Etaamb.openjustice.be
Koninklijk Besluit van 27 juni 2000
gepubliceerd op 09 september 2000

Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 25 juni 1997, gesloten in het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid, betreffende het brugpensioen op 55 en 56 jaar in de groentenconservennijverheid

bron
ministerie van tewerkstelling en arbeid
numac
2000012517
pub.
09/09/2000
prom.
27/06/2000
ELI
eli/besluit/2000/06/27/2000012517/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

27 JUNI 2000. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 25 juni 1997, gesloten in het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid, betreffende het brugpensioen op 55 en 56 jaar in de groentenconservennijverheid (1)


ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel 28;

Gelet op de wet van 26 juli 1996 tot bevordering van de werkgelegenheid en tot preventieve vrijwaring van het concurrentievermogen inzonderheid op artikel 23;

Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid;

Op de voordracht van Onze Minister van Werkgelegenheid, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 25 juni 1997, gesloten in het Paritair Comité voor de voedingsnijverheid, betreffende het brugpensioen op 55 en 56 jaar in de groentenconservennijverheid.

Art. 2.Onze Minister van Werkgelegenheid is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 27 juni 2000.

ALBERT Van Koningswege : De Minister van Werkgelegenheid, Mevr. L. ONKELINX _______ Nota (1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad : Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Wet van 26 juli 1996, Belgisch Staatsblad van 1 augustus 1996.

Bijlage Paritair Comité voor de voedingsnijverheid Collectieve arbeidsovereenkomst van 25 juni 1997 Conventioneel brugpensioen op 55 en 56 jaar voor de werklieden en werksters van de groentenconservennijverheid (Overeenkomst geregistreerd op 29 septembre 1997 onder het nummer 45490/CO/118.09)

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de werkgevers en op de werklieden en werksters van de groentenconservennijverheid, met name de ondernemingen van de groentenconserven, watervrije groenten, zuurkool, in zout ingelegde groenten, bereiding van droge, bevroren en diepgevroren groenten, het schoonmaken en het bereiden van verse groenten, die als Rijksdienst voor sociale zekerheid -kengetal het nummer 51/............ dragen.

Tot de sector van de groentenconservennijverheid behoren de ondernemingen die hoofdzakelijk een assortiment groenten en/of plantaardige produkten in eerste of tweede verwerking voor langdurige bewaring bewerken door appertisatie in blik of glas, door pasteurisatie en/of diepvries.

Art. 2.De aanvullende vergoeding, ingesteld in het kader van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van 19 december 1974, gesloten in de Nationale arbeidsraad wordt toegekend aan de in artikel 1 bedoelde werknemers die tewerkgesteld zijn krachtens een arbeidsovereenkomst voor werklieden of werksters en permanente arbeiders zijn en die voldoen aan de wettelijke gestelde anciënniteitsvoorwaarden om het statuut van bruggepensioneerde te kunnen bekomen.

Art. 3.Voor de periode van 1 juli 1997 tot en met 31 december 1997 is deze collectieve arbeidsovereenkomst uitsluitend van toepassing op de werklieden en werksters die de ouderdom van 55 jaar of meer bereiken, die, overeenkomstig artikel 23 van de wet van 26 juli 1996 tot bevordering van de werkgelegenheid en tot preventieve vrijwaring van het concurrentievermogen (Belgisch Staatsblad van 1 augustus 1996), en haar uitvoeringsbesluiten, een beroepsverleden kunnen aantonen van 33 jaar als werknemer, waarvan 20 jaar in een arbeidsregime zoals bedoeld in artikel 1 van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 46, gesloten op 23 maart 1990, die een beroepsloopbaan van 10 jaar in het bedrijf of de sector van de voedingsnijverheid hebben en die voldoen aan de wettelijke gestelde anciënniteitsvoorwaarden om het statuut van bruggepensioneerde te kunnen bekomen.

Voor de periode van 1 januari 1998 tot en met 31 december 1998 is deze collectieve arbeidsovereenkomst uitsluitend van toepassing op de werklieden en werksters die de ouderdom van 56 jaar of meer bereiken, die, overeenkomstig artikel 23 van de wet van 26 juli 1996 tot bevordering van de werkgelegenheid en tot preventieve vrijwaring van het concurrentievermogen, en haar uitvoeringsbesluiten, een beroepsverleden kunnen aantonen van 33 jaar als werknemer, waarvan 20 jaar in een arbeidsregime zoals bedoeld in artikel 1 van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 46, gesloten op 23 maart 1990, die een beroepsloopbaan van 10 jaar in het bedrijf of de sector van de voedingsnijverheid hebben en die voldoen aan de wettelijke gestelde anciënniteitsvoorwaarden om het statuut van bruggepensioneerde te kunnen bekomen.

Art. 4.Onder voorbehoud van de bepalingen van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, moet het ontslag waarvan sprake in artikel 2, het gevolg zijn van een initiatief van de werkgever en/of de vraag kan uitgaan van de werknemer. Partijen zullen rekening houden met de arbeidsorganisatorische omstandigheden. Voor de ondernemingen die 10 werknemers en minder tewerkstellen gaat het ontslag uitsluitend uit van de werkgever.

Art. 5.De aanvullende vergoeding waarvan sprake in artikel 2 wordt betaald door de werkgevers bedoeld in artikel 1.

Art. 6.Overeenkomstig de wettelijke bepalingen is de vervanging van de bruggepensioneerde verplicht. De sancties, onder welke vorm ook, die voortvloeien uit de wettelijke verplichtingen inzake brugpensioen blijven volledig ten laste van de individuele ondernemingen.

De vervanging van de bruggepensioneerde werkman of werksters zal in principe gebeuren door een werkman of werksters. De afwijking op deze bepaling wodt toegelicht voor de ondernemingsraad.

Art. 7.De bijzondere maandelijkse werkgeversbijdrage per bruggepensioneerde blijven volledig ten laste van de individuele ondernemingen.

Art. 8.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is gesloten voor een bepaalde tijd. Zij heeft uitwerking met ingang van 1 juli 1997 en houdt op van kracht te zijn op 31 december 1998.

Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 27 juni 2000.

De Minister van Werkgelegenheid, Mevr. L. ONKELINX

^