Etaamb.openjustice.be
Koninklijk Besluit van 06 november 2016
gepubliceerd op 30 november 2016

Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 23 september 2015, gesloten in het Paritair Subcomité voor het bedrijf der grint- en zandgroeven welke in openlucht geëxploiteerd worden in de provincies Antwerpen, West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Limburg en Vlaams-Brabant, betreffende de arbeidsvoorwaarden in de witzandexploitaties

bron
federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg
numac
2016012141
pub.
30/11/2016
prom.
06/11/2016
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

6 NOVEMBER 2016. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 23 september 2015, gesloten in het Paritair Subcomité voor het bedrijf der grint- en zandgroeven welke in openlucht geëxploiteerd worden in de provincies Antwerpen, West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Limburg en Vlaams-Brabant, betreffende de arbeidsvoorwaarden in de witzandexploitaties (1)


FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/12/1968 pub. 22/05/2009 numac 2009000346 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel 28;

Gelet op het verzoek van het Paritair Subcomité voor het bedrijf der grint- en zandgroeven welke in openlucht geëxploiteerd worden in de provincies Antwerpen, West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Limburg en Vlaams-Brabant;

Op de voordracht van de Minister van Werk, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 23 september 2015, gesloten in het Paritair Subcomité voor het bedrijf der grint- en zandgroeven welke in openlucht geëxploiteerd worden in de provincies Antwerpen, West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Limburg en Vlaams-Brabant, betreffende de arbeidsvoorwaarden in de witzandexploitaties.

Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 6 november 2016.

FILIP Van Koningswege : De Minister van Werk, K. PEETERS _______ Nota (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : Wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/12/1968 pub. 22/05/2009 numac 2009000346 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Bijlage Paritair Subcomité voor het bedrijf der grint- en zandgroeven welke in openlucht geëxploiteerd worden in de provincies Antwerpen, West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Limburg en Vlaams-Brabant Collectieve arbeidsovereenkomst van 23 september 2015 Arbeidsvoorwaarden in de witzandexploitaties (Overeenkomst geregistreerd op 10 februari 2016 onder het nummer 131319/CO/102.06) HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de werkgevers en op de werklieden van de witzandexploitaties welke in openlucht geëxploiteerd worden in de provincies Antwerpen, West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Limburg en Vlaams-Brabant.

Met "werklieden" worden de arbeiders en arbeidsters bedoeld. HOOFDSTUK II. - Lonen

Art. 2.Het minimumuurloon evenals de werkelijk uitbetaalde lonen van de werklieden worden verhoogd met : - 0,10 EUR/uur vanaf 1 januari 2016.

Het minimumuurloon van de werkman van 18 jaar en ouder en met 1 jaar anciënniteit bedraagt op 1 februari 2015, voor een wekelijkse arbeidsduur van zevenendertig uren 17,6486 EUR. Vanaf 1 februari 2012 ontvangen nieuw aangeworven werklieden de eerste 6 maanden 90pct., en na 6 maanden 95 pct. en na één jaar 100 pct. van het functieloon.

Art. 3.De lonen van de werklieden aangeworven met een arbeidsovereenkomst van student voor een bepaalde duur van ten hoogste één maand bedragen 65 pct. van het S.C.R.-handlangersloon.

Art. 4.De minimumlonen van het eigendomspersoneel bedraagt op 1 februari 2015 13,0258 EUR. De minimumlonen van het kuispersoneel zijn op 1 februari 2015 12,0313 EUR. Deze lonen worden niet meegerekend om het gemiddelde uurloon te berekenen. HOOFDSTUK III. - Koppeling van de lonen en van de ploegenpremies aan het indexcijfer van de consumptieprijzen

Art. 5.De in artikelen 2, 3 en 4 vermelde lonen zijn gekoppeld aan het gezondheidsindexcijfer, vastgesteld door de Federale Overheidsdienst Economie, KMO, Middenstand en Energie en bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad.

Echter in 2015-2016 zal er een indexsprong worden toegepast zoals bepaald door de regering.

Art. 6.De in artikel 2 vastgestelde lonen stemmen overeen met het indexcijfer 120,16 pct. (basis 2004).

Telkens wanneer het vorig indexcijfer met 2 pct. stijgt of daalt, worden de laatste uitbetaalde lonen en ploegenpremies met 2 pct. verhoogd of verlaagd.

De indexcijfers (basis 2004) die een verhoging tot gevolg hebben zijn als volgt vastgesteld : 120,16 - 122,56 - 125,01 - enz.

De verlagingen die uit een daling van het indexcijfer voortvloeien worden slechts toegepast wanneer het indexcijfer met een halve schijf beneden de waarde die de verhogingen veroorzaakte daalt.

De indexcijfers (basis 2004) die een loonsverlaging tot gevolg hebben zijn als volgt vastgesteld: 114,36 - 116,65 - 118,98.

Art. 7.De wijzigingen voortvloeiend uit de toepassing van de artikelen 5 en 6 gaan in de eerste dag van de maand volgend op die waarvan het indexcijfer aanleiding geeft tot aanpassing van de lonen en de ploegen-premies.

