Etaamb.openjustice.be
Koninklijk Besluit van 28 november 2001
gepubliceerd op 29 december 2001

Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 8 mei 2000, gesloten in het Paritair Subcomité voor de haven van Gent, tot vaststelling van het statuut van havenarbeider van het aanvullend contingent aan de haven van Gent

bron
ministerie van tewerkstelling en arbeid
numac
2001013166
pub.
29/12/2001
prom.
28/11/2001
ELI
eli/besluit/2001/11/28/2001013166/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

28 NOVEMBER 2001. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 8 mei 2000, gesloten in het Paritair Subcomité voor de haven van Gent, tot vaststelling van het statuut van havenarbeider van het aanvullend contingent aan de haven van Gent (1)


ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel 28;

Gelet op het verzoek van het Paritair Subcomité voor de haven van Gent;

Op de voordracht van Onze Minister van Werkgelegenheid, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 8 mei 2000, gesloten in het Paritair Subcomité voor de haven van Gent, tot vaststelling van het statuut van havenarbeider van het aanvullend contingent aan de haven van Gent.

Art. 2.Onze Minister van Werkgelegenheid is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 28 november 2001.

ALBERT Van Koningswege : De Minister van Werkgelegenheid, Mevr. L. ONKELINX _______ Nota (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Bijlage Paritair Subcomité voor de haven van Gent Collectieve arbeidsovereenkomst van 8 mei 2000 Vaststelling van het statuut van havenarbeider van het aanvullend contingent aan de haven van Gent (Overeenkomst geregistreerd op 22 juni 2000 onder het nummer 55176/CO/301.02) Toepassingsgebied

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de werkgevers die ressorteren onder het Paritair Subcomité voor de haven van Gent en op sommige havenarbeiders die zij tewerkstellen, meer bepaald deze arbeiders die tot het "aanvullend contingent" behoren, zoals dit werd vastgelegd bij advies van het Paritair Comité voor het havenbedrijf op 24 februari 1999, en bij advies van het Paritair Subcomité voor de haven van Gent op 30 maart 1999, voor de haven van Gent, geconcretiseerd bij koninklijk besluit van 4 juni 1999.

Doelstelling en afbakening

Art. 2.De activiteiten van opslag en distributie en logistieke dienstverlening binnen het Gentse havengebied ressorteren onder de bevoegdheid van het Paritair Subcomité voor de haven van Gent.

Deze zogenaamde aanvullende en logistieke diensten spelen een ondersteunende en zelfs genererende rol bij de eigenlijke havenactiviteiten, waaraan ze complementair zijn. Aanvullende en logistieke dienstverlening moet indirect leiden tot een aanwijsbare toegevoegde waarde, vertaald in een toename van arbeidskansen voor de havenarbeiders van het algemeen contingent.

De arbeiders van de aanvullende en logistieke dienstverlening verrichten deze arbeid (met inbegrip van alle bijkomende activiteiten die verricht worden aan goederen ter voorbereiding van hun distributie) in de bedrijven waarvoor een bedrijfsakkoord gesloten is.

Deze bijkomende activiteiten dienen duidelijk omschreven te worden in het bedrijfsakkoord.

Elk bedrijfsakkoord inzake aanvullende en logistieke dienstverlening kan slechts geldig worden gesloten mits ondertekening ervan in aanwezigheid van de voorzitter of ondervoorzitter van het Paritair Subcomité voor de haven van Gent en van een afgevaardigde van de erkende organisatie van werkgevers waarvan sprake onder artikel 7 van deze collectieve arbeidsovereenkomst.

Behandeling van conventionele goederen of massagoederen zonder verwezenlijking van een toegevoegde waarde, aan- en afleveren van goederen evenals stuffen en strippen behoort in principe niet tot het domein van de aanvullende en logistieke dienstverlening, maar er kan rekening worden gehouden met de operaties die behoren tot de geïntegreerde activiteiten.

Recrutering

Art. 3.De aanvullende en logistieke diensten zijn toegankelijk voor zowel mannen als vrouwen. Enkel de arbeiders die voldoen aan de erkenningsvoorwaarden uit het koninklijk besluit van 21 april 1977, zoals gewijzigd bij koninklijk besluit van 4 juni 1999, komen hiervoor in aanmerking. De individuele werkgever mag in functie van zijn concrete werkzaamheden bijkomende strengere voorwaarden opleggen.

Havenarbeiders van het aanvullend contingent zijn werknemers in vast dienstverband; zij worden individueel aangeworven door de werkgevers met een geschreven arbeidsovereenkomst, die wordt beheerst door de bepalingen van de arbeidsovereenkomstenwet (wet van 3 juli 1978).

Een copie van de arbeidsovereenkomst wordt onmiddellijk overgemaakt aan vzw Centrale Betaalkassen der CEPG, die deze afschriften doorlopend nummert en de aanwerving meldt aan het Paritair Subcomité voor de haven van Gent met het oog op erkenning.

De erkenning is gekoppeld aan de firma waarmee de havenarbeider van het aanvullend contingent een arbeidsovereenkomst heeft gesloten en gaat automatisch teniet bij het einde van deze arbeidsovereenkomst. De betrokken werknemer wordt hierbij opnieuw ter beschikking gesteld van de algemene arbeidsmarkt.

Overgangsbepaling havenarbeiders algemeen contingent

Art. 4.De erkenning van een erkende Gentse havenarbeider van het algemeen contingent, die in dienst treedt van een havenwerkgever als havenarbeider van het aanvullend contingent, wordt voor de duur van deze tewerkstelling geschorst.

