (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Bijlage Paritair Comité voor de voedingsnijverheid Collectieve arbeidsovereenkomst van 15 september 2015 Toekenning van een aanvullende vergoeding ten gunste van sommige bejaarde arbeiders die op het ogenblik van de beëindiging van de arbeidsovereenkomst 62 jaar of ouder zijn, alsook de overgangsmaatregel (Overeenkomst geregistreerd op 8 december 2015 onder het nummer 130450/CO/118) HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied

Art. 3.§ 1. Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de werkgevers en op de arbeiders van de voedingsindustrie, met uitzondering van de bakkerijen, de banketbakkerijen die "verse" producten vervaardigen voor onmiddellijke consumptie met zeer beperkte houdbaarheid en de verbruikszalen bij een banketbakkerij. § 2. Met "arbeiders" worden de mannelijke en vrouwelijke arbeiders bedoeld. HOOFDSTUK II. - Rechtsgrond

Art. 4.Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt gesloten in uitvoering van : - artikelen 2 en 3, § 8 van het koninklijk besluit van 3 mei 2007 tot regeling van het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag (Belgisch Staatsblad van 8 juni 2007); - de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van de Nationale Arbeidsraad van 19 december 1974; - artikel 16, § 2, lid 1, 1° en lid 2 van het koninklijk besluit van 30 december 2014 tot wijziging van het koninklijk besluit van 3 mei 2007 tot regeling van het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag (Belgisch Staatsblad van 31 december 2014); - artikel 2, lid 1, 1° en lid 2 en 3 van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17tricies sexies van de Nationale Arbeidsraad van 27 april 2015; - de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 107 van 28 maart 2013 betreffende het kliksysteem voor het behoud van de aanvullende vergoeding in het kader van bepaalde stelsels van werkloosheid met bedrijfstoeslag (algemeen verbindend verklaard door het koninklijk besluit van 7 november 2013, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 21 november 2013). HOOFDSTUK III. - Voorwaarden

Art. 5.§ 1. De bedrijfstoeslag ingesteld in het raam van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van 19 december 1974 wordt toegekend aan de arbeiders die worden ontslagen om een andere reden dan om dringende reden en die voldoen aan de hier verder vermelde voorwaarden. § 2. Onder voorbehoud van de bepalingen van de arbeidsovereenkomstenwet van 3 juli 1978 kan het ontslag dat aanleiding geeft tot het statuut van werkloze met bedrijfstoeslag het gevolg zijn van een initiatief van de werkgever en/of van de arbeider.

Deze regeling geldt niet voor de ondernemingen die minder dan tien werknemers tewerkstellen waar het initiatief uitsluitend uitgaat van de werkgever.

Voor wat betreft het ontslag in het kader van deze collectieve arbeidsovereenkomst, zullen partijen rekening houden met de arbeidsorganisatorische omstandigheden.

Art. 6.§ 1. Het ontslag met het oog op werkloosheid met bedrijfstoeslag vanaf 62 jaar, zoals voorzien door deze collectieve arbeidsovereenkomst moet plaatsvinden tussen 1 januari 2015 en 31 december 2016. § 2. De leeftijdsvoorwaarde bedraagt 62 jaar en moet vervuld zijn zowel in de periode tussen 1 januari 2015 en 31 december 2016 als op het ogenblik van het einde van de arbeidsovereenkomst. § 3. De loopbaanvoorwaarde bedraagt 40 jaar voor mannen, respectievelijk 31 jaar in 2015 en 32 jaar in 2016 voor vrouwen, en moet vervuld zijn op het ogenblik van het einde van de arbeidsovereenkomst.

Art. 7.In afwijking van artikel 4, bedraagt de leeftijdsvoorwaarde 60 jaar voor arbeiders die gelijktijdig aan de volgende voorwaarden voldoen : - ze zijn ontslagen vóór 1 januari 2015; - ze bereiken de leeftijd van 60 jaar op het einde van hun arbeidsovereenkomst en uiterlijk op 31 december 2016; - ze bewijzen op het einde van hun arbeidsovereenkomst het in artikel 4, § 3 bedoelde beroepsverleden.

Art. 8.Onverminderd artikelen 4 en 5 ontvangen de arbeiders die hun rechten op bedrijfstoeslag hebben vastgeklikt op basis van artikel 3, § 8 van het koninklijk besluit van 3 mei 2007 tot regeling van het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag (Belgisch Staatsblad van 8 juni 2007) een aanvullende vergoeding. Deze regeling geldt niet voor arbeiders die geen attest hebben bezorgd, indien de werkgever hier vóór het ontslag schriftelijk om heeft gevraagd, overeenkomstig artikel 4 van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 107. HOOFDSTUK IV. - Tussenkomst van het "Waarborg- en Sociaal Fonds voor de voedingsnijverheid"

Art. 9.§ 1. In principe is de betaling van de bedrijfstoeslag zoals bepaald in de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van 19 december 1974 en van de bijzondere maandelijkse werkgeversbijdragen verschuldigd door de werkgever. § 2. In geval van ontslag van een arbeider met het oog op werkloosheid met bedrijfstoeslag in het kader van deze collectieve arbeidsovereenkomst, wordt de verplichting van de werkgevers tot betaling van de bedrijfstoeslag overgedragen aan het sociaal fonds.

Wanneer het sociaal fonds, in uitvoering van onderhavig hoofdstuk, de betaling van de bedrijfstoeslag ten laste neemt, staat het ook in voor de betaling van de bijzondere maandelijkse werkgeversbijdragen per werkloze met bedrijfstoeslag.

