Koninklijk Besluit van 23 augustus 2014
gepubliceerd op 03 september 2014
OpenJustice.be: Open Data & Open Source

Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 14 november 2006 betreffende de organisatie en de bevoegdheden van de federale politie

bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken en federale overheidsdienst justitie
numac
2014000618
pub.
03/09/2014
prom.
23/08/2014
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.pl?language=nl&(...)
Document Qrcode

23 AUGUSTUS 2014. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 14 november 2006 betreffende de organisatie en de bevoegdheden van de federale politie


FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus, artikel 93, § 3, vervangen bij de wet van 26 maart 2014 houdende optimalisatiemaatregelen voor de politiediensten;

Gelet op het koninklijk besluit van 14 november 2006 betreffende de organisatie en de bevoegdheden van de federale politie;

Gelet op het advies van de Inspecteur-generaal van Financiën, gegeven op 6 mei 2014;

Gelet op het advies van de raad van burgemeesters, gegeven op 8 mei 2014;

Gelet op de akkoordbevinding van de Staatssecretaris voor Ambtenarenzaken, d.d. 2 juni 2014;

Gelet op de akkoordbevinding van de Minister van Begroting, d.d. 6 juni 2014;

Gelet op het protocol van onderhandelingen nr. 345/1 van het onderhandelingscomité voor de politiediensten, gesloten op 12 mei 2014;

Gelet op advies 56.241/2 van de Raad van State, gegeven op 11 juni 2014, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2° van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;

Op de voordracht van de Minister van Binnenlandse Zaken en de Minister van Justitie, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.In het koninklijk besluit van 14 november 2006 betreffende de organisatie en de bevoegdheden van de federale politie worden de titels I tot V, die de artikelen 1 tot 17 bevatten, vervangen door wat volgt : "TITEL I. - Definitie

Artikel 1.Voor de toepassing van dit besluit, verstaat men onder "politionele informatie" alle informatie die de geïntegreerde politie nodig heeft om haar opdrachten uit te voeren. Het betreft zowel informatie van operationele aard in de zin van artikel 44/1 van de wet op het politieambt alsook informatie ten behoeve van de ondersteuning van de politieorganisatie.

TITEL II. - Het commissariaat-generaal HOOFDSTUK I. - Het commissariaat-generaal Afdeling 1. - Bevoegdheden

Art. 2.Het commissariaat-generaal verzekert de volgende opdrachten : 1° inzake politionele strategie : a) de voorbereiding van het nationaal veiligheidsplan in overleg met onder andere de Vaste Commissie van de lokale politie en de evaluatie van de uitvoering ervan door de federale politie;b) de voorbereiding van de opmaak van de begroting en de controle van de uitvoering ervan;c) de organisatie van de beheerscontrole, met inbegrip van het interne toezicht, inzonderheid klachtenbeheer, integriteit, ethiek en bemiddeling;d) de uitvoering van de nodige audits met betrekking tot de werking en de doeltreffendheid van de federale politie;e) in overleg met de Vaste Commissie van de lokale politie, de bepaling van normen en een gestandaardiseerde aanpak inzake veiligheid van de informatie en bescherming van de persoonlijke levenssfeer van toepassing op de federale politie of op heel de geïntegreerde politie;f) de ontwikkeling van de managementstrategie van de federale politie, met inbegrip van het beleid inzake : i) human resources; ii) financiën; iii) logistiek; iv) politionele informatie en de daaraan verbonden systemen; v) onderzoek en ontwikkeling;2° inzake internationale politiesamenwerking : het beleid, de ontwikkeling, de coördinatie, het beheer en de opvolging van de internationale politiesamenwerking voor de geïntegreerde politie, met inbegrip van : a) de relaties met de internationale organisaties, instellingen en agentschappen, binnen en buiten de Europese Unie;b) de bilaterale en multilaterale akkoorden en projecten met andere Staten of Statengroepen;c) de verwerking van de internationale politionele informatie;3° overeenkomstig artikel 100bis, § 1, derde lid, 3°, van de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus, de communicatie van de federale politie;4° de gedeconcentreerde coördinatie en steun;5° inzake coördinatie : de organisatie en het beheer van het nationaal invalspunt ten behoeve van de directie van de internationale politiesamenwerking en de algemene directies bestuurlijke en gerechtelijke politie en waaraan deze directies deelnemen;6° inzake preventie en bescherming op het werk, de opdrachten betreffende de aansprakelijkheid van de werkgever;7° aan de overheden elk nuttig voorstel doen betreffende de materies inzake de bevoegdheden van de federale politie. Afdeling 2. - Organisatie

