Etaamb.openjustice.be
Koninklijk Besluit van 20 september 1998
gepubliceerd op 18 november 1998

Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 3 juni 1997, gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en confectiebedrijf, tot verlenging van de collectieve arbeidsovereenkomst van 2 juni 1994 betreffende de bijkomende uitkering voor bestaanszekerheid

bron
ministerie van tewerkstelling en arbeid
numac
1998012731
pub.
18/11/1998
prom.
20/09/1998
ELI
eli/besluit/1998/09/20/1998012731/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

20 SEPTEMBER 1998. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 3 juni 1997, gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en confectiebedrijf, tot verlenging van de collectieve arbeidsovereenkomst van 2 juni 1994 betreffende de bijkomende uitkering voor bestaanszekerheid (1)


ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel 28;

Gelet op de collectieve arbeidsovereenkomst van 2 juni 1994, gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en confectiebedrijf, betreffende de bijkomende uitkering voor bestaanszekerheid, algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 10 juni 1997, inzonderheid op artikel 8;

Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en confectiebedrijf;

Op de voordracht van Onze Minister van Tewerkstelling en Arbeid, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 3 juni 1997, gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en confectiebedrijf, tot verlenging van de collectieve arbeidsovereenkomst van 2 juni 1994 betreffende de bijkomende uitkering voor bestaanszekerheid.

Art. 2.Onze Minister van Tewerkstelling en Arbeid is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 20 september 1998.

ALBERT Van Koningswege : De Minister van Tewerkstelling en Arbeid, Mevr. M. SMET _______ Nota (1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad : Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Koninklijk besluit van 10 juni 1997, Belgisch Staatsblad van 11 september 1997.

Bijlage Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en confectiebedrijf Collectieve arbeidsovereenkomst van 3 juni 1997 Verlenging van de collectieve arbeidsovereenkomst van 2 juni 1994 betreffende de bijkomende uitkering voor bestaanszekerheid (Overeenkomst geregistreerd op 15 september 1997 onder het nummer 44920/CO/215)

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de werkgevers en op de bedienden van de ondernemingen welke onder het Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en confectiebedrijf ressorteren.

Art. 2.Artikel 8 van de collectieve arbeidsovereenkomst van 2 juni 1994 gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en confectiebedrijf betreffende de bijkomende uitkering voor bestaanszekerheid algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 10 juni 1997 wordt gewijzigd als volgt : «

Art. 8.Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1 januari 1994 en houdt op van kracht te zijn op 31 december 1998. Deze collectieve arbeidsovereenkomst vervangt de collectieve arbeidsovereenkomst van 8 november 1991, gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en confectiebedrijf, betreffende de bijkomende uitkering voor bestaanszekerheid, algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 22 oktober 1992.

Voor de bepaling van de van toepassing zijnde collectieve arbeidsovereenkomst zal de eerste vergoede werkloosheidsdag in aanmerking genomen worden, met dien verstande dat indien de eerste werkloosheidsdag valt vóór 1 januari 1994, een mogelijk recht ontstaat in het kader van de hoger vermelde collectieve arbeidsovereenkomst van 8 november 1991, terwijl, indien de eerste werkloosheidsdag valt vanaf 1 januari 1994, een mogelijk recht ontstaat in het kader van deze collectieve arbeidsovereenkomst. » .

Art. 3.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking op 1 januari 1997 en houdt op van kracht te zijn op 31 december 1998.

Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 20 september 1998.

De Minister van Tewerkstelling en Arbeid, Mevr. M. SMET

^