Art. 7bis.In de periode 2015-2016 zal er geen negatieve index worden toegepast. HOOFDSTUK IV. - Ploegenpremies

Art. 8.In de ondernemingen waar het werk met opeenvolgende ploegen is ingericht wordt een ploegenpremie toegekend, berekend op het gemiddeld uurloon verhoogd met 0,1896 EUR : - voor de morgenploeg : 4 pct.; - voor de namiddagploeg : 7,550 pct.; - voor de nachtploeg : 27 pct..

Het verhoogd gemiddeld uurloon bedraagt 18,8805 EUR op 1 februari 2015, als volgt samengesteld : Handlanger S.C.R. 17,6486 EUR Productie S.C.R. 18,4708 EUR Atelier 1ste categorie nat zand 18,4960 EUR Handlanger Sibelco 18,3451 EUR Productie Sibelco 19,6386 EUR Atelier 1ste categorie droog zand 19,5460 EUR Totaal 112,1448 EUR 112,1448 : 6 = 18,6909 EUR. 18,6909 EUR + 0,1896 EUR = 18,8805 EUR. Dit verhoogd uurloon wordt bij elke wijziging van de uurlonen herberekend. HOOFDSTUK V. - Zaterdagwerk

Art. 9.Voor het werk op zaterdag vanaf 6 uur ontvangen de werklieden een premie die gelijk is aan 100 pct. van het basisloon per uur prestatie. HOOFDSTUK VI. - Overuren

Art. 10.De overurengrens is opgetrokken naar 130 uur. HOOFDSTUK VII. - Terugroeping naar het werk

Art. 11.Voor terugroeping naar het werk wordt een premie toegekend van 25 EUR per terugroeping. HOOFDSTUK VIII. - Eindejaarspremie

Art. 12.De werklieden die op 30 november ingeschreven zijn in de onderneming en zelf geen opzeg hebben gegeven, hebben recht op een eindejaarspremie.

Het bedrag van deze eindejaarspremie wordt vastgesteld op : - 1.639,66 EUR voor 2015 en 2016.

Bij werkonbekwaamheid wordt het eerste jaar gelijkgesteld met gewerkte dagen en geeft het recht op de eindejaarspremie.

De eindejaarspremie wordt uitbetaald naar rato van één twaalfde per gewerkte maand aan : a) de werklieden die in de loop van de twaalf maanden vóór 30 november : 1° gepensioneerd zijn;2° ontslagen werden wegens economische redenen;3° aangeworven werden;b) de rechtverkrijgenden van de werklieden die in de loop van de twaalf maanden vóór 30 november overleden zijn. HOOFDSTUK IX. - Anciënniteitsverlofdagen

Art. 13.De werklieden ontvangen per voltijds dienstjaar (ziekte wordt 1 jaar gelijkgesteld) 0,25 op hun saldo anciënniteitsverlofdag en per volledige eenheid ontvangen zij een anciënniteitsverlofdag met een maximum van 5 dagen.

Voor deeltijdse werknemers wordt de jaarlijkse 0,25 saldo anciënniteitsverlofdag geproratiseerd volgens de arbeidsduur en periode.

De betaling gebeurt op het tijdstip dat de dagen worden genomen.

Deze verlofdagen zijn niet overdraagbaar naar het volgend kalenderjaar.

De werknemers ontvangen en behouden hun anciënniteitsdag op basis van het tewerkstellingsregime gedurende de gepresteerde periode. HOOFDSTUK X. - Syndicale premie

Art. 14.Mits het eerbiedigen van de sociale vrede tijdens de duur van deze collectieve arbeidsovereenkomst storten de werkgevers een patronale bijdrage van 120 EUR voor 2015 en 125 EUR voor 2016, vermenigvuldigd met het gemiddelde van het aantal die het voorgaande jaar werden tewerkgesteld.

De stortingen gebeuren in onderling akkoord tussen elke betrokken werkgever en de betrokken syndicale organisaties, uiterlijk op 15 juni van het lopende jaar.

Art. 14bis.De syndicale premie wordt betaald aan de syndicale organisaties waarvan de diensten en werking geleverd wordt door gesyndiceerde werknemers maar de voordelen bekomen tijdens onderhandelingen komen ten gunste van de ganse werknemerspopulatie ongeacht ze gesyndiceerd zijn of niet. HOOFDSTUK XI. - Werkzekerheid

Art. 15.a) De werkgevers stellen alles in het werk om geen ontslag wegens economische redenen te moeten doorvoeren gedurende de duur van deze collectieve arbeidsovereenkomst. b) Vooraleer er tot ontslag wegens economische redenen overgegaan wordt, zullen de werkgevers trachten de betrokkenen in andere afdelingen van de onderneming te herplaatsen of een beroep te doen op gedeeltelijke werkloosheid.c) Indien er toch tot ontslag wegens economische redenen moet worden overgegaan, verbinden de werkgevers er zich toe vooraf in contact te treden met de vakbondsorganisaties. HOOFDSTUK XII. - Maaltijdcheques

Art. 16.De patronale bijdrage in de maaltijdcheques verhoogt met ingang van 1 januari 2016 naar 6,41 EUR per gewerkte dag. De werknemersbijdrage blijft 1,09 EUR bedragen zodat de nominale waarde van de maaltijdcheque 7,50 EUR wordt. HOOFDSTUK XIII. - Werkgelegenheid

Art. 17.De aanwervingen die gebeurd zijn krachtens de opeenvolgende tewerkstellingsakkoorden blijven verworven en genieten van de werkzekerheidsregeling bedoeld in hoofdstuk XI hierboven. HOOFDSTUK XIV. - Bevordering van de tewerkstelling

Art. 18.De werkgever gaat akkoord de openstaande vacatures eerst kenbaar te maken binnen de onderneming.