Art. 3.Het commissariaat-generaal is samengesteld uit : 1° de directie van de politionele strategie;2° de directie van de internationale politiesamenwerking, die centrale en gedeconcentreerde diensten bevat;3° de directie van de communicatie;4° de coördinatie- en steundirecties;5° de interne directie voor preventie en bescherming op het werk die centrale en gedeconcentreerde diensten bevat. HOOFDSTUK II. - De gedeconcentreerde directies Afdeling 1. - Bevoegdheden

Art. 4.De gedeconcentreerde coördinatie- en steundirecties verzekeren de volgende opdrachten : 1° het uitvoeren van strategische analyses;2° overeenkomstig artikel 104, § 1, eerste lid, 1°, van de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus, de uitvoering en de opvolging van het nationaal veiligheidsplan;3° in samenwerking met de gedeconcentreerde gerechtelijke directies, de bijdrage tot een geïntegreerde en integrale aanpak van de veiligheidsfenomenen;4° de bevordering van de geïntegreerde werking van de politiediensten;5° overeenkomstig artikel 104, § 1, eerste lid, 2°, van de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus, het administratieve beheer van het personeel, de logistiek, de informatie en de communicatie alsook van de daaraan verbonden technologie en de financiën voor de diensten die er onder ressorteren en voor elke gedeconcentreerde gerechtelijke directie die zich binnen hun ambtsgebied bevindt, rekening houdend met de door haar geformuleerde operationele behoeften;6° het functionele beheer van de informatie van bestuurlijke politie, met inbegrip van het opstellen van de daaraan verbonden opsporingsprogramma's;7° de vergaring en de verwerking van de informatie van bestuurlijke politie die nodig is voor het beheer van de bovenlokale gebeurtenissen en de fenomenen;8° naargelang van de lokale en federale behoeften, de uitvoering van de opdrachten van de communicatie- en informatiedienst op het niveau van het arrondissement;9° overeenkomstig artikel 104, § 1, eerste lid, 7°, van de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus, de coördinatie van de operationele en niet-operationele steunaanvragen;10° de leiding, de coördinatie en de steun in de domeinen die onder hun bevoegdheid vallen;11° de inzet van de gehypothekeerde capaciteit inzake gespecialiseerd personeel en middelen van de gedeconcentreerde entiteiten van de algemene directie bestuurlijke politie voor opdrachten van bestuurlijke politie, overeenkomstig de richtlijnen van de minister van Binnenlandse Zaken;12° de organisatie, de coördinatie, het beheer, de vrijmaking, de inzet en de evaluatie van de gehypothekeerde capaciteit;13° de training en de handhaving van de operationaliteit van het interventiekorps en van de gehypothekeerde capaciteit;14° overeenkomstig artikel 103, § 5, van de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus, de terbeschikkingstelling, die voorrang heeft op elke andere opdracht van bestuurlijke politie, van de middelen en de personeelsleden gevraagd door de directeur-generaal van de bestuurlijke politie;15° de opvolging van de deelname van de lokale politie aan de lokale opdrachten van federale aard;16° de politionele slachtofferbejegening. Afdeling 2. - Organisatie

Art. 5.De coördinatie- en steundirecties zijn samengesteld uit : 1° de dienst middelenbeheer;2° de communicatie- en informatiedienst van het arrondissement;3° de dienst operationele coördinatie en steun. TITEL III. - De algemene directie van het middelenbeheer en de informatie HOOFDSTUK I. - Bevoegdheden

