Etaamb.openjustice.be
Ministerieel Besluit van 16 maart 1999
gepubliceerd op 22 april 1999

Ministerieel besluit houdende uitvoering van het besluit van de Waalse Regering van 11 februari 1999 waarbij de toepassingswijze wordt bepaald voor de aan de rechtspersonen verleende tegemoetkomingen met het oog op de uitrusting van groepen van woningen

bron
ministerie van het waalse gewest
numac
1999027303
pub.
22/04/1999
prom.
16/03/1999
ELI
eli/besluit/1999/03/16/1999027303/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
links
Raad van State (chrono)
Document Qrcode

16 MAART 1999. - Ministerieel besluit houdende uitvoering van het besluit van de Waalse Regering van 11 februari 1999 waarbij de toepassingswijze wordt bepaald voor de aan de rechtspersonen verleende tegemoetkomingen met het oog op de uitrusting van groepen van woningen


De Minister van Sociale Actie, Huisvesting en Gezondheid, Gelet op de Waalse Huisvestingscode, inzonderheid op de artikelen 44 tot en met 53;

Gelet op het besluit van de Waalse Regering van 11 februari 1999 waarbij door het Gewest een tegemoetkoming aan de rechtspersonen wordt verleend met het oog op de uitrusting van groepen van woningen;

Gelet op het besluit van de Waalse Regering van 11 februari 1999 waarbij de gezondheidsnormen, de verbeterbaarheid van de woningen alsmede de minimumnormen voor de toekenning van subsidies worden bepaald, Besluit :

Artikel 1.De aanvrager dient een subsidieaanvraag in twee exemplaren in bij het bestuur d.m.v. het door het bestuur bezorgde modelformulier.

Art. 2.§ 1. De aanvrager bepaalt de datum van de plenaire vergadering en roept de partijen bijeen zodra de subsidieaanvraag volledig verklaard is en in de gevallen bedoeld in artikel 13 van het besluit van de Waalse Regering van 11 februari 1999 waarbij de toepassingswijze wordt bepaald voor de aan de rechtspersonen verleende tegemoetkomingen met het oog op de uitrusting van groepen van woningen.

Ten minste 15 dagen vóór de gekozen datum doet de aanvrager één exemplaar van het volledig dossier aan iedere partij toekomen.

Voor deze vergadering worden de volgende personen bijeengeroepen : 1° de vertegenwoordiger van de aanvrager die notulen van de vergadering opstelt;2° één vertegenwoordiger van de gemeente op het grondgebied waarvan de betrokken groep van woningen gelegen is;3° één vertegenwoordiger van het bestuur;4° de afgevaardigde ambtenaar of zijn vertegenwoordiger;5° wanneer de aanvrager het nodig acht, iedere vertegenwoordiger van een ander bestuur of een openbare dienst. Het voorzitterschap wordt door de vertegenwoordiger van het bestuur waargenomen. Hij kan het aan de aanvrager opdragen. § 2. Tijdens de plenaire vergadering wordt een bezichtiging ter plaatse verricht en het door de aanvrager voorgelegde dossier behandeld. Iedere deelnemer brengt advies uit en deelt in voorkomend geval zijn opmerkingen, suggesties en voorstellen mede.

De plenaire vergadering keurt het overzichtsplan goed onder voorbehoud van de na deze vergadering vermelde voorwaarden. § 3. De notulen van de plenaire vergadering bepalen : 1° of de geplande verrichting al dan niet uitgevoerd wordt;2° zo nodig, de aanvullende voorzieningen van gemeenschappelijk belang die verschillen van de voorzieningen bedoeld in artikel 8 van het besluit van de Waalse Regering van 11 februari 1999 waarbij door het Gewest een tegemoetkoming aan de rechtspersonen wordt verleend met het oog op de uitrusting van groepen van woningen. Binnen vijftien dagen na de vergadering deelt de aanvrager de betrokken partijen de notulen mede waarin alle adviezen, geuite suggesties en voorstellen vermeld staan. Deze notulen worden geacht goedgekeurd te zijn indien geen bezwaar binnen vijftien dagen na kennisgeving ervan ingediend is.

De definitieve notulen worden door het bestuur aan de Minister overgemaakt.

Op grond van deze beslissingen dient de aanvrager, in voorkomend geval, een aanvraag in om een stedenbouwkundig attest of stedenbouwkundige vergunning.

Art. 3.§ 1. Indien de aanvrager als bouwheer optreedt, legt hij het voorontwerp van de voorgestelde werken samen met het ramend bestek ter goedkeuring aan het bestuur voor.

Vóór de aanbesteding van de werken worden de aankondiging van de opdracht en het definitief project met een uitvoerig ramend bestek door de aanvrager ter goedkeuring aan het bestuur voorgelegd. Het project moet conform de opties zijn die na afloop van de plenaire vergadering bepaald zijn.

Indien het bestuur binnen 60 dagen na ontvangst van een volledig dossier verzuimt te beslissen, wordt het project geacht goedgekeurd te zijn. § 2. De studie over de openbare verlichting wordt verricht door de openbare instellingen die voor de exploitatie ervan zorgen. De werken worden in opdracht van deze instellingen uitgevoerd.

De studie over de netwerken voor watervoorziening kan verricht worden door de openbare instellingen die voor de exploitatie ervan zorgen. De werken worden onder voorbehoud van artikel 6 in opdracht van deze instellingen uitgevoerd.

