Etaamb.openjustice.be
Ministerieel Besluit van 03 april 2006
gepubliceerd op 27 april 2006

Ministerieel besluit betreffende het register dat gegevens bevat aangaande sommige handelingen door veiligheidsagenten

bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
numac
2006000316
pub.
27/04/2006
prom.
03/04/2006
ELI
eli/besluit/2006/04/03/2006000316/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
links
Raad van State (chrono)
Document Qrcode

3 APRIL 2006. - Ministerieel besluit betreffende het register dat gegevens bevat aangaande sommige handelingen door veiligheidsagenten


De Minister van Binnenlandse Zaken, Gelet op de wet van 10 april 1990 tot regeling van de private en de bijzondere veiligheid, gewijzigd bij de wetten van 18 juli 1997, 9 juni 1999, 10 juni 2001, 25 april 2004, 7 mei 2004, 27 december 2004 en 2 september 2005, inzonderheid 13.15., tweede lid;

Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, inzonderheid op artikel 84, § 1, 2°, vervangen door de wet van 4 juli 1989 en gewijzigd door de wet van 4 augustus 1996;

Gelet op de dringende noodzakelijkheid;

Overwegende dat de dringende noodzakelijkheid gemotiveerd is door het feit dat de wetgever voorzien heeft in de mogelijkheid tot het oprichten van specifieke veiligheidsdiensten bij de openbare vervoersmaatschappijen om zo snel mogelijk het hoofd te kunnen bieden aan de geweldplegingen ten aanzien van het personeel en de reizigers van de openbare vervoersmaatschappijen. Het is de uitdrukkelijke wil van de wetgever om deze diensten snel op een wettelijke wijze te kunnen organiseren;

Overwegende dat de dringende noodzakelijkheid tevens gemotiveerd is door het feit dat de veiligheidsdienst bij de NMBS-Holding NV, zoals bedoeld in artikel 13.3 van de wet, is opgestart;

Dat de wetgever gewild heeft dat de overheid de naleving van de betrokken bepalingen daadwerkelijk zou kunnen controleren; dat hij daarom voorzien heeft dat de veiligheidsdienst een register moet bijhouden, waarin telkens melding gemaakt wordt van het stellen van handelingen voorzien in de artikelen 13.5 en 13.12 tot 13.14 door veiligheidsagenten;

Dat de betrokken veiligheidsdiensten deze wettelijke vereiste slechts kunnen naleven nadat de Minister van Binnenlandse Zaken de inhoud en de vorm van dit register heeft bepaald;

Dat om daadwerkelijke controle mogelijk te maken, het bepalen van dit register dringend noodzakelijk is;

Gelet op advies nr. 40.032/2 van de Raad van State, gegeven op 20 maart 2006, Besluit :

Artikel 1.Voor de toepassing van dit besluit dient verstaan te worden onder : 1° De wet : de wet van 10 april 1990 tot regeling van de private en de bijzondere veiligheid, gewijzigd bij de wetten van 18 juli 1997, 9 juni 1999, 10 juni 2001, 25 april 2004, 7 mei 2004, 27 december 2004 en 2 september 2005;2° De veiligheidsdienst : dienst, zoals bedoeld in artikel 1, § 11, van de wet; 3° Het register : register, zoals bedoeld in artikel 13.15, tweede lid, van de wet; 4° De betrokken handelingen : de handelingen zoals bedoeld in de artikelen 13.5 en 13.12 tot en met 13.14 van de wet.

Art. 2.Telkens wanneer agenten die deel uitmaken van een veiligheidsdienst, een van de betrokken handelingen stellen, vermeldt de veiligheidsdienst de gegevens, bedoeld in artikel 4 in een register.

Dit register is geautomatiseerd en voor de veiligheidsdiensten toegankelijk via het E-loket van de Directie Private Veiligheid bij de FOD Binnenlandse Zaken. De Minister van Binnenlandse Zaken bepaalt de datum van inwerkingtreding van het geautomatiseerd register.

In afwachting van de inwerkingtreding van het geautomatiseerde register noteren de veiligheidsdiensten deze gegevens schriftelijk in een vastbladig en van genummerde bladzijden voorzien register. Dit register wordt, in het geval van de veiligheidsdienst van MIVB, bijgehouden in de centrale meldkamer van de veiligheidsdienst en in het geval van de veiligheidsdienst van NMBS-Holding NV, bijgehouden in de zetel van elke brigade van de veiligheidsdienst.

Art. 3.Het register bevat van iedere betrokken handeling volgende gegevens : 1° Indien gekend : identiteitsgegevens van de perso(o)n(en) die het voorwerp uitmaakten van de betrokken handeling;2° Naam van de veiligheidsagenten(en) en nummer identificatiekaart(en) die de betrokken handeling uitvoerden;3° Gedetailleerde beschrijving van het incident dat aanleiding was voor de uitgevoerde handeling;4° Plaats van het incident;5° Tijdstip incident (datum/uur);6° Gedetailleerde beschrijving van de door de veiligheidsagenten verrichte handelingen en de daarbij door hen gevolge procedure;7° Opgeroepen politiedienst en tijdstip oproep;8° Tussengekomen politiedienst en tijdstip tussenkomst;9° Tijdstip afgifte inlichtingenformulier aan betrokken per(o)n(en);10° Naam persoon die de in het register opgenomen inlichtingen heeft verstrekt.

Art. 4.De gegevens, bedoeld in artikel 4, worden uiterlijk binnen de 24 uur, nadat de betrokken handeling werden gesteld in het register opgenomen.

Art. 5.De gegevens die in het register zijn opgenomen worden bewaard gedurende een periode van 5 jaar.

Brussel, 3 april 2006.

P. DEWAEL

^