Koninklijk Besluit van 13 januari 2016
gepubliceerd op 01 februari 2016
OpenJustice.be: Open Data & Open Source

Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 1 april 2003 tot vaststelling van het statuut van de leden van het interfederaal Korps van de Inspectie van financiën en tot wijziging van het koninklijk besluit van 28 april 1998 tot organi

bron
interfederaal korps van de inspectie van financien
numac
2016003040
pub.
01/02/2016
prom.
13/01/2016
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.pl?language=nl&(...)
Document Qrcode

Numac : 2016003040

INTERFEDERAAL KORPS VAN DE INSPECTIE VAN FINANCIEN


13 JANUARI 2016. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 1 april 2003 tot vaststelling van het statuut van de leden van het interfederaal Korps van de Inspectie van financiën en tot wijziging van het koninklijk besluit van 28 april 1998 tot organisatie van het interfederaal Korps van de Inspectie van financiën en tot aanvulling van zijn bijlage 2


FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de bijzondere wet van 16 januari 1989 op de financiering van de Gemeenschappen en de Gewesten, inzonderheid op artikel 51, derde lid;

Gelet op de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de instellingen van de Duitstalige Gemeenschap, inzonderheid op artikel 60 vervangen bij de wet van 19 april 2014;

Gelet op de wetten op de Rijkscomptabiliteit samengeordend bij koninklijk besluit van 17 juli 1991, inzonderheid op artikel 46;

Gelet op het koninklijk besluit van 1 april 2003 tot vaststelling van het statuut van de leden van het interfederaal Korps van de Inspectie van financiën en tot wijziging van het koninklijk besluit van 28 april 1998 tot organisatie van het interfederaal Korps van de Inspectie van financiën;

Gelet op het akkoord van de Regering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest van 29 juli 2015;

Gelet op het akkoord van het Verenigd College van de Gemeenschappelijke Gemeenschaps-commissie van 29 juli 2015;

Gelet op het akkoord van de Franse Gemeenschapsregering van 26 augustus 2015;

Gelet op het akkoord van de Waalse Gewestregering van 27 augustus 2015;

Gelet op het akkoord van de Regering van de Duitstalige Gemeenschap van 3 september 2015;

Gelet op het akkoord van het College van de Franse Gemeenschapscommissie van 10 september 2015;

Gelet op het akkoord van de Vlaamse Regering van 11 september 2015;

Gelet op het advies van de Inspectie van financiën gegeven op 31 maart 2014 en op 5 februari 2015;

Gelet op de akkoordbevinding van Onze Minister van Ambtenarenzaken gegeven op 20 juni 2014 en 2 juni 2015;

Gelet op de akkoordbevinding van Onze Minister van Begroting gegeven op 24 april en op 17 maart 2015;

Gelet op het protocol nr. 161/1 van 18 november 2015 van het Sectorcomité I "Algemeen Bestuur";

Gelet op de vrijstelling van het verrichten van de regelgevingsimpactanalyse, bedoeld in artikel 8, § 1, 4°, van de wet van 15 december 2013 houdende diverse bepalingen inzake administratieve vereenvoudiging;

Gelet op het advies 58.563/4 van de Raad van State, gegeven op 16 december 2015, met toepassing van artikel 84, § 1er, eerste lid, 2°, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State;

Op de voordracht van de Minister van Begroting, en op advies van Onze in Raad vergaderde Ministers, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Artikel 14 van het koninklijk besluit van 1 april 2003 tot vaststelling van het statuut van de leden van het interfederaal Korps van de Inspectie van financiën en tot wijziging van het koninklijk besluit van 28 april 1998 tot organisatie van het interfederaal Korps van de Inspectie van financiën wordt aangevuld met het volgende lid : "Deze termijn kan door de afgevaardigd bestuurder van het Selectiebureau van de Federale Overheid worden verlengd, telkens met een periode van maximum een jaar."

Art. 2.§ 1. Artikel 48 § 1 van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt : « § 1. Zijn van toepassing op de inspecteurs van financiën de artikelen 13, 14 eerste lid, 15 en 16 van het koninklijk besluit van 25 oktober 2013 betreffende de geldelijke loopbaan van de personeelsleden van het federaal openbaar ambt." § 2. Artikel 48 § 3 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt : « § 3. Voor de toekenning van de tussentijdse verhogingen in de weddenschaal bedoeld in bijlage 1 komen enkel de diensten in aanmerking die verricht zijn als titularis van deze weddenschaal.