De vacatures zullen 14 dagen vóór publicatie intern worden verspreid. HOOFDSTUK XV. - Afscheidsvergoeding

Art. 19.Aan de werklieden die met pensioen of met brugpensioen gaan, en die minstens 15 jaar dienst-anciënniteit tellen, wordt een afscheidsvergoeding uitbetaald die gelijk is aan 22,31 EUR per gepresteerd dienstjaar in de sector. HOOFDSTUK XVI. - Werktijdverkorting

Art. 20.De werkgever gaat akkoord om een beperkt aantal dagen werktijdverkorting in halve dagen te laten opnemen onder volgende strikte voorwaarden : - maximaal 10 werkdagen kunnen opgesplitst worden; - nooit tijdens de maanden juli, augustus en december; - mits toestemming van de directe chef; - enkel wanneer de werknemer in dagploeg staat. HOOFDSTUK XVII. - Hospitalisatieverzekering

Art. 21.De partijen komen overeen om in de hospitalisatieverzekering volgende zaken te laten opnemen : - de dekking van maxi- en superforfaits (one day clinic) bij daghospitalisatie; - de periode van pre- en posthospitalisatie uit te breiden naar 2 maanden vóór en 6 maanden na de hospitalisatie; - per kalenderjaar zal op voorlegging van de afrekening van de hospitalisatieverzekering 75 EUR van de franchise aangerekend door de hospitalisatieverzekering door de onderneming worden terugbetaald, dit voor de actieve werknemers, hun kinderen en echtgenoten; - partijen komen overeen om de derdebetalersregeling (badge) in te voeren met betrekking tot de hospitalisatieverzekering. De totale extra kost is ten laste van de werkgever. HOOFDSTUK XVIII. - Groepsverzekering

Art. 22.De totale jaarlijkse groepsverzekeringspremie (inclusief werknemersgedeelte, taks en premies) bedraagt vanaf 1 januari 2013 660,55 EUR. De modaliteiten zijn vastgelegd in een groepsverzekeringsreglement. HOOFDSTUK XIX. - Thuiswachtvergoeding elektriciens

Art. 23.De thuiswachtvergoeding van de elektriciens bedraagt 155,40 EUR per week of 22,20 EUR per dag met een automatische indexkoppeling zoals in artikel 6. HOOFDSTUK XX. - Flexibiliteit

Art. 24.Mochten er individuele problemen door deze flexibiliteit ontstaan, dan is het de taak en de bevoegdheid van de syndicale delegatie om hierover te gaan samenzitten met de betrokken partijen en tot een oplossing te komen. HOOFDSTUK XXI. - Arbeidsongevallen

Art. 25.Sociale partners maken verslag inzake de voorkoming van arbeidsongevallen in de sector. HOOFDSTUK XXII. - Bestaanszekerheid

Art. 26.De vergoeding voor bestaanszekerheid bij economische werkloosheid zal volgens onderstaande tabel vastgesteld worden : Aantal economische werkloosheid over de periode van 1 januari 2015 tot en met 31 december 2016 : - minder dan en inclusief 10 dagen : 21,50 EUR; - hoger dan 10 dagen : 25,50 EUR. De dagen economische werkloosheid zijn gelijkgesteld voor de berekening van de eindejaarspremie. HOOFDSTUK XXIII. - Anciënniteitspremie

Art. 27.Werknemers met een anciënniteit van 25 of 35 jaar in de onderneming ontvangen een anciënniteitspremie conform de richtlijnen van de RSZ betreffende de sociale en fiscale inhoudingen. Vanaf 1 januari 2015 zijn dit volgende bedragen : - 25 jaar anciënniteit in onderneming : 1 gemiddeld maandloon; - 35 jaar anciënniteit in onderneming : 1 gemiddeld maandloon; - Berekening gemiddeld maandloon : gemiddeld uurloon x 37 x 13 : 3; - Uitbetaling zal gebeuren in de maand december.

De uitbetaling gebeurt op basis van het tewerkstellingsregime gedurende de loopbaan binnen de organisatie. Jaren/maanden als deeltijdse worden ook aanzien als deeltijds voor de uitbetaling. HOOFDSTUK XXIV. - Geldigheid

Art. 28.Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1 februari 2015 en houdt op van kracht te zijn op 31 januari 2017.

Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 6 november 2016.

De Minister van Werk, K. PEETERS

^