Art. 6.De algemene directie van het middelenbeheer en de informatie verzekert de volgende opdrachten : 1° inzake personeel : a) de opvolging van de morfologie van de federale politie;b) het beheer : i) van de mobiliteit van het personeel van de politiediensten; ii) van het personeel van de federale politie, met inbegrip van de bevorderingsvoorstellen, met uitzondering van de aanwijzingen tot commissaris-generaal en directeur-generaal; c) de door of krachtens de wet aan de federale politie toevertrouwde opdrachten inzake selectie, rekrutering en opleiding van de leden van de politiediensten;d) de ontwikkeling en het beheer van de competenties van het personeel;e) het kennisbeheer, met inbegrip van de terbeschikkingstelling van de niet-operationele documentatie;f) de betrekkingen met de syndicale organisaties van het personeel van de politiediensten;g) de persoonlijke en sociale ondersteuning van de personeelsleden van de federale politie bij de dienstuitvoering en, op hun verzoek, van de personeelsleden van de lokale politie;h) in overleg met de Vaste Commissie van de lokale politie, de voorbereiding van de statuten van de personeelsleden van de politiediensten;i) de toepassing van de statuten en het beheer van het contentieux betreffende de personeelsleden van de federale politie, in die mate dat hierbij geen derden betrokken zijn;j) de organisatie en de uitvoering van activiteiten van expertise, beheer, controle en advies op medisch vlak;k) het formuleren van juridische adviezen en het verstrekken van juridische ondersteuning inzake operationele en niet-operationele aangelegenheden;2° inzake logistiek : a) het beheer van de uitrusting en de infrastructuur van de federale politie;b) binnen de door de minister van Binnenlandse Zaken toegekende delegaties, de voorbereiding en de gunning van de overheidsopdrachten voor de geïntegreerde politie;c) de logistieke steun van de federale politie en, op hun verzoek, van de lokale politie en van het Secretariaat van de geïntegreerde politie, gestructureerd op twee niveaus;d) in overleg met de Vaste Commissie van de lokale politie, het voorbereiden, implementeren en evalueren van de normen inzake de infrastructuur en de uitrusting van de politiediensten, met inbegrip van het uniform, de identificatiemiddelen en de bewapening;3° inzake politionele informatie en ICT-middelen : a) de ontwikkeling van het concept van de politionele informatie;b) in overleg met de Vaste Commissie van de lokale politie : i) de voorbereiding van het beleid en van de regels inzake de politionele informatieverwerking en de communicatie- en informatiesystemen van de geïntegreerde politie; ii) de voorbereiding van de technische standaarden en van de regels inzake beheer van de communicatie- en informatiesystemen van de geïntegreerde politie; c) in overleg met de Vaste Commissie van de lokale politie, de ontwikkeling en het beheer van de communicatie- en informatiesystemen van de politiediensten;d) in overleg met de Vaste Commissie van de lokale politie, de ontwikkeling van de principes, processen en methoden, van de minimale functioneringsstandaarden voor, alsook de evaluatie van de efficiëntie en de kwaliteit van de informatiestromen van de communicatie- en informatiediensten van de arrondissementen, met inbegrip van het beheer van de oproepen bestemd voor de geïntegreerde politie via de 112-centra;e) het beheer van de algemene nationale gegevensbank bedoeld in artikel 44/7 van de wet op het politieambt;f) de organisatie van de terbeschikkingstelling van de operationele documentatie;4° inzake financiën : a) het administratieve beheer van de financiën van de federale politie, opvolging van de kredieten en interne controle van de financiën;b) de opmaak en de uitvoering van de begroting;5° het beheer van een databank inzake personeel, logistiek en financiën. HOOFDSTUK II. - Organisatie

Art. 7.De algemene directie van het middelenbeheer en de informatie is samengesteld uit : 1° de directie van het personeel;2° de directie van de logistiek;3° de directie van de politionele informatie en de ICT-middelen;4° de directie van de financiën. TITEL IV. - De algemene directie bestuurlijke politie HOOFDSTUK I. - Bevoegdheden

Art. 8.De algemene directie bestuurlijke politie verzekert de volgende opdrachten : 1° inzake bestuurlijke politie : a) overeenkomstig artikel 101, tweede lid, 2°, van de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus, de leiding en de operationele coördinatie van de opdrachten van bestuurlijke politie van de centrale diensten van de federale politie met inbegrip van de opvolging van de gebeurtenissen die een ernstige of georganiseerde bedreiging van de openbare orde kunnen vormen alsmede de vergaring en de exploitatie van de politionele informatie die noodzakelijk is voor de inzet van de geïntegreerde politie, overeenkomstig artikel 101, tweede lid, 1°, van de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus.Onverminderd de bevoegdheden van het commissariaat-generaal in dat domein onderhoudt de algemene directie rechtstreeks de internationale contacten mits onverwijlde kennisgeving aan de directie van de internationale politiesamenwerking.