In afwijking van het eerste lid komt voor de berekening van de anciënniteit in aanmerking : 1.de anciënniteit verworven in de graden van adjunct-inspecteur van financiën, van inspecteur van financiën en van inspecteur-generaal van financiën. 2. de anciënniteit verworven in elke andere functie die een ervaring verschaft die nuttig is voor de functie van inspecteur van financiën, en dit met een maximum van 7 jaar.Deze anciënniteit wordt vastgesteld door de Korpschef op eensluidend advies van de Raad.

De diensten verricht als titularis van de wedde bedoeld in § 2, c, van dit artikel worden gelijkgesteld met deze verricht als titularis van de weddenschaal bedoeld in § 2, a, voor de toekenning van de verhogingen in deze weddenschaal."

Art. 3.Artikel 110 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt : "

Art. 110.In afwijking van artikel 11 van het organiek besluit en onder voorbehoud van de andere bepalingen van het organiek besluit en van de bepalingen van dit besluit, zijn de statutaire bepalingen en de statutaire wijzigingsbepalingen vervat in de besluiten en de delen van besluiten die zijn opgenomen in de lijst van bijlage 2 eveneens van toepassing op de inspecteurs van financiën op de datum van hun respectievelijke inwerkingtreding."

Art. 4.Bijlage 2 bij hetzelfde besluit, aangevuld bij het koninklijk besluit van 14 november 2008 betreffende de aanvulling van bijlage 2 van het koninklijk besluit van 1 april 2003 tot vaststelling van het statuut van de leden van het Interfederaal Korps van de Inspectie van financiën en tot wijziging van het koninklijk besluit van 28 april 1998 tot organisatie van het Interfederaal Korps van de Inspectie van financiën, wordt aangevuld met de besluiten bedoeld in bijlage bij dit besluit.

Art. 5.Artikel 1 heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2016.

Artikel 2 heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2014.

Artikel 3 heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2003.

Art. 6.De minister bevoegd voor Begroting is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brusse, op 13 januari 2016.

FILIP Van Koningswege : De Minister van Begroting, Mevr. S. WILMES

Bijlage Lijst van de koninklijke besluiten bedoeld in artikel 1 van dit besluit Koninklijk besluit van 18 april 2005 tot wijziging van het koninklijk besluit van 2 oktober 1937 houdende het statuut van het Rijkspersoneel en van het koninklijk besluit van 29 juni 1973 houdende bezoldigingsregeling van het personeel van de federale overheidsdiensten.

Koninklijk besluit van 22 november 2006 betreffende het telewerk in het federaal administratief openbaar ambt.

Koninklijk besluit van 19 maart 2007 tot wijziging van het koninklijk besluit van 2 oktober 1937 houdende het statuut van het Rijkspersoneel.

Besluit van 16 april 2007 van de afgevaardigd bestuurder van SELOR Selectiebureau van de Federale Overheid tot vaststelling van het reglement van orde betreffende de taalexamens.

Koninklijk besluit van 3 mei 2007 betreffende de ten laste neming van de kosten inzake openbaar vervoer in woonwerkverkeer van de federale personeelsleden door de Staat en sommige federale openbare instellingen.

Koninklijk besluit van 7 juni 2007 (I) tot wijziging van het koninklijk besluit van 24 januari 1969 betreffende de schadevergoeding ten gunste van personeelsleden van de overheidssector, voor arbeidsongevallen en voor ongevallen op de weg naar en van het werk.

Koninklijk besluit van 7 juni 2007 (II) tot wijziging van sommige koninklijke besluiten betreffende de stelsels van onderbreking van de beroepsloopbaan en van tijdskrediet in het kader van het eenvormig maken van de regels inzake woonplaats in Zwitserland, art. 4.

Koninklijk besluit van 14 juni 2007 houdende wijziging van verscheidene reglementaire bepalingen, hoofdstukken I en II. Koninklijk besluit van 20 december 2007 (I) tot wijziging van het koninklijk besluit van 28 september 1984 tot uitvoering van de wet van 19 december 1974 tot regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakbonden van haar personeel, bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 23 januari 2008, blz. 3472.

Koninklijk besluit van 20 december 2007 (II) tot wijziging van het koninklijk besluit van 28 september 1984 tot uitvoering van de wet van 19 december 1974 tot regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakbonden van haar personeel, bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 29 januari 2008, blz. 5104.

Koninklijk besluit van 20 december 2007 (III) tot wijziging van het koninklijk besluit van 20 april 1999 tot uitvoering van artikel 18, derde lid, van de wet van 19 december 1974 tot regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakbonden van haar personeel.

Koninklijk besluit van 20 december 2007 (IV) tot wijziging van het koninklijk besluit van 26 maart 1965 betreffende de kinderbijslag voor bepaalde categorieën van het door de Staat bezoldigd personeel alsmede voor de personeelsleden van het operationeel kader en van het administratief en logistiek kader van de korpsen van de lokale politie.

