Etaamb.openjustice.be
Koninklijk Besluit van 13 maart 2013
gepubliceerd op 04 juni 2013

Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 10 november 2011, gesloten in het Paritair Comité voor de scheikundige nijverheid, betreffende het minimumuurloon

bron
federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg
numac
2013201241
pub.
04/06/2013
prom.
13/03/2013
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

13 MAART 2013. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 10 november 2011, gesloten in het Paritair Comité voor de scheikundige nijverheid, betreffende het minimumuurloon (1)


ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/12/1968 pub. 22/05/2009 numac 2009000346 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel 28;

Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de scheikundige nijverheid;

Op de voordracht van de Minister van Werk, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 10 november 2011, gesloten in het Paritair Comité voor de scheikundige nijverheid, betreffende het minimumuurloon.

Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 13 maart 2013.

ALBERT Van Koningswege : De Minister van Werk, Mevr. M. DE CONINCK _______ Nota (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : Wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/12/1968 pub. 22/05/2009 numac 2009000346 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Bijlage Paritair Comité voor de scheikundige nijverheid Collectieve arbeidsovereenkomst van 10 november 2011 Minimumuurloon (Overeenkomst geregistreerd op 2 december 2011 onder het nummer 107054/CO/116)

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is toepasselijk op de werkgevers en op de arbeiders van de ondernemingen die ressorteren onder het Paritair Comité voor de scheikundige nijverheid.

Door "arbeiders" wordt verstaan : de arbeiders en de arbeidsters.

Art. 2.Het bedrag van het "minimumaanvangsuurloon", zoals vastgelegd in artikel 2 van de collectieve arbeidsovereenkomst van 27 mei 2009 (koninklijk besluit van 21 februari 2010, Belgisch Staatsblad van 8 april 2010) betreffende het minimumuurloon, gesloten in het Paritair Comité voor de scheikundige nijverheid, bedraagt 10,0395 EUR op 1 maart 2011 in de 40 uren week. Het minimumaanvangsuurloon, van kracht op 31 december 2011, wordt vanaf 1 januari 2012 met 0,3 pct. verhoogd.

Voor de arbeiders met minstens twaalf maanden anciënniteit in de onderneming wordt het "minimumuurloon vanaf twaalf maanden anciënniteit", zoals vastgelegd in artikel 2 van de collectieve arbeidsovereenkomst van 27 mei 2009 (koninklijk besluit van 21 februari 2010, Belgisch Staatsblad van 8 april 2010) betreffende het minimumuurloon, gesloten in het Paritair Comité voor de scheikundige nijverheid, bedraagt 10,1350 EUR op 1 maart 2011 in de 40 uren week.

Het minimumuurloon vanaf 12 maanden anciënniteit, van kracht op 31 december 2011, wordt vanaf 1 januari 2012 met 0,3 pct. verhoogd.

De afronding zal gebeuren volgens artikel 7 van de collectieve arbeidsovereenkomst van 8 februari 2006, gesloten in het Paritair Comité voor de scheikundige nijverheid, betreffende de koppeling van de lonen aan het indexcijfer der consumptieprijzen (koninklijk besluit van 5 augustus 2006, Belgisch Staatsblad van 20 september 2006).

Het minimumuurloon stemt overeen met het laagst toepasbaar niveau, met name de functie van gewoon handlanger.

De minimumuurlonen uit deze collectieve arbeidsovereenkomst gelden eveneens voor jongeren onder de 21 jaar. Er worden geen degressieve percentages toegepast.

Art. 3.Ervaringsloon Het minimumuurloon vanaf 12 maanden anciënniteit, zoals vastgesteld in artikel 2 van de collectieve arbeidsovereenkomst van 27 mei 2009 (koninklijk besluit van 21 februari 2010, Belgisch Staatsblad van 8 april 2010) betreffende het minimumuurloon, gesloten in het Paritair Comité voor de scheikundige nijverheid, in het 40-urenstelsel, zoals van kracht op 30 november 2012, wordt vanaf 1 december 2012 verhoogd met 0,03 EUR/bruto.

De kost van de verhoging van dit artikel wordt in rekening gebracht op de enveloppe van de sectorale collectieve arbeidsovereenkomst 2013-2014.

Art. 4.De minimumuurlonen voortvloeiend uit de artikelen 2 en 3 stemmen overeen met een daadwerkelijke wekelijkse arbeidsduur van veertig uren.

Wanneer de wekelijkse arbeidsduur van veertig uren daadwerkelijk per week verminderd is, met perequatie van het loon wordt bovenstaande minimumbedrag evenredig geperequateerd.

De in het vorig lid van dit artikel voorziene perequatie zal als volgt gebeuren : de perequatie van de lonen, uitgedrukt in euro, wordt toegepast vóór de eventuele afronding voorzien in artikel 7 van de collectieve arbeidsovereenkomst van 8 februari 2006 (koninklijk besluit van 5 augustus 2006, Belgisch Staatsblad van 20 september 2006), gesloten in het Paritair Comité voor de scheikundige nijverheid, tot koppeling van de lonen aan het indexcijfer van de consumptieprijzen.

Voorbeelden van perequaties 9,3620 x 1,02 = 9,54924 afgerond tot 9,5492 en daarna tot het hogere halve duizendste, nl. tot 9,5495 EUR (40 uur).

De eventuele perequatie gebeurt vóór de afronding.

Voor een perequatie in 39 uur : 9,57950 x 40/39 = 9,82513, afgerond tot 9,8251 EUR en daarna tot het hogere halve duizendste, namelijk tot 9,8255 EUR. Voor een perequatie in 38 uur 30 : 8,70390 x 40/38,5 = 9,04301, afgerond tot 9,0430 EUR.

Art. 5.De minimumuurlonen vermeld in de artikelen 2 en 3 hierboven dienen bij iedere loonuitbetaling aan de arbeiders gewaarborgd te worden. Deze minimumuurlonen omvatten het basisuurloon en de eventuele vaste productiepremies, met uitsluiting van alle andere premies.

Art. 6.De minimumuurlonen vastgesteld in de artikelen 2 en 3, zijn gekoppeld aan het indexcijfer van de consumptieprijzen, overeenkomstig de bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomst van 8 februari 2006 (koninklijk besluit van 5 augustus 2006, Belgisch Staatsblad van 20 september 2006), gesloten in het Paritair Comité voor de scheikundige nijverheid, tot koppeling van de lonen aan het indexcijfer van de consumptieprijzen, en stemmen overeen met spilindexcijfer 114,08 (basis 2004 = 100).

Art. 7.Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt gesloten voor een onbepaalde duur. Zij vervangt de collectieve arbeidsovereenkomst van 31 mei 2011, gesloten in het Paritair Comité voor de scheikundige nijverheid, betreffende het minimumuurloon, en treedt in werking op 1 juni 2011.

Zij kan door elk der partijen worden opgezegd mits een opzegging van drie maanden, betekend bij een ter post aangetekende brief, gericht aan de voorzitter van het Paritair Comité voor de scheikundige nijverheid. De termijn van drie maanden begint te lopen vanaf de datum waarop de aangetekende brief aan de voorzitter wordt toegezonden. De poststempel geldt als bewijs.

Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 13 maart 2013.

De Minister van Werk, Mevr. M. DE CONINCK

^