Etaamb.openjustice.be
Koninklijk Besluit van 11 juni 2003
gepubliceerd op 07 augustus 2003

Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 17 juni 2002, gesloten in het Paritair Subcomité voor de gezondheidsinrichtingen en -diensten, tot wijziging van de collectieve arbeidsovereenkomst van 26 maart 2001 betreffende het bedrag en de wijze van inning van de bijdrage voor de vormings- en tewerkstellingsinitiatieven voor risicogroepen voor de privé-rusthuizen en de rust- en verzorgingstehuizen

bron
federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg
numac
2003012369
pub.
07/08/2003
prom.
11/06/2003
ELI
eli/besluit/2003/06/11/2003012369/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

11 JUNI 2003. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 17 juni 2002, gesloten in het Paritair Subcomité voor de gezondheidsinrichtingen en -diensten, tot wijziging van de collectieve arbeidsovereenkomst van 26 maart 2001 betreffende het bedrag en de wijze van inning van de bijdrage voor de vormings- en tewerkstellingsinitiatieven voor risicogroepen voor de privé-rusthuizen en de rust- en verzorgingstehuizen (1)


ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel 28;

Gelet op het verzoek van het Paritair Subcomité voor de gezondheidsinrichtingen en -diensten;

Op de voordracht van Onze Minister van Werkgelegenheid, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 17 juni 2002, gesloten in het Paritair Subcomité voor de gezondheidsinrichtingen en -diensten, tot wijziging van de collectieve arbeidsovereenkomst van 26 maart 2001 betreffende het bedrag en de wijze van inning van de bijdrage voor de vormings- en tewerkstellingsinitiatieven voor risicogroepen voor de privé-rusthuizen en de rust- en verzorgingstehuizen.

Art. 2.Onze Minister van Werkgelegenheid is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 11 juni 2003.

ALBERT Van Koningswege : De Minister van Werkgelegenheid, Mevr. L. ONKELINX _______ Nota (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Bijlage Paritair Subcomité voor de gezondheidsinrichtingen en -diensten Collectieve arbeidsovereenkomst van 17 juni 2002 Wijziging van de collectieve arbeidsovereenkomst van 26 maart 2001 betreffende het bedrag en de wijze van inning van de bijdrage voor de vormings- en tewerkstellingsinitiatieven voor risicogroepen voor de privé-rusthuizen en de rust- en verzorgingstehuizen (Overeenkomst geregistreerd op 15 juli 2002 onder het nummer 63321/CO/305.02)

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de werkgevers en de werknemers van de privé-rusthuizen en de rust- en verzorgingstehuizen die ressorteren onder het Paritair Subcomité voor de gezondheidsinrichtingen en -diensten.

Onder "werknemers" wordt verstaan : het mannelijk en vrouwelijk werklieden- en bediendepersoneel.

Art. 2.Artikel 5 van de collectieve arbeidsovereenkomst van 26 maart 2001 betreffende het bedrag en de wijze van inning van de bijdrage voor de vormings- en tewerkstellingsinitiatieven voor risicogroepen voor de privé-rusthuizen en de rust- en verzorgingstehuizen (koninklijk besluit van 11 november 2002, Belgisch Staatsblad van 15 januari 2003), wordt vervangen door de volgende bepalingen : «

Art. 5.De opbrengst van deze bijdrage wordt onder meer gebruikt om personeel aan te werven en om vormingsinitiatieven te nemen voor risicogroepen die aangeworven zouden kunnen worden in de sector of reeds aangeworven zijn en om de uitbouw van een sectorale functieclassificatie en de werkzaamheden hieromtrent te ondersteunen. »

Art. 3.Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1 maart 2002 en houdt op van kracht te zijn op 31 december 2002.

Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 11 juni 2003.

De Minister van Werkgelegenheid, Mevr. L. ONKELINX

^