Koninklijk Besluit van 26 oktober 2015
gepubliceerd op 30 oktober 2015
OpenJustice.be: Open Data & Open Source

Koninklijk besluit tot uitvoering van artikel 427 van de programmawet van 27 december 2004

bron
federale overheidsdienst financien
numac
2015003360
pub.
30/10/2015
prom.
26/10/2015
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.pl?language=nl&(...)
Document Qrcode

Numac : 2015003360

FEDERALE OVERHEIDSDIENST FINANCIEN


26 OKTOBER 2015. - Koninklijk besluit tot uitvoering van artikel 427 van de programmawet van 27 december 2004


VERSLAG AAN DE KONING Sire, In artikel 427 van de programmawet van 27 december 2004 wordt aan de Koning de mogelijkheid geboden om de voorwaarden en eventuele beperkingen vast te leggen met betrekking tot het toepassen van een verhoging of verlaging van de accijnzen op voorraden energieproducten die tot verbruik zijn uitgeslagen en dit bij wijziging van één of meer tarieven inzake accijnzen.

Bij toepassing van artikelen 1 en 2 van het koninklijk besluit van 26 oktober 2015 tot voorlopige wijziging van de programmawet van 27 december 2004, worden de tarieven van gasolie gebruikt als motorbrandstof verhoogd.

Het ontwerp van koninklijk besluit dat wij de eer hebben aan Uwe Majesteit voor te leggen heeft tot doel de voorwaarden vast te leggen binnen dewelke een heffing van de aanvullende bijzondere accijns dient te geschieden op de voorraden energieproducten die al in verbruik werden gesteld, bij de verhoging van het tarief van de bijzondere accijns op gasolie gebruikt als motorbrandstof zoals bepaald in artikelen 1 en 2 van het koninklijk besluit van 26 oktober 2015 tot voorlopige wijziging van de programmawet van 27 december 2004.

Ik heb de eer te zijn, Sire, Van Uwe Majesteit, de zeer eerbiedige en zeer getrouwe dienaar, De Minister van Financiën, J. VAN OVERTVELDT

26 OKTOBER 2015. - Koninklijk besluit tot uitvoering van artikel 427 van de programmawet van 27 december 2004 FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de programmawet van 27 december 2004, inzonderheid artikel 427;

Gelet op het koninklijk besluit van 26 oktober 2015 tot voorlopige wijziging van de programmawet van 27 december 2004, inzonderheid artikelen 1 en 2;

Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, uitgebracht op 19 oktober 2015;

Gelet op de akkoordbevinding van onze Minister van Begroting, gegeven op 23 oktober 2015;

Gelet op de wetten van de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, inzonderheid op artikel 3, § 1, vervangen bij de wet van 4 juli 1989 en gewijzigd bij de wet van 4 augustus 1996;

Gelet op de dringende noodzakelijkheid, overwegende dat met het koninklijk besluit van 26 oktober 2015 tot voorlopige wijziging van de programmawet van 27 december 2004 de accijnstarieven van gasolie gebruikt als motorbrandstof vanaf 1 november 2015 verhogen; dit besluit tot doel heeft de voorwaarden vast te leggen binnen dewelke een verhoging inzake accijnzen op de voorraden energieproducten die al tot verbruik werden uitgeslagen zal plaatsvinden; dat, in die omstandigheden, dit besluit zonder uitstel dient te worden genomen;

Op de voordracht van Onze Minister van Financiën, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.§ 1. De gasolie van de GN-codes 2710 19 41, 2710 19 45 en 2710 19 49 bedoeld bij artikel 419, e), i) en f), i) van de programmawet van 27 december 2004 die op de dag van de verhoging van de bijzondere accijns bedoeld bij artikelen 1 en 2 van het koninklijk besluit van 26 oktober 2015 tot voorlopige wijziging van de programmawet van 27 december 2004, te 0 uur na inverbruikstelling hier te lande voorhanden is in de inrichtingen van handelaars, van depothouders en van houders van een tankstation of onderweg is met bestemming naar genoemde inrichtingen, is onderworpen aan een aanvullende bijzondere accijns gelijk aan de ingestelde verhoging van de bijzondere accijns. § 2. Voor de toepassing van § 1 wordt verstaan onder : 1° handelaar : iedere persoon die gehouden is over een vergunning energieproducten en elektriciteit te beschikken overeenkomstig artikel 14, § 1, 4° van het koninklijk besluit van 28 juni 2015 betreffende de belasting van energieproducten en elektriciteit;2° depothouders : alle personen met uitsluiting van particulieren, die, in welke hoedanigheid ook, de bij § 1 bedoelde energieproducten voorhanden hebben en deze niet uitsluitend voor eigen gebruik aanwenden;3° houder van een tankstation : zoals bedoeld bij artikel 14, § 1, 5° van het koninklijk besluit van 28 juni 2015 betreffende de belasting van energieproducten en elektriciteit.

Art. 2.§ 1. De aanvullende bijzondere accijns bedoeld bij artikel 1, § 1, is verschuldigd door de in artikel 1, § 2, bedoelde personen die de energieproducten die aan deze aanvullende bijzondere accijns onderworpen zijn, op de dag van de betrokken verhoogde accijnsheffing voorhanden hebben.

Voor de onderweg zijnde energieproducten is de aanvullende bijzondere accijns verschuldigd door de geadresseerde indien deze de hoedanigheid heeft van een in artikel 1, § 2, bedoelde persoon. § 2. De verschuldigde aanvullende bijzondere accijns moet worden voldaan op het door de Minister van Financiën aangewezen hulpkantoor der douane en accijnzen, uiterlijk de donderdag van de week die volgt op de week van de tariefverhoging van de bijzondere accijns.

Art. 3.De bij artikel 1, § 1, vastgestelde aanvullende bijzondere accijns wordt slechts geheven in de mate dat de belastbare hoeveelheid 1 000 liter overtreft en dit per soort van energieproduct waavoor een afzonderlijk tarief van de accijnzen van toepassing is.

Art. 4.Onze Minister van Financiën regelt de uitvoeringsmaatregelen in verband met de bij artikel 1, § 1, bedoelde heffing van de aanvullende bijzondere accijns. Hij kan hierbij voorschrijven dat de bezitters en de geadresseerden van belastbare energieproducten aangifte moeten doen van hun voorraden en, in voorkomend geval, alle nodige inlichtingen en bewijsstukken verstrekken om aan te tonen dat de bedoelde motorbrandstoffen uitsluitend voor hun eigen behoeften worden aangewend.

Art. 5.Dit besluit treedt in werking op 1 november 2015.

Art. 6.Onze Minister van Financiën is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 26 oktober 2015.

FILIP Van Koningswege : De Minister van Financiën, J. VAN OVERTVELDT


begin


Publicatie : 2015-10-

Etaamb biedt de inhoud van de Belgisch Staatsblad aan gesorteerd op afkondigings- en publicatiedatum, behandeld om gemakkelijk leesbaar en afprintbaar te zijn, en verrijkt met een relationele context.
^