Etaamb.openjustice.be
Koninklijk Besluit van 10 december 2009
gepubliceerd op 17 december 2009

Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 7 maart 2007 betreffende de kennisgeving van elektronischecommunicatiediensten en -netwerken

bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
numac
2009011547
pub.
17/12/2009
prom.
10/12/2009
ELI
eli/besluit/2009/12/10/2009011547/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
links
Raad van State (chrono)
Document Qrcode

10 DECEMBER 2009. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 7 maart 2007 betreffende de kennisgeving van elektronischecommunicatiediensten en -netwerken


ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op artikel 108 van de Grondwet;

Gelet op de wet van 13 juni 2005 betreffende de elektronische communicatie, inzonderheid op de artikelen 9 en 29;

Gelet op het koninklijk besluit van 7 maart 2007 betreffende de kennisgeving van elektronischecommunicatiediensten en -netwerken;

Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 3 oktober 2009;

Gelet op de akkoordbevinding van de Staatsecretaris voor Begroting, gegeven op 20 november 2009;

Gelet op het advies van het Belgisch Instituut voor postdiensten en telecommunicatie, gegeven op 20 november 2009;

Gelet op het advies 47.266/4 van de Raad van State, gegeven op 21 oktober 2009, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;

Op de voordracht van de Minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Artikel 8, § 1, van het koninklijk besluit van 7 maart 2007 betreffende de kennisgeving van elektronische-communicatiediensten en -netwerken wordt aangevuld met een lid, luidende : « Wanneer een operator in het jaar t aantoont dat hij in het jaar t-1 een jaarlijkse omzet realiseerde van minder dan één miljoen euro voor wat betreft de activiteiten vermeld in artikel 5, 1° of artikel 5, 2°, is de operator voor deze activiteiten gedurende het jaar t het recht verschuldigd vermeld in artikel 9.

Daartoe bezorgt de operator het Instituut het betreffende omzetcijfer van het boekjaar t-1. »

Art. 2.In artikel 11 van hetzelfde besluit worden de woorden « vóór 31 januari » vervangen door de worden « uiterlijk dertig dagen na de ontvangst van de factuur. »

Art. 3.Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt gepubliceerd en treedt buiten werking op 31 december 2010.

Art. 4.De Minister bevoegd voor Elektronische Communicatie is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 10 december 2009.

ALBERT Van Koningswege : De Minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen, V. VAN QUICKENBORNE

ADVIES 47.266/4 VAN 21 OKTOBER 2009 VAN DE AFDELING WETGEVING VAN DE RAAD VAN STATE De Raad van State, afdeling Wetgeving, vierde kamer, op 5 oktober 2009 door de Minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen verzocht hem, binnen een termijn van dertig dagen, van advies te dienen over een ontwerp van koninklijk besluit « tot wijziging van het koninklijk besluit van 7 maart 2007 betreffende de kennisgeving van elektronischecommunicatiediensten en -netwerken », heeft het volgende advies gegeven : Onderzoek van het voorontwerp Voorafgaande vormvereisten 1. In de aanhef van het ontworpen besluit wordt melding gemaakt van de akkoordbevinding van de Staatssecretaris voor Begroting.Uit het dossier blijkt evenwel niet dat zulk een akkoordbevinding gegeven is.

Er moet voor gezorgd worden dat naar behoren aan dat vormvereiste wordt voldaan. 2. Uit het dossier blijkt dat het ontworpen besluit gewijzigd is nadat het BIPT zijn advies gegeven heeft, zodat dat advies niet aan de basis ligt van de aangebrachte wijzigingen.Het is derhalve aangewezen dat het BIPT een nieuw advies verstrekt met betrekking tot het ontworpen besluit.

Bijzondere opmerkingen Aanhef Aangezien de adviesaanvraag steunt op artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State, dient het zevende lid van de aanhef te vervallen en moet het achtste lid, dat het zevende lid wordt, gesteld worden als volgt : « Gelet op het advies 47.266/4 van de Raad van State, gegeven op 21 oktober 2009, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; » (1) Dispositief Artikel 1 De bepaling zou beter worden gesteld als volgt : «

Artikel 1.Artikel 8, § 1, van het koninklijk besluit van 7 maart 2007 betreffende de kennisgeving van elektronische communicatiediensten en -netwerken wordt aangevuld met een lid, luidende : « Wanneer een operator in het jaar t aantoont dat hij in het jaar t-1 een jaarlijkse omzet van minder dan één miljoen euro heeft geboekt wat betreft de activiteiten vermeld in artikel 5, eerste lid, 1°, of artikel 5, eerste lid, 2°, is het door de operator verschuldigde recht voor deze activiteiten gedurende het jaar t gelijk aan het recht bepaald in artikel 9. Daartoe bezorgt de operator het Instituut het omzetcijfer van het boekjaar t-1. » Artikel 2 In de inleidende zin dient de vermelding van het koninklijk besluit van 7 maart 2007 vervangen te worden door de woorden « van hetzelfde besluit » (2).

Artikel 4 Uit het ontworpen artikel 4 blijkt dat het besluit in werking treedt de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.

Tenzij er een specifieke reden bestaat om af te wijken van de gangbare termijn van inwerkingtreding bepaald door artikel 6, eerste lid, van de wet van 31 mei 1961 betreffende het gebruik der talen in wetgevingszaken, het opmaken, bekendmaken en inwerkingtreden van wetten en verordeningen, dient in beginsel te worden afgezien van de onmiddellijke inwerkingtreding teneinde elkeen een redelijke termijn te geven om kennis te nemen van de nieuwe regels. (1) Zie Beginselen van de wetgevingstechniek - Handleiding voor het opstellen van wetgevende en reglementaire teksten, 2008, aanbeveling nr.36.1 en formule F 3-5-2, www.raadvst-consetat.be, tab « Wetgevingstechniek ». (2) Zie Beginselen van de wetgevingstechniek - Handleiding voor het opstellen van wetgevende en reglementaire teksten, 2008, aanbeveling nr.112 en formule F 4-2-2-2, www.raadvst-consetat.be, tab « Wetgevingstechniek ».

De kamer was samengesteld uit : De heren : P. Liénardy, kamervoorzitter;

J. Jaumotte et L. Detroux, staatsraden;

Mevr. C. Gigot, griffier.

Het verslag werd uitgebracht door Mevr. L. Vancrayebeck, auditeur.

De griffier, C. Gigot.

De voorzitter, P. Liénardy.

^