Bij het einde van de arbeidsovereenkomst, anders dan ingevolge afdanking door de werkgever omwille van een dringende reden, wordt de gewezen losse havenarbeider op zijn verzoek opnieuw opgenomen in het los contingent als erkende havenarbeider, met behoud van de rechten waarop hij aanspraak kon maken vóór de tijdelijke schorsing van de erkenning.

Loon- en arbeidsvoorwaarden Principe

Art. 5.Voor het minimumuurloon en de maximale arbeidsduur gelden de bepalingen van artikel 2, respectievelijk 3, van de collectieve arbeidsovereenkomst van 30 april 1999, gesloten in het Paritair Comité voor het havenbedrijf.

Loon Het minimumuurloon (in BEF) wordt vastgesteld als volgt : - ongeschoolde arbeider : . . . . . 338 BEF - polyvalente of geschoolde arbeider : . . . . . 361 BEF - ploegbaas : . . . . . 383 BEF Dit bedrag geldt voor elke tewerkstelling op de gewone werkdagen van de vijfdagenweek voor prestaties tussen 6 en 22 uur.

Het basisloon is gekoppeld aan een schaal van spilindexcijfers (huidige schaal 103,85 - 105,51) waarvan de opeenvolgende spilindexen telkens een verschil van 1,6 pct. naar boven of naar onder ten opzichte van de vorige spilindex vertonen. Deze loonaanpassingen treden in voege om 6 uur van de zevende dag na de datum van bekendmaking in het Belgisch Staatsblad van het indexcijfer dat tot deze aanpassing aanleiding geeft. Alleen de laatste datum komt in aanmerking indien het Belgisch Staatsblad meerdere data draagt.

Toeslagen Volgende toeslagen worden toegekend : - voor nachtwerk (op werkdagen tussen 22 uur en 6 uur) + 50 pct. - voor zaterdagwerk (tussen 6 uur en 22 uur) + 50 pct. - voor zon- en feestdagwerk (tussen 22 uur de voorafgaande dag tot 6 uur de volgende dag) + 100 pct.

Op basis van de bedrijfskarakteristieken kunnen looncategorieën worden uitgewerkt.

Eindejaarspremie Een eindejaarsconjunctuurpremie wordt toegekend; de hoeveelheid en de modaliteiten zullen paritair worden besproken.

Anciënniteitsvakantie Na 5 jaar dienst wordt een eerste anciënniteitsvakantiedag toegekend; na elke volgende periode van 5 jaar wordt een bijkomende anciënniteitsvakantiedag toegekend.

Carensdag Indien door toepassing van de wet het gewaarborgd loon verschuldigd is en de arbeidsongeschiktheid wegens ziekte of ongeval van gemeen recht meer dan 7 kalenderdagen duurt, vervalt de carensdag.

Bijkomende voordelen De havenarbeiders die behoren tot het aanvullend contingent kunnen geen aanspraak maken op de bijkomende voordelen die conventioneel werden verleend aan de havenarbeiders die behoren tot het algemeen contingent (ook "losse havenarbeiders" genaamd), noch ten laste van hun individuele werkgever, noch ten laste van v.z.w. Centrale Betaalkassen der CEPG, noch ten laste van het Fonds voor Bestaanszekerheid aan de haven van Gent.

Syndicale premie

Art. 6.Per gewerkte of gelijkgestelde taak wordt een bedrag van 34 BEF als syndicale premie gestort aan het gemeenschappelijk vakbondsfront.

Erkende organisatie van werkgevers

Art. 7.De werkgevers die havenarbeiders van het aanvullend contingent tewerkstellen dienen zich, ook op gebied van loonbetalingen, in regel te stellen met de werkgeversorganisatie voor de haven van Gent, zoals erkend bij toepassing van artikel 3bis van de wet van 8 juni 1972, ingevoegd bij wet van 17 juli 1985.

Tijdelijke werkloosheid

Art. 8.Tijdelijke werkloosheid is mogelijk conform de wet op de arbeidsovereenkomsten (3 juli 1978).

Werkkledij

Art. 9.Inzake toekenning, was en onderhoud van de werkkledij gelden lastens de individuele werkgever de bepalingen van het ARAB. Specifieke maatregelen kunnen worden vastgelegd binnen het gemeenschappelijk comité voor preventie en bescherming op het werk voor de haven van Gent.

Fonds voor Bestaanszekerheid aan de haven van Gent

Art. 10.Op de brutolonen van de havenarbeiders, bedoeld onder artikel 4 van deze collectieve arbeidsovereenkomst, is gedurende hun tewerkstelling als havenarbeider van het aanvullend contingent door de werkgever een bijdrage van 1,17 pct. verschuldigd aan het Fonds voor Bestaanszekerheid aan de haven van Gent.

Duurtijd

Art. 11.Betwistingen omtrent deze collectieve arbeidsovereenkomst vallen onder de bevoegdheid van het Paritair Subcomité van de haven van Gent.

Dit akkoord treedt in werking op 15 mei 2000 en wordt afgesloten voor onbepaalde tijd. Elk der contracterende partijen kan het opzeggen mits een opzeggingstermijn van zes maanden die bij een ter post aangetekende brief wordt betekend aan de voorzitter van het Paritair Subcomité voor de haven van Gent.

Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 28 november 2001.

De Minister van Werkgelegenheid, Mevr. L. ONKELINX

^