De minister van Binnenlandse Zaken wordt systematisch op de hoogte gehouden van alles wat de openbare orde aanbelangt; b) de toekenning, de ondersteuning en de opvolging van gedeconcentreerde opdrachten van bestuurlijke politie die door de coördinatie- en steundirecties uitgevoerd worden;opdrachten die met name de vergaring en de exploitatie van de bovenlokale informatie bevatten die noodzakelijk is voor het beheer van de gebeurtenissen en de fenomenen; c) de conceptuele ontwikkeling van interventiemethodes en -technieken inzake bestuurlijke politie;d) de uitwerking, samen met de algemene directie gerechtelijke politie, van programma's overeenkomstig artikel 95 van de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus;e) de beleidsontwikkeling, de ondersteuning en de opvolging van de politionele slachtofferbejegening;2° inzake verbindingswegen, de gespecialiseerde opdrachten van bestuurlijke politie en de ondersteuning van die opdrachten inzake grenscontrole, verkeers-, spoorweg-, scheepvaart-, en luchtvaartpolitie;3° inzake gespecialiseerde steun : a) de gespecialiseerde beschermingsopdrachten van personen en goederen;b) de gespecialiseerde steunopdrachten voor het genegotieerde beheer van de publieke ruimte;c) de luchtsteun;d) de gespecialiseerde ondersteuning inzake met honden ondersteunde politieopdrachten;e) de bescherming van leden van de koninklijke familie en van de koninklijke paleizen;f) de bescherming van de SACEUR alsook politieopdrachten bij de SHAPE. HOOFDSTUK II. - Organisatie

Art. 9.De algemene directie bestuurlijke politie is samengesteld uit : 1° inzake bestuurlijke politie, de directie van de operaties inzake bestuurlijke politie;2° inzake verbindingswegen, de directie van : a) de wegpolitie, die centrale en gedeconcentreerde diensten bevat;b) de spoorwegpolitie, die centrale en gedeconcentreerde diensten bevat;c) de scheepvaartpolitie, die centrale en gedeconcentreerde diensten bevat;d) de luchtvaartpolitie, die centrale en gedeconcentreerde diensten bevat;3° inzake gespecialiseerde steun, de directie : a) bescherming, bestaande uit centrale entiteiten en gedeconcentreerde detachementen;b) openbare veiligheid;c) luchtsteun;d) hondensteun. TITEL V. - De algemene directie gerechtelijke politie HOOFDSTUK I. - De algemene directie Afdeling 1. - Bevoegdheden

Art. 10.De algemene directie gerechtelijke politie verzekert de volgende opdrachten : 1° de ontwikkeling, de expertise, de operationele coördinatie en steun, het onderzoek en de kwaliteits- en beheerscontrole;2° inzake operaties van gerechtelijke politie : a) overeenkomstig artikel 102, tweede lid, 1°, van de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus, de vergaring en de exploitatie van politionele informatie die noodzakelijk is voor de uitvoering van de opdrachten opgenomen in dit artikel.Onverminderd de bevoegdheden van het commissariaat-generaal in dat domein onderhoudt de algemene directie rechtstreeks de noodzakelijke internationale contacten mits onverwijlde informatie aan de directie van de internationale politiesamenwerking; b) overeenkomstig artikel 102, tweede lid, 2°, van de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus, de leiding en de operationele coördinatie van de opdrachten van gerechtelijke politie van de centrale diensten van de federale politie met inbegrip van : i) de uitwerking, samen met de algemene directie bestuurlijke politie, van programma's overeenkomstig artikel 95 van de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus; ii) de uitvoering van artikel 102, tweede lid, 4°, van de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus; iii) de strategische en operationele misdrijfanalyse; iv) de vermogensanalyse; v) de uitvoering van bewakingsmaatregelen inzake communicatie en telecommunicatie; vi) de opsporing van voortvluchtige personen in het raam van aan de federale politie toegekende onderzoeken en van voortvluchtige veroordeelden; vii) het nationale beheer van de bijzondere opsporingsmethoden, met inbegrip van het nationale informantenbeheer, overeenkomstig artikel 47, decies, § 2, van het wetboek van strafvordering en de uitvoering, de controle en de coördinatie van de interventies van de speciale eenheden; viii) de beschermingsmaatregelen die getroffen worden in het raam van de getuigenbescherming; ix) de identificatie van slachtoffers; c) de gespecialiseerde gerechtelijke opdrachten in het militaire milieu, met inbegrip van de detachementen van de federale politie die met toepassing van artikel 112, eerste lid, van de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus, geleverd worden;3° overeenkomstig artikel 102, tweede lid, 5°, van de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus, de opdrachten van technische en wetenschappelijke politie;4° de opdrachten en interventies van de speciale eenheden, welke bestaan uit : a) de bijzondere opsporingsmethoden observatie en infiltratie alsook de andere opsporingsmethoden van inkijkoperatie en direct afluisteren;b) de bijzondere opdrachten van bewaking en interventie;c) het beheer van de centrale technische interceptiefaciliteiten van de telecommunicatie;d) de gespecialiseerde ondersteuning aan de opdrachten van bestuurlijke politie;5° de gespecialiseerde opdrachten van gerechtelijke politie en de ondersteuning van deze opdrachten, inzonderheid wat de zware en georganiseerde criminaliteit betreft;6° de uitvoering van gespecialiseerde opdrachten van bestuurlijke politie, in het bijzonder de opvolging van risicogroeperingen;7° de organisatie, de coördinatie, het beheer, het mobiliseren, de inzet en de evaluatie van de gehypothekeerde capaciteit inzake opdrachten van gerechtelijke politie. Afdeling 2. - Organisatie