Art. 4.Indien de aanvrager als bouwheer optreedt, wordt het resultaat van de aanbesteding van de werken aan het bestuur ter goedkeuring van de Minister voorgelegd, waarbij het bedrag van de tegemoetkoming van het Gewest definitief wordt vastgesteld. De aanwijzing van de aannemers wordt vooraf aan het bestuur ter goedkeuring voorgelegd.

De aanvrager dient alle inlichtingen te verstrekken die voor het toezicht over de uitvoering van de werken nodig worden geacht.

Art. 5.Indien de aanvrager als bouwheer optreedt, wordt de eindafrekening van de werken door hem overgemaakt binnen twee maanden na het einde van de werken.

De aanvrager stelt het bestuur in kennis van de datum van oplevering van de werken en stuurt een afschrift van het proces-verbaal van oplevering.

Art. 6.Indien het Gewest als bouwheer optreedt, gunt de Minister een overheidsopdracht voor aanneming van diensten met een ontwerper voor de studie, de directievoering en het toezicht over de uitvoering van de uitrustingswerken.

De Minister bepaalt de schaal alsmede de wijze van verdeling en uitbetaling van erelonen die toegekend worden aan de exploitatie-instellingen, belast met de studie, de directievoering en het toezicht op de werken voor watervoorziening. De uitvoering van deze werken maakt deel uit van de uitrustingswerken. Voor de werken die overeenkomstig artikel 50, § 1 van de Waalse Huisvestingscode, naar de gemeente worden overgedragen, moet ze zich vóór de aanbestedingsprocedure van de uitrustingswerken ertoe verbinden voor de betaling van werken of gedeelten van werken te zorgen waarvan de kosten niet door het Gewest worden gedragen.

Voor de werken die ten laste vallen van de aanvrager of derde personen moeten ze ook vóór de aanbestedingsprocedure van de uitrustingswerken instaan voor de betaling ervan.

Art. 7.De maximale oppervlakte van speelterreinen waarvoor het Gewest een tegemoetkoming verleent, wordt vastgesteld op grond van de volgende regels die samen worden toegepast : 1° 15 m2 per woning voor een groep van maximum 50 woningen, met een maximumoppervlakte van 500 m2;2° 7 m2 per bijkomende woning tot en met 120 woningen;3° 3 m2 per bijkomende woning boven het aantal van 120 woningen.

Art. 8.In het kader van de verkavelingsverrichtingen in de zin van artikel 45, § 1, 6°, van de Waalse Huisvestingscode dient de aanvrager het bestuur een halfjaarlijkse opgave van de verkoop van percelen te bezorgen.

Bij deze opgave worden volgende documenten gevoegd : 1° een afschrift van elke tijdens de betrokken periode verleden verkoopakte;2° de opgave van de oppervlakten van woningen, die berekend worden overeenkomstig het besluit van de Waalse Regering van 11 februari 1999 waarbij de gezondheidsnormen, de verbeterbaarheid van de woningen alsmede de minimumnormen voor de toekenning van subsidies worden bepaald;3° een door de burgemeester afgeleverd attest, waarbij de stand van de werkzaamheden in de woning wordt bepaald.De woning wordt geacht gebouwd te zijn wanneer de ruwbouw beëindigd is.

Art. 9.Dit besluit treedt in werking op 1 maart 1999.

Namen, 16 maart 1999.

W. TAMINIAUX

Bijlage Gemeentebestuur van Betreft : Uitrusting van de wijk Bestek nr.

Overdracht van de werken PROCES-VERBAAL VAN OVERGEDRAGEN VOORZIENINGEN Gelet op de Waalse Huisvestingscode, inzonderheid op artikel 50;

Gelet op het besluit van 11 februari 1999 waarbij de toepassingswijze wordt bepaald voor de artikelen 44 tot en met 53 van de Waalse Huisvestingscode, inzonderheid op artikel 50;

Gelet op de beraadslaging van de gemeenteraad van (datum)...............;

Overwegende dat de onder referte vermelde werken uitgevoerd zijn overeenkomstig het goedgekeurde project dat op.......................... naar de gemeente werd gestuurd.

Overwegende dat de definitieve oplevering van de werken op............... verleend is bij bezichtiging van...................... in aanwezigheid van een gemeenteafgevaardigde, wordt vastgesteld wat volgt : De infrastructuurvorzieningen worden in de staat waarin ze zich bevinden, kosteloos naar de gemeente overgedragen en bij de gemeentewegen ingedeeld.

De eventuele overdracht van de eigendom van de grond waarbij de uitrustingswerken ingedeeld werden moet met de instemming van de betrokken aanvrager worden geregeld.

Een afschrift van dit proces-verbaal wordt aan het bestuur overgemaakt.

Opgemaakt te ..........., op ............... Voor echt verklaard op.............

Voor de aanbestedende overheid................ De Minister van Huisvesting Gezien om te worden gevoegd bij het ministerieel besluit van 16 maart 1999 houdende uitvoering van het besluit van 11 februari 1999 waarbij de toepassingswijze wordt bepaald voor de artikelen 44 tot en met 53 van de Waalse Huisvestingscode.

Namen, 16 maart 1999.

De Minister van Sociale Actie, Huisvesting en Gezondheid, W. TAMINIAUX

^