Koninklijk besluit van 27 januari 2008 tot goedkeuring van verscheidene reglementen en gelijkstelling betreffende de toekenning van eervolle onderscheidingen in de Nationale Orden aan ambtenaren en bedienden van de federale openbare besturen.

Koninklijk besluit van 4 maart 2008 tot uitvoering van artikel 19, tweede lid, van het koninklijk besluit van 28 september 1984 tot uitvoering van de wet van 19 december 1974 tot regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakbonden van haar personeel.

Koninklijk besluit van 13 april 2008 tot wijziging van het koninklijk besluit van 19 april 1999 tot vaststelling van de elementen van de ongevalsaangifte over te dragen aan het Fonds voor Arbeidsongevallen.

Koninklijk besluit van 19 november 2008 houdende vereenvoudiging van verscheidene reglementaire bepalingen betreffende de loopbaan van het Rijkspersoneel, hoofdstukken I, IV, VI, VIII, XIII en XIV. Koninklijk besluit van 21 november 2008 (I) tot wijziging van het koninklijk besluit van 18 januari 1965 houdende algemene regeling inzake reiskosten.

Koninklijk besluit van 21 november 2008 (II) tot wijziging van het koninklijk besluit van 29 juni 1973 houdende bezoldigingsregeling van het personeel van de federale overheidsdiensten.

Koninklijk besluit van 28 november 2008 tot vervanging, voor het personeel van sommige overheidsdiensten, van het koninklijk besluit van 23 oktober 1979 houdende toekenning van een eindejaarstoelage aan sommige titularissen van een ten laste van de Schatkist bezoldigd ambt.

Koninklijk besluit van 7 december 2008 (I) tot wijziging van het koninklijk besluit van 19 november 1998 betreffende de verloven en afwezigheden toegestaan aan de personeelsleden van de rijksbesturen.

Koninklijk besluit van 7 december 2008 (II) tot toekenning van toelagen voor tweetaligheid aan de personeelsleden van het Federaal Administratief Openbaar Ambt.

Koninklijk besluit van 31 januari 2009 (I) tot wijziging van het koninklijk besluit van 28 september 1984 tot uitvoering van de wet van 19 december 1974 tot regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakbonden van haar personeel.

Koninklijk besluit van 31 januari 2009 (II) tot wijziging van het koninklijk besluit van 19 november 1998 betreffende de verloven en afwezigheden toegestaan aan de personeelsleden van de rijksbesturen.

Koninklijk besluit van 12 juli 2009 tot wijziging van het koninklijk besluit van 8 maart 2001 tot vaststelling van de voorwaarden voor het uitreiken van de bewijzen omtrent de taalkennis, voorgeschreven bij artikel 53 van de wetten op het gebruik van de talen in bestuurszaken, samengevat op 18 juli 1966.

Koninklijk besluit van 27 september 2009 tot wijziging van het koninklijk besluit van 5 januari 1971 betreffende de schadevergoeding voor beroepsziekten in de overheidssector.

Koninklijk besluit van 7 oktober 2009 houdende wijzigingen van diverse reglementaire bepalingen betreffende de verminderde prestaties wegens medische redenen voor de personeelsleden van de rijksbesturen, hoofdstuk II. Koninklijk besluit van 9 december 2009 tot wijziging van het koninklijk besluit van 28 november 2008 tot vervanging, voor het personeel van sommige overheidsdiensten, van het koninklijk besluit van 23 oktober 1979 houdende toekenning van een eindejaarstoelage aan sommige titularissen van een ten laste van de Schatkist bezoldigd ambt.

Koninklijk besluit van 12 januari 2010 tot wijziging van het koninklijk besluit van 19 november 1998 betreffende de verloven en afwezigheden toegestaan aan de personeelsleden van de rijksbesturen.

Koninklijk besluit van 31 januari 2010 tot wijziging van het koninklijk besluit van 26 maart 1965 betreffende de kinderbijslag voor bepaalde categorieën van het door de Staat bezoldigd personeel alsmede voor de personeelsleden van het operationeel kader en van het administratief en logistiek kader van de korpsen van de lokale politie.

Koninklijk besluit van 4 maart 2010 tot wijziging van sommige koninklijke besluiten betreffende de stelsels van onderbreking van de beroepsloopbaan, wat betreft de verhoging van de leeftijdsgrens voor het recht op ouderschapsverlof tot twaalf jaar, artikelen 2 en 3.

Koninklijk besluit van 15 maart 2010 houdende diverse maatregelen betreffende de loopbaan van het Rijkspersoneel, artikelen 1 en 19.

