Koninklijk Besluit van 06 december 2018
gepubliceerd op 09 januari 2019
Informatisering van Justitie. Ja, maar hoe ?

Koninklijk besluit tot organisatie van het financieel beheer van de Administratieve Dienst met boekhoudkundige autonomie belast met het beheer van de identiteitskaarten en het rijksregister

bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
numac
2018032552
pub.
09/01/2019
prom.
06/12/2018
staatsblad
http://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.pl?language=nl&c(...)
Document Qrcode

Numac : 2018032552

FEDERALE OVERHEIDSDIENST BINNENLANDSE ZAKEN


6 DECEMBER 2018. - Koninklijk besluit tot organisatie van het financieel beheer van de Administratieve Dienst met boekhoudkundige autonomie belast met het beheer van de identiteitskaarten en het rijksregister


FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de Grondwet, de artikelen 37 en 107, tweede lid;

Gelet op de programmawet van 9 juli 2004, inzonderheid op artikelen 92, 93 en 94 Gelet op de wet van 22 mei 2003 houdende de organisatie van de begroting en van de comptabiliteit van de federale staat;

Gelet op de wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten, artikel 169, derde lid;

Gelet op het koninklijk besluit van 5 december 2004 tot vaststelling van de samenstelling, de werkwijze en de bevoegdheden van het beheerscomité van de Staatsdienst met afzonderlijk beheer belast met het beheer van de identiteitskaarten, gewijzigd bij Koninklijk van 25 december 2017.

Gelet op het ministerieel besluit van 3 juni 2005Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 03/06/2005 pub. 22/07/2005 numac 2005035825 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Ministerieel besluit tot uitvoering van artikel 11, 2°, en artikel 12 van het ministerieel besluit van 29 oktober 2004 tot uitvoering van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 oktober 2004 tot toekenning van steun aan ondernemingen voor ecologie-inve type ministerieel besluit prom. 03/06/2005 pub. 18/08/2005 numac 2005011264 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Ministerieel besluit tot vaststelling van het afschakelplan van het transmissienet van elektriciteit type ministerieel besluit prom. 03/06/2005 pub. 07/09/2005 numac 2005202180 bron ministerie van het waalse gewest Ministerieel besluit houdende overdracht van kredieten tussen programma 06 van organisatieafdeling 30 en programma's 02, 03 en 04 van organisatieafdeling 12 van de algemene uitgavenbegroting van het Waalse Gewest voor het begrotingsjaar 2005 sluiten tot aanstelling van de gemachtigde ordonnateurs voor de uitvoering van de begroting en voor de vaststelling van de verworven rechten verworven rechten van de Staatsdienst met afzonderlijk beheer van de identiteitskaarten, Gelet op het ministerieel besluit houdende aanwijzing van een rekenplichtige voor de Staatsdienst met afzonderlijk Beheer belast met het beheer van de identiteitskaarten Gelet op het ministerieel besluit van 18 september 2018 betreffende de overdracht van bevoegdheid inzake de gunning en de uitvoering van overheidsopdrachten, alsook om andere financiële verbintenissen aan te gaan en diverse uitgaven goed te keuren binnen de Federale Overheidsdienst Binnenlandse Zaken, Gelet op het Ministerieel besluit van 26 december 2017 tot aanstelling van de leden van het comité opgericht tot beheer van de Administratieve dienst met boekhoudkundige autonomie voor het beheer van de identiteitskaarten en van het Rijksregister gewijzigd bij ministerieel besluit van 10 april 2018.

Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 9 oktober 2018.

Op de voordracht van Onze Minister van Financiën en Onze Minister van Binnenlandse Zaken, Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Hoofdstuk I. - Definities

Artikel 1.Voor de toepassing van dit besluit, verstaat men onder: 1° "de ADBA": de administratieve dienst met boekhoudkundige autonomie voor het beheer van de identiteitskaarten en van het Rijksregister";2° "de Minister": de Minister van Binnenlandse Zaken;3° "het beheerscomité": het beheerscomité van de ADBA;4° "de leidend ambtenaar": het diensthoofd van de ADBA. Hoofdstuk II. - Beheer Afdeling I. - De leidend ambtenaar