Het sociaal fonds zal deze bijzondere maandelijkse werkgeversbijdragen evenwel terugvorderen bij de betrokken werkgever volgens de modaliteiten bepaald door de raad van beheer.

Art. 10.De tussenkomst van het sociaal fonds is begrensd tot het bedrag voorzien door de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van 19 december 1974.

Art. 11.Om een tussenkomst van het sociaal fonds te kunnen genieten, zijn volgende aansluitingsvoorwaarden vereist : a) Indien de arbeider minder dan 60 jaar is op het moment waarop zijn stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag ingaat : - de werkgever moet reeds 7 jaar ononderbroken aangesloten zijn bij het "Waarborg- en Sociaal Fonds voor de voedingsnijverheid"; - de arbeider moet gedurende 7 jaar als arbeider verbonden zijn geweest met een arbeidsovereenkomst met een werkgever van de voedingsnijverheid, waarvan 2 jaar onmiddellijk voorafgaand aan het ontslag; b) Indien de arbeider 60 jaar of ouder is op het moment waarop zijn stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag ingaat : - de werkgever moet reeds 5 jaar ononderbroken aangesloten zijn bij het sociaal fonds; - de arbeider moet gedurende 5 jaar als arbeider verbonden zijn geweest met een arbeidsovereenkomst met een werkgever van de voedingsnijverheid, waarvan 2 jaar onmiddellijk voorafgaand aan het ontslag.

Art. 12.Het sociaal fonds neemt de bedrijfstoeslag van de arbeiders die overstappen van volledig tijdskrediet naar werkloosheid met bedrijfstoeslag niet ten laste.

Art. 13.Het sociaal fonds betaalt de bedrijfstoeslag waarvan sprake in deze collectieve arbeidsovereenkomst niet in geval van werkloosheid met bedrijfstoeslag dat het gevolg is van een ontslag in het kader van een sluiting of faillissement van een onderneming.

Art. 14.In het geval dat de betrokken arbeider of de werkgever niet aan de voorwaarden van onderhavig hoofdstuk voldoet, zal het sociaal fonds, geval per geval, onderzoeken of het de bedrijfstoeslag ten laste neemt.

Art. 15.Bij werkhervatting gelden de bepalingen van artikelen 4bis, 4ter en 4quater van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17.

Art. 16.De werkgevers en arbeiders verbinden er zich toe de formulieren die door het sociaal fonds opgesteld werden te gebruiken voor de toepassing van deze collectieve arbeidsovereenkomst. HOOFDSTUK V. - Bedrijfstoeslag

Art. 17.§ 1. De bedrijfstoeslag wordt berekend op basis van het nettoloon dat gelijk is aan het begrensd brutoloon verminderd met de sociale zekerheidsinhoudingen en bedrijfsvoorheffing die van toepassing zijn op arbeiders die in België tewerkgesteld zijn en er hun fiscale verblijfplaats hebben. § 2. Op basis van legitieme motieven kan het sociaal fonds het bedrag van dit nettoloon herevalueren. § 3. De aftrek van de persoonlijke sociale zekerheidsbijdragen voor de berekening van de bedrijfstoeslag van het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag wordt berekend op 100 pct. van het brutoloon. § 4. Voor de arbeiders die gebruik maken van het recht op een vermindering van de arbeidsprestaties zoals bepaald in artikel 8 van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 103, en die overstappen van de loopbaanvermindering naar werkloosheid met bedrijfstoeslag, zal de bedrijfstoeslag worden berekend op basis van het arbeidsregime voorafgaand aan deze vermindering.

Paritaire commentaar De arbeiders van 50 jaar of ouder die gebruik hebben gemaakt van een recht op vermindering van prestaties zoals voorzien in artikel 9, § 1 van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 77bis kunnen blijven gebruikmaken van deze paragraaf. HOOFDSTUK VI. - Verplichtingen van de werkgever en de arbeider

Art. 18.§ 1. Overeenkomstig de wettelijke bepalingen is de vervanging van de werkloze met bedrijfstoeslag niet verplicht. § 2. De werkgever betaalt de bijzondere maandelijkse werkgeversbijdragen terug aan het sociaal fonds, overeenkomstig artikel 7, § 2. § 3. In geval van werkhervatting bij dezelfde werkgever, onder gelijk welk statuut, moeten zowel de werkgever als de arbeider het sociaal fonds onmiddellijk verwittigen. Naast het terugvorderen van de onverschuldigde sommen, kan het sociaal fonds beslissen om haar tussenkomsten ten voordele van de betrokken werkgever te schorsen gedurende een bepaalde tijd. § 4. De eventuele sancties, onder welke vorm ook, die voortvloeien uit de wettelijke verplichtingen inzake werkloosheid met bedrijfstoeslag blijven volledig ten laste van de individuele ondernemingen. HOOFDSTUK VII. - Geldigheidsduur

Art. 19.Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt gesloten voor bepaalde duur. Zij treedt in werking op 1 januari 2015 en houdt op van kracht te zijn op 31 december 2016.

Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 3 juni 2018.

De Minister van Werk, K. PEETERS


begin


Publicatie : 2018-06-

Etaamb biedt de inhoud van de Belgisch Staatsblad aan gesorteerd op afkondigings- en publicatiedatum, behandeld om gemakkelijk leesbaar en afprintbaar te zijn, en verrijkt met een relationele context.
^