Koninklijk besluit van 13 juni 2010 houdende toekenning van een vergoeding voor het gebruik van de fiets aan de personeelsleden van het federaal administratief openbaar ambt.

Koninklijk besluit van 13 juni 2010 tot toekenning van toelagen voor tweetaligheid aan de personeelsleden van het federaal administratief openbaar ambt.

Koninklijk besluit van 17 juni 2010 tot wijziging van het koninklijk besluit van 4 maart 2008 tot uitvoering van artikel 19, tweede lid, van het koninklijk besluit van 28 september 1984 tot uitvoering van de wet van 19 december 1974 tot regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakbonden van haar personeel.

Koninklijk besluit van 5 juli 2010 houdende wijziging van verscheidene bepalingen betreffende het geldelijk statuut van personeelsleden van de federale overheidsdiensten, hoofdstuk I. Koninklijk besluit van 10 september 2010 tot wijziging van diverse reglementaire bepalingen houdende toekenning van een eindejaarstoelage aan sommige titularissen van een ten laste van de Schatkist bezoldigd ambt.

Koninklijk besluit van 7 oktober 2011 tot wijziging van het koninklijk besluit van 22 november 2006 betreffende het telewerk in het federaal administratief openbaar ambt.

Koninklijk besluit van 14 november 2011 houdende wijziging van diverse reglementaire bepalingen betreffende de arbeidsherverdeling en de verloven en afwezigheden toegestaan aan de personeelsleden van de rijksbesturen, met uitzondering van hoofdstuk I. Koninklijk besluit van 2 juni 2012 tot wijziging van het koninklijk besluit van 2 oktober 1937 houdende het statuut van het rijkspersoneel.

Koninklijk besluit van 1 juli 2012 tot wijziging van het koninklijk besluit van 12 mei 1927 betreffende de ouderdom van de oppensioenstelling van de ambtenaren, de beambten en het dienstpersoneel van den staat.

Ministerieel besluit van 11 september 2012Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 11/09/2012 pub. 24/09/2012 numac 2012002053 bron federale overheidsdienst personeel en organisatie Ministerieel besluit tot uitvoering van artikel 3 van het koninklijk besluit van 12 mei 1927 betreffende de ouderdom van de oppensioenstelling van de ambtenaren, de beambten en het dienstpersoneel van de Staat sluiten tot uitvoering van artikel 3 van het koninklijk besluit van 12 mei 1927 betreffende de ouderdom van de oppensioenstelling van de ambtenaren, de beambten en het dienstpersoneel van de Staat.

Koninklijk besluit van 30 september 2012 houdende diverse maatregelen betreffende de selectie van het Rijkspersoneel, hoofdstuk I. Koninklijk besluit van 26 november 2012 tot wijziging van het koninklijk besluit van 19 november 1998 betreffende de verloven en afwezigheden toegestaan aan de personeelsleden van de Rijksbesturen.

Koninklijk besluit van 26 november 2012 tot wijziging van het koninklijk besluit van 24 januari 1969 betreffende de schadevergoeding ten gunste van de personeelsleden van de overheidssector, voor arbeidsongevallen en voor ongevallen op de weg naar en van het werk.

Koninklijk besluit van 14 april 2013 tot wijziging van sommige koninklijke besluiten betreffende de stelsels van onderbreking van de beroepsloopbaan tot verhoging van de leeftijd van het gehandicapte kind inzake ouderschapsverlof, art. 2 en 3.

Koninklijk besluit van 7 mei 2013 houdende uitvoering van artikel 20sexies van de wet van 3 juli 1967 betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector.

Koninklijk besluit van 18 juni 2013 tot wijziging van sommige bepalingen betreffende de afwezigheden van het overheidspersoneel.

Koninklijk besluit van 25 oktober 2013 betreffende de geldelijke loopbaan van de personeelsleden van het federaal openbaar ambt, titel IV, hoofdstuk 1.

Gezien om te worden gevoegd bij Ons besluit van 13 januari 2016 tot wijziging van het koninklijk besluit van 1 april 2003 tot vaststelling van het statuut van de leden van het interfederaal Korps van de Inspectie van financiën en tot wijziging van het koninklijk besluit van 28 april 1998 tot organisatie van het interfederaal Korps van de Inspectie van financiën en tot aanvulling van zijn bijlage 2.

FILIP Van Koningswege : De Minister van Begroting, Mevr. S. WILMES


begin


Publicatie : 2016-02-

Etaamb biedt de inhoud van de Belgisch Staatsblad aan gesorteerd op afkondigings- en publicatiedatum, behandeld om gemakkelijk leesbaar en afprintbaar te zijn, en verrijkt met een relationele context.
^