Etaamb.openjustice.be
Koninklijk Besluit van 20 juli 2000
gepubliceerd op 15 augustus 2000

Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 18 januari 1965 houdende algemene regeling inzake reiskosten

bron
ministerie van ambtenarenzaken
numac
2000002074
pub.
15/08/2000
prom.
20/07/2000
ELI
eli/besluit/2000/07/20/2000002074/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
links
Raad van State (chrono)
Document Qrcode

20 JULI 2000. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 18 januari 1965 houdende algemene regeling inzake reiskosten


ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op artikel 107, tweede lid, van de Grondwet;

Gelet op het koninklijk besluit van 18 januari 1965 houdende algemene regeling inzake reiskosten, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 28 januari 1970, 13 oktober 1971, 28 maart 1974, 17 januari 1975, 24 november 1975, 29 april 1977, 12 december 1984, 22 juli 1993, 17 maart 1995 en 24 april 1997;

Gelet op het koninklijk besluit van 26 maart 1965 houdende de algemene regeling van de vergoedingen en toelagen van alle aard toegekend aan het personeel: der ministeries, inzonderheid op de artikelen 1 en 2;

Gelet op het advies van de inspecteur van financiën, gegeven op 6 juli 2000;

Gelet op de akkoordbevinding van de Minister van Begroting, gegeven op 19 juli 2000;

Gelet op het protocol nr. 366 van 20 juli 2000 van het Comité voor de federale, de gemeenschaps- en de gewestelijke overheidsdiensten;

Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, inzonderheid op artikel 3, § 1, vervangen door de wet van 4 juli 1989 en gewijzigd bij de wet van 4 augustus 1996;

Gelet op de dringende noodzakelijkheid;

Overwegende dat de aanzienlijke verhoging van de brandstofprijs tijdens de jongste maanden een aanpassing van het bedrag van de kilometervergoeding zonder verwijl noodzakelijk maakt ten einde de ambtenaren niet te benadelen;

Overwegende dat, behalve de brandstofprijs, nog met andere factoren dient rekening te worden gehouden die een rol spelen in de kosten voor het gebruik van een voertuig;

Overwegende dat het, met het oog op billijkheid en vereenvoudiging noodzakelijk is de wijze van vaststelling van de kilometervergoeding te herzien en nog slechts een bedrag hiervoor te behouden;

Op de voordracht van Onze Minister van Begroting en van Onze Minister van Ambtenarenzaken en Modernisering van de openbare besturen en op het advies van Onze in Raad vergaderde Ministers, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.ln artikel 12 van het koninklijk besluit van 18 januari 1965 houdende algemene regeling inzake reiskosten worden het vierde en het vijfde lid opgeheven.

Art. 2.Artikel 13 van hetzelfde besluit wordt vervangen door de volgende bepaling : «

Art. 13.De personen die voor hun dienstreizen gebruik maken van een eigen wagen hebben recht, om de kosten te dekken die het gevolg zijn van het gebruik van dat voertuig, op een kilometervergoeding waarvan het bedrag vastgesteld wordt in het derde lid. volgens de onderstaande formule : [ExC/100 + (A+B-Z)/K] + F + [Ux(X+Y+R+P)/K] waarbij : E = de prijs per liter brandstof C = verbruik per 100 km A = aankoopprijs van het voertuig B = belasting op de inverkeerstelling Z = waarde van het voertuig na 6 jaar gebruik K = aantal km na 6 jaar F = gemiddelde prijs van een onderhoud U = afschrijvingstermijn van 6 jaar X = gemiddeld bedrag van de verzekeringspremie in rang 14 Y = verkeersbelasting R = radiotaks P= takelkosten De numerieke waarde van elk element van de formule in het eerste lid, de wiskundige bewerking en het eruit voortvloeiende resultaat, d.w.z. het bedrag van de kilometervergoeding, worden vastgesteld door de minister tot wiens bevoegdheid ambtenarenzaken behoort.

Het bedrag van de kilometervergoeding wordt vastgesteld op tien frank per kilometer.

Dit bedrag wordt jaarlijks aangepast op 1 juli.

Voor de verplaatsingen van personen die in het buitenland verblijven wordt de kilometervergoeding vastgesteld in gemeenschappelijk overleg tussen de betrokken minister en de minister tot wiens bevoegdheid ambtenarenzaken behoort.

Het gebruik van een motorfiets of een bromfiets voor dienstreizen geeft recht op de kilometervergoeding zoals vastgesteld in het eerste lid. ».

Art. 3.Artikel 18 van hetzelfde besluit wordt opgeheven.

Art. 4.De bijlage bij hetzelfde besluit wordt opgeheven.

Art. 5.Dit besluit treedt in werking op 1 september 2000.

Art. 6.Onze Ministers en Onze Staatssecretarissen zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 20 juli 2000.

ALBERT Van Koningswege : De Minister van Begroting, J. VANDE LANOTTE De Minister van Ambtenarenzaken en Modernisering van de openbare besturen, L. VAN DEN BOSSCHE

^