Koninklijk Besluit van 28 april 2014
gepubliceerd op 22 augustus 2014

Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 24 oktober 2013, gesloten in het Paritair Comité voor de uitzendarbeid en de erkende ondernemingen die buurtwerken of -diensten leveren, betreffende de

bron
federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg
numac
2014202233
pub.
22/08/2014
prom.
28/04/2014
staatsblad
http://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.pl?language=nl&c(...)
Document Qrcode

28 APRIL 2014. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 24 oktober 2013, gesloten in het Paritair Comité voor de uitzendarbeid en de erkende ondernemingen die buurtwerken of -diensten leveren, betreffende de vorming en tewerkstelling van de uitzendkrachten (1)


FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel 28;

Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de uitzendarbeid en de erkende ondernemingen die buurtwerken of -diensten leveren;

Op de voordracht van de Minister van Werk, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 24 oktober 2013, gesloten in het Paritair Comité voor de uitzendarbeid en de erkende ondernemingen die buurtwerken of -diensten leveren, betreffende de vorming en tewerkstelling van de uitzendkrachten.

Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 28 april 2014.

FILIP Van Koningswege : De Minister van Werk, Mevr. M. DE CONINCK _______ Nota (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Bijlage Paritair Comité voor de uitzendarbeid en de erkende ondernemingen die buurtwerken of -diensten leveren Collectieve arbeidsovereenkomst van 24 oktober 2013 Vorming en tewerkstelling van de uitzendkrachten (Overeenkomst geregistreerd op 11 december 2013 onder het nummer 118365/CO/322)

Artikel 1.In toepassing van artikel 30 van de wet betreffende het Generatiepact van 23 december 2005 en van haar uitvoerings-koninklijk besluit van 11 oktober 2007, wordt voor 2013 en 2014 voorzien in een jaarlijkse toename van de participatiegraad aan vorming en opleiding met minstens 5 procentpunten.

Art. 2.Toepassingsgebied Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op : 1. de uitzendbureaus, bedoeld bij artikel 7, 1° van de wet van 24 juli 1987 betreffende de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter beschikking stellen van werknemers ten behoeve van gebruikers, met uitsluiting van de uitzendbureaus die erkend zijn om activiteiten uit te oefenen in het Paritair Comité voor het bouwbedrijf (PC 124);2. de uitzendkrachten, bedoeld bij artikel 7, 3° van genoemde wet van 24 juli 1987, die door de uitzendbureaus worden tewerkgesteld, met uitsluiting van de uitzendkrachten die in dienst zijn van een uitzendbedrijf dat erkend is om activiteiten uit te oefenen in het Paritair Comité voor het bouwbedrijf (PC 124).

Art. 3.Inspanningen inzake vorming van uitzendkrachten § 1. De werkgever verbindt er zich toe bijkomende vorming en opleiding te voorzien voor de uitzendkrachten. § 2. Ter ondersteuning van deze maatregel betaalt de werkgever aan het "Sociaal Fonds voor de uitzendkrachten" de bijdrage van 0,40 pct. op het loon voorzien in artikel 14, c) van de collectieve arbeidsovereenkomst van 3 oktober 2011 betreffende het fonds voor bestaanszekerheid voor de uitzendkrachten, voor de verwezenlijking van artikel 3, 8°, van dezelfde collectieve arbeidsovereenkomst.

In correlatie hiermee staat een trekkingsrecht ten gunste van de werkgevers die aantonen vormingsinspanningen te hebben geleverd. De modaliteiten tot uitoefening van dit trekkingsrecht worden door het "Sociaal Fonds voor de uitzendkrachten" vastgesteld. § 3. Voor de toepassing van artikel 1, kan de verhoging van de participatiegraad aan vorming en opleiding met minstens 5 procentpunten, inzonderheid het gevolg zijn van het aanbieden van een vormingsaanbod naar aanleiding van de samenwerking van het "Vormingsfonds voor uitzendkrachten" met vormingsfondsen van andere sectoren teneinde tot meer opleidingsmodules te komen, die door de uitzendkrachten gevolgd kunnen worden.

Art. 4.Duur Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1 juli 2013.

Zij wordt gesloten voor een bepaalde duur en verstrijkt op 30 juni 2015.

Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 28 april 2014.

De Minister van Werk, Mevr. M. DE CONINCK

Etaamb biedt de inhoud van de Belgisch Staatsblad aan gesorteerd op afkondigings- en publicatiedatum, behandeld om gemakkelijk leesbaar en afprintbaar te zijn, en verrijkt met een relationele context.
^