Etaamb.openjustice.be
Koninklijk Besluit van 19 maart 2008
gepubliceerd op 14 april 2008

Koninklijk besluit betreffende de werking van het secretariaat van de geïntegreerde politie, gestructureerd op twee niveaus

bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
numac
2008000199
pub.
14/04/2008
prom.
19/03/2008
ELI
eli/besluit/2008/03/19/2008000199/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
links
Raad van State (chrono)
Document Qrcode

19 MAART 2008. - Koninklijk besluit betreffende de werking van het secretariaat van de geïntegreerde politie, gestructureerd op twee niveaus (SSGPI)


ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus, inzonderheid op de artikelen 149quinquies, zesde lid, en 149septies;

Gelet op de programmawet van 27 december 2004, inzonderheid op artikel 481;

Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 25 oktober 2005;

Overwegende dat het advies van de Adviesraad van burgemeesters niet regelmatig binnen de voorgeschreven termijn gegeven is en dat geen verzoek om verlenging van de termijn gedaan is; dat er bijgevolg aan is voorbijgegaan;

Gelet op de akkoordbevinding van Onze Minister van Begroting, gegeven op 20 april 2007;

Gelet op de akkoordbevinding van Onze Minister van Ambtenarenzaken, gegeven op 2 april 2007;

Gelet op het protocol nr. 222/3 van het onderhandelingscomité voor de politiediensten van 30 januari 2008;

Gelet op het advies nr. 43.100/2 van de Raad van State, gegeven op 6 juni 2007, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State;

Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en op het advies van Onze in Raad vergaderde Ministers, Hebben Wij besloten en besluiten Wij : HOOFDSTUK I - Algemene bepalingen

Artikel 1.De aanwijzing in de betrekkingen van het SSGPI gebeuren volgens de regels van de inplaatsstelling van het personeel, bedoeld in deel VI, titel II, van het RPPol en van de aanwerving, bedoeld in deel IV, titel I, van het RPPol, of, in voorkomend geval, van de detacheringen bedoeld in artikel 96 van de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus.

De minister van Binnenlandse Zaken en de directeur-diensthoofd zijn in dit raam respectievelijk de bevoegde overheden. HOOFDSTUK II. - De directeur-diensthoofd

Art. 2.De minister van Binnenlandse Zaken stelt het profiel van de directeur-diensthoofd vast.

Art. 3.Het statuut van de directeur-diensthoofd wordt bepaald volgens de regels van toepassing op de leden van niveau A van het administratief en logistiek kader van de geïntegreerde politie. HOOFDSTUK III. - Het Comité SSGPI Afdeling 1. - Samenstelling

Art. 4.Het Comité SSGPI is samengesteld uit de volgende leden : 1° de directeur-diensthoofd van het SSGPI;2° 6 leden van de federale politie, niet-leden van het SSGPI;3° 12 vertegenwoordigers van de lokale politie, van wie 4 burgemeesters, 4 korpschefs en 4 bijzondere rekenplichtigen;4° één vertegenwoordiger per representatieve vakorganisatie. Er bestaat onder de leden bedoeld in het eerste lid, 2°, en onder de leden bedoeld in het eerste lid, 3°, een taalpariteit.

Art. 5.De vier burgemeesters bedoeld in artikel 4, wijzen onder hen de voorzitter en de ondervoorzitter van het Comité aan.

De voorzitter en de ondervoorzitter van het Comité behoren tot een verschillende taalrol.

Art. 6.Het Comité SSGPI wordt binnen de twee maanden die volgen op elke vernieuwing van de adviesraad van burgemeesters, vernieuwd.

Bij elke nieuwe samenstelling van het Comité wordt de taalrol van de voorzitter en van de ondervoorzitter afgewisseld. Afdeling 2. - Werking van het Comité

Art. 7.Het Comité SSGPI stelt zijn huishoudelijk reglement op. Het bezorgt dit reglement, evenals de wijzigingen eraan, ter goedkeuring aan de minister van Binnenlandse Zaken.

Art. 8.De voorzitter roept het Comité bijeen wanneer de minister van Binnenlandse Zaken het om advies verzoekt, op initiatief van de directeur-diensthoofd, op vraag van ten minste één derde van de leden van het Comité of ambtshalve, minstens één maal per semester.

Art. 9.De oproeping geschiedt schriftelijk, ten minste zeven dagen voor de vergadering; ze bevat de agenda en de nodige documentatie ad hoc.

Voor elke vergadering worden vertegenwoordigers van de respectieve gewestregeringen en van de Duitstalige Gemeenschapsregering uitgenodigd als observatoren, zonder stemrecht.

Art. 10.Het Comité vergadert enkel rechtsgeldig indien de meerderheid van de leden aanwezig is.

Indien het Comité is bijeengeroepen zonder dat het vereiste aantal leden aanwezig was, kan het evenwel, na een nieuwe oproeping, beraadslagen over de onderwerpen die voor de tweede maal op de agenda zijn geplaatst en dit ongeacht het aantal aanwezige leden.

Art. 11.De adviezen van het Comité worden genomen bij consensus door het geheel van de aanwezige leden.

Het advies dat niet bij consensus kan worden genomen, wordt bij meerderheid van de stemgerechtigde leden gestemd. In dat geval worden de uitslag van de stemming, de minderheidsstandpunten evenals, in voorkomend geval, de opmerkingen van de niet-stemgerechtigde leden vermeld.

Indien geen enkel voorstel de meerderheid van de stemmen behaalt, bestaat het advies uit de diverse geuite meningen.

Art. 12.Het Comité wijst zijn secretaris aan evenals zijn vervanger, uit de leden van het secretariaat van het SSGPI.

Art. 13.De trajectkosten veroorzaakt door de uitoefening van hun functie, wordt aan de leden van het Comité vergoed. De afstand wordt berekend vanaf de gewone plaats van het werk van het lid van het Comité.

De kilometervergoeding is gelijk aan deze bedoeld in artikel XI.IV.106 RPPol.

Art. 14.Er worden geen zitpenningen toegekend aan de leden van het Comité. HOOFDSTUK IV. - Slotbepalingen

Art. 15.De personeelsleden van de directie van de financiën van de federale politie die op de dag van de inwerkingtreding van dit besluit zijn belast met de functionaliteiten van het SSGPI, worden aangewezen als personeelsleden van het SSGPI.

Art. 16.Het Comité wordt voor de eerste maal samengesteld binnen de twee maanden die volgen op de bekendmaking van dit besluit in het Belgisch Staatsblad.

Art. 17.Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.

Art. 18.Onze Minister van Binnenlandse Zaken is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 19 maart 2008.

ALBERT Van Koningswege : De Vice-Eerste Minister en Minister van Binnenlandse Zaken, P. DEWAEL

^