Art. 2.§ 1. De Minister wijst, op voordracht van de voorzitter van het directiecomité van de Federale Overheidsdienst Binnenlandse Zaken, een leidend ambtenaar aan van ten minste de klasse A4. § 2. De leidend ambtenaar is belast met : 1° het vaststellen van de rechten ten bate van de ADBA;2° het uitoefenen van de bevoegdheden inzake overheidsopdrachten voor aanneming van werken, leveringen of diensten alsook het aangaan van diverse financiële verbintenissen en het goedkeuren van de hieruit voortvloeiende uitgaven en dit binnen de drempel opgenomen in het ministerieel besluit betreffende de overdracht van bevoegdheid inzake de uitgaven van toepassing binnen de Federale overheidsdienst Binnenlandse Zaken. De leidend ambtenaar kan in uitvoering van voormeld ministerieel besluit bepaalde bevoegdheden inzake uitgaven delegeren aan één of meerdere personeelsleden binnen de ADBA. § 3. De leidend ambtenaar zorgt tevens voor : 1° het dagelijkse administratieve en financiële beheer van de ADBA;2° de opstelling en opvolging van het actieplan van de ADBA, alsook de opvolging van de door het beheerscomité vastgelegde beleidslijnen;3° de opstelling van het ontwerp van jaarlijkse begroting;4° het opstellen en opvolgen van het personeelsplan, binnen de perken van de beschikbare middelen van de ADBA 5° de opmaak van het jaarverslag op de activiteiten van de ADBA en de evolutie van de belangrijkste financiële gegevens. § 4. De leidend ambtenaar kan, op zijn verantwoordelijkheid, bepaalde taken bedoeld in § 3, 2°, 3° en 4°, overdragen. § 5. In geval van afwezigheid of verhindering van de leidend ambtenaar, worden de taken bedoeld in § 3 overgedragen aan een ambtenaar binnen de ADBA, die aangewezen wordt door de leidend ambtenaar.

Art. 3.Het beheerscomité kan aan de leidend ambtenaar de taak om, op eigen initiatief of op vraag van de Minister, adviezen geven over de werking van de ADBA, overdragen.

Hoofdstuk III. - Interne contrôle

Art. 4.De ADBA is onderworpen aan de bestaande interne controle binnen de Federale Overheidsdienst Binnenlandse Zaken, alsook aan de in dit besluit voorziene specifieke controlemodaliteiten.

Hoofdstuk IV. - Financieel en budgettair beheer Afdeling I. - Algemene bepalingen

Art. 5.De middelen van de ADBA bestaan uit : 1° functionele en exploitatieontvangsten;2° de beschikbare financiële middelen op het einde van het vorige jaar;3° ontvangsten voor orde Art.6. De bepalingen betreffende de comptabiliteit van de Administratieve Diensten met boekhoudkundige autonomie zijn van toepassing op de ADBA. Afdeling II. - Het opmaken van de begroting

Art. 7.De begroting wordt als volgt onderverdeeld, zoals wettelijk bepaald : - wat de ontvangsten betreft, de raming van de tijdens het begrotingsjaar vastgestelde rechten; - wat de uitgaven betreft, de kredieten ten belope waarvan tijdens het begrotingsjaar vastgestelde rechten kunnen worden aangerekend in uitvoering van verbintenissen ontstaan of gesloten tijdens het lopende of vorige begrotingsjaren.

De ramingen van de ontvangsten en van de uitgaven worden opgesplitst volgens de economische classificatie.

De op het einde van het begrotingsjaar beschikbare kredieten worden geannuleerd.

Art. 8.De voorzitter van het beheerscomité legt het ontwerp van begroting van de ADBA voor aan de Minister.

Het ontwerp van begroting wordt door de Minister doorgestuurd naar de Minister van Begroting op basis van de instructies die door deze laatste gegeven worden in het kader van de begrotingsopmaak. Afdeling III. - De boekhouding en het afleggen van de rekeningen

Art. 9.Op het einde van ieder jaar worden een balans, een resultatenrekening, een samenvattende rekening van de begrotingsverrichtingen, overeen-komstig de economische classificatie, een rekening van uitvoering van de begroting en een toelichting opgesteld.

Uiterlijk op 20 maart van het jaar volgend op het jaar waarop ze betrekking hebben, worden deze rekeningen naar de Minister van Begroting overgemaakt, die deze vóór 31 maart voorlegt aan het Rekenhof.

