Etaamb.openjustice.be
Koninklijk Besluit van 24 augustus 2001
gepubliceerd op 20 september 2001

Koninklijk besluit tot wijziging van het besluit van 28 februari 1993 tot vaststelling van het organiek statuut van het Centrum voor gelijkheid van kansen en voor racismebestrijding

bron
ministerie van tewerkstelling en arbeid
numac
2001012857
pub.
20/09/2001
prom.
24/08/2001
ELI
eli/besluit/2001/08/24/2001012857/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

24 AUGUSTUS 2001. - Koninklijk besluit tot wijziging van het besluit van 28 februari 1993 tot vaststelling van het organiek statuut van het Centrum voor gelijkheid van kansen en voor racismebestrijding


ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet van 15 februari 1993 tot oprichting van een Centrum voor gelijkheid van kansen en voor racismebestrijding, inzonderheid op artikel 5;

Gelet op het koninklijk besluit van 28 februari 1993 tot vaststelling van het organiek statuut van het Centrum voor gelijkheid van kansen en voor racismebestrijding;

Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 8 februari 2001;

Gelet op de akkoordbevinding van Onze Minister van Ambtenarenzaken, gegeven op 19 februari 2001;

Gelet op de akkoordbevinding van Onze Minister van Begroting, gegeven op 8 februari 2001;

Gelet op het Protocol nr 102/2 van 11 juni 2001 van het Sectorcomité I, Algemeen Bestuur;

Gelet op het overleg van de Ministerraad van 9 maart 2001 over de vraag aan de Raad van State om advies te verstrekken binnen een termijn van een maand;

Gelet op het advies van de Raad van State gegeven op 23 mei 2001, met toepassing van artikel 84, eerste lid, 1E, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State;

Op de voordracht van Onze Eerste Minister, van Onze Vice-Eerste Minister, Minister van Werkgelegenheid en Gelijke-kansenbeleid en op het advies van Onze in Raad vergaderde Ministers, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1."In artikel 1 van het koninklijk besluit van 28 februari 1993 tot vaststelling van het organiek statuut van het Centrum voor gelijkheid van kansen en voor racismebestrijding, wordt § 1 door de volgende bepaling vervangen : 1° "§ 1er Het Centrum voor gelijkheid van kansen en voor racismebestrijding, hierna "het Centrum" genoemd, wordt bestuurd door een raad van bestuur die samengesteld is uit : 1) 10 Franstalige leden;2) 10 Nederlandstalige leden;3) 1 Duitstalig lid.2° In § 2, worden de woorden 'de uitvoerende machten' door 'de Regeringen' vervangen 3° Het eerste lid van § 7 wordt gewijzigd als volgt : « het mandaat van effectief lid of van plaatsvervangend lid evenals dat van directeur, adjunct-directeur of coördinator zijn onverenigbaar met :" 4° Er wordt een § 8 toegevoegd : « Het mandaat van directeur, adjunct-directeur of coördinator is onverenigbaar met dat van effectief of plaatsvervangend lid van de raad van bestuur".

Art. 2.Er wordt een artikel 1bis ingevoegd, luidend als volgt : « Er wordt een college opgericht, samengesteld uit : 1) een directeur en een adjunct-directeur van een verschillende taalrol;2) vier coördinatoren paritair ingedeeld per taalrol.

Art. 3.Er wordt een artikel 1ter ingevoegd, luidend als volgt : «

Art. 1ter.§ 1. De directeur, de adjunct-directeur en de coördinatoren worden voor een hernieuwbaar mandaat van zes jaar door Ons benoemd, bij een in Ministerraad overlegd besluit, op gemotiveerd advies van de raad van bestuur. § 2. De vacature van de functies bedoeld in § 1 wordt door een bericht in het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt.

Dit bericht nodigt de kandidaten uit om hun aanspraken te doen gelden en stelt de termijn voor het indienen van de kandidaturen vast.

De Minister die bevoegd is voor het Centrum voor Gelijkheid van Kansen, bezorgt de kandidaturen bedoeld in het eerste lid aan de raad van bestuur die een advies moet uitbrengen binnen een termijn van vijftien dagen, ingaande op de dag waarop de kandidaturen aan de raad werden bezorgd.

Indien het advies niet werd verstrekt binnen de in het 3e lid vastgestelde termijn, wordt het over het hoofd gezien".

Art. 4.In artikel 4, § 2, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° In het eerste lid worden de woorden "aan de directeur en aan de adjunct-directeur" vervangen door "aan de leden van het college";

Art. 5.Artikel 5 wordt door de volgende bepaling vervangen : «

Art. 5.§ 1. Het algemeen beleid van het Centrum wordt bepaald door de raad van bestuur De raad van bestuur bepaalt de functies van de coördinatoren. § 2. Het college bepaalt de taken en de verantwoordelijkheden van de coördinatoren. § 3. De directeur en de adjunct-directeur geven jaarlijks rekenschap aan de raad van bestuur over de uitvoering van het algemeen beleid van het Centrum op grond van het verslag dat wordt opgesteld door het college. § 4. Zij worden gezamenlijk belast met de uitvoering van de beslissingen van de raad van bestuur waarvan zij het secretariaat waarnemen, met het dagelijks bestuur en het voeren van het algemeen beleid van het Centrum. § 5. De leden van het college wonen de beraadslagingen van de raad van bestuur bij en hebben een raadgevende stem". § 6. Het college zal jaarlijks een verslag opstellen betreffende het uitvoeren van het algemeen beleid van het Centrum.

Art. 6.In artikel 6, derde lid worden de woorden "de directeur" vervangen door "de leden van het college".

Art. 7.In artikel 8, tweede lid, worden de woorden "13 november 1967 tot vaststelling van de administratieve toestand van de Rijksambtenaren die met een opdracht worden belast" vervangen door "19 november 1998 betreffende de verloven toegestaan aan de personeelsleden van de rijksbesturen".

Art. 8.Op de datum van inwerkingtreding van dit besluit wordt de raad van bestuur vernieuwd overeenkomstig de regels bedoeld in artikel 1 van voornoemd koninklijk besluit van 28 februari 1993, gewijzigd bij dit besluit.

De mandaten van de huidige leden van de raad van bestuur eindigen op het ogenblik dat de nieuwe benoemingen plaatsvinden.

Art. 9.Onze Eerste Minister en Onze Vice-Eerste Minister, Minister van Werkgelegenheid en Gelijke-Kansenbeleid zijn belast, ieder wat hem betreft, met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 24 augustus 2001.

ALBERT Van Koningswege : De Eerste Minister, G. VERHOFSTADT De Vice-Eerste Minister, Minister van Werkgelegenheid en Gelijke-Kansenbeleid, Mevr. L. ONKELINX

^