Art. 11.De algemene directie gerechtelijke politie is samengesteld uit : 1° de centrale directie van de operaties inzake gerechtelijke politie;2° de centrale directie van de technische en wetenschappelijke politie;3° de directie van de speciale eenheden die centrale en gedeconcentreerde diensten bevat;4° de centrale directie van de bestrijding van de zware en georganiseerde criminaliteit die bevat : a) centrale diensten voor de bestrijding van de corruptie, voor de bestrijding van de georganiseerde economische en financiële criminaliteit en voor de bestrijding van de informaticacriminaliteit;b) diensten belast met de opvolging van de prioritaire criminaliteitsfenomenen opgenomen in het nationaal veiligheidsplan;5° gedeconcentreerde gerechtelijke directies. HOOFDSTUK II. - De gedeconcentreerde directies Afdeling 1. - Bevoegdheden

Art. 12.De gedeconcentreerde gerechtelijke directies verzekeren de volgende opdrachten : 1° overeenkomstig artikel 105, § 1, van de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus, de uitvoering van de gespecialiseerde opdrachten van gerechtelijke politie;2° de uitvoering en de opvolging van het nationaal veiligheidsplan;3° het functionele beheer van de informatie van gerechtelijke politie;4° in bijkomende orde, de vergaring en de verwerking van de informatie betreffende de uitvoering van gespecialiseerde opdrachten van bestuurlijke politie;5° het lokale informantenbeheer, overeenkomstig artikel 47, decies, § 3, van het wetboek van strafvordering;6° de coördinatie van de operationele steunaanvragen die tot hun bevoegdheden behoren;7° de leiding, coördinatie en steun in de domeinen die tot hun bevoegdheid behoren;8° de opvolging van de deelname van de lokale politie aan lokale opdrachten van federale aard;9° in samenwerking met de coördinatie- en steundirecties, de bijdrage tot een geïntegreerde en integrale aanpak van de veiligheidsfenomenen. Afdeling 2. - Organisatie

Art. 13.De gedeconcentreerde gerechtelijke directies zijn samengesteld uit : 1° de dienst operationele leiding en coördinatie;2° de diensten gespecialiseerde opsporing;3° in de gedeconcentreerde directies van Antwerpen, Brussel, Charleroi/Bergen, Oost-Vlaanderen en Luik, de gespecialiseerde opsporingseenheden inzake terrorisme, georganiseerde economische en financiële criminaliteit, fiscale en sociale fraude en ICT-criminaliteit;4° het laboratorium van technische en wetenschappelijke politie; 5° operationele steundiensten.".

Art. 2.De titularissen van de directies bedoeld in dit besluit zijn bevoegd om de lopende procedures op de dag voorafgaand aan de inwerkingtreding van dit besluit verder te zetten.

Art. 3.Dit besluit treedt in werking op 1 oktober 2014.

Art. 4.De minister bevoegd voor Binnenlandse Zaken en de minister bevoegd voor Justitie zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 23 augustus 2014.

FILIP Van Koningswege : De Vice-Eerste Minister en Minister van Binnenlandse Zaken en Gelijke Kansen, M. WATHELET De Minister van Justitie, Mevr. M. DE BLOCK

Etaamb biedt de inhoud van de Belgisch Staatsblad aan gesorteerd op afkondigings- en publicatiedatum, behandeld om gemakkelijk leesbaar en afprintbaar te zijn, en verrijkt met een relationele context.
^