Koninklijk Besluit van 21 mei 2013
gepubliceerd op 12 juni 2013
OpenJustice.be: Open Data & Open Source

Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 3 juli 1996 tot uitvoering van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994

bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
numac
2013022277
pub.
12/06/2013
prom.
21/05/2013
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.pl?language=nl&(...)
Document Qrcode

21 MEI 2013. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 3 juli 1996 tot uitvoering van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994


ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, artikel 87, eerste lid, laatst gewijzigd bij het koninklijk besluit van 10 juni 2001, artikel 87, zevende lid, laatst gewijzigd bij de programmawet van 27 december 2006, artikel 93, vijfde lid en artikel 93, achtste lid, gewijzigd bij de wetten van 22 februari 1998 en 25 januari 1999;

Gelet op het koninklijk besluit van 3 juli 1996 tot uitvoering van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994;

Gelet op het advies van het Beheerscomité van de uitkeringsverzekering voor werknemers van de Dienst voor uitkeringen van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering, gegeven op 20 februari 2013;

Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 8 maart 2013;

Gelet op de akkoordbevinding van de Minister voor Begroting, gegeven op 28 maart 2013;

Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, artikel 3, § 1;

Gelet op de dringende noodzakelijkheid;

Overwegende dat er in het kader van de welvaartsaanpassing van de sociale uitkeringen beslist werd om met ingang van 1 april 2013 het bedrag van het maximumloon dat wordt in aanmerking genomen voor de berekening van de uitkeringen inzake primaire arbeidsongeschiktheid, invaliditeit en moederschap en het bedrag van de forfaitaire tegemoetkoming voor hulp van derden te verhogen; dat het derhalve noodzakelijk is dat de verzekeringsinstellingen zo snel mogelijk op de hoogte zijn van deze revalorisatie om hen toe te laten de gerechtigden die aanspraak kunnen maken op deze uitkeringen en deze tegemoetkoming correct te vergoeden;

Op de voordracht van de Minister van Sociale Zaken en de Staatssecretaris voor Sociale Zaken, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Artikel 212 van het koninklijk besluit van 3 juli 1996 tot uitvoering van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, laatst gewijzigd bij het koninklijk besluit van 22 maart 2011, wordt aangevuld met een lid, luidende : « Voor de gerechtigde wiens primaire ongeschiktheid of wiens invaliditeit een aanvang neemt vanaf 1 april 2013, wordt het maximumbedrag van het loon vastgesteld op 99,7365 euro. ».

Art. 2.In artikel 214, § 1, eerste lid, 2°, b) van hetzelfde besluit, laatst gewijzigd bij het koninklijk besluit van 6 juli 2011, wordt het getal « 27,7287 » vervangen door het getal « 28,0753 ».

Art. 3.In artikel 215bis van hetzelfde besluit, laatst gewijzigd bij het koninklijk besluit van 6 juli 2011, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 2 wordt het getal « 12,8122 » vervangen door het getal « 15,1573 »;2° paragraaf 3 wordt vervangen als volgt: « § 3.De invalide gerechtigde die op 31 december 2006 aanspraak kon maken op uitkeringen als gerechtigde met gezinslast op basis van de erkenning van de behoefte aan andermans hulp, behoudt deze hoedanigheid voor de periode tijdens dewelke de behoefte aan andermans hulp verder erkend wordt, indien het verschil tussen het bedrag van zijn uitkering als gerechtigde met gezinslast en het bedrag van zijn uitkering als gerechtigde zonder gezinslast hoger is dan 10,4466 euro, hoger is dan 12,8122 euro voor de periode van 1 september 2011 tot 31 maart 2013, en hoger is dan 15,1573 euro vanaf 1 april 2013. ».

Art. 4.De artikelen 1 en 3 van dit besluit treden in werking op 1 april 2013. Artikel 2 treedt in werking op 1 september 2013.

Art. 5.De minister bevoegd voor Sociale Zaken is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 21 mei 2013.

ALBERT Van Koningswege : De Minister van Sociale Zaken, Mevr. L. ONKELINX De Staatssecretaris voor Sociale Zaken, Ph. COURARD

Etaamb biedt de inhoud van de Belgisch Staatsblad aan gesorteerd op afkondigings- en publicatiedatum, behandeld om gemakkelijk leesbaar en afprintbaar te zijn, en verrijkt met een relationele context.
^