Etaamb.openjustice.be
Koninklijk Besluit van 10 augustus 1998
gepubliceerd op 27 oktober 1998

Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 11 juni 1993 inzake de samenstelling, de organisatie, de werking en de onafhankelijkheid van de cel voor financiële informatieverwerking

bron
ministerie van financien
numac
1998003454
pub.
27/10/1998
prom.
10/08/1998
ELI
eli/besluit/1998/08/10/1998003454/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
links
Raad van State (chrono)
Document Qrcode

10 AUGUSTUS 1998. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 11 juni 1993 inzake de samenstelling, de organisatie, de werking en de onafhankelijkheid van de cel voor financiële informatieverwerking


ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet van 11 januari 1993 tot voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld, inzonderheid op artikel 11, §§ 6 en 7;

Gelet op het koninklijk besluit van 11 juni 1993 inzake de samenstelling, de organisatie, de werking en de onafhankelijkheid van de cel voor financiële informatieverwerking, gewijzigd bij koninklijk besluit van 30 mei 1994 en bij koninklijk besluit van 23 februari 1995;

Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, inzonderheid op artikel 3, § 1, gewijzigd bij de wetten van 9 augustus 1980, 16 juni en 4 juli 1989 en 4 augustus 1996;

Gelet op de dringende noodzakelijkheid;

Overwegende dat voornoemd koninklijk besluit van 11 juni 1993 zonder verwijl dient te worden aangepast aan de wijzigingen, aangebracht door de wet van... aan de lijst van ondernemingen en personen die onderworpen zijn aan de wet van 11 januari 1993, in het bijzonder wat de bijdragen betreft die de nieuwe ondernemingen en personen, onderworpen aan voornoemde wet van 11 januari 1993, verschuldigd zijn aan de cel voor financiële informatieverwerking;

Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën van 16 juli 1998 ;

Gelet op het akkoord van de Minister van Begroting van 20 juli 1998 ;

Op de voordracht van Onze Minister van Financiën en van Onze Minister van Justitie en op het advies van Onze in Raad vergaderde Ministers, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.In artikel 2, tweede lid, van het koninklijk besluit van 11 juni 1993 inzake de samenstelling, de organisatie, de werking en de onafhankelijkheid van de cel voor financiële informatieverwerking, worden de woorden « Onze Ministers van Justitie en van Financiën » vervangen door de woorden « Onze Ministers van Financiën en van Justitie en Onze Ministers tot wiens bevoegdheden de Economische Zaken, en de Middenstand behoren ».

In artikel 2, derde lid, van het koninklijk besluit van 11 juni 1993 inzake de samenstelling, de organisatie, de werking en de onafhankelijkheid van de cel voor financiële informatieverwerking, worden de woorden « bij de in artikel 2 van voornoemde wet beoogde ondernemingen of personen » vervangen door de woorden « bij de in artikel 2 en 2bis, 5° van voornoemde wet beoogde ondernemingen of personen ».

Art. 2.In artikel 6 van hetzelfde besluit worden de woorden « door de financiële ondernemingen of personen » vervangen door de woorden « door de ondernemingen of personen ».

Art. 3.In artikel 7, tweede lid, van hetzelfde besluit worden de woorden « bij de in artikel 2 van de wet van 11 januari 1993 tot voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld bedoelde financiële ondernemingen en personen » vervangen door de woorden « bij de in artikelen 2 en 2bis van de wet van 11 januari 1993 tot voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld bedoelde ondernemingen en personen ».

Art. 4.In artikel 9, eerste lid, van hetzelfde besluit worden de woorden « die toebehoren aan de financiële ondernemingen of personen bedoeld in artikel 2 » vervangen door de woorden « die toebehoren aan de ondernemingen en personen bedoeld in artikelen 2 en 2bis, 5° ».

Art. 5.In artikel 12 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij koninklijk besluit van 30 mei 1994 en bij koninklijk besluit van 23 februari 1995, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° in § 2 wordt het eerste lid vervangen door de volgende leden : « De ondernemingen en personen bedoeld in artikelen 2 en 2bis van de wet van 11 januari 1993 tot voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld, betalen elk jaar vóór 1 maart aan de cel een bijdrage van 23 000 frank. Deze bijdrage bedraagt : 1° 115 000 frank voor de Nationale Bank van België;2° 230 000 frank voor DE POST;3° 11 500 frank voor de ondernemingen en personen bedoeld in artikel 2, eerste lid, 11°, 12° en 14°, van dezelfde wet;4° 500 frank voor de vastgoedmakelaars en de gerechtsdeurwaarders, respectievelijk bedoeld in de artikelen 2, eerste lid, 17° en 2bis, 2°, van dezelfde wet;5° 1 000 frank voor de notarissen, de bedrijfsrevisoren en de externe accountants, respectievelijk bedoeld in artikel 2bis, 1°, 3° en 4°, van dezelfde wet;6° 500 000 frank voor de personen bedoeld in artikel 2bis, 5°, van dezelfde wet. De bijdragen verschuldigd door de vastgoedmakelaars, de gerechtsdeurwaarders, de notarissen, de bedrijfsrevisoren en de externe accountants worden aan de cel gestort respectievelijk door bemiddeling van het Beroepsinstituut van vastgoedmakelaars, de Nationale Kamer van gerechtsdeurwaarders, de kamers van notarissen als bedoeld in het besluit van 2 nivôse, jaar XII, betreffende de instelling en de inrichting van de kamers van notarissen, het Instituut der Bedrijfsrevisoren en het Instituut der Accountants. »; 2° het eerste lid van § 3 wordt als volgt aangevuld : « 9° de financiële ondernemingen bedoeld in artikel 2, eerste lid, 15°, van voornoemde wet;10° de financiële ondernemingen bedoeld in artikel 2, eerste lid, 16°, van voornoemde wet.»; 3° in het tweede lid van § 3 wordt het woord « acht » vervangen door het woord « tien »;4° in het derde lid van § 3 worden de woorden « en van de financiële ondernemingen bedoeld in artikel 2, eerste lid, 15°, van voornoemde wet » toegevoegd na het woord « ressorteren ».

Art. 6.Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.

Art. 7.Onze Minsiters van Justitie en van Financiën en Onze Ministers tot wiens bevoegheden de Economische Zaken en de Middenstand behoren, zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Châteauneuf-de-Grasse, 10 augustus 1998.

ALBERT Van Koningswege : De Minister van Justitie, T. VAN PARYS De Minister van Financiën, J.-J. VISEUR

^