Art. 10.De aan de rechtsmacht van het Rekenhof onderworpen rekenplichtige maakt op het einde van ieder jaar een beheersrekening op van alle uitgevoerde verrichtingen tijdens het afgesloten boekjaar en maakt dit tegen uiterlijk 1 maart over aan het Rekenhof. Bij zijn ambtsneerlegging maakt hij een eindbeheersrekening op.

De rekenplichtige van de ADBA wordt, met ingang vanaf heden, aangesteld conform het ministerieel besluit houdende aanwijzing van een rekenplichtige voor de Administratieve Dienst met boekhoudkundige autonomie voor het beheer van de identiteitskaarten en het rijksregister. Afdeling IV. - Het beheer

Art. 11.De begroting wordt beheerd door de leidend ambtenaar, in overleg met de rekenplichtige van de ADBA, onder het gezag van het beheerscomité, met naleving van de regels die op de Administratieve Diensten met boekhoudkundige autonomie van toepassing zijn.

Art. 12.De aan de rechtsmacht van het Rekenhof onderworpen rekenplichtige is belast met : 1° de inning van de vastgestelde ontvangsten;2° de inning van de eventuele giften en legaten;3° de uitvoering van de betalingen;4° het beheer en de bewaring van de fondsen en waarden;5° de opmaak en de bewaring van de documenten bedoeld in de artikelen 10 en 11;6° het bijhouden van de comptabiliteit en het bewaren van de verantwoordingstukken 7° het periodiek opmaken van een inventaris van het vermogen. Afdeling V. - De controle

Art. 13.§ 1. De ADBA is onderworpen aan de controle van de Minister en de Inspecteur van Financiën.

De Inspecteur van Financiën beschikt voor het vervullen van zijn opdracht over de ruimste bevoegdheid. § 2. De Inspecteur van Financiën beschikt over een termijn van vier werkdagen om beroep bij de Minister in te dienen tegen de uitvoering van elke beslissing die hij strijdig acht met de wet, de statuten of het algemeen belang. Het beroep is opschortend.

Die termijn gaat in op de dag van de vergadering waarop de beslissing genomen werd, voor zover de Inspecteur van Financiën daarop regelmatig uitgenodigd werd, en, in het tegenovergestelde geval, op de dag waarop hij er kennis van heeft gekregen.

Indien de Minister, bij wie het beroep werd ingesteld, binnen een termijn van twintig werkdagen, die ingaat op dezelfde dag als de in het tweede lid bedoelde termijn, geen nietigverklaring uitgesproken heeft, wordt de beslissing definitief.

De nietigverklaring van de beslissing wordt door de Minister aan het beheerscomité betekend. § 3. Het Rekenhof kan de comptabiliteit ter plaatse controleren. Het Rekenhof mag zich te allen tijde alle verantwoordingsstukken, staten, inlichtingen of toelichtingen doen verstrekken betreffende de ontvangsten, de uitgaven, het vermogen en de schulden.

Art. 14.De uitgaven worden vereffend en betaald zonder voorafgaande tussenkomst van het Rekenhof.

Hoofdstuk V. - Personeel geworven ten laste van de begroting van de ADBA

Art. 15.Het personeel geworven ten laste van de begroting van de ADBA is onderworpen aan de wetten en reglementen die van toepassing zijn op het personeel van de diensten van algemeen bestuur.

Art. 16.De leidend ambtenaar houdt toezicht op de correcte verloning van de personeelsleden van de ADBA. Hoofdstuk VI. - Slotbepalingen

Art. 17.Het koninklijk besluit van 6 december 2004 betreffende het financiële beheer van de Staatsdienst met afzonderlijk beheer voor het beheer van de identiteitskaarten wordt opgeheven.

Art. 18.Onze Minister van Financiën en Onze Minister van Binnenlandse Zaken zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 6 december 2018.

FILIP Van Koningswege : De Minister van Veiligheid en Binnenlandse Zaken, J. JAMBON


begin


Publicatie : 2019-01-

Etaamb biedt de inhoud van de Belgisch Staatsblad aan gesorteerd op afkondigings- en publicatiedatum, behandeld om gemakkelijk leesbaar en afprintbaar te zijn, en verrijkt met een relationele context.
^